Reacties op de pauskeuze van Pius (Comm., I, 37)

 

37. Laetitia Romanorum et omnium gentium ex Pii pontificatu, variaeque principum legationes ad congratulationem et oboedientiam, et famae miraculosa celeritas

 Sequenti nocte primarii Urbis cives equis insedentes, ardentesque cereos in manu ferentes ad Palatium salutaturi pontificem accessere, quorum ordo ex Mole Adriani ad aedem Beati Petri protendebatur. Nec Roma tantum, sed multae Italie civitates et multi principes audita Pii pontificis assumptione singularem laetitiam ostenderunt. Praecipue vero Senenses exultavere, quorum civis adeo exaltatus esset, ut omnium in orbe primus haberetur, quamvis plerosque nobilitatis hostes tacitus occupavit maeror.

Corsiniani, quod oppidum octoginta passuum milibus ab Urbe distat, qua hora pontifex electus est oppidani populariter ex agris redeuntes Laudomiam, Pii sororem salutatum iere, bonum se nuntium accepisse concordi testimonio affirmantes: Aeneam cardinalem Senensem ad summum pontifìcatus fastigium esse assumptum. Quod vaticinium memoratu dignum sequenti die litterae ab amicis missae confìrmaverunt. - Mirabilius illud fuit: Cathelanus quidam, dum essent in conclavi cardinales electiones celebrantes, accersitis ex familia cardinalis Senensis Iohanne phisico et nonnullis aliis: ,,Hac" - inquit - ,,hora dominus vester eligitur." Percunctantibus, quo pacto id sciret, respondit: ,,Vidi hac nocte per quietem cardinales sacellum intrantes, in quo fit electio, omnesque vestrum dominum introducere tanquam pontificem futurum; duos tantum adversari, qui eum e sacello reiicere conabantur, sed non prevaluere. Estote boni animi, mox cardinalem Senensem pronunciari audietis!"  Prophetiam paulo post secuta res est. De duobus cardinalibus, qui adversati sunt, supra retulimus.

Ferdinando Siciliae regi felix hoc nuntium fuit qui patris amicum in sede Petri suffectum intellexit. Franciscus Sforcia dux Mediolani, etsi alium pontificem expectabat, Aeneae tamen cognita electione gavisus est quem olim in castris contra Mediolanum honorasset. Borsius Mutinae dux militares ludos instituit et multa magnaque suae letitiae signa ostendit; erat enim ei cum Aenea vetus benivolentia ab eo tempore, quo ducatum a Federico imperatore accepit cuius adipiscendi Aeneas non in ultimis auctor fuit. Speravit Borsius Enea pontificatum tenente fortunas suas et gloriam aucturum, atque idcirco Ferrariam et omnem ditionem suam singularem ostendere voluptatem novi praesulis assumptione curavit. Ut multae patent hominibus ad fenerandum viae! Marchiones Mantuae, Montis Ferrati ac Salutiarum pariter gavisi sunt, nulli enim eorum Aeneas non notus et non amicus erat. Veneti tantum et Fiorentini ex Italis inviti hoc nuntium audivere: Veneti, quod Aeneas imperatoris legatus saepe in eorum senatu visus fuisset asperius loqui, et ipsorum tyrannidem accusare ; Fiorentini, quod more hominum vicinos Senenses odissent, quibus adeo molesta fuit Aeneae assumptio, ut cum iter agentes ab obviantibus salutarentur, et - ut est consuetudo - auxilium Dei super eos expeteretur, indigna-bundi responderent: ,,Atqui circa Senenses occupatus est, quos beare conatur!" Dissimulavere tamen et Veneti et Fiorentini, et - sicut ceteri potentatus Italiae - legatos misere viros honoratissimos, qui Romam petentes novo pontifici congratulati oboedientiam praestitere.

Ex ultramontanis principibus admodum laetatus est imperator Federicus, ex cuius famulatu Aeneas ad cardinalatum vocatus tandem Beati Petri solium ascendisset. Cuncti quoque Hispaniae reges, qui Christum colunt, gaudium ostendere. At Scotus, Danus, Polonus, Francus ac Hungarus et Cyprius imperatoris amicum non libenter audivere Christi vicariatum obtinuisse; Bohemus vero apprime indoluit, ut qui nosset hereticum sese pontifici notum esse. Philippo Burgundiae et Ludovico Sabaudiae ducibus Aeneae pontificatus, amici veteris, acceptissimus fuit.

 

37. Vreugde in Rome en bij alle naties na de pauskeuze van Pius. Gezantschappen van verschillende vorsten om gelukwensen en gehoorzaamheid aan te bieden.
Wonderlijke snelheid van de faam.

De volgende nacht kwamen de vooraanstaande burgers van de stad naar het paleis om de paus te begroeten; gezeten te paard en met brandende toortsen vormden zij een lange stoet vanaf het mausoleum van Hadrianus tot aan de Sint Pieter. Niet alleen Rome maar veel steden en vorsten in Italië toonden zich buitengewoon verheugd bij het nieuws van de benoeming van Pius tot paus. Vooral de burgers van Siena waren opgetogen, nu een medeburger van hen zo hoog was gestegen, dat hij beschouwd werd als de hoogste mens op aarde; niettemin voelden veel vijanden van de adel zich diep in hun hart teleurgesteld.

In Corsignano, dat tachtig mijl van Rome ligt, keerden dorpelingen op het uur dat de paus gekozen werd gezamenlijk van hun akkers terug om Laudomia, de zuster van Pius, geluk te wensen; ze legden  een gelijkluidend getuigenis af: ze hadden een goed bericht ontvangen: kardinaal Aeneas van Siena was tot de hoogste eer, het pontificaat, geroepen. Deze opmerkelijke voorspelling werd de volgende dag bevestigd door een brief van vrienden. Nog wonderlijker was het volgende: Terwijl de kardinalen nog in het conclaaf bezig waren met de verkiezing, riep een zekere Catalaan de arts Giovanni en enkele andere lieden die tot de huishouding van de kardinaal van Siena behoorden bij zich en zei: “Dit uur wordt uw meester gekozen.” Hoe hij dat wist, vroegen ze. “Vannacht zag ik in een droom de kardinalen de kapel betreden waar de stemming plaats vindt, en hoe allen uw meester naar binnen leidden, alsof hij de nieuwe paus zou worden; twee kardinalen echter verzetten zich en probeerden hem tevergeefs de kapel uit te werken. Hebt goede moed, weldra zult u de naam van de kardinaal van Siena horen omroepen.” Deze profetie werd kort daarop door de feiten bevestigd. Over de twee kardinalen die zich verzetten hebben wij hiervoor al gesproken.

Voor Ferrante, de koning van Sicilië, die zag dat een vriend van zijn vader als opvolger gekozen was voor de stoel van Petrus, was dit een gelukkige tijding. Francesco Sforza, hertog van Milaan, had weliswaar op een andere paus gerekend; toch was hij blij met het nieuws van de verkiezing van Aeneas, die hij eens, tijdens de belegering van Milaan, eervol in zijn kamp had ontvangen. Borso, hertog van Modena, organiseerde een krijgstoernooi en toonde zijn blijdschap veelvuldig en in hoge mate; er bestond immers een oude vriendschapsband tussen hem en Aeneas sinds hij zijn hertogdom van keizer Frederik had ontvangen, in het verkrijgen waarvan Aeneas geen geringe rol had gehad gespeeld. Borso hoopte dat onder het pontificaat van Aeneas zijn bezit en roem zouden gedijen; daarom zorgde hij dat Ferrara en heel zijn machtsgebied uiting gaven aan hun buitengewone dankbaarheid om de verkiezing van de nieuwe paus. Hoeveel wegen staan open voor de mens om winst te maken! De markiezen van Mantua, Monferrato en Saluzzo waren alle drie even verheugd, want van geen van hen was niet een vriend en bekende van Aeneas. Van de Italianen hoorden alleen de Venetianen en Florentijnen met tegenzin van het nieuws; de Venetianen, omdat Aeneas als keizerlijk gezant in hun senaat dikwijls te harde taal leek te spreken en hen van tirannie beschuldigde; de Florentijnen, omdat zij – mensen blijven mensen - hun buren, de Sienezen, haatten; zij ergerden zich zo aan de verkiezing van Aeneas dat ze, wanneer ze onderweg door voorbijgangers werden gegroet met de gebruikelijke heilwens: “God zij met u,” verontwaardigd antwoordden: “Die heeft het te veel druk met de Sienezen te zegenen.” Maar zowel de Venetianen als de Florentijnen verborgen hun ware gedachten en stuurden, zoals de overige machthebbers in Italië, hoge gezanten naar Rome om de nieuwe paus te begroeten en hem gehoorzaamheid te beloven.

Van de vorsten ten noorden van de Alpen was keizer Frederik zeer verheugd, want het was vanuit zijn dienst dat Aeneas tot het kardinalaat geroepen was en tenslotte de troon van de heilige Petrus had bestegen. Ook alle koningen van Spanje, althans de christenvorsten, toonden vreugde. Maar Schotland, Denemarken, Polen, Frankrijk, Hongarije en Cyprus hoorden niet graag dat een vriend van de keizer plaatsbekleder van Christus was geworden. Met name de koning van Bohemen voelde zich gegriefd, omdat hij wist dat hij bij de paus als ketter bekend stond. Aan Philips evenwel, hertog van Bourgondië, en aan Lodovico, hertog van Savoye, was het pontificaat van Aeneas, een oude vriend van hen, zeer welkom.

 

 
 


 

 
     

 

© michel goldsteen