Nederlandse spreekwoorden en gezegdes


 

HOOFDONDERWERP: JONG EN OUD

1. jong
2. jong versus oud
3. jeugd
4. kinderen
5. jaren
6. oud
7. overig

http://www.thonen.nl
michelle@thonen.nl

 


1. JONG

Je bent toch ook jong geweest
je hebt in je jeugd toch ook weleens de bloemetjes buiten gezet.

Je bent jong en je wilt wat
wanneer je jong bent wil je genieten van je jeugd.


2. JONG VERSUS OUD

Jong geleerd, oud gedaan
Wat je jong geleerd hebt, gaat je in je latere leven gemakkelijk af.

Zoals de ouden zongen, piepen de jongen
kinderen doen en denken hetzelfde als hun ouders.
Vroeger was het: ‘zoals de ouden zongen, pijpen de jongen’. Pijpen betekende fluiten. Maar omdat men deze betekenis van pijpen (wat uitgesproken werd als ‘piepen’) niet meer kent, is er van gemaakt: piepen, zoals jonge vogeltjes in het nest piepen.

Die jong rijdt, moet oud lopen
waarschuwing om in zijn jonge jaren het zeil niet te hoog in top te voeren.

Beter jong gestorven als oud bedorven
Vlaams gezegde, als troost bij het sterven van een jong kind.

Het kind is de vader van de man
zoals iemand is als kind, zo zal hij later ook worden als man.
Dit is een vertaling van een dichtregel van de Engelse dichter Wordsworth.

Hij is te klein voor een tafellaken en te groot voor een servet
hij is nog niet volwassen, maar ook geen kind meer.

Kinderen worden kerels
voor je het weet, zijn de kinderen groot.


3. JEUGD

Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst
wie jonge mensen voor zijn ideeën heeft gewonnen, kan zijn plannen voor de toekomst verwezenlijken.

Jeugd zoekt jeugd
jonge mensen zoeken graag elkaars gezelschap.


4. KINDEREN

Kinderen en dronken mensen zeggen de waarheid
kinderen en dronken mensen nemen geen blad voor de mond.
Ook: uit de mond der kinderen hoort men de waarheid.

Je moet geen kleine kinderen wakker maken
je moet niet over dingen praten waar je beter je mond over kunt houden.

Dat kan een kind zelfs begrijpen
dat is toch heel duidelijk.

Een kind kan de was doen
dat is heel eenvoudig, dat gaat heel makkelijk.

Dat is een doodgeboren kindje
dat is een zaak die van het begin af aan op een mislukking moest uitdraaien.

Het kind met het badwater weggooien
het goede tegelijk met het slechte wegdoen.

Het kind bij zijn naam noemen
Iets heel duidelijk zeggen, zonder er doekjes om te winden.

Kind noch kraai hebben
niemand hebben, voor niemand verantwoordelijk zijn.
Vroeger: ‘kint noch craet’, dit betekent: geen kind en geen kraaier, dit is een haan. De haan was in oude tijden volgens het volksgeloof de huisgenoot, die bij doodslag door zijn gekraai de dader aanwees, als er geen getuigen waren. Wie geen kind had om voor hem op te komen en geen haan om voor hem te getuigen, was helemaal alleen op de wereld.

Ergens kind aan huis zijn
ergens vaak komen en er zich erg op zijn gemak voelen.

Geen kind aan iemand hebben
niet de minste last van iemand hebben.

Ergens niet kinderachtig zijn
ergens royaal in zijn.

Een kinderhand is gauw gevuld
een kind is met een kleinigheid tevreden.

In de kinderschoenen staan
iets is net begonnen, bevindt zich in het eerste stadium van de ontwikkeling.

Slechts kinderspel
alleen maar een kleinigheid, iets onbelangrijks.

Het is geen kinderspel
het is een ernstige zaak.

Van kindsbeen af
van jongs af.
Been = benen (‘been’ was al meervoud, ‘benen’ is een stapelmeervoud). Dit zie je ook in ‘op de been’.

Kinderen zijn een zegen des Heren, maar ze houden de noppen van de kleren.
Het eerste deel komt uit Psalm CXXVII:3, waar staat: ‘kinderen zijn een erfdeel des Heren’. In de Statenbijbel wordt als kanttekening gezegd over dit stukje: ‘een zegen, van den Here gegeven.’

Kinderen hinderen

Lieve kinderen hebben veel namen
wie geliefd is, wordt telkens weer in andere benamingen geprezen.
Denk aan moeders die vele koosnaampjes voor hun kinderen hebben.

Een kind des doods
iemand, die ten dode is opgeschreven.
Bijbelse uitdrukking. Saul, de koning, had het plan om David te doden. Hij zei tegen zijn zoon Jonathan: ‘schik heen, en haal hem tot mij, want hij is een kind des doods.’ (I Samuel 20:31)


Lieve kinderen mogen wel een potje breken
wie geliefd is mag dingen doen, die bij anderen afgekeurd worden.

Wie zijn kinderen liefheeft, die kastijdt ze
wie wil, dat zijn kinderen een goede opvoeding krijgen, moet niet bang zijn om straf te geven als ze stout zijn geweest. Met een zachte behandeling wordt het kwaad erger.
Dezelfde gedachte wordt utigesproken in Spreuken 13:24: ‘die zijn roede inhoudt, haat zijn zoon; maar die hem liefheeft, zoekt hem vroeg met tuchtiging.’

Kindermaat en kalvermaat moet men weten
(Groningen) ouderen moeten behoorlijk toezicht houden op de jongelui.
Letterlijk: een kind weet net zo min als een kalf hoeveel het mag eten. Figuurlijk: een kind weet niet hoe ver het kan gaan, wat het mag doen.



5. JAREN

Op jaren zijn
al oud zijn.

Er de jaren voor hebben
er oud genoeg voor zijn.

Tot de jaren des onderscheids komen
volwassen worden.

Het verstand komt met de jaren
naarmate je ouder wordt, krijg je meer ervaring en word je steeds verstandiger.


6. OUD

Men is nooit te oud om te leren
je kunt altijd iets van anderen opsteken.

Oud en wijs genoeg zijn
genoeg levenservaring hebben om zelf te kunnen beslissen.

Op de oude voet verdergaan
op dezelfde manier doorgaan als vroeger.

Alles bij het oude laten
niets veranderen.

Weer de oude zijn
weer hersteld zijn (van een ziekte etc.)

De ouderdom komt met gebreken
oude mensen krijgen vaak lichamelijke klachten.

Oude bokken hebben stijve horens
oude mannen zijn vaak onverzettelijk.

Oud van dagen zijn
bejaard zijn.
In Zaandam heette het verzorgingshuis voor bejaarden: ‘Tehuis voor Ouden van Dagen’. De uitdrukking is bijbels. In Job 32:4 staat: ‘Elihu had gewacht op Job in het spreken, omdat zij ouder van dagen waren dan hij.’

Ieder wordt graag oud, maar niemand wil het graag wezen
het zou mooi zijn als de ouderdom niet met gebreken kwam.

Van ouder tot ouder
van geslacht tot geslacht.

Door de ouderdom wordt de wolf grijs
op de oude dag wordt een deugniet braaf.


7. OVERIG

Pas uit de dop komen
Pas komen kijken.
Deze uitdrukking is ontleend aan het kuiken dat net uit het ei is gekropen.

Het ei wil wijzer zijn dan de kip
kinderen willen het beter weten dan hun ouders.

Dat heeft hij met de moedermelk ingezogen
dat is hem in zijn prilste jeugd al geleerd.
Volgens de oude opvatting had de moedermelk overwegende invloed op het karakter van het kind.

Nog niet droog achter zijn oren zijn
pas komen kijken.

Ergens niet voor in de wieg gelegd zijn
ergens niet voor opgevoed zijn, ergens niet geschikt voor zijn.

Iets leren met vallen en opstaan
iets leren met veel moeite, mislukkingen en hernieuwde pogingen.


Bedankt voor je bezoek!
We hopen je snel terug te zien op www.thonen.nl
voor vragen kun je altijd mailen: michelle@thonen.nl