Een webpagina maken is makkelijker dan je denkt.
Je neemt het kladblok, je schrijft een tekst en je slaat het op als index.html
Als je daarna het document index.html wil openen, merk je dat het niet in het kladblok
verschijnt maar in je Internet browser!
Helaas!... na de eerste verwondering over je ongekende talent als webmaster
moet je toch iets hebben opgemerkt: jouw tekst heeft geen opmaak!
In het kladblok had het ook geen echte opmaak maar in je browser zie je nog drie
verschillen:
Denk nu niet dat het kladblok niet geschikt is om webpagina's te makken. Het heeft voor een beginner grote voordellen: het is eenvoudig en bekend, je weet precies wat je doet, dus ideaal om HTML te leren. Ga je later en "echte" Html-editor gebruiken, zul je veel bat hebben van de kennis die je dan heb.
Je platte tekst moet je opmaken met tags.
Tags zijn HTML-code's, ze geven aan hoe een stuk tekst er uit moet zien.
Jouw tekst, versiert met tags, heet de bron van je webpagina en die zie je
in het kladblok.
Het resultaat, de opgemaakte tekst, zie je alleen in de browser.
Elke webpagina heeft een bron (of broncode) en als je aan het surfen bent, kun je van elke pagina de bron bekijken door rechts te klikken op je muis en Bron weergeven (view source) te kiezen. In het begin lijkt het erg moeilijk, en sommige pagina's zijn inderdaad zeer ingewikkeld maar het is toch een manier om het te leren.
De bron van een webpagina begint altijd met <HTML> en eindigt met </HTML>. Daar tussen vind je twee delen:
Zo ziet het eruit:
<HTML>
<HEAD>
<TITLE> Tekst voor de (blauwe) titelbalk van de browser</TITLE>
</HEAD>
<BODY>
Hier komt de inhoud van de webpagina:
- de tekst met de tags voor de opmaak,
de links, enz
- de tags voor het plaatsen van de afbeeldingen.
</BODY>
</HTML>