(NOIZE 1996)
 JIMMY BARNES




Voor de trouwe lezers van NOIZE is Jimmy Barnes geen onbekende. De laatste jaren is deze Australische artiest een graag geziene gast in het Nederlandse clubcircuit en op de vele festivals. Zijn laatste cd, 'Psyclone' is alweer een jaar uit en toch weet hij opnieuw in het nieuws te komen: dit keer met zijn nieuwe single 'Come Undone'; een unieke samenwerking met de Nederlandse band The Pilgrims. Onlangs gaf Jimmy, samen met The Pilgrims, een kort en gezellig optreden in de kantine(!) van zijn platenmaatschappij, waarbij er naast 'Come Undone' een aantal rock covers gespeeld werden (Hendrix, Bowie, Stones etc). Eerder die dag had ik het volgende interview met hem.

Werk je al aan nieuw materiaal?
'Ja, Ik heb al veel nieuwe nummers geschreven.'

Met andere songwriters?
'Nee, het meeste alleen en een aantal met mijn vrouw. Ze schrijft veel nummers. Op 'Psyclone' heeft ze een nummer geschreven en op 'Heat' heeft ze ook enkele dingetjes gedaan. Ze begint zich nu echt te ontwikkelen en is erg goed.'

In hoeverre verschilt haar stijl van die van jouw?
'Ze is geen muzikant, maar ze heeft heel veel gevoel voor pop, en dat heb ik niet. Ik probeer altijd om te 'cool', en te ingewikkeld te zijn. Dat is een goede balans tussen ons. De nummers die ze schrijft zijn erg simplistisch en melodieus.'

Is het voor jouw makkelijk om met je vrouw te componeren?
'Ja, het is cool. We genieten er allebei van. Ik denk dat we ermee stoppen op het moment dat een van ons met scheiding gaat dreigen als een bepaald nummer niet op de cd gezet gaat worden ha ha. Maar zo ver zal het niet komen.'

Heb je al plannen om de studio in te gaan?
'Nee, ik zit daar op dit moment over te denken en heb al gepraat met Mushroom (platenmaatschappij) in Melbourne. Ik ga misschien ook nog naar Amerika om daar met een aantal mensen aan nieuw materiaal te werken. Ik zou in principe een nieuwe plaat kunnen opnemen aan het eind van dit jaar, maar ik zit er serieus aan te denken om eerst een 'Best Of' cd in Australië uit te brengen. Dat kan voor Europa heel leuk zijn omdat de fans dan in één keer kunnen kennismaken met een hoop oude songs. Je zou het hier in Europa dan geen 'Best Of' kunnen noemen ha ha. Absolutely no hits at all ha ha.'

Bij enkele exemplaren van de cd 'Heat' zat al een verzamel cd.
'Ja, dat was gelimiteerd. Ik wil ook dat er op deze verzamelaar nummers van m'n eerste cd komen te staan zodat mensen de progressie kunnen zien. Het zal meer een introductie cd worden in plaats van een 'Greatest Hits'.'

Je wil weer gaan werken met Amerikaanse songwriters, tien jaar geleden heb je geprobeerd om in Amerika vaste voet aan grond te krijgen, maar dat is mislukt. Ga je dat weer proberen?
'Nee. Ik ben regelmatig in Amerika geweest en ik denk dat we te brutaal zijn voor de Amerikaanse markt. Ik hou van Amerikaanse muziek en er is zoveel dat mij beïnvloed heeft zoals soul en blues, ik heb er ook met fantastische muzikanten gewerkt, maar ik hou niet van de Amerikaanse muziekindustrie. Het is een echte industrie; een fabriek waarbij de grote baas alles controleert. Voor mij is muziek kunst en geen business. Muziek moet emotioneel zijn en dat blijf ik ze altijd zeggen en dat vinden ze niet zo leuk ha ha.'
 
 

Toch voldeed 'Freight Train Heart' (1988) niet aan (Amerikaanse) verwachtingen.
'Ik vind dat één van mijn betere platen, maar ik werd op dat moment door Geffen aan de man gebracht als zijnde de Australische Bruce Springsteen! Als Bruce Springsteen in Australië zou worden verkocht als Amerikaanse Jimmy Barnes, zou hij het land uit worden geschopt! Zoiets doe je niet. In Amerika hebben ze een marketing strategie waarbij alles in een bepaalde categorie moet passen. Er is daar zoveel slechte muziek dat ze dat misschien ook wel moeten doen. Ik had in ieder geval niet verwacht dat het allemaal zo zou lopen. Het werken met Jonathan Cain (producer en voormalig Journey toetsenist) was in ieder geval erg fijn.'

Besloot je na dat Amerikaanse avontuur je te concentreren op Europa?
'Nee, dat heeft nog wel een paar jaar geduurd. Ik ben terug gegaan naar Australië en heb een nieuwe cd opgenomen ('Two Fires'). Vier jaar geleden ben ik me meer op Europa gaan richten. De voornaamste reden daarvoor was dat ik een nieuwe uitdaging nodig had om als artiest verder te kunnen groeien. Ik moest voor nieuwe mensen gaan optreden, maar wilde ook geen onderdeel zijn van die Amerikaanse scene. Omdat ik oorspronkelijk uit Schotland kom had ik meer affiniteit met Europa.'

Dat was ook de reden om naar Frankrijk te verhuizen?
'Ja, ik geloof dat ik op een gegeven moment zeven keer naar Europa kwam binnen zes maanden. Ik was dus nooit thuis en heb toen mijn vrouw voorgesteld om naar Europa te verhuizen. Als ik in Australië was gebleven had ik moeten stoppen met spelen omdat ik mijn familie niet genoeg kon zien. Hier in Europa kan ik overal optreden omdat alles nieuw is en bijna niemand mij kent. Ik doe dus veel festivals en dat soort shit en wordt vaak gebracht als zijnde een nieuwe act! En dat terwijl ik juist regelmatig voor honderdduizend mensen heb kunnen optreden! Ik heb dus het voordeel dat ik een 'nieuwe act' met ervaring ben ha ha.'

Dat moet een heel nieuw gevoel zijn.
'Het is een goed gevoel, een uitdaging. Het is een uitdaging om publiek dat nog nooit van mij gehoord heeft voor me te winnen. Mijn band geeft altijd honderd procent, maar het spelen voor een nieuw publiek haalt nog een beetje extra uit de band.'

Waarom besloot je juist in Frankrijk te gaan wonen, je geboorteland Schotland lijkt mij eerder voor de hand liggen?
'Ik heb er aan gedacht, maar het is te koud voor mijn familie. Mijn vrouw is Thais en mijn kinderen zijn in Australië opgegroeid. We zijn de warmte gewend. Het zou leuk zijn om in Amsterdam te wonen, mijn platenmaatschappij wilde zelfs dat ik naar Engeland zou komen, maar Noord Europa is gewoon te koud. Ik had nooit gedacht dat ik in Frankrijk terecht zou komen, maar we keken naar de kaart van Europa en Frankrijk lag mooi in het midden. Ik woon in de Provence en kan via het vliegveld van Marseille binnen anderhalf uur het land uit zijn.'

Spreek je de taal al een beetje?
'Het begint een beetje te komen, ik versta al redelijk veel. Mijn kinderen spreken inmiddels vloeiend Frans. In Zuid Frankrijk zijn veel mensen bereid Engels te praten. Het zijn vooral de grote steden zoals Parijs waar ze eigenwijs Frans tegen je blijven praten, maar dat is in alle wereldsteden zo; New York is wat dat betreft één van de onfatsoenlijkste steden ter wereld.'

Heb je 'Psyclone' in Frankrijk opgenomen om iedere avond thuis te kunnen zijn?
'Dat is voor mij perfect. Toen ik daar kwam wonen wist ik niet eens dat er een studio was. Ik zat net te denken waar ik de plaat moest gaan opnemen toen iemand me vertelde dat er een studio in mijn woonplaats was. Het is een mooie oude studio die daar al twintig jaar zit en een mooie geschiedenis heeft. Het was niet gepland maar ik heb erg veel geluk gehad.'

Je wordt op die manier niet van je werk afgeleid?
'Nee. De laatste vier cd's zijn bij mij thuis opgenomen. Veel studio's hebben een akelige sfeer; onecht. Je zit er veertien uur per dag en als je naar buiten gaat weet je niet meer waar je bent. Je moet met je gewone leven doorgaan. Veel muzikanten besteden te veel tijd aan het opnemen van hun muziek. Met de huidige technologie kun je overal een cd opnemen; je kan een plaat opnemen in je badkamer, en de plaat zou nog steeds goed klinken. Ik heb er ook aan zitten te denken om een mobiele studio naast mijn huis neer te zetten.'

Hoe kijken de Australische fans tegen je aan nu je hun hebt verlaten?
'Toen ik wegging was ik heel eerlijk en zei ik dat ik meer wilde leren. Ik ga dingen leren en kom het dan terug brengen. Ik denk niet dat ze het idee hebben dat ik ze in de steek heb gelaten. Enkele journalisten hebben wel geprobeerd me te begraven. 'Soul Deep' (1991) verkocht in Australië 700.000 keer en vanaf dat moment begonnen de verkopen iets terug te lopen en dat kwam omdat ik al twintig jaar in Australië aan het optreden was. Na die piek van 'Soul Deep' begon ik te denken om weg te gaan, ik moest nieuwe dingen leren. De verkoop van mijn cd's ging niet naar beneden omdat ik weg ging maar juist omdat ik er te lang was.'

Ik ben nogal verrast dat 'Soul Deep' je meest populaire cd is, de plaat staat vol met rhythm en blues covers.
'Dat komt omdat het allemaal van die fantastische nummers zijn.'

Maar heel anders dan men van je gewend was.
'Die plaat maakte ik puur voor het plezier, in twaalf dagen bij mij thuis. Ik had net een tournee afgesloten en Don Gehman (producer) was voor de kerst bij mij thuis en de band was er ook. Ik kwam met het idee om die nummers op te nemen. Alle nummers hadden we al eens gespeeld tijdens soundchecks. We namen ze dus op; bang bang bang, achter elkaar in twaalf dagen. Als een nummer niet in één take opgenomen kon worden gooiden we het weg. Omdat het zo snel gedaan is hebben we het gevoel in de nummers kunnen houden; spontaan. De nummers werden opgenomen op verouderde apparatuur. De Beatles namen vroeger een hele elpee op in acht uur. Omdat we het op die manier gedaan hebben konden de luisteraars de energie in de plaat herkennen. Het zijn goede songs.'

Dat was juist een cd die het heel goed in Europa had kunnen doen.
'Voor 'Soul Deep' had ik een cd genaamd 'Two Fires', en dat was een cd die maar door bleef gaan qua verkoop. We hebben 'Soul Deep' acht maanden vast moeten houden omdat 'Two Fires' zo goed verkocht. 'Two Fires' was voor mij ook het opstapje voor de dingen die ik nu doe, de plaat heeft een mix aan invloeden; pop, soul, akoestisch en enkele smerige nummers. Al mijn voorgaande cd's kwamen samen op 'Two Fires'. Die plaat bleef dus maar doorgaan terwijl 'Soul Deep' al lang klaar was. Toen 'Soul Deep' uiteindelijk in de winkels lag had ik al weer zoveel nieuwe verplichtingen dat ik helemaal geen tijd had om de plaat in Europa of Amerika te promoten.'

Terug naar 1996; je hebt het nummer 'Come Undone' van je cd 'Psyclone' opnieuw opgenomen met de Nederlandse formatie The Pilgrims. Waar kwam dat idee vandaan?
'Ik weet het niet zeker, maar het kwam van één van de twee platenmaatschappijen (BMG of Van Records). Het leek ze een goede manier om mij hier in Nederland, en The Pilgrims in Australië te promoten. En ik had geluk, want soms is het een ramp als mensen dit soort dingen gaan organiseren. Ik had wat muziek van The Pilgrims gehoord en hou van het gevoel dat ze in de muziek stoppen. Ik koos voor het nummer 'Come Undone' maar was nog steeds niet overtuigd of het wel zou werken. The Pilgrims hadden het nummer ingestudeerd en de dag voor de opnames heb ik het drie keer met hun gerepeteerd. Het klonk goed, erg rauw. Ik hou van het gevoel dat zij als band hebben, als solo artiest mis je de intuïtie ten opzichte van de andere bandleden. Vooral bij jonge bands weet je na een aantal jaren precies wat je aan elkaar hebt en wat iemand gaat spelen. Het nummer dat we deden klonk zo rauw omdat ze het niet tot in de perfectie hebben geoefend, ik hou van de energie die er in zit.'

Ben jij gemakkelijk te strikken voor dergelijke projecten.
'Nee. Ik wist niet wat ik ervan moest verwachten, en als het niet werkte had ik ook 'fuck off' gezegd en was de single nooit uitgebracht. Het samenwerken met andere muzikanten is erg leuk en ik heb in het verleden ook een hele stapel duetten gedaan. Je leert er altijd iets van; je stelt jezelf open voor andere invloeden, en als het niet werkt kun je het altijd weggooien. Toen ik die avond het nummer met de band ging repeteren kreeg ik het volste vertrouwen. We hebben het nummer drie keer samen gespeeld en dat was voldoende, de volgende dag hebben we het opgenomen in Amsterdam. Praktisch live! Ik zie nu ook de definitie voor een goede song,
op 'Psyclone' is 'Come Undone' het meest geproduceerde nummer van de cd, veel violen en twee verschillende drumkits. Het was echt een nachtmerrie om dat nummer te produceren, maar het werkte. The Pilgrims spelen het nummer zonder violen en keyboards en het heeft mij de ogen geopend dat een goed nummer ook een goed nummer blijft als je het op een andere manier speelt. De energie blijft behouden.'

De volgende cd wordt dus minder overgeproduceerd als 'Psyclone'?
'Ja en nee. Als je een plaat maakt probeer je alle nummers zo goed mogelijk te behandelen. Ik ga hierdoor misschien iets beter nadenken voordat ik voor een 'zware' produktie zal kiezen, maar het zal me ook niet weerhouden. Sommige nummers hebben een zware produktie nodig, en je wilt altijd het beste uit de nummers halen. De studio is voor mij ook een plaats om te experimenteren.'

Herinnert het werken met The Pilgrims je aan de dagen dat je in Cold Chisel zat?
'Alleen wat betreft de intuïtie, waar ik het al over had. De muzikanten kunnen op elkaar vertrouwen. Dat zie je alleen bij bands die al langer bij elkaar zijn en die met elkaar in dezelfde hotelkamer hebben geleefd.'

Wat zijn je plannen voor deze zomer, ga je weer op festivals spelen?
'Ik weet niet precies wat mijn management voor me gepland heeft, maar ik ben wel van plan om enkele optredens met The Pilgrims te gaan doen. Het lijkt me leuk om enkele nummers van mij te doen; wat covers en natuurlijk nummers van The Pilgrims. Het is een heel ontspannen band en we houden van dezelfde muziek.'

De afgelopen jaren bestond je band uit muzikanten van verschillende nationaliteiten.
'Jeff (Neill, gitarist) is Canadees en Tony (Brock, drummer) is een Engelsman die in L.A. woont. Met Jeff en Tony werk ik al tien jaar, de bassist Michael Hegerty is negen jaar bij me. We werken steeds met tussenpozen met elkaar. We maken een cd en daarna gaat iedereen zijn eigen weg om met iemand anders te spelen. Het zijn mensen met wie ik graag werk. Tijdens mijn laatste Europese tournee had ik een Engelse drummer; heel jong en sterk als een os. Al die energie heeft effect op de rest van de band. Ik spreek mijzelf tegen door dit te zeggen, maar ik hou ervan om nieuwe energie te kweken door met jonge muzikanten te werken. Vooral op dit punt van mijn carrière; ik heb bijna alles meegemaakt en ik moet me niet gaan beperken door steeds met dezelfde mensen te werken.'

Is het een probleem om alle muzikanten bijelkaar te krijgen als jij op tour wilt?
'Soms. Omdat we altijd zo'n fantastische tijd met elkaar hebben zeggen een aantal muzikanten hun andere verplichtingen gewoon op en gaan met mij op tour. Tony Brock vertrok bij Rod Stewart om met mij op tour te kunnen terwijl Rod hem een fortuin betaalde. Als iemand niet kan, zoeken we gewoon iemand anders. Dat bedoel ik met 'je moet jezelf niet beperken'. De eerste drie cd's nam ik op met gitarist Malcolm Eastick en opeens kom ik Johnny Diesel tegen, achttien jaar oud, en nam hem in de band. Iedereen zegt dat Diesel zoveel van mij heeft geleerd, maar het is andersom; ik heb veel van hem geleerd omdat hij fris, jong en agressief is. Je moet open staan voor veranderingen'

Mis je dat bij andere artiesten?
'Het is moeilijk, vooral als je heel beroemd bent. Neem bijvoorbeeld Joe Cocker, het is voor zo iemand heel moeilijk om te veranderen. Maar toen hij een keer met mij zong (op de cd 'Flesh And Wood') had hij het reuze naar z'n zin. Ik denk dat artiesten vaker met elkaar moeten samenwerken, zelfs als het niet werkt is het de moeite waard om te proberen omdat je jezelf muzikaal verbreed. Het belangrijkste van een rock and roll band is de honger naar nieuwe ideeën.'

Het is natuurlijk veel eenvoudiger om datgene te blijven doen wat je gewend bent.
'Ja, maar dan wordt je als de Moody Blues ha ha. Daarom ben ik in Europa, ik had nog wel twintig jaar in Australië door kunnen gaan.'

Je ziet jezelf dus niet meer in een bandsituatie terugkeren.
'Stel je voor dat Cold Chisel ooit weer bij elkaar zou komen; het zou nooit meer hetzelfde zijn. We praten er regelmatig over. Een paar weken geleden sprak ik Ian Moss (gitarist) en Don Walker (toetsenist) in Sidney. Het is leuk om ze weer te spreken, maar het zou nooit dezelfde band zijn omdat we allemaal veranderd zijn. Eén van redenen waarom we ermee ophielden was omdat we vonden dat we niet meer zo goed waren. We hadden binnen Cold Chisel altijd een hele hoge kwaliteitsstandaard waaraan we ons hielden. Toen we die standaard niet meer konden halen zijn we ermee opgehouden omdat we vonden dat de fans het beste verdienden. Als we het nu nog een keer zouden proberen zou het heel erg goed moeten zijn, anders gaat het helemaal niet door.'

'Psyclone' is de eerste cd die je maakte terwijl je al een tijdje in Frankrijk zat. Heeft dat ook invloed gehad om de tekstuele inhoud van de cd?
'Ja, 'Psyclone' is anders. Niemand in Frankrijk weet wie ik ben, en dat is te gek. Ik probeer altijd met beide benen op de grond te blijven en denk niet dat ik een rockster ben en dat soort shit. Maar als je in Australië woont weet iedereen weet wie je bent. Iedereen doet iets voor je, je krijgt de beste tafels in restaurants etc. Het is dan gemakkelijk te denken IK ben Jimmy Barnes en IK kan alles doen. In Frankrijk kreeg ik een eerlijker beeld van mijzelf, de teksten zijn veel eerlijker. Alle mensen zijn gelijk en hebben goede en slechte eigenschappen, en het is gemakkelijk om alleen naar je goede eigenschappen te kijken. Wat dat betreft is 'Psyclone' een heel goede plaat geworden.'

Kost het je veel tijd om teksten te schrijven?
'Nee, ik schrijf ze heel spontaan en ter plekke. Meestal binnen de vijftien minuten; ik ga er niet voor zitten, ze analyseren en veranderen, het is geen poëzie. Ik zet mijn gevoelens op papier.'

Je bent niet bang als het te persoonlijk wordt.
'Nee. Mensen hebben de eigenschap om het persoonlijke te verstoppen. Het nummer 'Just A Man' is heel persoonlijk. Maar je moet ook niet te serieus worden als je naar jezelf kijkt, iedereen heeft gevoel voor humor. Door humor te gebruiken kan een heel persoonlijke tekst ook voor andere mensen iets betekenen. Het mooie van muziek is dat iedereen zijn eigen ideeën bij de teksten kan hebben. Als de teksten te somber en te duidelijk zijn worden ze voor het publiek te moeilijk en te depressief.'

Maak je eerst demo's van de nieuwe nummers?
'Nee, ik wil geen tijd verdoen aan het maken van demo's. Als je dan de studio in gaat probeer je altijd beter te klinken dan je eigen demo's. Het mooie van nieuwe nummers is dat als je ze voor het eerst speelt er nog zoveel energie in zit. Ik kan me niet voorstellen dat sommige artiesten twee jaar in de studio kunnen zitten. Ik zing een nummer nooit vaker als twee keer.'

Twee keer?
'Ja, anders verpest ik het. Dat is het mooie van de muziek uit de jaren zestig, ze hadden geen keus die plaat moest worden opgenomen in een paar uur. Daarom heeft die muziek de energie, intensiteit en natuurlijk de fouten.'

Als je in de studio de nummers maar twee keer hoeft te zingen betekent dat dat je snel tevreden bent?
'Als ik niet tevreden ben heb ik het niet goed genoeg gezongen. Als het niet in twee keer lukt is het niet de moeite waard en gooi ik het nummer weg. Ik kan een nummer niet vaker als twee of drie keer zingen, daarna wordt het te voorspelbaar. Muziek is emotie en als je het te vaak over moet doen ga je als Barry Manilow klinken ha ha. Bij de opnames van 'Freight Train Heart' kreeg ik problemen met JonathanCain. Ik hou ervan om met hem te schrijven en ik heb een geweldige tijd gehad,maar toen we de zang gingen opnemen ontstonden er problemen. Jonathan wilde dat ik nummers steeds opnieuw ging zingen, hij nam alles op en ging dan verschillende opnames aan elkaar plakken om alles zo perfect mogelijk te laten klinken en ik voelde me daardoor erg beledigd. Ik heb toen de tapes gepakt en ben weggegaan, we hadden een behoorlijke ruzie en ik heb hem sindsdien niet meer gezien. Als zanger had ik het gevoel dat ik eerlijk moest zijn, ik wil niet net zo klinken als Steve...nog wat.'

Steve Perry.
'Journey is fantastische muziek en Steve Perry is fantastische zanger die het liefst Sam Cooke wil zijn. Ik wilde me niet laten misleiden en moest een streep trekken, en dus vertrok ik met de opnames onder mijn arm. Het was een moeilijke beslissing, de platenmaatschappij (Geffen) begon te flippen en haatte de plaat, maar het was de enige manier om mijn eigenwaarde te behouden.'

En het is een hele mooie plaat geworden.
'Precies. Maar dat was niet gebeurd als ik niet had ingegrepen. We hadden goede nummers opgenomen maar ik moest het inpikken om het zelf af te maken. Mike Stone heeft de plaat gemixed, hij is totaal geschift, maar een geweldige technicus.'

Kun je een nummer ten alle tijde inzingen?
'Ik heb nooit problemen met mijn stem, maar een nummer als 'Do Or Die' kan ik niet om tien uur in de ochtend zingen. Een nummer als 'Here I Am Baby' van 'Two Fires' moest ik juist laat op de avond zingen om het juiste geluid te krijgen.'

Na een dag van schreeuwen, alcohol en sigaretten?
Ja precies, maar ik rook niet. Ik drink alleen veel ha ha. Ik kan op ieder moment zingen, maar hou er niet van om vroeg op de dag te zingen. Ik behandel mijn stem als een instrument.'

Waar alcohol geen slechte invloed op heeft.
'Nee, als ik niet meer kon drinken zou ik stoppen met zingen ha ha. Als ik drink wordt een optreden ontspannen en spontaan, je vergeet wat je van plan was en gaat er gewoon voor. Het is als een slecht geheugen; iedere avond denk je dat je iets nieuws doet.'
 
 

Officiële website: http://www.jimmybarnes.com
 
 
 

Interview: Raymond van Dam
Fotografie: Harry Pater


CONCERT:
Jimmy Barnes treedt op dinsdag 15 augustus 2006 op in De Lantaarn te Hellendoorn.
Voorverkoop begint op 4 juli bij de bekende voorverkoopadressen.