22 A E N H A N G S E L VOORREDEN.Nademael wy hier vooren de Thiende beschreven hebben soo verre ter Saecken nodich schijnt, sullen nu commen tot de ghebruyck van dien, bethoonende door 6 leden, hoe alle rekeninghen ter Menschelicker nootlickheyt ontmoetende, door haer lichtelick ende slichtelick connen afgheveerdicht worden met heele ghetalen, beghinnende eerst (gelijck sy oock eerst int werck gestelt is) ande rekeninghen der Landtmeterie als volght.
I. LIDT VANDE REKENIN- ghen der Landtmeterie.Men sal de roede andersins segghen te wesen een BEGHIN, dat is 1[0], die deelende in thien even deelen, welcker yder doen sal een Eerste, ofte 1[1]; Daer naer salmen elcke Eer- [Blad 22]
ste
Der Thiende 23ste wederom deelen in thien even deelen, welcker yder sijn sal 1€, ende soomen die deelinghen cleender begheert, so salmen elcke 1[2], noch eenmael deelen in thien even deelen, die elck 1[3] doen sullen, ende soo voort by aldien het noodich viele: Hoe wel soo veel het Landtmeten belangt , de deelen in [2] sijn cleen ghenouch: maer tot de saecken die nauwer mate begheren, als Lootdaecken, Lichamen, etc. daer machmen de [3] ghebruycken.
Angaende dat de meestendeel der Landtmeters gheen roede en besighen,
maar een keten van drie, vier, ofte vijf roeden lank, teeckenende op den
stock van het Rechtcruys, eenighe vijf ofte ses Voeten, met haren Duymen,
sulcx mueghen sy hier oock doen, alleenelick voor die vijf ofte ses Voeten
met haren Duymen, stellende vijf ofte ses Eersten met haren Tweeden.
Dit aldus sijnde men sal int meten ghebruycken dese deelen, sonder
opsicht te hebben naer Voeten ofte Duymen die elcke Roede naer Landtsghebruyck
inhoudt, ende t'ghene naer die mate sal moeten Vergadert, Afghetrocken,
Ghemenichvuldicht, ofte Ghedeelt worden, salmen doen naer de leeringhe
der voorgaender vier Voorstellen.
By exempel, daer sijn te vergaderen vier Driehoucken, ofte sticken
Landts, welcker eerste 345[0] 7[1] 2[2], het tweede 872[0] 5[1] 3[2], het
derde 615[0] 74[1] 8[2], het vierde 956[0]
[Blad 23]
B4 8[1]
24 Aenhangsel8[1] 6[2], Dese vergadert naer de maniere int eerste voorstel verclaert in deser voughen:
[0] [1] [2] 3 4 5 7 2 8 7 2 5 3 6 1 5 4 8 9 5 6 8 6 ------------------- 2 7 9 0 5 9
Haer Somme sal sijn 2790[0] ofte Roeden, 5[1] 9[2], De voornomde Roeden ghedeelt naer de ghebruyck met so veel, alsser Roeden op een Morghen ofte Ghemet gaen, sal de Morghen ofte Ghemeten hebben.
Maer soomen wil weten hoe veel Voeten en Duymen de 5[1] 9[2] maecke[n] (twelck hier eens voor al gheseyt, den Landtmeter maer eenmael en behouft te doen int laetste sijnder rekeninghen, die hy den eyghenaers overlevert, hoe wel den meestendeel van haer onnut achten, aldaer van Voeten te spreecken) men sal op de Roede besien hoe veel Voeten en Duymen (welcke neven de deelen der Thiendetalen op een ander sijde der Roeden gheteeckent staen) daer op passen.
Ten anderen, wesende van 57[0] 3[1] 2[2], te trecken 32[0] 5[1] 7[2], men sal wercken naer het 2e Voorstel in deser voughen:
[0] [1] [2] 5 7 3 2 -------------- 3 2 5 7 -------------- 2 4 7 5 Ende sullen resten 24[0], ofte Roeden, 7[1] 5[2]. Ten[Blad 24]
Der Thiende 25Ten derden, wesende te vermenichvuldighen van wegen de sijden eens Driehoucx ofte Vierhoucx 8[0] 7[1] 3[2], door 7[0] 5[1] 4[2]: Men sal doen naer het 3e voorstel aldus:
[0] [1] [2] 8 7 3 7 5 4 ----------- 3 4 9 2 4 3 6 5 6 1 1 1 ---------------------- 6 5 8 2 4 2 [0] [1] [2] [3] [4]Gheven uytbreng ofte Plat 65[0] 8[1], etc.
A F B ------------------------------------- | | | | | | | | | ------------------------------------- D CDe vraghe is hoe verre men van A, naar B meten sal, om af te snijden de voornomde 367[0] 6[1]. Men sal 367[0] 6[1] deelen door de 26[0] 3[1], naer het vierde voorstel aldus:
1 -2- -2- -7- -6- -2- -5- -0- 8 -4- -6- -3- -1- -1- -0- -4- -7- -3- 9 [0] [1] [2] -3- -6- -7- -6- -0- -0- ( 1 3 9 7 -2- -6- -3- -3- -3- -3- -2- -6- -6- -6- -2- -2-Gheeft Soomenichmael voor de begeerde langde van A, naer B, welcke sy A F, 13[0] 9[1] 7[2], Ofte naerder canmen commen soomen wil (hoe wel het onnoodich schijnt) door het eerste Merct des vierden voorstels. Van
B 5 alle
26 Aenhangsel alle welcke exempelen de Bewijsen in hare voorstellen ghedaen sijn. II. L I D T V A N D E R E K E N I N G E N Der TapytmeterieDes Tapijtmeters Elle sal hem 1[0] verstrecken de selve sal hy (op eenighe sijde daer de Stadtmatens deelinghen niet en staen) deelen als vooren des Landtmeters Roe ghedaen is, te weten in 10 even deelen, welcker yeder 1[1] sy, ende yder 1[1] weder in 10 even deelen, welcker yder 1[2] doe, ende soo voorts. Wat de gebruyck van dien belangt, anghesien d'exempelen in alles overcommen met het ghene int eerste Lidt vande Landtmeterie gheseyt is, soo sijn dese door die, kennelick ghenouch, inder voughen dat het niet noodich en is daer af alhier meer te roeren.
III. L I D T V A N D E Wijnmeterie.Een Ame (welcke t'Antwerpen 100 potten doet) sal 1[0] sijn, de selve sal op diepte ende langde der wijnroede ghedeelt worden in 10 even deelen (wel verstaende even int ansien des wijns, niet der Roeden, wiens deelen der diepte oneven vallen) ende yder van dien sal 1[1] sijn, inhoudende 10 potten, wederom elcke 1[1] in thien even deelen, welcke yder 1[1] sal maecken [*Noot GH: Drukfout, moet zijn 1[2]*],
die
Der Thiende 27die een pot weert is, ende elck van desen wederom in thienen, ende elck sal 1[3] verstrecken. De roede alsoo ghedeelt sijnde, men sal (om te vinden het inhoudt der tonnen) Menichvuldigen ende Wercken als int voorgaende 1e Lidt ghedaen is, welck door t'selfde openbaer ghenouch sijnde, en sullen daer af hier niet wijder segghen.
even
Het
Der Thiende 29Het bewijs is cort ghemaect, overmidts wy in dies niet aen Leerlinghen maer aen Meesters Schrijven.
IIII. L I D T V A N D E L I C H A E M- meterie int ghemeene.Het is wel waer dat alle Wijnmeterie (die wy hier vooren verclaert hebbe[n]) is Lichaemmeterie, maer anmerckende de verscheyden deelinghen der roeden van d'een buyten d'ander, oock dat dit, alsulcken verschil heeft tot dat, als Gheslachte tot Specie, soo mueghen sy met reden onderscheyden worden, want alle Lichaemmeterie gheen Wijnmeterie en is. Om dan tot de Saecke te commen, den Lichaemmeter sal ghebruycken de Stadtmate, als Roede ofte Elle met hare Thiendedeelinghen, soo die int eerste ende tweede Lidt beschreven sijn, wiens gebruyck van het voorgaende weynich schillende, aldus toegaet:
{1] [2]
3 2
2 4
-------------
1 2 8
6 4
-------------
7 6 8 [4]
2 3 5 [2]
-------------
3 8 4 0
2 3 0 4
1 5 3 6
-------------------------
1 8 0 4 8 0
[1] [2] [3] [4] [5] [6]
Geeft Vytbreng als blijct 1[1] 8[2] 4[4] 8[5]. [Blad29]
30 Aenhangsel MERCT.Yemandt den Grondt der Lichaemmeterie niet ghenouch ervaren (want tot dien spreecken wy hier) mocht dincken waeromme men segt dat de colomme hier boven maer 1[1], etc. groot en is, namael sy over de 180 Teerlinghen in haer houdt, diens sijden elck van 1[1] lanck sijn; Die sal weten dat een Roede Lichaems niet en is van 10[1], als een Roede in langde, maer van 1000[1], in welcken ansien 1[1] doet 100 Teerlinghen elck van 1[1]; Alsoo der ghelijcke den Landtmeters int Plat ghenouch bekendt is, want alsmen segt 2 Roeden 3 Voeten Landts, dat en sijn niet 2 Roeden ende drie Viercante voeten, maer 2 Roeden ende (rekenende 12 Voeten voor de Roe) 36 viercante voeten: Daerom soo de vraghe hier boven gheweest ware van hoe veel teerlinghen elck van 1[1], de voornomde colomme groot is, men soude t'besluyt daer naer moeten voughen, anmerckende dat yder 1[1] van dese, doet 100[1] van dien, ende yder 1[2] van dese, 10[1] van dien, etc. Ofte andersins, soo het thiendedeel der Roede de grootste mate is, daer op den Lichaemmeter opsicht heeft, hy mach dat Thiendeel noemen Beghin, dat is [0], ende voort als boven.
V. L I D T V A N D E S T E R R E - consts rekeninghen.DE oude Sterrekijckers het Rondt ghedeelt hebbende in 360. Trappen {Gradus}, bevonden dat
de
Der Thiende 31de Sterreconsts rekeninghen der selver met haren onderdelen ofte ghebroken ghetalen, veel te moeyelick vielen, Daerom hebben sy elckenTrap willen scheyden in seecker deelen, ende de selve deelen andermael in alsoo veel, etc. om duer sulcke middel altijt lichtelicker te mueghen wereken door heele ghetalen, daer toe verkiesende de t'sestichdeelighe voortganck, overmidts 60 een ghetal is metelick door vele verscheyden heele maten, namelick 1, 2, 3, 4, 5, 6, 10, 12, 15, 20, 30. Maer soo wy de Ervaring ghelooven (met alder eerbieding der looflicker Oudtheyt, ende door beweechnisse tot de ghemeene nut ghesproken) voorwaer de t'estichdeelighe voortganck en was niet de bequaemste, immer onder de ghene die machtelick inde Natuere bestonden, maer de Thiendeelighe, welcke aldus toegaedt: De 360. Trappen des Rondts, noemen wy andersins Beghinselen, ende yder Trap ofte 1[0] sal ghedeelt worden in 10 even deelen, welcker yder ons een [1] verstrect, daer naer yder 1[1], weder in 10 [2], ende soo vervolghens als int voorgaende dickmael ghedaen is.
laten
32 Aenhangsel laten wy die voor exempelen deses Lidts verstrecken. Dit noch hier by voughende, dat wy inde Sterreconst die wy in onse Duytse Tale (dat is inde aldercierlicste alderrijckste, ende aldervolmaeckste Spraecke der Spraecken, van wiens groote besonderheydt wy cortelick noch al veel breeder ende seeckerder betooch verwachten, dan Pieter ende Ian daer af ghedaen hebben inde Bewijsconst ofte Dialectike onlancx uytghegheven) hopen te laten uytgaen, dese maniere der deelinghe in allen Tafelen ende Rekeninghen sich daer ontmoetende,ghebruycken sullen.
VI. LIDT VANDE REKENIN GHEN DER MUNTMEESTERS, Cooplieden, ende allen Staten van volcke int ghemeene.Om generalick ende int cort te spreecken vanden grondt deses Lidts, soo is te weten dat alle mate; als Langhe, Drooghe , Natte , Ghelt, etc. ghedeelt sal worden door de voornoemde thiendeelighe voortganck, Ende elcke groote vermaerde Specie van dien salmen Beghin noemen, als Marck, Beghin der ghewichten daer mede men Silver ende Goudt weecht: Pondt, Beghin van dander ghemeene ghewichten: Pondtgroot in Vlaenderen, Pontsteerlincx in Inghelandt, Ducaet in Spaeigne, etc. Beghin des Ghelts.
Des
Der Thiende 33Des Marcx hoochste teecken sal sijn [4], want 1[4] sal ontrent een half Antwerps Aes weghen. Voor het hoochste teeken vant Pondtgroote, schijnt de [3] te mueghen bestaen, aenghesien soodanighen 1[3] min doet, dan het vierendeel van 1 [grein].
C vuldigen
34 Aenhangselvuldighen met 8354, gheeft Vytbreng door het derde Voorstel, welck oock is het begheerde Besluyt, 305£ 1[1] 7[2] 1[3]. Wat de 6[4] 2[5] belangt, die en sijn hier van gheender acht.
TEN laetsten moeten wy noch segghen van eenich onderscheydt deses sesten
Lidts, met de voorgaende vijf leden. welck is, dat yeghelick
[Blad 34]
per-
Der Thiende 35persoon voor sijn selven de thiende deelingen van die voorgaende Leden, ghebruycken can sonder ghemeene oirdening door de Overheydt daer af ghestelt te moeten worden; maer sulcx niet so bequamelick in dit laetste wandt d'exempelen van dien sijn ghemeene rekeninghen die allen oogenblick (on soo te segghen) te vooren commen, inde welcke het voughelick soude sijn, dat het besluyt alsoo bevonden, by alle man voor goedt gehouden ware: Daerom ghemerct de wonderlicke groote nutbaerheydt van dien, het ware te wenschen dat eenighe, als de ghene dier t'meeste gherief door verwachten, sulcx beneerstichden om ter Daet ghebrocht te worden; Te weten dat beneven de ghemeene deelinghen dieder nu ter Maten, Ghewichten, ende des Ghelts sijn (blijvende elcke Hooftmate, Hooftghewicht, Hooftghelt, tot allen plaetsen onverandert) noch Wettelick door de Overheydt veroirdent wierde, de voornoemde thiende deelinge, op dat ygelick wie wilde, die mochte ghebruycken.
C 2 den
36 Aenhangselden voorleden gheweest hebben, dat sy soodanighen voordeel niet altijt verswijmen en sullen.
EYNDE DES AENHANGSELS
Extract vande PrivilegieUYT cracht van seecker Octroy des Doorluchtighen Maurits Grave van Nassau/ etc. Ende die vanden Rade van Staten gecommitteert tot regeringhe vande vereenichde Nederlandtsche Provincien/ is ghegunt ende gheoctroyeert Christoffel Plantijn/ te moghen drucken dese Thiende van Simon Stevin, ende verboden wel expresselicken allen anderen persoonen/ ende Boeckprinters/ binnen de gheunieerde Nederlantsche Provincien/ dit voorsz. bouck te printen/ te doen ofte te laten printen/ int Duytsch/ francoys/ ofte Latijn/ sonder consent des voorsz. Plantijns/ noch eenighe die elders ghedruct souden moghen worden/ binnen dese voorsz. Gheunieerde Provincien te vercoopen ofte distribueren/ ende dat voor den tijt van sesse eerstcommende Jaren/ naer den eersten druck van elck des voorsz. boucx/ soo breeder verhaelt is int selve Octroy. Gegeven binnen der Stadt Delft den xxen Decembris/ Anno xvc.vierendetachtich. Ad: Meetkercke.
Ter ordonnantie van sijnder G. ende den Rade van Staten voorsz. Van Langen.[Blad 37]