Al 19 jaar zingt de Schola Cantorum Sabbato Sancto o.l.v. koorleider B.W.M. Odijk, de "Donkere Metten en Lauden" van de Stille- of Paaszaterdag .
Deze prachtige viering wordt gehouden in de Grote- of Sint Laurenskerk te Rotterdam.


klik om te vergroten

Metten en Lauden zijn het begin van het getijdengebed. Donkere Metten en Lauden worden/ werden alleen gezongen op de vóóravond van de laatste drie dagen van de Goede Week. Het thema van de Goede Vrijdag-avond is: de avond na de begrafenis, de dodenwacht bij het graf. Stilte, droefheid, berusting, maar ook levensverwachting en opstandingsgedachten.
Op een enkele uitzondering na ademt alles vredige, ingetogen kalmte: de keuze van de psalmen, de tekst van de antifonen en responsoria, de melodieën.
Het is een "depositio in pace", een wake bij een graf waarvan men weet dat het weldra zijn prooi zal teruggeven.

De Metten omvatten drie nocturnen (nachtwaken) die elk op zich zelf weer bestaan uit telkens drie psalmen met antifonen (refreinen) en drie lezingen met responsories (antwoorden / acclamaties) op de lezing. Zij worden onmiddellijk gevolgd door de geanticipeerde Lauden (vervroegd morgengebed), bestaande uit vier psalmen, één cantiek uit het oude en de váste cantiek uit het Nieuwe Testament, de Lofzang van Zacharias, alle met eigen antifonen en aan het eind een kort slotgebed.

GELUIDSFRAGMENT: Lamentatio Jeremiae             GELUIDSFRAGMENT: Praeconium Paschale

Opvallend in dit koorgebed is het ritueel. Vóór de aanvang wordt in het koor de kaarsegge (een driehoek kandelaar) geplaatst met daarop veertien ongebleekte waskaarsen (symbool van rouw) en één witte kaars op de top (symbool van Christus). Na elke Psalm wordt één kaars gedoofd, symbool van de vluchtende apostelen, die door hun vlucht Christus alleen achterlaten. Op het eind blijft alleen de Christuskaars over en deze wordt onder het zingen van de Lofzang van Zacharias achter de tafel verborgen (dood van Christus). Na het zingen van het "Christus factus est" wordt in het koor enig gedruis gemaakt (de natuurverschijnselen bij de dood van Christus) en als symbool van de verrijzenis wordt de verborgen doch nimmer gedoofde kaars op de kandelaar teruggezet; een treffend voorspel op de grote ceremonie van de Paaszaterdag als de paaskaars op de grote kandelaar zal verschijnen.

klik op een plaatje om het te vergroten