De grote strijd tussen Jan de Bruin en Jo Vincenzi
door Mark de Boer

Gepubliceerd in Blijdorp Blad, tweemaandelijkse uitgave van de Stichting Koninklijke Rotterdamse Diergaarde. Rotterdam.
Nr. 4 / 2002.
juli – augustus 2002.



'McArthur wil dat die Noordelijken zich overgeven, Arie'. 'De Zuid-Koreanen zijn al over de 38-ste breedtegraad.'
   'Maarten, houdt toch op over die Koreanen en hun kolere oorlog,geeft mij het sportdeel effe aan.' Arie kon de week beginnen met boter op zijn brood, Feijenoord staat dankzij de overwinning op TSC derde, het seizoen1950-1951 begint niet slecht. De tram krast moeizaam over de wissels bij de Koninginnebrug bij het verlaten van Zuid.  Tot aan de West Kruiskade spelt Arie de voetbaluitslagen van het afgelopen  weekend,Feijenoord,  Sparta en natuurlijk Xerxes.
    De passagiers achter ons zitten al bij de bokspartij van vanavond. Met zijn allen gaan we kijken naar rentree van "Ons Rotterdams Jantje" zoals Arie, hem altijd noemt.

boksposter Als Lijn 3 over de Benticklaan , langs de Nenijto rijdt dan gaan de kragen al omhoog, de hoeden op. Het is even over zevenen. Aan de Van Aerssenlaan stroomt de tram leeg.
   Auto's parkeren langs straat, taxi's brengen de toeschouwers met de duurste plaatskaarten, fietsen worden tegen de toegangshekken van Diergaarde Blijdorp. De eerste bezoekers gaan naar binnen op deze gure maandagavond. De pelikanen bij de vijver vermoeden niets. Een kraanvogel zoekt beschutting achterin de weide tegen de stal aan, enkele meters van de onrustige flamingo's.Handenwrijvend lopen we de Hal binnen, de regen en de herfstwind buiten latend,de wintertuin van Rotterdam in.
   Na een afwezigheid van bijna vijf maanden staat Jan de Bruin, Huizenaars 'Gentleman - Jim' weer eens in de ring. De Rivièrahal is omgebouwd tot bokstheater. Meer dan duizend mensen worden in de Hal verwacht. De middengewichtpartij van Jan de Bruin tegen de Fransman Vincenzi staat  al tijden aangeplakt in de stad. De affiches hangen in de sigarenwinkel op de Binnenweg, de cafés in Crooswijk, overal.

   'Bakkie pleur, Maarten,' Arie is al koffie wezen halen bij de foyer.
   'Wie is die Vincenzi eigenlijk, Arie?'
   'Vincenzi, ach die gozert is geen topper maar heb er toch al een paar knock-out geslagen de laatste tijd. Dertig wedstrijden heb-tie er as prof al gebokst.' Arie stompt in zijn enthousiasme bijna mijn koffie door de Rivièrahal.
   'Een goeie om op te warmen, voor as-tie tegen die Burton in Londen mot boksen'.

We zitten niet slecht, op de zesde rij, vlak bij de hoek. Die Jo Vincenzi lijkt wel wat op Cary Grant, maar ook op Bep van Klaveren. Het Rotterdams Nieuwsblad noemde hem 'De Tarzan van de Apennijnen'.
Jan de Bruin stapt de ring in, zijn promotor Theo Huizenaar geeft hem nog wat bemoedigende woorden mee. Het is lang stil geweest rond Jan, maar het doet me goed hem vanavond weer in de ring te zien staan.
De eerste rondes zijn niet best. Jan z'n timing kan beter, maar de Fransman weet er niet van te profiteren.
   'Techniek heb-tie niet, die Fransoos.' Arie analyseert graag tussen de rondes in. 'Maar hij ken incasseren, ongewoon'.
   In de vierde ronde raakt Jan de Bruin Vincenzi verscheidene keren vol. Zweet spat in het rond, maar dat is alles. Elke andere bokser was als een plank neer gegaan, maar Jo Vincenzi staat nog op zijn benen.



Op het dak van de Rivièrahal hebben verschillende jongens een plaatsje veroverd. Een gratis plaats kost halsbrekende toeren, eerst over het hek klimmen en dan nog het dak van de Hal op. Maar het uitzicht is er dan ook naar. Recht boven de het publiek, een vrij uitzicht op de ring.
   'Sjongejonge, wat een klappen krijg die gozert zeg.' Volbewondering zit Arie op zijn stoel te wippen. 'Ik mot me eigen erg vergissen as-tie blijf staan'. Een flitsende rechtse directe van De Bruin, dan weer links-rechts-links, rechts hoeken, opstoten en Vincenzi blijft glimlachen. 'Een kop as een ijzeren pot'.  
   'Komt op Jan, mep die vent naar Pjongjang.' bokswestrijd
In de tiende ronde weet Jo Vincenzi nog de kracht voor een offensief te vinden. De ringgang van deze oermens wordt een beetje log. Met zwaaislagen probeert hij Jan de Bruin nog te raken. Van rechte, uit de schouder gestoten directen heeft hij nog nooit gehoord, maar als hij Jan kan raken, dan zal die pijnlijk tegen de grond gaan. Die kans krijgt ie niet. Na de laatste ronde heft de scheidsrechter de arm van Jan de Bruin hoog in de lucht. In de Rivièrahal laat een enthousiast publiek zich horen.

Na de laatste partij schuifelt iedereen weer naar de uitgang. Kragen omhoog en paraplu open, het is koud en nat. Tegen de zijkant van de Hal staan een rij mannen te piesen. 'Krimmenele, 'zegt Arie, 'as iedereen dat doe dan stort die hal over een jaar of vijftig nog een keer in'.   




Met dank aan Wim Jansen (Café Noordplein) en Jan de Bruin




terug