Betekenis "Cordemans"
       

back
home 

                               Betekenis van de naam "Cordemans".

                    

 

Voor de betekenis van en het ontstaan van de familienaam moeten we het in twee gedeelten behandelen. Het eerste gedeelte van de familienaam is Corde. Het woord corde kent vele betekenissen. We gaan eerst de geschiedenis bekijken. Hiervoor moeten we best wel een flink stuk terug in de tijd. Het woord corde komt van het Franse woord corde [le corde]; wat komt via het Latijnse woord corda [chorda,æ](snaar, darm, lier, touw); uit het Oud-Grieks, het woord cordè [chordè, χoρδή,º ; Κόρδα,º ; ΧΟΡΔΗ] (snaar, darm, pees)[-instrument, -en; ξγχoρδα, τα ; ΞΓΧΟΡΔΑ,Τ Het woord corde betekend in het Nederlands Koord. Nauw verwant aan corde is cordon [touwtje, koord, snoer, band],wat eveneens ook deze betekenis heeft. De eerste waarneembare familienamen waren b.v.: Corde; Corder; Corde-roy; Corduroy; Cordelier; Cordiers; Cordon; Koordeman; van der Koorde, die touwslagers (faber cordarum) of -binders waren en een touwslagerij of -handel [corderie] hadden of andere connecties c.q. verwantschappen [(du)Cordelier(s), de Cordelier(s), Kordemaker(s), Kordewagenaar(s)], daar vroeger de familienamen vaak vernoemd werden naar de beroepen die uitgeoefend werden. Het werk wat geleverd wordt door de touwslager of -binder, heet het touwwerk [la cordage]. Het woord touw van -slager of -binder komt uit het Oud-Germaans, van een stam, die oorspronkelijk de betekenis van het woord werken had en niet in de betekenis van bindmateriaal. Het werkwoord touwen betekende oorspronkelijk dan ook werken [gereedmaken, afwerken of het vervaardigen van huiden], maar later in de meer specifieke betekenis van leer bewerken, het afwerken of het looien van leer. Die zelfde verschuiving zie je ook bij het Engelse woord voor touw rope, dat aanvankelijk de betekenis had van oogsten [verwant met het Nederlandse woord rijp, ook een vorm van werken]. Het woord touw wordt op verschillende manieren geschreven in de middeleeuwen zoals: tou > Oud-Saksisch; tau > Oud-Fries; tow > Engels, wat ook verwant is aan touwen. Het woord touwen wordt ook op verschillende manieren geschreven zoals: zouwen > oudhd.; tawain > oud-Engels; taujan > Gotisch; tawiðo > Runisch [de hoorn van Gallehus (5de eeuw), ik maakte]; Hetzelfde woord als tooien; de verbinding van ooi en ouw wisselen afhankelijk van de oorsprong vervoeging, vgl. naast Gotisch taujen de verleden tijd van tawida, zoals in gouw,  gooi. De naam corde is ook nauw verwant van een cordewanier > carduwanier > corduanier, wat komt uit het Franse woord cordoanier later cordonnier, wat betekend een schoenmaker of leerbewerker [is terug gevonden in de boeken bij de namen van weerbare mannen van Brugge tussen 1338 en 1340, staat vermeld als beroep: carduwanier]. Corde en cordoanier komt van het Oud-Franse woord cordoan wat afkomstig is van Acuir de Cordoue, wat betekend het Ahet Corduaanse leer [Uit de Spaanse plaats Cordova en in het Latijns Romaans Cordoba, wat een Ibische naam is]. Dit leer stond bekend om zijn soepelheid en dus perfect om schoenen te maken van hoge kwaliteit. Voor het woord touwslagerij werd ook veel het woord "baan" gebruikt en voor de touwslager het woord "baander".

Hieronder volgt een beschrijving van het beroep "touwslager" uit het "menschen bedrijf" van Jan Luiken uit het jaar 1694.

                                                                         Touwslager

Door touwslagers verstaar men lieden / welke hun gestaan zoeken / door het vervaardigen van sterke / gedraaide koorden van hennip en van heide of heede.  Eerst spinnen zij / door een zeker werktijg / enkelvoudige koorden verschillende dikte / draaijen naderhand deze enkelvoudige draden / koorden of strengen drie- / vier- / vijf- / zes- / zeven- / acht- / tien- / of twintigvoudig te samen / waardoor zij een meer of minder dik en sterk touw / al naar verkiezing / erlangen. Het dunste touw is het nette- en zeilgaren en het dikste het ankertouw van groote schepen / dat somtijds nagenoeg zoo veel dikte / als eene mans dij gebat. Wie alle menschelijke betrekkingen slechts vlughtig nagaat / zal ontdekken / dat er geene gevonden wordt / die geen touw gebruikt; en dat het voor de scheepvaart eene der onontbeerlijkste behoeften uitmaakt: waaruit volght / dat de maatschappij ook al den touwslager niet mishen kan en dat hij derhalve mede op de lijst van hare nuttige leden behoort gebragt te worden

                                                                 Touwslager

 

Door touwslagers verstaar men lieden, welke hun gestaan zoeken, door het vervaardigen van sterke, gedraaide koorden van hennip en van heide of heede. Eerst spinnen zij, door een zeker werktijg, enkelvoudige koorden verschillende dikte, draaijen naderhand deze enkelvoudige draden, koorden of strengen drie-, vier-, vijf-, zes-, zeven-, acht-, tien-, of twintigvoudig te samen, waardoor zij een meer of minder dik en sterk touw, al naar verkiezing, erlangen. Het dunste touw is het nette- en zeilgaren en het dikste het ankertouw van groote schepen, dat somtijds nagenoeg zoo veel dikte, als eene mans dij gebat. Wie alle menschelijke betrekkingen slechts vlughtig nagaat / zal ontdekken, dat er geene gevonden wordt /die geen touw gebruikt; en dat het voor de scheepvaart eene der onontbeerlijkste behoeften uitmaakt: waaruit volght, dat de maatschappij ook al den touwslager niet mishen kan en dat hij derhalve mede op de lijst van hare nuttige leden behoort gebragt te worden.

                            

           

                                                    Het verwerken van hennep en sisal.                                                                                                    Baanders werken op de baan (touwslagerij).

De Romaans Latijnse naam van de plaats Corduae of Corduæ, wat hedendaags de Franse plaats Cordes [Tarn.] heet en de plaats Cordemaise, zouden hier ook voor in aanmerking kunnen komen, daar sommige plaatsnamen maar ook soms streken vernoemd werden naar een beroep die veelvuldig daar werd uitgeoefend. De iets lugubere betekenis van de naam is, dat de beul die de strop om de nek van een ter dood veroordeelde doet ook deze naam Cordeman  draagt. Hij is de Cordeman. Hij is de beul met de strop, daar het woord strop ook in het Frans corde betekend [ten koorden trecken, tot de galg veroordeelen, tot de koorde verrijzen]. Een cordeman kan ook een man zijn, die de pezen maakt, het vervaardigen er van of het spannen van kruisbogen en katapult in die tijd. Hij werkte ook nauw samen met de wapenmakers. Het woord korde komt ook al in de geschiedenis van de Mechelse brandweer voor. Men spreekt over het uitrukken van de mannen die bij de brand moesten helpen blussen. De bewoners van het brandende huis moesten luidkeels "BRAND" roepen en in de straat des onheils en de vier omringende straten diende men 's nachts bij brand licht uitgehangen te worden, om de weg te wijzen van de blussers. Dit water konden zij ophalen langs de deuren van de huizen, omdat eenieder uit de buurt, volgens zijn bezit, kuipen, ketels en emmers met water gevuld, klaar moesten zetten. De Brouwers, de smoutslagers, hoveniers, cordewagenaars en de straatwagenaars moesten voor het transport van het water met alle dienstige [dienstdoende] vervoersmiddelen dadelijk naar de plaats of plek des onheils [ramp, brand] komen. Daarom was het ook de verplichting al deze [vervoer-]middelen in goede staat te bewaren. Men spreekt van het reglement, dat daterende uit 23 Januari 1687 tot 26 Februari 1791 "Betreffende de maatregelen ingeval van brand in Mechelen". De term cordewagenaar is een erg oude, veel voorkomend beroep in de driehoek: Mechelen - Leuven - Brussel. Dit was ook al het geval in de Middeleeuwen. De term wordt rechtstreeks in verband gebracht met de scheepvaart en hierbij even belangrijk als de term "buijldrager". Voor het jaar 1550, toen het zeekanaal Antwerpen-Brussel werd gegraven, gebeurde de aanvoer van goederen voor de belangrijke steden Brussel en Leuven, via Mechelen, via de Dijle of Zenne. Toen de goederen te Mechelen aankwamen, verkoos men gemakshalve en om sommige belastingen te ontlopen dikwijls de sinds Middeleeuwen en mogelijk reeds vroeger gekasseide weg Mechelen - Zemst te gebruiken en de goederen te Zemst op de binnenschepen te laden op de plaats waar nu de Kloosterstraat met de Brusselsesteenweg verbinding geeft. Derhalve was er een zeer belangrijke activiteit van cordewagenaars en buijldragers. Er werd wat tijd besteed aan goederen overladen van de weg naar het water en omgekeerd. Niet alleen dit aspect maar ook het drukke economische verkeer in het algemeen in de genoemde driehoek heeft gegeven tot het [voort]be­staan van deze term. Deze term is Belgisch of Zuid-Hollands. [ De term "wagenaar" [waghenaer] staat voor een bediende, bestuurder of een maker hiervan. Een cordewagenaar > crodewaghenaer > crodewaghencruder > croydewagencruder > kerdewaghencruuder > kruiwagenkruier of cordewagencruijer. Corde is crode. Een cordewagen of crode-; crude-;cudde-; crooy-; keurre-; körrewoagen; is een één of twee wielerige kruiwagen of een vier wielerige schuifkar wat onoverdekt rijtuig is, waarvan de bak onmiddellijk op het stel rust. En hieraan toegevoegd een koord of touw. Dit cord, koord of touw, werd gespannen door de kruier of cordeman bovenop zijn schouders, waardoor hij niet de kruiwagen alleen voortduwde, maar ook enigszins droeg. Dus twee handelingen in een. De cordewagens waren speciaal kruiwagens voor dit werk aangepast. In de Belgische stad Mechelen was dit een erkend ambacht en dus een een gilde  met een “rolle” [regelement] uit 1701. Deze ambacht is gespecialiseerd in het vervoer van vaten bier op “Cordewagens” [een soort kruiwagens]. De ver doorgedreven versnippering van de ambachten, liet niet toe dat brouwers zelf hun bier vervoeren. En dit is vast gelegd in “de rolle”.

We lezen uit "de rolle", zowat het regelement van het beroep in Mechelen uit 1701:

  n den eersten, dat de cordewagenaars van het voeren van ieder tonne, soo cleyn als goet bier, uyt de brouwerijen, die te kelderen ende op de stellingen ende op andere tonnen te leggen, sullen hebben drije stuivers, behoudens dat de cuyt tappers van ieder touwe kuyt maar en zullen betaelen enen stooter. Van ieder tonne bier te voeren aen de schepen, twee stuyvers. Van ieder tonne bier te voeren buyten de stadt, vier stuyvers, vijf stuyvers van ieder tonne Lovens oft Liers bier te lossen van de wagens  ofte karren, die te voeren ende op de stellingen te leggen als boven, vier stuyvers. Van anderhalf aeme sesse stuyvers; van het stuck oft twee aemen, acht stuyvers ende van grootere vaeten, naer advenant. Verleidende mijne voors. Heeren de cordewagenaers ist voordens te pretenderen >t sij voor loon, pot bier oft andersints, op de boete van sesse guldens voor iedere contraventie.

 In den eersten, dat de cordewagenaars van het voeren van ieder tonne, soo cleyn als goet bier, uyt de brouwerijen, die te kelderen ende op de stellingen ende op andere tonnen te leggen, sullen hebben drije stuivers, behoudens dat de cuyt tappers van ieder touwe kuyt maar en zullen betaelen enen stooter. Van ieder tonne bier te voeren aen de schepen, twee stuyvers. Van ieder tonne bier te voeren buyten de stadt, vier stuyvers, vijf stuyvers van ieder tonne Lovens oft Liers bier te lossen van de wagens ofte karren, die te voeren ende op de stellingen te leggen als boven, vier stuyvers. Van anderhalf aeme sesse stuyvers; van het stuck oft twee aemen, acht stuyvers ende van grootere vaeten, naer advenant. Verleidende mijne voors. Heeren de cordewagenaers ist voordens te pretenderen.’ t sij voor loon, pot bier oft andersints, op de boete van sesse guldens voor iedere contraventie.

Deze cordewagenaars werkte heel nauw met de buijldragers en straatwagenaars, daar de goederen vanuit het schip werden gehaald door de buijldragers en overgedragen werden aan de cordewagenaars die het op hun beurt de goederen meenamen naar de stad. De cordewagenaars vervoerden de tonnen bier of andere goederen van de oevers van de Dijle en de Zenne naar cafés in de stad. Deze ambacht was hierin gespecialiseerd en de cordewagens speciaal voor ontworpen. Voor grotere afstanden werden de straatwagenaars ingeschakeld om de goederen verder te transporteren per huifkar of koets. We moeten niet uitsluiten dus dat een Cordeman ook een cordewagenaar zou kunnen zijn, daar corde de afkorting is van cordewagenaar. Een cordeman. Dus een  crodemans -zoon.  Een zoon van een Crodeman of te wel een zoon van een kruier. Het gilde van de Cordewagenaars heeft zijn ambachtshuis op de  Zoutwerf nummer 1 te Mechelen. In de 13de eeuw noemde men de plaats langs de Dijle-oever kortweg “Werf”. In 1301 krijgt Mechelen het recht zout te verhandelen. "Werf"wordt "Zoutwerf". Het gildenhuis wordt gekocht op 17 April 1515. In 1630 verbouwt de gilde het. Het ambacht van de Cordewagenaars overleeft de Franse revolutie van 1792 gedurende ruim een eeuw. Kort na de omwenteling koopt de gilde haar aangeslagen gebouw terug. Ze is nog actief tot einde van de jaren achttienhonderd. Vele generaties en families Cordewagenaars hebben onder het gezag van de gilde gewerkt en woonden vierhonderd jaar lang vlakbij hun werk aan de Dijle en de Zenne. Hier worden de schepen gelost. De huizen langs de “Zoutwerf” worden meestal bewoond door burgers en handelaren. De Cordewagenaars wonen in de smalle straatjes tussen die woningen, die uitgeven op de "Zoutwerf": "de fortjes";  "de Konijnenpijp"; "de Open poort"; "de Karrenpoort" [hier stonden de kruiwagens van het ambacht]; de Rode poort; de Radijzengang en de Meukelensgang.

Het woord man is een [mens van mannelijk geslacht] Middeleeuws-Nederlands, Oud-Nederfrankisch, Ous-Saksisch, Oudhoog-Duits. Man > Oud-Fries; mon > Oud-Engels; mannr, maðr > Oud-Noors; manna> Gotisch; buiten het Germaans. muñ [vgl. Moezjik] > Russisch; mainyu [geest] > Avestisch; manu- > Oud-Indisch, misschien verwant met Latijns. Mens [geest](vgl.mentaal). munan [denken] > Gotisch, mind > Engels, van een basis met de betekenis denken ÿ mens. Mans kan ook de vertaling zijn van mens, maar ook in de betekenis van "de kracht tot iets hebben". Dus heel wat mans zijn [tot veel in staat zijn]. Dit is een Middeleeuwse schrijfwijze. Dit beroep werd ook in de poorterboeken* van Brugge [periode 1418/1434]vernoemd, daar iemand wordt genoemd die poorter* wilde worden "omme de cardewaghen te crudene". De cordemans kan ook geschreven worden als "cor de mans". In deze betekenis gaat het om een corwagenaar [cor de wagenaar]. Een corwagenaar is een Antwerpse aangelegenheid voor een koetsier van een corbillard voor het jaar 1940. Dit was de benaming van een lijkwagen die de Antwerpenaars uit de Franse tijd en taal hadden overgenomen. Die corbillard was een zwart geschilderde praalkoets, voorgetrokken door zwarte paarden. De eerste waarnemingen van de naam Cordemans in verbasterde vorm dateerde uit de 14de eeuw met de naam Walterus Dictus Kordemakere uit de streek van Leuven rond 1304. Soms kan de familienaam ook de vorm Korteman aannemen, wat een bijnaam is voor iemand met een klein of kort (de Corte) gestalte of postuur [Henricum Cortteman, uit de plaats Tienen in 1379, Jan Corteman = Janne Cordemans uit de plaats Kamperhout in 1450. Korth > Kordt > Kort(e).  

                                                   

De patroniemen op de familienaam >Cordemans= zijn: Ceurreman(s); Ceur(t)(e)man(s); Coordeman(s); van der Coorde; Cooreman(s); van der Coore; Cordeman(s); Cordemann; Corderman: Coreman(s); Cort(t)(e)­man(n)(s); van der Corte; Cordemakere; Cordewagenaar(s); Court(e)man(s); Cuddeman(s); Coddeman(s); Curdeman(s); Crodeman(s); Croyman(s); Crooyman(s); Crudeman(s). Verwanten van de familienaam zijn: Cor de la mans; (Du)Cordelier(s); Cordemoy; Corder; Corderoy; Cordiër(s); Cordon; Cordonnier; Cor du Roy; [Cordes(z)]; Cordemon; zelf komt de naam voor als Corderman > Katterman(n) > Catherman > Cotherman > Kederman > Kaderman.  

Alle namen zijn verwant aan elkaar, gezien in de [woord]betekenis van  touw < huid > leer, maar niet in bloedverwantschap. Dat zijn alleen de patroniemnamen van Codemans. Alleen de oorsprong van de verschillende betekenissen liggen op verschillende locaties. De namen kunnen zowel geschreven worden met een C als een K. Dit wisselt elkaar af, daar de letter >C= in het Latijns klinkt en uitgesproken wordt als de letter >K=. Want vroeger werden de  geboortes en familienamen in het Latijns geschreven in de Katholieke kerk [potjes Latijns].

  Vele andere betekenissen van Corde zijn:

“From the bottom of your heart” [Vanuit het diepste van je hart. zonder voorbehoud]. Lat.(Imo corde.) “To warm the cockles of on’s heart”, gezegde bij een goede wijn. (Lat., cochleæ cordis [the ventricles of the heart] de holtes van het hart; hartkamers). Het opwarmen van een hart; een opwarmentje; een hartverwarmetje.

Lat. “Fibræ quidem rectis hisce exterioribus in dextro ventriculo proxime subjectæ oblique dextrorsum ascendentes in basim cordis terminantur, et spirali suo ambitu helicum sive cochleam satis apte referunt” (Citaat uit het boek van Lower; “Tractatus de Corde”, pag. 25 uit het jaar1669).

“Hemp”. “To have some hemp in your pocket”. [Hennep; Wat hennep in je zak hebben] Wat geluk hebben bij de meest moeilijke omstandigheid.Vertaald in het Frans (Avoir de la corde-de-pendu duns sa poche) en dit verwant aan, dat hennep geluk brengt.

De Cordeliers, 1795. [Een Franse politieke partij in de grote Revolutie] Het hield hun meningen in de “Convent des Cordeliers”, wat was in de “Place de l’École de Médecine”. De Cordeliers waren de rivalen van de Jacobins, en genummerd te midden tussen zijn leden: Paré (de president), Danton, Marat, Camille Desmoulins, Hébert, Chaumette, Dufournoy de Villiers, Fabre d’Eglantine (een journalist), en anderen. De partij van de Cordeliers was zo ver gevorderd met de Jacobins, dat de eerste die zo veeleisend waren en vochten voor de afschaffing van de monarchie en de organisatie van het gemenebest [Rijk] hiervan. Als gevolg hiervan, werden hun leiders gevangen genomen en ter dood veroordeeld tussen 24 Maart en 5 April 1794. De beginners c.q. [aan]stichters van de Frans Revolutie.

Cordeliers, 1.e [Corde-dragers uit 1215]. Een religieuze order van Minder of Mineurige Broeders van Franciscus van Assisië. Zij droegen lange grijze kleding [priestergewaad] met een leeuw omgeven met een touw [Corde, Koord]of een gordelkoord [cordelière]. Het waren bedelende monniken, waar niet werd toegestaan dat zij enig bezit mochten hebben. Zelfs hun dagelijkse eten was een gift van liefdadigheid. De Cordeliers waren voortreffelijk in filosofie en in theologie. Duns Scotus was een van hun meest voortreffelijke leden. Het verhaal of de legende gaat , dat in de heerser van St. Louis deze Minder Broeders had afgewezen door het leger van de ongelovigen, en de koning vroeg wie die Gens-de-Cordelies [ge-(Corde)Koorde mensen] waren. Sindsdien word de naam toegepast.

Gezegden en uitdrukkingen die daar vandaan komen:

Ik kan er geen touw aan vast knopen     = Ik begrijp er niets van.

Iets op touw zetten.                            = Een plan maken.

In touw zijn.                                        = Druk bezig zijn.

De touwtjes in handen hebben.            = De leiding hebben.

Op sleeptouw nemen                            = Iemand mee proberen te krijgen voor iets.

Touwtrekken / touwtrekkerij.              = Je gelijk willen hebben of krijgen. 

Iemand aan het lijntje houden.             = Iemand beloven en niet nakomen.

Kalm aan, dan breek het lijntje niet.    = Je eigen niet druk maken, het komt toch wel voor elkaar.

* verklaarde woorden:

Poorter                    = erkend inwoner van een stad.

Poorterboeken          = boek, waarin de poorters werden genoteerd, dus de erkende inwoners van de stad.

   

                                                                                        ® © Copyright 2002-> by webmaster Leendert Cordemans™
                                                                                                                           All rights reserved.