Onze reis
3. Noordereiland: Rotorua, Tongariro, omgeving Wellington

Culturele voorstelling van de Maori's
(Klik op de afbeelding om een filmpje af te spelen,
duurt enige tijd om te laden)

Vrijdag 5 december


Na een rit van 1,5 uur komen we in Whakatane aan, aan de Bay of Plenty. Helaas is het niet mogelijk die dag uit te varen, maar ze beloven ons terug te bellen voor de dag erop. Daarom gaan we vast naar onze volgende bestemming: Rotorua.
Het middengedeelte van het noordereiland is een van de actiefste vulkanische gebieden ter wereld en daar is heel wat van te zien. Rond Rotorua ligt een aantal ‘thermische parken’ met diverse spectaculaire dingen.
We gaan direct naar Whakarewarewa, een “Thermal Village” waar Maori’s wonen. Zij gebruiken de aardwarmte om te koken, wassen, baden, etc. Overal borrelt en bruist het en komt kokend water uit de grond. In het park is ook de grootste geiser van NZ: de Pohutu.
Tussendoor verzorgen de Maori’s een kleine culturele voorstelling.

Alles rookt en borrelt in het thermische Maori dorp

De Pohutu, de grootste geiser van Nieuw-Zeeland

Ondertussen krijgen we een telefoontje dat we ook de volgende dag niet kunnen uitvaren, dus besluiten we in Rotorua te blijven.
Een folder van het toeristenbureau brengt ons bij Gunther en Maria, die een prachtig huis hebben aan een meer in de omgeving. Gunther is arts en Maria verpleegster. Zij wonen hier 7 maanden en gaan dan 5 maanden naar Duitsland om geld te verdienen. Het huis is erg luxe: grote kamers, enorme badkamer met fitnessruimte, en gigantische veranda met uitzicht op het meer en een bubbelbad. We nemen een verkoelende duik in het meer.
(een aparte manier om Sinterklaas te vieren!)

Zaterdag 6 december


We bezoeken het thermale park Wai-o-Tapu. Het is zeer interessant: kokende modderpoelen, hete zwavelbronnen, groene en gele meertjes, overal is vulkanisme. We denken regelmatig aan onze vriendin Joos die het hier fantastisch zou vinden (zij heeft aardrijkskunde gestudeerd).

Wai-o Tapu: gaten in de grond met kokende poelen

Wai-o Tapu:

Zwavelkristallen op de rotsen

De middag is gereserveerd voor een wandeling op de Rainbow-berg. Dit is ook een oude vulkaan wat aan de gekleurde rotsen te zien is. Dory vindt een zeldzame baard-orchidee die alleen hier voor komt.
‘s Avonds gaan we naar een Maori-dorp aan dezelfde weg, waar we o.a. een hangi-maaltijd krijgen. Hierbij wordt het eten in een kuil met hete stenen begraven en als het eten gaar is weer opgegraven.

Verder krijgen we een culturele voorstelling met de bekende 'haka': de oorlogsdans.

In Roturua zelf, een vrij grote plaats, stinkt het voortdurend naar de zwavel. Zelfs op de plaatselijke golfbaan komt overal stoom uit de grond en Gunther vertelt dat er regelmatig tuinen ontploffen.

"Ontvangst" door een Maori krijger

Zondag 7 december


In de buurt van ons overnachtingsadres ligt het Buried Village, een museum over een dorp dat hier in 1886 door een vulkaanuitbarsting werd bedolven.We maken hier een kleine wandeling.

Daarna maken we een fascinerende rit door een aangelegd naaldbos, maar wel 60 km lang, waarbij we twee tegenliggers ontmoeten. De lucht is prachtig blauw.
We zoeken een orchideeënreservaat in de buurt van Taupo. Het kost moeite dat te vinden, het lukt pas na vragen aan een ‘ local’. Het reservaat is een onooglijk bosje Zwarte dennen, maar er groeien inderdaad veel orchideeën (allemaal aardorchideeën, net als in Europa).
Als we doorrijden valt de avond al in. Er is zo’n prachtige avondzon dat we zo snel mogelijk een motel aan het Taupo-meer opzoeken om daar met een fles wijn aan het water van de zonsondergang te genieten.

Avondzon over het Taupo-meer

Maandag 8 december


We maken een mooie rit naar het Tongariro nationaal park, met drie hoge en actieve vulkanen, waar ‘s winters op geskied kan worden (2600 m!). We willen graag de Tongariro crossing lopen, een van de mooiste dagwandelingen van NZ.
We zien de vulkanen al uit de verte. Hier zijn de Mordor-opnamen gemaakt van de Lord of the Rings en dat is wel te zien.
We maken aan het eind van de middag nog een mooie wandeling naar de Tanaki-watervallen. We slapen in een ‘chalet’ een berghut die van binnen erg stoffig is, maar wel met douche en toilet en uitzicht op de doom-berg.

Dinsdag 9 december


Helaas: het uitzicht is verdwenen! Het heeft de hele nacht geregend en er is nauwelijks zicht. Het water stroomt nog langs de hemel en de tocht gaat niet door. Een goede gelegenheid om de was te doen in het nabijgelegen hotel en de e-mail te lezen.

Woensdag 10 december


Het weer is nog onveranderd, dus we moeten de Tongariro crossing opgeven. We willen tenslotte door naar het zuiden. We kiezen wel de “ toeristische” route langs de Wanganui-rivier, de langste bevaarbare rivier van NZ. Je kunt hier fantastisch kanoën (o.a. tochten van 5 dagen), maar het water is nu te wild en te modderig. Toeristische route? Je komt echt geen mens tegen, je hebt de hele weg voor je zelf en er zijn schitterende kloven en bossen.
Richting Wellington stoppen we bij een strand om een luchtje te scheppen. Het is inmiddels droog. We hebben 20 km strand volledig voor ons zelf. We vinden ook hier prachtige schelpen waarvan we er heel wat meenemen.
Na over het strand gelopen te hebben proberen we rond te wandelen door de duinen, maar dat valt tegen. Er is geen pad en we moeten dwars doorsteken door natte stukken en weiden. We worden tot aan de liezen nat. Na eindelijk op een landweg gekomen te zijn krijgen we een lift aangeboden in de laadbak van een Kiwi (Nieuw-Zeelander) die ons naar de auto brengt. De mensen zijn hier allemaal ontzettend vriendelijk.
We vinden onderdak in een motel in Upper-Hut, een voorstad van Wellington.

Regenwolken langs de Wanganui-rivier

Cape Palliser

Donderdag 11 december


Een gouden dag! De omgeving van Wellington is onverwacht mooi en we besluiten een rondrit te maken naar Cape Palliser, het meest zuid-oostelijke puntje van het noordereiland. Het weer is volledig omgeslagen en het is een warme, zonnige dag.
De kustweg is fantastisch: ruig, met kliffen en bergen en uiteraard weer ontzettend leeg. Je hebt de weg voor jezelf. Er staat een hoge branding en er wordt gesurft (niet gewindsurft!).
Bij de Cape zit een kolonie pelsrobben, die we na enig zoeken ook vinden. We kunnen de dieren tot op enkele meters benaderen. Het zijn er tientallen, ook met jongen. Ook hier zijn we weer helemaal alleen, geen hekken, geen toegang, etc.: alleen maar natuur. We gaan het land steeds meer bewonderen. Dory vindt Paua-schelpen, die hier in de winkel liggen voor 40 NZ dollar (1 NZ$ is 55 eurocent). Dory verzamelt zoveel als ze kan dragen.
Aan het eind van de middag eten we in Martinborough, het centrum van een van de nieuwste wijngebieden van NZ. We zitten in de zon op het terrasje van een wijnbar annex eetcafé. We beginnen met een ‘flight of wine’ een selectie van 4 lokale wijnen. Het is erg warm in de zon en het is onvoorstelbaar dat het december is.

Pelsrob

Wijn proeven in Martinborough