GESCHIEDENIS VAN DE TEXELSE SCHAPENKAAS
Reeds in de zestiende eeuw is de Texelse schapenkaas bekend en vermaard om z'n delicate smaak. Er werd zowel witte als groene kaas gemaakt. Van de melk in het naseizoen maakte men wel groene potkaas (smeerkaas). Groen vanwege het mestsap dat men via een neteldoek in de melk liet lopen. Het z.g. groen is in het begin van de twintigste eeuw bij de wet verboden.
Voor de typische kwaliteit, is het belangrijk dat de schapen op het oude grasland van Texel grazen, dat door de zilte wind van zee zijn aparte flora en smaak krijgt en dat zeer spaarzaam moet worden bemest. Verder zijn het ras, het seizoen en de wijze van kaasbereiding factoren die van belang zijn voor deze kwaliteit.

|

|
De Italiaan Ludovic Guicciardini maakte in 1567 een beschrijving van Nederland, onder andere van de landbouw. Hij meldt dat op Texel van de schapenmelk "soo groene als witte kasen ghemaeckt werden, wesende van eenen besonderen delicaten scherpen smaeck, waer by geenerley soorten van kasen, oock niet de Parmesaensche, en zijn te verghelijcken. De welcke in verre landen vervoert ende als een heerlijck present verkocht werden, gheteeckent met een besonder teecken des Eylandts. Waer door dit Eylandt in verre quartieren vermaert is gheworden."
|
|