Diorama Poldermodel

..... het verhaal van een hobby .....

 

Zefbouw seinen

De vervaardiging van de seinen geeft een echte kick. Kosten zijn zeker niet meer, de moeite wel. Ledjes van 3 mm heb ik uiteindelijk voor 10 cent weten te kopen; messing staf en plaatmateriaal kostte me zo'n 18 Euro en dat komt voornamelijk door de prijs van de messingladders (5.50 Euro). Maar voor deze totale prijs kan je dan wel zeker 6 seinen maken. Dus afgezien van het arbeidsloon zo'n 3 Euro per sein. Daar koop je ze niet voor. De tijd benodigd voor mijn eerste sein was ongeveer 8 uur exclusief de droogtijd van het schilderwerk vanwege 3 afzonderlijke bewerkingen (gronden, zwarte lak en witte lak). Ik heb bewust voor glansverf gekozen, maar moet eerlijk zeggen dat ik daar nu aan twijfel.

 

 

 

 

 

Waar zit het probleem met de montage? De uitdaging is om alles in een keer goed te krijgen. Als je namelijk een tweede keer met de bout ergens bij moet, valt of de rest eraf of wordt de soldeerverbinding lelijk. Met name de middelste ladder support en de draagbalk voor het bordes kunnen het beste samen in een keer gesoldeerd worden. Ook het solderen van de bovenste laddersupport is een probleem. Het beste kun je de support met een krokodilklem op zijn plaats proberen te houden, maar dan is de beschikbare ruimte weer erg krap. Een uitdaging dus. Verder moet je ervoor zorgen dat de haakse bocht goed vast komt aan de mast en aan de lampkast. Dit blijkt namelijk het kwetsbaarste deel van de constructie te zijn. Let er op en neem je tijd. Zorg voor een uitgeruste body en een vaste hand. En dan kan succes je niet ontgaan. Wat inderdaad aan te bevelen is (ik heb dat inmiddels ook gedaan) is de aanschaf van een derde hand. Bij de fabricage van de latere exemplaren heb ik daar dankbaar gebruik van gemaakt.

Inmiddels ben ik, zoals uit de meest rechterfoto hierboven blijkt, overgegaan tot serieproduktie. Het zagen, schuren, vijlen en solderen kost nu al met al zo'n 3 uur. Voor het schilderen en de electronica nog eens drie uur. Ik begin het leuk te vinden, maar dat hadden jullie waarschijnlijk al gemerkt.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Schakelingen

Zoals bij Modelbaan Churwalden heb ik ook bij dit Diorama gebruik gemaakt van een ringleiding. Voor dit doel heb ik twee elektriciteitsdraden in een ring onder het diorama aangebracht (zie onderstaande detailfoto's).

 

 

 

 

 

 

 

 

De stroomvoorziening op het diorama wordt verzorgd door een oude Minitrix transformator, die vast aan het frame gemonteerd is. Van deze transformator gebruik ik alleen de wisselstroomvoeding. Deze heb ik met behulp van een 7815, een elko van 2500 muF en een bruggelijkrichter tot zo'n 14 volt gelijkspanning omgevormd (in het blauwe doosje in de rechter foto). Het idee heb ik van Kees Moerman, die een dergelijke voeding gebruikt bij zijn Parallel63 decoder. Hierop branden de seinen, de AKI en de straatverlichting. Later wordt hier waarschijnlijk ook de verlichting van de huizen en de aandrijving van de molen nog op aangesloten. Voor het weinige verbruik is deze transformator hopelijk net groot genoeg.

 

 

 

 

 

De AKI wordt gestuurd door een astabiele multivibrator. Deze is gebouwd met behulp van een NE 555 timer IC. De schakeling is beschreven op Willem's Homepage (zie bouw AKI). De gehele schakeling is opgebouwd op veroboard gaatjesprint, 9 banen van 17 gaatjes.

 

 

 

 

 

 

 

Op de allereerste foto op deze pagina (linksboven dus) is rechts onder op de foto het schakelpaneeltje voor dit diorama zichtbaar. Ik heb besloten om niet met al mijn apparatuur te gaan slepen, dus dit diorama is voorlopig gewoon analoog. Vandaar dat alles simpelweg met wat schakelaars bediend kan en moet worden.

Na wat geploeter met ťťn van de AKI palen, uiteindelijk de zaak werkend gekregen zoals het hoort. Het bleek na lang zoeken dat een van de aansluiting van een rode LED aardcontact maakte met het huis. Hierdoor knipperden beide rode LEDs samen met de witte, als deze alleen hoorde te knipperen. De beide rode wisselden wel netjes, wanneer dat de bedoeling was. Via elimineren en deduceren is het probleem opgespoord en verholpen.

 

Lantaarnpalen

Ook de lantaarnpalen heb ik zelf proberen te bouwen. Ik heb geen goede voorbeelden kunnnen vinden op het internet, maar op basis van eerdere ervaringen ben ik zelf maar aan de slag gegaan. Ik heb gebruik gemaakt van messing buis van 2.5 mm en 1.5 mm doorsnede. Deze twee buizen passen precies in elkaar, zoals ik dat bij de drie-lichts hoofdseinen heb gedaan. Op straat heb ik staan schatten hoe hoog die lantaarnpalen nou eigenlijk zijn. Schattend en vergelijkend met de hoogte van het huis, ben ik tot de conclusie gekomen dat de lantaarnpalen ongeveer 7 m hoog zijn. Op schaal betekent dat dus ongeveer 8 cm.

Het onderste deel van de lantaarnpaal is 6 cm lang en gemaakt van buis van 2.5 mm doorsnede. Eťn zijde van dit buisje wordt al vijlend wat afgerond. Hierin komt het bovenste deel, buis van 1.5 mm doorsnede met een lengte van eveneens 6 cm. Dit bovenste deel wordt om een Humbrol verfbusje voorzichtig rondgebogen op zo'n manier dat het horizontale deel 2.5 cm uitsteek ten opzichte van het verticale deel. Op het horizontale deel wordt tensoltte een kokertje van 2.5 mm doorsnede geplaatst met een lengte van 13 mm. Dit kokertje wordt over een lengte van 10 mm tot de helft ingezaagd en op drie mm van het eind dwars op de koker ook nog eens half ingezaagd. De kop van het overblijvende deel wordt voorzichtig rondgevijld. Tenslotte wordt uit messing van 0.2 mm dik een rondje geknipt met een doorsnede van 6 mm waarin een gaatje met een doorsnede van 2.5 mm wordt geboord (beter: eerst het gaatje boren en dan knippen). Dit is de uiteindelijke standplaat. De standplaat wordt over de dikke buis geschoven tot op een afstand van 4 cm van de rondgevijlde kop. Met een drupje vloeimiddel insmeren en vervolgens vast solderen. Als volgende stap wordt de dunne buis met de lange zijde in de brede buis geschoven en vastgesoldeerd op zo'n manier dat de totale zichtbare lengte van de lantaarnpaal 8 cm wordt. Als dat voor elkaar is wordt de kap vastgesoldeerd. Zorg ervoor dat de buizen niet van binnen dicht gesoldeerd worden. Als truc zorg ik er meestal voor dat er een 0.5 mm dikke geisoleerde koperdraad in de buisjes zit tijdens het solderen. Door tijdens het afkoelen deze draad voorzichtig te bewegen, houd je de binnenzijde open. Hiermee is het mechanische deel gereed.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als lampen heb ik rijstkorrellamjes gebruikt. Onder andere verkrijgbaar als Viessmann artikel nummer 6221. Eťn draad van de lamp wordt zo kort mogelijk afgeknipt en aan een geisoleerde koperdraad van 0.2 mm diameter gesoldeerd die door het inwendige van de lantaarnpaal loopt. De tweede draad wordt zover mogelijk met de eerste onder de kap in het inwendige gestoken. Dit is de massa draad. Door aan de onderzijde een draad aan de mast te solderen en ťťn aan de koperdraad, zijn tenslotte alle verbindingen klaar. De verbinding tussen rijstkorrel en koperdraad wordt met nagellak zo goed mogelijk geisoleerd. Het testen van de lamp is het slot van onze bouwarbeid. De Viessmann lampjes zijn 16 V, dus dat is makkelijk testen met de wisselstroom op een normale treintrafo.

 

Modelbouw

Na enkele maanden meer grofstoffelijk doe-het-zelf werk in de vorm van de verbouwing van de garage, had ik weer de dringende behoefte om eens wat echt priegelwerk uit te gaan voeren. Een lange tijd heb ik rondgelopen met het idee om ook eens zelf een model in schaal 1:87 te gaan bouwen. Maar welk voorbeeld ter hand te nemen? Door een artikel in de Railhobby van September, "Seinhuis Nijkerk", kwam ik op het idee om met iets relatief simpels te gaan beginnen. Dus waarom niet mijn eigen huis eens in model vorm te geven? Zo gezegd, zo gedaan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De eerste gang was dus naar de regionale hofleverancier, Wapstad in Rijswijk. Geinspireerd door het Railhobby verhaal heb ik gekozen voor Kibri steentjesplaat in de schaal N (artikelnummer 7962) en de dakplaat variant van gebakken dakpannen (artikelnummer 4142). Dit geheel heb ik aangevuld met diverse soorten strips van Evergreen (0.5x0.5 mm, 0.75x0.75 mm, 1.0x0.25 mm, 2.5x1.0 mm en 2.0x0.25 mm). Totaal aan materiaal een Euro of 40, maar dan heb je gelijk ook wat voorraad. Zoals gezegd, de inspiratie kwam uit het eerder genoemde artikel, maar ook uit de Modelbouwencyclopedie. Uit de laatste referentie heb ik met name de vormgeving van de ramen gevist. Dat beviel me namelijk niet in het Railhobby artikel.

De gevolgde werkwijze is vervolgens redelijk recht toe recht aan. Ik heb eerst alle buitenmaten van het huis opgemeten en dat in drie gevelaanzichten weergegeven op een tekening die gelijk naar schaal 1:87 is omgezet.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Van deze tekeningen worden door middel van de scanner een aantal exacte kopieen gemaakt. Op die manier kan ik geveldelen uitknippen en die individueel overzetten op de plastikplaten. Op deze wijze worden dan vervolgens met de figuurzaag eerst alle individuele geveldelen uitgezaagd. Daarna worden de contouren van de ramen en deuren op de juiste wijze overgenomen en worden deze ook met de figuurzaag uitgezaagd.

 

 

 

 

 

 

 

Daarna worden de ramen gemaakt zoals in de Encyclopedie weergegeven. De geveldelen op tesakrep plakken en de ramen ter plaatse fabriceren. De ramen worden met MEK gelijmd en vervolgens voorzichtig weer uit de sponning genomen om geschilderd te kunnen worden. Na droging worden de ramen achter de kozijnen geplakt. Deze zijn geknipt uit transparante Evergreen plaat van 0.4 mm dik.

 

 

 

 

 

 

 

De geveldelen worden op alle hoeken onder verstek gevijld om de steenstructuur netjes door te laten lopen. De betonnen draagbalken heb ik vervaardigd uit 0.25 mm dik Evergreen strip en deze op de gevel geplakt. Dit is de enige concessie die ik aan de werkelijkheid gedaan heb. In dit stadium leek het me te moeilijk om de gevel uit allemaal aparte delen op te bouwen en die samen te plakken. Misschien in een verder gevorderd stadium wordt dat de techniek. Ik ben tenslotte nog aan het leren.

Het volgende stadium is het stap voor stap in elkaar zetten van de gevels. Ik ben begonnen met de erkers aan de zijgevel. Vervolgens de achtergevel er tegen aan. Daarna de blinde zijmuur aan de voorkant bevestigd en daarna de voorzijgevel gemonteerd. Toen dat allemaal haaks zat,heb ik de beide delen aan elkaar gemonteerd. Voor dit lijmwerk heb ik Faller lijm (de fles met de dunne tuit) gebruikt. Nadat de gevels zo gemonteerd waren, heb ik eerst de vloer van de eerste verdieping passend gemaakt. Dat geeft ook een beter verband in het hele huis en voorkomt vreemde doorkijkjes die er in werkelijkheid ook niet zijn. Deze vloer is uit 1 mm dik Evergreen plaat gesneden. Tenslotte zijn de gevels aan elkaar gesloten door middel van de schoorsteen, die op het model is uitgemeten en dus een kleine concessie vormt ten opzichte van de werkelijkheid. Maar dat is niet te zien.

Na voltooiing van het casco, zijn eerst de balkons afgewerkt. Daar is een zinken vloer in gemaakt en de binnenzijde van de balkonwanden zijn ook van steentjesprofiel voorzien. De bovenranden zijn door middel van U-profielen afgewerkt. Na de balkons zijn de daken aangebracht, maar eerst is de eerste verdieping in tweeŽn gesplitst door middel van een tussenmuur en is de vloer van de tweede verdieping op maat gemaakt. Alle vloeren zijn voorzien van een motief dat lijkt op de echte vloeren. Eikenparket op de begane grond, linoleum op de eerste en laminaat op de tweede. Deze vloeren zijn vanuit het pakket Sims geŽxporteerd naar Paint en vervolgens in kleur afgedrukt. Het dak en de goten zijn - in stijl van de jaren '20 - overstekend en aan de onderzijde betimmerd. Dit is geÔmiteerd door middel van Evergreen strips.

 

 

 

 

 

Ook de zolderverdieping is in tweeŽn gedeeld alvorens het dak gesloten is en de dakkapellen zijn aangebracht. Deze zijn op maat gemaakt van Evergreen plaat en met strips afgewerkt. De daken zijn met zinkverf op kleur gebracht. Ook de goten zijn op deze manier pas gemaakt: aan de voor-, de achter- en de zijkant. De regenpijpen zijn geÔmiteerd door middel van 1 mm rond polystyreen staf.

Op het eindresultaat ben ik eigenlijk best trots. Een groot aantal uren gaat in het bouwen zitten, maar het resultaat mag er zijn wat mij betreft. Geschatte uren: 50. Het was in ieder geval een heerlijke ontspannende activiteit. De kleur is niet helemaal volgens de werkelijkheid maar het overschilderen durfde ik niet aan. De lijm en de verf is geen gelukkige combinatie. Daar moet ik in de toekomst iets anders op verzinnen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een paar weken later volgens hetzelfde principe de garage gebouwd en vervolgens het geheel in diorama vorm afgebouwd. Dat kwam goed uit. We hadden al plannen om de tuin te veranderen en met de uitgewerkte plannen van de tuinarchitect heb ik het diorama afgebouwd. Op deze manier is het tuinplan op schaal te bekijken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Maquettebouw

Met pasen 2007 even een tussendoortje gedaan op modelbouw gebied. Mijn oudste zus en zwager zijn net verhuisd en hebben plannen voor de tuin. Mijn aanbod om het huis op schaal te bouwen zodat het tuinontwerp inzichtelijker gemaakt kan worden werd in dank aanvaard. Dat gaf mij weer even een nieuwe uitdaging op modelbouwgebied. Nog nooit had ik alleen van tekening (ik heb het huis in Leeuwarden nog niet gezien) een model gebouwd. Maar met de bouwtekening in de hand was het geen al te groot probleem. De gevolgde methode is als bij de bouw van mijn eigen huis hierboven. Het ging hier om een maquette op schaal en dus zijn de schilder activiteiten voorlopig achterwege gebleven. Na 14 uur klussen had ik het onderstaande resultaat. Volgens de bewoners is het een goede weergave van de werkelijkheid.

 

 

 

 

 

 

 

 


Copyright Dr H.L.M. Bakker

e-mail: hmbakker(at)planet.nl


Laatste revisie: 9 april 2007