Route over de Atlantic Informatie

Het weer op Horta Gebruikte Pilots

logo Peter Sport

De beste pilots voor gebruik voor de planning van de oversteken op de Noordelijke Atlantische Oceaan is de Atlantic Pilot Atlas van James Clarke (ISBN 0-07-011921-X). Deze pilot kaarten geven per maand alle informatie over wind en stroming op de route. De kaarten zijn handig gebonden en daardoor zeer hanteerbaar op de kaartentafel. Verder biedt The Atlantic Crossing Guide van Anne Hamminck (ISBN 0-7136-3599-1) een schat aan informatie.

 

Feest op de Azoren en de laatste etappe naar Vlissingen


De Hollandse familie te Horta

Azoren

Gelegen midden in de Atlantische Oceaan, Tussen Europa en Noord-Amerika, liggen de Azoren uitgespreid op de hoogte van Lissabon, tussen 39°43' en de 36°55'. De negen eilanden hebben een totale oppervlakte van 2.333 km2. De oppervlaktes variëren van 747km2 (het Eiland Sao Miguel) en 17 km2 (het eiland Corvo). Kaartdeel van Azoren

De vulkaantop van Pico op het eiland met dezelfde naam, die een hoogte bereikt van 2.351 m, is het hoogste punt van de Azoren en van heel Portugal. De bevolking bestaat uit ongeveer 240.000 mensen. Klimaat De Azoren genieten het hele jaar door een gematigd klimaat zonder grote jaarlijkse schommelingen in temperaturen. De dagtemperatuur varieert van een gemiddeld jaarlijks minimum van 14°C tot een aangename 25°C in midden augustus. De gemiddelde watertemperatuur, onder invloed van de Golfstroom, ligt het gehele jaar tussen de 16°C en 22°C.

Geschiedenis
De geschiedenis van de Portugezen op de eilanden begint in 1427 met de ontdekking van de eilanden Santa Maria en Sao Miguel. Gedurende de 16
e en 17 e eeuw groeit de archipel dankzij zijn geografische ligging uit tot een van de knooppunten van de scheepvaart tussen Europa, het Oosten en Amerika. In die tijden werden op de zeeën rond de Azoren belangrijke zeeslagen geleverd waarbij de eilanden aanvallen ondergingen van kapers en zeerovers.
De eeuwen daarna ontwikkelden de eilanden zich door de invoering van nieuwe gewassen en de opkomst van de veeteelt en visserij. De Azoren maken vanaf het begin reeds deel uit van Portugal, maar zijn een autonome regio en hebben een eigen parlement en regering.

Natuur en milieu
De bezorgdheid voor natuurbescherming bracht de Europese Unie er in 1995 toe de Azoren een eervolle vermelding te verstrekken van de Europese Prijs voor Toerisme en Milieu. Tientallen natuurreservaten, beschermde landschappen, parken en bosgebieden verspreid over de eilanden, bevestigen de zorg van de regionale regering voor de ecosystemen van de archipel.

Flora
Meer dan 55 endemische vaatplanten maken de Azoren tot een interessante botanische tuin voor iedereen die zich interesseert in planten. Bosceder, hei, 'queiró', bergdruif, wit-hout, wilde kers, 'sanguinho', 'vinhático', en 'tamujo' zijn enkele van de lokale soorten. In de loop der eeuwen zijn daar nog aan toegevoegd de Japanse criptomeria en de acaciaboom als houtproducenten, de hortensia's,Hortensia azalea's, camelia's, wierook en talloze sierplanten.

Fauna
Het meest attractieve van de fauna zijn de vogels, in het bijzonder de endemische 'priôlo', de wouw, de zwarte merel, de 'cagarro', de torcazduif, en de gewone en de roze 'garajau'. Door de honderden soorten vissen en zeedieren en de aanwezigheid van zeezoogdieren als potvissen vormen de Azoren een waar levend aquarium voor wie van duiken houd.

Cultureel erfgoed
Van de periode van de eerste bevolking zijn nog maar een paar getuigenissen over, vooral in kerken. De 16
e en 17 e eeuw vormden een periode van intensieve bouwactiviteit op de eilanden. Daarvan zijn interessante voorbeelden van overgebleven, vooral uit de barok die op de archipel bijzondere vormen aannam. Dit had te maken met de aanpassing aan beschikbare bouwmaterialen en tegelijkertijd de geografische afstand met de culturele centra van Europa. 
Als eerste Atlantische stad is Angra do Heroismo, op het eiland Terceira, door de UNESCO gekwalificeerd als cultureel werelderfgoed. De stad is gebouwd volgens de 16
e eeuwse bouwkunde. Dit komt terug in de kerken, paleizen en het fort die de stad rijk is. 
De musea voor kunst en etnografie laten de bezoekers kennis maken met de geschiedenis en het alledaagse leven van de Azoreanen door de eeuwen heen.

Volksfeesten
De beleving van religie van de Azoreanen vindt uitdrukking in de feesten die herinneren aan vroegere tijden. De feesten van de Heilige Geest, in de periode mei tot september, zijn van middeleeuwse oorsprong en vindt men over alle negen eilanden. De feesten zijn een gelegenheid tot verbroedering van de bevolking. De feesten van Senhor Santo Cristo dos Milagres (de Heilige Heer Christus van de Wonderen) in Ponta Delgada (Sao Miguel), de feesten van Sint Jan in Angra do Heroismo (Terceira), de week van de zee in Horta (Faial), het feest van de Walvisjagers op het eiland Pico, de Vloed van Augustus op het eiland Santa Maria en het Carnaval op Graciosa, zijn de hoogtepunten van een doorlopende feestkalender van januari tot december.

Gastronomie
De vele traditionele recepten van de Azoreaanse keuken zijn een genot voor wie lekker eten weet te waarderen. Wie houdt van verse vis, vindt in de Azoren een klein paradijs. Nagerechten zijn verschillende zoetigheden, kaas van het eiland Sao Jorge, zoetsappige ananas, tropische passievrucht en geurige thee van het eiland Sao Miguel.
Verder zijn de witte en rode wijnen, brandewijn van Graciosa, de witte 'verdelho' van het eiland Pico en de Biscoitos-wijn van Terceira zeer aan te bevelen.

Een wandeling naar de top van Pico

De dag na aankomst maken we kennis met nog twee Nederlandse schepen in de haven. De Lotje Twee en de Sophia. Deze twee schepen worden bemand door twee families die slechts twee stambomen tellen. Het volgende is het geval; de mannelijke tak van de bemanningen van de twee schepen, Machiel en Evert-Jan, zijn broers en de vrouwelijke tak, Liselotte en Paulien, zijn zusters. Beide schepen zijn twee jaar onderweg en hebben beiden twee kinderen aan boord. De kinderen van beide schepen trekken samen op met de Bodine en Maxime, Dapper meezeilen op de Malode kinderen van Jeroen en Corolien van de Malo. Wie terughoudend is om met kinderen erop uit te trekken moet maar eens contact opnemen met deze ervaren globetrotters. We worden overgehaald de Pico te gaan beklimmen. Dat zal wat worden na 3 weken op de Oceaan. 's Morgens verzamelen we bij de veerboot die ons naar Pico zal overvaren. Theo en Jodi van de Maybe, de familie Malo, Sophia en Lotje Twee zijn van de partij. Bij aankomst moeten we een soort verklaring afgeven dat we geheel voor eigen risico de beklimming zullen doen. Ach, na een oversteek is dit natuurlijk geen probleem. Met een taxi worden wij bij het beginpunt van de beklimming van de Pico gebracht. De Pico lijkt nu toch wel aardig steil. Met een zekere overmoed starten we de eerste meters. De jongelui schieten naar boven. Wij iets rustiger. Al gauw zijn er echter voldoende redenen om even te stoppen en te genieten van het uitzicht.

Uitrusten

We kijken ondertussen ook nog uit naar de Flying Chaos die vandaag zal vertrekken. We hebben een prachtig uitzicht over Faial. Ergens links van ons moeten de Celadon en de Gumbah nog varen richting Horta. Wij klimmen verder. Theo is een ervaren klimmer en als we even zitten uit te puffen gaat hij stilletjes verder. Als we hem missen is hij al een puntje geworden dat langzaam maar zeker naar boven beweegt. Wij blijven achter en genieten van het uitzicht en verorberen het lekkers dat we hebben meegenomen. Aan het eind van de middag staan we weer op het punt waar we werden afgezet. De taxi komt en neemt een deel van ons groepje mee naar het dorpje aan de voet van de berg. Een deel blijft wachten op de terugkomst van Theo. Als uiteindelijk Theo zich weer bij ons voegt lopen we terug naar het dorpje. HortaMoe, maar voldaan klimmen we het dek van de Nirvana op. Op de afgesproken tijd maken we contact met de Celadon die nog heel alleen ergens op de oceaan vaart. Hij heeft eerst nog het plan het eiland Flores aan te doen omdat het verhaal de ronde doet dat de mensen daar erg gastvrij zijn, maar besluit nu toch direct naar Horta te varen. Hans heeft de laatste dagen geen contact meer met de Gumbah gehad. Het is dus onbekend waar zij zich nu bevinden.

Na het weekend en de vele feestdagen hier op Faial kunnen we aan onze verstaging gaan werken. De enige watersportwinkel hier heeft het op erg druk nu steeds meer schepen hier binnenlopen. De medewerkers zijn erg vriendelijk en schenken aan elke klant de nodige aandacht. Ze hebben echter geen mogelijkheid nieuwe verstaging te maken. Wel bestaat de mogelijkheid met Sta-Loc terminals de verstaging aan te passen. Helaas zijn de onderdelen niet op de Azoren en moeten in Engeland besteld worden en via Lissabon vervolgens naar de Azoren gevlogen. David van de winkel moet dan naar het vliegveld gaan om de onderdelen door de douane te loodsen. We moeten dus geduld hebben. En dat valt ons niet zwaar hier op Horta. We komen tijd te kort. De schildering op de muur van 7 jaar geleden moet nog aangevuld worden met een teken dat we ook nu weer veilig zijn aangekomen.

De muurschildering van de twee Nirvana's

De bezoekjes aan de vele restaurantjes en aan het internetcafé en niet te vergeten de voorbereiding van de gezamenlijke etentjes met de andere zeilers doen de dagen voorbij vliegen. De ene dag een wandeling met elkaar over het eiland de volgende dag duiken we bij de Malo de motorruimte in om de generator te onderzoeken. De dagen rijgen zich aan elkaar en we genieten van onze laatste vrijheid. Misschien is dit laatste de diepere achtergrond dat er 's avonds spontaan gezamenlijke maaltijden worden klaargemaakt. Dit is immers de laatste stop voordat we weer in het drukke snelle leven zullen duiken.

De Gumbah en de Celadon lopen binnen

De marifoon staat gedurende de dag uit, maar op geregelde tijden roepen we op het afgesproken kanaal 77 de Gumbah op. En ja hoor, we krijgen antwoord. De Gumbah heeft ons gehoord en varen onder de kust van Faial richting Horta. We maken het bekend bij de andere zeilers en de ontvangst wordt voorbereid. Ferry en Carla zijn veilig binnen. Een paar dagen later komt de Celadon in zicht van de havenmond. We zijn compleet. Alle schepen die gelijktijdig St. Maarten verlieten zijn nu veilig binnen. Het feest is nu compleet. Ik weet niet wat de bemanningen van de overige schepen in de haven van Horta denken over de verrichtingen van de Hollanders, maar elke dag gebeurt er wel wat. Overdag helpen we elkaar de mankementen op te lossen en na gedane arbeid maken we samen, ondanks de regen, de kade onveilig met barbecues. We zijn het er met ons allen over eens: 'zeilers een prima volkje!'

De stagen worden aangepast

Het duizelt ons van de adviezen en de raadgevingen over onze verstaging. Er zijn twee onderwanten die zichtbaar mankementen vertonen. Eén stag heeft een noodverband en was negen jaar oud en één stag was slecht één jaar oud die we door een reserve op de oceaan hebben vervangen. Direct nadat we aangekomen waren stapte Robert aam boord die vele jaren tuiger was voor Etap in België. Hij bestudeert de wijze waarop de terminals aan de stagen zijn gewalst. Hij concludeert dat de walsen netjes zijn gemaakt, zowel de originele van Seldén als de nieuwe van onze tuiger Hans Jansen. Mooi recht en gelijkmatig. Wel verbaast hij zich over het aantal keren dat er geperst is. De terminals zijn slechts één keer door de wals gegaan. Hij perste altijd twee keer waardoor een ronde persing ontstaat. Alleen bij de terminals aan de zeerailing perste hij slechts één keer. HulpconstructieMaar hij denkt niet dat dit de oorzaak van de breuken is. De spanning op de verstaging is correct en de mast staat er mooi recht op. Hij adviseert wel de spanners van een toggle te voorzien om eventuele buiging van het stag ter plaatse van de overgang naar de persing te voorkomen. We bespreken de mogelijkheid om over te gaan op Sta-Loc terminals . Dit zijn terminals waarbij er niet met een wals geperst wordt, maar het stag geklemd wordt. Oceaanzeilers die vele jaren onderweg zijn kiezen vaak voor deze constructie omdat je dan zelf eventueel de verstaging kan vernieuwen. Ook zijn er zeilers die menen dat de levensduur van deze constructie langer is doordat het stag ter plaatse van de overgang van de terminal niet vervormd wordt door het onder hoge druk persen. We vragen waarom dat niet veel vaker wordt toegepast. Robert weet maar één antwoord: 'dat kost veel meer frankjes'. We besluiten alle onderwanten te repareren met verlengde Sta-Lok terminals. Door deze verlengde constructie is het mogelijk de bestaande terminal er af te knippen en te vervangen door een Sta-Lok terminal die deze verloren afstand overbrugt. Bij het demonteren van de onderwanten blijkt dat er een derde onderwant ook is gebroken! We inspecteren zeer nauwkeurig de haakterminals aan de bovenzijde van de verstaging, maar zien daar nog geen tekenen van breuk.

De tijd verstrijkt te snel

Het wachten op de Sta-loc terminals duurt lang. Elke dag wandelen 's morgens naar het winkeltje die bestelling in Engeland heeft geplaatst. De eigenaar vindt dat het ook lang duurt en we krijgen, als doekje tegen het bloeden, groente uit eigen tuin. Het wachten wordt hierdoor bijna een feest. We doen wat klusjes aan de boot en de dagen vliegen voorbij. Hans helpt Jeroen van de Malo met een revisie van de generator. Gereedschap voor het slijpen van de kleppen worden geleend bij het winkeltje en via e-mail worden in Nederland onderdelen besteld. Deze worden weer meegenomen door bemanningen die voor de laatste etappe binnen vliegen. Alle schepen komen zo weer in topconditie. Hans van de Celadon in actie op de Malo De Maybe en de Malo zullen naar Portugal vertrekken. Jeroen en Carolien van de Malo zullen in Portugal een nieuwe start gaan maken en denken zich daar definitief te gaan vestigen. De anderen zullen weer terug gaan naar Nederland. Bij het gezelschap voegen zich steeds meer Nederlandse schepen. Zo lopen Hans en Marjan van de Olle-P binnen na een reis rond de wereld en de Anna Carolina met Janneke en Wietze. Zij voegen zich direct bij de Azorenfamilie en nemen al snel deel aan alle activiteiten die ter plaatse worden georganiseerd. Hans van de Olle-P praat honderd uit over al zijn zeilervaringen. Dat kan ook niet anders na een oversteek rechtstreeks vanaf de Kaap Verden. Marjan is veel huieslijker, zij geniet duidelijk van het havengebeuren en is blij dat hun reis zijn einde nadert. Zij is opgegroeid in Zierikzee, maar heeft daar geen zeebenen van meegekregen; ze is vrijwel de hele reis zeeziek!

Horta - Falmouth

Als eerste vertrekt Lotje Twee naar Falmouth. We wensen ze goede reis. We maken nu ook plannen voor het onafwendbare vertrek. De planning van het tijdstip van vertrek verloopt wat moeizaam, zodat we besluiten niet allemaal op hetzelfde moment te vertrekken. Wij vertrekken samen met de Sophia gevolgd door de Gumbah en de Celadon met de Anna Carolina. De Malo vertrekt daarna naar Lagos in Portugal. We spreken weer af met elkaar in verbinding te blijven met via de SSB-radio. Waar zouden we zijn zonder radio? Zo komt de dag dat we samen de boordvoorraad aanvullen, diesel en water innemen en van elkaar afscheid nemen. Op 27 juni gaan de zeilen omhoog voor de laatste etappe. Het weer is wel wat onbestendig en we zullen onder invloed van een krachtig lagedruk gebied naar Zuid-Engeland varen.

Vertrek Faial

Zicht op FaialDe gebruikelijke activiteiten ontplooien zich nu op de Nirvana. Laatste boodschappen ophalen, de boel aanboord ombouwen van caravan tot jacht. De weerkaartjes bestuderen, truien kopen bij Café Sport als souvenir, tanken, afscheid nemen, douane bezoeken... en ja hoor, daar gaan we. Weer lekker onwennig varen we richting de havenmond, zwaaien naar de achterblijvers. De laatste grote etappe ligt voor ons. Het lijkt erop dat we een behoorlijk snelle overtocht zullen hebben met het weerbeeld in het vooruitzicht.

 Azoren Falmouth weerkaartje (vertrek Horta)

De posities van de schepen worden nauwlettend in de gaten gehouden. Wij varen met de Sophia aan kop, de Gumbah en de Celadon met de Anna Carolina varen op een dag afstand en de Olle-P vaart op een afstand van vier dagen achter ons, maar deze komt snel naderbij.

Het is opvallend dat de Sophia gedurende de hele oversteek dicht bij ons blijft. De SophiaAllebei varen we exact even snel. De Sophia is een aluminium Koopmans van ongeveer onze maat. Zonder dat we moeite doen bij elkaar te blijven zeilen we in het zicht van elkaar. 's Avonds wijzigen we iets onze koers om wat verder uit elkaar te varen. Gedurende de wisselingen van de wacht hebben we even contact via de marifoon met elkaar. De Celadon (Koopmans) heeft via de meteoroloog Herb uit Canada vernomen dat de depressie uitdiept en besluit zijn koers te verleggen richting N-Spanje. weerbeeld bij aankomst Falmouth

Wij zien niets in die ontsnappingsmanoeuvre. De wind blijft uit de Westhoek en we hebben genoeg reserve om nog wat meer wind op te vangen. Ook de Sophia besluit gewoon door te gaan. Onze weerkaartjes van Bracknell laten zien dat het wel zal meevallen met de uitdieping van de depressie.

Weer een stag gebroken

Toch hebben we weer pech met de verstaging. Nu moet een stag van het hoofdwant eraan geloven. Gelukkig zijn we nu bedreven in het maken van een noodverbinding en varen door, zei het iets voorzichtiger.Nirvana gezien vanaf de Sophia Toch raar dat het hoofdwant breekt. De onderwanten hebben duidelijk meer te verduren dan het hoofdwant. Ondertussen pieker ik me suf wat de oorzaak toch kan zijn. Dit is al stag nummer vier die het begeeft!

Na 8 dagen zien we de kust van Zuid-Engeland weer terug. We lopen een uur later als de Sophia Falmouth binnen en worden door de bemanning van "Lotje Twee" welkom geheten. Lotje Twee is aan een ramp ontsnapt. Vlak voordat ze de haven van Falmouth binnenliepen ontstond er 's nachts brand aan boord bij het achterschip. De twee kinderen, Martijn en Bart-Jan lagen te slapen toen Machiel en Liselotte de brand ontdekten. De verlichting viel uit en Machiel zocht met een zaklantaarn waar de brandhaard precies zat. Dan slaat Murphie toe. De zaklantaarn van het type "oplaadbaar" blijft niet lang branden. In het donker wordt de brandblusser gepakt. Maar die blijkt het niet te doen. Gelukkig is er nog een tweede aan boord en wordt de brand in het achterschip toch nog op tijd geblust. De kinderen hebben van dit voorval niets gemerkt.

Wachten op de anderen

Evert-Jan en ik hebben elkaar beloofd dat we voor de nog zeilende schepen op de Golf van Biskaje een scheepsweerbericht zullen maken. Elke ochtend loopt of Evert-Jan, of Gerrit verdwaasd en slaperig over de steiger opweg naar de Nirvana of de Sophia. Hoewel het ook wel gebeurt dat we elkaar ergens op steiger tegenkomen. Het valt dan ook niet mee zo 's morgens nog te weten wat we de vorige avond hadden afgesproken. We ontvangen enkele weerkaartjes en zetten die om in een gesproken weersverwachting. Op de afgesproken tijd en frequentie zenden we die verwachting dan uit naar de achtergebleven schepen. De bemanning van de Celadon neemt onze weersverwachting niet te serieus en blijft geloven in de voorspellingen van Herb. Hierdoor varen zij nog ergens op de Golf als de anderen al veilig zijn binnengelopen. Als er zich weer een depressie aankondigt vinden we het welletjes en raden de bemanning van de Celadon met klem aan nu toch echt rechtstreeks naar Falmouth te varen.

De Hollanders veilig in falmouth

Ze luisteren nu en we zien ze enkele dagen later, zij het met wat schade aan de zeerailing toch binnenlopen. De schade aan de zeerailing is het gevolg van de spatzeiltjes die tussen de railingdraden zijn gespannen. Eigenlijk zijn die zeiltjes ondingen op een schip op groot water. Bij een flinke golf komt er zoveel druk in die zeiltjes dat je niet raar moet kijken dat niet alleen de zeiltjes losscheuren maar dat ook enkele scepters uit het dek worden getrokken. Maar ondanks dat zijn we allemaal heelhuids binnengelopen en het feest kan starten, zeker als we even later vernemen dat de Anna Carolina ook veilig en wel in Plymouth is binnen gelopen.

Wij vervangen onze gebroken stag. De tuiger van Seldén-masten in Falmouth komt ook nog even langs en komt direct tot de conclusie dat het moet liggen aan het gemis van toggles. Het toeval wil dat naast ons een splinter nieuw schip ligt uit Zweden met ook een Seldén-mast. Ook hier zijn geen toggles geplaatst nabij het dek. De schipper van de nieuwe boot overweegt of hij ze moet laten monteren, maar gelooft uiteindelijk toch niet dat de oorzaak van de problemen met onze verstaging alleen aan het gemis van toggles is te wijten. Ook ik twijfel nog of dat de echte oorzaak is, want de terminal heeft twee vorken, een boven en een onder, waardoor de terminal eigenlijk als een soort toggle werkt.

We blijven ruim een week in Falmouth, voordat voor de laatste keer op vreemd grondgebied de touwen worden losgemaakt. Het is een vreemd gevoel, dat over slechts enkele dagen we weer in Nederland zullen zijn. Op 15 juli is de vertrekdag. We starten de motor om naar de bark van Falmouth Industry te gaan om rode diesel te tanken. Helaas blijkt er een touw in de schroef te zitten, zodat ik nog even in het water moet. In een duik is het touw uit de schroef gesneden. Niets kan ons meer tegenhouden. (helaas!)

Ons Oceaanlied

Tijdens de oversteek van Horta naar Falmouth horen we niet veel van de Gumbah. Zij hebben immers geen SSB-radio aan boord. Maar in Falmouth blijkt dat Carla en Ferry niet stil hebben gezeten. Een heus Oceaanlied hebben ze gedicht. We zullen het nog vaak zingen op onze reunies.


REFREIN: Ik kan je echt niet nemen, we gaan staande bij,
Je zit op m'n kaartentafel, roger roger riepen zij,
Nu over op de roll call, is alles oke aan boord,
Ik krijg je niet te pakken want de zender is gestoord,
Met dit leuke netje is zeilen echt niet saai,
...** aan de kant,
De groetjes en bye bye, zwaai zwaai.

** naam van bijbehorende boot

Op de Flying Chaos zitten Irma en Raoul,
Na motorpech heel snel op weg, naar hun laatste doel,
Zelfs na dit jaartje samen de relatie nog niet stuk
In volle vaart naar Nederland, voor hun huweluk.

Helaas de Maybe hebben we niet meer gezien,
Vertrokken vlot uit Horta, met grote haast misschien,
Jodi en Theo, een heel bijzonder paar,
Kunnen samen nog door een deur, ja t'is raar maar waar.

Machiel en Liselotte op de Lotje Twee,
Een gaatje in de romp, ach daar zitten ze niet mee,
Vertrokken dagen eerder naar 't verre Engeland,
Martijn en ook Bart-Jan ze hielpen bij de kabelbrand.

Anna Caroline, dat is de kleinste boot,
Met Janneke en Wietze nu aan het einde van de vloot,
Ze gingen weg uit Horta, een blok kwam uit de mast,
Toen kwamen ze terug en zijn hun plannen aangepast.

En daar heb je Gumbah, een hele stoere boot,
Hij is gemaakt van staal en de kleur die is knalrood,
Dat is wel wat opvallend, die zien ze zeker wel,
Aan boord Carla en Ferry, een eigenaardig stel.

Nirvana met Gerrit en Marian aan boord,
Op de SSB is hij als Pelleboer aan 't woord,
Marian zorgt voor het eten en souffleert 't gaat perfect,
Behalve bij de nasi dat was Gerrit z'n project.

Dan de Sophia met Paulien en Evert-Jan,
Pieter en Michiel, die genieten er wel van,
Samen met Nirvana de laatste oversteek,
En ben je halverwege krijg je chocoladecake.

En vanaf Horta gingen er nog twee,
Hans en Marian, van de Olle-P.,
Marjan was even zeeziek en voelde zich niet puik,
Ook Hans was niet zo lekker met dat scheurtje in z'n buik.

Dan heb je Hans en Theo, op de Celadon,
Hans was leider van het netje, en kletsen dat 'ie kon,
Samen 119, ze hadden heel veel lol,
Dat kwam vast niet van het bier want dat was zonder alcohol.

Zeilend op de Malo, Jeroen en Carolien,
Ja dat zijn de ouders van Maxime en Bodine,
King zorgt voor contacten, Jeroen zit onder 't smeer,
Is het ene ding gemaakt dan doet iets anders het niet meer.


 

Falmouth - Vlissingen

De zeilen kunnen we wel vergeten. De wind is op. We motoren vrijwel de gehele route naar Vlissingen. Wat een gedoe. We varen op met de Gumbah. Zij varen door naar hun thuishaven in Hellevoetsluis. We hebben een afspraak gemaakt met onze vrienden Arie, Ingrid en Carina, die ons opwachten met hun Hallberg Rassy 29 in de haven van Vlissingen. We maken met de GSM om 04.00 uur contact met ze dat we dreigen aan te komen en vragen ze of er een plekje voor ons is.  Het blijkt er zeer vol te zijn. Maar ik ben natuurlijk eigenwijs en zet toch door naar de buitenhaven. Het is er werkelijk propvol. Er is nauwelijks plaats. Gelukkig zijn er een paar vroegerikken die met het tij naar buiten willen en komt er wat ruimte. Het is 18 juli 2000. Voor het eerst in het nieuwe millennium zetten we vaste voet aan wal in Nederland. De reis zit erop. Het is nauwelijks te beseffen, we zijn er beduusd van. Het zit erop, het zit erop.

TERUG NAAR STARTPAGINA

Foto van Marian Volg de reis van Marian en Gerrit Broertjes die zij maakten van 1999 tot 2000.


Lees de nieuwsbrieven
Foto van Gerrit Aanpassingen aan de Nirvana

Van Rotterdam tot Portugal

Van Portugal naar Lanzarote

Van Lanzarote naar Kaap Verden

Van Kaap Verden naar Suriname

Suriname houdt ons gevangen (I)

Suriname houdt ons gevangen (II)

Op herhaling bij de Caribische eilanden

Terugreis St. Maarten naar Azoren

Azoren-Falmouth-Vlissingen

Gebroken verstaging