Home - NZG/NSO - Mar.Mamm.Database - Atlantic Seabirds - NIOZ home - NZG/CvZ - CSR Consultancy - Ardea

 

 

(1) Zeevogels

 

Zeevogels zijn watervogels die alleen op het land komen om daar te broeden, maar die verder helemaal van de zee afhankelijk zijn. De open zee is hun domein, waar zij foerageren, slapen, ruien, in veel gevallen ook baltsen en soms zelfs paren. Er bestaat geen harde definitie van het begrip zeevogel, volgens Van Dale "Een zwemvogel die op zee thuishoort." Sommigen rekenen alleen soorten van de open oceanen, zoals albatrossen, stormvogels en alkachtigen tot deze categorie, anderen voegen daaraan bijvoorbeeld ook zeeduikers en zee-eenden toe. In een ondiepe randzee zoals de Noordzee zijn er voldoende redenen om ook de kustgebonden watervogels zoals zeeduikers, futen, de Eidereend Somateria mollissima en zee-eenden onder de zeevogels te rangschikken.

Vaal Stormvogeltje Oceanodroma leucorhoa

(C.J. Camphuysen)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Jonge Reuzenalbatros Diomedea exulans

(C.J. Camphuysen)

 

De menselijke perceptie van het fenomeen zeevogel verschilt nogal. Zo zal de grootstedeling bij een strandbezoek de zilte zeelucht opsnuiven en het gekakel van een meeuw op het dak van een patattent beschouwen als een echt zeegeluid. Voor zeelieden is de roep van diezelfde meeuw echter een duidelijk signaal dat er binnenkort wel land in zicht zal zijn.

In lichaamsgewicht lopen zeevogels uiteen van enkele tientallen grammen (stormvogeltjes, franjepoten) tot vijf kilo of meer (albatrossen). De meer dan drie meter spanwijdte van de grotere albatrossen is legendarisch, evenals de tienduizenden kilometers die een trekvogel zoals de Noordse Stern Sterna paradisaea overbrugt tussen broed- en overwinteringsgebieden. Minstens zo bijzonder, maar veel minder bekend, is dat de meeste pinguïns en alkachtigen meer dan honderd meter diep kunnen duiken en dat tal van soorten meer dan 40 of 50 jaar oud kunnen worden. Veel zeevogels zijn langlevende en traag reproducerende vogels, die op hoge leeftijd voor het eerst tot broeden komen en per seizoen maar één of twee eieren leggen. Sommige soorten broeden niet eens jaarlijks.

 

Verder

 

Terug naar homepage

 

Algemene informatie over zeevogels:

 

Bourne W.R.P. & Camphuysen C.J. 2000. Seabirds. Chapter 114, In: Sheppard C. (ed.) Seas at the Millenium, an environmental evaluation: 105-116. Elsevier, Amsterdam.

Croxall J.P. (ed.) 1987. Seabirds: feeding ecology and role in marine ecosystems. Cambridge Univ. Press, Cambridge.

Croxall J.P. (ed.) 1991. Seabird Status and Conservation: A Supplement. Techn Publ. No. 11, ICBP, Cambridge.

Croxall J.P., Evans P.G.H. & Schreiber R.W. 1984. Status and Conservation of the World's Seabirds. Techn Publ. No. 2, ICBP, Cambridge.

Furness R.W. & Monaghan P. 1987. Seabird Ecology. Blackie Glasgow.

Schreiber E.A. & J. Burger 2002. Biology of Marine Birds. CRC Press, Boca Raton.