
Natuuroverstijgende transformatie werd al in de oudheid in India ontdekt en in de twintigste eeuw door Oosterse denkers als Sri Aurobindo en Mirra Alfassa (de moeder) verder uitgewerkt en gepraktiseerd. In hun boeken vinden we talloze verwijzingen naar het proces en aanverwante ervaringen, al gebruiken zij de term 'Natuuroverstijgende transformatie' niet. Andere filosofen in oost en west hebben de geestelijke voorwaarden beschreven om tot het proces te komen of een wereldbeeld geschetst waarin natuuroverstijgende transformatie een reële mogelijkheid is. Onder hen J. Krishnamurti en Edmond Husserl. Ook Jan van Rijckenborgh, de stichter van het Lectorium Rosicrucianum, heeft natuuroverstijgende transformatie in zijn boeken beschreven. Hij richtte zich daarbij vooral op oude esoterische leerstellingen uit de traditie van de Rozenkruisers. Het Mahayana Boeddhisme is bij uitstek een weg om de voorwaarden te scheppen tot natuuroverstijgende transformatie, hoewel we daarin een aantal cultuurgebonden gebruiken zien, die niet strikt noodzakelijk zijn om tot natuuroverstijgende transformatie te komen. In het Westen heeft een aantal psychologen, waaronder Freud en Jung, de mechanismen geanalyseerd, die aan de basis liggen van onze binding aan de natuur en de negatieve gevolgen beschreven van de werking van natuurmechanismen, zoals neuroses, zondebok-verklaringen en oorlogen. Natuuroverstijgende transformatie is een weg die de mensheid in zijn ontwikkeling noodzakelijkerwijs zal gaan als volgende stap in haar geestelijke evolutieproces. Zij is de weg van de toekomst. |
| INHOUD Inleiding 11 Deel 1 De ware aard van het universum 15 Hoofdstuk 1 Uittredingservaringen 17 De wetten van de droom 17 Het opvoeren van de werkzaamheid van het denken 17 De uittreding 18 Emotionele geladenheid 20 Een ruimte met dimensionaliteit 21 Het ineenweven van persoonlijke en collectieve waarneming 22 Bijna-dood-ervaring 23 Een suggestie van ruimte 25 De uittreding als bemiddeling 26 De mens als een samenstel van velden 27 Een indeling van de verschillende aspecten van de mens 28 Noten 29 Literatuur 30 Hoofdstuk 2 Het psychisch-monistisch universum 31 Materieel monisme 31 Substantie-dualisme 33 Parallellisme 34 Leer van het onbekende andere 34 Psychisch monisme 35 Verschillende psychisch-monistische entiteiten 36 Noten 38 Literatuur 38 Hoofdstuk 3 Aan de wiskunde voorbij 39 Is ruimte een illusie? 39 Het instorten van de golffunctie 40 De geestachtige eigenschappen van de materie 42 De grenzen van de wiskunde 43 De onvolledigheidsstellingen van Gödel 46 Het open einde van de wiskunde 49 Noten 49 Literatuur 50 Hoofdstuk 4 Bewustzijn 51 Een wetmatig gezichtsbedrog 51 Hoger bewustzijn 53 De angst voor het niets 54 Het denken vrijmaken 56 Terug naar het wezenlijke denken 57 Zich bevrijden van het berekenende denken 58 Aanwezig zijn aan de werkelijkheid 59 Waarlijk mens zijn 60 De natuur maakt de mens tot object 61 Noten 62 Literatuur 62 Deel 2 Onze gebondenheid aan de natuur 63 Hoofdstuk 5 De invloed van de natuur op ons handelen 65 De natuur: goed en kwaad 65 Agressie: aangeboren of aangeleerd? 67 Kip A pikt kip B 68 Het menselijke vermogen instincten te onderdrukken 69 Het dier-zijn teniet doen 71 Sociobiologie 71 De genen als kwade genius 72 Is de mens een frisdrankenautomaat? 73 De begeerte naar verwerkelijking van ideaalsituaties 74 Een blind werkend mechanisme 75 Noten 76 Literatuur 77 Hoofdstuk 6 De instinctieve wortels van het groepsgedrag 78 De mens als groepsdier 78 Het geweten 78 Het Über-ich 79 Het schuldgevoel als middel om weer aansluiting te krijgen bij de groep 81 Communicatie: meer dan alleen mededelingen overbrengen 82 Territoria van diverse pluimage 83 Territoriumstrijd via 'plagerijtjes' 84 Het erotische interactieveld 85 De 'groepsgeest' 86 Het geweld van de massa 88 De 'naar binnen geworpen' ouder 89 Terugverlangen naar de ouders 90 Hoe Sartre de natuur ontkende 91 Noten 92 Literatuur 92 Hoofdstuk 7 De angstige mens 93 Leven in de natuur: niet altijd even leuk 93 De angst voor de driftwens 93 Het trauma 94 Freuds persoonlijkheidsmodel 95 Het Es 95 Natuurgeweten versus bovennatuurlijk geweten 96 Lust wordt angst 98 Instincten zonder realiteitsbesef 99 De ontwikkeling van het denken 99 Eenzaamheid: in je uppie in de rimboe 100 Het ritueel: gesprek tussen onbewuste en bewuste ik 101 Angst als discrepantie tussen natuur en cultuur 102 Het streven naar zekerheid 103 Noten 103 Literatuur 104 Hoofdstuk 8 De aan de natuur gebonden religie 105 In natuurdrijfveren gewortelde goden 105 Is het geweten een natuurmechanisme? 106 God als het dominante mannetje 107 Weet de christen wel wat zonde is? 108 Bracht Jezus een nieuwe God? 108 Bijbelverhalen: representatie van het individuatieproces 109 De grenzen van de theologie 111 Über-ich-religie versus transcendentale religie 112 Natuuroverstijgende transformatie is geen christendom 112 De opkomst van new-age-organisaties 114 De betrekkelijkheid van spirituele organisaties 115 Noten 116 Literatuur 116 Deel 3 Bevrijd worden van onze binding aan de natuur 117 Hoofdstuk 9 De natuuroverstijgende transformatie 119 Het denkende dier 119 De alomtegenwoordigheid van seks 119 De in zichzelf gevangen mens 120 Angst om zichzelf op te geven 121 Het toneelspel van het vitale 122 De onmacht van het denken 122 Het denken als mechanisme van illusie 124 Weggroeien van zintuiglijke activiteiten 125 Het innerlijke hogere wezen als verankeringspunt 126 Het loslaten van de behoefte aan zekerheid 127 De betrekkelijkheid van de eeuwige hemelse vrede 129 Het innerlijke hogere wezen en het vitale wezen 130 Het verzet van innerlijke entiteiten 131 Afdaling in het fysieke lichaam 132 Je bevrijden van het verleden 133 De inwerking van de instinctieve oertypen op ons bewustzijn 133 Het nieuwe geweten na de natuuroverstijgende transformatie 134 Noten 135 Literatuur 135 Hoofdstuk 10 Moeilijkheden en zijwegen 136 Overweldigd worden door vitale invloeden 136 Ongewenste uittredingen 137 De indrukwekkende vitale wereld 137 Bescherming door de natuuroverstijgende kracht 138 De zijweg van het occultisme 139 Veilige manieren om het vitale te verkennen 140 Zelf een innerlijke wereld scheppen 141 Inzien dat ups en downs bij het leven horen 142 Je ervan bewust worden hoe je handelt vanuit natuurstructuren 142 De hardnekkige persoonlijkheid 143 Inflatie door het intreden van hogere energieën 144 Afstand nemen van de tijd 145 Het overwinnen van vitale entiteiten 147 Noot 148 Hoofdstuk 11 Is de natuuroverstegen mens nog menselijk? 149 Zullen we de nieuwe mens nog als mens herkennen? 149 De natuuroverstegen mens is geen Übermensch 150 De komende nieuwe mens 151 Tussenschakels 152 Geen mens van vlees en bloed 152 Literatuur 153 Register 155 |
| Bij uitgeverij Het Goudhaantje verscheen ook Toeristische sagengids van de Veluwe Zelf op zoek naar de geheim-zinnigste plekjes op de Veluwe |



omvang 160 bladzijden ISBN 90 807868 1 0 Prijs: 10,00 |
Het boek is verkrijgbaar in de boekhandel of via de auteur. |
| Vragen en antwoorden |
| Is er een organisatie of vereniging die zich bezighoudt met natuuroverstijgende transformatie? Voor zover ik weet niet. Althans niet zoals ik de transformatie op het oog heb. Ik voel me ook niet geroepen er een op te richten. Bij organisaties is de kans groot is dat je verstrikt raakt in een web van vaste leerstelsels en leefregels. Dat is binnen een organisatie eigenlijk bijna niet te voorkomen. Dat leidt tot kristallisatie, daar waar eigenlijk volstrekte beweeglijkheid en ontvankelijkheid zou moeten zijn. Want alleen bij die beweeglijkheid en ontvankelijkheid is de hogere supramentale werkzaamheid in staat de persoonlijkheid te transformeren. Is onze persoonlijkheid stijf en stram door leerstelsels en leefregels, dan is een transformerende verandering niet gemakkelijk te verwerkelijken. Je lijkt naar mijn mening te zeggen dat je vooral kijkt naar de fouten die de natuur maakt en daaruit conclusies trekt. 'Fouten' is niet echt het juiste woord, zou ik denken. In de natuur komen er niet zozeer fouten voor. Het gaat meer om de algemene aard van de natuur, waarin de levende wezens tegenover elkaar object voor elkaar zijn, zoals object om mee te paren of object om op te eten. Ook de natuur is wat er is, dus kan het niet verkeerd zijn. Anders was zij er immers niet geweest. Ik denk echter de huidige natuur niet ons eindstation is. De ontwikkeling van de mens gaat door, al is het meer op het geestelijke vlak. De volgende stap is volgens mij de natuur-overstegen mens, dat wil zeggen de mens die zich heeft vrijgemaakt van zijn binding aan de natuurinstincten van de homo sapiens. De natuuroverstegen mens, dat klinkt een beetje Uebermensch-achtig, en nogal onwerkelijk. De Uebermensch, zoals de nazi's dat in gedachten hadden, is bij uitstek een natuurwezen, zij het louter en alleen van het Arische ras. Maar het eigen ras of de eigen groep stellen boven andere groepen is ook een natuurstreven. Het is dus de harde, meedogenloze natuur ten top. Dat willen we dus in geen geval. We willen een mens die de natuur heeft overstegen. Dat klinkt inderdaad heel onwerkelijk. Maar hoe onmogelijk leek het tien miljoen jaar geleden niet dat er een denkend wezen zou komen, dat wolkenkrabbers zou bouwen, naar de maan zou reizen en de computer zou uitvinden? We kunnen ons echt geen voorstelling maken van wat er nog kan komen. Ja, maar waar baseer je je dan op? Het klinkt me toch te fantastisch. Ik denk dan meteen: weer zo'n zwever met een hoop mooie termen. Ja, we zweven wat af. Ik baseer me erop dat een aantal mensen onmiskenbaar die natuuroverstijgende transformatie heeft gerealiseerd en daarover heeft geschreven. Sri Aurobindo en Mirra Alfasa bijvoorbeeld. Ook in het boeddhisme vind je beschrijvingen van dit proces en de weg ernaar toe. Is natuuroverstijgende transformatie een soort christendom? Nee, het is in ieder geval geen christendom. In het christendom is men meer gericht op een hiernamaals voor de individuele mens en is men erop uit op een bepaalde manier met medemensen om te gaan. Een manier van omgaan met elkaar, die vaak in strijd is met onze diepere natuur. Vandaar dat het christendom oorlogen en andere ellende niet heeft kunnen voorkomen. Gezien de macht van het beest in de mens is het een nogal illusionair streven. In het christendom vinden we ook allerlei verpersoonlijkingen van goede of slechte dingen. Meestal in de vorm van buitenissige, maar toch min of meer menselijke wezens. Dat is natuurlijk allemaal naar de maat van de mens. De christelijke God is volgens mij vooral een projectie van het vaderbeeld, of wellicht zelfs de projectie van het leidende mannetje uit onze evolutionair-voormenselijke erfenis. Het is dan een projectie vanuit ons collectieve onbewuste. Natuuroverstijgende transformatie kent ook geen morele dimensies. Dat hele begrip 'zonde' en 'gestraft worden voor zonde' is volgens mij bedacht door stam- of groepsleiders die de mensen in het gareel wilden houden, waarbij ze zich baseerden op het menselijke Ueber-ich, zoals Freud dat heeft beschreven. Ik zie ons geweten dan ook niet als een door God gegeven instantie vol vaste waarden en normen, maar meer als een psychologisch mechanisme dat naar believen van de ouders tijdens de opvoeding kan worden ingevuld. Maar in het christendom spreekt men toch ook van een transformatie, een transfiguratie of opstanding. Ja, maar dat is volgens mij geen natuuroverstijgende transformatie. Het is een soort eeuwig voortleven na de dood, min of meer in de vorm van je huidige persoonlijkheid, maar dan geestelijk van aard. In dat voortleven zit geen enkele ontwikkeling of evolutie meer. Ik geloof veeleer in een uiteindelijke bevrijding van de persoonlijkheid en daarmee een bevrijding uit de gevangenis van de natuur. Wat is dan die gevangenis van de natuur precies? In tegenstelling tot wat Sartre beweerde zijn wij mensen niet vrij. Wij gedragen ons altijd volgens vaste door onze menselijke natuur bepaalde patronen. En dat leidt tot veel maatschappelijk ellende. Als wij te zeer van die patronen afwijken, dan ontmoeten wij sterke krachten in ons om weer terug te keren naar ons natuurlijke gedrag. Omdat wij geen buitennatuurlijke existentie kennen, zijn we ons van onze natuurlijke patronen doorgaans niet bewust. Maar zelfs onze liefdesgevoelens worden door de natuur gedicteerd. Het mechanisme dat hieraan ten grondslag ligt vinden we diep in ons onbewuste. Natuuroverstijgende transformatie pakt het probleem bij de bron aan, in het onbewuste. Zijn er eigenlijk wel regels buiten de natuurwetten? Volgens mij is er heel veel dat buiten de natuurwetten ligt, maar de term 'regels' zou ik daar niet op willen toepassen. De natuurwetten zijn, volgens mij, maar een bepaalde beperkende modulatie van de totale werkelijkheid. Daarbuiten vindt men heel veel bovennatuurlijkheid, in de zin van uitgaand boven de wetten van het instinctieve functioneren. Het begrip natuuroverstijgende transformatie zegt wat dat betreft genoeg. De astrale wereld overigens is volgens mij nog onderdeel van de natuur. Het is het huis van de natuurbegeerten en -angsten. Is het boek een hersenkraker? De titel doet dat een beetje vermoeden. Ja, ik wou in de titel duidelijk aangeven waar het boek over gaat. Maar ik hoor over het algemeen van lezers dat ze het een erg leesbaar boek vinden, en vooral ook een leuk boek. Het leest lekker weg, zal ik maar zeggen. Maar uiteraard moet je wel je hersenen meenemen als je het leest. Is het erg als ik niet in natuuroverstijgende transformatie geloof? Ja, dat is vreselijk. Nou ja, even goede vrienden, al zet ik je niet in mijn testament natuurlijk. Maar ik ben uiteraard wel de laatste die kan bewijzen dat het bestaat. (Nou ja, de laatste?) Bij al dit soort dingen gaat het om hoogstpersoonlijke innerlijke ervaringen. Als mensen met allerlei uiterlijke bewijzen komen van paranormale processen, dan hebben ze over het algemeen een mooie goochelopleiding gehad. Vraagt natuuroverstijgende transformatie om bepaalde leefregels? Nee, ik kan je geruststellen. Leven volgens regels is de omgekeerde wereld. Je kunt geen spiritueel proces in gang zetten door leefregels op te stellen en na te leven. Naar aanleiding van een spiritueel proces ga je doorgaans wel op een andere manier leven. Maar dat is net zoiets als dat een volwassene niet meer geïnteresseerd is in de Teletubbies. |
| Inleiding |
| Wie een uittreding heeft, verlaat met zijn geest tijdelijk het stoffelijk lichaam. Deels vanuit eigen ondervinding beschrijf ik in dit boek om te beginnen de verschillende ervaringen die je bij een uitreding kunt hebben en kom ik tot een theorie over uittredingen. Als persoonlijkheid hebben wij mensen, naast ons stoffelijk lichaam, de beschikking over twee emotionele lichamen (de begeerte-entiteit en het hogere vitale lichaam) en een mentaal lichaam. Daarbuiten functioneert ons bewustzijn op gebieden die boven het mentale verheven zijn, iets waarvan we ons als denkende mens over het algemeen niet bewust zijn. In dit boek ga ik voorts op zoek naar de diepere aard van ons universum. Als uittredingen bestaan, dan zit de wereld blijkbaar anders in elkaar dan wij op basis van onze zintuiglijke waarneming veronderstellen. Bestaat de wereld enkel uit de stoffelijke materie en is onze bewustwording slechts het gevolg van de werking van onze stoffelijke hersenen? Of bezitten (of zijn) wij naast ons stoffelijk lichaam een geest? Zo ja, hoe verhouden geest en stof zich dan met elkaar? Hoe werken ze op elkaar in? Of bestaat de wereld enkel uit geest en is het bestaan van stof een illusie? Als gevolg van onze ervaring dat we ons in een stoffelijke driedimensionale wereld bevinden waarin de tijd verloopt, kunnen we weinig geloof hechten aan de psychisch-monistische werkelijkheidsvisie: de gedachte dat alles geest is. Uittredingen echter geven ons al enigszins de ervaring dat de objecten om ons heen subjectief van aard zijn en dat met name de ruimte op een merkwaardige wijze verweven is met ons bewustzijn. Binnen de moderne fysica komt de subjectieve aard van ruimte en tijd aan het licht in een aantal experimenten, die erop wijzen dat er geen werkelijke scheiding te maken is tussen geest en stof. Ook de wiskunde maakt ons de ware aard van de werkelijkheid duidelijk. Er kleven niet-wiskundige of niet-algoritmische aspecten aan de werkelijkheid, die erop wijzen dat de wereld psychisch van aard is. Quantummechanica, relativiteitstheorie, wiskunde en filosofie tonen ons dat de werkelijkheid in de grond niet tijdruimtelijk is. Het is de werkzaamheid van onze hersenen, die maakt dat we de wereld als tijdruimtelijk ervaren. Om de wereld te kunnen ervaren zoals zij werkelijk is, zouden wij ons moeten losmaken van het aan de hersenen gebonden bewustzijn. Alleen in een toestand van hoger bewustzijn kunnen we de werkelijkheid in z'n ware aard ervaren. Het is vooral onze angst die maakt dat wij de wereld niet kunnen ervaren zoals ze werkelijk is. We zijn met name bang voor het niets, ofte wel voor uitdoving van ons persoonlijkheidsbewustzijn. Om tot hoger bewustzijn te komen moeten we afstand nemen van onze angst en de daaruit voorvloeiende drang vanuit ons denken greep te hebben op de wereld. Ik laat in dit boek zien hoe de natuur ons tot object maakt voor de ander: object van begeerte, een middel om geld mee te verdienen, om de angst voor eenzaamheid te bestrijden, noem maar op. Dit schept een afstand, die maakt dat wij niet echt contact kunnen hebben met elkaar. Ik onderzoek de vraag in hoeverre we onze samenleving hebben geschapen op basis van onze menselijke instincten. Ook laat ik zien hoe onze instincten werken en hoe de mens met zijn instincten omgaat. Ons instinctmechanisme is gebaseerd op de begeerte naar verwerkelijking van ideaalsituaties, zoals bijvoorbeeld vrijen met de ideale partner. Achter onze instincten zijn de instinctieve oertypen werkzaam: blind werkende entiteiten, die zetelen in ons onbewuste. Ik geef een beschrijving van het totale mechanisme van onze instincten en onze gebondenheid eraan. We gedragen ons in groepen, meer nog dan wanneer we alleen zijn, op basis van onze natuurinstincten. Onder meer speelt ons geweten hierin een rol. Het geweten is feitelijk een natuurmechanisme, dat ons ertoe aanzet ons gedrag te richten naar de groep. Het maakt hierbij effectief gebruik van het schuldgevoel. Net als veel dieren kennen wij mensen een territoriumstrijd en een strijd om status. Seksualiteit is daar nauw mee verbonden. Ik laat zien hoe instincten het groepsgedrag van mensen kunnen bepalen. Zo komen mensen bijvoorbeeld vanuit hun verbondenheid met een bepaalde groep eerder tot geweld dan individueel. Instinctieve krachten spelen binnen groepen een grote rol, vooral in tijden van crisis en oorlog. Neurotische angst ontstaat als discrepantie tussen natuur en cultuur. De mens ontgroeide maatschappelijk-organisatorisch de natuur, maar kon daarmee de natuur in z'n eigen innerlijk niet echt veranderen. Dergelijke angst en frustratie zijn een grond voor agressie. Wij hebben onze religies vooral vormgegeven naar de symbolische taal van de instinctieve natuurmechanismen in ons onbewuste. De meeste vormen waarin religieuze bewustzijnsinhouden zich kleden namelijk komen overeen met de vormen waarin de instinctieve oertypen zich hullen. Uit de wisselwerking tussen typisch menselijk bewustzijnsvermogens en de instinctieve oertypen ontstaat een innerlijke wereld vol symbolen die spreken van verlangens, frustraties en angst. De meeste religies vormen voor de mens een middel tot omgang met zijn diepere natuurdrijfveren, in het bijzonder in relatie tot zijn functioneren binnen de groep. Ons geweten is geen van God gegeven instantie is. Het is daarentegen een instinctief natuurmechanisme, dat ons bij vermeende misstappen ertoe brengt ons weer aan te sluiten bij de groep. Binnen de meeste religies gaat het erom ons weer te verzoenen met God als plaatsvervanger van het dominante mannetje, zoals die in oorsprong funcioneerde binnen de groep oermensen. Wij natuurgebonden mensen zijn feitelijk vooral denkende dieren. Met ons innerlijk wezen leven wij nog in de jungle. Onze natuurgebondenheid schept een afstand tussen ons mensen en maakt dat we elkaar nooit werkelijk lief kunnen hebben. Pas na een natuuroverstijgende transformatie van lichaam en geest zullen wij werkelijk mens zijn: vrij van onze binding aan de natuur en levend in werkelijke liefde voor elkaar. In de diepste lagen van ons bewustzijn leven een groot aantal entiteiten, die zijn ontstaan uit onze verlangens naar aan de natuur gebonden activiteiten. De oorsprong van deze entiteiten is tevens hun voeding. Ze bestendigen onze binding aan de natuur, maar zullen uiteindelijk worden getransformeerd of uitgedreven. De natuuroverstijgende transformatie kan nooit gestalte krijgen vanuit ons mentale, vitale en fysieke wezen, dat immers te veel aan onze natuur gebonden is. Werkelijke natuurontbindende transformatie kan zich alleen verwerkelijken op basis van een hogere, zich boven de persoonlijkheid bevindende werkzaamheid die intreedt in de mens: de natuuroverstijgende kracht. Die kracht kan alleen actief worden als we de behoefte aan zekerheid kunnen loslaten. Vooropgezette yoga-oefeningen helpen hier niet echt. De enige aanzet tot mentale stilte is het doorleefde gevoel met het denken niet verder te kunnen. Allerlei innerlijke entiteiten zullen zich hevig verzetten tegen de natuuroverstijgende transformatie. Mechanische gewoonten van het mentale, van het vitale, gewoonten in verband met instincten, de persoonlijkheid, het karkater, de ingebakken mentale, vitale en fysieke behoeften, impulsen, natuurverlangens, weigeren in het begin hun medewerking. Tijdens het proces leer je al deze entiteiten kennen en overwinnen. Uiteindelijk speelt de natuuroverstijgende transformatie zich af in het fysieke lichaam en transformeert ze de cellen. Na de natuuroverstijgende transformatie zullen wij een nieuw, niet meer in de natuur geworteld geweten kennen, gebaseerd op werkelijke liefde. Maar de natuuroverstijgende transformatie voltrekt zich niet altijd even gemakkelijk, omdat een mens nu eenmaal moeilijk afscheid kan nemen van de natuur. Zo kun je ongewenste uittredingen krijgen en vervolgens te zeer gefascineerd raken door de fijnstoffelijke vitale wereld en daarin verstrikt raken. Dit kan leiden tot extreme zelfoverschatting en opblazing van het ego. Eigenlijk kun je de vitale wereld alleen binnengaan onder bescherming van de natuuroverstijgende kracht. Reeds in het begin van het transformatieproces wordt de mens zich ervan bewust hoe hij handelt vanuit de natuurstructuren. Dat is een eerste stap op weg naar volledige natuuroverstijgende transformatie. De natuurgebonden persoonlijkheid blijkt echter zeer hardnekkig. De enige manier deze te overwinnen is niet de fysieke en vitale krachten te onderdrukken, maar naast het oude Ik een nieuw Ik te scheppen, dat de oude persoonlijkheid overneemt. Omdat we onze persoonlijkheid scheppen door ons te projecteren in de tijd, dienen we hier de tijd te overstijgen. Hans den Haan |

| naar: |
| Andere boeken van Hans den Haan |
| links: |
| esoterie.startpagina.nl |
| filosofie.startpagina.nl |
| paranormaal.2link.be |
| Hans den Haan geeft lezingen over natuuroverstijgende transformatie. De lengte van de lezing varieert van een uur tot anderhalf uur naar gelang u een avond dan wel bij-voorbeeld een dagdeel aan het onderwerp wilt wijden. Na afloop is er gelegenheid tot het stellen van vragen. Hiervan wordt doorgaans in ruime mate gebruik gemaakt. De lezingen worden over het algemeen zeer enthousiast ontvangen. Of Hans voor het houden van een lezing überhaupt geld wil hebben, en -- zo ja -- hoeveel, hangt af van de instantie die de lezing organi-seert en de door die instantie geheven toegangsprijs. Het gaat echter in principe altijd om kleine bedragen. Gelegenheid tot boeken-verkoop wordt op prijs gesteld. |
|
| Mail voor een leuke lezing: |
Klik hier |