 |
|
dooi
sneeuw op mijn ziel, dat in de nacht
gerijpte laagje, mooi maar kil
welkom dooi, al vrees ik
het slagveld vol modder
en verdronken muizen
dat je voor me achterlaat
straks, tussen verse grassprieten
dans ik twijfel weg en zaai
wortels en warme moleculen
in een bed van bemeste aarde
buiten mijn vrieskist
woont het leven
|