| Home | Syndromen | Problemen | Algemene linkpagina |
| Down syndroom | Oorzaak | Gezondheid | Autisme en DS | Coeliakie | Vereniging | Downteams | Healthwatch | Links |
Bij mensen met het syndroom van Down komen vaak gezondheidsproblemen voor, met name op kinderleeftijd. Daarom komen kinderen met Down syndroom vaak bij de dokter, meestal de kinderarts. Sommige gezondheidsproblemen zijn bij de geboorte al duidelijk aanwezig of vereisen zelfs operatief ingrijpen binnen enkele weken (aangeboren hartgebreken). De andere problemen komen pas later aan de orde:
Verminderde weerstand
Er bestaat een verhoogde vatbaarheid voor infecties, met name van de luchtwegen,
het middenoor en de neusbijholten.
Het risico op het krijgen van hepatitis B is ook verhoogd.
Daarom wordt inenting tegen hepatitis B aan iedereen met Down syndroom aangeraden.
Longen
Zowel lichte ontstekingen (bronchitis), als ernstiger infecties (longontsteking) komen
vaker voor. Als gevolg van spierverslapping in de keel kan een onrustige slaap optreden
door ernstig snurken (slaap apnoe syndroom).
Neus
De buisjes die vanuit de neus naar de bijholten, het middenoor en het oog lopen, zijn in
de regel nauwer dan normaal. Daardoor kunnen ze gemakkelijker verstoppen. Een chronische
verkoudheid, bijholteontsteking, middenoorontsteking en pusoogjes kunnne daar het
gevolg van zijn.
Oren
Middenoorontsteking en ophoping van slijm achter het trommelvlies (slijmoren) komen
vaker voor en kunnen uiteindelijk aanleiding geven tot gehoorverlies. Omdat de uitwendige
gehoorgang nauw kan zijn, kan het oorsmeer moeilijk opdrogen en naar buiten komen.
Daardoor raken de oren nogal eens verstopt.
Ogen
Problemen met het gezichtsvermogen komen vaak voor. Deze kunnen het gevolg zijn van
bijziendheid, verziendheid, ooglens troebeling of scheelzien. Door een te bolle voorkant
van het oog (het hoornvlies: keratoconus) kan het gezichtsvermogen ook sterk afnemen.
Mond - Gebit
Bij kinderen breken de tanden vaak wat later door en soms ontbreken er enkele gebitselementen.
Tandvleesproblemen (parodontose) komen zeer vaak voor, dus een regelmatig bezoiek aan de
tandarts is erg belangrijk.
Hart
Aangeboren afwijkingen aan het hart komen bij de helft van de kinderen met Down syndroom
voor. Het gaat dan met name om een opening tussen de rechter- en linker harthelft. Op latere
leeftijd kunnen afwijkingen aan de mitralisklep (de klep tussen de linker hartboezen en
hartkamer) ontstaan. Kortademigheid bij gering inspanning kan daar het gevolg van zijn.
Maag-darm kanaal
Obstipatie is een veelvoorkomend probleem bij kinderen en volwassenen met Down syndroom.
Daarnaast komt coeliakie
(een vrij zeldzame darmaandoening) bij kinderen met Down syndroom juist veel vaker voor.
Botten en gewrichten:
Als gevolg van een aangeboren slapte van spieren en gewrichtsbanen ontstaan er bij twee
op de drie kinderen platvoeten. Verstuikingen van gewrichten komen gemakkelijk voor. Ook
kunnen gewrichten gemakkelijker uit de kom schieten, met name de knieschijf en de heup.
Neurologie:
Epilepsie komt bij een op de tien kinderen voor. Naast de 'gewone' toevallen, komen ook
ongebruikelijke vormen van epilepsie voor, zoals een kortdurende verstijving van de spieren
(infantiele spasmes), vallen als gevolg van een kortdurende spierverslapping (atone
aanval) of een spierverstijving als gevolg schrikken (schrik verstijving).
Vanaf 40jarige leeftijd neemt de kans op dementie (ziekte van Alzheimer) toe. Soms
treedt er dan opnieuw epilepsie op.
Hormoon stoornissen
Een te traag werkende schildklier komt erg vaak voor, namelijk bij ongeveer een kwart
van de mensen met Down syndroom. Dit kan al op zeer jonge leeftijd beginnen, maar ook
pas op volwassen leeftijd. Gewichtstoename, trager worden, kouwelijkheid en
obstipatie zijn klachten die daardoor kunnen ontstaan. Omdat deze klachten ook zonder
schildklierproblemen vaak voorkomen, is een jaarlijks bloedonderzoek nodig om dit
probleem tijdig op te sporen.
Huid
Een droge huid komt bijna in alle gevallen voor
(90%). Als gevolg hiervan is er vaak
tevens sprake van eczeem, jeuk en
huidinfecties. Belangrijk is om niet te vaak te wassen en om niet teveel zeep
(liefst neutrale zeep) te gebruiken. Gebruik van badolie is aan te raden.
Eczeem (atopische dermatitis), met roodheid, jeuk en schilfering
wordt vaak gezien, met name op de wangen,
achter de oren en in de elleboog- en knieholtes. Zalven met een zwakwerkend
corticosteroid kunnen hier helpen. Gebruik alleen zalf en geen cremes (kunnen
uitdrogen) en geen sterk werkende corticosteroid bevattende zalven.
Dit eczeem moet niet verward worden met de vettige huid
(seborrhoe), waarbij ook schilfering en jeuk kan optreden. Dit zit ook vaak op de
wangen en het voorhoofd. Verder zit seborroe vaak in de wenkbrauwen en op de behaarde hoofdhuid. Dit kan worden
veroorzaakt door een huidschimmel. In dat geval kan het gebruik van een
corticosteroid houdende zalf averechts werken en kan beter om een zalf met
anti-schimmelwerking worden gevraagd (zoals miconazol). Daarbij het haar wassen
met een anti-roos shampoo (zoals Selsun).
Huidinfecties kunnen leiden tot milde ontstekingen van de
kleien haarzakjes of talgklieren (folliculitis). Hiertegen kan een antibioticum
bevattende zalf worden gebruikt, nadat de huid
met een antibacterieel werkende zeep is gewassen.
De huid kan erg gevoelig zijn voor een zonneverbranding.
Houdt hier rekening mee en gebruik een goed zonnebrandmiddel.
Pleksgewijze haaruitval komt in een op de zes gevallen voor.
Bloed
Enkele bloedtesten leveren vaak afwijkende waarden op die niet op een ziekte wijzen.
Zo zijn bepaalde afvalstoffen (ureum, kreatinine en urinezuur) vaak verhoogd, zonder dat dit
wijst op een nieraandoening. Ook zijn de rode bloedcellen iets groter (verhoogd MCV)
dan normaal.
Geslachtsorganen en seksuele ontwikkeling
Bij jongetjes met Down syndroom dalen in een op de vier gevallen de zaadballen niet in
de balzak. Meestal is een kleine operatieve ingreep noodzakelijk om dit te herstellen.
Hoewel de seksuele ontwikkeling meestal normaal optreedt, zijn mannen met Down syndroom
bijna altijd onvruchtbaar.
Ook bij vrouwen is meestal sprake van een normale ontwikkeling. De eerste menstruatie
treedt rond het 13e jaar op. De cyclus kan wel onregelmatig zijn, omdat er niet in
elke cyclus een rijpe eicel vrijkomt. Zwangerschap is vaak wel mogelijk, maar wel met een
grot risico dat de baby ook Down syndroom heeft.
Groei
De lengtegroei blijft achter. Om de lengtegroei te beoordelen moet dus gebruik gemaakt
worden van speciale groeicurves voor mensen met Down syndroom.