|
| |
Publicaties Haagse Courant
‘Met
microfoons gooien is nog geen bezieling’
Door Yvo Jouvenaar, Haagsche
Courant vrijdag 6 juli 2001.
Den Haag – Toen Martijn Stienstra
ruim een jaar geleden in Den Haag aankwam, was zo’n beetje het enige dat
hij over de Haagse popscene wist dat Anouk en de Golden Earring er uit
voortkwamen. En dat hij het ook in die beruchte en beroemde scene wilde
gaan maken. Nu ja, het is niet alsof hij z’n spullen pakte en naar Den
Haag vertrok in de hoop van de Grote Doorbraak (Den Haag is nog lang geen
Hollywood, laten we eerlijk zijn), maar toch hoopte Stienstra dat een
nieuwe omgeving zijn muzikale aspiraties een stimulans zou geven. Zijn
eerste poging, het project The Method, trok al wat aandacht vanwege de
degelijke en pretentieloze poprocknummers waar Stienstra als één van de
weinigen in Den Haag in grossiert. Stienstra was hierbij verantwoordelijk
voor de gehele muzikale begeleiding én de composities. Maar toch wist hij
toen al dat dit niet het einddoel was. “Eigenlijk was The Method een
manier om een beetje naamsbekendheid te genereren”, aldus Stienstra.
“iets om andere bandleden mee te interesseren. Interviews en recensies
gaven me iets om te laten zien, terwijl de muziek zelf potentiële
medemuzikanten liet horen welke kant ik op wilde. En dat is aardig
gelukt”. In de anderhalf jaar die hier op volgende, speelde Stienstra
met een aantal muzikanten, totdat hij de samenstelling vond die goed
werkte. Het resultaat was ’18 Rabbit’ (spreek uit ee-tien), waarmee
hij sinds een aantal maanden de ronde doet op de regionale podia. Samen
met bassist Paula Spits, drumster Emilie Cleuver en gitarist en
mede-songwriter Hans van der Velden is Stienstra nu klaar om Nederland
kennis te laten maken met zijn muziek.
Toegankelijk
De muziek van 18 Rabbit ligt in het
verlengde van The Method. Goed gearrangeerde popsongs en een toegankelijke
sound zijn de sleutelwoorden. Zijn invloeden zoekt Stienstra dan ook onder
commerciële songwriters als Bryan Adams, terwijl er ook echo’s van
Dire-Straitsfrontman Mark Knopfler zijn te horen in de vier nummers die de
debuut-ep ‘Are You Still Here?’ rijk is. Toch is het zeker niet
Stienstra’s opzet om snel rijk te worden van muziek voor de massa. Dit
zijn nu gewoon de liedjes die hij schrijft. En Stienstra is niet van plan
die aan te passen. Niet om meer platen te verkopen, maar ook niet om de
felbegeerde ‘street-credibiltity’ te verwerven die veel andere
(stiekem) commerciële acts er toe noopt zo ruig mogelijk te doen zodra er
pers of publiek in de buurt is. “De liedjes staan bij mij altijd op de
voorgrond”, vertelt Stienstra. “het imago is wat mij betreft
onbelangrijk. Je versterker op twaalf zetten en de microfoonstandaard door
de zaal gooien, is dat echte bezieling? Of gaat het er om hoe hard je aan
je nummers sleutelt en hoe oprecht je in je muziek bent? Wat mij betreft
gaat het om het laatste. Als mensen naar onze optredens komen en horen hoe
wij sommige van onze nummers akoestisch spelen, merken ze wel dat wij ook
bezield zijn. Alleen niet op een spectaculaire, in het oog lopende manier.
Maar wel net zo vol overgave”. De podiumsuitstraling van 18 Rabbit mag
dan ingetogen zijn, de naam waar de groep zich mee tooit is des te
opvallende. Want mag 18 Konijn dan wel betekenen? Stienstra:” We zaten
op een avond met z’n allen rond de tafel op zoek naar een naam, maar
niets voelde echt helemaal goed. Toen kwamen we hierop. Het is
oorspronkelijk de naam van een oude Maya-koning. Dat heeft verder helemaal
niets met onze muziek te maken, maar het rolt wel lekker van de tong. Dus
sindsdien zijn wij 18 Rabbit”. |
Zoektocht
naar het ideale popliedje
door
Yvo Jouvenaar
, Haagsche Courant 12 oktober 1999
Als het op het uitstippelen van zijn
muzikale carrière aankomt, laat singer/songwriter Martijn Stienstra
weinig aan het toeval over. Zijn zelfgeproduceerde album 'The Method’ is
zowel wat de geluidskwaliteit als de liedjes betreft tot in de puntjes
verzorgd. Het is het resultaat van een aantal jaren kritisch schrijf- en
denkwerk. “Ik heb een professionele benadering van muziek”, als
Stienstra. “Ik ben al heel lang bezig met het maken van nummers en
daarin heb ik geleerd hoe belangrijk het is om niet alleen aan de
composities, maar ook aan de presentatie veel aandacht te besteden. Muziek
is mijn lust en mijn leven. Ik wil elke keer als ik iets maak dat het
beter is dan de vorige keer”.
Dat hij op de goede weg is, bewijzen
de aanmoedigen die Stienstra voor zijn werk met de groep College kreeg van
topmuzikanten als Tjeerd Oosterhuis (Total Touch) en Ferdi Bolland.
“Bolland maakte deel uit van een demo-jury die mijn cd koos uit een
flinke stapel inzendingen. En Tjeerd Oosterhuis was ook geïnteresseerd in
mijn nummers. Dat gaf mij het gevoel dat ik in elk geval niet spoor
volledig bijster was”.
‘The Method’, Stienstra's meest
recente product, is een plaat vol middle-of-the-road poprock, waarbij de
kwaliteit van de liedjes meteen opvalt. Bij Stienstra is weinig te
bespeuren van de al te voorspelbare structuren en akkoorden die in dit
muzikale genre vaak de dienst uitmaken. Integendeel, zijn liedjes liggen
makkelijk in het gehoor, maar zijn ook duidelijk het resultaat van bewuste
keuzes en muzikaliteit. Verwacht geen extreme solo’s of onbegrijpelijke
toonladders; Stienstra wil gewoon een nummer op een mooie manier
vertolken. “Ik noem het feelgoodrock”, aldus Stienstra. “Ik probeer
mijn liedjes altijd te perfectioneren tot het punt dat ik echt niet meer
weet wat ik er verder nog aan zou moeten doen. En ik wil het de luisteraar
niet al te moeilijk maken door rare wisselingen of breaks in m’n nummers
te gooien. Een beetje kan wel, om het voor jezelf als muzikant interessant
te houden, maar niet op zo’n manier dat de luisteraar het niet meer
begrijpt. Zie het zo: als ik een nummer ga schrijven, dan probeer ik voor
ogen te houden wat voor mijzelf het ideale popliedje zou zijn. En
vervolgens porbeer ik zo dicht mogelijk bij dat ideaal te komen”.
Stienstra is een kersverse Hagenaar,
maar hoopt ook in zijn nieuwe thuisstad snel een groep muzikanten om zich
heen te verzamelen. “Ik moet hier nog met de juiste mensen in contact
komen, maar dat gaat hopelijk snel lukken. Want, nu moet het gebeuren. Ik
ben als vanaf mijn tiende jaar met muziek bezig. Zeventien jaar dus. Ik
porbeer de zaken in een stroomversnelling te brengen, door middel van mijn
studie geluidstechniek en door ‘The Method’ te promoten. Nu is het
zaak om iemand te ontmoeten die op dezelfde lijn zit”. |
|