Cultuur

filosofische opmerkingen

Jan Vis, creatief filosoof

Terug naar: de Startpagina

 

Onder dit kopje vindt U artikelen over De Islam

 

Op de Valreep 2015 . met o.a. bladw.: ARBEID/BELONING ; softe “Multiculties” ; Genocide; Hoofddoekjes ; bladwijzer KARL MARX - NAVO-Europa ; De manager is de bedrieglijke “tovenaar” ; Het echte begrip DEMOCRATIE ; Europa een begeerlijk object ; POPULISME ; VRIJHEID van MENINGSUITING

 

Lezing voor De VRIJMETSELAARS; Islam’s succes ; De wisselwerking tussen enerzijds de Westerse Wereld, zoals die zich sinds de Verlichting ontwikkeld heeft en anderzijds de Wereld v/d ISLAM - (05-’08)

 

Over de ISLAM, Vrije meningsuiting – Discriminatie/Racisme/Beledigen-Wie is de veroorzaker.? - Een oorlog zonder fronten - Haat zaaien (08-2010)

 

KORAN en BIJBEL ; Overeenkomsten Islam en Oude / Nieuwe Testament – Woestijn cultuur – ANGST voor de ISLAM – (okt. 2010)

 

De Islam rukt op..!/Islamisering..! - De ISLAMIETEN hebben uiteraard, als privé personen,  RECHT op hun “GODSDIENST” - (nov. 2011)

 

De koran – auteur: Max de Hes     De herrijzenis van de Halve Maan – auteur: Frans Bijlsma – ISLAM ; De islam nu 1979

 

Islamitische zelfbewustzijn     Vertrouwen-A     Vertrouwen-B    

 

[ HOOFDDOEKJES / Burqa/Discriminatie ] -  Zie:  A – nrs. 37/38 ; B – nr. 56 en 60 ; C – bladwijzer Hoofddoekjes ; en D – bladwijzer Burqa

 

De grondslagen van Jodendom, Christendom en Islam - Lees o.a. de nrs. 142 t/m 146 – Zie bladwijzers

 

 

Elders op deze homepage vindt U o.a.

 

Naar andere artikelen: Het toenemend belang van het Atheïsme ; Evolutie of Creatie ; CONDITIONERING ; Bestrijders en Begrijpers van de GODSDIENST..! zie afl.51 ; Geen God wat dan ; De begrippen Godsdienst en Geloof – Hoe zit dat..? ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheïsme ; De verdedigers van de Godsdienst ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ;  Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ;  Vernietiging van de macht ; De Grote Vierslag (LEVENSBEGRIPPEN: nihilisme, anarchisme, socialisme en communisme) ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Polariseren leidt naar een hoger plan(stuwt op) v/d DEMOCRATIE – zie afl. 24 en 25 ;  Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Burqa, volg bladwijzer ; Een alternatief bestuur ; Briefwisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof ; Vrijheid van Godsdienst ; Kan alles maar..!-zie bladwijzers ; de kunst; het schone verschijnsel ; Samenleving, Maatschappij en Gezin ; Filosofie van de kunst ; KENNEN EN KUNNEN, DE TECHNOLOGISCHE MENS ; Beweging en verschijnsel deel 1 t/m 3 ; Hoe zit het nou met god..? ; Het Nihilisme ; De filosofie van de geschiedenis ; Uilenspiegel en de macht ; Ongehoorzaamheid ; Artikelen betreffende o.a. Moslims / ISLAM ; Proces v/d Eeuw tegen alle ingezetenen van Nederland.!.? ; De kunst van het filosoferen ; Niet zeuren, god bestaat niet – zie inhoudsopgave nr. 13( godsdiensten een cultuur..? ) ; Wij dulden geen tegenspraak – zie INHOUDSOPGAVE – zie nummer 10 ; Seksueel misbruik – Hoe zit dat..? – zie bladwijzer ; Leidt de toename van de kennis tot een beter weten..? – zie bladw. ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? ; JESAJA – zie A..! , B , C , D , E , - zoekterm “ Jesaja “ ; Op de vlucht voor je eigen denken ; Nihilisme en Anarchisme als basis van het Atheïsme ; Islamitische geldingsdrang – zie afl. 27 ;  Het geheel is meer dan de som der delen ; Sociale Bewogenheid – zie bladw. ; De Rechtsstaat – zie bladwijzers ; Religies bevestigen het Geestelijke Karakter v/d mens..! – zie bladw. ; Onvolwassen Mensheid-zie nr. 50..! ; Depressies -Hoe zit dat..?-zie bladw. ; Gedachten over Ontstaan en Bestaan ; Kan macht zich ten goede keren ; Het Zelfbeschikkingsrecht ; Onder MACHT versta ik - zie de link ; Brieven aan belangstellenden ; De ontwikkeling van het denken ;

 

 

 

 

 

De wisselwerking tussen enerzijds de Westerse Wereld, zoals die zich sinds de Verlichting ontwikkeld heeft en anderzijds de Wereld v/d ISLAM.( Mei 2008)

 

Zie bladwijzers:  Verveling-verstrooiing / SPORT ; Multi-culturele denkers ; Houvast.! / Onze eigen versnipperde westerse cultuur  ;  Jesaja ; HAAT jegens o.a. Joden en ongelovigen ; Mohammed2 ; ISLAM - EXTREMISTEN - TERREUR ; Culturele terugslag ; De Islam is niet in die oervoorstellingen geworteld ; Vertrouwen-A ; HOUVAST ; Islam’s succes ;

 

 

Waarde Vrijmetselaars,

 

Het is vanavond mijn bedoeling een paar cultuurfilosofische opmerkingen te maken over de wisselwerking tussen enerzijds de westerse wereld, zoals die zich sinds de Verlichting ontwikkeld heeft en anderzijds de wereld van de Islam. Daarbij wil ik tegelijkertijd duidelijk maken waarom de Islam als godsdienst op het ogenblik zo'n succes heeft en zo verbazend snel groeit. Maar eerst wil ik er met nadruk op wijzen dat het mij gaat om datgene dat je cultuurfilosofisch aan een en ander kunt bedenken. Wat zich in de praktijk van vandaag afspeelt is een zaak van nu levende mensen, rijkelijk voorzien van incidentele tunnelvisies en een heel complex van tijd- en plaatsgebonden taboes en vooroordelen. Dat wil dus zeggen dat ik het heb over filosofische kwalificaties en niet over het praktische gedoe van groepen en personen en zeker niet over het tegenwoordige agressieve geharrewar. Mij dunkt dat het thans geen overbodige luxe is om speciaal eens even stil te staan bij die cultuurfilosofische werkelijkheid.

 

Hoe vreemd het ook moge lijken, de bedoelde wisselwerking tussen de moderniteit en de Islam treedt vooral op de voorgrond bij een aantal moderne verschijnselen in de westerse wereld. Het lijkt alsof die niets met elkaar te maken hebben, maar dat is helaas gezichtsbedrog. Dat is in niet geringe mate het gevolg van de uitermate slordige manier waarop er tegenwoordig gedacht wordt, niet alleen door de zogenaamde 'gewone man' als wel door diegenen die pretenderen tot de intellectuele élite te behoren: de politici en de mensen van de media, en helaas ook veel academici en zogenaamde geestelijken...

Bedoelde merkwaardige verschijnselen vallen vooral op, als je, gelijk de oude Griekse goden, probeert vanaf de Olympus neer te kijken op het gescharrel van de mensen.

 

Je ziet dan dat de moderne mensen, zoals die voornamelijk geconcentreerd zijn in de Atlantische wereld, op een dramatische manier ten prooi zijn gevallen aan verveling. Bij wijze van variant op het beroemde boek van Max Dendermonde, verschenen al in 1954, kun je zeggen dat de moderne wereld niet zozeer aan vlijt ten onder gaat als aan verveling. In de poging daarvan verlost te worden rent men vertwijfeld rond op zoek naar verstrooiing. Zo moet alles tegenwoordig 'leuk' zijn en aan leven en werk zo weinig mogelijk eisen stellen. Verstrooiing meent men bijvoorbeeld in de sport te vinden. Het is in alle opzichten een rage geworden, een fanatieke alles overheersende ideologie. De sport is daarmee onvermijdelijk verloederd tot een keiharde, op gemakkelijke winsten gerichte onderneming, die de ongebreidelde behoefte aan verstrooiing bevredigen moet. Een behoefte die alle psychologische kenmerken vertoont van een compensatie mechanisme....

Het is niet alleen de sport waarmee men de verveling tracht te verdrijven. Ook de enorme omvang die het quasi artistieke amusementswezen heeft aangenomen wijst op hetzelfde fenomeen. De ene cabaretier na de andere acht zich geroepen om 'stand-up' het lachgrage publiek te vermaken, doorgaans met zouteloze en spanningsloze praatjes die ADHD gedrag, schuttingtaal en pornografische zinspelingen van node hebben om het publiek te bevredigen. De ene musical na de andere wordt uitgevoerd door artiesten die menen dat een opleiding aan de toneelschool of de kleinkunst-academie voldoende is om zichzelf als zanger of zangeres te kunnen etaleren.

En dan is er ook nog, niet te vergeten, de onstilbare honger naar vacanties, die in feite nergens anders meer toe dienen dan de leegte op te vullen met ogenschijnlijk spannende, maar doorgaans voorgekookte, avonturen in een zo ver mogelijk buitenland. Naadloos passend bij die verveling, gaat het allang niet meer om het kennismaken met verre en vreemde landschappen, zeden en gewoonten, maar om hapklaar aangeboden consumptie artikelen.

Bij die zojuist beschreven verschijnselen gaat het in essentie nergens meer over. Nou ja, wel over tijdverdrijf. En tijdverdrijf is hetzelfde als het opvullen van de leegte van de verveling.

 

Waarom, zo zult u zich wellicht afvragen, stilgestaan bij die verveling.

Wel, het is het eerste en voorlopig alles overheersende gevolg van het in de westerse Moderne Cultuur doorzetten van het analytische denken met als gevolg daarvan het uiteenvallen van het geheel van de mensheid in van elkaar gescheiden individuen. En dat nu is echt iets geheel nieuws in de cultuur geschiedenis. Natuurlijk zijn er altijd al wel individuele mensen geweest en zelfs hebben zo nu en dan 'individualisten' van zich doen spreken. Maar 'de mens als individu' - want daarover gaat het - is nog maar betrekkelijk kort geleden, namelijk sinds de Antieke en Romeinse tijd, aan zijn ontwikkeling begonnen.

Dat begin is, hoewel onvermijdelijk, niet zo erg aangenaam, want het wordt gekenmerkt door het benadrukken van het concrete bestaan van elk afzonderlijk mens. Ieder mens krijgt als het ware een eigen naam en een eigen gezicht. Dat bedoel ik niet speciaal in modern maatschappelijke zin, met een sofi-nummer en zo, maar in culturele zin: het ontdekken van de afzonderlijke mens is een zaak van een, aanvankelijk nauwelijks merkbaar, besef in de diepte van het collectieve zelfbewustzijn.

Het waren de Romeinen die ondanks de aanvankelijke vaagheid van dat besef geleidelijk tot het formuleren en activeren van een uniek rechtssysteem kwamen. Dat kennen en onderwijzen wij nu nog als 'Romeins Recht'. In cultuur-filosofische zin werden de mensen voordien uitsluitend gezien als ingebed in - niet onderworpen aan - een alles omvattend kosmisch geheel. Daarbinnen kan echter niet van 'recht' gesproken kan worden, omdat er geen wezenlijk onderscheid tussen de ene en de andere persoon geldt. Maar zo'n onderscheid is essentieel voor het begrip 'recht'. Feitelijk bestond er alleen maar een 'wet' en die dichtte men als vanzelfsprekend een goddelijke oorsprong toe. De beroemde 'stenen tafelen' werden door Jahwe rechtstreeks aan Moses gegeven. En de handhavers van die wetten waren uiteraard ook goddelijk. Maar met de Romeinse cultuur kwam de tegenstelling daarvan voor de dag, namelijk de zelfstandige en vrije mens. Met recht kun je zeggen dat wij nu in principe van doen hebben met 'de mens als individu', uiterst primitief natuurlijk, maar toch...

Daar begint de ontwikkeling van de Westerse cultuur, een ontwikkeling die vandaag de dag nog lang niet aan zijn einde gekomen is. Dat betekent onder meer dat het onderscheid tussen de ene en de andere mens nog steeds het dominante cultuurbesef is. Dat besef berust op de voor de hand liggende waarheid dat de één volstrekt de ànder niet is. Filosofisch geformuleerd wil dat zeggen dat in de grond van de zaak voor de ene mens de andere mens ontkènd is. Die ontkenning op zichzelf wordt steeds meer bepalend voor de Westerse cultuur. Gelukkig bedenken de mensen puur uit zelfbehoud een op rechtsprincipes gegrond, zogenaamd 'democratisch' staatsbestel, met almaar meer regels. Uiteraard ziet men wel in dat een mensheid van alleen maar vijanden onmogelijk kan leven en overleven. Maar intussen is het toch op het ogenblik behoorlijk pijnlijk aan het worden: ondanks alle reglementen begint er tussen de mensen, hun instellingen en ondernemingen een steeds grotere kloof te gapen.

Daardoor gaan de mensen hun houvast verliezen. Het zicht op de samenhang en de verbanden tussen mensen en dingen gaat steeds meer verloren om plaats te maken voor kille, zogenaamd redelijke, afspraken en contracten, die niets te maken hebben met sympathie en wederzijds vertrouwen. In de 18e eeuw sprak Jean Jacques Rousseau al van een 'Sociaal Contract' als noodzakelijk bindmiddel voor de samenleving. Het verlies aan houvast en de daarmee samengaande kilte zijn de diepere oorzaak van de behoefte aan verstrooiing waarover ik daarstraks sprak. Duidelijk zal zijn dat ook de machteloosheid van politici en de wankelmoedigheid van onze moderne denkers dáár vandaan komen. Zo durft men bijvoorbeeld de eigen inzichten en standpunten, hoe op zichzelf ook redelijk gefundeerd, nauwelijks nog te vertrouwen en te laten gelden. Men laat zich gemakkelijk overschreeuwen door allerlei brutale fanatici die valselijk pretenderen inhoud en houvast te kunnen bieden, als regel in de vorm van een onverbiddelijke, autoritaire godsdienst. Je ziet dan ook dat de Christenen zich weer meer roeren en vooral dat de Islam kans ziet vele verdoolden aan zich te onderwerpen. Steeds luider en brutaler klinkt de roep: "Kom tot God of Allah en je leven krijgt weer inhoud..".

Echter, hoe onaangenaam en dom een en ander ook is, toch moet de mensheid door die ellende heen. Een mens kan nu eenmaal niet bij zijn essentie, zijn eigen wezen, terechtkomen zonder zich in principe los van àl het andere te leren kennen, te leren vormen en vervolgens te laten gelden. Als men zoekt naar die eigen menselijke essentie moeten noodzakelijkerwijs alle vormen van afhankelijkheid en ondergeschiktheid aan externe machten opgeheven worden. En van toepassing is inderdaad de kreet: "Werkt Uzèlf zaligheid" zoals de Evangelische zieners destijds al riepen. Ik denk zo dat u, vrijmetselaren, hier wel een enigszins bekend geluid zult horen.

 

Maar we zijn nog niet klaar met de gedachtengang...

Dat loskomen namelijk van het een en het ander, van de ene mens en de andere, is nog slechts het begin van de weg. Ik zou zelfs willen zeggen: het begin van de 'lijdensweg' van de mensheid naar volwassenheid. Uiteindelijk zal al het getob er noodzakelijkerwijs toe leiden dat de ène werkelijk volwassen individu tot de ontdekking zal komen dat voor de àndere individu precies en onvoorwaardelijk hetzelfde geldt. Dan heeft de fundamentele òntkenning van de ander zich tot een absolute èrkenning omgezet. Als 'ik' werkelijk een volwassen individu ben, weet en erken ik dat 'jij' dat zonder mankeren ook bent. En daarmee is de eerder genoemde kloof niet langer opgevuld met autoritaire onzin, maar hij is daarentegen overbrugd. Daarmee is de aloude droom van vele vredelievende mensen bewaarheid geworden, zij het op een geheel àndere manier dan zij altijd gedacht hebben. Maar het duurt nog wel even voor het zover is.!

In de Oudheid, voordat in Rome het individu erkenning vond bestond de individuele mens natuurlijk ook, maar cultureel gezien was dat niet het geval. Hij bestond zoals gezegd uitsluitend binnen de contekst van het alles omspannende geheel. Maar dan komt na verloop van lange tijd de individuele mens te voorschijn die overging tot de volgende fase, namelijk de Christelijke waarin de mens zich van dat geheel los ging maken. Hij beseft het niet langer als een hem omvattende werkelijkheid, maar hij plaatst nu die werkelijkheid buiten en boven zichzelf als een hoog verheven Godsrijk dat door een machtige vaderlijke god geregeerd wordt. En daar krijgen we te doen met het door en door maatschappelijke machtsstelsel van het christendom. Dat vond als zodanig zijn formele erkenning in het Romeinse Rijk van Constantijn de Grote die zodoende omstreeks 313 de feitelijke stichter van de Roomse Kerk werd. Zo werd die Roomse Kerk de voortzetting van het Romeinse rijk, zij het op een nieuwe manier. En de paus is natuurlijk de Romeinse keizer, de heilige Cesar, in een nieuwe waardigheid en functie. Vanwege zijn relevantie met de huidige, alleszins verontrustende, verschijnselen in de wereld is nu het moment gekomen om op een belangrijke parallel beweging te wijzen, en wel die van de Islam. Ik vind het werkelijk verbazingwekkend dat ik tot op heden nog nooit een Islam-deskundige ben tegengekomen die oog had voor en inzicht in de achterliggende culturen van zowel het Westen als van de Islam. Toch is dat inzicht betrekkelijk gemakkelijk te verwerven, mits men de Islam niet als een op zichzelf staand verschijnsel beschouwt, maar daarentegen als een van de aspecten van de algehele cultuurontwikkeling van de mensheid. Dat betekent dat de rol die de Islam speelt gezien moet worden in wisselwerking met het Westen en als zodanig alles te maken heeft met het ontwaken van het individu.

Maar, er is iets bijzonders: anders dan bij Hindoeïsme, Boeddhisme, Jodendom of christendom het geval is, gaat de geschiedenis van de Islam niet terug tot in het grijze verleden van de Oertijd, toen allerlei vormen van intuïtieve voorstellingen er nog van getuigden dat de toenmalige mensen zich nog vaag bewust waren van hun eigen essentie. De Islam is niet in die oervoorstellingen geworteld. Het is niet meer en niet minder dan een bewust bedenksel en wel een van de allervroegste voorbeelden daarvan. Een bedenksel van Mohammed, een soort van epileptische mooiprater, een profeet die niets moest hebben van die nieuwe 'mens als individu'. In een visioen zou hem gezegd zijn dat hij een staat van God moest stichten, een theocratie. Een stelsel waarvoor uit de aard der zaak de volledige onderwerping van het individu vereist was. Er mocht zelfs geen 'meester-slaaf' relatie tussen de mens en God zijn, zoals in het christendom. Neen 'de mens als individu' moest geheel en al vernietigd worden. Alleen en uitsluitend een maatschappij van onderworpenen had recht van bestaan. Het heilige geschrift, de Koran, is daar in alle opzichten op gericht en het is dan ook in wezen een verzameling voorschriften en wetten die dienen tot het vestigen en handhaven van Allah's theocratie. Het mag dan ook geen wonder heten dat de teksten in de Koran nauwelijks enige warmte of wijsheid uitstralen. Alles is hard, streng en onverbiddelijk. De mens dient zich immers te onderwerpen.

De mening van sommigen die de Koran echt bestudeerd hebben, namelijk dat het een lelijk geschrift is, rijkelijk doortrokken van haat jegens onder anderen Joden en ongelovigen kan ik geheel en al onderschrijven. Het is geen boek van vrede. De steeds maar weer vergoelijkend naar voren gebrachte vredelievendheid van de Islam geldt dan ook alleen en uitsluitend voor erkende gelovigen en per se niet voor de overigen...

 

Om dat, in wezen politieke, systeem van de noodzakelijke legitimatie te voorzien werd door Mohammed en zijn medestanders het Joodse religieuze erfgoed, dat wij thans nog min of meer kennen als het Oude Testament, geannexeerd, althans de enigszins historische gedeelten daarvan. Een voorbeeld van slordig modern denken is in dit verband dat hierop bij de huidige Islam-discussie zelden gewezen wordt. Zo beweert men dat er vele minder fraaie overeenkomsten tussen de Bijbel en de Koran zijn. Men gaat daarbij dus voorbij aan het feit dat dit slechts voor het Oude Testament geldt. Daarin komen inderdaad nogal wat onmenselijkheden voor. Die worden dan als argument gebruikt om Islamitische wreedheden enigszins goed te praten. Maar het gaat in de Westerse cultuur, let wel: ik zeg 'cultuur', en dus ook in het christendom niet om het Oude Testament, uitgezonderd wellicht enkele heel mooie en diepzinnige gedeelten daarin, zoals bijvoorbeeld de boeken van Jesaja. Het gaat daarentegen om het Nieuwe Testament, dat, hoewel zwaar beschadigd, nog altijd doordrenkt is van het authentieke Evangelische denken.

Naast die legitimiteitskwestie is het vooral ook van belang in de gaten te hebben dat de Islam door de profeet Mohammed bedacht werd op het moment dat het zich ontwikkelen van de mens tot individu al sinds zo'n drie eeuwen volop aan de gang was. Het Roomse christendom bijvoorbeeld had zich al sinds Constantijn de Grote het omstreeks 313 legaliseerde stevig gevestigd. Voor een goed inzicht in de Islam zijn deze dingen van grote betekenis.

 

Dus: de Islam blijkt niets anders dan een afwijzende reactie te zijn op genoemde ontwikkeling. Bijgevolg wordt in de Islam de Westerse cultuur volstrekt afgewezen. De mens dient zich onvoorwaardelijk te onderwerpen aan God. Daarvoor zijn in de praktijk letterlijk alle middelen geoorloofd. Uitingen hiervan zijn in toenemende mate aanwezig in de wereld van vandaag. Het is waar dat het slechts de extremisten zijn die in de praktijk tot niets ontziende terreur overgaan, maar wat dat betreft mag volgens mij niet over het hoofd worden gezien dat die extremisten geheel en al in de cultuur van de Islam geworteld zijn. In feite beròepen zij zich ter rechtvaardiging van hun misdaden niet zozeer op hun godsdienst als wel dat zij zèlf door en door die godsdienst belijden. Zij vertegenwoordigen in letterlijke zin de ware fundamentele inhoud van de Islam, namelijk absolute onderwerping van de mens aan God, met daaraan meekomend vernietiging van de weigeraars, de ongelovigen.

Zoals ook dezer dagen weer bleek willen hedendaagse multi-culturele denkers van het zojuist gezegde niets weten, hoewel het zwart op wit in de Koran staat. Vanuit hun eigen postmoderne wereldbeschouwing kunnen zij zich niet voorstellen dat een zo wereldomvattende godsdienst een zo mensvijandige inhoud heeft.

Behalve de vijandigheid ten aanzien van de ontwikkeling tot individu en dus ten aanzien van de moderne, voornamelijk Atlantische wereld, is er ook te spreken van een soort van 'immanente' vijandigheid. Doordat 'de mens als individu' ontkend wordt kan ook de wisselwerking tussen de mensen niet tot zijn recht komen. Men kan elkaar niet stimuleren. Dat is goed merkbaar in Islamitische landen. Men ziet dat er onder andere op technisch en wetenschappelijk gebied nauwelijks iets tot stand gebracht wordt, terwijl van een vruchtbare democratische maatschappijvorm al helemaal geen sprake is. Het is beslist geen wonder dat de Islamitische maatschappijen en samenlevingen overal op de wereld zo primitief zijn. Vooruitgang is nu eenmaal niet mogelijk zonder individuele wisselwerking. En als er al in bepaalde gevallen economische welstand is, zoals bijvoorbeeld in het schatrijke Dubai of Saoedi-Arabië, is die uitsluitend het gevolg van de toevallige aanwezigheid van olie, die overigens ook weer door Westerse ondernemingen uit de grond gehaald wordt.

 

Tenslotte: ik moet helaas erkennen dat er inzake de Islam als cultuurverschijnsel niet veel goeds te vertellen valt. Het is bepaald geen vrolijk verhaal. Maar daar staat tegenover dat de Islam voor vele cultureel ontheemde westerlingen juist wel een hoopgevende en troostrijke zaak is. Klaarblijkelijk kan de stugge autoritaire inhoud ervan een stevig houvast bieden, precies wat die ontheemden missen in onze eigen versnipperde Westerse cultuur. Dat troostrijke geldt trouwens in mindere mate ook voor de Christelijke godsdienst. De belijders daarvan zijn kennelijk door de Moslims op een idee gebracht en nu beginnen zij zich ook steeds meer te roeren. Maar zij hebben veel minder succes omdat zij de hardheid en het autoritaire van de Islam missen en bovendien de staat en de godsdienst van elkaar trachten te scheiden.

Maar gelukkig, voor wèldenkende mensen blijft er nog altijd deze troost over dat ook de Islamitische vorm van godsdienstig houvast op den duur zal blijken een bedrieglijke fictie te zijn.

 

Hoe dan ook, het is helaas wel degelijk een feit dat wij thans een ernstige culturele terugslag meemaken. Die is welbeschouwd meer aan de wankelmoedigheid van onze moderne intelligentia te wijten dan aan de agressieve opdringerigheid van fundamentalistische moslims. Maar het is toch nog altijd zo dat onze in wezen vredelievende verlichte cultuur, schijnbaar in strijd met haar eigen essentie, ook standvastig en vastbesloten verdedigd moet worden tegen kortzichtigheid en tirannie.

 

Zie bladwijzers:  Verveling-verstrooiing / SPORT ; Multi-culturele denkers ; Houvast.! / Onze eigen versnipperde westerse cultuur  ;  Jesaja ; HAAT jegens o.a. Joden en ongelovigen ; Mohammed2 ; ISLAM - EXTREMISTEN - TERREUR ; Culturele terugslag ; De Islam is niet in die oervoorstellingen geworteld ; Vertrouwen-A ; HOUVAST ;

 

 

 

 

Ik heb gezegd..

 

Terug naar :   de Startpagina

 

 

 

Onder dit kopje vindt U artikelen over De Islam

 

Op de Valreep 2015 . met o.a. bladw.: ARBEID/BELONING ; softe “Multiculties ; Genocide; Hoofddoekjes ; bladwijzer KARL MARX - NAVO-Europa ; De manager is de bedrieglijke “tovenaar” ; Het echte begrip DEMOCRATIE ; Europa een begeerlijk object ; POPULISME ; VRIJHEID van MENINGSUITING

 

Lezing voor De VRIJMETSELAARS; Islam’s succes ; De wisselwerking tussen enerzijds de Westerse Wereld, zoals die zich sinds de Verlichting ontwikkeld heeft en anderzijds de Wereld v/d ISLAM - (05-’08)

 

Over de ISLAM, Vrije meningsuiting – Discriminatie/Racisme/Beledigen-Wie is de veroorzaker.? - Een oorlog zonder fronten - Haat zaaien (08-2010)

 

KORAN en BIJBEL ; Overeenkomsten Islam en Oude / Nieuwe Testament – Woestijn cultuur – ANGST voor de ISLAM – (okt. 2010)

 

De Islam rukt op..!/Islamisering..! - De ISLAMIETEN hebben uiteraard, als privé personen,  RECHT op hun “GODSDIENST” - (nov. 2011)

 

De koran – auteur: Max de Hes     De herrijzenis van de Halve Maan – auteur: Frans Bijlsma – ISLAM ; De islam nu 1979

 

Islamitische zelfbewustzijn     Vertrouwen-A     Vertrouwen-B    

 

[ HOOFDDOEKJES / Burqa/Discriminatie ] -  Zie:  A – nrs. 37/38 ; B – nr. 56 en 60 ; C – bladwijzer Hoofddoekjes ; en D – bladwijzer Burqa

 

De grondslagen van Jodendom, Christendom en Islam - Lees o.a. de nrs. 142 t/m 146 – Zie bladwijzers

 

Elders op deze homepage vindt U o.a.

 

Naar andere artikelen: Het toenemend belang van het Atheïsme ; Evolutie of Creatie ; CONDITIONERING ; Bestrijders en Begrijpers van de GODSDIENST..! zie afl.51 ; Geen God wat dan ; De begrippen Godsdienst en Geloof – Hoe zit dat..? ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheïsme ; De verdedigers van de Godsdienst ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ;  Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ;  Vernietiging van de macht ; De Grote Vierslag (LEVENSBEGRIPPEN: nihilisme, anarchisme, socialisme en communisme) ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Polariseren leidt naar een hoger plan(stuwt op) v/d DEMOCRATIE – zie afl. 24 en 25 ;  Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Burqa, volg bladwijzer ; Een alternatief bestuur ; Briefwisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof ; Vrijheid van Godsdienst ; Kan alles maar..!-zie bladwijzers ; de kunst; het schone verschijnsel ; Samenleving, Maatschappij en Gezin ; Filosofie van de kunst ; KENNEN EN KUNNEN, DE TECHNOLOGISCHE MENS ; Beweging en verschijnsel deel 1 t/m 3 ; Hoe zit het nou met god..? ; Het Nihilisme ; De filosofie van de geschiedenis ; Uilenspiegel en de macht ; Ongehoorzaamheid ; Artikelen betreffende o.a. Moslims / ISLAM ; Proces v/d Eeuw tegen alle ingezetenen van Nederland.!.? ; De kunst van het filosoferen ; Niet zeuren, god bestaat niet – zie inhoudsopgave nr. 13( godsdiensten een cultuur..? ) ; Wij dulden geen tegenspraak – zie INHOUDSOPGAVE – zie nummer 10 ; Seksueel misbruik – Hoe zit dat..? – zie bladwijzer ; Leidt de toename van de kennis tot een beter weten..? – zie bladw. ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? ; JESAJA – zie A..! , B , C , D , E , - zoekterm “ Jesaja “ ; Op de vlucht voor je eigen denken ; Nihilisme en Anarchisme als basis van het Atheïsme ; Islamitische geldingsdrang – zie afl. 27 ;  Het geheel is meer dan de som der delen ; Sociale Bewogenheid – zie bladw. ; De Rechtsstaat – zie bladwijzers ; Religies bevestigen het Geestelijke Karakter v/d mens..! – zie bladw. ; Onvolwassen Mensheid-zie nr. 50..! ; Depressies -Hoe zit dat..?-zie bladw. ; Gedachten over Ontstaan en Bestaan ; Kan macht zich ten goede keren ; Het Zelfbeschikkingsrecht ; Onder MACHT versta ik - zie de link ; Brieven aan belangstellenden ; De ontwikkeling van het denken ;

 

 

 

 

 

 

 

Over de Islam, de vrije meningsuiting en het beledigen

Auteur: Jan Vis, creatief filosoof

Verschenen op 13 aug. 2010

 

 

 

Terug naar :   de Startpagina

 

Zie bladwijzers:  Je VRIJHEID VERDEDIGEN/HAAT ZAAIEN ; Discriminatie/Racisme/Belediging..? ; Mens-ontkennende Islam ; Belediging - Wie is de veroorzaker..? ; Een oorlog zonder fronten – Geweld toepassen..? ; Woestijncultuur2 ;

 

Over de Islam, de vrije meningsuiting en het beledigen

Er is tegenwoordig veel te doen over de vrijheid van meningsuiting met daaraan gekoppeld de vraag of iemand het recht heeft iemand anders te beledigen. En men meent dat het eventueel gelden van dat recht automatisch leidt tot de vraag waar dan de grenzen liggen van dat recht: wanneer kunnen meningsuitingen door de beugel en wanneer niet. Zo langzamerhand zijn het niet meer alleen de kletskousen van de politiek die over deze vraagstukken oeverloos redetwisten, maar zijn ook meer intellectueel ingestelde lieden volop aan het denken hierover. Zelfs de humanisten en de vrijdenkers keuvelen, niet gehinderd door enig inzicht in de zaak, vrolijk mee onder het debiteren van de alom gebruikelijke gemeenplaatsen zoals die bij het denken in termen van ‘enerzijds – anderzijds’ behoren. Vrijheid van meningsuiting geldt dan, naar men beweert, inderdaad ònvoorwaardelijk en wordt bijgevolg gewaardeerd als een groot goed, terwijl men toch tegelijkertijd de zaak relativeert. Dat leidt noodgedwongen tot de invoering van het begrip ‘belediging’, teneinde lafhartig naar de ene of de andere kant te kunnen uitwijken.

Het is opvallend dat het thema van het beledigen en het al of niet gelden van een recht op beledigen sinds enkele tientallen jaren actueel is geworden en zelfs af en toe de gemoederen hevig verhitten kan. Dat is vooral te danken aan de komst in de westerse wereld van de moslims met hun Islam. Even opvallend is het dat de moderne westerse intelligentia dit evidente feit met alle mogelijke smoesjes en drogredeneringen, ja zelfs met schaamteloze leugens, tracht weg te moffelen. Zo hoor je bijvoorbeeld nauwelijks nog iemand spreken over het destijds griezelig agressieve en redeloze gerel van opgejutte moslims in  Rotterdam  vanwege de Duivelsverzen van Salman Rushdie. Dat was een onmiskenbare uiting van de weergaloze intolerantie zoals die, vaak tot verbazing van de brave Hollanders, aan de Islam eigen bleek te zijn. In ons land was dat een van de eerste uitbarstingen van levensgevaarlijk moslimgeweld. De oorzaak was gelegen in het feit dat de moslims vonden dat zij zwaar gekrenkt waren door Rushdie die de ‘profeet’ beledigd had. Uiteraard hadden zij dat geen van allen zèlf kunnen vaststellen omdat zij het boek niet gelezen hadden. Ze lezen nooit boeken. En ook de koran lezen zij niet: daaruit reciteren zij uitsluitend voor hen onbegrijpelijke arabische teksten. Maar de een of andere opgewonden dwaas uit Iran had hen tot dat geweld aangezet en daarbij ook nog eens bevolen Rushdie te doden.

Sinds die tijd is het hek van de dam, de moslims zijn voortdurend beledigd, zelfs als zij in een openbare ruimte onschuldige schilderstukken aantreffen waarop toevallig varkens voorkomen. Terzijde: dat gewone westerse mensen in zo’n zelfde ruimte geconfronteerd worden met in boerka’s en andere verpakkingen gehulde moslima’s moet natuurlijk kritiekloos en respectvol geaccepteerd worden: precies omdat anders de moslims wederom beledigd zijn. Een klassiek voorbeeld van een vicieuze cirkel..! Vrije meningsuiting is een onvervreemdbare kwaliteit van de zelfstandige individuele mens. Het hoort bij die mens net zoals onvoorwaardelijke lichamelijke onaantastbaarheid erbij behoort. Een vrije individu is dus logisch ondenkbaar zonder absolute vrijheid van denken en spreken. Doordat dit een absolute zaak is kan er welbeschouwd niet van een ‘recht’ gesproken worden, netzomin als je kunt stellen dat het gras het recht heeft groen te zijn. Gras is groen en daarmee uit..! Zonder herkenning en erkenning van deze fundamentele waarheid is het tegenwoordig modieuze thema van een eventueel ‘recht’ om te beledigen, al of niet voorzien van mogelijke begrenzingen van dit recht, niet op consequente en heldere wijze te doordenken. Zonder die erkenning blijft de gehele gedachtengang steken in het ‘enerzijds -  anderzijds’ van het idiote post-moderne denken en blijft het bovendien gevangen in de fuik van de zogenaamd ‘onvermijdelijke’ meningsverschillen. En, daarmee onlosmakelijk verbonden, het stellen van grenzen door zwakke geesten die het moeten hebben van reglementen om zich intellectueel en praktisch te kunnen handhaven.

Bij het onderzoeken van het begrip ‘belediging’ wordt gewoonlijk uitgegaan van diegene die iets beweert dat voor iemand anders beledigend of kwetsend zou zijn. Alle aandacht gaat dan uit naar de vermeende belediger. Slechts zeer zelden kom je tegen dat de beledigde in de betreffende gedachtengang van cruciale betekenis wordt geacht. Dat wil zeggen: de beledigde wordt wel ter sprake gebracht slechts als beklagenswaardig slachtoffer van discriminatie en racisme, maar niet als iemand die zèlf een ernstig conflict veroorzaakt heeft. Toch is juist hij het die bij het denken over het begrip ‘belediging’ de enige bepalende factor is. Hij is het die stampij maakt en als een verongelijkt kind tekeer gaat. Uiteraard is zulk een gedoe doortrokken van een diepgeworteld besef van minderwaardigheid, zoals dat als regel in het bewustzijn van èlke gelovige aanwezig is. Geen enkele godsdienst of ideologie kan bestaan zonder die, doorgaans diep verborgen, minderwaardigheid. Hij is heel in de diepte gegrond op het gegeven dat dergelijke levensbeschouwingen en overtuigingen op een gigantisch geraffineerde, bijna niet uit te roeien, fictie berusten die wezenlijk niets met de werkelijke ‘mens’ te maken heeft. Dit betekent dat het wat het begrip ‘belediging’ betreft eerst en vooral zaak is na te gaan wat er met iemand die zich beledigd voelt aan de hand is. Je behoeft dan bepaald geen diepgaand wetenschappelijk onderzoek te plegen om er achter te komen dat het beledigd-zijn inderdaad uiting is van een ernstige zwakte van de persoonlijkheid van de beledigde. Zijn zelfrespect wordt door de geringste kritische opmerking onmiddellijk en ten diepste aangetast. Dat komt doordat je in de praktijk te doen hebt met bepaalde culturele, politieke en morele voorstellingen, die, heel gluiperig, reeds bij het jonge kind door morele machthebbers, zoals priesters, imams, partij-ideologen en dergelijke schavuiten in het zelfbewustzijn ingeprent zijn. Als dergelijke voorstellingen ook maar even aangetast worden, hetgeen doorgaans niet zo erg moeilijk is, voelt het slachtoffer zich beroofd van zijn waardigheid en zekerheid. Hij of zij is beledigd. Dat leidt tot panische reacties die zich alleen maar kunnen uiten door hysterisch geschreeuw en agressief gedrag.

Opgemerkt moet worden dat zulk gedrag bij zogenaamd ‘beschaafde’ mensen ook volop voorkomt. Maar dan is het doorgaans verpakt in een schijnheilig maatschappelijk of ‘politiek-correct’ protest, of ook als een geraffineerd geformuleerd juridisch betoog. Maar aan de basis liggen toch steeds hysterie en agressie. Vaak is dat zelfs duidelijk aan het gedoe van een zogenaamd ‘beschaafde’ beledigde af te lezen, zoals onlangs nog het geval was met een bekende jurist die meende een politicus om zijn scherpe kritiek op de Islam te moeten beschuldigen van belediging en discriminatie van moslims.

Nogmaals: het gaat er niet om dat iemand schuldig zou zijn aan beledigen, maar het gaat om diegene die zich beledigd vòelt.

Je moet constateren dat zonder het slachtoffer het begrip ‘belediging’ helemaal niet bestaat. Het is een ‘relatief’ begrip dat èn bepaald wordt door de geldende cultuurvoorstellingen èn de persoonlijkheidsstructuur van de beledigde. Als het over de moslims gaat zijn de Koran en de erbij behorende toelichtingen en voorschriften de dodelijke ziekteverwekkers van hun psychische persoonlijkheid. Dat blijkt zonneklaar bij bestudering van de zogeheten theologie van de Islam. Onmiddellijk word je pijnlijk getroffen door de onverzoenlijke haat tegen alles dat in het teken van menselijkheid en vrijheid staat. Dat betekent uiteraard ook dat het geheel van de moderne cultuur object van haat en agressie is.

De mensen die bij die ‘moderne’ cultuur behoren zijn per definitie verdoemden die vrijelijk beroofd en gedood mogen worden, ja, eigenlijk zelfs gedood mòeten worden. Zij zijn volgens de oeroude primitieve wetten van de woestijn letterlijk vogelvrij. [Overeenkomsten tussen BIJBEL en KORAN..? – woestijncultuur- (okt. 2010)-JV Toegevoegd door Rob van Es]

Als iemand, hoog opgeleid of niet, beweert dat de Islam een godsdienst van ‘vrede’ is bewijst alleen dat enkele feit al dat hij of zij geen kennis heeft genomen van de uitspraken van moslim-geestelijken, noch van de Koran. Bovendien is het kennelijk niet tot zo iemand doorgedrongen dat de Islam in feite en tot op het bot een tirannieke ideologie is, erger nog dan fascisme en communisme. In de hersenspinsels van die stelsels komt de mens tenminste nog voor, zij het als uniform gemodelleerde ondergeschikte die uitsluitend dienstbaar is als object van uitbuiting door bevoorrechte partijkaders. Maar, binnen het denken van de Islam komt eigenlijk helemaal geen mens voor. Er is geen besef van de mens als individuele persoonlijkheid. Die is geheel en al ontkend en totaal vernietigd. Steun geven aan en zelfs maar tolerant zijn voor zo’n systeem is in alle opzichten een onvergeeflijke humanitaire fout. Men stelt zich immers op als handlanger van onmensen, met als gevolg dat men de grond rijp maakt voor terreur, discriminatie en agressie.

Iets dergelijks was in het Nederland van voor de tweede wereldoorlog ook in alle wrangheid gaande: de schijterige politiek-correcte politici dorsten zich niet te verzetten tegen het almaar bedreigender wordende fascisme en nationaal-socialisme. Dat ging zelfs zóver dat men de in levensgevaar verkerende Joodse mensen geen hulp bood en hen vaak zelfs aan hun moordenaars uitleverde. Daarvan heeft men later dan ook moeten toegeven dat dat ‘beleid’ verwerpelijk was.

Maar publicisten als Menno ter Braak en Anton Constandse, die overigens al jaren eerder waarschuwden, werden beschuldigd van ophitserij en haat zaaien. Precies datzelfde is op het ogenblijk gaande: degenen die waarschuwen voor de Islam worden gedemoniseerd en zelfs gerechtelijk vervolgd terwijl de correcte politici thee drinken met de toekomstige terroristen. De in de 19e eeuw zo moeizaam bevochten vrijheid keert zich op den duur tégen zichzelf als zij niet voortdurend en onverbiddelijk wordt verdedigd tegen misbruik van voornamelijk orthodoxe moslims die onze vrijheid misbruiken om hun medemensen te schofferen. Vrijheid is het meest kwetsbare goed dat de mens zich in de loop der tijden verworven heeft. Zij berust op de allerlaatste kwaliteit die de volwassen mens voor zichzelf kan en moet waarmaken. Maar die kwaliteit moet met innige liefde en zorg gekoesterd worden.

Waarmee wij thans echter te doen hebben is een situatie die je gevoeglijk een ‘derde wereldoorlog’ zou kunnen noemen. Dat lijkt, voor ons westerse besef, een beetje vreemd. Het bedrieglijke is namelijk dat het een oorlog zonder fronten is. Dat zijn wij westerlingen niet gewend. Hij is aan geen bepaalde plaats gebonden, maar hij woekert zich daarentegen als een kanker overal doorheen. Het lijkt lange tijd alsof we met incidenten van doen hebben die veroorzaakt worden door zelfstandig opererende terroristen. Politici willen ons trouwens nog steeds doen geloven dat het inderdaad incidenten zijn.

Maar zo langzamerhand wordt voor diegenen, die nauwlettend de huidige wereld gadeslaan, duidelijk dat er wel degelijk een in zichzelf samenhangende meedogenloze oorlog woedt, en wel die van de ‘mens-ontkennende’ Islam tegen de ‘mens-erkennende’ moderne, vrije wereld.

Die derde wereldoorlog is noch door de éne, noch door de àndere partij met wapengeweld te winnen. Dat blijkt bijvoorbeeld nu al in Irak en Afghanistan. Toch ligt het in de logica dat op den duur de volwassen, vrije mens zal zegevieren. De mens kan immers niet blijven steken in het ontkennen van zijn eigen mens-zijn! Maar de weg naar die uiteindelijke volwassenheid kan alleen maar begaan worden door de moslims ervan bewust te maken dat zij slachtoffer zijn van een intensieve, niets ontziende hersenspoeling door, uiteraard, mannen die een tirannieke, mensonterende ideologie aanhangen. De ideologie namelijk van de onderwerping en de totale zelfverloochening. Het is bijna niet te doen om door zo’n diepgewortelde waanvoorstelling heen te breken, maar, als de mensheid zichzelf niet vòòr die tijd om zeep helpt, zal het tenslotte zeker lukken.

 

 

 

 

 

 

Onder dit kopje vindt U artikelen over De Islam

 

Op de Valreep 2015 . met o.a. bladw.: ARBEID/BELONING ; softe “Multiculties ; Genocide; Hoofddoekjes ; bladwijzer KARL MARX - NAVO-Europa ; De manager is de bedrieglijke “tovenaar” ; Het echte begrip DEMOCRATIE ; Europa een begeerlijk object ; POPULISME ; VRIJHEID van MENINGSUITING

 

Lezing voor De VRIJMETSELAARS; Islam’s succes ; De wisselwerking tussen enerzijds de Westerse Wereld, zoals die zich sinds de Verlichting ontwikkeld heeft en anderzijds de Wereld v/d ISLAM - (05-’08)

 

Over de ISLAM, Vrije meningsuiting – Discriminatie/Racisme/Beledigen-Wie is de veroorzaker.? - Een oorlog zonder fronten - Haat zaaien (08-2010)

 

KORAN en BIJBEL ; Overeenkomsten Islam en Oude / Nieuwe Testament – Woestijn cultuur – ANGST voor de ISLAM – (okt. 2010)

 

De Islam rukt op..!/Islamisering..! - De ISLAMIETEN hebben uiteraard, als privé personen,  RECHT op hun “GODSDIENST” - (nov. 2011)

 

De koran – auteur: Max de Hes     De herrijzenis van de Halve Maan – auteur: Frans Bijlsma – ISLAM ; De islam nu 1979

 

Islamitische zelfbewustzijn     Vertrouwen-A     Vertrouwen-B    

 

[ HOOFDDOEKJES / Burqa/Discriminatie ] -  Zie:  A – nrs. 37/38 ; B – nr. 56 en 60 ; C – bladwijzer Hoofddoekjes ; en D – bladwijzer Burqa

 

De grondslagen van Jodendom, Christendom en Islam - Lees o.a. de nrs. 142 t/m 146 – Zie bladwijzers

 

Elders op deze homepage vindt U o.a.

 

Naar andere artikelen: Het toenemend belang van het Atheïsme ; Evolutie of Creatie ; CONDITIONERING ; Bestrijders en Begrijpers van de GODSDIENST..! zie afl.51 ; Geen God wat dan ; De begrippen Godsdienst en Geloof – Hoe zit dat..? ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheïsme ; De verdedigers van de Godsdienst ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ;  Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ;  Vernietiging van de macht ; De Grote Vierslag (LEVENSBEGRIPPEN: nihilisme, anarchisme, socialisme en communisme) ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Polariseren leidt naar een hoger plan(stuwt op) v/d DEMOCRATIE – zie afl. 24 en 25 ;  Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Burqa, volg bladwijzer ; Een alternatief bestuur ; Briefwisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof ; Vrijheid van Godsdienst ; Kan alles maar..!-zie bladwijzers ; de kunst; het schone verschijnsel ; Samenleving, Maatschappij en Gezin ; Filosofie van de kunst ; KENNEN EN KUNNEN, DE TECHNOLOGISCHE MENS ; Beweging en verschijnsel deel 1 t/m 3 ; Hoe zit het nou met god..? ; Het Nihilisme ; De filosofie van de geschiedenis ; Uilenspiegel en de macht ; Ongehoorzaamheid ; Artikelen betreffende o.a. Moslims / ISLAM ; Proces v/d Eeuw tegen alle ingezetenen van Nederland.!.? ; De kunst van het filosoferen ; Niet zeuren, god bestaat niet – zie inhoudsopgave nr. 13( godsdiensten een cultuur..? ) ; Wij dulden geen tegenspraak – zie INHOUDSOPGAVE – zie nummer 10 ; Seksueel misbruik – Hoe zit dat..? – zie bladwijzer ; Leidt de toename van de kennis tot een beter weten..? – zie bladw. ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? ; JESAJA – zie A..! , B , C , D , E , - zoekterm “ Jesaja “ ; Op de vlucht voor je eigen denken ; Nihilisme en Anarchisme als basis van het Atheïsme ; Islamitische geldingsdrang – zie afl. 27 ;  Het geheel is meer dan de som der delen ; Sociale Bewogenheid – zie bladw. ; De Rechtsstaat – zie bladwijzers ; Religies bevestigen het Geestelijke Karakter v/d mens..! – zie bladw. ; Onvolwassen Mensheid-zie nr. 50..! ; Depressies -Hoe zit dat..?-zie bladw. ; Gedachten over Ontstaan en Bestaan ; Kan macht zich ten goede keren ; Het Zelfbeschikkingsrecht ; Onder MACHT versta ik - zie de link ; Brieven aan belangstellenden ; De ontwikkeling van het denken ;

 

 

 

 

 

KORAN EN BIJBEL

Oktober 2010

Jan Vis

 

Bladwijzers: Overeenkomsten ISLAM en Oude Testament – Woestijncultuur - ( Het joodse religieuze erfgoed)     Jezus - Mohammed  ;  Angst voor de Islam  ; CULTUURBESEF  ;

 

Neem eens nota van: Je VRIJHEID verdedigen..! Klik op betreffende bladwijzer in [ Over de Islam ]

 

Met een zekere regelmaat kan men in de huidige Islam discussie tegenkomen dat Islam-sympathisanten er op wijzen dat er grote overeenkomsten bestaan tussen de Bijbel en de Koran. Dat zou dan moeten aantonen dat de Islam net zo een oorspronkelijke godsdienst is als de Joodse en de Christelijke en dat op grond daarvan alle drie als aan elkaar gelijkwaardig beschouwd moeten worden. De achtergrond van die bewering is niet een logisch onderbouwde filosofische of theologische, maar een puur sentimentele, bedoeld om de treurige geestelijke status van de moslims zo goed mogelijk op te vijzelen. Men wil met alle geweld voor waar laten gelden dat de Islam op zijn minst op het niveau staat van de Joodse en de Christelijke godsdienst. Dit vergelijken om een gelijkwaardigheid aan te tonen is ten eerste volledig corrupt omdat het gebaseerd is op moderne Nederlandse vertalingen van oude, nauwelijks nog te begrijpen, cultuur-begrippen, en ten tweede is het uitermate bedrieglijk omdat de werkelijkheid als zodanig in ernstige mate geweld wordt aangedaan.

Zo kan men op internet een site aantreffen (www.bijbelenkoran.nl) waarin door de filosofe Marlies ter Borg op grond van door haar verricht onderzoek allerlei vergelijkingen worden gemaakt tussen de Koran en de Bijbel. Het gaat daarbij dus om het in beide ‘heilige’ geschriften voorkomen van dezelfde verhalen en de daarbij behorende personen. De Joodse aartsvaders bijvoorbeeld komen nagenoeg allemaal voor in de Koran en het is zelfs zó sterk dat er tot grote verbazing van onze filosofe ook in de Koran van Jezus en Maria gerept wordt. Ze beschouwt deze overeenkomsten als een legitimatie van de Islam als originele godsdienst. Dit nu getuigt van een ontstellend gebrek aan zelfs voor leken gemakkelijk te controleren kennis. Waarom zij die kennis negeert is helaas niet te achterhalen, maar een verklaring kan zijn dat het in de praktijk nog steeds gebruikelijk is dat christelijke ‘denkers’, zoals priesters en dominees, en multi-culturele dwepers, als linkse politici en kunstenaars, zich niets aan de cultuur-filosofische feiten gelegen laten liggen. De waarheid erkennen en laten gelden is kennelijk nog altijd bedreigend voor het rustgevende en o zo menselijke ‘onderlinge begrip’.

Mevrouw ter Borg wil zich laten kennen als filosofe, maar het opmerkelijke is dat haar onderzoek louter kwantitatief is. Zij vergelijkt namelijk niet het wederzijds voorkomen van ideeën, toentertijd als regel verteld in de een of andere verhaal-vorm, maar het voorkomen van die verhalen zèlf! Nu moet toegegeven worden dat dit ‘kwantitatieve’ filosoferen niet alleen een euvel is van het denken van Ter Borg. De moderne academische filosofie is vrijwel in zijn geheel onderworpen aan deze kwasi-wetenschappelijke systematiek. Men onderbouwt en legitimeert zijn beweringen op grond van allerlei soorten analytisch onderzoek zonder zich te verdiepen in de betekenis van de materie. Overigens is dat op zichzelf ook weer verklaarbaar, want betekenissen laten zich nu eenmaal niet kwantificeren. Het is dan ook geen wonder dat het resultaat van de moderne filosofie en van Ter Borg’s filosofie een ratjetoe van de eerste orde is..!

Ze bestaat het zelfs te gaan tèllen hoe vaak bepaalde woorden, zoals bijvoorbeeld ‘zwaard’, zowel in de Bijbel als in de Koran voorkomen. Alleen al het feit dat zij die woorden in Nederlandse vertaling telt wijst er op dat zij zich niet realiseert dat dergelijke vertalingen, zoals iedere classicus weet, uitermate dubieus zijn en dat men bijna nooit kan achterhalen wat er oorspronkelijk bedoeld werd. Het klassificeren van zulke oppervlakkige, in modern Nederlands vertaalde woorden is in alle opzichten een dom en misleidend gedoe (typisch iets voor een christelijke gelovige.?). Zoiets onnozels aanvoeren als bewijs van gelijkwaardigheid van Bijbel en Koran is letterlijk ‘hemeltergend’.

Maar dat is lang nog niet het ergste!

Veel treuriger is namelijk het feit dat Ter Borg meedoet met het bij Islamvrienden populaire bedriegen van diegenen die zich kritisch op de hoogte willen stellen van de inhoud van de Koran en de Bijbel. Zij spreekt voortdurend over ‘de Bijbel’ alsof dat één consistent betoog zou zijn. Die Bijbel van haar – en van àlle volgzame brave christenen – is echter een verzameling van min of meer historische getuigenissen uit een ver verleden. En een groot deel daarvan kennen wij als het Oude Testament. Het is nu juist in die oude verzameling verhalen dat het door Ter Borg gebruikte vergelijkingsmateriaal zich bevindt. In het zogenaamde Nieuwe Testament komt dat niet voor. Het is zelfs typerend voor die laatste geschriften dat zij door het optreden van Jezus en de zijnen van een totaal àndere mentaliteit getuigen. Het feit dat Jezus inderdaad zowel voorkomt in het Nieuwe Testament als hier en daar in de Koran wil absoluut niet zeggen dat beide geschriften met elkaar overeenkomen. Daarop wijzen de moslims overigens zelf door Jezus nadrukkelijk een van de ‘profeten’ te noemen en hem niet de status te geven die hem in het christendom toekomt. De christelijke gedachte dat Jezus op overdrachtelijke wijze ‘de Zoon van God’ is kan in het Islam-denken onmogelijk voorkomen omdat er naast Allah niets bestaan kan.

Kort en goed: het ongenuanceerd spreken over ‘de Bijbel’ en ‘de Koran’ is niet alleen onnozel, maar zelfs bedrog. Als men het al nodig vindt vergelijkingen te maken moet dat op een drieledige manier gebeuren, namelijk tussen Oude Testament, Nieuwe Testament en Koran (en mogelijke andere islamitische geschriften). Maar dat zou onvermijdelijk voor de Islam bijzonder negatief uitpakken, zodat men een en ander liever op politiek-correcte wijze verdoezelt.

Het is alleen het Oude Testament waarvoor de vergelijking met de Koran talloze overeenkomsten oplevert. Dit testament is ontsproten aan een oeroude ‘woestijncultuur’ van nomaden en herders. Dat was bepaald geen gemoedelijke aangelegenheid. Overleven betekende dat men op rooftocht uit moest, want enigerlei vorm van nijverheid was niet mogelijk. De ‘omzetting van de voorhanden natuur in een voor de mens (over)leefbare praktijk’ (zoals dat in filosofische zin geformuleerd kan worden) kwam in het denken van de nomadische mens niet op. Bijgevolg werd noodzakelijkerwijs vrijwel ieder lid van een andere stam als een mogelijkheid om zelf te overleven beschouwd. En het was dan ook vanzelfsprekend dat die bedrogen, bestolen, verkracht, gemarteld en vermoord kon worden. Alle in het Oude Testament voorkomende zeden en gewoonten vinden wij ten voeten uit terug in de Islam, hetgeen bepaald geen wonder is omdat de basis hiervan eveneens een uitgesproken woestijncultuur is.

Het enthousiast wijzen op overeenkomsten tussen de Bijbel en de Koran, met de bedoeling de Islam en het christendom voor te stellen als gelijkwaardig aan elkaar mist elke praktische en filosofische grond en is als zodanig eigenlijk zelfs een smet op de filosofie. Het christendom heeft helemaal niets met een woestijncultuur te maken, al is het inderdaad een feit dat de bedriegers van de vroege Roomse Kerk bij het samenstellen van wat zij hun Bijbel zouden gaan noemen gretig gebruik hebben gemaakt van die oude ‘oog om oog, tand om tand’ verhalen.

Het voorkomen in zowel de Bijbel als in de Koran van dezelfde verhalen duidt derhalve niet, zoals valselijk door Ter Borg en haar Islam-vrienden gesuggereerd wordt, op beider vermeende oeroude cultureel-religieuze oorsprong, maar op een slimmigheid van Mohammed en zijn kornuiten. Om hun nieuwe totalitaire ideologie te legitimeren hebben zij gebruik gemaakt van allerlei oeroude overleveringen, zoals die vooral in de Joodse cultuur voorhanden waren. Geraffineerd als zij waren hebben zij zich daar evenwel niet zonder meer op beroepen. Zij hebben er onmiddellijk bij verteld dat de Joden die oeroude zaak verraden hadden en dat zij, de moslims, dat nu recht zouden gaan zetten. Daartoe bedachten zij, uiteraard in opdracht van hun god Allah, een nieuwe ideologie, namelijk de Islam. Men kan hier terecht van een ‘culturele diefstal’ spreken, maar eerlijkheidshalve moet toegegeven worden dat dit een gebruikelijke procedure is bij diegenen die op macht uit zijn. Zo beroepen alle Europese vorstenhuizen en hoogwaardigheids bekleders zich op de ‘gratie Gods’ die hun in een ver verleden ten deel zou zijn gevallen. Hogere machten en zogenaamde historische feiten zijn door alle eeuwen heen effectieve rechtvaardigingen voor machtsbegeerte geweest. Die ‘vorstelijke’ bedriegers komen daar gelukkig tegenwoordig zo erg ver niet meer mee, maar door het vasthouden aan bepaalde rituelen staan er nog altijd veel mensen aan de kant van de weg te juichen als zij langs komen.

Ook de Islam vertoont alle kenmerken van een welbewust ontworpen, op macht gerichte, totalitaire ideologie. Hetzelfde is het geval met het fascisme, het nationaal-socialisme en het door Lenin bedachte communisme en natuurlijk ook de talloze zogenaamd christelijke sekten die in de loop der tijden door fanatieke warhoofden gesticht zijn. Er is alleen dit verschil dat de Islam haar machtstelsel door geraffineerde psycho-religieuze indoctrinatie realiseert, terwijl uiteraard ook meedogenloze veroverings-methoden en onderdrukking toegepast worden om er een zogenoemde ‘wereldgodsdienst’ van te maken. Van belang is daarnaast echter ook in te zien dat de theologie waarop de hele zaak berust alle typerende elementen mist van een origineel religieus cultuurverschijnsel. Het oorspronkelijke religieuze cultuurbesef uit de oertijden, dat zelfs nog hier en daar in de Evangeliën terug te vinden is en dat op dichterlijke wijze getuigt van een diep en helder inzicht in de werkelijkheid, ontbreekt ten enenmale. Wat overblijft, is de Koran, een kille, haatdragende verzameling opdrachten, vervloekingen, dreigementen en voorschriften die slechts één doel dienen, namelijk de rigoureuze uitschakeling van de mens als individu. De mens die wezenlijk zijn eigen baas is. Allah en zijn voetvolk zijn immers de enige bazen..! Alles wat op de vrije mens betrekking heeft is object van blinde haat. Een vriendelijk woord of een blijk van liefde en vergeving is volstrekt afwezig, tenzij het natuurlijk gaat over getrouwe mannelijke mede-moslims die Allah’s wetten gehoorzamen. Die worden met alle mogelijke égards behandeld en hen wordt in de hemel een heerlijk en wellustig toeven met mooie meiden toegezegd..!

Die ‘mens als individu’ is, dank zij een diep in het menselijk bewustzijn aanwezig universeel ‘verhelderingsproces’, wakker geworden en zich gaan ontwikkelen. Dat was aan het begin van het Romeinse West-Europa. Het is geen toeval dat de Romeinen de eersten waren die beseften dat iedere mens op zichzelf een unieke individu is en dat het juist daarom van belang is de verhoudingen tussen die individuen te kanaliseren en te reglementeren. Zij kwamen dan ook met het ‘Romeinse Recht’ dat nog tot op de dag van vandaag ten voorbeeld wordt gesteld en bij de rechtenstudie bestudeerd wordt. Dat Romeinse rechtsbesef getuigt ervan dat de mens in zijn cultuur-ontwikkeling (‘verheldering’) eindelijk zichzelf heeft ontdekt.

Het christendom is op zijn wijze een manifestatie van dat nieuwe besef. Het voert thans te ver om deze bewering grondig te staven, maar bijvoorbeeld de christelijke gedachte dat Christus (Jezus) in de kwaliteit van ‘de zoon van god’ naar de aarde neergedaald zou zijn om daarmee ‘mens’ te worden, is een op zichzelf heldere metafoor om uitdrukking te geven aan het nieuwe zelfbewustzijn: de mens is niet onderwòrpen aan een hogere macht, het ‘goddelijke’, maar hij is zèlf die macht! Boven hem gaat niets uit. Zoals cultuur-filosofisch gemakkelijk is na te gaan dringt genoemde verheldering langzaam maar zeker tot alle mensen door. De filosoof Hegel (1770-1831) sprak in dit verband van de Weltgeist, die nauwelijks merkbaar in de gehele mensheid werkzaam is, en wel via de opeenvolging van de geslachten. Het is juist voor het thema van ons huidige betoog van belang zich dit feit goed te realiseren…

Een blik op de concrete wereldgeschiedenis leert ons namelijk het volgende: de bewustwording van de mens als individu was al ruim vijf eeuwen aan de gang toen Mohammed en consorten omstreeks het jaar 620 van onze jaartelling de Islam bedachten. Dat betekent dat het nieuwe besef van individuele volwaardigheid zich, vooral in het Westen, al stevig geworteld had en zich bijgevolg min of meer zelfbewust bij veel mensen liet gevoelen. En dat betekent vervolgens ook dat de weerstand hiertegen al behoorlijk sterk geworden was, met name bij diegenen die van oorsprong in de eerder genoemde ‘woestijncultuur’ van wantrouwen, onderlinge haat en vijandigheid geworteld waren. De Islam is de manifestatie van die weerstand, van die grondeloze haat zelfs. Zij is uitdrukking van het absolute àfwijzen van datgene dat zich reeds in het westen aan het verwerkelijken was: de zelfbewuste mens als vrije individu. Die mens moet onderworpen worden - dat is de inhoud van het begrip ‘Islam’. En als hij zich daartoe niet leent moet hij zonder pardon gedood worden. Overigens wijst ook dit dogma er op dat wij niet met een godsdienst van doen hebben, maar met een keiharde machtsideologie.

Diegenen dus die staande willen houden dat de Islam een aan het christendom gelijkwaardige godsdienst is en dat er zelfs sterke overeenkomsten tussen beide zijn, geven er blijk van geen enkel idee van de realiteit te hebben. Zij kunnen niet begrijpen, net als de vroegere communistische ‘fellow-travelers’, dat we te maken hebben met een levensgevaarlijke mondiale bedreiging waar niet vroeg genoeg tegen opgetreden kan worden. De Westerse cultuur, die door en door universeel van karakter is, moet wederom zichzelf leren verdedigen zoals ze dat ook bij het fascisme en het communisme gedaan heeft. Het feit dat deze bedreiging een sterke religieuze component heeft mag geen reden zijn om er zogenaamd tolerant en begripsvol tegenover te staan. Het is zaak er attent op te zijn dat bij de confrontatie met dit soort agressieve verschijnselen onze redelijke humaniteit de angstige neiging heeft zich uit pure menslievendheid tegen zichzelf te keren.

Echt humaan zou het zijn met die arme misleide moslims diep medelijden te hebben…

 

Neem eens nota van: Je VRIJHEID verdedigen..! Klik op betreffende bladwijzer in [ Over de Islam ]

 

 

 

Onder dit kopje vindt U artikelen over De Islam

 

Op de Valreep 2015 . met o.a. bladw.: ARBEID/BELONING ; softe “Multiculties ; Genocide; Hoofddoekjes ; bladwijzer KARL MARX - NAVO-Europa ; De manager is de bedrieglijke “tovenaar” ; Het echte begrip DEMOCRATIE ; Europa een begeerlijk object ; POPULISME ; VRIJHEID van MENINGSUITING

 

Lezing voor De VRIJMETSELAARS; Islam’s succes ; De wisselwerking tussen enerzijds de Westerse Wereld, zoals die zich sinds de Verlichting ontwikkeld heeft en anderzijds de Wereld v/d ISLAM - (05-’08)

 

Over de ISLAM, Vrije meningsuiting – Discriminatie/Racisme/Beledigen-Wie is de veroorzaker.? - Een oorlog zonder fronten - Haat zaaien (08-2010)

 

KORAN en BIJBEL ; Overeenkomsten Islam en Oude / Nieuwe Testament – Woestijn cultuur – ANGST voor de ISLAM – (okt. 2010)

 

De Islam rukt op..!/Islamisering..! - De ISLAMIETEN hebben uiteraard, als privé personen,  RECHT op hun “GODSDIENST” - (nov. 2011)

 

De koran – auteur: Max de Hes     De herrijzenis van de Halve Maan – auteur: Frans Bijlsma – ISLAM ; De islam nu 1979

 

Islamitische zelfbewustzijn     Vertrouwen-A     Vertrouwen-B    

 

[ HOOFDDOEKJES / Burqa/Discriminatie ] -  Zie:  A – nrs. 37/38 ; B – nr. 56 en 60 ; C – bladwijzer Hoofddoekjes ; en D – bladwijzer Burqa

 

De grondslagen van Jodendom, Christendom en Islam - Lees o.a. de nrs. 142 t/m 146 – Zie bladwijzers

 

 

 

Elders op deze homepage vindt U o.a.

 

Naar andere artikelen: Het toenemend belang van het Atheïsme ; Evolutie of Creatie ; CONDITIONERING ; Bestrijders en Begrijpers van de GODSDIENST..! zie afl.51 ; Geen God wat dan ; De begrippen Godsdienst en Geloof – Hoe zit dat..? ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheïsme ; De verdedigers van de Godsdienst ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ;  Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ;  Vernietiging van de macht ; De Grote Vierslag (LEVENSBEGRIPPEN: nihilisme, anarchisme, socialisme en communisme) ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Polariseren leidt naar een hoger plan(stuwt op) v/d DEMOCRATIE – zie afl. 24 en 25 ;  Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Burqa, volg bladwijzer ; Een alternatief bestuur ; Briefwisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof ; Vrijheid van Godsdienst ; Kan alles maar..!-zie bladwijzers ; de kunst; het schone verschijnsel ; Samenleving, Maatschappij en Gezin ; Filosofie van de kunst ; KENNEN EN KUNNEN, DE TECHNOLOGISCHE MENS ; Beweging en verschijnsel deel 1 t/m 3 ; Hoe zit het nou met god..? ; Het Nihilisme ; De filosofie van de geschiedenis ; Uilenspiegel en de macht ; Ongehoorzaamheid ; Artikelen betreffende o.a. Moslims / ISLAM ; Proces v/d Eeuw tegen alle ingezetenen van Nederland.!.? ; De kunst van het filosoferen ; Niet zeuren, god bestaat niet – zie inhoudsopgave nr. 13( godsdiensten een cultuur..? ) ; Wij dulden geen tegenspraak – zie INHOUDSOPGAVE – zie nummer 10 ; Seksueel misbruik – Hoe zit dat..? – zie bladwijzer ; Leidt de toename van de kennis tot een beter weten..? – zie bladw. ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? ; JESAJA – zie A..! , B , C , D , E , - zoekterm “ Jesaja “ ; Op de vlucht voor je eigen denken ; Nihilisme en Anarchisme als basis van het Atheïsme ; Islamitische geldingsdrang – zie afl. 27 ;  Het geheel is meer dan de som der delen ; Sociale Bewogenheid – zie bladw. ; De Rechtsstaat – zie bladwijzers ; Religies bevestigen het Geestelijke Karakter v/d mens..! – zie bladw. ; Onvolwassen Mensheid-zie nr. 50..! ; Depressies -Hoe zit dat..?-zie bladw. ; Gedachten over Ontstaan en Bestaan ; Kan macht zich ten goede keren ; Het Zelfbeschikkingsrecht ; Onder MACHT versta ik - zie de link ; Brieven aan belangstellenden ; De ontwikkeling van het denken ;

 

 

 

 

De Islam rukt op…

30 november 2011

auteur: Jan Vis, creatief filosoof

 

Naar bladwijzers: De Islam een ‘aanwinst’ voor de moderne westerse cultuur..? ; Herdersmoraal ; Hun sociaal-maatschappelijke ideologie is verwerpelijk ;

 Feestvierende moslims in Nederlandse straten - Indirecte terreur ; De mens ontkennende grondslag van de Islam ; Islamitische zelfbewustzijn ; Islamisering / Integratieproces ;

 

 

Woensdag, 30 november 2011

 

Ondanks de verwoede pogingen van zowel linkse als rechtse politici het te ontkennen is het een onloochenbaar feit dat de Islam gestaag oprukt in de gehele westerse wereld. Het merkwaardige is daarbij dat aan dit geniepige proces royaal wordt meegewerkt door vrijwel alle intellectueel gevormde maatschappelijke élites. Die hebben tijdens hun hogere opleiding ingeprent gekregen dat het een zaak van redelijkheid en rechtvaardigheid is een ieder het zijne te gunnen en daarbij geen kwalitatief onderscheid te maken tussen de ene wereldbeschouwing en de andere, tussen het ene geloof en het andere en tussen de verschillende waarderingen van de mens als individu. Men heeft geleerd dat niemand het recht heeft zich boven anderen te verheffen door een ongunstig oordeel over hun geloof en hun levens- en wereldbeschouwing uit te spreken. De studenten zijn er op indringende wijze op geconditioneerd dat alle mensen als gelijken moeten worden beschouwd.

Vanuit die menslievende gesteldheid worden de Islamieten met extra respect bejegend en wordt hen alle gelegenheid geboden zich genoeglijk in de westerse cultuur te nestelen. Daarbij wordt als vanzelfsprekend uitgegaan van de gedachte dat zij hun eigen cultuur mogen behouden, maar dat die wel in de richting van moderniteit en humaniteit verder ontwikkeld zou moeten worden. Men stelt zich voor dat er op die manier een echte moderne Islamitische identiteit zal ontstaan, gebaseerd op een godsdienst die zich in de praktijk net zo sociaal manifesteert als bijvoorbeeld bij het hedendaagse christendom het geval is. Toch is het niet zo moeilijk te leren inzien dat dit een tragische utopie is, omdat in die idealistische gedachtengang blindelings voorbij wordt gegaan aan het anti-menselijke karakter van ideologieën in het algemeen en aan de Islamitische in het bijzonder. Niet zozeer omdat hij op een soort van geloof gestoeld is, alswel omdat het over een puur politieke machtsideologie gaat, met alle bijbehorende radikaal autoritaire mannelijke elementen. Daardoor vormt de Islam een buitengewoon bedreigend probleem voor de moderne mensheid.

Intussen is aan vele minder intellectueel geconditioneerde ‘gewone’ mensen opgevallen dat dat beoogde integratieproces onmiskenbaar tot gevolg heeft dat de Islamitische ideologie zich niet vermenselijkt, maar zich daarentegen almaar meer arrogant en autoritair laat gelden. Dat was natuurlijk voorspelbaar, zoals nu onder andere blijkt uit het feit dat er steeds brutaler geëist wordt dat Islamitische normen en waarden ook in de westerse cultuur van kracht worden. Alsof het volkomen vanzelfsprekend is eist men dat overal moskeeën gebouwd worden, Islamitische feestdagen worden ingesteld en in ere gehouden en dat de ‘goddelijke’ wetten en voorschriften van de sjari’a, ten aanzien van onder andere vrouwen, homosexuelen en ongeneeslijk zieken, voor iedereen van kracht gaan worden. Zo wordt een groot aantal, vaak na langdurige strijd in de Westerse cultuur verworven maatschappelijke instellingen langzaam maar zeker afgekalfd. Dat is bijvoorbeeld het geval als het gaat over het bevorderen van een menswaardig levenseinde. Via een uiterst geraffineerde intolerante strategie, met een vals beroep op vrijheid van godsdienst, wordt de hele zaak teruggedraaid naar AF.

Zoals gezegd krijgen de moslims bij hun streven naar totale islamisering gewillige medewerking van de westerse bovenlaag, de hoger opgeleide maatschappelijke élites. Die bestaan niet alleen uit diegenen die kans hebben gezien een studie te volgen aan de povere resten van wat eens brandpunten van intellect waren, namelijk de hogescholen en universiteiten, maar die in feite bestaan uit al die ‘redelijke’ lieden die op de een of andere manier modern onderwijs genoten hebben. Dat wil dus zeggen dat het hierbij gaat om een betrekkelijk groot deel van de westerse bevolking. En al die mensen zijn echte burgers geworden, herkenbaar aan hun volgzaamheid, hun braafheid, hun zogenaamde begrip en vooral hun intellectuele luiheid. Deze burgers zijn niet meer in staat om met een enigszins onbevangen blik naar hun eigen werkelijkheid te kijken en die bijgevolg geen kans zien ook maar één eigen gedachte te ontwikkelen. Hun denken is in alle opzichten een massaproduct geworden, volledig geprogrammeerd door kwasi wetenschappelijke paradigma’s die door niemand gecontroleerd en weersproken worden. Een enorme variatie aan wezenlijk precies dezelfde opvattingen, op professionele wijze door ‘deskundigen’ verkondigd, geeft de indruk dat we met een rijk intellectueel leven te maken hebben. Maar het is niet meer dan op hoog niveau geconditioneerde domheid. Dat is dan ook de aard van het gezwets dat op ergerlijke wijze voortdurend, vooral in de politiek en de daarop gebaseerde media, aan de mensen opgedrongen wordt. Zo vindt bijvoorbeeld op het ogenblik iedere burger dat er bezuinigd moet worden omdat de kosten de pan zouden uitrijzen. Toch vraagt geen van die luie denkers zich serieus en onbevooroordeeld af waardoor die kosten in feite ontstaan. Zouden zij dat eens een keer wèl doen, dan zou dat onmiddellijk een totaal andere kijk op de manipulaties van de hoger opgeleide élites opleveren. En die kijk zou nu niet bepaald tot een vleiend oordeel leiden…

Diezelfde hoger opgeleide élites zijn het ook die, wat de Islam en de moslims betreft, de lager opgeleiden voortdurend een totaal verkeerd beeld voorhouden. Zij doen dat omdat zij intellectueel te lui zijn om zich werkelijk in de Islam, zijn praktijk en zijn geschiedenis te verdiepen. Dus houden zij vast aan het corrupte wetenschappelijke geloof dat het bij de Islam over een hoogstaande cultuur zou gaan waarvoor men vanzelfsprekend respect zou moeten hebben. In het gangbare post-moderne denken, dat stelt dat een ieder recht heeft op het zijne, worden domweg gelijke rechten verward met gelijke kwaliteiten. Op grond daarvan is het verboden onderscheid in kwaliteit te maken. Doet men dat toch, dan wordt dat als een vorm van culturele discriminatie beschouwd. En discrimineren is kwalijk, dat is iedereen grondig ingepeperd..!

Dat klakkeloos gelijkstellen van het ene cultuurverschijnsel met het andere is karakteristiek voor de intellectuele conditionering van de hoger opgeleiden. Zoals gezegd wordt dit bevorderd door de ingekankerde intellectuele luiheid van de moderne mens. Zijn slonzige en rommelige denken wordt gehouden voor een blijk van intelligentie en beschaving. De lager opgeleiden daarentegen, die niet of nauwelijks meedoen met dit denken, worden zonder meer als ònbeschaafd weggezet. Zij zouden vanuit de onderbuik en zonder enige kennis van zaken redeneren – dat wil zeggen: elkaar slaafs als in de kroeg napraten..! En dat zou dan gelden voor het merendeel van het zogenaamde ‘volk’ dat volgens de meeste hedendaagse politici zelfs te dom is om te weten op wie het bij verkiezingen moet stemmen. Wie dat volk desondanks serieus neemt en er naar luistert, zit dan natuurlijk helemaal fout en heet onmiddellijk een populist. Toch was er een tijd dat diezelfde politici vonden dat het in de politiek moet gaan om de mening en de wensen van het vòlk: de socialisten zongen enthousiast over “de Stem des Volks” en de liberalen beweren nog steeds een “Volkspartij” te vormen. En, in samenhang daarmee, houden zij allemaal vol ‘democraten in hart en nieren’ te zijn.

Maar het zijn juist die democraten die de westerse cultuur te grabbel gooien als zij de islamieten alle gelegenheid geven zich in te graven in de moderne westerse maatschappij en samenleving.

Democraten die daarbij in hun lafhartige intellectuele verblindheid zelfs zóver gaan dat zij de Islam een ‘aanwinst’ voor de moderne westerse cultuur noemen..! Dat mag misschien inderdaad het geval zijn als het gaat over de vele winkeltjes en handeltjes op de markt, maar het geldt zeker niet als het wezenlijke cultuurzaken betreft. Maar cultuur is waar het in feite altijd om gaat..! Helaas blijkt dan dat over de hele wereld de islamitische culturen en tradities verre achterblijven bij de moderne.

Dat is bepaald geen wonder: zij zijn namelijk geworteld in de herdersmoraal van de woestijn, aan het einde van de oudheid en voornamelijk in wat wij tegenwoordig ‘de Arabische wereld’ noemen. De essentie van die moraal is de absolute ontkenning van de mens als individu. Aan die mens wordt geen enkele persoonlijke status toegekend, behalve die van onderworpene. Zoals het zand van de woestijn overal hetzelfde is en totaal geen differentiatie vertoont, zo is voor Islamitisch besef de mensheid ook een in zichzelf ononderscheiden massa.

In zo’n massa kan zich echter niets ontwikkelen omdat er geen stimulerende verschillen tussen de mensen zijn. Niemand brengt iemand anders op een idee. Het gevolg is dat er niets aan en in de omringende werkelijkheid veranderd, vermenselijkt, wordt. Het overleven gaat niet verder dan het benutten van dat wat onmiddellijk voorhanden is en dat leidt onvermijdelijk tot een slome, passieve cultuur, die slechts wat voedsel en wat natuurproducten oplevert. Is die voorhanden natuur op een zeker moment uitgeput, dan gaat men als nomade een stukje verderop zijn geluk beproeven. Logisch is dat een dergelijke levensinstelling geen creativiteit kent en dus nooit met iets nieuws zal komen. Iets nieuws en beters kan hoogstens toevallig bij ànderen aangetroffen worden. Dan vinden die nomaden het vanzelfsprekend dat je zoiets met geweld rooft, òf het zonder pardon vernietigt, indachtig het parool: ‘wij niet, dan zij ook niet’. Het zich toe-eigenen van door anderen bedachte en gerealiseerde voorzieningen, of het vernietigen ervan, speelt zich thans in de moderne westerse wereld af, en wel in de vorm van islamisering…

Toegegeven moet worden dat dit allemaal niet erg aardig voor de moslims klinkt, maar het zijn wèl de wrange feiten… en de moderne intelligentia zal dat toch eindelijk eens onder ogen moeten zien en ter wille van een vreedzame toekomst moeten erkennen dat de islamitische cultuur passief is en zèlf hoegenaamd niets heeft voortgebracht. Waar men in de westerse wereld ook rondkijkt en wat men er ook aantreft, iets dergelijks is nooit binnen de cultuur van de Islam tot stand gebracht. Het triomfantelijk door westerse cultuursofties zwijmelen over bijvoorbeeld oude Islamitische en Moorse bouwkunst of literatuur is dan ook in zoverre misleidend dat het daarbij steeds over een vroege, doorgaans onbewuste, voortzetting van de Indische, Griekse en Antieke kunsten gaat. Dat is ook het geval met de zogenaamde Arabische ‘wetenschappen’. Ook hierin zit geen spoor van creativiteit. Daardoor gaat het praktisch niet verder dan het reproduceren van overgeleverde geschriften en duidingen. Die worden dan door de islamitische geleerden voor wijsheden verkocht.

Kort en goed, het onderwerpen van de mens als individu op een 1400 jaar oud bevel van een overspannen volksmenner uit Mekka, leidt onvermijdelijk tot een dodelijke passiviteit in de praktijk van het maatschappelijk leven. De enige actieve instantie daarentegen is een alleen heersende god, Allah, schepper en beheerder van hemel en aarde. Voor het Islamitische denken is dat een klare zaak, vandaar dat bij iedere menselijke verwachting of poging om iets te doen het toevoegsel “insh’Allah” gebezigd wordt, hetgeen betekent: “Zo Allah het wil”. Terzijde: die opvatting over de exclusieve activiteit van god is geen specialiteit van alleen maar de Islam. Ook de orthodoxe christenen bijvoorbeeld weten er raad mee: zonder GOD’s wil doet men niets en kan men niets.

Dat feit neemt echter niet weg dat men zich toch moet afvragen waarin dan die ‘verrijking van de cultuur’ door de invloed van de Islam gelegen is. Als er al van een verrijking gesproken kan worden zou dat in overdrachtelijke zin moeten zijn, bijvoorbeeld: er ontstaat op het ogenblik overal in de wereld een enorme verrijking aan terreur. Dat wil zeggen, van het willekeurig mishandelen en vermoorden van onschuldige en weerloze medemensen. Steeds door moslimfanaten. Zij voeren daarbij niet een min of meer openlijke strijd tegen gewapende gelijkwaardige tegenstanders, zoals bij militaire acties het geval is, maar zij verklaren gewone medemensen, die voor hen ongevaarlijk zijn, tot hun vijanden. Die mensen molesteren en hen doodsangst aanjagen is de essentie van hun terreur. Dat onbarmhartig terroriseren geschiedt geheel en al in opdracht van Allah, de enige die activiteit kan en mag ontplooien en daar bijgevolg het alleenrecht toe heeft. Uiteraard gaat dat allemaal op uiterst ‘barmhartige’ wijze. Diegene die dat goddelijke programma uitvoert wordt bevorderd tot een martelaar die een barmhartige plicht vervult (hoe krijgen ze het verzonnen!).

Binnen dat idiote godsdienstige denkkader is het te begrijpen dat er geen effectieve morele rem is op het moorden en branden, want zonder aanzien des persoons wordt iedereen als vijand beschouwd. Wat dat betreft is de Islam een ideologie van volstrekte gelijkheid..! Zonder uitzondering is iedereen, zelfs een rechtgeaarde moslim, een legitiem doelwit, want in de grond van de zaak is ieder individu waardeloos. Maar, er komt, speciaal wat de verhouding tussen de Islam en de moderne westerse cultuur betreft, nog iets afschuwelijks bij: het westen verdient een extra agressieve aanpak omdat het in die wereld juist om de mens als individu en de ontwikkeling daarvan gáát. Het westen en de Islam vormen daardoor een absolute en onoplosbare tegenstelling. Het zijn letterlijk elkaars doodsvijanden en dat is in de loop van de afgelopen 1400 jaar overduidelijk gebleken..!

Er is trouwens nog een belangrijk onderscheid tussen de Islam en de andere ideologieën, religies en godsdiensten. In al die spirituele systemen is de mens als individu geen onderworpene, geen waardeloze niet-mens, zoals in de Islam. Hij telt wèrkelijk mee want het draait daarbij om de relatie tussen hem en zijn hogere instantie, zijn god en goden. Een relatie kan niet bestaan zonder dat beide elementen gelden. Dus zowel de mens als zijn god tellen mee. Vervolgens is het natuurlijk de vraag als hoedànig de individuele mens meetelt. Het spreekt vanzelf dat hij als lager gewaardeerd wordt omdat hij, in tegenstelling tot zijn god, maar een tijdelijk en beperkt verschijnsel is. Er ontbreekt van allerlei aan hem, hij schiet in alles tekort en hij gaat gebukt onder een eeuwigdurende schuld. Het is een vaste regel dat overal waar een besef van een hogere macht is de mens in principe als een mislukkeling beschouwd wordt. Maar steeds ligt er tegelijkertijd een weg open om hogerop te komen, vergeving te krijgen of in genade te worden aangenomen. Hoe armzalig de individuele mens er ook voorstaat, er is altijd een mogelijkheid, ja zelfs een opdracht, aan de vicieuze cirkel te ontsnappen. In de Islam echter is voor de mens als individu geen verlossing weggelegd, en wel omdat de mens als individu domweg niet bestaat. Het christelijke “werk uzelf zaligheid” bijvoorbeeld is taboe voor de Islamiet. In het uiterste geval rest hem slechts het martelaarschap, maar dat houdt in het geheel geen verheffing of verlossing in. Als martelaar vernietigt hij inderdaad zichzelf als individu: hij bevestigt letterlijk zijn niet-mens-zijn.

Het zijn vooral de westerse politici die het negatieve karakter van het Islamitische denken ontkennen, maar er zijn ook heel wat andere intellectuelen die zich van allerlei uitvluchten bedienen om de ware aard van de Islam te verdoezelen. De gevaarlijkste redenering daarbij is deze dat men er op wijst dat die ware aard alleen maar te voorschijn komt bij radikale moslims die de westerse samenleving zoveel mogelijk schade willen toebrengen. Het gros van de gewone eenvoudige moslims zou volgens die intellectuelen dat negatieve karakter niet vertonen. Daarin hebben zij in zekere zin gelijk. Terreurdaden worden altijd door verblinde idealisten uitgevoerd en het ligt in de logica dat het dan steeds om minderheden gaat. Maar het erkennen van dit feit mag niet dienen als argument voor de stelling dat de Islam op zichzelf ongevaarlijk en zelfs in wezen uitermate vredelievend zou zijn.

De mens ontkennende grondslag van de Islam gaat namelijk door àlles heen en dat heeft op geniepige wijze zijn inwerking op de diepere psychologische lagen van het Islamitische zelfbewustzijn. Dat dit wel degelijk het geval is kan bijvoorbeeld worden afgeleid uit het asociale gedrag van het gros van de moslimjeugd. Die jochies komen met ideeën die zij onmogelijk zèlf bedacht kunnen hebben, maar die zij van hun imams, hun ouders en opvoeders ingefluisterd hebben gekregen. Die ouderen, die door de westerse intellectuele bovenlaag als o zo menslievend worden afgeschilderd, maken in feite op de een of andere manier aan de kinderen duidelijk dat onder andere homo’s niet deugen, dat westers vrouwen hoeren zijn en dat er maar één rechtvaardige wet bestaat, namelijk die van de Islamitische sjari’a. Toen in New York die schandelijke 9-11-aanslagen gepleegd waren werd er volop feest gevierd, gewoon in de Nederlandse straten door diezelfde vredelievende moslims en hun kinderen. Talloze voorbeelden zijn er te geven van directe en indirecte Islamitische agressie tegen de westerse samenleving. Zo bleek bijvoorbeeld onlangs dat een traditioneel ingepakte moslima, nota bene als in Nederland opgeleide huisarts met een Nederlandse praktijk, elke medewerking, steun en palliatieve begeleiding weigerde aan een doodzieke kankerpatiënte. Haar geloof stond haar niet toe te helpen omdat die kanker een straf van Allah was..! Het is waar dat zij, net als die andere, o zo brave en eenvoudige moslims, geen terroristische aanslagen pleegt, maar haar gedrag is wel degelijk een brutale daad van indirecte terreur. Het op straat schofferen van vrouwen en homo’s, zodat menigeen niet meer de straat op durft, is eveneens een onmiskenbare daad van terreur, die overigens doet denken aan de straatterreur van de nazi’s in het vooroorlogse Duitsland. Dat bepaalde openbaar bekende medeburgers constant beschermd moeten worden tegen terroristisch geweld is zo langzamerhand een normale zaak geworden. En die werknemers die van hun werkgevers gebedsruimten afdwingen om hun dagelijkse gebeden te kunnen zeggen oefenen eveneens indirecte terreur uit. Het is trouwens zo dat tot voor kort geen enkele westerse werkgever er zelf maar over dacht voor welke godsdienst dan ook een kapel of iets dergelijks in te ruimen. Zelfs een ogenblik stilte voor de maaltijd was doorgaans niet aan de orde: godsdienst was nadrukkelijk een zaak van ‘thuis’..! Het buitensluiten van godsdienst was in de praktijk niet alleen regel waar het de staat betrof, maar het was ook en vooral van toepassing in het bedrijfsleven. De door moslims gestelde zogenaamd godsdienstige eisen zijn dan ook absoluut een kwestie van sociale terreur en die is, in zijn geniepige kwasi-redelijkheid, met zijn onterechte beroep op vrijheid van godsdienst, misschien nog wel wreder dan radikale gewapende terreur.

Al deze verschijnselen zijn op hun wijze flagrante aantastingen van de moderne liberaal-westerse cultuur die, in tegenstelling tot de mening van vele intellectuelen, welbewust en volgens een vaste strategie gepleegd worden. Maar helaas wordt dat feit nog steeds lafhartig onder de dekmantel gehouden en hoogstens gemakzuchtig als incident afgedaan…

De Islam rukt inderdaad op! De moslims zijn namelijk helemaal geen gediscrimineerde stakkers die, net als de joden voor de oorlog, door een gruwelijk lot bedreigd worden. Zij vertegenwoordigen daarentegen in volle overtuiging een ideologie die de vernietiging van de westerse cultuur beoogt en die dan ook een frappante overeenkomst vertoont met juist dàt nationaal-socialisme dat destijds onder andere de joden bedreigde. De zaak ligt dus precies tegenovergesteld aan datgene dat ons door de politici voorgehouden wordt: de positie van de moslims komt niet overeen met die van de vooroorlogse joden, maar juist met die van hun bedreigers, de nationaal-socialisten. Dat is niet alleen praktisch zo, maar ook wat de inhoud van hun ideologieën betreft. Het is dan ook uitermate ergerlijk dat de moderne hoger opgeleide bovenlaag blind is voor de duidelijk evidente verhoudingen en zich daardoor gedraagt als de vooroorlogse politieke élites, die uitgerekend de aanhangers van die vijandige ideologie respectvol bejegenden.

De islamieten hebben uiteraard, als privé personen, recht op hun “GODSDIENST(zie bladwijzers: Grondslagen van Jodendom, Christendom en Islam), al is de Islam als eenzijdig stelsel van vervloekingen, voorschriften en opdrachten nauwelijks een godsdienst, in de ware zin van dit begrip, te noemen. Maar hun sociaal-maatschappelijke ideologie is daarentegen zonder meer verwerpelijk en waard om krachtig bestreden te worden. Voorzover de moslims al in de westerse samenleving doorgedrongen zijn kan dit alleen maar geschieden doormiddel van wettelijke bestrijding van geestelijk leiders, ouders en andere opvoeders die tot op heden vrijelijk de jeugd hebben kunnen vergiftigen.

Maar wat betreft de Arabische islamitische wereld zal het moeilijk zijn. Niemand zit immers naar oorlogsgeweld uit te kijken…

 

Woensdag, 30 november 2011

 

 

 

 

 

Onder dit kopje vindt U artikelen over De Islam

 

Op de Valreep 2015 . met o.a. bladw.: ARBEID/BELONING ; softe “Multiculties ; Genocide; Hoofddoekjes ; bladwijzer KARL MARX - NAVO-Europa ; De manager is de bedrieglijke “tovenaar” ; Het echte begrip DEMOCRATIE ; Europa een begeerlijk object ; POPULISME ; VRIJHEID van MENINGSUITING

 

Lezing voor De VRIJMETSELAARS; Islam’s succes ; De wisselwerking tussen enerzijds de Westerse Wereld, zoals die zich sinds de Verlichting ontwikkeld heeft en anderzijds de Wereld v/d ISLAM - (05-’08)

 

Over de ISLAM, Vrije meningsuiting – Discriminatie/Racisme/Beledigen-Wie is de veroorzaker.? - Een oorlog zonder fronten - Haat zaaien (08-2010)

 

KORAN en BIJBEL ; Overeenkomsten Islam en Oude / Nieuwe Testament – Woestijn cultuur – ANGST voor de ISLAM – (okt. 2010)

 

De Islam rukt op..!/Islamisering..! - De ISLAMIETEN hebben uiteraard, als privé personen,  RECHT op hun “GODSDIENST” - (nov. 2011)

 

De koran – auteur: Max de Hes     De herrijzenis van de Halve Maan – auteur: Frans Bijlsma – ISLAM ; De islam nu 1979

 

Islamitische zelfbewustzijn     Vertrouwen-A     Vertrouwen-B    

 

[ HOOFDDOEKJES / Burqa/Discriminatie ] -  Zie:  A – nrs. 37/38 ; B – nr. 56 en 60 ; C – bladwijzer Hoofddoekjes ; en D – bladwijzer Burqa

 

De grondslagen van Jodendom, Christendom en Islam - Lees o.a. de nrs. 142 t/m 146 – Zie bladwijzers

 

 

Elders op deze homepage vindt U o.a.

 

Naar andere artikelen: Het toenemend belang van het Atheïsme ; Evolutie of Creatie ; CONDITIONERING ; Bestrijders en Begrijpers van de GODSDIENST..! zie afl.51 ; Geen God wat dan ; De begrippen Godsdienst en Geloof – Hoe zit dat..? ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheïsme ; De verdedigers van de Godsdienst ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ;  Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ;  Vernietiging van de macht ; De Grote Vierslag (LEVENSBEGRIPPEN: nihilisme, anarchisme, socialisme en communisme) ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Polariseren leidt naar een hoger plan(stuwt op) v/d DEMOCRATIE – zie afl. 24 en 25 ;  Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Burqa, volg bladwijzer ; Een alternatief bestuur ; Briefwisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof ; Vrijheid van Godsdienst ; Kan alles maar..!-zie bladwijzers ; de kunst; het schone verschijnsel ; Samenleving, Maatschappij en Gezin ; Filosofie van de kunst ; KENNEN EN KUNNEN, DE TECHNOLOGISCHE MENS ; Beweging en verschijnsel deel 1 t/m 3 ; Hoe zit het nou met god..? ; Het Nihilisme ; De filosofie van de geschiedenis ; Uilenspiegel en de macht ; Ongehoorzaamheid ; Artikelen betreffende o.a. Moslims / ISLAM ; Proces v/d Eeuw tegen alle ingezetenen van Nederland.!.? ; De kunst van het filosoferen ; Niet zeuren, god bestaat niet – zie inhoudsopgave nr. 13( godsdiensten een cultuur..? ) ; Wij dulden geen tegenspraak – zie INHOUDSOPGAVE – zie nummer 10 ; Seksueel misbruik – Hoe zit dat..? – zie bladwijzer ; Leidt de toename van de kennis tot een beter weten..? – zie bladw. ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? ; JESAJA – zie A..! , B , C , D , E , - zoekterm “ Jesaja “ ; Op de vlucht voor je eigen denken ; Nihilisme en Anarchisme als basis van het Atheïsme ; Islamitische geldingsdrang – zie afl. 27 ;  Het geheel is meer dan de som der delen ; Sociale Bewogenheid – zie bladw. ; De Rechtsstaat – zie bladwijzers ; Religies bevestigen het Geestelijke Karakter v/d mens..! – zie bladw. ; Onvolwassen Mensheid-zie nr. 50..! ; Depressies -Hoe zit dat..?-zie bladw. ; Gedachten over Ontstaan en Bestaan ; Kan macht zich ten goede keren ; Het Zelfbeschikkingsrecht ; Onder MACHT versta ik - zie de link ; Brieven aan belangstellenden ; De ontwikkeling van het denken ;

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De cyclus “ OP DE VALREEP 2015 ” met nieuwe NOTITIES van 2015

 

 

Terug naar: de Startpagina

 

( Doe uzelf een plezier en bestudeer deze bundel in zijn geheel..!)

 

 

Naar het begin van de nieuwe NOTITIES 2015 en  Bladwijzers

 

 

 

Zie bladwijzers: Moslims/Islam/Haat/Zelfhaat/Populist/Volkswil ; EUROPA een begeerlijk object ; HAAT EN WRAAK ; Verenigd Europa ; Genocide ; DEMOCRATIE – Populisme - Regeren / Besturen..? ; Zichzelf besturen ; Zichzelf besturend ; Het Echte begrip DEMOCRATIE ; Poetin-Putin/ EU/VE / NAVO-EUROPA  ;  Het oerbegrip communisme-“Met zijn allen” zijn en Volksvertegenwoordigers ; Maatschappij vs Samenleving en Het Leven  ;  Vrijheid van meningsuiting ; de Kroon der Schepping ; Hoog opgeleide managers ; Softe “Multiculties ; Politici, economische managers, “waardevrij” en plunderprogramma ; { De knagende psychische pijn van het moderne leven } ( soorten van VERMAAK..! ) ; ZELFHAAT ; Friedrich von Schiller ; Doorbreek het (DENK)systeem ; Het hoog opgeleide straatvolk ; De moderne Democratie en Populisme/Populist ;  Toen kwamen de Moslims ; Vertrouwen-B ; Rechtsstaat versus Wetstaat - Jodenhaat/Islam/Hitler/Jahwe  ;  Vooruitgang – absolute Vrijheid  ;  Das Grossdeutsche Reich ; STRENG GELOVIGEN ; Media/Manipulatie/ “Waarheid “  ; Holocaust ; Relaties/maatschappij/samenleving  ;  ARBEID/BELONING ;  De maatschappij fungeert als BIOTOOP ; West-Europa ; Islamitische IS-strijders en –terroristen ; Racisme / Discriminatie/ISLAM / ZELFHAAT (Toen kwamen de Moslims) ; MENNO ter BRAAK ; Islamitisch Staat ; De manager is de Bedrieglijke “tovenaar” ; Radicale Islamitische moordenaars en verkrachters/misdadigers ;  Essentieel voor de MOSLIMS is… ; De moderne wetenschap zou “ Universeel “ van karakter zijn en de Kunst/absoluut Universeel  ;  Actie Verenigde Naties - Vluchtelingen ; Spinoza, Kant, Hegel  ;  AFZONDERINGSGEDRAG ;  De dictatuur van het management ; HOOFDDOEKJES ; GOD – WETENSCHAP - (Man vs Vrouw en Het Gehéél) ; De MENS is de MAAT ; Karl Marx ; De MENSHEID BESTEELT voortdurend zichzelf ; SAMENZWERINGEN ;

 

 

 

 

Naar andere artikelen: Het toenemend belang van het Atheïsme ; Evolutie of Creatie ; CONDITIONERING ; Bestrijders en Begrijpers van de GODSDIENST..! zie afl.51 ; Geen God wat dan ; De begrippen Godsdienst en Geloof – Hoe zit dat..? ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheïsme ; De verdedigers van de Godsdienst ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ;  Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ;  Vernietiging van de macht ; De Grote Vierslag (LEVENSBEGRIPPEN: nihilisme, anarchisme, socialisme en communisme) ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Polariseren leidt naar een hoger plan(stuwt op) v/d DEMOCRATIE – zie afl. 24 en 25 ;  Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Burqa, volg bladwijzer ; Een alternatief bestuur ; Briefwisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof ; Vrijheid van Godsdienst ; Kan alles maar..!-zie bladwijzers ; de kunst; het schone verschijnsel ; Samenleving, Maatschappij en Gezin ; Filosofie van de kunst ; KENNEN EN KUNNEN, DE TECHNOLOGISCHE MENS ; Beweging en verschijnsel deel 1 t/m 3 ; Hoe zit het nou met god..? ; Het Nihilisme ; De filosofie van de geschiedenis ; Uilenspiegel en de macht ; Ongehoorzaamheid ; Artikelen betreffende o.a. Moslims / ISLAM ; Proces v/d Eeuw tegen alle ingezetenen van Nederland.!.? ; De kunst van het filosoferen ; Niet zeuren, god bestaat niet – zie inhoudsopgave nr. 13( godsdiensten een cultuur..? ) ; Wij dulden geen tegenspraak – zie INHOUDSOPGAVE – zie nummer 10 ; Seksueel misbruik – Hoe zit dat..? – zie bladwijzer ; Leidt de toename van de kennis tot een beter weten..? – zie bladw. ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? ; JESAJA – zie A..! , B , C , D , E , - zoekterm “ Jesaja “ ; Op de vlucht voor je eigen denken ; Nihilisme en Anarchisme als basis van het Atheïsme ; Islamitische geldingsdrang – zie afl. 27 ;  Het geheel is meer dan de som der delen ; Sociale Bewogenheid – zie bladw. ; De Rechtsstaat – zie bladwijzers ; Religies bevestigen het Geestelijke Karakter v/d mens..! – zie bladw. ; Onvolwassen Mensheid-zie nr. 50..! ; Depressies -Hoe zit dat..?-zie bladw. ; Gedachten over Ontstaan en Bestaan ; Kan macht zich ten goede keren ; Het Zelfbeschikkingsrecht ; Onder MACHT versta ik - zie de link ; Brieven aan belangstellenden ; De ontwikkeling van het denken ;

 

 

 

De cyclus “ OP DE VALREEP 2015 ” met nieuwe NOTITIES van 2015

Tegenwoordig duidt het begrip democratie op een bepaald maatschappelijk stelsel. Dat is in strijd met de eigenlijke betekenis van dit begrip. Dat heeft namelijk betrekking op een besef van de mens, iets wat hij intuïtief als waarheid weet: de mensen besturen met zijn allen de staat. Dat is daarom voor een ieder een absoluut individuele zaak en niet iets van een bevoorrechte elite die valselijk pretendeert het alleenrecht te bezitten om met direct of indirect geweld af te dwingen hoe er geleefd en gehandeld moet worden. Dat oorspronkelijke besef is geleidelijk aan verloren gegaan om plaats te maken voor een algemeen geldend tiranniek machtssysteem waarin een ieder levenslang gevangen zit.

In een dergelijk maatschappelijk stelsel speelt de zogenaamde 'wil van het volk' geen enkele rol meer. De algemene verkiezingen, die er slechts toe dienen bepaalde élites (partijen) aan de macht te brengen, worden gebaseerd op een aantal gladde 'volksvertegenwoordigers'. Hoe die op de lijsten met verkiesbare personen terecht komen is in volslagen duister gehuld, maar zoveel is zeker dat er zich een meedogenloze machtsstrijd afspeelt, vol van smerige en zelfs wel puur misdadige praktijken. En dan is daar ook nog het absolute toppunt dat de uiteindelijke beslissingen genomen worden door 'dictators' (ministers en hun handlangers) die in het geheel niet gekozen zijn maar benoemd via smoezelig binnenskamers gekonkel.

Wie kan nu nog volhouden dat het volk doormiddel van verkiezingen invloed kan uitoefenen? Je moet dan toch stekeblind zijn.!

 

De democratie als maatschappelijk stelsel is in genen dele democratisch, maar daarentegen juist door en door dictatoriaal, in die zin dat de macht nu niet uitgeoefend wordt door één enkele persoon, maar door een college van personen die door geniepige manipulaties van politieke partijen daartoe aangewezen zijn, zonder ook maar enige inbreng van het volk. Dat is het zogenaamde kabinet.

Zowel het mono dictatoriale systeem als het huidige Multi dictatoriale systeem berust inderdaad op lieden die uit het volk zijn voortgekomen, in het eerste geval door fysiek geweld (straatterreur en dergelijke) en in het tweede door intellectueel geweld, zoals allerlei bedrieglijke wetenschappelijke disciplines. Het echte begrip democratie heeft evenwel op zichzelf niets te maken met een dergelijk louche maatschappelijk stelsel, maar behoort daarentegen tot de mensheid als 'samenleving' en dat duidt  op het inzicht dat wij mensen 'met zijn allen zijn' en als zodanig een organisch geheel vormen dat volledig zichzèlf  als volk bestuurt. Dat is overigens wat anders dan regeren. Machthebbers (in feite a-socialen) ‘regeren’, hetgeen wil zeggen dat zij, altijd met de een of andere vorm van geweld, hun eigen wil opleggen aan hun medemensen.

Bovendien houdt het begrip regeren logischerwijs in dat er een plan is dat de inhoud van dat regeren bepaalt: de zaak moet ergens naartoe! Het gaat dan over een bepaald doel, een bepaald ‘ideaal’, dat een complex is van een aantal bedenksels die min of meer op wetenschappelijke wijze gevormd zijn en die juist op grond van dat wetenschappelijke een bijna absoluut gezag genieten. Die bedenksels mòeten gerealiseerd worden, hetgeen onvermijdelijk betekent dat de essentiële beweeglijkheid van de samenleving verstoord en zelfs verstikt wordt. Uiteraard is het gevolg daarvan dat het menselijk leven almaar meer beneden haar mogelijkheden zinkt.

In onze moderne cultuur wordt het inmiddels niet ‘politiek correct’ gevonden te luisteren naar de noodkreten uit die, bijna wanhopige, samenleving. Als iemand dat echter tòch doet heet dat smalend ‘populisme’. Dat behoeft evenwel niet serieus genomen te worden, want die ‘gewone mensen’ worden geacht nergens verstand van te hebben en slechts te drijven op ‘onderbuikige’ gevoelens. Slechts de regeerders, dat wil zeggen die half-opgeleide managers, weten als enigen hoe het moet…

 

Het begrip zichzelf besturen is tegengesteld aan wat tegenwoordig ‘regeren’ genoemd wordt. Het begrip regeren betekent dat men volgens een bepaald van tevoren uitgedacht plan de werkelijkheid wil construeren. Hierop berust de beruchte “maakbaarheid gedachte” die sinds de Verlichting (ongeveer begin 18e eeuw) langzaam maar zeker het politieke en filosofische denken is gaan beheersen. Men stelde zich voor dat de maatschappij en de samenleving met behulp van het wetenschappelijke en redelijke denken gelijk een bouwwerk geconstrueerd zou moeten worden, bevrijd van dwaze godsdienstige en autoritaire verzinsels. Ogenschijnlijk op zichzelf  dus een loffelijk streven, maar in werkelijkheid een van de meest fatale blunders van het destijds beginnende analytische westerse denken. Vandaag de dag wordt vrijwel het gehele leven door die blunder (die overigens cultureel onvermijdelijk was!) verziekt. Het resultaat is namelijk dat alle leven aan banden wordt gelegd, tot in de kleinste bijzonderheden gereglementeerd en berekenbaar gemaakt. Het begrip regeren geeft aan dit dodelijke proces uitdrukking.

Het leven op aarde (alle leven!) is echter niet te reglementeren en het is dus ook niet te voorspellen. Het gaat haar eigen onvermijdelijke gang. Het enige dat voor de moderne mens mogelijk is, is dat er aan de zaak ‘sturing’ wordt gegeven. Het begrip zichzelf besturen houdt dan ook in dat de mens zichzelf als een voertuig bestuurt op de weg van het leven. Die weg is niet te voorspellen noch bij voorbaat te bepalen, hij is alleen maar op elk moment van het leven te zien en te ervaren. Overigens: alles wat in vroeger tijden door de mensen tot stand gebracht is berust op die ‘onmiddellijkheid’ van de te nemen besluiten en maatregelen. Het was voor die mensen uit de oertijden zogezegd een leven in een ‘ad hoc werkelijkheid’, een leven van ‘hier en nu’.

Opgemerkt moet worden dat voor de gehele dieren- en plantenwereld dit principe altijd en nooit niet van kracht is. De mens echter moet dat, na een (te) lange lijdensweg, op eigen kracht ontdekken en er raad mee leren weten…

 

Dat een geconstrueerde maatschappij tot een gigantische chaos leidt is tegenwoordig overal waar te nemen, althans voor diegenen die nog in staat zijn onbevangen om zich heen te kijken. Het regeren (verhullend ‘besturen’ genoemd) bestaat alleen nog maar uit een voortdurende stroom van planmatig bedachte maatregelen die onafwendbaar gevolgd worden door aanpassingen om het functioneren ervan enigszins mogelijk te maken. Zonder dat de moderne managers er iets van begrijpen zijn die aanpassingen het gevolg van het feit dat de maatschappij onmogelijk geregeerd kan worden, maar daarentegen ‘sturing’ vereist. Dat laat zich gelden en dan bedenkt men maar weer een aanpassing op het een of andere ondeugdelijke protocol. En ook dat strandt op zijn beurt onvermijdelijk op zijn innerlijke onmogelijkheid.

Op het ogenblik leeft de moderne mensheid in een wereld die almaar meer in onrust verkeert door de onbegrijpelijke veranderingen, ‘aanpassingen’­, die als een dodelijke epidemie rondrazen en niemand onberoerd laten. Het is dan ook geen wonder dat de mensen hun toevlucht zoeken tot alle mogelijke  soorten van Vermaak. Als het maar een ‘kick’ geeft en afleidt van de knagende psychische pijn van het moderne leven. Maar ook het toenemende gewelddadige gedrag dat duidelijk almaar wreder en redelozer wordt is een uiting van de blinde wanhoop waar de moderne mensheid aan lijdt…

 

Twee essentiële begrippen worden in het moderne Atlantische denken met elkaar verward. Het gaat dan om het begrip samenleving enerzijds en het begrip maatschappij anderzijds. Beide behoren wel bij elkaar maar in een geheel andere verhouding dan thans het geval is. In het Atlantische denken kent men alleen de maatschappij als stelsel van van elkaar gescheiden verschijnselen en hun onderlinge betrekkingen. Een van die onderliggende verschijnselen is de samenleving als een er aan meekomende ondergeschikte zaak. Zij hangt er dan ook bij als een noodzakelijk kwaad, een lastige sluitpost van de begroting van de financieel-economische wereld. Bij gevolg wordt zij verwaarloosd en op alle mogelijke manieren uitgezogen en geplunderd. Het is niet toevallig dat het ‘volk’, overal voor opdraait, overal de schuld van krijgt en dan ook nog als vanzelfsprekend creperen mag op het slagveld. Men meent dan ook: “leven doe je in je vrije tijd, dat wil zeggen als je al je plichten vervuld hebt. Het gaat in het leven om het maatschappelijk functioneren”.

Leven is in deze context wezenlijk niet meer dan een luxe, alleen maar gereserveerd voor élites die zich rijk gestolen hebben.

 

(Toevoeging door Rob van Es de bladwijzers: Zichzelf besturen en Zichzelf besturend )

 

In het hedendaagse denken ligt de verhouding ‘maatschappij – samenleving’ helemaal op zijn kop, want de maatschappij is in werkelijkheid 'inhoud' van de samenleving en niet andersom. De maatschappij fungeert als 'het biotoop' van het levende wezen dat de mensheid is. De mensen zijn niet vanuit de evolutie, dus biologisch, toegerust tot overleven, zoals bijvoorbeeld de leeuw zijn klauwen heeft en de slang zijn giftanden. Dus moet hij zelf zorgen voor een leefbaar biotoop en zich, doormiddel van kennis en efficiënte gereedschappen, temidden van een hem vijandige natuur staande houden. Hij moet zijn eigen leven, zijn bestaan, in alle opzichten zelf mogelijk en houdbaar maken. Het uiteindelijke gevolg is dat hij met behulp van zijn maatschappelijk gedoe de mogelijkheid verkrijgt om te leven. Een leven dus dat dankzij een ordelijke maatschappij geleefd kan worden…

Het gaat dus, nogmaals, wezenlijk om het leven dat tegelijkertijd samenleven is en daartoe dienen bijvoorbeeld het recht en de wetenschappen, zoals de techniek en de economie. De moderne suprematie van deze disciplines is fnuikend voor het menselijk leven omdat het leidt tot een kwaliteit die ver beneden zijn mogelijkheden ligt en daarmee verschijnselen vertoont als concurrentie, uitlopend in geweld, terreur en oorlog.

 

Alle levende verschijnselen behalve de mens kunnen zichzelf qua aanleg op natuurlijke wijze redden. De mens echter kan het alleen op intellectuele wijze: zijn denken geeft hem de mogelijkheid om de meest geraffineerde methoden te bedenken en instrumenten te maken om niet alleen te overleven, maar ook en vooral om zijn eigen fundamentele aanleg als mens waar te maken. Zo gelukt het hem langzaam maar zeker om de aanwezige natuur tot zichzèlf om te zetten: bomen worden tot planken, klei tot bouwstenen, enzovoort. Deze activiteit heet filosofisch 'het vermenselijken van de natuur'.

Het omzetten van de ‘natuur’ tot ‘cultuur’ is vooral sinds de 'Verlichting' (effectief sinds begin 19e eeuw) actueel geworden, zozeer dat het thans het gehele menselijke bestaan overheerst. Het is het ziekmakende trauma van de 'maakbaarheid' van het bestaan. Letterlijk alles staat in dat teken, zelfs de eenvoudigste levensdingen worden wetenschappelijk door zogenaamde deskundigen benaderd. Alle kennis van zaken berust (moet volgens hen berusten!) op wetenschappelijk onderzoek: ‘geen kennis zonder onderzoek’ en ‘meten is weten’ behoren tot de door iedereen als vanzelfsprekend aanvaarde slogans!

Het hedendaagse 'democratische' stelsel berust geheel en al op het maakbaarheidtrauma. Was er aan het begin van de 20ste eeuw nog enige feeling op het dagelijkse leven van de mensen, thans, aan het begin van de 21ste eeuw, is dat vrijwel geheel verdwenen. Analyses en statistieken zijn nu bepalend voor het functioneren van de democratie en dat is uiteraard geheel in handen van ‘zakelijk’, dat wil zeggen oppervlakkig, opgeleide managers die arrogant claimen dat zij de zaak kunnen regelen.

 

De manager is de bedrieglijke 'tovenaar' van de moderne wereld, de schier onweerstaanbare rattenvanger.! Die onweerstaanbaarheid is gelegen in zijn gebruik van wetenschappelijke kennis. Of die al of niet betrouwbaar is doet niet ter zake: mensen van de moderne cultuur vertrouwen alles wat onder het mom van wetenschappelijkheid aangeboden wordt. Alleen de sfeer daarvan is al voldoende, net zoals dat het geval is met geloofswaarheden, wat trouwens precies hetzelfde mentale bedrog is…

De manager dankt zijn gezag aan het wetenschappelijk aureool vanwege de opleiding die hij gevolgd heeft. Enige visie en inzicht is niet van belang, hij moet slechts voldoende (theoretische) kennis opgestoken hebben. Kennis uiteraard die hij aan anderen ontleend heeft door de juiste publicaties te bestuderen en noodzakelijke lessen te volgen. Het is dus louter 'pronken met andermans veren' wat hij, net als iedereen in de moderne cultuur, doet. Vrijwel niemand bedenkt zelf iets, behalve natuurlijk lepigheden om te kunnen bedriegen en plunderen. Een uitermate kwalijk gevolg is natuurlijk dat fouten, waandenkbeelden en leugens zich eindeloos voortzetten, zelfs als hun onhoudbaarheid al ruimschoots gebleken is. Zie bijvoorbeeld het verbeten handhaven van de dodelijke economische groeigedachte.

Het is bepaald niet toevallig dat nieuwe denkbeelden zich per definitie buiten de gangbare theorieën en voorstellingen ontwikkelen en zelfs door de gevestigde ‘wetenschappers’ met een felheid bestreden worden als zouden het levensgevaarlijke en misdadige praktijken zijn.

 

Hoezeer het onderwijs door moderne mensen ook geprezen wordt, het is onvermijdelijk een vorm van hersenspoeling, die er op gericht is de leerlingen rijp te maken voor het geldende cultuurdenken. Het is zelfs een zeer ernstige vorm daarvan, die ‘gezien vanaf de Olympus’ zonder meer als genocide aangemerkt kan worden. Miljoenen mensen worden wat betreft hun zelfbewustzijn en dus hun denken over zichzelf op een dwaalspoor gezet (corrupt zelfbewustzijn!). Wat waar is of onwaar wordt daardoor niet langer bepaald door ervaring, nadenken en vrij onderzoek, maar door datgene wat de gekwalificeerde culturele machthebbers beweren. Wat dit betreft is er, behalve het gereedschap en de methodieken, in al die jaren van 'verlichting' nog niets veranderd: bij primitieve mensen is God de onaantastbare autoriteit voor het denken en bij moderne mensen (die overigens niet minder primitief zijn) is het de wetenschap die ondanks al haar mooie praatjes over objectiviteit, falsificatie en controle het laatste woord spreekt.

Inderdaad een onverwachte contradictie: het onmisbare denken dat tot begrijpen en inzicht zou moeten leiden spiegelt het gros van de mensen een schijnwerkelijkheid voor die vrijwel niet te doorzien is, althans niet door dat denken zelf, dat almaar blindelings rond blijft draaien binnen de vicieuze cirkel die het zelf ontworpen heeft.

 

Vanzelfsprekend heeft het onderwijs een belangrijke functie. Maar die valt eigenlijk geheel onder het begrip communicatie, namelijk het leren doen van bepaalde mededelingen aan anderen enerzijds en anderzijds het leren verstaan van hun mededelingen. Dat kan over van alles gaan, van alledaagse dingen tot en met wetenschappelijke kennis, zelfs over zaken die zo zonder meer niet voor een ieder verstaanbaar zijn. Het moderne pogen echter om de studenten in politiekwetenschappelijk correcte denkkaders te dwingen is zo kwalijk dat het zelfs als misdadig valt te kwalificeren. Het is namelijk een gluiperige aantasting van iemands intellectuele integriteit en het 'verbreken' daarvan valt ten volle onder het begrip misdaad, dat in het Duits heel verhelderend 'Verbrechen' genoemd wordt.

Het is overigens opvallend dat men zich plotseling van dat misdadige wèl bewust is als zulke praktijken vanuit dictatoriale ideologieën toegepast worden. Men schroomt dan niet om van 'misdaad' te spreken. Maar als dat hersenspoelen, weliswaar in meer bedekte wetenschappelijke vorm, met succes in het moderne onderwijs toegepast wordt herkent men dat niet als intellectuele criminaliteit. Men vindt het zelfs 'correct' denken..!

Iemand heeft ooit gezegd: "Stuur de jonge mensen naar school en zij zullen straks gehoorzaam en enthousiast ten oorlog trekken..!"

Dank zij het meer en meer gebruikelijk worden van het op ‘de’ wetenschap gestoelde onderwijs is de werking daarvan veranderd van een 'communicatieve' in een 'manipulerende' en het resultaat daarvan is een moderne mensheid die uitermate braaf en begripsvol in zijn wereld staat. Elk wezenlijk kritisch geluid wordt onmiddellijk gesmoord, gewoonlijk met de dooddoener "dat is jouw mening", hetgeen in feite wil zeggen dat dat  afwijkende geluid bij voorbaat al onzin gevonden wordt. Daarmee is de discussie heel efficiënt onmogelijk gemaakt.

 

Ook de modieuze 'vrijheid van meningsuiting' maakt in de praktijk het wèrkelijk doordenken van thema's onmogelijk, terwijl het oorspronkelijk juist een aanmoediging tot discussie en onbevangen doordenken was. Het wordt daarentegen steeds meer gebruikt om het door- en nadenken uit te schakelen. Een ieder kan zomaar iets roepen zonder ook maar enig inzicht in de zaak, bijvoorbeeld over het geloof of de homoseksualiteit of de euthanasie. Op zichzelf is het volkomen in orde dat het iedereen vrij staat ergens een eigen mening over te hebben, maar het staat ook iedereen vrij zo'n mening te weerspreken. Het is dit laatste dat tegenwoordig veroordeeld wordt als zou het respectloos en discriminerend en zelfs beledigend zijn: men moet juist voor iemands overtuiging ‘respect’ hebben. Vooral fanatieke gelovigen, zoals die van de Islam en het orthodoxe christendom, bedienen zich graag van die ‘trukendoos’, rijkelijk begeleid door hevig verongelijkt vertoon. Maar ook politici weten er raad mee, hetgeen onmiddellijk duidelijk wordt als zij blindelings hen onwelgevallige ideeën van collega's verketteren en proberen te verbieden. Zij schromen niet daarvoor de meest valse argumenten te gebruiken, uiteraard ook alweer met een beroep op de vrijheid van meningsuiting

 

In de diepte van het menselijk bewustzijn ligt een vermoeden van de 'waarheid', dat wil zeggen: een vermoeden van de werkelijkheid zoals die echt is, zonder al die wanen en vertekeningen die vanaf de vroegste ontwikkeling van het zelfbewustzijn als 'schijngestalten' voor de waarheid zijn gaan functioneren en als zodanig van geslacht op geslacht zijn ingeprent. Als zulke schijngestalten op de een of andere manier worden aangetast voelen de slachtoffers zich ten diepste (letterlijk) beledigd. Het onverklaarbare vermoeden omtrent de waarheid doet hen psychisch voelen dat zij met wanen bezig zijn. Het houvast dat die wanen hen voor het wisselvallige leven bieden is vanwege zijn fictieve karakter van uiterst fragiele aard en het moet dan ook voortdurend krachtig verdedigd worden. Dat kan logischerwijze niet anders dan met argumenten die in wezen kant noch wal raken.

Wanneer het houvast van die ‘schijngestalten’ aangetast wordt door wat men ‘ongelovigen’ noemt is dat voor de gelovigen niet te verdragen. Het slaat hen de zin van het leven uit handen. De reactie van streng gelovigen van alle mogelijke ideologieën (ook de politiek maatschappelijke) is dan ook dat zij ernstig beledigd zijn, hetgeen zij steevast geheel overspannen en zelfs hysterisch kenbaar maken door te schelden, te vervloeken en zelfs te moorden. Dat is het geval bij alle fanatieke geestdrijvers, op het ogenblik vooral die van de Islam. Maar ook de communistische fanaten van de Sovjet-Unie, de DDR, Cuba en Noord Korea wisten er raad mee. Het aantal slachtoffers van die krankzinnigen is onvoorstelbaar…

 

Het kritisch beoordelen van de verschillende wereldbeschouwingen wordt, ook in de academische geesteswetenschappen, angstig uit de weg gegaan. Men beijvert zich wel, zelfs in toenemende mate, die wereldbeschouwingen te leren kennen, maar angstvallig steeds zonder ze te beoordelen. Volgens het moderne filosofische 'denken' is dat namelijk ongepast: "Ieder het zijne", is de slogan en je moet er ‘respect’ voor hebben en er van afblijven. Zo staat het agressieve gebral van de Koran dus kwalitatief gelijk aan bijvoorbeeld het filosofische denken van Spinoza, Kant en Hegel en het luie denken van de Oosterse religies staat zelfs in hoog aanzien. Hetzelfde geldt voor de Christelijke theologie met zijn Scholastieke onzin. Het is waar: ieder mens heeft recht op zijn eigen dwaasheid, maar het is en blijft te allen tijde 'dwaasheid'. Maar de hele santenkraam van dwaasheden wordt nog steeds serieus en zonder fundamentele kritiek op de universiteiten onderwezen.!

De verklaring voor deze merkwaardige (en laffe) opvatting is gelegen in het feit dat al het moderne filosofische en culturele denken analytisch van karakter is. Dat denken is gebaseerd op elementair onderzoek: de werkelijkheid moet tot in haar kleinste onderdelen uit elkaar gehaald worden om er inzicht in te verkrijgen. Een dergelijk splitsend onderzoek kent geen kwalificaties, het is onverschillig voor de betekenis der dingen. Dus kunnen daar geen uitspraken over gedaan worden. Doorgetrokken naar het culturele leven van de mensen is er dan geen onderscheid meer tussen het een en het ander. Daarmee vervalt het kwalitatieve onderscheid tussen de dingen om plaats te maken voor kleurloze onverschilligheid.

Ziedaar de moderne wereld!

 

Het begrip arbeid  behoort bij de maatschappelijke mens en omdat die mens ingebed is in de samenleving (en niet andersom) is het wezenlijk een 'zaak zonder waarde'. Die waardeloosheid valt in principe onder het begrip nihilisme en dat wil zeggen dat zij onvoorwaardelijk geldend is. Gezien in dit licht is het eeuwige gedoe over de arbeid en de daarvoor te betalen beloning een schreiende schande voor de mensheid. Er behoort door elites geen rijkdom en macht ontleend te worden aan de arbeid, juist omdat het over iets zonder enige waarde en dus iets vanzelfsprekends gaat, net zoals wij vrijelijk lucht kunnen inademen (overigens wèl tot ergernis van de machthebbers.!). Waar mensen leven is er arbeid, in welke vorm dan ook en die activiteit voedt de samenleving, waarin het natuurlijke omgezet is tot het menselijke en als zodanig het leven voor de mensen mogelijk en veilig maakt.

Alle gebruikelijke door een verraderlijke wetenschap gesteunde commerciële en economische verhalen zijn leugens omdat de arbeid voor andere doeleinden misbruikt wordt dan het veilig stellen van het leven. Arbeid om rijkdom, arbeid om macht en arbeid om eenzijdig voor hebzuchtige élites het leven aangenaam te maken is uit den boze, onmenselijk en feitelijk zelfs misdadig. Het levert voor het geheel van de mensheid geen enkele vorm van welstand op, maar armoede en beknotting van de levensmogelijkheden. Dat het valse arbeidsdenken in de moderne cultuur al heel ver ingekankerd is moge blijken uit de schrijnende armoede van het overgrote deel van de mensheid, waarin toch veel en hard gewerkt wordt en weinig geleefd.

Merk hierbij op dat het fraaie socialistische sprookje van een toekomstig ‘arbeidersparadijs’ de ellende nog groter gemaakt heeft: Jan Rap en zijn maat hebben zich immers de arbeid toegeëigend!

 

Zoals in het verleden God als de bron van de culturele zekerheden gold, zo is dat sinds de 'Verlichting' de wetenschap, die eveneens uitspraken doet met een gesuggereerde dwingende geldigheid. Men mag daaraan niet twijfelen. Tegelijkertijd is het onthutsend telkens weer geconfronteerd te worden met opvattingen die elk verband met de werkelijkheid missen. Zo wordt de mensen tegenwoordig wijs gemaakt dat vrouwen en mannen in biologische en geestelijke zin precies hetzelfde zouden zijn. Het is waar: beiden zijn ‘mensen’ die als zodanig gelijk zijn. Maar dat wil niet zeggen dat dit ook geldt bij een nadere beschouwing. Dan blijkt namelijk dat de vrouw en de man zowel biologisch als geestelijk in alle opzichten van elkaar verschillen, dit vanwege het specifieke moment van hun optreden in het universele wordingsproces, zo je wilt in de ‘evolutie’.

Een van de gevolgen van die dwaze modern ‘wetenschappelijke’ voorstelling van zaken is bijvoorbeeld dat men het in de farmaceutische industrie normaal vindt medicijnen toe te snijden op mannen en daarbij als vanzelfsprekend aanneemt dat ze dan ook bij vrouwen (en zelfs bij kinderen!) werkzaam zullen zijn. Geeft men soms schoorvoetend toe dat vrouwen en mannen in geestelijk opzicht enige ‘kleine’ verschillen vertonen, biologisch denkt men er niet over dat toe te geven – afgezien uiteraard van de 'functionele' verschillen in bijvoorbeeld seksueel opzicht. Maar het is al helemaal ondenkbaar essentiële begrippen te ontlenen aan bijvoorbeeld de betekenis van het feit dat de man 'ingaat' in de vrouw en niet andersom en dat het kind 'inhoud' is van de vrouw en niet van de man – jammer voor al die moderne vaders met hun sentimenteel hypocriete gejammer over 'hun' kinderen.!

De vrouw als 'inhoudend' principe is in alle opzichten verschillend van de man, ook al treffen wij organen en weefsels aan die eender lijken te zijn. Die verschillen kun je te weten komen als je de 'oerbegrippen' kent die voor de mens-vrouwelijk (als alles inhoudend geheel) gelden en die bij de mens-mannelijk (als totaliteit van aparte verschijnselen) van kracht zijn. De verhoudingen namelijk die voor de oergrond van de werkelijkheid gelden, vertonen zich ook in alle ontstane verschijnselen, met als absoluut hoogtepunt de mens-vrouwelijk. De algemeen aangehangen voorstelling als zou de man de 'kroon op de schepping' zijn is in strijd met alle vanuit de oerbegrippen te herkennen verhoudingen waaruit blijkt dat de vrouw de ware 'hemelkoningin' is, zoals dat trouwens in vroeger tijden, hoewel omfloerst door duistere mythische verhalen en religieuze sprookjes, wel degelijk beseft werd. De goddelijke Afrodite die in het oude Griekenland vereerd werd is er ook een veelbetekenend voorbeeld van. En er was dan ook nog het vroeger (en hier en daar nog wel) vaak voorkomende 'moederrecht' als maatschappelijk fenomeen. De werkelijkheid als vrouw houdt alles in en zij biedt aan die hele verzameling een eeuwig tehuis…

 

De man als 'kroon der schepping' is een uitermate stompzinnige voorstelling van de werkelijkheid. Het is typisch een waandenkbeeld van de analytisch denkende westers gevormde mens, die vanuit zijn denken niet anders kan dan zichzelf zien als het hoogtepunt van de evolutie. Dat verklaart waarom hij als representant van de moderne westerse cultuur meent alles te moeten beheersen en regelen in overeenstemming met zijn zelfbeeld. Zo construeert hij zich een wereld die onvermijdelijk in toenemende mate verstrikt raakt in voorschriften en reglementen, zonder ook maar enige levende samenhang (en dus ook rust) te kennen. Gevolg is dat alles wat hij onderneemt steeds sneller en grondiger mislukt. Die samenhang en die rust kunnen er alleen maar zijn als het mannelijke, vertegenwoordigd door de man, beantwoordt aan het ervoor geldende begrip inhoud van het vrouwelijke.

Je kunt, voor het gemak, het begrip de mens-vrouwelijk vertalen door te spreken van de vrouw als vertegenwoordigster van het begrip het geheel, maar doordat dit zo langzamerhand door het gezemel van alternatieve en holistische fantasten een verdachte en zweverige term is geworden is het duidelijker van de mens-vrouwelijk te spreken, wat overigens ook slechts zelden door modern opgeleide mensen (vooral mannen) begrepen wordt.

 

De arbeid en deszelfs resultaten zijn letterlijk een 'slag in de lucht' als en voorzover er, cultureel gesproken, niet beseft wordt dat de betekenis ervan gelegen is in het vrouwelijke. Dat wil in de praktijk zeggen dat arbeid en product ingebed moeten zijn in de samenleving en niet, zoals automatisch door vrijwel iedereen klakkeloos wordt aangenomen, in de maatschappij. Vooral de politici en economische managers kunnen en willen maar niet begrijpen dat de arbeid en het product allang niet meer 'waardevrij' zijn maar daarentegen onderdeel van een plunderprogramma van inhalige élites, die geen ander levensdoel hebben dan, als het zou kunnen, de gehele werkelijkheid in bezit te nemen. Dat wil zeggen: de mens-mannelijk als het begrip totaliteit die zich ongeweten, maar daarom niet minder doelbewust, naar dit oerbegrip waar maakt en dat uiteraard op een volstrekt egoïstische manier.

Dat de arbeid en het product niet meer waardevrij zijn kan een ieder, die niet blind is, onmiddellijk zelf (zonder daartoe 'wetenschappelijk' onderzoek behoeven te doen) constateren. Het liefst zouden de producenten bijvoorbeeld een wasmachine maken zonder zo'n dure motor, maar omdat het dan geen wasmachine meer lijkt stoppen ze er dan maar een mooi opgelapt oud exemplaar in. Met andere woorden: de kwaliteit van de producten wordt niet bepaald door hun toekomstige functie maar door de winst die er gemaakt kan worden. Volgens het moderne economische denken is dat volkomen geoorloofd en zelfs prijzenswaardig, maar intussen heeft het een hele reeks van kwalijke gevolgen, waar de mensheid steeds meer onder te lijden heeft – en dan maar weer nieuwe lapmiddelen verzinnen!

 

Welbeschouwd is de mensheid voortdurend bezig zichzelf te bestelen, daartoe aangevoerd door geraffineerde élites die hun wangedrag voor 'normaal' willen doen doorgaan. Er zijn immers ‘regeringen’ nodig om de zaken op ‘democratische’ wijze te regelen en bovendien zijn er nu eenmaal bevoorrechten die van Gods ‘hogerhand’ belast zijn met de nobele taak om de arme sloebers, het volk, te leiden! En, let wel, dat is niet alleen het geval in de moderne Atlantische cultuur waarin dat zelfs tot een professionele hoogte gestegen is, maar ook in alle tijden daarvoor. Wat Karel de Grote met zijn adellijke schurken flikte was ook niets anders dan moord, roof en plunder en die 'edele' Grieken van Homerus waren echt geen haar beter! In alle tijden hebben schurken met een beroep op iets hogers (goden) de vrijheid genomen om de gewone mensen tot ‘onderdanen’ te degraderen om hen vervolgens uit te kunnen buiten.

Helaas kan dat voorlopig niet wegblijven, want de mens, mannelijk geaccentueerd, is de bezitter van alles wat er is, op grond van het oerbegrip de werkelijkheid als totaliteit. Hij wil vanuit de duistere diepten van zijn wezen àlles inpikken omdat het oorspronkelijk van hem is! En daarmee blijft hij steeds slimmer aan de gang totdat hij eindelijk volwassen zal zijn geworden – als hij de reis haalt…

 

Karl Marx, de dwaze ontwerper van een politiek-economische visie op de mensheid, kwam op een zeker moment tot de conclusie dat het uiteindelijk zou moeten komen tot een 'dictatuur van het proletariaat'. Wat hij daarmee bedoelde heeft hij in Das Kapital uitgelegd op basis van wat door hem en zijn kornuiten (Friedrich Engels bijvoorbeeld) 'socialisme' en ook wel 'communisme' genoemd werd – een warrige conceptie die, zoals inmiddels duidelijk gebleken is, absoluut onrealistisch was. Anders dan hetgeen al dat arrogante 19e eeuwse gebral van die lui bedoelde is er intussen toch een 'dictatuur van het proletariaat' gekomen en wel in de vorm van de moderne sociaaldemocratie: straatjongens en -meiden, besmet door velerlei vormen van op hun domheid toegesneden opleidingen, maken ongehinderd door tegenspraak de dienst uit. Het bedrieglijke daarvan is dat die moderne vorm van dictatuur niet bestaat uit autoritair geschreeuwde bevelen, maar uit buitengewoon lepe politieke samenzweringen. Waar het om gaat is dus niet zozeer de gebruikte methode, alswel het resultaat: de absolute macht. Dat die macht bestaat blijkt dagelijks. Niemand heeft er iets tegenin te brengen.

De 'domheid' van die straatjongens en -meiden betekent niet dat zij qua intelligentie dom zouden zijn. Zij blinken doorgaans uit in het begrijpen en verwerken van de kennis die hen via hun zogenaamd 'hogere opleiding' ingeprent is omdat die onmisbaar is voor het deelnemen aan en misbruiken van de maatschappij. Gezien van daaruit is dat hoog opgeleide straatvolk wel degelijk intelligent. Hun wezenlijke domheid echter is gelegen in het absolute gemis aan 'Culturele intuïtie', namelijk het inzicht in de werkelijkheid zèlf – in filosofische zin in De werkelijkheid als samenleving. Door dat gebrek kunnen zij zich onbeschaamd naar boven wringen, onder het motto 'het land te willen dienen'. Overigens: die 'Culturele intuïtie' is niet aan te leren via de een of andere opleiding – je kunt haar alleen maar ontwikkelen.

Het spreekt vanzelf dat al dat manipulerende politieke gedoe uiteindelijk op een fiasco uitloopt. Maar intussen is er een enorme schade aangericht bij hele generaties van 'gewone' mensen. Zij zijn slachtoffer van meedogenloze verziekers die valselijk pretenderen de wereld te verbeteren…

 

Er is een opvallende overeenkomst tussen het streven van het Nationaal Socialisme om tot een soort van Verenigd Europa te komen en dat van de huidige Europese Unie – of hoe dat onding heten mag. Weliswaar heette het in het eerste geval 'Das Grossdeutsche Reich' en heeft het in het tweede geval allerlei andere misleidende namen, maar in de praktijk komt het precies op hetzelfde neer. Dat valt vooral op als het gaat om het politiek en economisch onderwerpen van staten. Voortdurend is men in de weer om, met behulp van de plaatselijke op winst beluste élites, de landen van het oude Europa bij de EU te betrekken via het afdwingen van zogenaamde democratische systemen zoals die in het moderne Atlantische denken ontwikkeld zijn ­– het lijkt inderdaad als twee druppels water op het afdwingen van nazistische systemen ten tijde van de tweede wereldoorlog. Zo was er het getreiter met onder andere de Sudeten-Duitsers, met de Tsjechen, de Polen en later ook met Nederland en de andere westerse staten. Tegenwoordig zijn Griekenland, Italië, Spanje en de Oost Europese staten zoals Oekraïne de klos. En de grote slavendrijver is wederom Duitsland met een aantal handlangers waaronder niet in de laatste plaats het gedwee volgende Nederland. De meedogenloze manier waarop ‘Brussel’ de in verhouding arme oostelijke en zuidelijke staten van Europa dwingt zich volgens de Brusselse opvattingen in te richten past naadloos op de agressieve praktijken van de Duitsers in de tweede wereldoorlog. Nooit is het ècht de bedoeling er een welvarend Europa van te maken, maar onveranderlijk gaat het er om een dictatoriaal machtsblok tot stand te brengen. Voor degene die het ziet blijkt dat zonneklaar uit de voorschriften en reglementen die opgedrongen worden – met verhuld op de achtergrond een onvoorstelbaar geraffineerde financiële tirannie.

 

De vergelijking gaat nog veel verder, want er is ook nu weer dezelfde vijand: het ondoorgrondelijke Rusland met zijn vreemde angstaanjagende, primitieve cultuur. Deden de Nazi's het voorkomen dat het om de Sovjet-Unie en zijn communisme zou gaan, het huidige NAVO-Europa heeft het herstelde oude Rusland, met zijn nieuwe tsaar Putin, als doelwit gekozen. Men is bijna hysterisch bang van de Russen en als symptoom daarvan worden hen voortdurend steeds allerlei kwade bedoelingen en duistere praktijken in de schoenen geschoven. Alles wordt aangegrepen om de Russen zwart te maken. Daarbij speelt men een levensgevaarlijk spel: er is namelijk geen schijn van kans de Russen te onderwerpen, hetgeen niet alleen in militair, maar juist in culturele zin een onmogelijke opgave is. Van dit laatste is bijna nooit iemand zich bewust omdat het te diep in de culturele 'oerbegrippen' besloten ligt. En zeker de Westerse machtswellustelingen hebben hiervan niet het flauwste idee. Zij hebben zich dan ook herhaaldelijk te pletter gelopen op een Russisch volk dat materieel zwak, maar daarentegen qua 'oerbesef' ijzersterk is.

 

Moeten we dan eigenlijk vaststellen dat de Russen aardige en vredelievende lieden zijn? Moeten wij hen gaan idealiseren, zoals dat een tijdlang bij de westerse linksgeoriënteerde intellectuelen het geval was? Aan een dergelijke zinsbegoocheling leden in de dertiger jaren intellectuele dwazen als de zogenaamde 'Fellow-travelers'. De grootste kletsmajoor onder de filosofen, Sartre, was er een van. Hoewel misschien wel de bekendste was hij overigens niet bepaald een uitzondering: onder de westerse intellectuelen wemelde het van die verblinde figuren, waarvan velen zich ‘existentialisten’ pleegden te noemen.

Natuurlijk zijn de Russen net zulke schooiers als alle cultureel onvolwassen mensen. En hun élites doen voor geen westerse maffiabaas, politicus of bankdirecteur onder. Verkrachting van het recht is bij hen ook een met graagte toegepast misbruik – kortom: niets bijzonders. Het gaat dan ook niet om het gedoe van alledag, maar om datgene dat als 'oerbesef' diep in het Russische bewustzijn verborgen ligt. Dan hebben wij te doen met een op het westen volgende cultuurfase, die als zodanig ‘aanvankelijke volwassenheid’ genoemd kan worden, omdat dan het begrip samenleving als de ultieme menselijke mogelijkheid is gaan gelden. Uiteraard ligt dat voorlopig nog in de verre toekomst verborgen, maar zoals altijd laat ook dit ‘oerbesef’ zich onbedwingbaar en steeds sterker onder het oppervlak gelden. In de klassieke Russische literatuur – en dan vooral bij Dostojewski – klinkt het voortdurend door.

 

Het communisme van de Sovjet Unie (1922 - 1991) had niets te maken met het oerbegrip communisme zoals dat geldt voor de essentie van het menselijk leven. Wat dat betreft is de betekenis van genoemd begrip dat de mensen 'met zijn allen' zijn, niet in de zin van een collectief waarvan iedereen een element, een onderdeel, van een massa is, maar in de zin van een organisch geheel. Alle mensen zijn zo op hun eigen individuele wijze dat geheel en zo zijn ze 'met zijn allen'. Dat is dus geen collectivistische gelijkschakeling van alle individuen maar een universele verruiming van de mens als individu. Van deze universele ruimtelijkheid heeft nauwelijks iemand enig begrip, hoogstens is er zo nu en dan bij iemand een uitermate vaag en mysterieus idee van de zaak. In de mystiek van bijvoorbeeld Meister Eckhart (±1260 – 1328) zijn hiervan duidelijke sporen te vinden. Dat is dus ook het geval in de Russische cultuur, maar het is geen wonder dat er van die organische, universele zaak in de praktijk niets van terecht komt en dat hij voor de dag komt als een collectivistisch dictatoriaal machtssysteem waaraan niemand ontkomt en dat nauwelijks zijn weerga kent.

In tegenstelling tot wat die 'Fellow Travellers' meenden was het Lenin die al ruim voor de revolutie van 1917 schreef dat er machtskaders moesten komen om de bevolking met geweld tot collectivisatie te dwingen. Al kort na het slagen van de revolutie is dat proces gestart in Rusland, gepaard gaande met onbeschrijfelijke wreedheden en onmenselijke willekeur. Van humane bedoelingen was geen sprake, het ging louter om de absolute macht. Die is vooral door Stalin vervolmaakt en uitgebouwd tot een efficiënt terreurapparaat dat tot ver over de grenzen van de Sovjet-Unie opereerde. Zelfs na de val daarvan ging dat in het geniep door…

 

Het Russische socialisme en communisme zijn in het Russisch vertaalde westerse begrippen. Het was in het westen dat zich de ideeën omtrent socialisme, communisme en zelfs anarchisme en nihilisme reeds zo ongeveer een eeuw voor de Russische revolutie begonnen te ontwikkelen. Wat dit betreft kent de westerse cultuur een heel rijke geschiedenis. Ook Karl Marx, die toch zo'n grote invloed op het Russische revolutionaire denken had, was in zijn denken puur westers. Evenzo Lenin, al diens werken ademen de geest van het autoritaire machtsdenken waarin niet vanuit 'het volk' gedacht wordt maar vanuit een hoger principe. Het is een meedogenloos denken 'van boven naar beneden'. Maar, natuurlijk doet men het voorkomen dat het om het volk zou gaan en ook die leugen is typisch westers-onvolwassen. Alle heersers bedienen zich van dergelijke argumenten om hun wangedrag te legitimeren – zelfs de zogenaamd democratische politici doen het. Ze noemen zich dan graag 'volksvertegenwoordigers', wat in de politieke praktijk betekent dat zij, via allerlei leugenachtige verhalen, rigoureus hun eigen wil doordrijven alsof het de wil van het volk zou zijn. En wie werkelijk probeert die volkswil enigszins een stem te geven wordt door hen voor ‘populist’ uitgemaakt. Een vernietigender oordeel is haast niet mogelijk!

 

De Russische revolutie van 1917 is geheel doordrenkt van westers machtsdenken . De voorstellingen van al haar voormannen over een 'menswaardige' toekomst zijn gegrond op autoritaire principes hetgeen in de praktijk dan ook onmiddellijk duidelijk werd toen de revolutie zich ging consolideren. Onvoorstelbaar is het leed dat de mensen vanuit het socialisme en communisme is aangedaan. Massamoorden doormiddel van uithongeren, het blindelings uitroeien van adel en intelligentsia en later, door Stalin, het vermoorden van zijn eigen revolutionaire voormannen en -vrouwen, het behoort allemaal tot de normale praktijk van een blinde ideologie.

Tegenwoordig (2015) zien wij precies hetzelfde terreurgedrag bij de orthodoxe volgelingen van de Islam, welker ideologie ook op westerse voorstellingen is gegrond, in die zin dat de moderne westerse cultuur nu met een traumatische haat bestreden wordt – dus doormiddel van niets en niemand ontziende blinde terreur. Een dergelijke dodelijke haat kan in de grond van de zaak alleen maar alles overheersende zelfhaat zijn, een onontkoombare fixatie op iets wat men in zichzelf bestrijdt. En dat is in het geval van de Islam het aan het einde van de Oudheid in de mensen ontwaken van de fundamentele individuele zelfstandigheid van elk mens, het feit dat hij ‘autonoom’ is dus.

 

De westerse 'democratisch' ingestelde bovenlaag van de bevolking is niet in staat te herkennen waar die zelfhaat van de moslims toe leidt. Oorzaak daarvan is de zelfvernietiging van het eigen democratische denken waardoor aan alles en iedereen een gelijke waarde wordt toegekend. Dat verschijnsel treedt op vanaf het moment dat het democratische denken het punt bereikt heeft dat het zichzelf gaat analyseren – ontleden dus. Dat proces is op het ogenblik (2015) al zover gevorderd dat er geen heldere beoordeling van de wereld en de mensen meer mogelijk is. Het doet er niet toe waarover het gaat, onvermijdelijk verwordt alles tot een probleem. De moderne wereld is tot een gigantische warboel van problemen geworden. Alles vernevelt zich in ‘voors en tegens’ zonder dat er zelfs nog maar een herinnering aan het oorspronkelijke model over is gebleven. Daarom is er de irritante behoefte tot 'vernieuwing' die zo snel mogelijk – liefst gisteren nog – gerealiseerd moet worden. Het bestaande is vergruisd en het nieuwe moet houvast bieden, hetgeen uiteraard onmogelijk is omdat ook dat nieuwe onmiddellijk tot gruis geanalyseerd wordt.

 

Doordat het moderne westerse denken letterlijk geen kant meer op kan biedt het aan een autoritaire ideologie als de Islam onvoorstelbaar rijke kansen om zich te nestelen. Onvolwassen mensen, gekenmerkt door een armoedig zelfbewustzijn, hebben nu eenmaal per definitie een angstige behoefte aan een houvast, gedwongen als zij zijn in een voor hen onbegrijpelijke, steeds veranderende en onvoorspelbare werkelijkheid te leven. De Islam heeft de pretentie zo’n houvast te bieden, maar het is in feite niet meer dan dat, het is cultureel en psychisch bedrog.

Het is van groot belang in te zien dat dit losgeslagen Westerse denken niet alleen maar in de Atlantische wereld bepalend voor de cultuur is, maar overal in de wereld, zij het op meer of minder ontwikkelde wijze. En overal neemt die behoefte toe aan een autoritair houvast, de behoefte om verlost te zijn van de almaar meer prangende twijfel over het leven in een ongewisse werkelijkheid. Dat betekent dus een steeds grotere ontvankelijkheid voor de Islam die toch onder het mom van ‘vredelievendheid’ uit naam van Allah alleen maar haat en terreur brengt.

Het is dan ook heel goed te verdedigen om van een 'derde wereldoorlog' te spreken, alleen nu niet met legers, fronten en slagvelden maar met niets ontziende wrede terreuraanslagen op onschuldige mensen. Zelfs kinderen, vrouwen en ouderen zijn doelwit op grond van de strijdkreet "Onderwerpen of de dood". Maar de bestuurlijke élites van de moderne wereld doen alsof er niets aan de hand is, alsof het slechts om ‘incidenten’ gaat die geen allesomvattende bestrijding noodzaken. Maar intussen is het wel een onmiskenbaar feit dat het Islamgeweld steeds intensiever, brutaler en gecoördineerder wordt.

 

West-Europa is altijd al een toevluchtsoord voor vervolgden en verdrukten geweest. En tegenwoordig is het Westen ook in economisch opzicht een verlokking voor de arme sloebers dezer wereld. Als je de Nederlandse geschiedenis bekijkt zie je dat er een voortdurende instroom van vreemdelingen is geweest. Wie zijn er hier in de loop der tijd al niet binnengekomen: Portugese en Oost-Europese Joden, Franse Hugenoten, Chinezen, Italianen, Spanjaarden en nog vele anderen. Behalve wat alledaagse praktische problemen zijn er met die mensen nooit culturele vijandigheden geweest, ook niet voorzover zij hun eigen leefgewoonten en overtuigingen in ere hielden. Zij zochten zich, zij het vaak met veel moeite, een plaatsje in de Nederlandse samenleving en speelden met meer of minder succes hun maatschappelijke rol.

Toen kwamen de moslims… en onmiddellijk ontstonden er ernstige problemen. Hun autoritaire godsdienstige ideologie had hen sinds zo ongeveer de 7e eeuw ingeprent dat de Westerse wereld zondig en duivels is en dat die dus, tot vreugde van Allah, straffeloos uitgebuit, kapotgemaakt en zelfs uitgemoord kan worden. En iedereen zou zich moeten onderwerpen aan de wet van Allah, 'De Barmhartige' (!).

De pedofiele profeet Mohammed zou daar voor zorgen…

In wezen komt het er op neer dat het individualisme, als dodelijke belediging van Allah, uitgeroeid moet worden. De mens als individu (want dat betekent het eigenlijk, in tegenstelling tot de ònvolwassen mens als individualist) is de doodsvijand van de heerszuchtige Allah, die als de ultieme godheid niets en niemand naast zich duldt. Daarom komen, gezien vanuit de cultuur, Moslims niet naar het westen om voor zichzelf een menswaardig bestaan op te bouwen (wat de Islam hen niet biedt), maar om de moderne wereld uit te zuigen, te vernietigen en te vervangen door de Islamitische heilstaat (Kalifaat) en natuurlijk ook om er en passant zoveel mogelijk profijt van te trekken. Volgens hun woestijnmentaliteit is het beroven van andere 'stammen' een absoluut van Allah verkregen recht.

 

Een analyse als die over de Moslims en de Islam is een dankbaar object om iemand van 'racisme' te kunnen beschuldigen. Dat gebeurt dan ook onmiddellijk door beide kampen, zowel dat van de laffe linkspolitieke dwepers als dat van de primitieve Moslims en hun Nazistische Imams. Een filosofische beschouwing over het karakter en de kwaliteit van een ideologie heeft in principe niets met racisme – of discriminatie – te maken, niet als het resultaat ervan positief blijkt te zijn, noch als het negatief blijkt. En ook betekent zo'n beoordeling niet dat 'alle' in een ideologie betrokken mensen zich in de praktijk daarnaar gedragen. Verreweg de meesten zijn zich amper bewust van hetgeen zich in de diepte van hun culturele zelfbewustzijn afspeelt. Er is dus geen reden om de mensen er bij voorbaat al op aan te zien, maar het is tegelijkertijd wèl een feit dat wat betreft de aanhangers van de Islam de behoefte om zich als zodanig te manifesteren bepaald typerend is. Uniformering is gezien vanuit het begrip samenleving altijd een slecht teken. Als regel komt het voor als symptoom van een autoritair mannelijke ideologie zoals bijvoorbeeld het Communisme, het Fascisme en het Nationaal Socialisme – en niet te vergeten de Roomse Kerk..! Het is daarbij steeds de bedoeling zich uiterlijk te onderscheiden van de andere mensen en die behoefte komt voort uit een innerlijke drang om het eigen gevoel van minderwaardigheid (armoedig zelfbewustzijn!) te verdrijven door verbreking van de samenhang, door afscheiding, gepaard aan traumatische agressieve zelfverheerlijking.

 

De cultuur van de toenmalige Romeinen berust op de concretisering van het inzicht dat ieder mens een autonoom verschijnsel is dat op geen enkele wijze iets ànders voor zijn identiteit nodig heeft. Het is een absoluut vrijzwevend verschijnsel. Dat betekent meteen al dat elke godsdienstige, ideologische of maatschappelijke pressie om hem (in het moderne taalgebruik mannelijk, maar het moet eigenlijk als vrouwelijk verstaan worden) op de een of andere manier ondergeschikt en afhankelijk te maken, volstrekt verwerpelijk is. De mens is in alle opzichten 'zichzelf besturend', ook als hij meent door iets anders geleid te worden. Die ongebonden situatie brengt in de praktijk onvermijdelijk met zich mee dat er bewuste of onbewuste afspraken gemaakt zullen worden om in de praktijk met elkaar om te kunnen gaan. Het geheel van die afspraken kennen wij als 'Het Recht'.

In de Romeinse cultuur gaat logischerwijs het begrip Recht tot het zelfbewustzijn doordringen, uiteraard op grond van genoemd inzicht over het autonoom zijn van de mens. Dat is het 'Romeinse Recht' zoals dat nog altijd bestudeerd wordt bij de opleiding tot jurist.

Het begrip Recht vooronderstelt vrijheid en onafhankelijkheid, in tegenstelling tot het begrip Wet wat ondenkbaar is zonder de kluisters van een autoritair systeem. Wat dit betreft zou het voor de mensen van deze tijd (2015) bepaald verhelderend zijn als zij konden inzien dat het oorspronkelijke 'recht' vrijwel geheel in een stelsel van wetten ontaard is waaraan de moderne mens met handen en voeten vastgeketend is. De 'rechtsstaat' functioneert op die manier als een 'wetstaat' waarin alle mogelijke maatschappelijke situaties al bij voorbaat op absoluut dwingende wijze gereglementeerd zijn. Er valt niet aan te ontkomen, zelfs niet via de 'rechter'! De overeenkomst met de vervalsing van de zogenaamde 'democratie' is dan ook treffend..!

De ontwikkeling van het (Romeinse) rechtsbegrip is al begonnen ergens in de oudheid, in ieder geval enige eeuwen voor het begin van onze jaartelling. En in het Nieuwe Testament van de Bijbel wordt verhaald over Paulus die zich als Romein op dat recht beroept. Het spreekt vanzelf dat de geldigheid en de toepassing van dit nieuwe beginsel eeuwenlang volstrekt willekeurig was. Zo zou het uitsluitend voor vrije burgers van kracht zijn en niet voor slaven en vrouwen en ook buitenlanders konden er geen aanspraak op maken. In feite telde lang niet iedereen mee als ‘rechthebbend’ mens. Dat is trouwens in de moderne wereld ook nog volop het geval, vooral bij hooggezeten lieden die pretenderen 'correct' te denken en 'rechtmatig' te handelen.

 

Er heeft zich vanaf de vroegste Romeinse tijden een ontwikkeling in gang gezet die gevolg is van het feit dat elk mens individu is, dus autonoom en bijgevolg volstrekt zichzelf besturend. Omstreeks het begin van onze jaartelling was dat besef dus qua cultuur definitief doorgebroken. In de vroege 'Gnostische' geschriften kwam dat bijvoorbeeld tot uiting als gesteld werd dat God 'mens' geworden was, in de vorm van de ‘Zoon'. In feite verviel daarmee de voorstelling van een absolute, boven de mensen verheven, hogere macht (de God uit de oude Joodse cultuur). In het kort gezegd: de mens ging nu zichzèlf beseffen als manifestatie van die vroeger veronderstelde 'hogere' macht. De onoverbrugbare scheiding tussen dat goddelijke ‘hogere’ en de ‘lagere’ zondige mens is nu opgeheven om plaats te maken voor de een of andere relatie tussen beide grootheden. Daarmee is dat hogere kwalitatief gelijkgesteld aan dat lagere om op die wijze een nieuwe hiërarchische verhouding te gaan vormen. De essentie van dit alles is tot op de dag van vandaag geheel verloren gegaan dank zij het Roomse christendom dat zich meteen al als een nieuw en onverbiddelijk machtssysteem ging realiseren.

Deze hele ontwikkeling was al ruim zeven eeuwen aan de gang toen zich omstreeks 610 de onvermijdelijke reactie ging laten gelden in de vorm van de Islam. Geschiedkundig beschouwd blijken er van allerlei Arabische varianten van op de woestijn geïnspireerde godsdiensten te zijn geweest, maar van essentieel belang is de oude godsdienst van Jahwe, de Joodse dus. De hele geschiedenis daarvan komt terug in de Koran en dat gaat zelfs zover dat ook Jezus en Maria er een rol in spelen. Op die basis is de Islam gevestigd, met natuurlijk een hele ontwikkeling, te beginnen met Mohammed (570 – 632), als gevolg. Kenmerk daarvan is het vervloeken van die eigen Joodse basis om zichzelf te kunnen legaliseren en profileren. Een ongekende Jodenhaat wordt daartoe bewust opgewekt en, samen met zo’n zelfde diepe haat tegen de Westerse cultuur, steeds meer aangewakkerd.

 

(Toevoeging door Rob van Es de bladwijzers: Zichzelf besturen en Zichzelf besturend )

 

Vaak is de Islam 'de godsdienst van de haat' genoemd. Er is inderdaad de basale Jodenhaat en er is de haat tegen de mens als individu, haat dus tegen het oude Oosten en tegen het nieuwe Westen, dat destijds al sinds een zevental eeuwen  bezig was tot zelfbewustzijn te komen. Je kunt terecht vaststellen dat voor de mens de Islam de 'absolute negativiteit' betekent en dat komt dan ook meedogenloos tot uiting in het doel ervan: volledige onderwerping! De autonome zelfbewuste mens mag er niet zijn. Hij mag dan ook straffeloos als een Allah onwelgevallig sujet afgemaakt worden. Griezelig opvallend is bij dit alles de overeenkomst met de ideologie van het Nationaal Socialisme, dat ook doordrenkt is van traumatische Jodenhaat en intellectuele haat tegen de moderne democratie. Het behoeft dan ook niet te verwonderen dat er regelmatig uit de Islamitische hoek loftuitingen aan het adres van Hitler en trawanten klinkt. Zo was ook de Holocaust een Allah welgevallig werk dat helaas niet helemaal afgemaakt kon worden door ingrijpen van die vervloekte Westerse wereld.

Bij dit alles mag nooit vergeten worden dat de man nadrukkelijk centraal staat en dat de vrouw, ondanks af en toe schijnheilige mannelijke verering, slechts aan hem haar betekenis ontleent, wat voor die man het zoveelste onmiskenbare bewijs is van zijn van God gegeven superioriteit.

 

Ondanks vele mooie woorden van barmhartigheid en dergelijke die in de Koran en andere geschriften gesproken worden kent het Islamitische ‘denken’ het begrip vergiffenis niet, althans niet in positieve zin. Het wordt wel in misprijzende zin geduid als Allah onwaardig: degene die bij gelegenheid iemand vergeving schenkt voor het een of ander stelt hem daarmee als een beklagenswaardige zwakkeling die niet in staat is zich te verdedigen. Die is dan op zijn beurt beledigd en hij gaat op wraak zinnen: de zogenaamde eerwraak die de zuiverheid van iemands imago moet herstellen – allemaal behoorlijk primitief! In de Koran komt het thema van de wraak, al of niet in bedekte termen, voortdurend aan de orde. Allah weet er bepaald raad mee, maar toegegeven moet worden dat ook in het oude Joodse Jahwisme gretig gewroken wordt: ‘Oog om oog, tand om tand’!

Het gebruikelijke tegenargument is dan dat er in de praktijk door bijna alle mensen ook volop gehaat en gewroken zou worden. Het gaat er echter om dat in de Islam die haat en wraak vanuit de godsdienst aanbevolen worden, dus vanuit een gezaghebbende hogere instantie: God, Allah! De Islamitische cultuur vereist die dingen, in tegenstelling tot de Westerse cultuur waarin haat en wraak juist ten strengste als een de mens onwaardige zaak veroordeeld zijn – om uiteraard toch veelvuldig toegepast te worden (!).

Het schenken van vergiffenis is dus binnen de woestijnethiek een teken van zwakte en het ontvangen van vergiffenis is een dodelijke belediging. De moordenaars van de huidige Islamitische Staat bijvoorbeeld wordt dan ook voortdurend ingeprent dat vergiffenis niet strookt met de wil van Allah. Dood aan een ieder die iemand vergiffenis schenkt en een schandelijke dood voor diegene die om vergiffenis vraagt.

 

Het is inderdaad een feit dat er in de Koran voortdurend over ‘barmhartigheid’ gerept wordt, maar ook dit is weer een van die beruchte Islamitische misleidingen! Die barmhartigheid geldt namelijk niet in algemene zin, onafhankelijk van de heersende omstandigheden en de betrokken personen. Er moet wel degelijk aan voorwaarden voldaan zijn: ten eerste de eis dat de schuldigen (Moslim of niet) zich onvoorwaardelijk bekeren tot de Islamvariant die op dat moment de macht heeft en ten tweede de eis dat het gaat over een gelovige Moslim die op de een of andere manier in de fout gegaan is, wat overigens weer niet voor vrouwen geldt. De barmhartigheid, goedheid en wijsheid van Allah, waarop steeds schijnheilig en zalvend gewezen wordt, is van een zeer benauwde soort: het geldt uitsluitend voor gelovige (mannelijke) moslims en verder voor niemand. Er is in de Islam voor de ongelovige geen enkele vorm van begrip en mededogen. Dat blijkt ook onmiskenbaar uit de aard van de terreur die door Moslims uitgeoefend wordt. Zonder enige reserve mogen het leven en de goederen van ongelovigen verwoest en geplunderd worden, en alweer: niet omdat er bij uitzondering nu eenmaal altijd en overal schurken zijn die zich misdadig gedragen, maar omdat Allah het met diens mensvijandige theologie opdraagt aan zijn volgelingen: barmhartigheid dus alleen voor radicale Islamitische moordenaars en verkrachters…

 

Menigeen heeft bij discussies met Moslims tot zijn ergernis ervaren dat hun vermogen om te argumenteren nauwelijks ontwikkeld is. Dat is ook geen wonder omdat ze vanuit onderworpenheid (de essentiële eis van Allah) niet samenhangend en logisch behoeven te reageren. Het argumenteren vooronderstelt immers een zekere mate van zelfstandigheid, een eigen mening, maar vooral ook het luisteren naar de argumenten van anderen. Zoiets is in strijd met de door Allah vereiste onderworpenheid. Men behoeft bijgevolg alleen maar van zich af te slaan, in het wilde weg en zo kwetsend mogelijk. Dat komt dus neer op schelden en vervloeken en in het uiterste geval het gebruiken van geweld.

Datzelfde gebrek is er de oorzaak van dat de Islam zich, paradoxaal genoeg, zo opvallend snel over de wereld verbreidt – dat wil zeggen: over de wereld van armoede en achterlijkheid. Mensen die daarin opgegroeid zijn hebben door het lage niveau van onderwijs en communicatie niet of nauwelijks contact gehad met een denken waarvan de basis is het onderscheid tussen het een en het ander. Voor hun armoedige zelfbewustzijn geldt dat slechts ‘het een’ bestaat zonder dat ‘het ander’ zelfs maar in beeld komt, of het moet zijn als een absolute negativiteit die dan als ‘duivels’ veroordeeld wordt. Het andere is altijd en bij voorbaat slecht en duivels en als zodanig moet het zonder pardon vernietigd worden.

Er is nog een andere variant, die namelijk voorkomt bij Moslims in de moderne westerse wereld. Die zijn vaak behoorlijk goed opgeleid zodat zij wèl een bewuste keuze voor ‘het andere’ kunnen maken. Het ligt evenwel in de logica dat juist die figuren de meest radicale misdadigers zijn, nog veel gevaarlijker dan de eenvoudige Moslims. Zij voegen zich in volle overtuiging bij de strijders voor een Islamitische Staat. Het raffinement waarmee zij het Kalifaat propageren is zelfs voor westerse mediadeskundigen verbluffend. En ook hier is er weer de treffende overeenkomst met de wrede, maar hoog opgeleide, SS-ers van het Duitsland tijdens de 2e Wereldoorlog.!

 

In de loop der eeuwen is Europa steeds een begeerlijk object voor machtsbeluste élites geweest. Vooral Franse en Duitse heersers hebben zich beijverd om dat continent aan hun wil te onderwerpen. Een ruwe greep uit de geschiedenis laat zien dat de Romeinen en hun erfgenamen, de Roomse Kerk, er al op uit waren Europa te onderwerpen. Die imperialistische kerk gebruikte daartoe sinds de 16e eeuw de militante Jezuïeten (SJ) die er in getraind waren zich overal in de maatschappij in te dringen. Daarna was er natuurlijk het eerste werkelijk grote voorbeeld van Napoleon die met militaire middelen begin 19e eeuw (1812) een heel eind kwam, gevolgd door Hitler die er vanaf 1933 bijna in slaagde. Zoals bekend zocht ook hij zijn toevlucht tot militair geweld wat eveneens onvermijdelijk in een fiasco eindigde. Al die ondernemingen hadden de pretentie de welvaart van de Europese volkeren te bevorderen, maar het enige wat hen gelukte was een onvoorstelbare ellende teweeg te brengen. Allemaal hebben zij hun slachtoffers getiranniseerd en ervan gebruik gemaakt om uitsluitend zichzelf te verrijken en machtig te maken. Het welzijn van de bewoners is nooit het doel geweest.

Het is tegenwoordig helaas tot de meeste burgers nog niet doorgedrongen dat op het ogenblik de onderwerping van Europa al weer gevaarlijk ver gevorderd is. Ditmaal gaat het onder de vlag van het Verenigd Europa, of hoe al die zorgvuldig gecamoufleerde instellingen ook mogen heten (op internet zijn ze allemaal te vinden!). Waarom het werkelijk gaat is dat het weer de oude veroveraars, de Fransen en de Duitsers, zijn die met alle geweld proberen heel Europa tot één groot machtsblok te maken. Zo wordt achteraf gezien de agressie van Napoleon en Hitler en niet te vergeten al het tuig uit voorgaande perioden toch nog tot een politiek correct streven! Hitlers Gross-Deutsche Reich begint inderdaad steeds meer realiteit te worden. De daartoe aangewende wapens zijn nu niet de kanonnen, maar de economie en de politiek die zich beide, op grond van hun quasi wetenschappelijke grondslag, uitstekend lenen om de burgers een rad voor de ogen te draaien. Zoiets gaat er bij de burgers altijd in als koek. Niets is zo overtuigend als de wetenschap, veel sterker dan vroeger met de godsdienst het geval was. En net als vroeger berust de hele zaak op een afschuwelijk trauma…

 

Er is iets opvallends bij het jagen van de Europese élites op een Europese ‘eenwording’: allemaal lopen zij zich vroeg of laat – nota bene uit eigen vrije wil – te pletter op Rusland! Om een bepaalde reden heeft Rusland op hen een onweerstaanbaar zuigende werking, zozeer zelfs dat zij vol overgave als eenden in de fuik hun ondergang tegemoet gaan. Ook nu weer (2015) is het hysterische criminaliseren van Rusland en zijn leiders aan de orde van de dag. Het primitieve gedoe van die leiders (Putin en handlangers) wordt voortdurend met enthousiasme gebruikt om de agressie tegen de Russen te voeden, een agressie die zijn oorsprong vindt in die Europese élites zèlf! Als elkaar pestende kinderen zoeken zij in alles een aanleiding om de ander het leven zuur te maken. Zo zijn het op het ogenblik wezenlijk niet de Russen die opdringen in Oost-Europa, maar juist de Europese Unie, die vervolgens om zijn eigen agressie te legaliseren gebruik maakt van de primitieve en domme reacties van de Russische machthebbers. In wezen zijn het politieke pesterijen die, filosofisch gezien, op een drama moeten uitlopen, een drama dat natuurlijk anders zal verlopen dan de tocht in 1812 van Napoleon en de veldtocht van Hitler in 1941, omdat de toegepaste middelen andere zijn, maar intussen wel een drama dat tenslotte tot de ondergang van de Westerse cultuur zal leiden. Een ondergang niet in materiële, maar in culturele zin.

 

De zuigende werking van Rusland is een logisch gevolg van het culturele feit dat in het universele proces van volwassenwording Rusland een volgende fase is na de Atlantische wereld. Dat is een wereld die beheerst wordt door het analytische denken waarin de gehele materiële werkelijkheid uit elkaar gehaald wordt en ‘tot op het bot’ ontleed, zodat er tenslotte nietszeggend stof overblijft. In feite betekent dit ontleden dat er voor de mens geen werkelijkheid overblijft, alleen maar onsamenhangende kennis die onder de noemer ‘wetenschap’ alles bepalend is – als ware het een godsdienst! In de Atlantische wereld is dit uiteenvallen al duidelijk te merken: letterlijk alles wordt wetenschappelijk onderzocht, wat wil zeggen dat het stuk geanalyseerd wordt om vervolgens niet tot begrip en inzicht te leiden maar tot een ongrijpbare chaos. Zelfs het gedrag van de mensen wordt op die manier bestudeerd totdat niemand er meer een touw aan vast kan knopen. Die vernietigde wereld opent echter op den duur een perspectief op de waarheid, hetgeen wil zeggen de ‘echte' realiteit waarin de fictie van die (wetenschappelijk) stukgedachte werkelijkheid opgeheven wordt. In de diepte van de Russische cultuur ligt namelijk een beeld (besef) van de echte werkelijkheid en het zichtbaar worden daarvan is een logisch gevolg van het ineenstorten van de analytische moderne cultuur. Dat proces is al sinds de Westerse ‘Verlichting’ aan de gang. Men verwachtte van het redelijke denken de redding van de mensheid en inderdaad leek het er even op dat dit zou lukken, totdat het zich tègen de mens ging keren. Hoewel kort door de bocht, is te stellen dat het analytisch-wetenschappelijke denken tot een ramp voor de mensheid verworden is.

(Terzijde: ook deze ogenschijnlijke contradictie is voor de moderne mens nauwelijks te begrijpen…)

 

De term ‘de Russische cultuur’ is eigenlijk misleidend, alsof het in de toekomst om Rusland zou gaan. Dat echter is niet het geval, we hebben hier te doen met een omschrijving bij gebrek aan beter. Het gaat namelijk om iets universeels dat voorlopig, cultureel gezien, diep in het Russische volk verborgen ligt. Ook de Westerse analytische cultuur is universeel, hetgeen betekent dat zij zich over de gehele wereld uitlegt. Het is trouwens de eerste universele cultuur, alle voorgaande zijn tijdelijk en plaatselijk van karakter. Uiteraard hadden die wel invloed op een volgende ontwikkelingsfase, maar meer dan dat was het niet. Zo had de Griekse cultuur aan het einde van de Oudheid een grote invloed op de erna komende Romeinse ontwikkelingsfase en eveneens op die van de Arabische wereld en zo ook op het Westen, maar op zichzelf als specifieke cultuur bleef dat allemaal beperkt van uitwerking. Het is dan ook begrijpelijk dat die fasen van ontwikkeling na verloop van tijd ten onder gingen, uiteraard aan eigen beperktheid en ook doordat zij niet opgewassen waren tegen de ontwikkeling van de nieuwe Moderne (Atlantische) cultuur die echter zelf in de toekomst niet ten onder gaat. Voor die cultuur geldt namelijk het begrip overgang naar een volgende fase, waarin zij volledig blijft bestaan. In de praktijk zet de zaak zich na verloop van tijd òm in dat wat nu nog in Rusland verborgen ligt, zodat op den duur beide grondprincipes van menselijke volwassenheid, namelijk de aanwezigheid van de werkelijkheid als totaal van alles wat er is (de dingen) en het gelden van de werkelijkheid als een samenhangend geheel (van de dingen) realiteit zijn geworden. Het bij de Westerse cultuur behorende wetenschappelijke denken bijvoorbeeld blijft in al zijn vormen en met al zijn verworvenheden actief als basis voor de leefbaarheid van de aarde, maar dan wel met een geheel nieuwe humane inhoud. De ondergeschiktheid aan de hebzucht en machtswellust van louche individuen is dan onmogelijk geworden!

 

De analytische cultuur, die aanvankelijk in West-Europa begonnen is, ontwikkelt zich tot een universele zaak die zich als zodanig over de gehele wereld uitlegt. De technologie bijvoorbeeld werkt zo langzamerhand overal hetzelfde: een Japanse automobiel is gebouwd volgens universele principes zodat hij over de gehele wereld bruikbaar is – afgezien natuurlijk van technische varianten die hier en daar toegepast worden. En de wetenschap zelf is ook overal geldig, althans daar waar de westerse invloed doorgedrongen is en het schurkendom er geen beslag op heeft gelegd. ‘Een plus een’ is overal twee, wat natuurlijk niet wil zeggen dat de betekenis ervan universeel is. Voor de rijke élite bijvoorbeeld betekent het heel wat anders dan voor de hongerende armoedzaaiers uit de sloppenwijken van de wereldsteden.

Hoe dan ook, het Westerse denken (cultuur) ontwikkelt zich tot het van het begin af als kiem aanwezige universele denken en het is juist dat wat zich op den duur als (praktische) inhoud van de Russische cultuur gaat realiseren. Daarmee wordt die vooralsnog sluimerende Russische zaak tot een zelfbewuste volwassen cultuur: ‘inhoud’ en ‘geheel’ zijn dan tot de juiste verhoudingen uitgegroeid zoals die in de werkelijk volwassen mens tot leven komen.

 

De westerse analytische ontwikkeling leidt er onafwendbaar toe dat de voorstelling die de mensen hebben van hun werkelijkheid en dus ook van hun bestaan almaar meer versnipperd wordt. Zij ervaren dat terecht als chaos, niet alleen wat henzelf betreft, maar vooral ook als het over de wereld om hen heen gaat. De vastigheid verdwijnt uit hun voorstelling om plaats te maken voor een ongrijpbare almaar verspringende zwerm van brokken gruis. Niet alleen dat dit geen houvast meer biedt, maar vooral ook dat het een niet te stillen bron van onrust is. Hoe een mens daar persoonlijk ook op reageert, het is niet tot rust te brengen en dan hopen de moderne mensen er maar op weg te kunnen vluchten. Zij houden het bij zichzelf niet meer uit en dat wordt nog verergerd door de omstandigheid dat zij er absoluut niet achter kunnen komen wat er nu eigenlijk met hen aan de hand is – het blijft bij een onbestemd gevoel, vaak zelfs van slopende verveling die een wanhopig verlangen naar compensatie oproept.

Die ‘thuisloze’ hedendaagse (2015) mens beheerst zo langzamerhand het gehele sociale beeld: in wachtkamers, in treinen, in de huiskamers, ja overal ziet men de mensen in de weer met elektronische apparaatjes in een poging om afgeleid te worden van zichzelf en de wereld. Zinloos telefoneren en het doen van vreemde, in feite fantasieloze, spelletjes is de primitieve vorm van ‘zelfontvluchting’ en de meer uitgebreide is de krankzinnige trek naar volstrekt oninteressante vakantieoorden. Kort en goed, het tegenwoordig steeds meer op de voorgrond tredende afzonderingsgedrag van de mensen, jong en oud, is een onmiskenbaar symptoom van de doorzettende zelfvernietiging van de analytische cultuur, als voorbereiding tot haar overgang naar de laatste ontwikkelingsfase: de voltooiing van de volwassenheid van de mens. Voorwaar, er is nog een lange weg te gaan!

 

Het schijnt niemand te verbazen dat de Islamitische IS-strijders en -terroristen allemaal zwaar gemaskerd zijn. De media en de politiek reageren er op alsof het heel gewoon zou zijn om het hoofd te verbergen. Maar zoiets is helemaal niet gebruikelijk bij reguliere militairen die deelnemen aan een oorlog, want die gaan juist prat op hun legaliteit. Zij zijn immers in dienst van een staat. Niet voor niets worden hun militaire activiteiten niet als crimineel veroordeeld, maar daarentegen juist gewaardeerd ondanks de slachtoffers die zij op hun geweten hebben. Ze worden zelfs plechtig onderscheiden vanwege hun ‘aan het vaderland bewezen diensten’. Behalve in het geval van persoonlijke oorlogsmisdaden wordt hen een zekere immuniteit gegarandeerd, bijvoorbeeld als zij in krijgsgevangenschap geraken. Volgens allerlei internationale afspraken (landoorlogreglement, bijvoorbeeld) moeten zij humaan behandeld worden – wat dat dan ook mag betekenen in een onmenselijke wereld! In ieder geval blijkt er uit dat men deze strijders niet als misdadigers beschouwen wil en dat er dus voor hen geen enkele noodzaak is hun identiteit te maskeren. Moslimstrijders doen dit echter wel! Zouden zij aanvoelen dat zij wel degelijk in universele zin misdadigers zijn en dat zij bijgevolg het risico lopen gestraft te worden?

Ongetwijfeld speelt dat laatste een rol, temeer daar zij in de praktijk inderdaad (eindelijk!) steeds strenger aangepakt worden. Maar cultuurfilosofisch speelt er nog iets veel belangrijkers. Het verbergen van het hoofd, als zetel van het eigen autonome mens-zijn, is een duidelijke manifestatie van onderwerping aan Allah. Als het hoofd en daarmee de mens als individu uitgeschakeld is voldoet de Moslim aan de ultieme opdracht van Allah: de zelfvernietiging als individu. In het verlengde hiervan ligt ook de fanatieke behoefte om tegenstanders en ongelovigen te onthoofden – en dan bij voorkeur op de meest vernederende manier door hen de keel af te steken zoals een rituele slachter dat doet…

 

De behoefte zich als onderworpene te manifesteren is essentieel voor de Moslim. Het bevestigt het diepliggende besef van minderwaardigheid temidden van zelfbewuste mensen die zichzelf en anderen wel  een zekere waarde toekennen – een waardebegrip dat overigens verkeerd is en dat logischerwijs vervangen zou moeten worden door het begrip betekenis (maar dit terzijde). Het moet voor iedereen duidelijk zijn dat de onderworpene niet behoort tot de ‘gewone’ mensen en daar niet weinig trots op is. Zo dragen de vrouwen hun hoofddoekjes en verhullende gewaden om hun onderworpenheid te accentueren en de mannen dragen vormloze lappen of door iedereen afgeschafte tweedehands kledingstukken. Het lijkt overdreven en zelfs wel beledigend om de wereld van de Islam op een zodanige manier af te schilderen, maar een en ander wordt ook nadrukkelijk bevestigd door datgene wat de Moslim er zelf van zegt en het staat vermeld in zijn theologische geschriften. Maar werkelijk belangrijk is het bovengezegde in cultuurfilosofische zin want een dergelijke zelfontkenning kan niet uitblijven. Het is namelijk een onvermijdelijke logische reactie op het ontwaken van de mens als individu.

Als ze bij gelegenheid aangesproken worden over hun ongewone primitieve uitdossing beweren de Moslims – en vooral de vrouwen – dat zij dit geheel vrijwillig doen en dat wordt door vele softe ‘multiculties als een valide argument geaccepteerd. Maar het is onzin: het gaat er niet om of iemand zich er al dan niet vrijwillig aan houdt, maar om het gegeven dat Allah en zijn profeet het voorschrijven. Iets dergelijks is trouwens ook het geval met bijvoorbeeld de orthodoxe ‘gereformeerde’ christenen op de Veluwe en de Zuid-Hollandse eilanden. Hun naargeestige God schrijft zwarte kledij voor met voor de dames een smakeloos hoedje als hoofdbedekking. Een duidelijker manifestatie van gehoorzaamheid aan God en bovenal van hypocriete ‘nederigheid’ is er niet!

 

Was volgens Menno ter Braak (1902 – zelfmoord 15 mei 1940) Nederland een ‘Domineesland’, tegenwoordig is het een land van managers. Het begrip manager doet veronderstellen dat het gaat over iemand die het vermogen heeft een bedrijf of een staat te besturen, maar dat is wat betreft de moderne managers bepaald niet het geval. Zij hebben niet het ‘vermogen tot besturen’ maar zij hebben een theoretische opleiding gevolgd om een bepaald van tevoren bedacht doel te bereiken. Dat doen zij met behulp van allerlei wetenschappelijk ontworpen programma’s, die in feite de maatschappij moeten dwingen aan bepaalde politieke en economische voorstellingen te beantwoorden. Dat ‘dwingen’ gaat bepaald niet zachtzinnig! Wat de politiek, de economie en dergelijke machtige instellingen om hun doel te bereiken aan terroristisch geweld toepassen blijkt – als je het eenmaal in de gaten hebt – onvoorstelbaar te zijn. De burgers staan er doorgaans niet bij stil want het is sinds ongeveer een eeuw ingeslopen in het gehele leven en denken. Het valt daardoor nauwelijks nog op, behalve als men er op een gegeven moment zelf de dupe van wordt. Bijna dagelijks wordt men geconfronteerd met regels en dwingende voorschriften die allemaal hun oorsprong vinden bij managers die bezig zijn hun eigen (aangeleerde) voorstelling van de werkelijkheid te realiseren. Dat is dus geen ‘besturen’ maar ‘regeren’, dat wil zeggen: de werkelijkheid en dan speciaal het leven niet met rust te laten maar haar in een bepaalde constructie te forceren.

Managers kunnen zelfs per definitie niet eens besturen, juist doordat zij aan een bepaalde voorstelling gebonden zijn. Dat betekent logischerwijs ook dat hun activiteiten onverbiddelijk op een fiasco uitlopen. De werkelijkheid laat zich immers niet in constructies en protocollen persen. Zij breekt daar telkens weer uit en dan bedenkt de manager in arren moede de zoveelste aanpassing, die vervolgens alles nòg verwarder maakt totdat eindelijk de hele zaak instort. Het is uitgesloten dat hij of zij ooit op het idee zal komen dat de alles verziekende waan van de maakbaarheid de oorzaak van de almaar toenemende ellende is.

 

De moderne democratie is zo langzamerhand geheel in handen van de managers, dat wil zeggen de ‘deskundige’ managers. Hun kwaliteiten zijn gebaseerd op de opleiding die zij genoten hebben. Zij danken hun ‘wijsheid’ aan de lessen van leraren die op hun beurt ook weer door leraren opgeleid zijn – en zo kun je almaar verder terug gaan. Het is bijgevolg onvermijdelijk dat het hele vakdenken verstoken is van enige fundamentele ontwikkeling, men blijft in principe altijd maar op dezelfde grondprincipes voortborduren. Als er al van enige ontwikkeling gesproken kan worden gaat het over aanpassingen die als zodanig het karakter van het betreffende denksysteem niet aantasten, behalve dan dat de hele zaak steeds ingewikkelder en onbegrijpelijker wordt.

Intussen wordt het steeds meer onmogelijk het systeem te doorbreken. Daarover kunnen onconventionele denkers meepraten. Zij worden verguisd, belachelijk gemaakt en beticht van ‘ondeskundigheid’, terwijl het publiceren van hun ideeën zoveel als mogelijk wordt gehinderd. Er zijn talloze voorbeelden van zulke baanbrekende vaklieden die vaak letterlijk kapot gemaakt zijn door officiële ‘deskundigen’.

Het is die kliek van managers die zich de moderne staat toegeëigend heeft en daarbij prat gaat op zijn ‘wetenschappelijke’ vorming die voorschrijft hoe de zaken geregeld dienen te worden. Dat wordt daarbij zo autoritair doorgezet dat het met recht getypeerd kan worden als ‘de dictatuur van het management’.

 

Het op de wetenschap gebaseerde managersdenken is de maat geworden voor het regeren van de moderne staat. Al het andere in de bevolking levende denken en gevoelen wordt gediskwalificeerd als ondeskundig en dus onbruikbaar. De managers zijn voortdurend bezig dat duidelijk te maken. Iedereen die zich richt op het denken van de ‘gewone’ burger wordt onbarmhartig uitgemaakt voor ‘populist’, dat wil zeggen dat het iemand is die volgens het management ten onrechte het volk en zijn denken serieus neemt en daar openlijk voor uitkomt. Het uiteraard onwetenschappelijke populisme is dan ook een gruwel in de ogen van de o zo hoog opgeleide managers.

Nu is het misleidende van het managementsdenken dat daarin de oorspronkelijke uit de 19e eeuw stammende simpele idee van ‘besturen door het volk’ geniepig weggemoffeld is. Zo hebben ze het bij de huidige VVD maar liever niet over het feit dat zij ‘Volkspartij voor vrijheid en democratie’ heten en de leiding van de PvdA heeft het koor ‘De Stem des Volks’ monddood gemaakt. Men mocht eens van populisme beschuldigd kunnen worden!

 

Besturen berust behalve op bekwaamheid in de eerste plaats op visie. Het is het zicht op de werkelijkheid dat ons leert begrijpen welke weg de mens in haar ontwikkeling gaat. Essentieel is dat hierbij de mens zèlf de maat is en niet een robot die door iemand, op grond van de een of andere theorie, bedacht is. Het zich baseren op de weg van de ontwikkeling betekent niet dat men alles op zijn beloop laat; het gaat er wel degelijk om er voor te zorgen dat alles in goede banen geleid wordt, hetgeen juist op grond van dat inzicht mogelijk is. Zoals je bij het verzorgen van een plant zorgt voor optimale condities zonder ter wille van het een of andere economische belang zo’n plant in een bepaalde richting te forceren. Nu laat een plant, de natuur, zich niet gemakkelijk de wet voorschrijven, maar bijvoorbeeld bij de opvoeding van de kinderen is zoiets heel gewoon: men jaagt allerlei ideeën na in de overtuiging dat het tot een beter mens zal leiden en daarbij richt men vrijwel altijd een grote en onherstelbare schade aan bij het opgroeiende kind. Dat is dan weer ‘voer voor psychologen’ die naarstig met onnavolgbare verklaringen en daarop gebaseerde therapieën komen aandraven waardoor de beschadigingen nog groter worden, overigens net als hun bankrekeningen! Kortom, dit hele gemanipuleer heeft niets met besturen te maken maar alles met de behoefte het leven te construeren, met als tragisch en bijna niet herkenbaar gevolg dat de mensen kwalitatief (ver) onder de maat blijven. Zij voelen zich terecht niet thuis in de wereld waartoe zij geconditioneerd zijn, zonder er achter te kunnen komen wat hen werkelijk dwars zit.

 

Vooral in fundamenteel linkse kringen wil men graag de Westerse wereld van ‘imperialisme’ beschuldigen. Dat is niet geheel onterecht want het gedrag van de Westerse machten is nu niet bepaald een voorbeeld van menslievendheid als het om een groot deel van de bewoners van de arme landen gaat. De fraai opgepimpte ‘ontwikkelingshulp’ is niet meer dan valse ‘window-dressing’ die tot doel heeft te verbergen dat het Westerse bedrijfsleven nog altijd grof verdient aan die zogenaamde ‘Derde Wereld’. En het is eigenlijk niet correct van ‘verdienen’ te spreken: het is een ongebreidelde vorm van plunder, diefstal en uitbuiting. Er is niet de geringste intentie om die achtergebleven medemensen effectief naar een menswaardig bestaan te begeleiden. Het begrip samenleving heeft geen betekenis meer en zij mogen sinds de hegemonie van het managementsdenken niet meer verzorgd worden: zij leveren immers geen rendement op, maar kosten daarentegen veel geld en energie.

Ook hier weer een veelzeggend staaltje van kortzichtig economisch denken: een volwaardig leefbare houten blokhut bijvoorbeeld kost bij Gamma zoiets van 1500 euro, een fractie van het bedrag dat de Westerse landen uit moeten geven voor het intens schijnheilige ‘helpen’ van de honderdduizenden vluchtelingen die thans het Westen overstromen. En het slaan van waterpompen en het bouwen van schooltjes is daarbij vergeleken ook pinuts. Een grote gezamenlijke actie van de ‘Verenigde’ naties, waar die arme sloebers toch ook toe behoren (?), zou voor hen en voor het Westen de basale problemen op kunnen lossen en wel tegen aanzienlijk minder kosten. Maar nee, men blijft onverdroten voortgaan met roven en branden, stelen is (lijkt) rendabeler…

 

Het imperialisme is een van de vele voorbeelden van het zich verwerkelijken van een fundamentele oerverhouding. Dat verwerkelijken begint per definitie altijd corrupt omdat het zich om te beginnen afzet tegen de reeds gerealiseerde voorgaande fase. In het geval van het imperialisme gaat het in feite over het zich uitleggen van de analytische, en dus aanvankelijk Westerse, cultuur over de gehele wereld. Maar dat gebeurt dan onvermijdelijk volgens de oude, er aan voorafgaande, principes: die van onderwerping, diefstal en uitbuiting. En dat gaat gepaard met een diepgeworteld besef van superioriteit dat als vanzelfsprekend een niets ontziende machtswellust opwekt.

Het vanuit een humaan-sociaal standpunt door de ‘linkse’ denkers veroordelen van het imperialisme berust dus in zoverre op een denkfout dat het slechts gaat om het begin van een nieuw proces en niet om het proces zèlf. Dit begin is tweeslachtig: enerzijds is daar het ouderwetse misdadige plunderen en schenden van de integriteit van mensen en anderzijds het zich realiseren van een universele zaak, dus iets wat over de gehele wereld absoluut geldig is, ongeacht allerlei plaatselijke politieke en culturele verschillen.

Die ‘vooruitgang’ is lang niet zo prettig als hij lijkt, om te beginnen brengt hij grote ellende met zich mee. Dat is tegenwoordig vooral het geval bij de betrekkelijk primitieve volkeren die lange tijd onderworpen waren aan Westers kolonialisme. Die slagen er, vanwege hun verleden als minderwaardige inlanders, om te beginnen nauwelijks in iets terecht te brengen van hun eigen bewustwording als individu. Zij staan nog in het teken van een armoedig zelfbewustzijn. Onderlinge strijd is het gevolg…

 

Het begin van elke nieuwe cultuurfase is in wezen discriminerend van karakter, uiteraard doordat in principe de voorgaande cultuurfase min of meer bewust ontkend wordt (het voorgaande-niet). De moderne overgang evenwel naar de mens als individu is extra discriminerend. Eigenlijk is het de meest onmenselijke fase op de weg die uiteindelijk (!) tot volwassenheid moet leiden. Iedereen gaat zichzelf als persoon onderscheiden van ‘de anderen’ en zich opstellen als de enige die recht van bestaan heeft. In de grond van de zaak mogen die ‘anderen’ er helemaal niet zijn; uiteraard zijn zij in de praktijk wel degelijk aanwezig, maar het is een er-zijn op ontkende wijze. Die fase van de culturele ontwikkeling is te benoemen met het begrip egoïstisch individualisme. IK staat dan centraal in de werkelijkheid.

Bij de volkeren uit de voormalige koloniën komt dat egoïstische individualisme heel vaak in alle gruwelijkheid voor de dag, als moord, verkrachting en plunder, maar de mensen uit de wat verder ontwikkelde gebieden (het Westen!) doen het allemaal wat subtieler via economisch en politiek getreiter, zoals het voortdurend bedenken van ‘democratisch’ goedgekeurde systemen om de ‘anderen’ te bestelen en tegelijkertijd te onderwerpen aan talloze geraffineerde wurgwetten en voorschriften.

Het genoemde beginproces van de individualisering heeft nergens ter wereld al een enigszins redelijke voortgang geboekt. De enige noemenswaardige vooruitgang is die van de zogenaamde democratie. Die wordt dan ook overal gepropageerd, maar goed beschouwd is ook dat niet meer dan een ogenschijnlijk ‘humane’ methode om de strijd van allen tegen allen straffeloos te kunnen voeren.

 

Vaak komt bij de confrontatie met bepaalde gebeurtenissen de vraag op of het allemaal wel ‘waar’ is wat er, bijvoorbeeld op de televisie, vertoond wordt. Dat die vraag gesteld wordt en dat de kijkers het niet erg vertrouwen is volkomen logisch: meer dan wie ook manipuleren de media het nieuws, als regel op het niveau van de kroeg omdat zij scoren moeten bij het grote publiek. Alleen dat al is een geldig argument om van mening te zijn dat het al leugen en bedrog is wat de klok slaat.

Toen zo’n tien jaar geleden in de Kongo (?) op grote schaal gemoord en verkracht werd ging er, volgens een bekende Nederlandse cameraman, geen enkele filmploeg het veld in om die gruwelijke taferelen te verslaan. Tegen een geringe vergoeding had de plaatselijke bevolking de afschuwelijk verminkte lijken klaargelegd op het voorterrein van het dure hotel waar de mensen van de Westerse media in betrekkelijke luxe vertoefden. Een ernstig staaltje van bedrog dus en de argeloze kijkers trapten er gretig in…

Ondanks al dat bedrog is niet te zeggen dat er gèèn moordpartijen gaande waren of dat het allemaal zo erg niet was. Of misschien wel allemaal leugens. De vertoonde beelden waren inderdaad gemanipuleerd, zij waren feitelijk niet juist, maar toch gaven zij een beeld van wat er waarlijk aan de hand was en dus kon men, er doorheen kijkend, misschien wel extra helder, de ‘waarheid’ zien!

Dat is ook altijd het geval in de (echte!) literatuur: de schrijver bedenkt een heel verhaal dat eventueel wel geïnspireerd is door bepaalde gebeurtenissen, maar dat er helemaal geen letterlijk verslag van is. Toch laat het – als het goed is – zien hoe het met mensen gaat in bepaalde culturen en onder bepaalde omstandigheden. En juist daar ligt de zinvolle vraag naar de waarheid. Toelichtingen bij een bepaald verhaal zoals “het is waar gebeurd” zijn dan ook onzinnig en uitsluitend bedoeld om onnozele lieden over te halen om te gaan lezen. Kassa.!

Van het hierboven betoogde over het begrip waarheid zijn sprookjes wel het meest treffende voorbeeld. Zij vertellen over onmogelijke gebeurtenissen, onbestaanbare feiten, maar toch spreken zij de waarheid. De culturele waarheid zogezegd. En die staat los van de toevallige en plaatselijke ‘feiten’ waar vrijwel iedereen zich in een zekere verblinding op baseert.

 

Nadenken over de essentie van het sprookje roept als vanzelf de vraag op naar de werkelijke betekenis van de moderne wetenschap en de filosofie. Die vraag is bepaald actueel omdat enerzijds de wetenschap pretendeert dat haar uitspraken en resultaten aanspraak kunnen maken op ‘waarheid’, in die zin dat zij juist zouden zijn. En anderzijds omdat de moderne filosofie zich op overeenkomstige wijze rechtvaardigt en daarbij als vanzelfsprekend claimt ook een wetenschap te zijn met alle daarbij behorende methodieken van onderzoek en verificatie.

Als je de miserabele kwaliteit van het huidige denken kent behoeft het je niet te verbazen dat de pretenties van de wetenschap en de filosofie geheel en al onhoudbaar zijn, en wel om de volgende redenen: de zogenaamde juistheid van wetenschappelijke kennis heeft betrekking op het plausibel zijn van bepaalde veronderstellingen die als resultaat van onderzoek, analyse en theorievorming naar voren zijn gekomen. Die veronderstellingen hangen ten nauwste samen met de aard van dat onderzoek en de daarop toegepaste (in wezen statistische) analyse. Dat betekent dat er op geen enkele manier van ‘waarheid’ gesproken kan worden, hetgeen onmiddellijk al duidelijk blijkt uit het feit dat er steeds verschillende opvattingen en theorieën mogelijk zijn en dat die voortdurend ontkend worden om plaats te maken voor nieuwe, die op hun beurt ook weer onderuit gehaald worden, enzovoort… Dit allemaal gebaseerd op onderlinge overeenstemming binnen een zo groot mogelijke groep van wetenschappers: het beruchte ‘forum der wetenschap’!

Met de filosofie zit het totaal ànders. Het gaat daarbij niet om de ‘plausibele juistheid’ van bepaalde veronderstellingen, op grond van onderzoek en analyse, maar om de absolute ‘waarheid’ zoals die op meer of minder heldere wijze al denkend verbeeld wordt. Het is ‘de waarheid van het sprookje’. Het gaat bij die waarheid niet om de vraag of het allemaal concreet en aantoonbaar juist is, maar om de vraag of er inzicht aan ten grondslag ligt. Dus draait alles om het ‘zien’ van de werkelijkheid. Het resultaat daarvan zal bij de verschillende mensen als beeld onvermijdelijk meer of minder helder zijn, maar de achterliggende waarheid is steeds de werkelijkheid zelve, universeel en voor een ieder gelijk: de ‘ware objectiviteit’!

Dit alles leidt nu tot de conclusie dat de filosofie in het geheel niet tot de wetenschappen behoort, maar daarentegen tot de kunsten, niet berustend op onderzoek en analyse en als uiting strikt persoonlijk. Er valt dan ook niets te bewijzen, te berekenen en te ‘onderbouwen’ (zoals men tegenwoordig zo graag wil) en ook is het nimmer van belang of iemand anders het ermee eens is. Die waarheid staat of valt niet met het aantal instemmers. Het is wezenlijk een ‘eenzame’ zaak die echter wèl door anderen herkend kan worden zonder dat daar een geraffineerd ‘bewijs’ of een toelichting voor nodig is – precies zoals dat (als het goed is) ook met de andere kunsten het geval is.

 

Modern denkende lieden hebben geen boodschap aan ‘zien’ en ‘inzicht’. Alles moet immers overtuigend aangetoond worden en ook nog voorzien zijn van de instemming van gezaghebbende onafhankelijke ‘deskundigen’. Alleen maar als iets aan die voorwaarden voldoet zijn die moderne denkers bereid de zaak voor juist aan te nemen en die vervolgens als ‘objectief’ te waarderen. Het tragische hiervan is dat er geen sprake van objectiviteit kan zijn, maar daarentegen van ‘aannemelijk gemaakte subjectiviteit’, berustend op de macht van het getal van instemmers. Die subjectiviteit is onlosmakelijk verbonden met de toevallige cultuurvoorstellingen van de betreffende mensen en dus volslagen relatief van aard. Dat men het toch als een objectieve zaak beschouwt is gevolg van het materiële karakter van de moderne westerse cultuur: slechts het aantoonbare bestaat werkelijk als een onmiskenbare realiteit, mits het door de meerderheid van het wetenschappelijke ‘Forum’ ondersteund wordt. De rest is fantasie, onbetrouwbaar en bedrieglijk..!

Het is eigenlijk verbazingwekkend dat een dergelijk primitief begrip van objectiviteit zo algemeen aanvaard en als de maat gesteld wordt, terwijl tegelijkertijd op grond van verifieerbaar bonafide onderzoek het herzien en bijstellen van wetenschappelijke theorieën aan de orde van de dag is. En dan gaat men ook nog achteloos voorbij aan de talloze meningsverschillen over vrijwel alle wetenschappelijke onderwerpen. Het is evident dat het ‘een objectiviteit van niets’ is, een schijn objectiviteit.!

Dat primitieve gedoe echter doet niets af aan de betekenis van de wetenschappelijke kennisvergaring, het is in feite het enige dat de mens praktisch kan. Hij zou zonder dat helemaal niet hebben kunnen leven en overleven. Het is zelfs zo dat de waan van objectiviteit volstrekt noodzakelijk is voor het mogelijk maken en veilig stellen van het menselijk bestaan op een wezenlijk mensvijandige planeet, de aarde…

 

Heeft de planten- en dierenwereld de beschikking over talloze uiterst effectieve natuurlijke voorzieningen om het leven, overleven en voortbestaan mogelijk te maken, de mens heeft niets van dit alles. Hij heeft geen pels om zich warm te houden, geen klauwen om een prooi te grijpen, geen darmstelsel om de prooi te kunnen verteren en bovendien deugt hij niet voor de jacht omdat hij zo traag is als een schildpad. De mens verschijnt op de planeet als een in wezen onmogelijk geval. Hij is inderdaad ‘de Kroon der Schepping’, want het begrip kroon verwijst immers naar onnatuurlijke nutteloosheid die als zodanig de kwaliteit is van een werkelijkheid voorbij het bestaande. De mens behoort daartoe omdat hij de laatste mogelijkheid van de evolutie is en zodoende tegelijkertijd de absolute ontkenning daarvan. Het begrip de laatste is namelijk een ‘dubbelbegrip’ dat een bevestiging èn een ontkenning tegelijkertijd is. De mens is qua wezen die ontkenning! Zo is hij om zo te zeggen “de evolutie niet” en dat betekent dat er voor hem geen ‘wording’ meer geldt; hij wordt niets meer, hij is onmiddellijk iets en daarvoor geldt geen ‘wording’ maar ‘ontwikkeling’. Zelfs de allereerste mens op de planeet is onmiddellijk volledig ‘mens’, hij gaat zich niet verder evolueren maar wel zich ontwikkelen tot uiteindelijk een zelfbewust verschijnsel. De lijdensweg van de mensen op aarde is, in tegenstelling tot wat gewoonlijk gedacht wordt, niet een proces van evolutie, van een ander en beter mens worden, maar van het realiseren van oneindige, in aanvankelijke duisternis klaarliggende, mogelijkheden. Dat leidt tot een steeds helderder zelfbewustzijn.

 

Het wezenlijke onderscheid tussen de mens en de overige natuur is er niet in gelegen dat de mens zou kunnen denken – zoals de geleerden ons willen doen geloven –  maar in het gelden van de werkelijkheid als zelfbewustzijn. Denken kunnen de dieren ook en op een zeker niveau ook de planten, hetgeen onder andere hieruit blijkt dat zij allemaal voortdurend keuzes maken. De kat loopt om een obstakel heen en niet er tegenaan. Zo vertonen alle levende wezens een weloverwogen gedrag, berustend op hetgeen zij kunnen onderscheiden. Het zien van onderscheid tussen het een en het ander is daaraan voorondersteld en dat is nu precies waar het bij ‘denken’ over gaat. In tegenstelling tot bij de mens gaat dat ‘denken’ bij de natuurlijke verschijnselen geheel onbewust, het is bij hen een ingeboren programma dat automatisch en intuïtief verloopt. Omdat dit, zoals bij de mens, geen zelfbewust proces is leidt het niet tot kennis. Kennis is een zich vormende inhoud van het zelfbewustzijn. Het is uitsluitend een zaak van mènsen.

Het zelfbewustzijn berust op deze situatie dat de mens, als laatste mogelijkheid, onmiddellijk zichzelf als verschijnsel (materie) ontkent en daardoor zichzelf als een object gaat ervaren. Hij komt als het ware ‘tegenover zichzelf’ te staan en kan daardoor zichzelf van al het andere onderscheiden. Hij ‘herkent’ zichzelf en dat is precies de betekenis van het begrip zelfbewustzijn. Aan dit zelfbewustzijn is de ontkenning van de werkelijkheid als verschijnsel voorondersteld – het totale verschijnsel wel te verstaan, want dat is het wat voor de mens als ontkenning geldt. Praktisch betekent dit dat wij mensen in principe àlles kennen. Zeker de moderne mens is hard bezig dit te realiseren, maar aan dat vergaren van kennis zal nimmer een eind komen omdat de wereld der verschijnselen in zichzelf, zowel in de diepte als in de breedte, oneindig gedetailleerd is. Het onderzoek daarvan stuit dan ook op almaar kleinere details. Maar niet alleen valt dit er over te zeggen, ook is deze oneindigheid er de oorzaak van dat de wetenschap (zoals al eerder aangetoond) geen absoluut juiste voorstelling van de werkelijkheid biedt, maar een verzameling ‘juiste’ veronderstellingen is.

 

Het geloof in goddelijke machten bestaat inhoudelijk uit een verzameling veronderstellingen, die echter geen aanspraak kunnen maken op juistheid (waarheid), ontsproten aan wilde fantasieën als zij zijn. Daarin zijn de meest dwaze gedachtespinsels mogelijk die met veel overtuiging kenbaar gemaakt worden. Maar die spinsels zijn onsamenhangend en dus vals, ze zijn zogezegd ‘uit de lucht gegrepen’. Doorgaans wordt er iets onwaarschijnlijks bij gehaald om een verband tussen het een en het ander te leggen: “God stuurde zeven plagen over Egypte”!

Toch is er met al die fantasieën over goden, godinnen en duivels iets merkwaardigs aan de hand, dat er aanleiding toe geeft de zaak niet zonder meer als onzin te verwerpen: in de grond van de zaak wordt er verwezen naar oerverhoudingen die wel degelijk voor de werkelijkheid gelden. Die worden, vooral in oude culturen, vagelijk beseft om vervolgens op primitieve wijze verwoord te worden. Zo is bijvoorbeeld de figuur van Jezus als ‘Zoon van God’ niets anders dan een metafoor voor de ware mens. Hij is niet langer ondergeschikt aan die aanvankelijk als ‘hoger’ besefte werkelijkheid (God), maar hij is die werkelijkheid geheel en al zèlf. En Maria is als de ‘moeder’ van die Jezus de werkelijkheid naar haar vrouwelijke aspect: het enige dat er werkelijk is, dat àl het bestaande inhoudt en dat tegelijkertijd geheel vanuit zichzelf (zonder aanzet van buitenaf) alles voortbrengt. In talloze variaties is uitdrukking gegeven aan essentiële grondverhoudingen die uitlopen in het vrouwelijke: de maagdelijke ‘hemelkoningin’ Maria…

 

In vrijwel alle culturen culmineert het wordingsproces in de mens als man. Alles wat er is wordt gezien als aan de man voorafgaand en dus van een lager niveau. Dat geldt dan als vanzelfsprekend ook voor de vrouw en het vrouwelijke. Die zijn aan hem onderworpen en men associeert haar wezen dan ook steeds met de natuur en het natuurlijke, duister, onberekenbaar, wellustig, enzovoort. De man daarentegen staat model voor het allerhoogste, de niet-materiële heldere werkelijkheid, die doorgaans benoemd wordt met het begrip geest. Hij heet dan ook de ‘Kroon der Schepping’!

Een rampzalige culturele blunder: in feite loopt de zaak helemaal niet uit in het mannelijke en de man maar in het vrouwelijke en de vrouw. Weliswaar staat de man voor ‘alles wat er is’, oftewel voor ‘het totaal’, maar dat ‘totaal’ is de onverbrekelijke inhoud van het vrouwelijke, dat enigszins ouderwets ‘het geheel’ genoemd kan worden. Zolang de mensheid om te beginnen nog onvolwassen is staat de verhouding ‘mannelijk–vrouwelijk’ volledig op zijn kop en dat is, hoewel onvermijdelijk, een ramp voor de mensheid. Wat namelijk alles bepalend is bij die onvolwassen culturen – inclusief de modern westerse – is de in zichzelf onsamenhangende beschouwing van de werkelijkheid. Het een wordt steeds als los van het ander gezien zonder dat zij samenkomen in een geheel waarin alles met alles verbonden is. De onvolwassen mannelijke werkelijkheid hangt in zichzelf als los zand aan elkaar, reden waarom de onvolwassen mensen, van welke deelcultuur dan ook, almaar vertwijfeld bezig zijn slagorde in de zaak aan te brengen. Juist tegenwoordig (2015) is duidelijk te zien dat dit uit de hand loopt en dat voor de mens de werkelijkheid bezig is uit te lopen in een ratjetoe van politieke en juridische regelingen, contracten en voorschriften die echter geen van alle tot een functionerend geheel leiden. Sterker nog, steeds meer mislukken alle pogingen om orde in de chaos te scheppen. De mensen voelen zich meer en meer ‘van God verlaten’ en zoeken tevergeefs naar een tehuis – vaak letterlijk!

 

De mensheid is zo langzamerhand uitgemond in een verzameling relaties, dat wil zeggen: verbindingen tussen de ene mens en de andere. Vooral de moderne communicatiemiddelen intensiveren dat netwerk. Iedereen is, bijwijze van spreken, bereikbaar voor iedereen. Toch is er volstrekt niet te spreken van ‘één wereld’, een ‘mondiale’ gemeenschap. Het is zelfs zo dat het ontbreken van samenhang almaar duidelijker wordt en dat de wereld ten prooi valt aan een niet te stillen onrust. Ondanks de communicatie – eigenlijk beter: ‘dankzij’ – treedt de wrijving tussen de een en de ander pijnlijker op de voorgrond. De onderlinge relaties krijgen het karakter van twisten, rijkelijk gevoed door wantrouwen, afgunst en egoïsme.

Het complex van relaties, in allerlei vormen, is datgene dat wij kennen als de mensheid als maatschappij. Die opvatting over de mensheid is tegenwoordig alles overheersend, zozeer zelfs dat er nauwelijks nog enig benul is van iets anders: de mensheid als samenleving. Dit begrip berust niet op de relaties tussen de afzonderlijke mensen maar op het begrip overgang. Het is te omschrijven als het besef dat de ene mens op zijn eigen specifieke wijze de andere mens is. Ten eerste betekent dit dat de mensen in de grond van de zaak één, in zichzelf samenhangend, organisme vormen en ten tweede dat de verschillen tussen de mensen berusten op hun persoonlijke mens-zijn.

Als mogelijke verduidelijking zou kunnen dienen: het begrip relatie betekent dat elk mens een unieke zelfstandigheid is die door een ‘brug’ over de kloof tussen hem en de ander verbonden is met die ander en het begrip overgang betekent dat hij op zijn wijze die ander is. In die zin gaat hij in de ander over. Dit laatste is, zodra de analyse in de cultuur een rol gaat spelen – na de Oudheid, te beginnen met de Romeinen – gedoemd in de praktijk lange tijd steeds meer op de achtergrond te geraken. Tegenwoordig werkt het begrip overgang uitsluitend nog door in de in de diepte verborgen sferen van het zelfbewustzijn. Het laat zich gelden als een vertwijfeld, maar onbegrepen, zoeken naar vrede, rust en veiligheid, terwijl daar tegenover staat een overspannen hang naar vergetelheid, doormiddel van oppervlakkige ontspanning zoals spelletjes, vakantie en sport. Tegelijkertijd broeit er onder de mensen een stille wanhoop over de toekomst van de wereld en zijn ongelukkige bevolking…

 

Het is onder de tegenwoordige intelligente domkoppen een graag geventileerde opvatting dat de mens een ‘sociaal dier’ zou zijn, een verschijnsel dus dat van nature sociaal ingesteld is. Even los van de vraag wat die slimmeriken onder het begrip sociaal verstaan blijkt wederom dat men geen enkel begrip heeft van de situatie waarin het laatste verschijnsel, de mens, zich bevindt. Zo dichten de denkers de mens ook toe dat hij (de mens wordt gewoonlijk mannelijk gedacht, hetgeen fout is, maar wel in overeenstemming met het spraakgebruik) in wezen een kuddedier is dat niet kan functioneren buiten een groep, een gemeenschap en velerlei andere gegeven verbanden. Daarentegen wordt het essentiële karakter van dat laatste verschijnsel juist gekenmerkt door ‘absolute eenzaamheid’, een volstrekt ‘op zichzelf staan’ zonder aan wat dan ook gebonden te zijn. Uiteraard komt dat mee aan het feit dat de mens het ‘laatste verschijnsel’ is. Het is de absolute ontkenning van alles wat er aan voorafgegaan is, namelijk de wording van het verschijnsel. Zo is de mens in wezen ‘het verschijnsel niet’.

Alle menslievende kwalificaties slaan nergens op. We hebben te doen met de absolute negatie en dus is er in geen geval van iets sociaals of iets dergelijks te spreken. Als volkomen op zichzelf staande enkeling is hij eigenlijk de vijand van iedereen en iedereen is zijn doodsvijand. Dat is dan ook het beeld dat de geschiedenis van de mensheid in essentie laat zien: een almaar voortdurende onderlinge strijd van zowel individuen als groepen en het is juist, hoe paradoxaal (!), dàt gevecht dat er toe leidt dat de mensen met elkaar relaties aangaan en met elkaar tot samenleven komen. En die merkwaardige ontwikkeling komt niet voort uit nood, als een oplossing voor het probleem, maar daarentegen uit de ontdekking dat voor ‘de ander’ precies hetzelfde geldt – een positieve zaak dus! Het gaat niet om iets afschaffen of beletten, maar om iets tot zijn recht te laten komen en zo is alles wat de mensheid aan groots oplevert een direct of indirect gevolg van die ontdekking. In de eerste plaats geldt dit voor al datgene dat wij met ‘sociaal’ benoemen.

 

Het sociale in de mensen is geen intuïtieve zaak die zich zogezegd onbewust gelden laat, zoals de goegemeente van intellectuelen wil, maar een volledig zelfbewuste. Het vormen van relaties en het komen tot samenleven is een kwestie van ‘willen’ en dus van zelfbewuste helderheid. Het is geen ingeboren eigenschap van het verschijnsel ‘mens’. De mens is geen kuddedier dat afhankelijk is van de groep. Het gaat om de ‘wil’ om sociaal te leven. Dat de mensen dat willen is volkomen logisch: zij worden immers onontkoombaar geconfronteerd met het feit dat ook de ander bestaat, voor wie precies hetzelfde geldt. Qua zelfbewustzijn hebben wij dus altijd van doen met ‘Ik en de Ander’ en dat is de grondtoon van alle onderlinge strijd van de mensen. Die ‘ander’ is om te beginnen – en afgrijselijk lange tijd – een sta in de weg die dan ook uit de weg geruimd moet worden, wat letterlijk gebeurt (vermoorden) en ook figuurlijk doormiddel van overeenkomsten (relaties).

Wat dit laatste betreft is daar dan de schrijnende paradox dat bijvoorbeeld ‘democratische’ politici er enerzijds van overtuigd zijn zich in te zetten voor goede relaties in de vorm van een ordelijk georganiseerde samenleving en dat zij zich anderzijds niet of nauwelijks realiseren dat zij dit alleen maar kunnen doen door negatief  te denken en te handelen, wat wil zeggen: het onmogelijk maken en zelfs verbieden van allerlei zaken die in strijd zijn met hun ideale voorstelling. Hun ‘besturen’ komt dan ook steevast neer op ‘regeren’: het afdwingen van hun eigen wereld en het tegenhouden van vrije en spontane ontwikkelingen. Politici en andere machthebbers hinderen met hun geregel onvermijdelijk zowel de maatschappij als de samenleving, zij bevorderen die ten enenmale niet, maar verpesten de boel!

Het is dan ook geen wonder dat alle vooruitgang ten koste van ‘bloed, zweet en tranen’ bevochten moet worden. Steeds weer stuit men op de onwil van tirannieke overheden. Logisch, want bij hen komt de inhoud van het begrip vooruitgang neer op het almaar meer vergroten van hun macht teneinde hun arrogante voorstelling van de wereld te realiseren.

 

Friedrich von Schiller dichtte in zijn lofdicht Ode an die Freude (1785): ‘Alle Menschen werden Brüder’. Slechts weinige denkers hebben zich gerealiseerd hoe essentieel het begrip werden is. Het houdt namelijk in dat broederschap zo vanuit zichzelf niet bestaat (de mens is de absolute enkeling), maar dat het daarentegen iets is dat verworven wordt via een ontwikkelingsproces. Sinds het managersdenken halverwege de 20ste eeuw definitief doorgebroken is gaat het daarentegen in de intellectuele wereld over de mening dat een goede wereld gemààkt moet worden, vanzelfsprekend volgens de regels van de wetenschap. Het begrip worden heeft dan niet meer de betekenis van zich ontwikkelen via eigen intrinsieke (verhelderings)processen (1), maar van construeren met behulp van geldend geachte criteria en formules. Het komt er dan op neer dat de menselijke werkelijkheid in bepaalde ‘bedachte’ systemen geforceerd wordt, dus in een bedenksel dat net zo tijd- en plaatsgebonden is als de wetenschap zèlf.

Maar niet alleen dat: de eigen intrinsieke (verhelderings)processen (2) worden onmogelijk gemaakt, verloederd en verziekt. Het behoeft dan ook niet te verbazen dat de moderne mensen in toenemende mate van hun wezenlijke werkelijkheid vervreemden en stuurloos gaan ronddolen. Waren het vroeger de geestelijke en maatschappelijke tirannen die ernaar streefden de mensen aan hun wil te onderwerpen, thans zijn het de politieke en wetenschappelijke managers die daarmee bezig zijn. En deze laatsten doen dat met steeds meer succes, omdat zij geen concreet geweld meer behoeven te gebruiken, vanwege de bijna niet te doorbreken overtuigingskracht van het wetenschappelijke ‘1 plus 1 is 2’, een absolute waarheid die door niemand tegengesproken kan worden. Er is niets zo funest voor de mensheid als een voor macht misbruikte wetenschap zoals dat in de westerse analytische cultuur het geval is.

Intussen is de mensheid er almaar beroerder aan toe, totdat – hoe treurig dat vooruitzicht! – er alleen nog maar wanhoop en chaos overgebleven is. Maar gelukkig is het nu juist die totale ontbinding die de basis zal zijn voor de terugkeer van het èchte humane ontwikkelingsproces dat (tergend)langzaam naar volwassenheid leidt.

 

Er wordt beweerd dat de moderne wetenschap ‘universeel’ van karakter zou zijn. Dat echter is maar betrekkelijk waar. De op een bepaald moment ontdekte en op dat moment niet te weerleggen wetenschappelijke feiten worden na wereldwijde methodische verificatie erkend en over de gehele wereld voor juist verklaard. In zoverre is de zaak universeel, maar dat wil bepaald niet zeggen dat hij in absolute zin ‘waar’ en dus universeel is. Het voortschrijden van het wetenschappelijke denken en onderzoek levert onvermijdelijk straks weer nieuwe inzichten en feiten op. En dat hoort ook zo, het is immers de essentie van wetenschap om steeds dieper en gedetailleerder in de werkelijkheid door te dringen. Daarom is het beslist correcter om van plausibele veronderstellingen te spreken en precies die zijn dus, als het over de wetenschap gaat, in relatieve zin universeel.

Toch vertoont de mensheid een complex van verschijnselen waarvan gezegd kan worden dat die ‘absoluut universeel’ zijn. Dan gaat het over alles wat wij kunnen samenvatten onder het begrip kunst. Het karakteristieke van de kunsten is dat zij niet gebaseerd zijn op analytisch onderzoek dat uitloopt in een algemene consensus, maar op het zien en ondergaan van de werkelijkheid als beeld, vaak aangeduid als ‘de werkelijkheid àchter de dingen’. Dat beeld is een absoluut universele aangelegenheid die zonder mankeren voor ieder mens geldt, of die er nu weet van heeft of niet. Ruw gezegd: de werkelijkheid als beeld is in en voor ieder individu dezelfde. Het zien en ondergaan ervan leidt evenwel tot een schier oneindige hoeveelheid uitingen, afhankelijk van de toevallige cultuur en persoonlijkheid van de kunstenaar. Door die variëteiten is het voor de meeste mensen nauwelijks mogelijk het universele in de kunst te zien, zeker als het gaat over wat wij als de ‘moderne’ en ‘eigentijdse’ kunst hebben leren kennen. In die kunst wordt namelijk niet een uitdrukking van het universele gezocht (schoonheid en harmonie bijvoorbeeld) maar juist van het bijzondere, het op zichzelf staande.

Vandaar dat de moderne kunstenaar almaar probeert ‘origineel’ te zijn, met ‘iets nieuws’ te komen omdat hij van mening is dat het universele – àls hij daar al enig benul van heeft! – geen keuze biedt. Hij verkondigt dan dat “alles al een keer gedaan is” en dat het dus weinig zin heeft om “het wiel nog eens uit te vinden”. Maar uit de ontelbare bijzondere dingen kan hij onbelemmerd een keuze maken en er daarbij op letten met iets te komen wat nooit eerder vertoond is. Zo verwordt de kunst tot een wedstrijd in originaliteit en de grootste kunstenaars (eigenlijk letterlijk ‘kunstenmàkers’) zijn diegenen die daarin het meest uitblinken. De ‘echte’ kunstenaar daarentegen is het nimmer om originaliteit te doen, maar uitsluitend om het beschrijven van die ongrijpbare werkelijkheid als beeld. Door de beweeglijkheid daarvan is overigens het daaruit voortkomende kunstwerk altijd en nu met recht ‘origineel’ te noemen.

 

Doordat het in de kunst gaat om het beschrijven van de werkelijkheid als beweeglijk beeld, is het onmogelijk om van tevoren te zeggen hoe een kunstwerk er uit behoort te zien. Er zijn dus ook geen kunstzinnige regels en voorschriften te geven, zoals bijvoorbeeld bij bepaalde genootschappen het geval is (impressionisme en dergelijke). Uiteraard zijn er wel technische vereisten, bijvoorbeeld in de muziek en de beeldhouwkunst. Eerst na het ontstaan van een kunstwerk, dus achteraf, kan er van allerlei over opgemerkt worden, echter zonder dat dit mag dienen om aan te geven en te bewijzen dat het over kunst gaat. Met andere woorden: het kunstwerk moet geheel en al voor zichzelf spreken. Moet het vergezeld gaan van verklarende titels, verhalen en toelichtingen – onvermijdelijk willekeurige interpretaties! – staat het zonder meer vast niet meer dan ‘kunstenmakerij’ te zijn. Daar is overigens niets op tegen, het kan zelfs wel mooi en aangenaam en artistiek zijn, maar het is geen kunst in de zin van een beschrijving van de universele werkelijkheid als beeld.

Die beschrijving kan van alles zijn, maar altijd is de uitgangssituatie een bepaalde (concrete) voorstelling waaraan de werkelijkheid als beeld voor een moment vastgelegd is, uiteraard eigenlijk een logisch ònmogelijke zaak, vanwege de beweeglijkheid ervan. Zo is van de kunst te zeggen dat het het onmogelijke telkens weer voor een moment mogelijk maakt. Zo’n moment is alleen maar te ondergaan, te beleven, maar niet te beredeneren of te bewijzen – reden waarom lang niet iedereen er in de praktijk even ontvankelijk voor is, afhankelijk als het is van iemands persoonlijke aanleg en de culturele misvorming waaraan hij onderhevig is. Dit laatste is vooral het geval bij mensen van de moderne (westerse) cultuur waarin alles in toenemende mate tot gruis geanalyseerd is. Die misvorming verduistert de werkelijkheid als beeld, zodat het ‘ondergaan’ van het kunstzinnig moment vrijwel onmogelijk is geworden.

 

Alle kunsten, verspreid over de gehele wereld, vertellen hetzelfde verhaal in eindeloos vele voorstellingen, gevarieerd van heel primitief tot en met uitermate geraffineerd. Vaak in een gebrekkige ‘taal’ die duister en moeilijk verstaanbaar is, maar die ook helder en vol schoonheid kan zijn. Steeds gaat het echter over de achterliggende werkelijkheid als beeld zoals die in elke individuele mens, ongeacht tijd, plaats en cultuur, precies identiek aanwezig is. En juist dàt is het echte ‘universele moment’ in de mensheid. Dat moment berust niet op afspraken, redeneringen, voorschriften, meningen en dergelijke beperkte waarden. Het laat zich niet manipuleren – zoals de moderne managers het graag zouden willen – noch de les lezen. In zekere zin is in dit verband te spreken van de ‘absolute vrijheid’ van de mens.

Deze vrijheid, deze onafhankelijkheid, blijkt bij het bestuderen van de geschiedenis van de mensheid telkens weer voor een moment de kop op te steken, vrijwel altijd onbewust zonder dat iemand in de gaten heeft wat er werkelijk aan de hand is. Bijvoorbeeld: plotseling ontstond tegen het einde van de 19e eeuw het, aanvankelijk vage, besef dat een mens geen slaaf van zijn medemens behoort te zijn. Niemand had dat besef bedacht en welbewust opgeroepen, maar toen het eenmaal wakker geworden was ging het een rol spelen in het zelfbewustzijn van een aantal individuen om vervolgens uit te groeien tot een algemeen erkende overtuiging. Intussen ging in de praktijk de slavernij natuurlijk volop door, zij het in een steeds meer verhulde vorm: niemand wilde meer voor een slavenhouder aangezien worden. Zelfs in het recht werd het als een verbod verwoord en vastgelegd. Zo’n verhelderingproces zet zich ‘als een dief in de nacht’ door, heel langzaam en tersluiks. De geschiedenis wemelt van dergelijke momenten van verheldering, men zou het de wèrkelijke ‘vooruitgang’ kunnen noemen, maar tegelijkertijd zou men moeten inzien dat het gebruikelijke begrip vooruitgang uitermate banaal, misleidend en rampzalig van inhoud is.

 

Tegenwoordig slaat het begrip vooruitgang op het planmatig organiseren van de maatschappij, geheel volgens wetenschappelijk ontworpen modellen. Naarmate dat alles meer in het teken van ‘top down management’ komt te staan krijgt de bureaucratie het heft in handen, terwijl tegelijkertijd het inzicht in de mensheid als samenleving verduistert. Die samenleving namelijk sneuvelt bij elke poging om haar te programmeren als ware zij een machine die volgens van tevoren ingestelde criteria onverbiddelijk en blindelings zijn taken uitvoert. De innerlijke beweeglijkheid van de samenleving echter verdwijnt als men haar in zijn macht wil krijgen en haar in bepaalde protocollen wil dwingen. Met die teloorgang van het beweeglijke wordt het onmogelijk dat de zaak zich verheldert. Dat wil zeggen: die verheldering is er wel – zij is immers ongrijpbaar! – maar zij is verstikt en wordt duister. ‘Ondergronds’ gaat zij dan haar eigen weg, hetgeen zich in de praktijk van het dagelijks leven manifesteert als een wroetende onvrede, het onrustig door de mensen wègvluchten van zichzelf en tegelijkertijd een onbewust panisch zoeken naar een of ander gedroomd en uiteraard fictief paradijs.

Die fictie wordt niet alleen bestreefd door de zogenaamde ‘gewone mensen’, maar ook en vooral door de politieke élites die zich verbeelden de wereld te moeten besturen. Zij maken er een concrete doelstelling van, gebaseerd op een of ander ‘ideaal’ dat met alle middelen (en zelfs met geweld) gerealiseerd moet worden. Dat geldt zowel voor democratische als dictatoriale ideologieën, al of niet gebaseerd op godsdienstige waanvoorstellingen. De hedendaagse (2015) afschuwelijke praktijken van de leden van de Islamitische Staat bijvoorbeeld verschillen niet wezenlijk van het schijnheilig ‘redelijke’ gedoe van moderne democratische politici. In beide gevallen gaat het om het in handen krijgen van het leven van de mensen, zowel materieel als immaterieel. En dat is in alle opzichten misdadig..!

 

Het verzameld werk van Jan Vis, creatief filosoof, is geplaatst op een USB stick en is gehéél

gecorrigeerd, nieuw ingedeeld en bevat de cyclus “Op de Valreep 2015” met nieuwe notities 2015

De onkosten zijn E 15,00. Te bestellen bij Jan Vis.  E-mail adres van Jan Vis luidt: j.vis29@chello.nl

 

ALS INLEIDING

De meeste in dit 'Verzamelde Werk' opgenomen teksten zijn gescand van de oorspronkelijke papers.

Omdat vooral de oudere exemplaren nog gestencild waren is de kwaliteit slecht, onder andere door veel 'gebroken' letters.

Dat alles is zo goed mogelijk hersteld en wel in de formaten *.doc en *.pdf.

Het is evenwel niet uitgesloten dat er nog wat ongerief achtergebleven is. Daarvoor mijn excuses..!

De teksten zijn bewust niet auteursrechtelijk beschermd, op grond van de gedachte dat de filosofie, net als de kunst,

vrijelijk voor een ieder toegankelijk moet zijn.

Dat betekent dat alles, indien gewenst, gepubliceerd en uitgegeven mag worden, al of niet voorzien van commentaar.

Wel echter moeten de teksten volstrekt onaangetast blijven en uiteraard moet de schrijver nadrukkelijk en eerlijk vermeld worden.

Jan Vis, filosoof   Rotterdam, 2015

 

Zie bladwijzers: Moslims/Islam/Haat/Zelfhaat/Populist/Volkswil ; EUROPA een begeerlijk object ; HAAT EN WRAAK ; Verenigd Europa ; Genocide ; DEMOCRATIE – Populisme - Regeren / Besturen..? ; Zichzelf besturen ; Zichzelf besturend ; Het Echte begrip DEMOCRATIE ; Poetin-Putin/ EU/VE / NAVO-EUROPA  ;  Het oerbegrip communisme-“Met zijn allen” zijn en Volksvertegenwoordigers ; Maatschappij vs Samenleving en Het Leven  ;  Vrijheid van meningsuiting ; de Kroon der Schepping ; Hoog opgeleide managers ; Softe “Multiculties ; Politici, economische managers, “waardevrij” en plunderprogramma ; { De knagende psychische pijn van het moderne leven } ( soorten van VERMAAK..! ) ; ZELFHAAT ; Friedrich von Schiller ; Doorbreek het (DENK)systeem ; Het hoog opgeleide straatvolk ; De moderne Democratie en Populisme/Populist ;  Toen kwamen de Moslims ; Vertrouwen-B ; Rechtsstaat versus Wetstaat - Jodenhaat/Islam/Hitler/Jahwe  ;  Vooruitgang – absolute Vrijheid  ;  Das Grossdeutsche Reich ; STRENG GELOVIGEN ; Media/Manipulatie/ “Waarheid “  ; Holocaust ; Relaties/maatschappij/samenleving  ;  ARBEID/BELONING ;  De maatschappij fungeert als BIOTOOP ; West-Europa ; Islamitische IS-strijders en –terroristen ; Racisme / Discriminatie/ISLAM / ZELFHAAT (Toen kwamen de Moslims) ; MENNO ter BRAAK ; Islamitisch Staat ; De manager is de Bedrieglijke “tovenaar” ; Radicale Islamitische moordenaars en verkrachters/misdadigers ;  Essentieel voor de MOSLIMS is… ; De moderne wetenschap zou “ Universeel “ van karakter zijn en de Kunst/absoluut Universeel  ;  Actie Verenigde Naties - Vluchtelingen ; Spinoza, Kant, Hegel  ;  AFZONDERINGSGEDRAG ;  De dictatuur van het management ; HOOFDDOEKJES ; GOD – WETENSCHAP - (Man vs Vrouw en Het Gehéél) ; De MENS is de MAAT ; Karl Marx ; De MENSHEID BESTEELT voortdurend zichzelf ; SAMENZWERINGEN ;

 

 

 

 

Naar andere artikelen: Het toenemend belang van het Atheïsme ; Evolutie of Creatie ; CONDITIONERING ; Bestrijders en Begrijpers van de GODSDIENST..! zie afl.51 ; Geen God wat dan ; De begrippen Godsdienst en Geloof – Hoe zit dat..? ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheïsme ; De verdedigers van de Godsdienst ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ;  Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ;  Vernietiging van de macht ; De Grote Vierslag (LEVENSBEGRIPPEN: nihilisme, anarchisme, socialisme en communisme) ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Polariseren leidt naar een hoger plan(stuwt op) v/d DEMOCRATIE – zie afl. 24 en 25 ;  Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Burqa, volg bladwijzer ; Een alternatief bestuur ; Briefwisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof ; Vrijheid van Godsdienst ; Kan alles maar..!-zie bladwijzers ; de kunst; het schone verschijnsel ; Samenleving, Maatschappij en Gezin ; Filosofie van de kunst ; KENNEN EN KUNNEN, DE TECHNOLOGISCHE MENS ; Beweging en verschijnsel deel 1 t/m 3 ; Hoe zit het nou met god..? ; Het Nihilisme ; De filosofie van de geschiedenis ; Uilenspiegel en de macht ; Ongehoorzaamheid ; Artikelen betreffende o.a. Moslims / ISLAM ; Proces v/d Eeuw tegen alle ingezetenen van Nederland.!.? ; De kunst van het filosoferen ; Niet zeuren, god bestaat niet – zie inhoudsopgave nr. 13( godsdiensten een cultuur..? ) ; Wij dulden geen tegenspraak – zie INHOUDSOPGAVE – zie nummer 10 ; Seksueel misbruik – Hoe zit dat..? – zie bladwijzer ; Leidt de toename van de kennis tot een beter weten..? – zie bladw. ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? ; JESAJA – zie A..! , B , C , D , E , - zoekterm “ Jesaja “ ; Op de vlucht voor je eigen denken ; Nihilisme en Anarchisme als basis van het Atheïsme ; Islamitische geldingsdrang – zie afl. 27 ;  Het geheel is meer dan de som der delen ; Sociale Bewogenheid – zie bladw. ; De Rechtsstaat – zie bladwijzers ; Religies bevestigen het Geestelijke Karakter v/d mens..! – zie bladw. ; Onvolwassen Mensheid-zie nr. 50..! ; Depressies -Hoe zit dat..?-zie bladw. ; Gedachten over Ontstaan en Bestaan ; Kan macht zich ten goede keren ; Het Zelfbeschikkingsrecht ; Onder MACHT versta ik - zie de link ; Brieven aan belangstellenden ;

 

 

_____________

 

Onder dit kopje vindt U artikelen over De Islam

 

Op de Valreep 2015 . met o.a. bladw.: ARBEID/BELONING ; softe “Multiculties ; Genocide; Hoofddoekjes ; bladwijzer KARL MARX - NAVO-Europa ; De manager is de bedrieglijke “tovenaar” ; Het echte begrip DEMOCRATIE ; Europa een begeerlijk object ; POPULISME ; VRIJHEID van MENINGSUITING

 

Lezing voor De VRIJMETSELAARS; Islam’s succes ; De wisselwerking tussen enerzijds de Westerse Wereld, zoals die zich sinds de Verlichting ontwikkeld heeft en anderzijds de Wereld v/d ISLAM - (05-’08)

 

Over de ISLAM, Vrije meningsuiting – Discriminatie/Racisme/Beledigen-Wie is de veroorzaker.? - Een oorlog zonder fronten - Haat zaaien (08-2010)

 

KORAN en BIJBEL ; Overeenkomsten Islam en Oude / Nieuwe Testament – Woestijn cultuur – ANGST voor de ISLAM – (okt. 2010)

 

De Islam rukt op..!/Islamisering..! - De ISLAMIETEN hebben uiteraard, als privé personen,  RECHT op hun “GODSDIENST” - (nov. 2011)

 

De koran – auteur: Max de Hes     De herrijzenis van de Halve Maan – auteur: Frans Bijlsma – ISLAM ; De islam nu 1979

 

Islamitische zelfbewustzijn     Vertrouwen-A     Vertrouwen-B    

 

[ HOOFDDOEKJES / Burqa/Discriminatie ] -  Zie:  A – nrs. 37/38 ; B – nr. 56 en 60 ; C – bladwijzer Hoofddoekjes ; en D – bladwijzer Burqa

 

De grondslagen van Jodendom, Christendom en Islam - Lees o.a. de nrs. 142 t/m 146 – Zie bladwijzers

 

Elders op deze homepage vindt U o.a.

 

Naar andere artikelen: Het toenemend belang van het Atheïsme ; Evolutie of Creatie ; CONDITIONERING ; Bestrijders en Begrijpers van de GODSDIENST..! zie afl.51 ; Geen God wat dan ; De begrippen Godsdienst en Geloof – Hoe zit dat..? ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheïsme ; De verdedigers van de Godsdienst ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ;  Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ;  Vernietiging van de macht ; De Grote Vierslag (LEVENSBEGRIPPEN: nihilisme, anarchisme, socialisme en communisme) ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Polariseren leidt naar een hoger plan(stuwt op) v/d DEMOCRATIE – zie afl. 24 en 25 ;  Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Burqa, volg bladwijzer ; Een alternatief bestuur ; Briefwisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof ; Vrijheid van Godsdienst ; Kan alles maar..!-zie bladwijzers ; de kunst; het schone verschijnsel ; Samenleving, Maatschappij en Gezin ; Filosofie van de kunst ; KENNEN EN KUNNEN, DE TECHNOLOGISCHE MENS ; Beweging en verschijnsel deel 1 t/m 3 ; Hoe zit het nou met god..? ; Het Nihilisme ; De filosofie van de geschiedenis ; Uilenspiegel en de macht ; Ongehoorzaamheid ; Artikelen betreffende o.a. Moslims / ISLAM ; Proces v/d Eeuw tegen alle ingezetenen van Nederland.!.? ; De kunst van het filosoferen ; Niet zeuren, god bestaat niet – zie inhoudsopgave nr. 13( godsdiensten een cultuur..? ) ; Wij dulden geen tegenspraak – zie INHOUDSOPGAVE – zie nummer 10 ; Seksueel misbruik – Hoe zit dat..? – zie bladwijzer ; Leidt de toename van de kennis tot een beter weten..? – zie bladw. ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? ; JESAJA – zie A..! , B , C , D , E , - zoekterm “ Jesaja “ ; Op de vlucht voor je eigen denken ; Nihilisme en Anarchisme als basis van het Atheïsme ; Islamitische geldingsdrang – zie afl. 27 ;  Het geheel is meer dan de som der delen ; Sociale Bewogenheid – zie bladw. ; De Rechtsstaat – zie bladwijzers ; Religies bevestigen het Geestelijke Karakter v/d mens..! – zie bladw. ; Onvolwassen Mensheid-zie nr. 50..! ; Depressies -Hoe zit dat..?-zie bladw. ; Gedachten over Ontstaan en Bestaan ; Kan macht zich ten goede keren ; Het Zelfbeschikkingsrecht ; Onder MACHT versta ik - zie de link ; Brieven aan belangstellenden ; De ontwikkeling van het denken ;

 

 

 

 

Terug naar :   de Startpagina

 

 

 

 

 Vanaf  HIER naar méér BLADWIJZERS en LINKS – KLIK HIER

 

  Homepage van Rob van Es(rve) <> e-mailadres: rwvanes@planet.nl 

 

 
 

 

Een cultuur is: de gestolde neerslag van een bepaalde fase van de ontwikkeling van het Zelfbewustzijn. Er worden allerlei dingen vastgelegd, als norm gesteld, die tijdens die fase duidelijk zijn geworden. De neerslag van zo’n fase stolt tot cultuur.

 

Onder een ideologie versta ik: een overheersend cultuurdenkbeeld dat gebaseerd is op de voorstelling hoe de werkelijkheid zou moeten zijn.

 

Gewone mensen, zijn mensen waarbij de twijfel zijn rol blijft spelen, die zich niet beroepen op iets hogers, iets goddelijks of iets koninklijks of op hogere geestelijke vermogens die maatgevend zouden zijn.

 

 

 

 

Bedankt voor Uw Aandacht

Help mee om deze site te promoten. …….. Alvast m’n hartelijke dank ..!

Aangezien de filosofie er niet is voor enkele bevoorrechten, maar juist voor alle mensen, is het citeren uit de artikelen zonder meer toegestaan. Bronvermelding wordt echter wel op prijs gesteld. (Jan Vis, creatief filosoof) 

 

 

 

Terug naar :   de Startpagina

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

website analysis
website analysis