Materie

 

Start Oerlandschappen Oerlandschappen 2 Big Chief Leileven Roots Zakken Windstreken Breuklijnen Materie Nieuws Exposities/CV Workshop Links

Over de materie  

Hoewel mijn werken in eerste instantie op schilderijen lijken, hebben ze met het traditionele schilderij weinig meer van doen. Waar bij het traditionele schilderij alle materialen ten dienste staan van de kunstenaar, probeer ik als kunstenaar tussen mijn materialen te staan.  Ik wil het materiaal niet bewerken maar ermee samenwerken.

Ik spreek dan ook niet langer van materialen maar van materie. Het criterium voor deze benaming is voor mij, dat de eigen identiteit niet aangetast wordt, maar juist benadrukt.

De in mijn atelier aanwezige materie is op te delen in twee categorieën. De eerste categorie is materie nog niet door mensenhanden bedoezeld. Als voorbeeld  noem ik; zandsoorten uit de oerlagen, vulkanisch materiaal en diverse stadia van veen.

De tweede categorie bestaat uit materie voor de mens niet langer bruikbaar. Uit deze categorie noem ik o.a. as van een houtkachel en glasscherven van een door vandalisme gesloopte telefooncel. Door buiten het gebruiksgebied van de mens te vallen, ontstaat er ruimte voor eigen waarden en schoonheid.

De vier basiselementen; aarde, water, lucht en vuur kunnen zich in mijn werken letterlijk manifesteren.

Aarde als materie. Water, lucht en vuur als beeldende krachten. Andere beeldende krachten zijn o.a. de zwaartekracht, mijn handen en de cohesie en adhesie van de gebruikte materie. Als bindend element dient caseďne, wat ik ook als materie beschouw.

Ondergeschiktheid  probeer ik in mijn werken uit te bannen. Gebruik ik bijvoorbeeld doek, dan krijgt dit doek de ruimte om zich als materie te manifesteren en samen te werken met de andere materie. Het dient niet slechts als drager voor het door mij te vormen beeld, maar maakt daar zelf een deel van uit.

 

 

 

De ontwikkeling van de materie door de jaren heen.

  

Requiem voor olieverf: 2000

Dit zijn de laatste werken waar nog olieverf is gebruikt. De zeggingskracht van de geprepareerde verf woog niet meer op tegen de ongemengde pure zandkorrel.

 

Requiem 1 en 2 (100/120)

  

As-werken :

Dit is de eerste serie waar de verf uit elkaar gehaald is. De pigmentkorrel is een zandkorrel,as, krijt, gedroogde wortels enz.. De binder is nog synthetisch.

Caparol voor zijn transparante karakter en Gesso omdat het wit opdroogt.

Uitgegaan is van geprepareerd doek waarop drie stroken Zaans bord zijn geplakt. Zaans bord is handgeschept papier volgens oude traditie gemaakt in papiermolen de Schoolmeester in mijn geboortedorp Westzaan.

 

Aswerken (2x 50/70 en 3x 60/70)

 

Asrood.

Bij deze doeken gebruik ik voor het eerst pigment als materie. De pigmenten die ik gebruik zijn natuurlijke pigmenten die ik gekregen heb van Samir Jacques Stenka. Een Afrikaans kunstenaar uit Ivoorkust die zijn pigmenten zelf maakt van alles wat hij in zijn omgeving vindt. De dragers zijn kleine doekjes ( 40-50) met 1 strook Zaans bord.   

 

 Asrood (4x 40/50)

 

Fascinatie voor veen.

Een bezoek aan het veenpark in Drente  riep bij mij een sterke fascinatie voor veen op. Een dwarsdoorsnede van een veenlaag laat een constant proces van verandering zien waarbij elk element invloed heeft. De oudste laag (de barg) bevat echter nog het zaad van het ontstaan.

Wordt dit weer blootgesteld aan lucht en water, dan komt de oorspronkelijke begroeiing weer tot bloei.

 

Fascinatie voor veen (3x 60/70, 90/90, 100/100 en 90/120)

 

 

Caseďne

Met het gebruik van  natuurlijke materie werd de noodzaak voor een natuurlijke lijm groot. De oplossing vond ik in caseďne. Een poeder gewonnen uit rauwe melk, wat al eeuwen lang als lijm en buitenverf werd gebruikt. De pure lijm heeft een sterke inwendige kracht waardoor het doek kan bollen en er barsten kunnen ontstaan. Dit zijn eigenschappen die ik niet kan weerstaan. Door de lijm te emulgeren met vernis of olie kan deze inwendige spanning worden opgeheven. Er ontstaat dan een lijm die van bijna massief tot zeer dun vloeibaar gebruikt kan worden. De grenzen van de lijmkracht heb ik nog steeds niet gevonden.

 

Caseďne 2x 60/70 en 40/50

 

Van drager tot deelnemer.

Door de nieuwe manier van omgang met de materie, ben ik ook anders naar het doek gaan kijken. Bij het geprepareerde doek worden alle authentieke eigenschappen  geneutraliseerd. Kleur, structuur, buigzaamheid en absorberend vermogen worden teniet gedaan. Ik heb besloten deze eigenschappen in mijn werk in ere te herstellen. Ook het feit dat het doek twee kanten heeft, heb ik nieuw leven ingeblazen.

 

 Drager tot deelnemer 90/90 en 50/60

 

Van spieraam naar boom.

Een nadere beschouwing van het spieraam leidde ook tot andere inzichten. Het hout is gezaagd, opnieuw verlijmt, ontdaan van alle oneffenheden, in profiel gefreesd, ingezaagd voor spie’s, voorzien van kruizen en tussenlatten enz. Dit alles om de natuurlijke werking van hout te onderdrukken en ervoor te zorgen dat het raam onzichtbaar blijft.

Ik wilde echter het hout weer terug. Als uitgangsmateriaal neem ik 2x3 balken. Een van de meest voorkomende balk, ontdaan van alle eigenheid, slechts toegepast omdat het goedkoop en makkelijk te bewerken is. Voordat ik hier een raam van maak, ga ik hakken en splijten, uitgaand van de eigen nerven en kwasten op zoek naar een nieuwe vorm. Ik noem dit proces,”de boom uit het hout bevrijden.” . Dit proces word voortgezet als het raam in elkaar gezet wordt. Samen met het onbewerkte doek ontstaat zo de basisvorm.

 

Spieraam tot boom 60/80 en 2x 60/70

 

Een samenvatting van al het bovengenoemde komt duidelijk naar voren in de serie’s “windstreken” en ”oerlandschappen”. 

 

Van vlechtwerk naar vezel

De serie zakken heb ik gebruikt om het kant en klare doek verder te ontleden. In plaats van speciaal voor schilderijen gemaakt doek, ben ik uitgegaan van jute zakken. Het touw waar deze uit gevlochten wordt, de vezels waaruit dit touw gemaakt wordt, de plant waaruit deze vezels gewonnen worden, worden nu allen als beeldend element gebruikt.

 

Vlechtwerk naar vezel 2x 107/175

 

De aarde als pigmentkorrel.

Pigmenten worden alleen gebruikt voor hun eigenschap kleur. Daartoe worden ze zo fijn mogelijk gemalen om ze makkelijk te kunnen verwerken.

Ik heb besloten om de materie zoveel mogelijk te gebruiken zoals de aarde het aanbiedt. Dit kan dus zijn van zeer fijn stof tot grote brokken steen. Vermolmd houtstukken schors. Onbewerkte stam tot  zaadkorrel. Ik ga echter altijd uit van de eigen identiteit van de materie.

 

 

 Aarde als pigmentkorrel 120/120, 111/145 en 120/120

 

 

 

Copyright © 2005 Rob van Leeuwen. Alle rechten voorbehouden.

 Stuur een email aan Rob met vragen of opmerkingen over deze website.

Website beheer en onderhoud: Yvonne Post Uiterweer

Deze pagina werd voor het laatst bijgewerkt op 06-12-2009.