IDENTITEITSCRISIS…?
oktober
1991
atheisme,de vrije
gedachte,het gedachtegoed,het ideaal,het
vrijdenkproces,houvast,identiteitscrisis,in twijfel trekken,
vanzelfsprekendheden,vrijdenken,vrijdenkerij,vrijheid,wrijvingen.
Terug naar: de
Startpagina
Help mee om deze site te
promoten. Vertel het uw…!
(Adres luidt:
http://home.planet.nl/~rwvanes
Naar
bladwijzers: Economische Groei ; bezuiniging ; VRIJDENKEN
;
Naar andere artikelen: Abortus,
de christelijke praktijken ; geen god,wat dan? ; hoe zit het nou met god? ; Godsdienst en Geloof ; God bestaat niet ; De verdedigers van de Godsdienst ; Evolutie of Creatie ; het zelfbeschikkingsrecht. ; Een korte schets van de
“Menselijke Seksualiteit” ; De verloedering van de
seksualiteit ; Briefwisseling -Incest ; Het toenemend belang van het
Atheïsme ; De fundamentele intolerantie van
de Godsdienst ; Bedreiging van het vrijdenken en
het atheïsme ; Waarom is de Islam als godsdienst
tegen de Westerse Wereld..? zie no. 27. ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ; Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie
aflevering 60 / 61 ; Waarom is de Islam als
godsdienst tegen de Westerse Wereld ..? zie no. 27 ; De Islam ; Het staat in de Koran- zie aflevering 36 ; De heilige wet-De Sjari’a ; Burqa, volg bladwijzer ; Kunnen moslims zich invoegen in de Moderne cultuur..? –
aflevering no. 37 ; Het zelfbeschikkingrecht ; Is er dan toch nog een GOD..? Hoe zit dat..? ; Individualisering ; Individualisering-Tomeloze verwarring-Collectieve
krankzinnigheid_zie nr. 12 ; Economisch Denken–zie bladwijzers in “De ontwikkeling van
het Denken”, ; Economische denken ; het is het
economische denken dat als vanzelfsprekend bepalend is geworden voor het
beoordelen van het welzijn van de mensen en dus de kwaliteit van de
samenleving-zie afl. 21, ; Economische groei, zie bladwijzers in Beweging en
Verschijnsel deel 3, ; Economische groei, zie De
Ontwikkeling van de West Europese Cultuur, ; Economische groei, zie Nihilisme
en Anarchisme als basis van het Atheisme, ; Economische machthebbers-zie nr. 57 ; Economische slavernij-zie nr. 18, ; Onze in wezen vredelievende verlichte cultuur, moet standvastig en vastbesloten verdedigd worden tegen
kortzichtigheid en tirannie. ; VRIJDENKEN ; Bedreiging van het
Vrijdenken en het Atheïsme ; Vrijdenken contra
fundamentalisme –zie Inhoudsopgave nr.
04 ; Vrijdenken en Socrates-zie nr. 46 ; Vrijdenken ; Vrijdenkers-zie nr. 14 ; Vrijdenken ; Meer over het
vrijdenken-zie Inhoudsopgave nr. 05 ; De
ISLAM rukt op ;
Naar
bladwijzers: Economische Groei ; bezuiniging
; VRIJDENKEN
;
Het levendige aan het vrijdenken is dat je
voortdurend allerlei vanzelfsprekendheden in twijfel trekt en dus steeds bezig
bent met het stellen van vragen en het zoeken van oplossingen. In zoverre
verschilt vrijdenken van elke andere menselijke activiteit dat het niet alleen
de buitenwereld kritisch benadert, maar vooral ook zichzelf. Vrijdenken dat
zich bij voorbaat laat reglementeren, en dus niet naar zichzelf vraagt, kan
geen vrijdenken zijn. Dat is hoogstens een denken dat ergens vrij van is,
bijvoorbeeld van gangbare godsdienstige voorstellingen en de daaruit
voortkomende dogma 's. Het naar zichzelf vragen en de discussie daarover zijn
geen crisisverschijnselen maar daarentegen blijken van gezondheid.
Een crisis is eigenlijk een
ziekelijke toestand. Bij iemand die in een crisis verkeert is de samenhang tussen de veelheid aan
factoren die met elkaar het leven vormen verloren gegaan. Het wereldbeeld is
ingestort zodat er niets meer is dat nog enige houvast biedt en er lijkt geen
uitweg uit de chaos te zijn. Maar, omdat men toch verder moet vervalt men tot
allerlei paniekgedrag. Niet alleen personen kunnen in zo’n toestand geraken,
maar ook groepen die met elkaar de een of andere instelling vormen. Zo begint
het er aardig op te lijken dat de huidige westerse democratieën in een ernstige
crisis verkeren, niet ondanks maar juist dankzij het almaar in kracht en omvang
toenemende economische denken. Het geharrewar bij ons over de WAO en de
koppeling, het gezwalk van de PvdA, de bezuinigingshysterie en dergelijke,
het zijn allemaal uitvloeisels van het steeds meer overheersende economische
denken, dat zich al lang niet meer bezig houdt met het verzorgen van een goede
huishouding, maar alleen nog maar met
“groei”. Dat leidt tot een ziekelijke toestand, tot een crisis. Die
crisis zelf is ideologisch gekleurd. Men gaat zich afvragen "waar staan
wij eigenlijk voor, wat zijn onze standpunten en welk doel streven wij
na?" En dan blijkt dat dat allemaal al lang verkankerd is door het trauma
van de economische groei. Dat is namelijk het werkelijke doel
geworden...
Een crisis komt voort uit een verlies aan identiteit. Dat
wil zeggen dat datgene waarvoor men stond, het ideaal dat men voor ogen had
gaandeweg verloren is gegaan. Maar eigenlijk gaat het daarbij niet zozeer om
het ideaal als wel om de formulering daarvan. De geformuleerde standpunten, de
theorieën en de reglementen blijken, door inwerking van buitenaf, onhoudbaar te
zijn geworden. Dat behoeft op zichzelf nog niet te betekenen dat men het ideaal
te water heeft gelaten. Het komt regelmatig voor dat iemand zich bijvoorbeeld
in volle overtuiging “socialist” noemt terwijl tegelijkertijd zijn opvattingen
en handelingen getuigen van een door en door groei-economisch denken.
Een denken dus dat helemaal geen sociale inhoud heeft maar een particuliere,
een denken waarbij het om het directe belang van een enkeling of een groep van
enkelingen gaat. Voor een dergelijk denken staat de een los van de ander en
wordt de relatie tussen de een en de ander bepaald door het nut dat men voor
elkaar heeft. Dat is stellig geen sociaal denken ! Als er sprake is van een
identiteitscrisis spelen er twee factoren een rol: enerzijds is daar de
voorstelling die men omtrent het ideaal heeft, uitgedrukt in de geformuleerde,
gereglementeerde en theoretisch doordachte ideologie - eigenlijk moet ik het in
dit verband over de ideologie hebben - en anderzijds het pragmatische van een
realiteit waarin iets heel anders gaande is, iets dat in feite in strijd is met
de geformuleerde, onder woorden en reglementen gebrachte, voorstelling van het
ideaal. Die tegenstrijdigheid leidt tot grote wrijvingen, die zo hoog oplopen
dat vanaf een zeker moment de zaken niet meer met elkaar te verzoenen zijn. Dan
is er dus een crisis.
Is er nu wat betreft de vrijdenkerij te spreken
van een crisis? Hoewel mijn antwoord zonder meer “nee” zou zijn, wil ik op het
ogenblik toch liever zeggen: “ja en nee”. Het hangt er namelijk maar van
af hoe je de vrijdenkerij beziet, wat je ervan verwacht en welke doelstellingen
je er aan verbindt. Daarbij zie ik twee mogelijkheden van opvattingen. De
eerste zou ik willen noemen “de formele of externe opvatting”. Bij die
opvatting staat op de voorgrond dat de vrijdenkerij gebundeld en georganiseerd
is in een vereniging. Dat houdt automatisch in dat er reglementen gelden, maar
vooral dat er standpunten geformuleerd zijn. De voorstelling die men van het
ideaal heeft is in standpunten verwoord en vastgelegd. Standpunten die door de
leden aangehangen en op zijn minst serieus genomen moeten worden, zeker en in
de eerste plaats door de vertegenwoordigers van de vereniging. De voorzitter,
de eindredacteur van het orgaan, de radio en televisie sprekers en overige
woordvoerders moeten de standpunten, in feite de ideologie, van de vereniging
getrouw uitdragen. Die standpunten worden bepaald door het geheel van de
vereniging en het is dus ook dat geheel dat uitmaakt of er eventueel
wijzigingen in de standpunten aangebracht worden.
Standpunten hebben een externe functie, zij geven
naar buiten toe aan waarom het de vereniging en haar leden gaat. Die externe
functie is ook een wervende: hij moet mensen die er wat voor voelen
verleiden tot de vereniging toe te treden. Er wordt daarbij gespeculeerd op de
behoefte van veel mensen ergens bij te horen en dat is op zichzelf weer een
behoefte aan houvast. Ik bedoel dat niet negatief, het is immers een gevolg van
het feit dat een mens een sociaal wezen is, een wezen dat geen besef van
zichzelf kan hebben zonder een onmiddellijk besef van de ander. Dat is tevens
zijn houvast, alleen de medemens kan aan iemand houvast geven. Er is verder
niets in de werkelijkheid dat houvast bieden kan. Dat besef van “met elkaar
zijn” kan zich op allerlei wijzen uiten en een daarvan is het toetreden tot een
vereniging van geestverwanten. Over het algemeen is te stellen dat de
geformuleerde standpunten van een vereniging de paraplu zijn waaronder die
vereniging opereert en dat zij de motivatie zijn voor nieuwe leden om toe te
treden. Het is daarom van belang dat er over de standpunten consensus bestaat,
zodat niet iedereen op eigen houtje maar wat zegt en daardoor een onduidelijk
en verward beeld voor de buitenwereld oproept. Gebeurt dat echter toch, dan kun
je zeggen dat zo'n vereniging in een identiteitscrisis verkeert, met als gevolg
dat het voor de buitenstaander niet meer duidelijk is waarom het de vereniging
te doen is.
Dat is de formele en externe kant van de zaak. Bij
verreweg de meeste verenigingen, genootschappen en - niet te vergeten -
politieke partijen is dit het belangrijkste. Het gaat hen om een zo groot
mogelijke aanhang en dus is de vraag “hoe je over komt” alles overheersend. De
ideologie moet immers verkocht worden! Daartoe wordt telkens het
imago opgepoetst en vaak worden er hele studies verricht om er achter te komen
of de standpunten wel op de juiste en de meest aansprekende manier naar voren
gebracht worden. De manier waarop is tegenwoordig zelfs van meer belang dan het
gedachtegoed zelf, de wijze waarop de zogenaamde standpunten worden aangeboden
overschaduwt het ideaal.
Ook in “De Vrije Gedachte” speelt dit af en toe
een rol. Dan wordt er door sommige leden geconstateerd dat er teveel
meningsverschillen naar buiten komen en dat daardoor het imago van de
vereniging geschaad wordt. Men vindt dan dat er eigenlijk meer consistentie in
de opvattingen van de vrijdenkers zou moeten zijn en dat meningsverschillen
binnenskamers uitgevochten zouden moeten worden, waarna het Bestuur het
resultaat van die strijd bekend zou moeten maken als het standpunt van “De
Vrije Gedachte”. Uiteraard hebben, juist op grond van de vrijheid binnen de vrijdenkersvereniging,
diegenen die er zo over denken en dus de nadruk leggen op het formele en
externe het volste recht op hun mening en het uiten daarvan, maar intussen is
het toch een feit dat het in een vereniging van vrijdenkers zo niet
werkt, juist omdat het nu eenmaal om vrijdenken gaat. We hebben namelijk, als
het over de vrijdenkersvereniging gaat, met een zaak te doen waarvoor geldt dat
“het ideële” en “interne” veel belangrijker is dan “het formele en externe”.
Eigenlijk hangt dit laatste er zelfs maar een beetje bij en ook dan nog
verricht het vaak meer kwaad dan goed. Het kan namelijk bij buitenstaanders de
indruk wekken dat het toch om de verkondiging van standpunten gaat, met het
daarbij behorende streven om doormiddel van zoveel mogelijk aanhang druk uit te
oefenen op de maatschappij, in feite macht te verwerven - het gebruikelijke
gedoe in onze cultuur . En ook kunnen “de formele” aspecten van de vereniging
als argument gebruikt worden ter rechtvaardiging van een soort van inquisitie:
“jij bent geen vrijdenker want je ideeën stemmen niet overeen met de
beginselverklaring", om maar eens een voorbeeld uit het recente verleden
te geven...
De Vrije Gedachte is een vereniging waarin het gaat om de
ontwikkeling van het vrijdenken. Het gaat niet om het uitoefenen van
maatschappelijke druk doormiddel van macht, het gaat niet om het afwijzen van
de godsdienst of wat dan ook, het gaat in wezen slechts om één ding: het
vrijdenken. Al die andere zaken, hoe belangrijk ook als tegenwicht tegen de
gangbare cultuur, komen slechts aan het vrijdenken mee. Dat heeft verschillende
consequenties.
Als eerste deze dat we te maken hebben met een
individuele zaak, een ontwikkeling die zich afspeelt in de individuele
vrijdenksters en vrijdenkers. Denken speelt zich niet af buiten de individuele
mens, buiten jou en mij. En wat de vereniging betreft, die geeft, als het goed
is, een afspiegeling van de hoofdstromingen in die ontwikkeling. Maar
het kan niet uitblijven dat de kijk op de werkelijkheid van de een verschilt
van die van de ander. Meningsverschillen zullen er dus steeds zijn.Ten tweede:
door de grote betekenis van het begrip “vrijheid” voor het vrijdenken is er bij
de vrijdenkers een principieel verzet tegen al datgene dat als “waarheid”
gepresenteerd wordt door wie dan ook, hetzij politici, geestelijken,
wetenschappers of zelfs geestverwanten. Vrijdenkers zoeken het zelf wel uit.
Ten derde: doordat het bij het vrijdenken niet gaat om vaststaande
resultaten, maar om de dynamiek van het denkproces kunnen er bij voorbaat geen
normen gesteld worden. Niemand kan van tevoren weten waarop je uitkomt als dat
denkproces eenmaal begonnen is.
Toch is van de vrijdenkerij niet te zeggen dat zij
vrijblijvend is. Het niet van tevoren aanvaarden van normen en het niet bij
voorbaat al innemen van standpunten leidt volstrekt niet tot een laffe
kleurloze beweging. Het blijkt dat juist dat onbevangen, niet
conformistische vrijdenken bij alle individuele vrijdenksters en vrijdenkers
uitgemond is in een aantal gemeenschappelijke ideeën. Een belangrijk idee is
dat van het atheïsme. Het mag dan, zoals gebleken is, voor de een zo zijn dat
de vraag naar het eventuele er-zijn van goden niet relevant is en voor de ander
dat die vraag juist als essentieel beschouwd moet worden, vrijdenkers zijn het
er in ieder geval over eens dat zij zonder onderworpenheid aan hogere machten
wensen te leven omdat het aanvaarden van dergelijke machten het leven
degradeert tot slavernij. De ontdekking dat leven “leven zonder god” is, is
doorgaans het eerste resultaat van het vrijdenkproces. Gevolg daarvan is onder
andere dat vrijdenkers niets met de godsdienst op hebben en de maatschappelijke
werking van zo'n godsdienst voortdurend bestrijden. Maar er zijn ook
cultuurverschijnselen waar de vrijdenkers ernstige kritiek op hebben,
bijvoorbeeld het economische, militaire en politieke machtsdenken. Al die
ideeën echter blijken consequenties van vrijdenken te zijn. Het vrijdenken zélf
echter gaat niet uit van vooroordelen en voorschriften, het begint blanco, het
begint met het in twijfel trekken van alles waarmee je als vrijdenker
geconfronteerd wordt.
Waarschijnlijk zijn er nog meer consequenties te trekken
uit het feit dat het de vrijdenkersvereniging om het vrijdenken gaat. Maar in
ieder geval zal duidelijk zijn dat een dergelijke vereniging in vrijwel alle
opzichten afwijkt van het gangbare verenigingsmodel. Ging het bij het gangbare
model om de eenheid van opvatting bij de leden, om het formele en externe, bij
de vrijdenkersvereniging gaat het om het ideële en interne, zich uitend in het
pluriforme, de veelheid van meningen en opvattingen, en het spel daartussen.
Het gaat om de dynamiek van de discussie en niet om het statische van
standpunten. Zelfs als je er rekening mee houdt dat standpunten op gezette
tijden bijgesteld worden en dus op hun wijze ook een zekere dynamiek vertonen,
blijken zij in laatste instantie toch statisch te zijn. Immers, een bijgesteld
standpunt staat vast en geldt als norm tot de volgende bijstelling en dat
betekent dat het vaststaande maatgevend is en niet het dynamische. Het is dan
ook niet voor niets dat er in de praktijk vaak weerstand geboden wordt tegen
voorstellen en plannen om een standpunt te wijzigen. Het maatgevend statische
verdraagt vanuit zichzelf geen veranderingen, het wil de status-quo handhaven.
Zoals gezegd is de vrijdenkersvereniging een
ongewone vereniging, zij is nauwelijks met andere te vergelijken. De discussie,
het spel der meningen en zelfs de spanning van de meningsverschillen zijn een
essentieel bestanddeel van het beeld dat “De Vrije Gedachte” van zichzelf voor
de buitenwereld oproept. Zou je dat bestanddeel er uit halen of onder de
korenmaat verstoppen dan kun je het verder wel vergeten. Je zou dan eerst recht
van een “identiteitscrisis” kunnen spreken. Een vrijdenkersvereniging waarin
niet alle consequenties van het vrijdenken tot hun recht kunnen komen is
gedoemd om zeer snel ten onder te gaan. Anderzijds: wanneer, zoals de laatste
jaren het geval is, de vrijdenkers geestdriftig discussiëren over hun eigen
vrijdenken en datgene dat zij als resultaat van hun 'zoektocht' op tafel weten
te leggen, is vast te stellen dat het vrijdenken springlevend is en dus
volstrekt niet in een “identiteitscrisis” verkeert. Het is daarentegen de
huidige mensheid die met zo'n crisis kampt! Onder die omstandigheden is het
onbevangen vrijdenken voor haar van nauwelijks te overschatten betekenis...
Het is evenwel zeker een feit dat het ontbreken
van strakke standpunten enerzijds en het regelmatig aan de orde zijn van
fundamentele discussies anderzijds bij een groot gedeelte van het publiek een
zekere mate van onduidelijkheid teweeg brengt. Het ligt in de aard van
onze cultuur dat de meeste mensen moeiteloos verstaanbare hapklare brokken
verlangen, waarover liefst in het geheel niet nagedacht behoeft te worden. Een
aansporing tot zelf nadenken valt daardoor bij hen niet in goede aarde en
daarom vinden zij dat het vrijdenken hen, behalve een groot aantal onzekerheden,
niets te bieden heeft. Er is dan geen andere conclusie mogelijk dan deze dat
het gedachtegoed van “De Vrije Gedachte” aan hen niet besteed is. Waarom zouden
wij het dan betreuren als wij op die mensen niet goed overkomen? Het zullen
inderdaad niet zo bar veel mensen zijn die onmiddellijk inzien dat het bij het
vrijdenken om het beweeglijke gaat en dus ook om de discussie. Maar die
weinigen die dat wel in de gaten hebben zijn er niet bij gebaat als er, vanuit
formele en externe motieven, een andere voorstelling van zaken gegeven wordt.
Het komt trouwens toch nog te vaak voor dat belangstellenden van “De Vrije
Gedachte” blijken te verwachten dat zij met een vaststaand partijdig programma
komt ten aanzien van de verschijnselen in de maatschappij: voor dit en
tegen dat. Wanneer zij dan bemerken dat dit in principe niet het geval is, maar
dat het juist gaat om het zelf vormen van een mening, haken zij af. Het steeds
opnieuw nadenken over die verschijnselen, het voortdurend vormen van een
mening zonder bij voorbaat een standpunt in te nemen, ligt niet in hun aard.
Zij sluiten zich liever aan bij een ideologie, een voostelling van de
werkelijkheid die door anderen bedacht is en als “waarheid” maatgevend
gesteld wordt.
Het is nooit de bedoeling van de vrijdenkers
geweest zonder meer zoveel mogelijk leden te werven teneinde een soort van machtsblok
te vormen. De vrijdenkersvereniging is geen variant van een politieke partij of
een godsdienst of levensbeschouwelijk genootschap, dat op grond van het aantal
leden mee wil doen in het maatschappelijk krachtenveld.
Natuurlijk is een groot aantal leden van belang
voor de vereniging en er kunnen er, eerlijk gezegd, best nog heel wat bij, maar
dan moeten het wel leden zijn die, ieder op eigen wijze, proberen vrij te
denken en niet leden die alleen maar de behoefte hebben een bepaalde ideologie
aan te hangen en door te drukken.
Bovenstaande
tekst is geschreven: door Jan Vis, filosoof.
Naar andere
artikelen: Abortus, de christelijke
praktijken ; geen god,wat dan? ; hoe zit het nou met god? ; Godsdienst en Geloof ; God bestaat niet ; De verdedigers van de Godsdienst ; Evolutie of Creatie ; het zelfbeschikkingsrecht. ; Een korte schets van de
“Menselijke Seksualiteit” ; De verloedering van de
seksualiteit ; Briefwisseling -Incest ; Het toenemend belang van het
Atheïsme ; De fundamentele intolerantie van
de Godsdienst ; Bedreiging van het vrijdenken en
het atheïsme ; Waarom is de Islam als godsdienst
tegen de Westerse Wereld..? zie no. 27. ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ; Ongewenst atheïsme- zie afl. 32 ; Een grens te ver (Israël) ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ; Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie
aflevering 60 / 61 ; Waarom is de Islam als
godsdienst tegen de Westerse Wereld ..? zie no. 27 ; De Islam ; Het staat in de Koran- zie aflevering 36 ; De heilige wet-De Sjari’a ; Burqa, volg bladwijzer ; Kunnen moslims zich invoegen in de Moderne cultuur..? –
aflevering no. 37 ; Het zelfbeschikkingrecht ; Is er dan toch nog een GOD..? Hoe zit dat..? ; Individualisering ; Individualisering-Tomeloze verwarring-Collectieve
krankzinnigheid_zie nr. 12 ; Economisch Denken–zie bladwijzers in “De ontwikkeling van
het Denken”, ; Economische denken ; het is het
economische denken dat als vanzelfsprekend bepalend is geworden voor het beoordelen
van het welzijn van de mensen en dus de kwaliteit van de samenleving-zie afl.
21, ; Economische groei, zie
bladwijzers in Beweging en Verschijnsel deel 3, ; Economische groei, zie De
Ontwikkeling van de West Europese Cultuur, ; Economische groei, zie Nihilisme
en Anarchisme als basis van het Atheisme, ; Economische machthebbers-zie nr. 57 ; Economische slavernij-zie nr. 18, ; Onze in wezen vredelievende verlichte cultuur, moet standvastig en vastbesloten verdedigd worden tegen
kortzichtigheid en tirannie. ; VRIJDENKEN ; Bedreiging van het
Vrijdenken en het Atheïsme ; Vrijdenken contra
fundamentalisme –zie Inhoudsopgave nr.
04 ; Vrijdenken en Socrates-zie nr. 46 ; Vrijdenken ; Vrijdenkers-zie nr. 14 ; Vrijdenken ; Meer over het
vrijdenken-zie Inhoudsopgave nr. 05 ; De
ISLAM rukt op ;
Terug naar: de
Startpagina
Pagina's
zijn door mij uit het tijdschrift van De Vrije Gedachte No. 219- oktober 1991
overgenomen.
Aangezien
de filosofie er niet is voor enkele bevoorrechten maar juist voor alle mensen,
is het citeren uit mijn werk zonder meer
toegestaan. Wel echter zou ik het op prijs stellen dat het citeren vergezeld
gaat van een duidelijke bronvermelding! (Jan Vis)
|
|