|
Voorbereidingen van Pius om het heilig hoofd
te ontvangen. Zijn zeer godvruchtige redevoering; de processie;
overweldigende publieke belangstelling. (Comm. VIII, 2)
part
1...
In de nabijheid van de
Ponte Milvio, aan linkse zijde voor de reiziger die over de via Flaminia op
weg is naar Rome, strekken zich weiden uit; gras en bloemen bloeiden er zo
uitbundig, dat de natuur de mensen leek toe te lachen. De paus had in het
midden daarvan een podium laten optrekken, zo breed en stevig dat het de
aanwezige clerus kon opnemen en zo hoog dat iedereen op de weiden duidelijk
zicht had op wat zich afspeelde bij het hoge altaar, dat in het midden was
geplaatst. Kort nadat, zoals gezegd, de drie kardinalen vooruit gestuurd
waren, ging de paus zelf door de Porta Flaminia naar buiten, begeleid door
de rest van de senaat, de clerus, de ambassadeurs van de prinsen, de
voorname burgers van de stad en een enorme volksmenigte. Hij hield een
palmtak in de hand en ook de kardinalen en overige prelaten droegen
palmtakken, die zij de vorige dag van de Paus hadden ontvangen als
herinnering aan de Verlosser. De weg was overal vol mensen, akkers en
wijngaarden waren verdwenen onder een mensenzee die alles overstroomd had.
Zodra ze bij de weiden waren aangekomen, liet de paus de kardinalen en
prelaten afstijgen. Ze omhingen zich met hun kerkelijk gewaad en
priesterlijke versierselen, waarna de paus hen te voet liet verder gaan
zover een boogschot reikt, om samen met hem het podium te bestijgen. De
mantels van alle priesters waren wit, hun mijters wit en alle kleding wit,
en in die groene weide straalde al dat wit nog witter. Op ieders gezicht lag
verwondering over de waardigheid en de pracht van een stoet van zoveel
priesters, die, terwijl ze palmtakken droegen en God hun gebeden aanboden,
met trage tred en ernstig gelaat samen met de paus twee aan twee over de
weiden voortschreden midden tussen de kring van toeschouwers door.
Het podium was voorzien van
twee trappen met lage treden, de ene tegenover de Ponte Milvio, de tweede
naar de stad toegekeerd. De paus steeg met tranen van vreugde en eerbied
langs deze laatste omhoog, gevolgd door het college en heel de clerus,
terwijl Bessarion met twee andere kardinalen de andere trap beklom; hij
droeg de reliekschrijn, waarin het heilig hoofd was geborgen, en zette hem
midden op het altaar neer, terwijl een koor gewijde gezangen liet klinken.
Onder diepe stilte werden vervolgens de sleutels overhandigd en werd, nadat
de zegels waren herkend, het kistje geopend. Bessarion nam het heilig hoofd
van de apostel in zijn handen en bood het de paus aan, terwijl beiden hun
tranen de vrije loop lieten. Voordat de paus echter het heilig gebeente
aanraakte, knielde hij voor het altaar neer en met gebogen hoofd en bleek
gelaat, met ogen nat van tranen en trillende stem sprak hij:...(klik op
volgende)

|
Apparatus Pii ad
sacrum caput excipiendum, eiusque oratio
devotissima, hymnusque cantatus, et pompa omnium aetatis
nostrae maxima. Concursus nationum incredibilis
Ponti
Milvio vicina sunt prata latissima, quae Romam petenti via Flaminea ad
sinistram iacent; ea tum herbida erant et florida atque adeo laeta, ut
ridere viderentur. In horum medio iusserat pontifex suggestum erigi ex
materia ita amplum et solidum, ut omnem clerum, qui aderat, continere
posset, atque altum adeo, ut quae ibi fierent, ab omnibus, qui essent in
pratis, perspicue cernerentur sublimi ara in medio constituta. Praemissis
igitur tribus cardinalibus - ut memoratum est - paulo post
pontifex ipse cum reliquo Senatu cumque omni clero, cum legatis principum et
proceribus Urbis atque ingenti populi multitudine Flamineam portam exiit
palmae ramum in manu gestans, et pariter cardinales reliquique praelati
palmas portaverunt, quibus praecedenti die ab ipso pontifice donati fuerant
ob memoriam Salvatoris. Plena erat omnis via populo, nec vel agri vel vineae
prae multitudine hominum videri poterant, adeo vulgus obtexerat omnia.
Ut
primum in prata ventum est, quae diximus, iussit pontifex cardinales ac
praelatos ab equis descendere, et sacerdotalibus acceptis ornamentis
sacrisque vestibus, quantum arcus iacere potest, iter pedibus agere,
secumque suggestum conscendere. Erant omnium sacerdotum paludamenta alba,
albae mytrae et omnis ornatus albus, et in viridi prato candidior videbatur.
Tenebat ora cunctorum attonita mirabilis ordo et dignitas et pompa tot
sacerdotum, qui bini palmas gerentes in manibus et Deo preces porrigentes
cum pontifice maximo astante populi corona per prata lento passu et gravibus
incedebant vultibus.
Erant duo
aditus in suggestum per gradus clementes: alter ponti Milvio erat oppositus,
alter Urbi; et dum pontifex hunc ascendit prae gaudio et devotione
illacrimans, sequente Collegio cleroque omni, Bessarion cum aliis duobus
cardinalibus alterum scandit, arculam ferens, in qua sacrum caput clausum
continebatur, eamque deposuit in altaris medio, cantoribus sacra carmina
intonantibus. Exin facto silentio, praesentatis clavibus et obsignaculis
recognitis aperta est arcula, et Bessarion accipiens sacrum apostoli
verticem, flens flenti pontifici tradidit. Ipse autem pontifex, priusquam
sacra ossa contingeret, genibus flexis ante aram prostratus, vultu demisso
et pallenti, oculis madidis ac voce tremula in hunc modum locutus est:
|
|