Verwerping van de demokratie


De demokratie is een van de burgerlijke, kapitalistiese maatschappijvormen. Uitgangspunt van de demokratie is de bestendiging van twee tegenover elkaar staande klassen - de arbeidersklasse versus de kapitalistiese klasse - en hun kollaboratie op basis van het kapitalistiese prive-eigendom. De uitdrukking van deze kollaboratie is het parlement en de nationale vertegenwoordigende regering. Formeel verkondigt de demokratie vrijheid van spreken, persvrijheid, vrijheid van vereniging en gelijkheid van allen voor de wet. In werkelijkheid zijn deze vrijheden zeer beperkt: zij worden getolereerd zolang ze niet botsen met de belangen van de heersende klasse, dus van de bourgeoisie.

De demokratie houdt het principe van kapitalisties prive-eigendom in stand. Dat geeft de bourgeoisie de mogelijkheid de gehele ekonomie van het land te beheersen, de pers, het onderwijs, de wetenschap en de kunst: het verschaft de bourgeoisie het absolute heer- & meesterschap over het land. Bezit de bourgeoisie op ekonomies gebied het monopolie, dan kan zij ook op politiek terrein ongehinderd haar macht doen gelden. En inderdaard, in de demokratieën zijn de vertegenwoordigende regering en het parlement slechts uitvoerende organen van de bourgeoisie. De demokratie is dan ook niet meer dan een van de aspekten van de bourgeois-diktatuur, die schuilgaat achter bedrieglijke leuzen over politieke vrijheden en uit de lucht gegrepen demokratiese waarborgen.

Naar: Verwerping van het gezag