Homepage
 
 
     
 
Ervaringsgericht Onderwijs
   
 
 
 
   
 
   
   
   
   
   
   
   
   
   
 
Stuur een e-mail naar juf Debbie!
 
 
Home
   

Ervaringsgericht Onderwijs

Betrokkenheidverhogende factoren en werkvormen
De uitgangspunten van Ervaringsgericht Onderwijs (EGO) zijn welbevinden, betrokkenheid en competentie van de kinderen.

Het EGO onderscheidt vijf factoren die invloed zijn op de betrokkenheid: betrokkenheidverhogende factoren. Deze factoren zijn: sfeer en relatie, aanpassing aan het niveau, werkelijkheidsnabijheid, activiteit en eigen leerlingeninitiatief.

Het EGO streeft ernaar om door deze factoren in de praktijk mee te laten wegen, een ontwikkeling te bewerkstelligen van gesloten naar meer open onderwijs.

De praktijkchecklist van het Expertisecentrum EGO Nederland benoemt criteria waaraan de kwaliteit van de vijf factoren kan worden getoetst. (Afkomstig van www.ervaringsgerichtonderwijs.nl)

Het EGO onderscheidt daarnaast vijf werkvormen waarbinnen het onderwijs vorm krijgt: kring/ forum, contractwerk, projectwerk, atelierwerk en vrije keuzeactiviteiten.

De factoren kunnen worden gehanteerd binnen alle werkvormen, echter iedere factor kan worden gekoppeld aan één werkvorm waarbinnen de invloed het duidelijkst kan worden gevoeld. Onderstaand volgt een korte beschrijving van elk van deze factoren, gekoppeld aan de werkvorm waarin deze factor het méést tot zijn recht komt.

Kring (sfeer en relatie)...
is een moment waarop de groep (of delen ervan) samenkomt met het oog op uitwisseling van gedachten en ervaringen. We onderscheiden twee functies: ontmoetingsplaats zijn en dienen voor plannings- en evaluatiedoeleinden.

Contractwerk (aanpassing aan het niveau)...
is een organisatievorm waarbij voor iedere individuele leerling een activiteitenpakket voor een bepaalde periode formeel wordt vastgelegd. Voor de afwerking van het pakket krijgt de leerling een bepaald deel van de klastijd (contractwerktijd) ter beschikking, waarbinnen hij relatief zelfstandig over de duur én de volgorde van de onderscheiden activiteiten kan beslissen.

Projectwerk (werkelijkheidsnabijheid)...
is een aaneenschakeling van gemotiveerde activiteit van leerlingen, gericht op de exploratie van een stuk realiteit.

Atelier (activiteit)...
is een aparte tijdsperiode (halve dag), waarbij de leerlingen de keuze hebben uit een aanbod van activiteiten die een bijzondere begeleiding, bijzondere materialen, een bijzondere ruimte veronderstellen. Bij deze activiteit ligt de nadruk op het doen, het handelen, het actief bezig zijn.

Vrije keuze (leerlingeninitiatief)...
is een organisatievorm waarin leerlingen uit een relatief ruim en op hun behoeften afgestemd aanbod kunnen kiezen , waarbij zo weinig mogelijk beperkingen zijn.

 

 

Bovenstaande informatie is afkomstig uit de theorie behorende bij
de verschillende modulen van de post-Hbo opleiding Ervaringsgericht Onderwijs, verzorgd door Expertisecentrum EGO Nederland, Fontys
Hogescholen Pabo Eindhoven en gebruikt op Pabo Groenewoud Nijmegen
in de specialisatiemodulen verzorgd door Trudy Kanters.