LEIDSCHENDAM

R.K. Kerk H.H. Petrus en Paulus


 

1751 - Nieuw orgel van Pieter Assendelft, Leiden. Broekhuyzen (Orgelbeschrijvingen, uitgegeven door VNM onder redactie van A.J. Gierveld, 1986) geeft de volgende beschrijving:

Het orgel in de kerk der r.cath. gemeente aldaar is gemaakt in 1751 door Assendelft, orgelmaker te Delft [!]. Gerepareerd in 't jaar 1850 door M. Beekes, orgelmaker te Delft. Heeft 9 stemmen, een handclavier van C tot '''D, aangehangen pedaal van 2 octaven [en] drie blaasbalgen.

Prestant 8' Octaaf 4' Octaaf 2'
Bourdon D. 16' Fluit 4' Fluit 1'
Holpijp 8' Quint 3' Mixtuur

In het parochiearchief, aanwezig in het Leidschendamse Gemeentearchief (GA), vinden we kwitanties voor stemmen en reparatie door de orgelmakers Vollebregt en W.J. Koffijberg. Deze laatste houdt zich ook bezig met het orgel van de bijkerk in Veur (gesloten in 1812 en gesloopt in 1829) . Het orgel hiervan bevindt zich na de sloop van de kapel ten huize van de Delftse orgelmaker/orgelhandelaar G.P. Reusener en wordt in genoemd jaar door Koffijberg gerepareerd.

1829/31 - Vergroting kerk 'aan de Dam'. "Meemorij van eenige werken (....) Tot afsluiting dezer zitplaatsen langs de voetbank achter het orgel te stellen eene gladde borstwering aansluitende tegen de orgelkast (....) De orgelkast van alle bestaande gebreken herstellen, het open gat aan de achterzijde door middel van een gazen raampje vullen. Het noodige aan de blaasbalgenkast herstellen." (GA)

1837 - Briefwisseling pastoor Rusman en Rijkswaterstaat over slecht toestand orgel. Voor ƒ 522, -- en ƒ 46,50 kostgeld wordt de reparatie uitgevoerd door L. van den Brink E Zn., Amsterdam.

1850 - Reparatie door Machiel Beekes (volgens Broekhuyzen, in kasboeken e.d. in het parochiearchief is dit niet terug te vinden).

1852 - Beekes ontvangt ƒ 66,-- voor het "folien en vergulden der orgelpijpen" (GA)

Het onderhoud is in handen van Beekes, maar in 1862 blijkt dit inmiddels W.H. Kam, Lombertstraat 138 te Rotterdam te zijn.

1863 - Notulen van het kerkbestuur 7 oktober: De President leest vervolgens voor eene missive van de heerren van den Haspel, Scholgens en van der Weijde orgelmakers in Comp. Te Rotterdam, zich als zoodanige aanbevelende, om in plaats van wijlen van Kam met de orgelstemming enz. te worden begunstigd, is men besloten dit aan te nemen. In 1864 al voert dit bedrijf een schoonmaak en reparatie uit en in 1870 wordt het klavier hersteld. (GA)

 

Zo zou het Assendelftorgel er in de oude kerk uit hebben kunnen zien. Assendelfts orgelfronten waren vrijwel alle volgens dezelfde opbouw gemaakt (vgl. de orgels te Nootdorp en Wijk aan Zee). De tekening (Aart de Kort, sept. 2000) is uiteraard fantasie, maar probeert de lezer een idee te geven. Van dit orgel is geen tekening, foto of andere afbeelding bewaard gebleven, zodoende.

 

1880 - Overplaatsing naar de nieuwe kerk door A. v/d Haspel (GA)

1888 - Uit de notulen van het kerkbestuur d.d. 4 mei 1888: "En dat hij [kerkmeester Boonekamp] van der organisten vernomen heeft dat er gebreken aan het orgel zijn, alsmede dat door kinderen soms op het orgel wordt gespeeld en stelt voor den orgelmaker deswege te berigten (....) dat het wenschelijk is dat eene afsluiting op het klavier wordt gemaakt om dat misbruik door de kinderen te verhoeden." (GA)

1894 - Nieuw orgel door de fa. Gebr. Franssen te Roermond. Het oude orgel wordt door hen ingenomen. Het nieuwe orgel wordt ingewijd op 25 november 1894 met als organist J.G. van Meel, organist-directeur van de St. Josephkerk te Den Haag. (GA)

Dispositie: (bron: rapport over het Franssenorgel door de Rijswijkse musicus Joop Schouten d.d. 6 juni 1964 (GA); de vermelding over de tractuur stamt van dhr. Frans van Raad te Oostburg, oud-organist)

MANUAAL I: MANUAAL II: PEDAAL:
Bourdon 16' Viola 8' Subbas 16'
Prestant 8' Bourdon 8' Octaaf 8'
Flûte Harmonique 8' Geigenprestant 8' Violon 8'
Violon 8' Voix Céleste 8' Prestant 4'
Holpijp 8' Fugara 4' Tuba 16'
Prestant 4' Dwarsfluit 4'  
Flûte Octaviante 4' Piccolo 2'  
Octaaf 2' Clarinet 8'  
Mixtuur III    
Trompet 8'    
Clairon 4'    

mechanische tractuur met Barkerhefboom 

 

Het v.m. Franssenorgel (foto C. van 't Wout, collectie Aart de Kort; met dank aan fam. J. Schilte, L'dam)

 

1922 - Plaatsing elektrische windvoorziening (GA)

1927 - Restauratie fa. Dekker (waar dhr. Cor Franssen één der directeuren is). Na betaling blijkt Franssen ontslagen te zijn bij Dekker en komt hij uit rancune aan de pastorie vertellen hoe malafide de firma Dekker volgens hem te werk gaat. (GA)

 

Organist Leonardus van Hagen achter de speeltafel van het Franssenorgel. Van Hagen was organist van 1924 tot 1941 en tevens beheerder van de begraafplaats St. Agatha. (foto afkomstig uit "Leidschendam in oude ansichten", uitgeverij Europese Bibliotheek, 1969)

 

1928 - Voltooiing van de restauratiewerkzaamheden door de firma L. Verschueren te Heythuysen (Opus 27). (GA en jubileumboek Verschueren 1891-1951)

1966 - Nieuw orgel fa. L. Verschueren, Heythuysen, Opus 668. Het nieuwe orgel krijgt een plaats in een kapel ter rechterzijde (Vlietzijde) van het priesterkoor. Ook worden enkele registers (*) van het Franssenorgel opnieuw gebruikt. Adviseur is Bernard Bartelink namens de KKOR. (eigen waarneming en Verschueren Orgelnieuws Kerstmis 1966)

Dispositie:

HOOFDWERK: C-g''' BORSTWERK: C-g''' PEDAAL: C-f'
Prestant 8' Holpijp 8'* Subbas 16'*
Bourdon 8'* Prestant 4' Octaaf 8'
Octaaf 4' Roerfluit 4' Gedekt 8'*
Fluit 4'* Vlakfluit 2'* Koraal 4'*
Quint 2 2/3'* Sifflet 1 1/3' Fagot 16'
Superoctaaf 2' Scherp III-IV  
Mixtuur III-IV Regaal 8'* KOPPELINGEN:
Trompet 8'* Tremulant P+I, P+II, I+II

1997/98 - Complete herbouw/nieuwbouw van het orgel en verplaatsing naar het zuidertransept door de fa. Pels & Van Leeuwen te 's-Hertogenbosch, onder advies van Ton van Eck namens de KKOR. Van het Verschuerenorgel worden laden en het meeste pijpwerk gebruikt. De rest wordt nieuw vervaardigd. De kas en de speeltafelombouw worden (naar ontwerp van de orgelbouwer) vervaardigd door dhr. J.H. van Santen te Leidschendam. Ingebruikname op 13 april 1998. (bron: ingebruiknameprogramma, eigen waarneming en diverse artikelen in de plaatselijke pers)

 

(foto Aart de Kort, september 1999)

 

Dispositie:

MANUAAL I: C-g''' MANUAAL II: C-g''' PEDAAL: C-f'
Prestant 8' Viola 8' Subbas 16'*
Bourdon 8'* Holpijp 8'* Openbas 8'*
Octaaf 4' Prestant 4' Gedekt 8'
Fluit 4' Roerfluit 4'* Octaaf 4'
Kwint 3' Nasard 3'* Fagot 16'
Octaaf 2' Woudfluit 2'  
Mixtuur III-IV Basson - Hobo 8'** KOPPELINGEN:
Trompet 8'* Tremulant P+I, P+II, I+II
    Trede zwelkast Manuaal II

mechanische toets- en registertractuur. De met * gemerkte registers zijn deels afkomstig uit het Franssenorgel, het met ** gemerkte register is afkomstig uit voorraad van de orgelmaker (België, 1e helft 19e eeuw).

 

Aart de Kort, september 2000

HOME Haagse Orgel Kring        Terug naar Orgels in de regio