Jeroen' s nieuwsblad
Heeft u nieuws laat het dan weten via jeroen01@planet.nl
Apeldoorn, 21 augustus 2004
Apehangen tussen de apen in Apenheul
De Survivalbond Nederland organiseert op zaterdagochtend 28
augustus voor de tweede keer het officieuze Nederlands
Kampioenschap Apehang en waar kan dat nu beter dan in Apenheul
zelf? Deelnemers moeten hangend aan een touw in een bepaald
aantal minuten zoveel mogelijk meters zien af te leggen zonder
daarbij de grond te raken. Het Nederlands record is vorig jaar
gemeten op maar liefst 213 meter. Maar bij de gemiddelde
deelnemer begeven de krachten het veel eerder. Het NK Apehang in
Apenheul begint om 10.30 uur en zal rond 13.15 eindigen.
In het Madagascargebied in Apenheul zijn twee circuits gebouwd
voor de NK Apehang. Er is één circuit voor senioren en één
voor junioren. In totaal doen er 55 deelnemers mee. Volwassenen
moeten in 5 minuten tijd zoveel meters zien te maken. De jeugd
moet meters maken in 2, 3 of 4 minuten tijd. Er is een ronde voor
volwassenen opgehangen van 135 meter, de ronde voor kinderen is
40 meter. De organisatie is in handen van de survivalvereniging
Jan in 't Touw uit Zelhem, dit jaar in nauwe samenwerking met
Stichting Apenheul.
In het gebied waar de NK Apehang wordt gehouden lopen enkele
apensoorten vrij rond. Dit is voor de deelnemers erg spannend,
maar is ook aan een aantal regeltjes verbonden. Want wat er ook
gebeurt er mag niets ten koste gaan van de apen of het gebied
waar de apen verblijven. Zo hebben de apen altijd voorrang op de
deelnemers, ook al zouden ze anders kampioen kunnen worden. Er
mag slechts één persoon tegelijk in de touwen hangen. Ook zijn
de touwen al een week van te voren opgehangen zodat de apen eraan
kunnen wennen. En dat is voor deze apen ook heel belangrijk: ze
zullen onmiddellijk hun geur op de touwen afzetten. De apen geven
zo hun gebied aan: ze communiceren als het ware door geuren. Het
is ook spannend hoe de apen reageren als er opeens mensen in de
touwen hangen. Bezoekers van Apenheul kunnen en mogen de
Apehangers natuurlijk wel komen aanmoedigen.
Apehang is een onderdeel van de survivalsport: aan de onderzijde
van een horizontaal gespannen touw moet, hangend aan armen en
benen, een bepaald parcours worden afgelegd. Deze manier van
voortbewegen noemt men in survival termen 'de Apehang'. Voor de
doorgewinterde Apenheulbezoeker ziet dit er natuurlijk nogal
onbeholpen uit. Echte apen lopen gewoon over een touw heen en
denken er niet over om eraan te gaan hangen. Toch kennen de
Survivors ook een methode om liggend op het touw te kruipen. Deze
voortbewegingmethode noemt men de Catcrowl. Er zijn binnen het
dierenrijk wel dieren die zich op de apenhangmanier verplaatsen.
Neusbeertjes bijvoorbeeld verplaatsen zich op die manier langs
een touw omdat hun evenwichtsgevoel niet zo goed ontwikkeld is
als bij apen. Het beste voorbeeld is natuurlijk de luiaard. Hij
hangt bijna zijn hele leven ondersteboven.

Wolven terug in de natuur door Cor van Dalen 15 OKTOBER 2003 - OMMEN - Stap in de wereld van de wolf. Als het aan Bianca Hemminga ligt lopen er over enige tijd wolven in de bossen bij Ommen. De uit het Drentse Valthermond afkomstige Hemminga wil een educatief wolvenbos inrichten. Ze heeft al overeenstemming bereikt met de familie Van
Voorst tot Voorst om een zeven hectare omvattend
bosperceel op landgoed Giethmen, groot 130 hectare,
geschikt te maken. De gemeente Ommen is enthousiast, maar
laat bij monde van wethouder Bertus Vos wel weten dat een
wijziging van het bestemmingsplan nodig is en dat hiermee
veel tijd is gemoeid. De initiatiefneemster en
oprichtster van Stichting Wolves Unlimited laat zich
hierdoor niet uit het veld slaan en werkt voortvarend
door aan realisering van het wolvenbos, dat jaarlijks
zon tienduizend bezoekers moet trekken om het
kostendekkend te laten zijn. Het wolvenbos is niet alleen
bestemd voor toeristen. Gedragsonderzoek is een andere
belangrijke poot.
|
|||||
Eerste
dekking door Radza
De nieuwe mannetjesolifant van het Noorder Dierenpark, Radza,
heeft inmiddels zijn eerste vrouwtje in Emmen al gedekt. De
primeur was voor Mingalar Oo, met haar elf jaar de jongste van de
acht volwassen olifantenvrouwtjes in Emmen. Onder grote
belangstelling van de hele kudde vond de dekking plaats. Het komt
goed uit dat Radza zon grote belangstelling voor Mingalar
Oo heeft, want vooral om haar is hij uit Riga naar Emmen gekomen.
Sinds 1988 was Naing Thein de grote man in de groep olifanten.
Met succes, want er lopen nu elf van zijn nakomelingen in
verschillende Europese diere
ntuinen rond. Naing
Theins oudste dochter is Mingalar Oo. Vanwege het gevaar
van inteelt mocht zij natuurlijk niet door haar eigen vader
worden gedekt. Daarom is Naing Thein naar de dierentuin van Praag
verhuisd en heeft Radza zijn plaats in Emmen ingenomen. Het
damesgezelschap staat hem blijkbaar wel aan, want zeker tweemaal
heeft hij Mingalar Oo al gedekt. De draagtijd van een olifant is
ongeveer 22 maanden, dus het duurt even voor bekend is of
Mingalar Oo haar eerste jong verwacht.
Bron: Noorder Dierenpark
De Gelderlander 18 okt 03 Als een paddestoel op een paddestoel groeit, hebben we
met een parasiet te maken of met een speling van de
natuur. Het was een lezer van deze rubriek die mij het
vorige jaar een bijzondere foto opstuurde van een
paddestoel op een paddestoel. Dat verwacht je niet. Op het vruchtlichaam van de berkenboleet groeit nog eens een vruchtlichaam. Dat is niet normaal, maar een speling van de natuur. Omdat paddestoelen zo hard groeien, gaat er wel eens vaker iets mis. Zo heb ik een keer een vruchtlichaam van eekhoorntjesbrood met een dubbele steel gevonden. De steel vertakte zich net onder de hoed, die ook niet rond van vorm was maar meer ovaal. Het geheel had wel wat weg van een overkapte katapult. Wat er tijdens het groeien precies mis gaat, weet ik niet, maar dergelijke vreemde vormen maken de kinderen der duisternis nog mysterieuzer dan ze al zijn. Toch zijn er paddestoelen die niet anders kunnen leven dan op een andere paddestoel. De kostgangerboleet groeit op de vruchtlichamen van de aardappelbovist. Deze zeldzame boleet is een echte parasiet. Collega-aardappelbovist wordt namelijk langzaam, maar zeker om zeep geholpen. Het verschijnen van de vruchtlichamen, het onderdeel van de zwam dat wij paddestoel noemen, is per soort aan een bepaalde tijd van het jaar gebonden. Vaak is dat in de herfst, maar er zijn ook soorten die al vroeg in het jaar met de voortplanting beginnen, zoals enkele bekerzwammen en morieljes. De eerste plaatjeszwammen verschijnen meestal, afhankelijk van de voorafgaande weersomstandigheden, begin juli. Bij vochtig warm weer brullen de paddestoelen vooral in september en oktober de grond uit, maar veel vertegenwoordigers van de boleten en de russulas verschijnen al in augustus. Als er op een droge zomer ook nog eens een droog najaar volgt, ontbreken paddestoelen bijna geheel. Dat heeft nauwelijks consequenties voor de soort, want de eigenlijke zwam zit onder de grond. Dit mycelium of zwamvlok is gedurende het hele jaar in de aarde of in dood of levend hout aanwezig. Het mycelium, de ware schimmel, is bescheiden van aard is. De zwamvlok bestaat uit fijne, soms met het blote oog nauwelijks zichtbare, meestal witte draden. Het mycelium haalt de voedingsstoffen uit dode of levende organis-men of uit producten van organismen. Denk maar eens aan paardenmest waar onze champignons immers niet buiten kunnen. De vruchtlichamen zitten barstensvol kiemcellen, sporen in astronomische aantallen die door de wind of door dieren ver-spreid moeten worden. Komt zo'n spore op een geschikte plaats terecht, en die kans is door het enorme aantal niet gering, dan ontwikkelt zich weer een nieuw mycelium. Paddestoelen zijn er in vele vormen en kleuren, maar zij dienen enkel en alleen de voortplanting. Een rijpe weidecham-pignon stuurt per uur een paar honderdmiljoen sporen de wereld in. Een dergelijk spore is zo licht, dat ze slechts een mm per seconde valt. Wanneer het vruchtlichaam tien cm hoog is, wordt de afstand van de hoed tot de aarde in honderd seconden afgelegd. Het moet al gek gaan, wanneer in die tijd een luchtstroom geen vat op de kiemcel krijgt. Niet alleen de weidechampignon maakt gebruik van de zwaartekracht en in tweede instantie dus van de wind om zijn sporen in het luchtruim te krijgen, alle 'hoeddragers' bedienen zich van deze verspreidingsmethode. Elfenbankje en biefstukzwam hebben geen steel en hoed nodig om hun sporen een vrije val te garanderen. Het elfenbankje vestigt zich op takken, stammen en stronken van zowel loof- als naaldhout. De biefstukzwam geeft de voorkeur aan eik en tamme kastanje. Erg hoog zult u deze vleesrode zwam op zijn gastheer nooit aan-treffen, maar bij de weidechampignon zagen we dat tien cm al vol-doende is. Stuifzwammen laten de sporen in een bolvormig vruchtlichaam rijpen. Het omhulsel kan zich op twee manie-ren openen. Of het bovenste gedeelte scheurt en vergaat langzaam - we zien dit bij de ruitjesbovist - of er ontstaat een meer of minder onregelmatige opening aan de top. Als iets of iemand het vruchtlichaam aanraakt, werkt het als een blaasbalg. Parelstuifzwam en niet te vergeten de prachtige aardsterren blazen op deze manier hun sporen het luchtruim in. Ook stinkzwammen laten hun sporen in de buik rijpen. Het jeugstadium is eivormig. Wanneer we een duivelsei doorsnijden, zien we een geleiachtige laag met een groene sporenmassa rond de steelaanleg. Bij rijping strekt de steel zich en voert de sporen op zijn kop mee naar boven. De rest van het ei blijft als een vlies om de steelvoet zitten. Stinkzwammen kun je met de ogen dicht vinden. De walgelijke stank dient om vliegen aan te trekken. Zij zorgen voor de verspreiding van de sporen. Paddestoelen leven vaak nog geen week. Als het einde van het vruchtlichaam nadert, vestigen zich lagere schimmels op de paddestoel. De grootste paddestoel die ik ooit zag, stond in de middenberm van de A1 in de buurt van Deventer. De kleinste groeit bij ons op en in een holle knotwilg. De grote, de reuzenbovist - ik ben ervoor uit de auto gestapt - had een vruchtlichaam met een diameter van 55 cm, de kleine, de zwerminktzwam, had hoedjes van nog geen halve cm. Een week later reed ik weer op de A1: de reuzenbovist was niet meer. De fragiele inktzwammetjes leven slechts twee dagen. Zowel de reus als de dwerg vallen, als ze hun sporen hebben verdiend, ten prooi aan lagere schimmels. Tijdens dit afbraakproces zien we niet zoals bij de kostgangerboleet en bij de berkenboleet een paddestoel op een paddestoel, maar een zwam op een zwam. Paddestoelen zijn immers wel zwammen, maar niet alle zwammen zijn paddestoelen. |
Heb je ook dierennieuws geef het dan door via jeroen01@planet.nl