My picture ho

r

n

o

Horn Culture is ook een album

l

   Van Rollins wordt uw gastheer altijd vrolijk,

van Sonny Rollins,

l

   maar op dit album horen we

de favoriete saxofonist 

i

   Rollins' donkere kant

van uw gastheer.

n

   (en dat vindt uw gastheer nu juist zo mooi).

Het is een album uit 1973, 

s

   Deze pagina gaat ook

waarop Rollins experimenteert 

   over andere beroemdheden.

met een 'electrische' band.

e

a

 

Sonny Rollins.

Voor de biografieën over deze man wil ik graag
verwijzen naar bijvoorbeeld de site van de BBC.
Ze hebben daar tevens een klein stukje muziek van
Rollins voor u in petto, maar voordat hij aan
een solo begint, breekt de BBC het fragmentje af!

Welaan, nog genoeg opnames om van te genieten.
Bijvoorbeeld de allereerste opname die uw gastheer ter
ore kwam (het moet het voorjaar van 1988 zijn geweest
of daaromtrent): A night at the Vanguard. (1957)
Uw gastheer was lid geworden van de
Gemeentelijke bibliotheek Utrecht, alwaar ze een tot op
heden zeer respectabele Jazzverzameling hebben.
(Heel wat beter dan de bibliotheek in de provinciestad
waar uw gastheer thans - overigens verder tot zeer groot
genoegen - woont)
Ik wist niets van Jazz - ik speelde tenorsaxofoon, had een
altsaxofoon 'erbij' (in de tijd dat het Oostblok nog bestond
en de fabrieken aldaar de ene na de andere goedkope sax
op de markt brachten - zie ook de pagina 'oude saxen')
maar hield van Jimi Hendrix. Dus ik pakte uit die oneindige
schappen met langspeelplaten een plaat met op de hoes een
afbeelding een zwarte man met een zwarte baard met een
tenorsax in zijn mond.
Ik dacht: 'dat instrument heb ik ook thuis',
ik huurde de plaat, en zette het eerste nummer op.

Je hoort het percussieve spel van drummer Elvin Jones,
de invallende Kaboenk-kaboenk-bas van Wilbur Ware,
en dan de eerste noten van Sonny Rollins.
Wij jaren '80 jongeren waren grootgebracht met jazz.
We hoorden op zondagochtend bij het gebakken ei altijd
(op zondagochtend was er vaak gebakken ei,
het had iets feestelijks) Willem Duys.
En als pa inspiratie had, pakte hij zijn klarinet, en ging hij
na Willem Duys op zijn studeerkamertje toeteren
(dit was zeldzaam!) Duys verloor zijn feestelijke associatie
toen hij tot diep in de jaren '80, CD's bleef aanduiden met
'dat magische zilveren schijfje', waarvan ik wenste dat ze
die een keer diep bij hem zouden kunnen inbrengen.
De jazz werd geassocieerd met Duys, en ingeruild voor
het heftigere werk, zoals de boven beschreven heer Hendrix,
de heer Robert Smith (zie ook de pagina Navrante Noten),
en andere rock-helden.

Maar wat gebeurde er dan met die één en twintigjarige die
de eerste noten van Rollins hoorde?
Hij werd vrolijk! Hij had geen meisje, weinig vrienden,
voelde zich miskend, wist zich geen houding te geven,
voelde zich depressief, en hij werd vrolijk!!
En hij snapte er niets van, meestal draaide hij muziek
die even depressief was als hijzelf. En hij werd vrolijk.
Hij werd zo vrolijk, dat het wrong met zijn depressiviteit,
dus hij begon te huilen, en dat was ook al zo vreemd,
huilen om vrolijke muziek. En hij voelde zich vrij.

De muziek maakt je vrij. Het is puur, drie mannen op een podium,
je hoort Elvin Jones roepen en kreunen tijdens het kastijden
van zijn drumstel. Het is haast punk. Terug tot de essentie.
Bekende anekdote: Toen Rollins eens van het podium sprong
tijdens een concert had hij de hoogte ervan niet goed ingeschat.
Hij verzwikte zijn enkel, ging liggen op de grond, en vervolgde
zijn solo, de maat tappend met zijn grote witte instapschoenen.
Het publiek ging door het lint, en juichte om meer.

That 's the spirit.



back home
hornUNDERSCOREcultureATplanet.nl





laatste update 08-12-2002
© bart jongeling 2002