eyes_067

Peter Koning in de Bataafse Armee

In 1799 leverde onder andere de 2de Halve Brigade met het Frans-Bataafse leger onder generaal Brune in Noord-Holland strijd tegen de Engels-Russische invasiemacht.  

De 2e divisie onder Jean Baptiste Dumonceau was verspreid over de provincies Friesland, Groningen, Drenthe, Overijssel en Gelderland, terwijl Daendels met zijn 1e divisie Holland verdedigde en de Fransen in ’s Hertogenbosch, Utrecht, Zuid-Holland en Zeeland waren. 

Landing van de Engelsen

Nadat de vloot zich zonder slag of stoot had overgegeven aan de Engelsen, landden deze op 27 augustus 1799 op een stralende morgen met witte wolken onder dekking van het scheepsgeschut op de smalle duinstrook tussen Callantsoog en Huisduinen. 32.000 mannen die met een vloot van maar liefst 150 schepen vervoerd werden. Ze wilden de patriotten en de Fransen verdrijven en daarna de zuidelijke Nederlanden bevrijden.

Landing van de Engelsen bij Calantsoog 17 augustus 1799

 

Onder leiding van de Engelse generaal Sir James Pulteney trekt een kolonne van 11.500 man naar Bergen en omgeving om die dorpen in te nemen. De tweede kolonne (6500 man) gaat naar Warmerhuizen en Schoorldam om daar de "vijand" te overmeesteren. De derde moet Oudkarspel en Heerhugowaard overmeesteren met 5000 man en de vierde kolonne tenslotte (9000 man), gaat naar Hoorn om die stad in te nemen. Een gedeelte van het Engelse leger komt in Den Helder aan. Ze vallen de stad dus vanaf het land aan en komen zonder veel problemen in het bezit van de Helderse kanonnen.

Bataafse troepen bij Groote Keeten

 

Bataljons jagers onder de luitenant-kolonel Chassé werden uit de duinen verdreven en generaal Daendels trok zich met 1400 doden en gewonden terug op de Zijpepolder en richtte tussen Oudesluis en de Sint Maartensweg een stelling in. Hij ‘bragt de nacht van de 28e in de grootste bekommering en angst door” en wilde al terugtrekken tot Haarlem; het is de met 3 divisies haastig aangerukte Franse generaal Brune geweest die het hem verbood. Brune leeft nog in de Noord-Hollandse herinnering voort als een generaal met gouden uniform op een groot wit paard.

Op 30 augustus ontving Dumonceau, die zich nog steeds in de noordoostelijke provincies bevond met de 2e divisie, van Brune de order om zijn divisie van ruim 6 .000 man (behalve de Waldeckers en de Friesche Gardes, deze bedroegen ongeveer eenderde van de totale divisie) te verzamelen en zo snel mogelijk naar Amsterdam te marcheren om daar verdere orders af te wachten. Op 7 september bereikte hij Amsterdam over land na in 7 dagen 240 km gemarcheerd te hebben en op de 9e bereikte hij Alkmaar (zie Bataafse posities op 9 september).

Slag om de Zijpe

Op 10 september kon de herovering van de Zijpe plaatsvinden. Het doel wat Brune voor Daendels had bepaald was het dorp Eenigenburg en de Westfriese Zeedijk en daarna St. Maarten. Dumonceau moest de Westfriesche Zeedijk tussen Eenigenburg en Krabbendam innemen, met de brigade Bruce rechtstreeks op Krabbendam en met de brigade Bonhomme over Warmenhuizen.

De 2e brigade kreeg opdracht van Brune om Krabbendam voor 3 uur ’s morgens aan te vallen, maar een deel van de brigade vond zijn weg geblokkeerd door talloze voertuigen en bereikte tegen 7 uur het gevechtsveld. Dumonceau wist dat de overwinning afhing van de inname van Krabbendam en viel om 6 uur dit dorp aan. Om 7 uur arriveerde de eerste troepen van Bruce: 30Bataafse infanterie neemt Engelse patrouille onder vuur buiten Schoorldam, cornelis Brouwer, Johannes Groenwoud Jansz. 1799-18030 jagers van het 3e bataljon 6e Halve Brigade en het 2e bataljon 6de Halve Brigade. Bruce versterkte zijn troepen met het 1e en het 2e bataljon van de 2de Halve Brigade en viel, ondersteund door 2 6-ponder kanonnen en een houwitser Krabbendam aan. De reserve werd onder andere gevormd door het 3e bataljon van de 2de Halve Brigade.  

De Bataven slaagden erin een gedeelte van Krabbendam te veroveren en namen veel Engelsen gevangen van het 20Th Regiment foot. Nadat de infanterie versterkt was met het in reserve staande bataljon werd de aanval hervat. De Bataven werden echter sterk onder vuur genomen. De Engelsen, versterkt door het 1e bataljon 20Th regiment foot dat arriveerde van Eenigenburg openden vuur op de Bataafse troepen van achter de Westfriese Zeedijk. De Bataven waren niet in staat de vaart langs deze dijk over te steken en hadden geen ruimte om in linie op te stellen en het vuur effectief te beantwoorden. Om drie uur ’s middags gaf Dumonceau bevel terug te trekken. De Bataven werden niet achtervolgd. Hun verliezen bedroegen 86 doden, 427 gewonden en 294 vermisten.  [Brief van Bruce aan Dumonceau 11-9-1799]

De volgende dagen bleven beide legers op positie. Er werd alleen wat gevochten om Warmerhuizen door jagers en grenadiers van de 6de Halve Brigade. 

Op 13 september arriveerde de Hertog van York en de 1e Russische divisie. Van 14-17 september arriveerde de 3e Engelse divisie onder generaal Dundas en uiteindelijk op 16 september de 2e Russische divisie.  

De totale sterkte van het Engels-Russische leger bedroeg uiteindelijk 35.000 man. Het Frans-Bataafse leger bestond uit ca. 23.500 man (klik hier voor de Bataafse slagkracht). Alle beschikbare Franse troepen werden naar Noord-Holland gedirigeerd. Uit Haarlem kwamen ook nog 1000 min of meer gewapende burgers aangelopen. 

Slag bij Bergen

Het Engelse opperbevel besloot tot de aanval op Bergen “En vermids de Engelschen toch wat bang waren voor onze kogels, verkoozen zij tevens de Russen voorop te zetten, zich van dezelven in den smaak van wolbalen tegen het geschut der onzen bedienende.” De kozakken veroverden ’s morgens om 8 uur Bergen en raakten aan het plunderen. 

Bataille de Bergen op 19 september 1799 (Gravure door C. Brouwer naar J.A. Langendijk)

 

Het hoofdkwartier van Dumonceau te Koedijk had een schipbrug over het kanaal van Alkmaar en werd beschermd door 4 6-ponder kanonnen. Dumonceau ontving hier omstreeks 5 uur het bericht van de Russische aanval en Franse nederlaag op zijn linkervleugel. Hij gaf zijn reserve (de 2e brigade van Bruce) opdracht te verzamelen bij de schipbrug en haastte zich naar Schoorldam. Hier raakte hij verwikkeld in gevecht met de Engelse brigade onder leiding van Manners. Vanuit Schoorldam ging Dumonceau op eigen initiatief over op de aanval op de Russische colonne ten noorden van Bergen. Dit bracht een behoorlijke verwarring teweeg bij de Russen die hierdoor richting Bergen werden gedrongen, een manoeuvre die hen naderhand in een geďsoleerde positie had gebracht. Bij deze actie werd Dumonceau gewond. Zijn troepen trokken zich na de geslaagde aanval naar Schoorldam terug, dat zij vervolgens in het gezicht van de veel sterkere vijand verlieten na eerst de brug over de Nieuwe Sloot te hebben afgebroken.

Een soldaat van de Bataafse infanterie schreef in een van zijn brieven aan zijn familie op 19 september 1799 het volgende: ''Bij en achter Bergen liggen de lichamen drie en vier hoog op straat zodat rijtuigen niet meer passeren kunnen."

De rijtuigen en koetsjes konden zich maar met moeite een weg banen tussen al die lijken. Soldaat Baerken beschreef de verschrikkingen van het slagveld. Hij schreef over een Rus die gewond en uitgeput rondzwierf door de Bergense bossen terwijl hij zich met boomschors in leven hield. De Rus had een koperen icoon om zijn hals die hij als talisman, (als bescherming) droeg. In zijn brief kunnen we lezen hoe soldaat Baerken zijn Russische tegenstander ziet: “De Rus is een lompe beer gekleed in een groene rok met op zijn hoofd een grote rode muts gelijk als een bisschop en op de plaatsen waar zij kwamen begingen de Russen vele wreedheden."  

Anderen waren totaal niet onder de indruk van het krijgsgeweld. Vier kooplieden uit Zaandijk wilden met eigen ogen wel eens zien hoe zo'n moderne oorlog uitgevochten werd. Het leek hun leerzaam om al die kleurrijke uniformen te bestuderen. Ze maakte een plezierritje. Hun koetsjes reden rustig langs de marcherende soldaten. Bij Koedijk werden ze tegengehouden door Russische soldaten en overgebracht naar het Russische hoofdkwartier in Burgerbrug. Vervolgens werden ze naar het Engelse kamp gestuurd. Het liep allemaal met een sisser af. Ze werden vrijgelaten en konden na dit spannende avontuur huiswaarts keren, waar ze ‘s avonds het verhaal in geuren en kleuren konden vertellen aan iedereen die het horen wilde. 

Gevangename Russische bevelhebber Herman op 19 september bij Bergen

 

De Bataafse 2e divisie heeft met 72 doden, 228 gewonden en 1052 vermisten de slag afgesloten. Van 20 september tot en met 1 oktober was er een adempauze. 

De Duinenslag/tweede slag bij Bergen

De coalitietroepen besloten wederom over te gaan tot een grootscheepse aanval. Het plan was om in plaats van over een breed front, nu over een smal front met twee goed beschermde flanken ten strijde te trekken. De eerste colonne onder bevel van Abercromby moest vanuit Petten langs het strand van Egmond aan Zee om zo de linkervleugel van Franse troepen die zich in Bergen bevond te omzeilen. De tweede colonne onder bevel van de Russische generaal Essen moest vanuit Slaperdijk langs de duinen via Groet en Schoorl naar Bergen optrekken.  Omhakken van de vrijheidsboom en het binnenmarcheren van de Engelsen te Alkmaar op 3 october 1799

Op 2 oktober liet Brune al zijn reserves oprukken. Hij viel Bergen omvattend aan en de Russen trokken tot de Zijpe terug met verliezen van 1800 man doden en 1275 gewonden. Dat is eenderde van de totale strijdmacht van 9.000! Twee van de bataljons op bevel van Bruce trokken de duinen in om Boudet te versterken. Bonhomme nam het bevel van de 2e divisie tijdelijk van de gewonde Dumonceau over. 

Toch moest Daendels verder achteruit, op Monnikendam en Purmerend. Driehonderd boeren worden geprest tot het opwerpen van loopgraven en batterijen. Bonhomme trok zich met zijn troepen in de versterkingen van Koedijk terug. Bij de gevechten van 2 oktober leden de Fransen zware verliezen. De Bataven waren niet erg bij de gevechten betrokken. In totaal kwamen de verliezen uit op 2000 man en 7 kanonnen. Desondanks was het moreel hoog te noemen. Op 3 oktober bezette het Engels leger Alkmaar. De vrijheidsboom, het symbool van de Bataafse Republiek, voor het gemeentehuis werd omgehakt.

De 2e divisie onder leiding van Bonhomme (3200 man) bezette het gebied rond de dorpen Uitgeest en Akersloot. 

Totaal worden - door Franse troepen - in de gevechten bij Bergen zeven vlaggen op de Russen buitgemaakt.

Kansen keren: de slag bij Castricum

De Engelse opmars echter loopt dood in het polderland met zijn brede sloten. Bovendien was er de Noord-Hollandse mug en de malaria verdedigde het moerassenland zo goed als Daendels’ Bataven. De Engelsen en Russen verweten elkaar, dat zij in de steek gelaten waren op de kritieke ogenblikken. Ook was de hertog van York geen doortastende generaal. Amsterdam lag van de waterkant voor het grijpen of tenminste voor het intimideren. Deze kans werd eveneens gemist.

Slag bij castricum

 

Met een zware slag in de herfstregen hernam Brune’s leger op 6 october Castricum. Hij veegde Hoorn, Enkhuizen en Medemblik weer schoon. De divisie Bonhomme bleef in Uitgeest en nam geen deel aan de gevechten. Op 8 oktober moesten de Engelsen zich terug trekken uit Alkmaar (zie proclamatie Dumonceau). 

Ooggetuige pastoor Bommer over de plundering van Castricum:

"Het getal der geroofden en gestoolene Edamsche en Lijdsche kaasen is ontelbaar.En die kaasen, die jong en nog in 't zout waaren, met de sabels doorgehakt en vernield. Boter, vaatjes met boter, pas gekarnde boter, onnoemelijk veel werd geroofd. Bij 't Huijs van Juffrouw Nieuwhout van Veen in, daar de officieren lagen, is na hun vertrek nog veel gevonden. De Franschen soldaten kookten de kool in klinkklaare booter, zonder water, gekookt zijnde, konden zij het niet eeten, en wierpen het weg, vernielders, en verkwisters. Het gerookte vleesch, spek en hammen. dat ze maar ontdekte, naamen ze weg. Hennen, eenden en eieren, bijekorven, honing, wijn, bier, genever, brandewijn, room, en melk, alles was van hun gading, en verviel in hunne handen. Kooperen keetels, boerenmelk -ketels en pannen van aardewerk, tinnen leepels, schootelen, borden, trekpotten, staalen vorken, naamen ze weg. Zilveren beugelen, oorijzers met zilveren slooten, en klampen van kerkboeken, afgescheurd en afgekapt, alsook ander zilver en goud, en geld weggeroofd. Bedden, lakens, peluwen, sloopen, deekens, tafellaakens, servetten, jassen, mans- en vrouwe- kleederen, schoenen en zilveren gespen, onbedenkelijk veel. Karren, cheesen, wagens, ja 't ijzer van de wielen, emmers en vaten, was hunne gadingen, daar zijn ook nog paarden weg".

Luitenant-Generaal Dumonceau, hersteld van zijn verwondingen gekregen bij de slag bij Bergen, nam op 9 october het commando weer over en gaf Bruce bevel om het dorp Dirkshorn in te nemen. Deze vormde de voorhoede van het 3e bataljon 2de Halve Brigade en bereikte Oud-Karspel zonder enige tegenstand. Dirkshorn werd door Majoor A.F. Meyer ingenomen tegen verlies van 3 doden en 18 gewonden.  [Brief Bruce aan Dumonceau 11-10-1799]

De aftocht

Op 12 oktober stonden Dumonceau’s troepen opgesteld in de lijn Tuitjenhoorn-Haringkarspel-Dirkshoorn. Moedeloos vol onderlinge na-ijver en twist zaten Engelsen en Russen tussen de duinen en de zee. Vanwege de storm konden sloepen met munitie en voedsel niet landen. Het Engelse opperbevel vroeg besprekingen aan. Op 13 oktober informeert Brune Daendels en Dumonceau dat hij in onderhandeling was met de hertog van York. De Engelsen kregen een vrije aftocht in ruil voor onbeschadigde vestingwerken in Den Helder.

Op 14 oktober verlieten de Prins van Oranje en Bataafse deserteurs het grondgebied en op 18 oktober 1799 tekende de Hertog van York de overgave. De verslagen legers werden in de haven van Den Helder ingescheept om terug te keren naar hun vaderland.

De aftocht van de Engelse en Russische troepen uit Den Helder 19 november 1799 (R. Vinkeles naar D. Langendijk)

 

Eind november hadden alle Anglo-Russische eenheden het Bataafse grondgebied verlaten, uitgezonderd de krijgsgevangenen.

In februari 1800 keerden de Russen, die tijdelijk waren gelegerd op de eilanden Guernsey en Jersey, terug naar hun vaderland

Zeker is dat alle bataljons van de 2de Halve Brigade betrokken zijn geweest bij krijgsverrichtingen in Noord-Holland. Het hardste is door deze divisie gevochten bij de Zijpe en bij Bergen zijn er ook aanzienlijke verliezen vermeld. Het hoofdkwartier van de 2e brigade (waaronder de 2de Halve Brigade) lag gedurende de schermutselingen van 9 september – 18 september in Koedijk (zie de verliezen (en de onderscheidingen) van de 2de Halve Brigade)

Meer lezen over de invasie en specifiek de 2de Halve Brigade? Het boek van deze site “Peter Koning in de Bataafse Armee” is hier te verkrijgen.


Bronnen:

  • Rek, J. de, “Tussen Republiek en Monarchie”, in: Sesam Geschiedenis der Nederlanden. Baarn, Bosch &Keuning nv, 1985, 224 pagina’s.
  • Uytenhoven, G., Voorwaarts, Bataven! De Engels-Russische invasie van 1799. Zaltbommel 1999
  • Dordrechtse Courant van zaterdag 19 oktober 1799 (*).