Aronskelken

 

Let op: er zijn veel soorten Aronskelken de een houdt van zon en vocht de ander zon en droogte enz.

"Inheems"

Inheems zijn:  Slangewortel (Calla palustris), Kalmoes (Acorus calamus) en de Italiaanse aronskelk (Arum italicum). Niet in het wild verzamelen (beschermd)! Kalmoes is een uit Azië geïmporteerde oeverplant, met niet zo veel sierwaarde, maar hij is nuttig omdat hij water zuivert. Ook de slangewortel is een oeverplant, die van natte voeten houdt. Hij is erg zeldzaam, maakt mooi blad en aparte bloemen in het voorjaar (Beschermd!). De Italiaanse aronskelk, die eigenlijk alleen in het zuiden des lands voorkomt. Hij geeft ook mooie bloemen, die later gevolgd worden door oranje bessen. Zeker een opvallende verschijning in de Zuid-Nederlandse bossen. Als tuinplant slaat hij geen slecht figuur.

 

"Niet Inheems"

De (sub)tropische aronskelken zijn nog opvallender. Zantedeschia aethiopica houdt van een voedzame grond, waaruit dit knolgewas met enorme kracht omhoog schiet met decoratief blad en prachtige grote bloemen (zie foto). Variëteit "Crawborough" is behoorlijk winterhard. Evenals de inheemse Arum maakt deze (soms) ook  bessen, knip daarom de bloemen niet direct af. De plant verdient wel een stevig winterdek, wat pas gelegd moet worden als de bladeren door de eerste vorst zijn geveld. ‘s Winters mag de plant niet te nat staan. ‘s Zomers houdt hij echter wel van een vochtige warme zonnige plek. De plant kan ook onderwater (dan dus wel nat) overwinteren (als ze ‘s zomers in de vijver staan) de groeipunt mag niet bevriezen, dus minstens 25 cm. onder water overwinteren.

Op een droge, zonnige plaats voldoet Arum dracunculus (zie foto) goed. Hij maakt een enorme bloem met een donkerbruin schutblad, die tijdens een paar dagen een vreselijke geur verspreidt. Dit lokt vliegen aan, een mooi gezicht maar neus dicht. Wil in de volle zon staan, hoe warmer en droger het is tijdens de bloei, hoe korter en "heftiger geurend" de bloei. Hij hoeft nauwelijks afgedekt te worden, hooguit wat dennentakken. De plant wordt tot 1,5 meter hoog in voedzame grond. Opvallend is verder dat deze plant heel vroeg in het voorjaar zijn "neus" laat zien, ondanks de subtropische oorsprong schijnen (lichte) nachtvorsten hem weinig te deren.

Van iets meer schaduw houden de veelal uit Japan afkomstige Arisaema’s. Ook deze maken heel aparte mooie bloemen. Ze verdienen een (licht) winterdek. A. candidissimum, A. consanguineum, A. flavum  en A. urashima (zie foto) zijn een paar mooie soorten. De laatst genoemde is minder winterhard (uit India) en moet beter afgedekt worden, de bloem is iets minder sierlijk (stinkt).

Arisarum proboscideum is een kleinood voor een beschaduwde plaats. Een heel klein plantje, wat een mooi klein bloemetje met een lange "muizen" staart maakt. Het kleurverloop is van bijna zwart naar crème wit.

Typhonium venosum (zie foto) is een goed winterhard gebleken stinkend buitenbeetje.

 

 

       Arsaemahelleborefolium.jpg (6845 bytes)        Zanthed.jpg (2480 bytes)     

       Typhonium venosum        Zantedeschia aethiopica

  Dracanculus.jpg (6423 bytes)        Aurashima.jpg (10832 bytes)

  Arum dracunculus                  Arisaema urashima

 

terug (zon)