Chassisperikelen

Omdat de koets al was afgevoerd naar de lasser konden we onze aandacht gaan
richten op het chassis. Op het eerste gezicht lijkt het redelijk in orde, hier
en daar een plekje waar gelast moet worden. We gaan dus onvervaard door met het
ontmantelen van de auto. Motorblok, versnellingsbak en veerpotten gaan eraf en
uiteindelijk houden we de twee assen en het kale chassis over. Wel grappig
overigens, na het losmaken van de veerpotten gedragen chassis en assen zich als
een soort metalen ledenpop. Gebruik wat bokken of zoals in ons geval wat lege
bierkratjes want je "auto" zakt sierlijk door zijn hoeven als de veerpotten los
zijn. Voor het losmaken van de assen gaat de zaak op zijn kop. Tip van Jan:
probeer nooit de assen los te maken door onder het chassis te gaan liggen, lukt
nooit! De hele boel dus op zijn kop gelegd. De bouten van de assen zitten achter
een metalen plaatje wat je voorzichtig plat kunt tikken, daarna komen de bouten
in zicht en kan het feest beginnen. Wij hebben een oude moersleutel maat 17
afgeslepen want de dikte van de bouten is maar de helft van een normale bout.
Met behulp van een buis als hefboom kun je dan voorzichtig gaan draaien. Bij de
tweede bout was het al prijs, die brak onmiddellijk af. Later zijn we
overgestapt op een normale ratelsleutel samen met buis als verlengstuk en het
uiteindelijk resultaat was dat 6 van de 8 bouten keurig loskwamen.
Bij een AK400 zitten er tussen achteras en chassis opvulstukjes van een
aluminium legering. Een van de twee was zo bros als wat, de andere sneuvelde om
de afgebroken bout te kunnen verwijderen. Hoe krijg je een afgebroken bout uit
het chassis? Slijp met de haakse slijper twee platte kanten aan de bout zodat er
een bacosleutel op past. Opnieuw de buis als verlengstuk en met wat geluk komt
de bout alsnog uit de as. Overigens zijn de opvulstukjes nog wel te krijgen maar
ze beginnen schaars te worden.
Het chassis is naar de lasser gebracht en gestraald. De zwakke plekjes worden
gerepareerd, de binnenkant wordt eerst in de grondverf gezet en na het plaatsen
van een nieuwe onderplaat wordt de binnenkant helemaal getectyleerd. Om knikken
tegen te gaan laten we verstevigingstukken plaatsen. Daarna wordt de buitenkant
geconserveerd.
Het onderstel
We hebben het chassis afgelopen week weer opgehaald. De volgende bewerkingen
hebben plaatsgevonden:
Hierdoor moet het chassis er weer jaren tegen kunnen. Daarna kwamen de assen
aan de beurt. Eerst de oude laag bitak verwijderen en de roestige plaatsen
schuren. Daarna grondverf aanbrengen. Hierna een laag zwarte lak, vervolgens
enkele lagen bodyshoots en afwerken met zwarte lak. Voor de achteras hebben we
een gereviseerde Aca-as gebruikt die we op dezelfde manier onder handen hebben
genomen. Toen kon het opbouwen beginnen. Eerst de veerpotten gemonteerd, daarna
de achteras en tot slot de vooras. Het resultaat is een nieuw onderstel. Het op
de juiste hoogte stellen gaat via de trekstangen van de veerpotten. Dit kan
eigenlijk pas definitief gebeuren als de auto klaar is dus we hebben nu een
voorlopige hoogte aangehouden die in de buurt van de goede hoogte komt. De
hoogte voor een AK400 is voor: 20,5 cm en achter: 33,5 cm.
|
|
|
|
|
|
|
|
Assen demonteren is niet gemakkelijk |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Onderplaat er af en gestraald |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
anti knik verstevigingsstukken geplaatst |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Voor- en achteras zitten er weer aan |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Alles lekker in het kopervet |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
De veerpotten

Een AK400 heeft dikkere veerpotten dan een gewone eend. Het verwijderen van
de veerpotten is een lastig karwei. Op de eerste plaats moeten de stelmoeren van
het stelstuk losgemaakt worden. Hiervoor heb je een sleutel maat 49 nodig en die
ligt normaal gesproken niet in je gereedschapskist. Wij hebben dit opgelost door
een pijpensleutel te nemen, die normaal door een loodgieter gebruikt wordt.
Begin met de binnenste stelmoer, is die eenmaal los dan kun je het stelstuk
voorzichtig los tikken met bijvoorbeeld een breekijzer. De trekstangen zitten
vast in een oogstuk en zijn vaak vastgeroest. Neem een bacosleutel om de
trekstangen los te draaien en doe dit met beleid anders breekt de trekstang
gegarandeerd. Het lijkt verleidelijk om de oogstukken los te maken van het
chassis. Doe dit niet want dan moet je in de werkbank aan de slag en dat gaat
vele malen moeilijker dan wanneer het oog nog vast zit aan het chassis.
Uiteindelijk hebben wij de beide potten losgekregen. Omdat we vier veerpotten
hadden konden we daar twee goeie veerpotten uit samenstellen. Je kunt de veerpot
op de kop open slijpen met een braamschijf op de slijptol. Slijp net zo lang tot
het randje van de buis in zicht komt. Met een paar stevige tikken komt de deksel
dan los en kun je de veer verwijderen. Op de veerpot zit een merkteken AV dat de
voorkant aangeeft. Let op. Er zit een lange en een korte veer in de pot, de ene
is geel gemarkeerd en de andere blauw. Ook de trekstangen zijn verschillend van
lengte, een lange en een korte. Controleer de buis op roest en wrijf hem van
binnen weer in met Ricinusolie ook wel wonderolie genoemd. Dat is de enige soort
(plantaardige) olie die geen lijm oplost en dat is weer belangrijk voor het
materiaal dat aan de veerschotel zit. Bij het in elkaar zetten van de veerpotten let je goed op de plaatsing van de
veren. De korte veer met de lange trekstang hoort aan de voorkant van de
veerpot. Aan de kant van de veerpot die gemarkeerd is met AV. De lange veer met
de korte trekstang hoort aan de achterkant.
|
|
|
|
|
|
|
Zo ziet een veerpot er van binnen uit |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Let op het verschil in hoogte |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Dit spul haal je bij de apotheek |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|