
Met Witte Donderdag begint de viering van de drie dagen van Pasen. De instelling van de Maaltijd van de Heer bepaalt het karakter van Witte Donderdag. Het was de dag van het Joodse Paasfeest (Pesach).
Tijdens de laatste maaltijd, die Jezus met Zijn discipelen gebruikte, brak en deelde Hij het brood als teken van Zijn leven en liefde tot het uiterste toe. Het kreeg in het wassen van de voeten van Zijn leerlingen gestalte. Dit beeld van dienstbaarheid, waarmee Jezus ons tegemoet treedt, geeft Hij ons ten voorbeeld. De kruik en de schaal water symboliseren dit. De 12 bloemen, die de 12 apostelen verbeelden, de korenaren, matzes en de kruik wijn doen denken aan het avondmaal. Het vieren van het avondmaal plaatst ons in een nieuwe relatie tot God en elkaar. Omdat dit nieuwe verbond 'goed nieuws' is, wordt deze dag Witte Donderdag genoemd.

Centraal op deze dag staat het lijden en sterven van Jezus. Maar de viering heeft tegen de achtergrond van Jezus' verrijzenis plaats, want God is een God van levenden, en niet van doden. Daarom wordt deze dag Goede Vrijdag genoemd. Centraal staat het kruishout. Aan de voet van het kruis bloeien rode anemonen, die het bloed van Jezus verbeelden, en rechts treurt een treurberk mee. Stenen en een cyca herinneren aan de graflegging; dit alles wordt door het zwarte doek en de dode takken versterkt.
Stille Zaterdag wordt zo genoemd, omdat de wereld na het overlijden van Jezus stil geworden is. Het is een dag, waarop niets gebeurt: het Lichaam van Jezus ligt in het graf. Omdat de farizeeën bang waren, dat het Lichaam van Jezus door de discipelen weggehaald worden zou, werd er in de Paasnacht gewaakt. De bloemen zijn hetzelfde als op Goede Vrijdag gebleven. Het kruishout, de rode anemonen, die het bloed van Jezus verbeelden, de treurberk, die een verbinding tussen het kruis en het graf vormt. De stenen en de cyca, die aan de graflegging herinneren: dit alles versterkt door het zwarte doek en de dode takken.

Met Pasen vieren we de kern van ons christelijk geloof: de opstanding van Jezus Christus. De apostel Paulus vat deze kern als volgt samen: In de eerste plaats dan heb ik U overgeleverd, wat ik ook zelf als overlevering ontvangen heb, namelijk dat Christus voor onze zonden, volgens de Schriften, gestorven is, dat Hij begraven is, en dat Hij op de derde dag volgens de Schriften opgestaan is, en dat Hij aan Petrus en daarna aan de twaalf verschenen is. De bloemen verbeelden een tuin, omdat de evangelist Johannes de verschijning van Jezus aan Maria Magdalena in een tuin plaatsvinden laat. Er is ten dele met het materiaal van Goede Vrijdag gewerkt. Centraal staan de Paaskaars en de doopvont. Tussen de stenen van het graf groeien nu bloemen, als teken van de opstanding: de dood is overwonnen. De zonnige kleur geel van de narcissen en de witte primula's accentueren, dat de nacht verdreven is. Openspringende kastanjetakken verwijzen naar het nieuwe leven. De witte tulpen verwijzen weer naar de discipelen: zij zullen het werk, dat Jezus begon, voortzetten.

Het thema is De laatste maaltijd met de Heer. In het stuk hebben we verschillende takken van een druivenrank verwerkt. Hiermee willen we herinneren aan de wijn, en dat Jezus het beeld van de ware wijnstok is. God blijft trouw door de dood heen. Dit komt tot uitdrukking, doordat de hedera tussen de wijnrank gewikkeld is. We hebben hedera gebruikt, omdat de betekenis hiervan trouw en onsterfelijk is. Het is altijd groen, het klimt naar het licht, en het hecht zich.
De schaal, de kan en de opgerolde doeken verwijzen naar de voetwassing. Onderaan staat een kruikje met olie. Ook dit verwijst naar de voetwassing.
De witte doek hangt naar beneden naar het stuk. Deze neergaande lijn verwijst naar de dienstbaarheid. De buxusplant onderaan verwijst naar de palmtakken. De tarwe naar de verwijzing van Jezus, dat de graankorrel eerst in de aarde sterven moet om vrucht voort te dragen. Tevens verwijst de tarwe ook naar de broodmaaltijd.
We hebben irissen verwerkt in het stuk. Deze bloemen verwijzen naar het komende verdriet van Maria. De bladeren van de iris zijn zwaardvormig. Deze vorm herinnert aan het zwaard, dat op symbolische wijze het hart van Maria doorstak. De bol, die met mos bedekt is, verwijst naar de wereld. Ook hierop zijn irissen verwerkt. Want het komende verdriet zal overal zijn. De irissen hebben een drievuldigheid; drie bloembladeren zijn naar beneden gericht (de aarde) en drie naar boven (de hemel).
Om de wereld heen bevindt zich een krans van hedera. De krans staat voor eeuwigheid, er is geen begin en geen eind. En hij is met hedera beplakt, wat weer trouw betekent. Dus eigenlijk eeuwige trouw aan Jezus.

Het lijden en sterven van Jezus staat centraal bij deze schikking. Zo is vandaag het kruis, het teken van lijden en opstanding, aan de schikking toegevoegd: de viering heeft tegen de achtergrond van Jezus' verrijzenis plaats.
De Judaspenning en de beurs met munten herinneren aan de zilverlingen, die Judas voor zijn verraad van de Heer ontving. Het paarse doek verwijst naar de rouw. De wilgentak staat voor nieuw leven: God is een God van het leven. Dat is ook de reden, dat ondanks het lijden deze dag Goede Vrijdag genoemd wordt. De christusdoorn wil het lijden van Jezus symboliseren: de doornenkroon, die Jezus voor Zijn kruisiging op het hoofd gezet werd.
De stenen staan voor het fundament en geloofszekerheid. Ondanks Jezus' sterven hebben wij de zekerheid van de opstanding. De druivenrank wil de zure wijn symboliseren, die Jezus d.m.v. een spons, hier uitgedrukt via het Spagnum, toegediend kreeg.
Hedera staat voor trouw, we hebben een hederea krans toegevoegd. De krans heeft geen begin en geen einde, en wil in combinatie met het hedera de oneindige trouw uitdrukken.

De schikking van Goede Vrijdag is blijven staan, het geheel is bedekt met zwarte tule. Zwart, omdat wij rouwen om het sterven van Jezus. Tule, omdat dit transparant, lichtdoorlatend is. Wij zien uit naar het licht van de wederopstanding.

De schikking laat grotendeels de tuin zien, waarin Maria Jezus ontmoet. De tuin is in een ruwhouten met jute bedekte kist gemaakt. Dit verwijst naar de boete, die Jezus voor ons heeft moeten doen. De uitkomende bolletjes (zoals de narcissen), de witte stenen en de bolletjes mos verwijzen naar de tuin en het nieuwe leven. In de schikking is een halve bol, bedekt met laurierblad, verwerkt. De halve bol symboliseert de aarde, waar al het nieuwe leven uit komt bloeien. Ook hieruit komen dus bollen en wilgentakken. Deze takken staan ook voor nieuw leven. Een wilg wortelt zich snel, en groeit snel weer uit, nadat hij gesnoeid is. De bollen en de wilgentakken groeien vanuit de aarde naar de hemel toe. Dit verwijst naar de opstanding. De aarde (de halve bol) is bedekt met laurierblad, want laurier staat voor overwinning & eeuwigheid. De bladeren zijn namelijk aromatisch, en ze blijven in de winter ook groen. Onderaan de schikking zijn lavastenen te vinden, deze verwijzen naar het graf, dat leeg is. Tevens is daar ook geld geplaatst: dit verwijst naar het geld, dat de overpriesters aan de soldaten gaven om het gerucht te verspreiden, dat de discipelen het lichaam gestolen hadden.
De primula's ontbreken niet in de schikking (ook onderaan de schikking te vinden). Zij worden tenslotte het paasroosje genoemd, omdat zij rond Pasen bloeien. Verder is in de schikking een olielampje te vinden. Het licht van het olielampje duidt naar het licht van God. De witte doek, waarop de schikking staat, laat ons de vreugde van het Paasfeest zien.

Deze dagen staat het verbond van God met de aarde centraal. Dit wordt zichtbaar door de boog. Het glas vertegenwoordigd de goddelijke nabijheid, glans en heerlijkheid. De spiegel laat de gebrokenheid van ons leven zien. De spiegel houdt ons leven tegen het licht van God. Nu is het donker deze dagen, maar het licht is niet helemaal gedoofd. De bak met aarde spreekt voor zichzelf, de bak met witte ranonkels wil ons op het weerzien met God wijzen. De lappen onder de bakken versterken het donker en licht. De rode kleur van de takken doet ons aan het bloed van Jezus denken, dat voor ons gevloeid heeft om de band met God te herstellen, net als het avondmaal straks. De hedera staat voor Gods trouw, zelfs door de dood heen.

Poort – Boog. Een poort is een symbool van transformatie en overgang naar een nieuwe fase. De maagd Maria staat als de `Hemelpoort ` bekend. Er is een poort tot het leven en een poort tot de dood. De lelie staat bekend als Maria-bloem, het gras, dat afhangt, staat voor de nederigheid, en de aangeregen parels staan voor de tranen, die Maria bij de kruisiging van Jezus vergoten heeft. De typha staat voor de hysop, waaraan de spons bevestigd was om hem te drinken te geven. Het prikkeldraad staat symbool voor de doornenkroon. De kleur wit staat voor zuiverheid, maagdelijkheid, maar ook voor de bleekheid van de dood. In het Midden-oosten is wit de kleur van de rouw. Voor de Tibetanen is wit de kleur van de berg Meroe, de berg op het middelpunt van de wereld, een symbool van het naar de verlichting opklimmen.

Stil en donker is het vandaag. De witte lelie staat voor de bleekheid van de dood, in het Midden-oosten is wit de kleur van de rouw. Het hangende gras met de parels staan voor het verdriet van Maria. De linnen doek en de kruik doen ons denken aan Jozef, die het Lichaam van Jezus balsemde, en in het graf legde. Maar toch is er hoop. Het verbond , Gods woord en Gods trouw – hier staat de hedera voor - zijn er ook. Tekenen van nieuw leven, door de uitlopers en vers nieuw blad van de kronkelhazelaar uitgebeeld.

Het is feest vandaag, wij vieren de opstanding. Heel verdrietig ging er een groepje vrouwen naar het graf om Hem te zalven, daar ligt de kruik. Wij hebben alles in de wit/geel tint gemaakt, omdat geel voor licht, luister en glorie staat. De kleur wit staat voor vreugde, reinheid, waarheid en feest. Dit alles wordt in het verhaal van Pasen duidelijk. De bol onder de boog symboliseert de wereld, Jezus zond de discipelen uit om het evangelie te prediken. In de bol heb ik 11 verschillende bloemen geprikt. Zij staan voor het aantal discipelen. Het geheel heb ik versterkt met mos: mos is heel sterk. Het groeit eigenlijk overal, maar heeft wel vocht nodig. De hyacinten nagels zijn de kinderen van de wereld, ieder kind heeft een moeder, een moeder, die ook wel eens om haar kind verdrietig is, net als Maria om Jezus, en dus heb ik er weer parel kraaltjes tussen geregen. De bol in zijn geheel is de wereld, zoals die nu is: iedereen is anders, niemand is gelijk. Maar wij leven met elkaar naar de grote dag, die komt.

Witte bloemen is de kleur van ongereptheid en zuiverheid. Glas is breekbaar/kwetsbaar. De druif is de gezegende vrucht van het beloofde land. Van de druif word wijn als teken van bloed en leven gemaakt, en samen met de matzes zijn het tekenen van de maaltijd van de Heer. De lelie staat voor onschuld. De klimop verwijst naar trouw, Gods trouw, zelfs door de dood heen.

Vandaag Goede Vrijdag staat de gedachtenis aan het lijden en sterven van Jezus centraal. In de schikking is het kruis, van rode cornustakken gemaakt, rood vanwege het bloed, dat vergoten is. Om het kruis hangt een krans van prikkeldraad, naar het lijden verwijzend. Langs het kruis zijn rode anemonen als bloeddruppels verwerkt. Vanuit het kruis gaan hedera-ranken als teken van de dienstbaarheid naar beneden. Hedera is altijd groen als teken van trouw, zelfs door de dood heen. Ook vandaag is er in de schikking de druiven-ranken en de druiven naar Jezus als de ware Wijnstok verwijzend. Het beeld onderaan de schikking staat van het kruis afgewend, omdat de mensen Hem verlaten hebben.

Als Jezus Jeruzalem binnenkomt, juichen de leerlingen. Wetgeleerden willen dit gejuich niet. Waarop Jezus zegt: als zij zwijgen, zullen de stenen schreeuwen (Luk. 19:40). De stenen spreken: een grafsteen brengt in herinnering, een grenssteen bakent af, op een hoeksteen kun je bouwen en een edelsteen wekt verwondering. Stenen als struikelblokken om stil te staan bij dood en leven. De rode anemonen waren de bloemen, die volgens de legende aan de voet van het kruis bloeide. Het bloed van Jezus kleurde deze veldbloemen rood. De druivenstronk staat voor lijden, hoop en verzoening.

De bolvorm kent geen begin en geen einde. Het staat ook voor de wereld. De 3 witte leliën: wit staat voor zuiverheid, de lelie voor genade, 3 voor de drie-eenheid Vader Zoon en Heilige Geest. De meisjesogen (witte bloementjes) en het riet staan voor de mensen. Riet is buigzaam: ons leven buigt zich dan hierheen, en dan daarheen. We zoeken soms rusteloos over de aarde naar ons bestaan. De meisjesogen zijn kleine bloemetjes aan een grote bloem; ze gaan een voor een open, en maken zo een mooie grote bloem. Zo ook ons leven: soms staan we open voor de ander. Dat maakt ons tot 'mooie' mensen. De 3 witte leliën staan gebogen over de aarde, want God buigt zich over ons leven. De wijnstok staat voor Jezus, de ware Wijnstok. Schuil maar bij mij, zegt Jezus in goed een slechte dagen. Die belofte heeft Jezus ons gedaan, juist door de opstanding.