| Vijftig jaren zijn verlopen, sedert de "Nederland" werd opgericht.( 13 Mei 1870) Vijftig jaren lang is er hard gewerkt om haar te maken, tot wat zij thans is, zowel op de kantoren als aan boord, in de loodsen en op de kaden. Tegenspoed heeft de Mij. gekend evengoed als voorspoed. Tegenspoed vooral in de eerste jaren, commerciele tegenspoed en nautische tegenspoed, onvoldoende kapitaal, onvoldoende inkomsten, moeilijke concurrentie en scheepsrampen.Waren er toen geen onversaagde mannen als Prins Hendrik der Nederlanden en J. Bossevain , - beiden oprichter en gedurende vele jaren leiders der Maatschappij,- is het zeer de vraag, of men die moeilijke aanvangs jaren te boven zou zijn gekoomen. Zo begon in 1920 het gedenkboek ter herdenking van het vijftig jarig bestaan van de"Maatschappij ". De Mij. werd opgericht met als eerste oogmerk, de handel met Indie. Half verwege de 19e eeuw waren er reeds enige stoomvaart maatschappijen doch die voeren uitsluitend op Engeland of Duitsland, terwijl alle verbindingen met de Nederlandse bezittingen in Oost - Indie met zeilschepen onderhouden werden. Terwijl in Engeland de industriele revolutie al lang in gang was gezet en stoom-schepen reeds enige jaren over de oceanen vaarden, bleef Nederland achter, de toegangen tot havens die weleer grote bloei hadden gekend worden vergeleken met moddersloten en werven waren vaak te klein voor "grote" schepen. Van ijzer constructies had men hier nog niet veel kaas gegeten. De haven van Amsterdam was moeilijk bereikbaar door de verzanding van de toenmalige Zuiderzee. Dit trachtte men te ondervangen door het graven van het Noordhollands kanaal (begin 19e eeuw). Maar al spoedig bleek dat dit 79 km. lange kanaal ook de oplossing niet was. Vandaar dat de eerste schepen van de maatschappij in Engeland gekocht werden en de eerste belangrijke etablissementen zich in Den Helder bevonden. Sinds 1624, bestonden er reeds plannen om "Holland op zijn smalst bij het dorpje Velsen door te graven, het "IJ" meer en het Wijkermeer zouden dan verbonden moeten worden met de Noordzee, waardoor Amsterdam een goede verbinding met de Noordzee zou hebben.het Noordzeekanaal ,geopend in 1879. In die tijd (1869) was het suezkanaal geopend dat in eerste instantie als een bedreiging voor de nederlandse handels route naar Indie werd gezien, maar al spoedig spoedig voor de maatschappij voordelig bleek Prins Hendrik stelde voor de Mij. de "Nederlandsche Lloyd" te noemen, echter deze naam werd reeds door een verzekerings mij. gevoerd waarna het Stoomvaart Maatschappij Nederland werd. |
De geschiedenis van de Javakade en de voormalige Stoomvaart Maatschappij “Nederland” zijn nauw met elkaar verweven. Van de plaats waar nu moderne appartementen verrijzen vertrokken vroeger haar “majestueuze” passagiersschepen naar het toenmalige Nederlandsch Indië.Langs de Sumatrakade meerden de vrachtschepen van de “Nederland” teneinde aldaar hun ladingen tabak, rubber, thee, peper en andere exotische artikelen uit het Verre Oosten te lossen.Het Java-eiland, zoals het nu wordt genoemd, is een kunstmatig eiland. De “Nederland” gebruikte aanvankelijk, na haar verhuizing uit het Nieuwe Diep bij Den Helder, een gedeelte van de Handelskade voor het laden en lossen van haar schepen. Als gevolg van de sterke uitbreiding van haar vloot werden deze etablissementen echter al gauw te klein.Om de ligplaats aan de Handelskade te beschermen was in het verleden een golfbrekende dam gebouwd en om aan de groeiende vraag naar kaderuimte te voldoen werd deze dam tot een tweede Handelskade, de IJ-kade gemaakt. Hieruit is het Java-eiland voortgekomen.In 1907 werd op het eiland door de “Nederland” een terrein met kade gehuurd. Op het terrein werd een pakhuis van twee verdiepingen gebouwd. Al snel bleek dat het spreiden van het bedrijf over twee locaties grote practische bezwaren had en daarom ontstond het plan om het hele bedrijf te verplaatsen naar de IJ-kade.Medio 1910 konden deze plannen worden uitgevoerd. De “Nederland”beschikte nu over een goed geoutilleerd bedrijf met electrische kranen voor het laden en lossen van de schepen en spoorwegverbindingen met het netwerk van de Nederlandse Spoorwegen.In de loop der jaren werd het bedrijf gemoderniseerd, loodsen werden bijgebouwd en er werd een groot facilitair bedrijf opgebouwd dat zich voornamelijk bezighield met een breed scala aan werkzaamheden voornamelijk ten bate van de passagiersschepen.Op onderstaande foto zien wij rechts de Javakade met de loodsen Holland en Madoera, links de Sumatrakade met de loodsen Sumatra en Celebes.Daar tussenin het zgn. Middenterrein.Beide loodsen aan de Javakade werden over het algemeen gebruikt voor uitgaande lading, de loodsen aan de Sumatrakade voor inkomende lading.Het middenterrein werd voor een groot gedeelte in beslag genomen door het zgn. “Middenterreingebouw” waarin een groot aantal werkplaatsen was ondergebracht.Zo bevonden zich daar een grote electrische werkplaats, een timmerwerkplaats, een smederij, schilderswerkplaats, zeilmakerij, allemaal bemand door vaklieden.Vooral vóór de oorlog werden de meeste werkzaamheden verricht voor de passagiersschepen, onderhoud en reparatie van bv. meubilair. Er bestond zelfs een afdeling voor het chemisch reinigen van de enorme massa tafelzilver die na zo'n behandeling weer glom als nieuw.
Het terrein vóór het Middenterreingebouw was een groot grasveld. Tijdens de oorlog werd een tijdlang door het walpersoneel op een gedeelte van dit grasveld tabak verbouwd. Een groot succes was het waarschijnlijk niet.
De tweede wereldoorlog is niet onopgemerkt aan de Stoomvaart Maatschappij “Nederland” voorbijgegaan. Op 10 mei 1940 lagen er slechts drie “Nederland” schepen in Amsterdam. Twee ervan, de “Sembilan” en het passagiersschip “Johan de Witt” vertrokken zo snel mogelijk. Het derde schip, de “Jan Pieterszoon Coen”, ook een passagiersschip, werd echter tussen de pieren van IJmuiden tot zinken gebracht .Tijdens de oorlog verloren 551 personen in dienst van de “Nederland” het leven, van haar 32 schepen bleven slechts 17 schepen gespaard.De etablissementen in Amsterdam ontkwamen evenmin aan de gevolgen van de oorlog.De Kriegsmarine streek op de terreinen neer en in het najaar van 1940, wanneer de Duitsers zich gereedmaken voor de invasie van Engeland, worden ook in Amsterdam landingsvaartuigen samengebracht.De Engelse luchtmacht voert, dáár waar de invasiemacht zich verzameld heeft, bombardementen uit en begin october wordt loods Celebes getroffen door bommen waardoor vrij grote schade ontstaat. Medio juli 1941 wordt loods Celebes wéér getroffen, nu door een zware bom die een enorme ravage veroorzaakt. In loods Madoera is een bom met tijdontsteking terecht gekomen die na verloop van tijd explodeert. Deze loods is door de Duitse bezetter gevorderd en bevat allerlei voorraden. Tot ieders teleurstelling blijkt de schade echter maar gering.Tijdens dit soort bomaanvallen schoten de, langs de Java- en Sumatrakade afgemeerde, Kriegsmarineschepen er lustig op los. De bewoners van de “Nederland” terreinen trokken zich tijdens dit soort nachten terug in het sousterrain onder het middenterreingebouw. Voor de ramen waren stalen platen aangebracht waar de granaatscherven tijdens zo'n nacht met veel kabaal tegenaan ratelden.Naarmate de oorlog vordert en het duidelijk begint te worden dat Duitsland de oorlog gaat verliezen wordt voor de bewoners van het eiland vervangende woonruimte in Amsterdam gezocht omdat ervan uit gegaan wordt dat bij een Duitse nederlaag de haveninstallaties vernietigd zullen worde |