Naar alle waarschijnlijkheid is de naam Vermeulen een uit een adresnaam ontstane achternaam.
De volgende gegevens zijn afkomstig uit de familienamen databank van het Meertens instituut.
adresnaam
Zeer veel familienamen zijn van toponiemen (aardrijkskundige namen) afgeleid. Deze namen geven aan waar men vandaan kwam (herkomstnamen),
welk gebied of landgoed men bezat of beheerde, of welke huizen men al dan niet met bijhorend land in eigendom of pacht had.
Bij deze laatste groep duiden de namen tevens aan waar men woonde. (Straatnummers waren immers nog niet ingevoerd!)
Dit type naam wordt dan ook wel met de term 'adresnaam' van de herkomstnamen onderscheiden.
Herkomstnamen gaan voornamelijk terug op namen van steden, dorpen en landen; adresnamen op microtoponiemen: namen van huizen, velden, waterlopen, straten.
naamsvermeldingen en literatuurreferenties
• Over het woord molen: - [Cecile Vereecken, 'Van *slut-ila naar sleutel. Umlaut en spontane palatalisering op Nederlands taalgebied', in: HCTD 12 (1938), p 74, met kaart].
• "In andere tongvallen weêr laat men den eu-klank hooren, waar het geijkte Nederlandsch eene o heeft. Deze uitspraak is afgebeeld in de geslachtsnamen Keuning en De Ceuninck, die nevens Koning en De Coninck voorkomen. Verder in Neuteboom nevens Noteboom, in Van der Neut nevens Van der Noot, enz. Het woord molen vooral wordt veelvuldig als meulen uitgesproken. Van daar dat ook in geslachtsnamen meer meulen wordt geschreven en gesproken dan molen. Zoo is allereerst de naam Van der Meulen en Vermeulen veel meer algemeen als Van der Molen, en daar by aan zeer veel verschillende maagschappen eigen" [Winkler-1885, p 499].
• Johan Vermeulen, schepen van Nijmegen 1545 [Legerboek Stevenskerk Nijmegen 1600, p 23].
• Geeraert Hendricx Vermeulen, geb. Ommel bij Asten ca. 1575, stamvader uitgebreid geslacht in zuidoost-Brabant [H. van den Brink, Stamreeks Vermeulen. Een familiegeschiedenis van ruim vier eeuwen, Best 1993; vgl. GN 49 (1994), p 89].
• [J.M. Verhoeff, 'Molens en mulders in nederlandse familienamen', in: Naamkunde 23 (1991), p 80-91].
• Fernande Vermuelen, bewoner en eigenaar van het huis St. Jacob te Middelburg 1576 [Kohier 100ste penning Middelburg 1576, p 28].
• Peter Peters Vermeulen, ged. Cothen 1646; zoon van Peter Everts Vermeulen, won. te Cothen [Oskam-1994, p 127, nr 196].
• [J.G. Vermeulen, 'Adriaan Vermeulen en zijn zoons', in: Mededelingenblad Vereniging Oud-Dordrecht 9 (1991), nr 3, p 16].
• Voorouder: Michiel Jansse, geb. ca. 1600, landbouwer te Oosterhout, in 1662 vermeld met de familienaam Vermeulen, "waarschijnlijk een verwijzing naar een voorvader die molenaar was geweest" [T. Seelen, De geschiedenis van de Westkempische familie Michiel Jansse Vermeulen 1600-1993, Maastricht 1993; vgl. Genealogie-CBG 1 (1995), nr 1, p 15].
• Arie Ariense Vermeulen, huw. Rotterdam 1703 [Slootweg-1997, p 46].
• Martinus Vermeulen, ged. Asten 1777; zoon van Gerardus Martinusz Vermeulen [ M.J.H. van Dooremolen, Strijp bij Eindhoven, zonder en met Vermeulen (1300-1931), Eindhoven 1980].
• Wilhelmina Sophia Vermeulen-Pama, geb. 25-2-1869, won. Oudedijk 265 B, Rotterdam; Margarethe Vermeulen-Mösser, geb. 23-12-1890, won. Rochussenstraat 69 C, Rotterdam; Wyndelina M.A. Vermeulen-van Marrelo, geb. 5-11-1907, won. De Sillestraat 101, Den Haag [Volkstelling-1947].
• [Wim van Gompel, 'Waar komen onze achternamen vandaan? Vermeulen (13)', in: De Schééper. Heemkunde Werkgroep Reusel 12 (2000), nr 46, p 15].
• Deze naam is in België in 1999 nummer 11 op de lijst van de meest voorkomende familienamen ['Meest gehoorde namen in België', in: De Standaardtaal, bijlage van De Standaard 6-3-2001, p 7].
varianten en/of samenstellingen
Vermeul, Vermeule, Vermeulen Mink Wit, Vermeulen Windsant.
omhoog
De familienaam Vermeulen in Nederland
Spreiding van de familienaam
omhoog
Breda in vogelvlucht
De koop van de privileges in 1252 werd lange tijd gezien als het verkrijgen van stadsrechten voor de stad Breda. Dit is echter onjuist.
De stad heeft eerder stadsrechten gekregen, echter de oorkonde ervan ontbreekt. Breda moet ergens tussen
1198 en 1212
stadsrechten hebben verkregen.
Omdat er vroeg in de 12e eeuw melding gemaakt wordt van een nederzetting met de naam Breda, mag aangenomen worden, dat de stad dus niet gesticht is,
zoals dat het geval was met 's-Hertogenbosch in
1185. Deze stad werd door de Hertog van Brabant gesticht om de noordgrens ten opzichte van Hertogdom Gelre te markeren en verdedigen. Tevens is bekend dat in 1116 de naam Breda voor het eerst wordt gebruikt als familienaam. Men mag aannemen, dat het verkrijgen van stadsrechten een opwaardering is van de nederzetting.
Het gevolg van het verkrijgen van stadsrechten was dat de Horigen
stadse vrijheid kregen. Ze waren geen eigendom meer van de Heer van Breda
en vielen onder het stadsrecht. Breda moest hierdoor ook een nieuw rechtscollege vormen. Zo'n rechtscollege werd in deze periode de
Schepenbank genoemd.
Dit woord is afgeleid van het Middelnederlands woord sceppen, wat scheppen betekent; een schepenbank schept dus recht.
Het was het stadsbestuur was verantwoordelijk voor de rechtspraak en de uitvoering ervan. Het idee van Charles Montesquieu om de wetgevende, rechtsprekende en uitvoerende macht van elkaar te scheiden, werd pas vijf eeuwen
later bedacht.
Kaart met daarop de gemeente Breda in 1867
Het verkrijgen van de stadsrechten was waarschijnlijk het gevolg van een burcht aan de oever van de Mark. Deze burcht werd Castellum van Breda genoemd.
Bij deze burcht was er een nederzetting met een tufstenen kerk, die vermoedelijk van tufsteen was gebouwd. Deze kerk stond op de plaats waar nu de Grote of Onze-Lieve-Vrouwekerk staat. Rond deze nederzetting had men een aarden wal opgeworpen met
daarom heen een gracht. De gewonnen aarde ten behoeve van de gracht, werd gebruikt voor de omwalling.
Deze omwalling was waarschijnlijk de aanleiding van Godfried II van Schoten om Breda op te waarderen en stadsrechten te verlenen.
Uit argeologisch onderzoek tussen
1976 en 1983
is gebleken dat deze omwalling dateren tussen 1198 en 1212.
De omwalling had de vorm van een hoefijzer. De mond van de omwalling lag in het westen bij de rivier. De aan wal gebrachte goederen werden binnen de omwalling verkocht.
Over het algemeen is gebleken, dat wanneer een stad een omwalling kreeg, dat de handel met de stad dan beter werd. Zo ook met Breda.
Vanuit de weide omtrek trokken mensen naar Breda om daar hun handel te bedrijven.
Men kwam zelfs vanuit Antwerpen naar Breda.
Deze gegevens zijn afkomstig uit Wikipedia