Onze reis
5. Zuidereiland: Milford track

vervolg 18 december

Weer aan wal rijden we naar de punt met de robbenkolonie om te ontbijten in de zon. (daar waren we nog niet aan toegekomen). Bovendien moeten we de ervaringen nog even verwerken. Om een uur of half drie maken we ons op om naar de volgende bestemming te gaan. We gaan nu de bergen in (Nieuw-Zeelandse Alpen). Het landschap verandert voortdurend: eerst de droge gebieden aan de oostkust met veel wijngaarden, daarna steeds hoger. Mooie rotsformaties, bergrivieren met bloeiende lupines en bergbossen. We rijden over Arthur's Pass de bergen over naar de westkust. In Arthur's pass overnachten we op een 'camping': een open plek langs een rangeerterrein (er komen 's nachts ook treinen langs) met nauwelijks voorzieningen. De kosten (ca 5 euro) moet je in een envelop in een gleuf deponeren. Als we onze maaltijd buiten opgegeten hebben zien we ineens een grote grijs/groene papegaai naast onze tafel: een Kea! Deze bergpapegaaien komen alleen in de bergen van het Zuidereiland voor en zijn beschermd. Ze zijn erg brutaal: als je iets buiten laat staan wordt het geheid gesloopt. Ze eten ook rubbers van autoruiten. In het wintersportseizoen kun je anti-Kea netten kopen om over je auto te gooien..

Een Kea naast onze camper

vrijdag 19 december

We staan vroeg op en al om 9 uur maken we een kleine wandeling door een prachtig bergbos. Een uurtje later wandelen we nog door een stukje met mooie alpenplanten. Eigenlijk voor het eerst zien we veel inheemse planten bij elkaar, want Nieuw-Zeeland is op zich arm aan bloeiende planten. Bomen, varens, mossen, e.d. zijn er in overvloed. Als we met de camper afdalen naar de kust komen we in de regen terecht.
Dat is niet onverwacht, want de westkust staat bekend om de grote hoeveelheid regen. Jammer is het wel, want we missen nu het uitzicht op de Alpen, met de hoogste berg: de Mt. Cook en een aantal gletschers. We maken nog wel een uitstapje naar de Fox gletscher. Je kunt tot aan de voet wandelen, een grote ijswand. Er is hier veel toerisme, ook fietsers. De grootste attractie is een vlucht met de helicopter of een vliegtuigje naar de gletschers en er zijn tientallen boekingsbureaus. We rijden de westkust een stuk naar beneden tot aan het begin van de volgende pas: de Haast pas. We vinden een leuke, rustige camping aan de kust in het plaatsje Haast Beach. Voordat het donker wordt maken we nog een mooie wandeling door een getijdenbos. Omdat er veel sandflies zijn gaan we vroeg naar bed.

Het landschap tussen Queenstown en Te Anau

Zaterdag 20 december

's Nachts is het weer gaan regenen en dit gaat 's ochtends door. We hebben van Nederlanders een tip gekregen dat het gebied onder Haast erg mooi is. We rijden eerst 23 km over een onverharde weg door een fantastisch regenwoud. Het wordt steeds woester en leger.
Er zijn prachtige uitzichten op een woeste rivier die op zee uitkomt.
Er moeten mooie rode rotsen zijn, waar door het ijzer- en mangaangehaIte niets op wil groeien. Helaas stroomt de regen zo hard dat we nauwelijks zicht hebben en de weg totaal ongeschikt wordt om met de camper door te gaan. We keren dus om en rijden de Haast pas over. Het is weer een hele mooie tocht. We komen in de zuidelijke merengebieden, een van de mooiste streken van Nieuw-Zeeland. Het weer klaart langzaam wat op. Van Wanaka maken we een hele mooie doorsteek naar Queenstown. Vandaar rijden we naar Te Anau, onze bestemming. Te Anau is een gezellig, redelijk toeristisch plaatsje en we vinden een plaatsje op een rustige camping, 2 km buiten het dorp, met uitzicht op het meer van Te Anau. Als we gaan slapen merken we dat onze bedden door de vele regen nat zijn geworden (dat was vast een voorproefje..)

Zondag 21 december

Vandaag is de begindag van onze trektocht: de bekende Milford track. Een tocht van 54 km door de bergen van het Fiordland. We slapen drie nachten in berghutten en moeten zelf al het eten, drinken en pannen meenemen. Er zijn alleen gasbranders aanwezig. Tevens moet je onderweg voldoende drinkwater hebben. Hiervoor hebben we een speciale fles gekocht met waterfilter, zodat je het water van de bergbeken kunt drinken. In de supermarkt slaan we brood, mueslirepen, bananen, chocola en gevriesdroogde maaltijden in. Dit wordt meer gedaan want de winkel is er in gespecialiseerd. Daarna melden we ons bij het bezoekerscentrum in Te Anau om onze tickets op te halen. Er is veel belangstelling voor de tocht, dus wij hebben in juli al geboekt. We vragen ook nog naar het weerbericht want we lopen door een van de natste gebieden ter wereld: meer dan 8 meter regen per jaar. Het ziet er de eerste twee dagen goed uit, daarna gaat het regenen... Om 1 uur stappen we op de bus naar Te Anau Downs en van daaruit gaan we met de boot naar het beginpunt, dat alleen vanaf het water te bereiken is. De boottocht over het meer duurt twee uur.
De eerste dag hoeven we maar 5 kilometer te lopen, maar het is een prachtig bos met orchideeën en moerassen. Bovendien is het redelijk weer geworden.

De boot brengt ons over het meer van Te Anau naar het begin van de track.

Aangekomen bij de hut blijkt deze in een moerasgebied te staan met grote hoeveelheden sandflies. Buiten zitten is dan ook geen pretje. De slaapzalen zijn zo vol gesmeerd met insecticide dat Dory er opgezwollen ogen van krijgt. We koken onze instant-maaltijd te midden van de andere trackers. Het is onvoorstelbaar wat sommigen aan eten meegenomen hebben: er wordt een taart 'gebakken' en een Chinees maakt er bijna een rijsttafel van. Je moet het wel allemaal zelf meesjouwen. Ook al je afval moet je zelf weer meenemen, want op de hele track mag niets achterblijven. Die nacht wordt het heel helder en vreselijk koud... We hebben, in tegenstelling tot de meeste anderen, geen slaapzakken bij ons maar lakenzakken en fleece-dekentjes. Meestal zijn in berghutten wel dekens aanwezig, maar hier dus niet. We sterven het bijna af en kleden ons gedurende de nacht steeds verder aan. De overige nachten zijn we lekker bij elkaar gekropen met de matrassen op de grond. Als Ed er 's nachts uit gaat om te plassen is er een fantastische sterrenhemel met de zuidelijke sterrenbeelden die bij ons niet te zien zijn, zoals het Zuiderkruis. Ook de Grote en Kleine Magelhaense wolken zijn goed met het blote oog te zien. Dit zijn satellietstelsels van onze eigen melkweg.

De eerste berghut ligt in een prachtig gebied met moerassen, bossen, ...
én sandflies

Maandag 22 december

Verkleumd staan we op en we warmen ons bij de eerste zonnestralen op. We krijgen gezelschap van een Kea die gezellig bij Dory aan tafel komt. Na het ontbijt gaan we op pad. Het is een mooie zonnige dag met een strakblauwe lucht: korte broeken en t-shirts aan! Het is een makkelijk stuk wandeling langs de Clinton-rivier met veel mooie planten, meren en watervallen. We komen langs een aantal open plekken die ontstaan zijn door lawines. Het gebied is erg lawinegevoelig en we zien ook grote stukken sneeuw liggen die naar beneden gevallen zijn. Het laatste stuk naar de hut maken we nog een aardige klim. Moe (16 km.) maar voldaan komen we in de volgende hut waar we nog een uurtje van de zon genieten. Als om half elf het licht uit gaat komen de Kea's (die dit blijkbaar weten) om te kijken of er nog wat te slopen valt.

Dinsdag 23 december

Helaas was het weerbericht juist: het is 's nachts begonnen met regenen en zal de eerste dagen niet meer ophouden. Dat komt slecht uit, want dit is de zwaarste dag. We klimmen eerst steil door het bos omhoog. Soms moeten we vanwege instortingen langs touwen dwars door het bos klimmen. Zodra we boven de boomgrens komen worden we overvallen door een harde wind. We moeten een bergzadel over op 1150 meter. We worden bijna van het pad geblazen door enorme, koude windstoten. Ondertussen zijn we ook tot op de draad toe nat.
Op het hoogste punt is een schuilhut, waar we naar binnen strompelen. Daar zit iedereen te kleumen en zijn natte sokken uit te wringen. Gelukkig is er een gasbrander, zodat we een warme kop soep kunnen maken. Het uitzicht is hier prachtig, maar dat hebben we alleen van horen zeggen. Na enigszins bijgekomen te zijn gaan we weer op pad. We gaan nu alleen nog naar beneden. Het eerste stuk is nog open en dus ook winderig. Na een paar uur gaan we de bossen weer in en is het alleen maar nat. We komen langs prachtige watervallen, sprookjesbossen en krijgen bezoek van Kea's. We proberen daar allemaal nog zo veel mogelijk van te genieten. Zijknat komen we in de hut waar een houtvuurtje brandt. Iedereen probeert een plekje dicht bij de kachel te vinden om schoenen en kleren te drogen.

Woensdag 24 december

De droogpogingen zijn meestal niet gelukt: schoenen, jassen en kleding zijn nog drijfnat. De regen stroomt nog onverminderd. We vertrekken al vroeg (8 uur) want het is een lange tocht (18 km) en we moeten onze boot om kwart over drie halen. Na een kwartiertje zijn we weer drijfnat. Dat heeft het voordeel dat je niet meer uit hoeft te kijken voor plassen: het maakt toch niet meer uit. Door al het water van de vorige dag zijn de beken en rivieren enorm aangezwollen. Al het water valt woest naar beneden en werkelijk overal komen hoge watervallen naar beneden: een spectaculair gezicht. Ook de paden zijn vaak veranderd in beken en watervalletjes. De tocht is op zich niet zwaar (op enkele kuit-diepe moddergebieden en lawineomleidingen na), maar de regen en het water maken het allemaal lastig. Moe, koud en nat komen we op het eindpunt van de tocht:
Sandfly point. Daar is een schuilhut en kunnen we ons weer uitwringen. Na een half uurtje komt de schipper ons halen. We maken een klein tochtje naar Milford Sound, een prachtige plek waar een groot fjord begint en waar veel boottochten beginnen. We weten echter precies wat we willen: direct naar een kroeg om een biertje met een bord patat te nuttigen. Wat was dat lekker! Met een busje worden we naar Te Anau terug gebracht. Het is een 2-uur durende rit die zo mooi is dat we geen moment in slaap vallen. Na de waterballetten zijn we het er zeer over eens dat we niet in de camper gaan slapen. We vinden snel een goed motel met een heerlijke warme douche, trekken schone kleren aan en gaan dan lekker eten.
Het smaakt heel wat beter dan de instant-maaltijden (die overigens niet slecht waren).