Trachycarpus fortunei

 

 

Intro

De meest geschikte palm voor de buitenteelt is de gemakkelijk verkrijgbare Trachycarpus fortunei. Deze soort combineert eigenschappen als groeikracht en een grote vorstbestendigheid met een matige gevoeligheid voor natte koude. Door een late nachtvorst of een vroeg invallende winter wordt geen schade veroorzaakt, want de Trachycarpus behoudt zijn vorstbestendigheid het gehele jaar. Bij proeven is gebleken, dat de plant plotselinge kortstondige temperatuurdalingen (tot diep onder nul) weerstaat. Bij een zorgvuldig gekozen warme en voedzame groeiplaats die tegen (vooral de noorden- en oosten) wind beschut is, kan deze palm zich met winterbeschutting in ons klimaat handhaven.

Trachycarpus fortunei behoort tot de palmen met waaiervormige bladeren. Deze kunnen een doorsnede van bijna 1 m bereiken. De stammen van jongere exemplaren zijn geheel bedekt met een dikke laag juteachtige vezels. Zaailingen groeien de eerste jaren traag, maar wanneer zich eenmaal een stammetje gevormd heeft, kan de hoogte in vijf tot tien jaar met 1 m. toenemen. Pas bij een stamhoogte van 1 tot 2 m verschijnen in het voorjaar de mooie oranjegele bloeiwijzen. Trachycarpus is tweehuizig en daarom komen er palmen met uitsluitend mannelijke en met uitsluitend vrouwelijke bloemen voor. De vrouwelijke bloemen worden na bestuiving in de loop van de zomer gevolgd door trossen niervormige zaden. Bij rijping verkleuren deze naar blauwzwart. De zaden kiemen goed, mits ze vers zijn. De palmzaailingen houden van een lichtbeschaduwde plaats om zich goed te kunnen ontwikkelen.

 

In de vollegrond

Net als andere palmen hebben de Trachycarpussen een hekel aan verpoten. Het duurt zeker twee tot drie jaar voordat de palm lekker begint te groeien. Hij heeft een voorkeur voor kleiachtige grond (wel goed doorlatend!), maar ook op zand doet 'ie het goed maar het duurt daar misschien wel 5 jaar voordat de groei goed gaat beginnen.

 

Andere Trachycarpussoorten

Nog steeds gebruiken veel mensen, zelfs een aantal kwekerijen, de oude naam Chamaerops excelsa, deze naam is echter fout. De (cultuurvariŽteit?) Trachycarpus wagnerianus onderscheidt zich van de soort door stugge, rechtopstaande, diepgroene bladeren die maar 30 tot 40 cm lang zijn. De groei van deze "mini-Trachycarpusen gaat wat trager maar de vorsttolerantie is vrijwel gelijk, mits de plant zeer beschut wordt geplant. De bladeren blijven, mooier dan die van de "maxi-Trachycarpus".

Alle delen van Trachycarpus takil zijn forser dan Trachycarpus fortunei, waarschijnlijk is hij ook wat vorsttoleranter. Soms laat hij de vezels spontaan van de stam vallen en krijgt dan een kale stam. "Takil" onderscheidt zich verder door meer bladsegmenten (soms meer dan 60) en een "krul" op de plaats waar blad en steel bij elkaar komen. Het is echter goed mogelijk dat veel Europese Takils ook fortunei "bloed" hebben, ze kruisen namelijk makkelijk.

De kleinste is Trachycarpus nanus hij vormt geen stam en heeft kleine bladeren (tot 30 segmenten), die groen of soms grijs zijn.

Trachycarpus martianus heeft 65 - 80 segmenten, die heel regelmatig ingesneden zijn, soms krijgt deze palm op den duur een kale stam. Hij houdt van een licht zure grond, voorheen werd wel eens anders verondersteld. Verre van winterhard, beter af in een kuip.

Trachycarpus latisectus heeft tot 5 cm brede leerachtige bladsegmenten. De stam is kaal. Deze vrij nieuwe introductie is veelbelovend. Beter af in een kuip.

Trachycarpus princeps wordt soms aangeboden, een bijzonder mooie grijze Trachycarpusvorm. Sinds de winter van 2005 staat een klein exemplaar in mijn tuin. Heeft de eerste winter behoorlijke schade gehad, maar herstelde prima. De 'winter' van 2006 was er wat minder schade (alleen bladschade). De wintrs van 2007 en 2008 waren probleemloos. De winter van 2009 was helaas dodelijk. De plant groeide goed en ontwikkelde zich goed, maar de geschiktheid voor volle grond teelt is twijfelachtig. Misschien zijn er bij aanplant tegen een warme zuidmuur kansen...

 

Trachycarpus princeps

Verspreidingsgebied

Het oorspronkelijke verspreidingsgebied van Trachycarpus is in de beboste gebieden van Centraal China en Noord-lndia (tot boven 2000 m). De Trachycarpussoorten hebben hun weg gevonden naar de koelere gebieden van West-Europa en de rest van de wereld, omdat Robert Fortune op een van zijn reizen naar China zaden naar Europa bracht. Op plekken waar de winters niet al te streng zijn, treft men ze tegenwoordig als vanzelfsprekende beplanting aan, vooral langs de Atlantische kust tot aan NormandiŽ, en van Zuid-Engeland tot aan West-Schotland. Maar ook bij een aantal beschut liggende Zwitserse meren voelt Trachycarpus fortunei zich goed thuis. Op beschutte standplaatsen kan deze palm nog veel noordelijker voorkomen. In onze streken moeten we echter elk jaar voorbereid zijn op die ene zeldzame, strenge winter en maatregelen treffen.

wpe1.jpg (15697 bytes)

Trachycarpus fortunei (bijna in bloei)  

 

Andere_vorstbestendige_palmen

Palmen_in_de_nederlandse_tuin (winterbescherming)