HYMN 27 en GEZANG 392


Hymn 27 - Abide with me

Abide with me; fast falls the eventide:
The darkness deepens; Lord, with me abide:
When other helpers fail, and comforts flee,
Help of the helpless, O abide with me.

Swift to its close ebbs out life's little day;
Earth's joy grow dim, its glories pass away;
Change and decay in all around I see:
O thou who changest not, abide with me.

I need thy prsence every passing hour:
What but thy grace can foil the tempter's power?
Who like thyself my guide and stay can be?
Through cloud and sunshine, Lord, abide with me.

I fear no foe with thee at hand to bless;
Ills have no weight, and tears no bitterness.
Where is death's sting? Whre, grave thy victory?
I triumph still, if thou abide with me.

Hold thou thy Cross before my closing eyes;
Shine through the gloom, and point me to the skies:
Heaven's morning breaks, and earth's vain shadows flee;
In life, in death, O Lord, abide with me.

Gezang 392, Blijf mij nabij.

Blijf mij nabij, wanneer het duister daalt,
De nacht valt in, waarin geen licht meer straalt.
Andere helpers, Heer, ontvallen mij.
Der hulpelozen hulp, wees mij nabij.

Wees bij mij, nu de dag ten einde spoedt.
Alles verdoft wat glans bezat en gloed.
Alles vervalt in 't wisselend getij,
maar Gij die eeuwig zijt, blijf mij nabij.

U heb ik nodig, uw genade is
mijn enig licht in nacht en duisternis.
Wie anders zal mijn leidsman zijn dan Gij?
In nacht en ontij, Heer, blijf mij nabij.

Ik vrees geen kwaad, want bij mij is de Heer.
Tranen en leed zijn nu niet bitter meer.
Waar is uw prikkel, dood, wat dreigt ge mij?
Ik triomfeer, mij is de Heer nabij.

Houd, Heer, uw kruis hoog voor mijn brekend oog,
licht in het duister, wijs de weg omhoog.
Uw dag breekt aan, de schaduw gaat voorbij.
In dood en leven, Heer, wees Gij nabij.


Sluit dit venster.