|
Half 8 ging de wekker en was het tijd om op te
staan. Het viel weer niet mee om uit bed te komen, maar de gedachte aan een
nieuwe prachtige dag gaf toch wel de doorslag. Een half uurtje later zaten we aan het
ontbijt. De zaal zat weer helemaal vol met gasten. Er stond vandaag niet echt
veel op het programma. We wilden in ieder geval nog een keer langs gaan bij de
Krafla in de hoop dat het nu eindelijk helder zou zijn, maar helaas was het de
derde dag op rij vreselijk mistig. We reden verder over de 1 richting Egilsstaðir. Via de oude ringweg (901) reden we door de
heuvelachtige hoogvlakte Jökuldalsheiði naar Möðrudalur. De ringweg was hier in
1999/2000 geheel verlegd, waardoor hij meer dagen per jaar begaanbaar is.
Möðrudalur is de hoogst gelegen bewoonde boerderij op IJsland (469m) en volgens
ons boekje zeker de moeite waard voor een bezoek. Persoonlijk vond ik het niet
zo veel bijzonders. Het gebied rond de boerderij was helemaal verlaten na de
uitbarsting van de Askja in 1875.
Onze volgende stop was bij de turfboerderij
Sænautasel, die we via een spannende F-weg konden bereiken. We hadden er heel
wat van verwacht, maar ook dit viel vreselijk tegen. Nadat we de auto hadden
geparkeerd, staken we via een bruggetje het water over naar de boerderij. We werden
vergezeld door een zwarte hond, die ons de weg wees en de lammetjes bij ons weg
hield. We betraden de boerderij, maar er was helemaal niemand te zien. De
boerderij was echt een stuk minder indrukwekkend dan Glaumbær. We wilden weer terug
naar de auto gaan, toen we opeens een reclame bord zagen staan voor een kopje
warme chocolademelk in het Kaffihus. We besloten om naar binnen te gaan. We
werden begroet door een oude man en een Duits stelletje. Binnen was het
sfeervol bekleed met allerlei zelfgemaakte artikelen, zoals truien, vesten en
sjaals. Nadat we hadden genoten van de pancakes, de warme chocolademelk en de
fotoboeken, wilden we weer gaan. We vroegen wat we de man verschuldigd waren en
dat hadden we beter niet kunnen doen. We moesten ISK 2000 betalen voor de
chocolademelk en pancakes, echt belachelijk!
We moesten nog een klein
stukje rijden voordat we weer op de 1 terecht kwamen. Jeroen ging op zoek naar
de hoogste brug van IJsland. Hiervoor nam hij de afslag naar Husey. Waarom hij
dat deed blijft tot op heden een raadsel, want de brug die waren we inmiddels
allang gepasseerd. We hebben hierdoor een heel eind over de 925 voor niets
gereden: de grapjas. Om 4 uur arriveerden we in
Egilsstaðir, waar we ons 'Edda' hotel in een keer vonden. Nadat we onze spullen
op de kamer hadden gezet, vertrokken we met de auto naar Farðagafoss. Via de 93
richting Seyðisfjörður reden we naar een kleine parkeerplaats langs de weg. We
parkeerden de auto en begonnen onze klim naar de waterval in de
Miðhúsaá-rivier. Het pad was behoorlijk glibberig door de mist, die steeds
dikker werd naarmate we hoger kwamen. De wandeling duurde ongeveer 45 minuten
en leverde een aardig plaatje op.
Vanaf de parkeerplaats reden we verder naar
Seyðisfjörður voor het diner. De weg begon steeds verder te stijgen, zodat we
maar heel langzaam vooruit kwamen. Helemaal boven was het zo mistig en
besneeuwd, dat we het Heiðarvatn slecht konden zien. Naarmate we verder
afdaalden werd het weer helderder en konden we de stad beneden zien liggen. Het
was een prachtige weg, waar langs ook diverse prachtige watervallen lagen. In
Seyðisfjörður konden we niet echt een fatsoenlijk restaurant vinden, wat
bovendien betaalbaar was, zodat we besloten om het hele stuk maar weer terug te
gaan. Tot over maat van ramp kwamen we bovenop de pas ook nog eens achter een
vrachtwagen terecht, die vreselijk langzaam reed. We konden er niet voorbij
omdat het nog steeds vreselijk mistig was en we niet verder dan 3 strepen op de
weg konden zien. Gelukkig gaf de vrachtwagen op een gegeven moment het sein
veilig zodat we er langs konden.
Terug in Egilsstaðir gingen we op zoek naar
eten. Eerst bij een 'Shell'station, later bij een ander restaurant waar niemand
was en als laatste in het hotel, maar daar was een zeer beperkte kaart. We
besloten om toch maar in het 'Shell'station een pizza te eten. Uiteindelijk een
goede keus, want we kozen een heerlijke Hawaipizza van ‘’16 en kregen er een 2
liter fles Pepsi gratis bij (ISK1750). Na het eten hebben we gelijk even de
auto gewassen en toen bleek ineens dat we een witte auto hadden. Voordat we terug gingen
naar het hotel, reden we nog even een klein rondje door de stad maar dat was
niet veel zodat we snel weer in ons hotel waren.
|