|
Het kapitalisme voorbij:
Zingeving en gemeenschappen als het nieuwe businessdoel
Charles Handy, sociaal filosoof en
managementgoeroe vindt het kapitalisme achterhaald. Grotere democratisering
en een zoektocht naar zingeving is wat bedrijven overeind kan
houden. 'Bedrijven die zich alleen op winst richten zullen niet
de beste mensen krijgen.'
door Ilse_Engwirda
Geld, succes en zingeving
Charles Handy groeide op als zoon van een dominee in een Iers
dorp. Toen hij achttien was besloot hij nooit meer arm te zijn,
nooit meer naar de kerk te gaan en nooit tevreden te zijn met
wat hij had bereikt in het leven. Hij werd oliemanager voor Shell
in Zuidoost-Azie en werkte als econoom in het financiële
centrum van Londen. Geld genoeg en een interessante carrière.
Vervolgens werd Handy hoogleraar aan de nieuwe London Business
School en publiceerde zijn eerste boek. Toen stierf zijn vader
en was Handy overdonderd door de grote aantallen mensen op de
begrafenis. Een man die hij als eenvoudige, rustige man beschouwde
had blijkbaar de levens van honderden anderen beïnvloed.
Dat besef betekende een keerpunt voor Handy, zowel in zijn persoonlijke
leven als in zijn denken over management en organisatie. Hij
ging zich verdiepen in de zin van het leven en concludeerde dat
individuen maar ook organisaties moeten beslissen waar het om
draait, vóór ze beslissen wat ze moeten doen.
Kapitalisme in diskrediet
Handy uit al jaren scherpe kritiek op de Anglo-Amerikaanse businessmodel,
waarin succes wordt afgemeten aan de waarde van de aandelen.
'Een businessmodel dat de markt leidend verklaart, de aandeelhouder
prioriteit geeft en business ziet als de motor van vooruitgang',
aldus Handy. Met alle uitwassen van dien: medewerkers die worden
uitgebuit, managers die veel te hoge inkomens verdienen, schade
aan het milieu en korte termijn doelstellingen. In een interview
in Management Team zegt hij daarover: 'Het is een rare wereld
waarin de ene helft van de mensheid dingen maakt die de andere
helft niet nodig heeft. Het is een verspilling van menselijk
talent en energie en creëert een zieke samenleving.'
De echte eigenaren
Handy stelt dan ook graag de fundamentele vraag: 'whom and what
is a business for?'
Het mag lijken alsof de aanheelhouders de eigenaars van een bedrijf
zijn. Maar is dat eigenlijk wel zo? Aandeelhouders zijn eerder
investeerders, gokkers misschien. Ze dragen geen verantwoordelijkheid
voor het bedrijf, zijn er vaak nauwelijks bij betrokken, maar
willen winst in ruil voor hun investering. Handy betoogt dat
aandeelhouders financiers zijn, en geen eigenaars. Dat betekent
dat de wensen van de aandeelhouders, winst, slechts een middel
zijn om het bedrijf overeind te houden. Het doel van het bedrijf
wordt bepaald door de echte eigenaars.
Bedrijf als dorp
Maar wie is dan de eigenaar van een beursgenoteerd bedrijf? De
waarde van een bedrijf wordt tegenwoordig grotendeels bepaald
door de talenten van medewerkers, door merken en patenten. Handy
stelt een interessante vraag: 'Hebben medewerkers, die hun tijd
en talent aan het bedrijf spenderen, niet meer recht op het eigenaarschap
dan zij die slechts geld investeren?' Om daar handen en voeten
aan te geven stelt Handy een nieuw beeld voor: het bedrijf als
gemeenschap. Een goed bedrijf is een gemeenschap met een doel.
Het concept van eigendom is dan minder relevant, want een gemeenschap
is niemands eigendom. Een gemeenschap kent leden, die bepaalde
rechten hebben en die iedere op hun manier delen in de successen
van de gemeenschap. Zo'n gemeenschap kun je je voorstellen als
een dorp, klein en persoonlijk. Iedereen mag vrijuit spreken,
heeft recht op een deel van de opbrengst en invloed op het bestuur.
Een verrassend beeld in een werkcontext? Volgens Handy niet:
'Het dorp is een oude organische sociale constructie die al eeuwen
de basis is van onze maatschappij. Het grote kapitalistische
bedrijf is een veel jonger concept.'
Vlooien
Een voorloper van andere verhoudingen tussen bedrijven en werknemers
vindt Handy in de sportwereld en in de uitgeverij. Daar is het
succes zo duidelijk afhankelijk van het talent van bepaalde individuen
dat die individuen delen in de winst. Volgens hem zullen steeds
minder werknemers bereid zijn zich te verkopen voor een jaarlijks
salaris en soortgelijke constructies willen. Veel mensen die
ontevreden zijn over de kapitalistische bedrijven stappen op
en werken als vrije agenten, 'vlooien' in zijn terminologie.
Ze verkopen hun werk aan allerlei organisaties in wisselende
samenstellingen. Hij waarschuwt de grote bedrijven ('Olifanten')
dat ze hun medewerkers meer moeten bieden om leegloop te voorkomen.
Zingeving
Dat meerdere is vooral gelegen in zingeving. Medewerkers willen
kunnen geloven in een hoger doel. Een bedrijf dat werkt als gemeenschap
gaat dus verder dan gedeeld eigenaarschap en winstdeling. Een
echte gemeenschap probeert het goede te doen, toont maatschappelijke
verantwoordelijkheid. Door rekening te houden met het milieu,
door werkomstandigheden aan te bieden die het leven van haar
eigen medewerkers verbeteren. Ironisch in dat opzicht is dat
Handy in de Harvard Business Review het Europese voorbeeld roemt:
zeven weken vakantie per jaar, ouderschapsverlof, sabbaticals
en werkweken van minder dan veertig uur. Verworvenheden die in
Europa ook onder druk staan, en niet meer vanzelfsprekend lijken
toe te nemen. Behalve dan voor die getalenteerden die zo duidelijk
van groot belang zijn voor hun bedrijf dat ze afspraken kunnen
afdwingen die passen bij hun persoonlijke leven. Voor veel mensen
geldt dat echter nog lang niet.
Tot vrijheid veroordeeld
'Niemand is de eigendom van een ander, laat staan van een bedrijf.
Ieder heeft de taak iets van zijn eigen leven te maken en een
manier te vinden om aan een hoger doel te werken. We moeten leven
vanuit gezond egoisme: een nieuwe interpretatie van eigen belang
die stoelt op het besef dat we afhankelijk zijn van anderen.
Je moet dus doen wat goed voor jezelf is, maar wat tegelijkertijd
ook goed is voor een ander.' Een reeks citaten achter elkaar,
allemaal uit de mond van sociaal filosoof Handy. Aansporingen
tot een zoektocht naar echte waarden en gemeenschapszin. Al met
al is Handy misschien meer in de voetsporen van zijn vader de
dominee getreden dan hij ooit had gedacht.
|