Fear & Loathing in Las Vegas
----de treurige devaluatie van 'gonzo'
'Ik zeg niet dat seks, drugs en rock'n'roll een betere
schrijver van je maken,' zei Hunter S. Thompson ooit tegen een zaal leergierige studenten,
'maar bij mij werkte het wel.'
De Amerikaanse schrijver deed nooit moeilijk over zijn eigen, exorbitante
drugsgebruik. En als al die kids, in zijn navolging, aan de ether, coke en mescaline
willen gaan, Hunter S. Thompson zal ze niet tegenhouden. Die boodschap straalt aan alle
kanten uit het werk van deze literaire outlaw. Als kind van de jaren zestig deinsde
de schrijver er niet voor terug om knetterstoned persconferenties te bezoeken. Zwaar
trippend versloeg hij de Super Bowl. Zwevend op een wolkje LSD tikte hij vervolgens
zijn artikelen in. 'Gonzo-journalisme' noemt hij het.
Wie wil weten wat 'gonzo' precies inhoudt, bezoekt eind januari de bioscoop. Terry Gilliam verfilmde Thompsons meesterwerk Fear and Loathing in Las Vegas (1971 ) tot een technicolor-droom waar je nog dagen van natolt. Fear and Loathing is het verhaal van twee acid freaks die afreizen naar de woestijnstad om voor een sportmaandblad een motorrace te verslaan. De heren hebben hun voorzorgsmaatregelen genomen. Ze kochten zeven maagdelijke notitieblokken? Twintig splinternieuwe ballpoints? Nee. In de kofferbak van de rode cabriolet waarmee ze door de woestijn snellen, bevinden zich 'two bags of grass, seventy-five pellets of mescaline,five sheets of high-powered blotter acid, a salt shaker half full of cocaine, and a whole galaxy of multi-colored uppers, downers, screamers, laughers... and also a quart of tequila, a quart of rum, a case of Budweiser, a pint of raw ether and two dozen amyls'.
Zelfs de fanatiekste gabber of videokunstenaar zal het moeten erkennen: het is een aardig voorraadje drugs om een weekend mee door te komen. Geen wonder dus dat verslaggever Raoul Duke (Thompson) en zijn Samoaanse 'advocaat' Dr. Gonzo, grote moeite hebben serieus werk te verrichten. Welke coureurs er aan de start van de Mint 400-race zijn verschenen, wie er heeft gewonnen - ze hebben er na afloop geen flauw benul van.
Maar daar gaat het ook niet om in gonzo-journalistiek. Het gevoel een te zijn met het evenement, dat is minstens zo belangrijk. Geen nood dus als er tijdens de rit naar Vegas enorme zwarte vleermuizen boven de auto verschijnen. Twijfel niet wanneer de incheckbalie van het hotel in bloed drijft, terwijl de receptioniste verandert in een sidderaal. Het is alleen maar goed voor het verhaal.
De hilarische lotgevallen van het verdwaasde tweetal tussen de neonlichten van Las Vegas werd meteen bij verschijning al betiteld als een klassieker in de drugsliteratuur. En nu is er dus de film onder regie van Monty Python-lid Terry Gilliam. Geen onbegrijpelijke keus: de man die ook nachtmerries als Brazil en Twelve Monkeys maakte, ontfermt zich nu over twee gedrogeerde misfits. Johnny Depp en Benicio del Toro spelen overtuigend de hoofdrollen. En meer 'gonzo' dan Johnny Depp kun je ook niet krijgen. Dertig journalisten uit heel de wereld zaten dit jaar in Antibes vergeefs te wachten op een interview met de ster. Meneer Depp vermaakte zich ondertussen met mejuffrouw Kate Moss in zijn hotelkamer. Gillend van de drugs, naar verluidt.
Dat 'gonzo' sinds Fear and Loathing in Las Vegas een begrip geworden is, viel te verwachten. Helaas voor Hunter S. Thompson begrepen maar weinig van de 'gonzo-journalisten' die hem navolgden, wat de originator ermee bedoelde. Gonzo is zoveel meer dan op reportage gaan met neusschotjes of andere geestverruimende middelen achter de kiezen. Crashen tijdens een roomskatholieke mis, koprollen maken over het centrecourt van Wimbledon - het is niet genoeg.
De verkrachting van de term begon nog vrij
onschuldig toen Jim Henson een van zijn muppets 'Gonzo the Great' doopte. Deze paarse
waanzinnige die taxi's stopt door zich er jodelend voor te werpen, mag dan een flauwige
karikatuur zijn, Thompson zal er nog wel om hebben geglimlacht. Erger wordt het de laatste
jaren in de pornowereld. Het keurmerk 'gonzo' betekent daar sinds kort dat de film elk
logisch verhaal ontbeert, de geschoolde cameraman is vervangen door het zenuwachtige
neefje van de producent en de regisseur houdt zich alleen nog bezig met het binnendragen
van potten glijmiddel. Kortom: goedkope rommel. Ook het benoemen van Groene Amsterdammer-onderzoeker
Rene Zwaap als de 'de enige Nederlandse gonzojournalist' gaat natuurlijk zeven mijl
te ver. Zwaap is een aardige jongen, maar na een kopje espresso begint hij al zo
onbedaarlijk te trillen dat hij geen toetsenbord meer weet te raken. Nee, de enige echte
Europese gonzo's zitten toch in Groot-Brittannië. Op de redactie van het maandblad Loaded
om precies te zijn. Daar geldt nog het aloude adagium van Hunter S.Thompson:'If
you didn't get in trouble, you probably didn't do your job right!' (Erik
Noomen)
Fear and Loathing in Las Vegas draait op het International Film Festival Rotterdam.
Daarna zal de film in het hele land worden uitgebracht.
Ongevraagd overgenomen uit Blvd.51 van 1998
Terug naar HST