Nag Hammadi

De vondst

In december 1945 werd een opmerkelijke vondst gedaan. In Egypte werd bij de plaats Nag Hammadi een kruik gevonden met daarin een vijftigtal zeer oude geschriften. De vondst kreeg niet direct de aandacht die het verdiende. De boer die de kruik gevonden had was zich niet bewust van de waarde en verbrandde een deel van de inhoud. Een ander deel kwam terecht in de zwarte handel. 

Het grootste deel kwam gelukkig terecht in het Koptisch museum te Cairo, waar het nog steeds te bezichtigen is. Hier konden wetenschappers aan de gang met de ontcijfering van de geschriften. 
Tot hun verbazing betrof de vondst zowel christelijke als niet-christelijke teksten. Er zijn verslagen van ontmoetingen tussen Jezus en zijn volgelingen. Maar er zijn ook hermetische teksten gevonden, waaronder de beroemde Hermes Trismegistos.

Eén van de geinteresseerden was C.G. Jung.  Hij heeft diverse teksten gekocht en bestudeerd. Een deel van zijn filosofische en psychologische verklaringen is gebaseerd op deze studie.  Het bewustzijn, de oerherinnering (archetypes) die de mens verbindt... thema’s van Jung, maar ook thema’s van de gnostiek en het hermetisch denken die in deze geschriften beschreven wordt. 

De Nag Hammadi-geschriften tonen ons de vergeten wortels van de christelijke cultuur. Ze zijn niet gecencureerd door kerkvaders en tonen ons wellicht de werkelijke boodschap van Jezus.  Zelfs de kerkelijke macht kan de waarde van deze  geschriften niet ontkennen. Een nieuw – eeuwenoud – geloof doet zijn intrede in deze tijd.
 

Bron:
Nag Hammadi-geschriften
Vertaald door: J. Slavenburg en 
W. Glaudemans
ISBN 90-202-1949-9 geb 

 

  verder