|
Zonne-energie 2 | ||
|
Op 10 juli 2003 is de eerder afgeleide, toen nog theoretishe dagproductie van 2.5
kWh bereikt. Het was op deze dag buitengewoon helder en de
zon scheen praktisch de hele dag (14 uur en 48 minuten, max. instraling
van kortgolvig licht was 811 Watt/m² - gegevens meteostation Haarweg, WUR ). |
|
|
|
Met deze meter en een stopwatch op diverse tijdstippen op dagen met ruim zonneschijn metingen verricht aan het geleverde vermogen. Vooral tijdens opklaringen tussen regenbuien (heldere lucht!) was het vermogen relatief hoog. |
||
|
Het effect op het verbruik
| ||
| Effect seizoen en max.
instraling
. Tussen april en september is de maximum haalbare productie (dus op zeer heldere, zonnige dagen) niet erg verschillend. Pas na september wordt dit verschil goed merkbaar. Het maximum op uitzonderlijk heldere dagen begin november 2003 ligt duidelijk 1 kWh lager dan wat in de zomer haalbaar is. Midwinter (18 dec.) is nog 1,25 kWh haalbaar. In de winter is het rendement als percentage van de instraling door de zon veel hoger (35%) dan in de zomer (11%). Op 10 juli is de maximuminstraling (kortgolvig licht) 810 Watt/m², en de max. productie 92 Watt/m². Op 18 dec. zijn de cijfers 224 Watt/m² en 79 Watt/m² (figuur hieronder, tijd op de X-as is UTC), bij een luchttemperatuur van 4ºC. |
||
|
| ||