Verhoging
tabaksaccijns: wint bij CDA koopman het weer van de dominee?
Door Connie Aarsbergen
Vandaag stemt de Tweede Kamer over
het tabaksontmoedigingsbeleid. Het CDA is van plan tegen de accijnsverhoging
van 50 cent te stemmen. De reden hiervoor is dat de opbrengst van de accijnzen
naar de algemene middelen zullen gaan vloeien en niet naar een bepaalde
gezondheidsbestemming . Niet zo’n erg sterk argument, wanneer men bedenkt dat de
maatschappelijke kosten van het roken door het Nederlands economisch instituut
(NEI) op tenminste 1 miljard gulden per jaar geschat worden. Maar het
principiële standpunt tegen accijnzen
van het CDA is vooral niet te rijmen met zijn mogelijke pretenties: het CDA wil
immers een belangrijke rol in de normen en waarden discussie in Nederland.
In de beginfase van die normen en
waarden discussie – een discussie waartoe hij in feite mede de aanzet gaf –
heeft medewerker Cuperus van de Wiardi Beckman Stichting, het wetenschappelijk
bureau van de PvdA, het CDA geprezen om zijn moed in deze tijd te moraliseren
over gewenst maatschappelijk gedrag. CDA-fractieleider Heerma, zeer ingenomen
met dit compliment, stelt in zijn bijdrage in het daarop gevolgde ‘moraaldebat’
dat de overheid er inderdaad niet alleen is om boeven te vangen, maar ook moet
moraliseren en een schild dient te zijn voor de zwakkere. Vooral het gezin
vraagt ondersteuning als de doorgeefplaats bij uitstek voor normen en waarden.
Redenen om als overheid over het
tabaksgebruik te moraliseren zijn er genoeg: jaarlijks sterven 18 000 rokers
vroegtijdig door longkanker, hart- en vaatziekten en luchtwegaandoeningen. Het
CDA laat dus het principiële bezwaar tegen de accijnzen zwaarder wegen dan de ellende die het roken veroorzaakt.
Een voorbeeld van zo’n ellendige situatie is het na een beroerte de in
persoonlijkheid sterk veranderde en incontinente echtegenoot te moeten
bijstaan.
Deugden
Het tabaksontmoedigingsbeleid raakt
ook het in het kader van het moraaldebat gehouden pleidooi voor individuele
deugden als voorwaarde tot de sociale deugden (solidariteit).
Tot de morele individuele deugden
behoren zelfbeheersing en gematigdheid – de deugden bij uitstek als het gaat om
de strijd tegen de verlokking van de tabak. Ze worden uitgebreid behandeld door
zowel de thans bij liberalen in trek zijnde antieke filosoof Aristoteles als
bij de grote christelijke Thomas van Aquino. De Leidse universitair docent
politieke filosofie Andreas Kinneging wijst erop dat door het stimuleren
van de individuele deugden veel minder
gebruik gemaakt behoeft te worden van de sociale deugden zoals naastenliefde en
solidariteit. Een deugdzaam mens komt immers minder snel in de problemen.
Wanneer het CDA niet alle mogelijke
middelen aangrijpt om tabaksgebruik te ontmoedigen, kan het dan nog wel een
christelijk moreel beroep doen op de verzorgende partner als de patiënt een
stugge roker was die het hartinfarct of de beroerte door teveel
bloeddrukverhogende nicotine en stolselveroorzakende koolmonoxide in het bloed
zelf grotendeels in de hand heeft gehad?
In zijn artikel ‘Het spirituele
kapitaal’ wijst Kinneging het CDA erop dat het zich in het morele debat
blindstaart op het gebrek aan naastenliefde in de maatschappij. Dit is volgens
hem niet de oorzaak, maar een symptoom in de (morele) crisis van onze tijd.
Heerma trok zich in zijn bijdrage aan het moraaldebat niet zoveel aan van deze
kritiek. Hij stelt in mooie woorden vast dat het CDA “mensen aanspreekt op hun
innerlijk: omzien naar elkaar, zorg dragen voor de schepping, opkomen voor de
zwakken. Deugden die puur met naastenliefde te maken hebben, die het
persoonlijk belang overstijgen en daarmee van een geheel andere orde zijn.”
Heel fraai geformuleerd, maar er moet ook voorkomen worden dat er teveel beroep
gedaan wordt op naastenliefde. Heb uw naaste lief gelijk uzelf is het grootste
gebod. Een mens mag dus ook van zichzelf houden. Hoe dan ook deze uitspraak van
Heerma valt niet te rijmen met het voornemen tegen de accijnsverhoging te stemmen.
De VVD denkt er ook over tegen het kabinetsvoorstel te stemmen. Het wordt een
spannende stemming. Los van de morele verplichting zich aan de afspraken met
coalitiepartners te houden, vraagt Bolkestein zich in het debat over de moraal
serieus af hoe een liberaal zijn moraal moet verkondigen. Aristoteles verwijst
in zijn deugdenethiek op het belang van goede voorbeelden in maatschappij en
politiek. Dat doet de christelijke inspirator Thomas van Aquino ook. Hopelijk
geeft vandaag een aantal leden van het CDA en VVD het goede voorbeeld en wint
de dominee het eens een keertje van de koopman.
Uit: Dagblad Trouw (Podium) van 22
oktober 1996