Schema voor een individuele bridgewedstrijd met 13 spelers

Omdat voor een prettig spelverloop op elke tafel twee spellen zouden moeten liggen, is het oorspronkelijke schema, waarbij twee spellen rond ronde worden gespeeld, niet uitvoerbaar zonder "voorsorteren". Voorsorteren zou betekenen dat een drievoud van de 26 spellen nodig is. Als u niet wilt of kunt voorsorteren kunt u de wedstrijd in drie zittingen opsplitsen. De ronden 1 t/m 5 vormen dan de eerste zitting. De ronden 6 t/m 9 vormen de tweede zitting en de ronden 10 t/m 13 de derde zitting. Elke ronde worden dan zes spellen gespeeld.
De spelers nummert u van 1 t/m 13. In elke ronde is één speler vrij. Het nummer van deze speler staat in de kolom onder "vrij".

 
ronde
spellen
tafel 1
tafel 2
tafel 3
vrij
1
1-2
13
4
6
 3  12 
11 
 1
10 
 8 
9
2
3-4
1
5
7
 4  13
12 
2
11 
10
3
5-6
2

8
  5 
13 
 3
12 
10 
11
4
7-8
3

 9
 6  2
 1 
 4
13  10
11 
12
5
9-10
4
8
 10
 7  3
  2 
5
 1  11
12 
13
6
11-12
5
10 
11
 8 
 3 
6
 2  12
13 
1
7
13-14
6
11  10
12
5
 4 
7
 3  13
2
8
15-16
7
12  11
13
10 
 5 
8
1
3
9
17-18
8
13  12
10 
1
11 
9
2
4
10
19-20
9
  1  13
11 
2
12 
10
3
 4 
5
11
21-22
10
 2  1
12 
3
 13 
11
4
 5 
6
12
23-24
11
 3  2
13 
4
 1  10
12
5
 6 
7
13
25-26
12
 4  3
 1 
5
 2  11
10 
13
6
 7 
8
 
Druk dit schema driemaal af en leg een exemplaar op elk van de drie tafel. Gidsbriefjes zijn dan niet nodig. Aan het einde van elke ronde kijken de spelers op het schema om te zien op welke plaats zij de volgende ronde spelen.
Aan de drie tafels worden elke ronde dezelfde spellen gespeeld. De spellen moeten doorgegeven worden aan de volgende tafel.
Gebruik bij voorkeur spellen die eerder zijn gespeeld en waarvan een frekwentiestaat beschikbaar is. De spelers houden hun eigen score bij. Noord en Zuid noteren aan de hand van de frekwentiestaten de MP's van NZ en Oost en West noteren de MP's van OW.