NIEUWE TELEVISIE TEKSTEN

 

TEKSTEN

1990-1991-1992-1993

Geschreven en voor de camera uitgesproken door Jan Vis, creatief filosoof

De Vrije Gedachte

1993

Naar andere Artikelen en Bladwijzers en Inhoudsopgave

 

In deze bundel zijn uitsluitend de teksten opgenomen die ik zelf heb geschreven en voor de camera uitgesproken. Van de overige uitzendingen zijn geen bruikbare afschriften van de teksten aanwezig. Deze teksten zijn namelijk door anderen gemaakt die niet de beschikking hadden over een tekstverwerker of die met een ander verwerkingsprogramma werkten. Overigens blijkt steeds weer dat slechts weinigen zich in staat achten een heldere tekst te schrijven en nog minder de behoefte gevoelen om deze voor de camera uit te spreken. In strijd met de gangbare mening lokt het 'op de buis verschijnen' vrijwel niemand aan. Dat is de reden dat ik alleen mijn eigen teksten gebundeld heb.

Bij alle programma's waren de regie en de montage in handen van Bob de Graaff.

 

Jan Vis, filosoof

 

Naar: 01 t/m 22 - inhoudsopgave

 

;

 

Naar andere artikelen: Geen God wat dan;Godsdienst en Geloof;Evolutie of Creatie ; De fundamentele intolerantie van de Godsdienst ; God bestaat niet ; Hoe zit het nou met god ; Discrimineert / onderdrukt de Westerse Cultuur..? zie aflevering 60 / 61 ; Bedreiging van het vrijdenken en het atheÔsme ; Verbieden van de godsdienst..?-zie afl. 21 ;Ongewenst atheÔsme- zie afl. 32 ; Toch nog een Theocratie- zie afl. 18 ; Is er dan toch een GOD..? Hoe zit dat..? Waarom is de Islam als godsdienst tegen de Westerse Wereld..? zie no. 27. ; Briewisseling- Geweld- Godsdienst- Geloof; het toenemend belang van het atheÔsme ; Volwassen democratie, zie nr. 25 ; Economisch DenkenĖzie bladwijzers in ďDe ontwikkeling van het DenkenĒ, ; Economische denken ; het is het economische denken dat als vanzelfsprekend bepalend is geworden voor het beoordelen van het welzijn van de mensen en dus de kwaliteit van de samenleving-zie afl. 21, ; Economische groei, zie bladwijzers in Beweging en Verschijnsel deel 3, ; Economische groei, zie De Ontwikkeling van de West Europese Cultuur, ; Economische groei, zie Identiteitscrises vrijdenken, ; Economische machthebbers-zie nr. 57 ; Economische slavernij-zie nr. 18, Atheisme ..! zie afl. 51

 

Naar bladwijzers: Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ; Verenigd Europa-1 ; Verenigd Europa-2 ; BETERE WERELD-1 ; BETERE WERELD-2 ; Discriminatie- nrs.10 en 13 ; Boeddhisme Ė 13 en Onwetendheid Ė 18 ;

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

INHOUDSOPGAVE


01-Dageraad van de bevrijding

02-Een mensheid zonder mensen Ė 12 juli 1990

03-Terreur als cultuurverschijnsel

04-Uniformen maken de man

05-Meer over het vrijdenken

06-Hij zag dat het goed was

07-God noch gebod

08-De maagd en het kind

09-Ideologie of individualisme..? Ė 29 April 1992

10-Afschaffen die handel..!

11-De moderne mens als wereldbouwer

12-Het nieuwe fatsoen

13-Niet zeuren, god bestaat niet

14-Vrijheid, welke vrijheid ..?

 

Laatste televisie teksten 1996

 

15-In niets neutraal

16-Vanwaar die haat?

17-Het vuur dat niet te blussen is

18-Een wereldwijde gekte

19-Hoe zat het ook alweer?

20-Mensen zijn geen kuddedieren

21-Is godsdienst met wetenschap te bestrijden?

22-De geschiedenis herhaalt zich

 

 

Naar startpagina

 

UITGAVE van:

Stichting Uitgeverij De Vrije Gedachte

Postbus 1087, 3000 BB Rotterdam

Tel: 010 - 452 89 78

 

 

 

 

 

DAGERAAD VAN DE BEVRIJDING

Uitzending 4 mei 1990

 

 

Vanavond heeft Nederland, voorafgaand aan de dageraad van de bevrijding, weer zijn doden herdacht. Die treurige klok heeft weer geluid, kransen zijn weer gelegd en het Wilhelmus is weer gezongen. Talloze mensen hebben voor de zoveelste maal geprobeerd zich de gezichten van hun geliefden te herinneren en daarbij is onvermijdelijk de pijn teruggekomen, de pijn veroorzaakt door het weten van de terreur waaronder zij geleden hebben.

Aanvankelijk was er nog de mogelijkheid om aan anderen de schuld te geven. Men wist wel zo ongeveer onder welke omstandigheden het noodlot had toegeslagen, vaak zelfs wist men welke moordenaars daarbij betrokken waren. Maar zo langzamerhand is dat onmogelijk geworden, niet alleen doordat die moordenaars inmiddels zelf overleden zijn en ook niet doordat enkelen van hen hun straf hebben gekregen, maar vooral doordat de herinneringen van concrete gebeurtenissen, in een leven dat toen realiteit was, geleidelijk vervloeien in het grotere geheel van de geschiedenis. Het worden langzaam maar zeker min of meer vage nuances in ťťn groot beeld, een beeld dat er als het ware buiten ons om is, zoals de sterren er zijn. En het gaat erop lijken of niemand er persoonlijk de hand in heeft gehad. Eigenlijk wordt het op den duur een soort van natuurverschijnsel waarop geen invloed uit te oefenen is.

Toch zijn de elementen uit dat beeld destijds aangedragen door mensen, levende mensen die zich verzetten tegen iets dat helemaal geen natuurverschijnsel was, maar een door andere mensen bedacht en uitgevoerd plan om de wereld in bezit te nemen, de landen leeg te roven en de inwoners te vernederen. Misdadigers die dachten dat zij geboren waren om uit naam van een hoger beginsel te heersen over andere mensen.

 

DodenherdenkingÖ Het is te begrijpen dat bijna iedereen daarbij denkt aan zijn Ťigen vrienden en geliefden die door de schurken van het leven beroofd zijn. Maar belangrijker nog zijn al die mensen die wij helemaal niet kennen: meer dan 55 miljoen gedode mensen en ook nog eens 35 miljoen verminkten. Van die 55 miljoen doden bestaat de helft uit militairen. Als je een oorlogskerkhof bezoekt blijkt dat die militairen bijna allemaal kinderen waren: jonge mannen van doorgaans nog geen 20 Jaar oud. Zij zullen nauwelijks geweten hebben waarvoor zij het leven lieten. Ik weet het: het ging om het ideaal van de vrijheid, voor de meesten gesymboliseerd door zogenaamd hooggeplaatste personen. En uiteraard hadden zij god aan hun zijde. Dat dit ook voor de tegenstanders gold en dat ook zij kinderen waren die dachten voor een hoger ideaal te vechten, vergeten wij maar liever.

Wij weten allemaal hoe het afgelopen is. De heersers hebben de oorlog op een verschrikkelijke manier verloren. Maar toch vraag je je af of dat geen bedrieglijke schijn is. Was het niet alleen maar een verloren veldslag? Zijn de heersers werkelijk overwonnen of hebben zij slechts een verkeerde strategie gevolgd? Als je naar de praktijk kijkt zie je dat de verliezers er beter voor staan dan ooit. De Duitsers generen zich niet om schaamteloos de hand uit te strekken naar gebieden die destijds tot Das Reich behoorden en de Japanners zijn er eens temeer zeker van dat zij alle recht hebben de gehele Pacific te beheersen en uit te buiten. Hitler reed destijds ook al in een Mercedes rond en Japan bestookte met Mitsubitschi vliegtuigen de Amerikanen.

Zij volgen inderdaad een andere strategie maar er is geen andere doelstelling: men probeert nu de wereld economisch in zijn macht te krijgen. Dat is een veel slimmere en goedkopere methode, die bovendien het voordeel heeft dat hij door iedereen geaccepteerd wordt. Wie wil er nu niet rijk worden en macht hebben over zoveel mogelijk mensen? Het leegroven van de wereld door middel van economie en technologie is een algemeen aanvaarde bezigheid. Daarmee neem je de mensen niet tegen je in, sterker nog: men heeft respect voor je. Natuurlijk noem je het geen leegroven, je noemt het 'de groei van de economie bevorderen' en 'een steentje bijdragen aan de vooruitgang'. En uiteraard doe je dat via respectabele banken en op grond van solide handelsovereenkomsten, gesloten door heren in keurige pakken. Maar het gaat wel allemaal letterlijk ten koste van de bevolking.

De gewone mensen zijn altijd de dupe, zelfs als zij er materieel op vooruitgaan en de beschikking krijgen over televisies, koelkasten en automobielen. Ook wat dit betreft is de strategie veranderd. In de oorlog werden de gewone mensen tot slaven gemaakt, geterroriseerd, uitgehongerd en doodgeslagen, maar nu worden zij gepaaid met spullen waar zij veel te hard voor moeten werken onder slechte omstandigheden. Behalve de strategie is er echt niet veel veranderd. Welbeschouwd is de oorlog gewoon doorgegaan, op talloze andere plaatsen en met andere middelen. En steeds zijn het de gewone mensen die het, vooral achteraf, een eer vinden daarvoor hun geliefden opgeofferd te hebben. En waarvoor? Ging het werkelijk om vrijheid, recht en welvaart, zoals al die miljoenen slachtoffers gedacht hebben? Neen, het gaat steeds om hetzelfde, namelijk om rijkdom en macht. Het gaat om het bezitten en overheersen door een zo klein mogelijke ťlite van een zo groot mogelijk deel van deze wereld en liefst ook nog van de ruimte. Voor het doorzetten van die obsessie wordt elk mooi verhaal te baat genomen: de liefde voor het vaderland en zijn machthebbers, het paradijs van het communisme, de superioriteit van het ras, de zegeningen van de technologie en de economie , de democratische rechtsstaat en niet in het minst het sprookje van de godsdienst.

 

Rijkdom en macht, bezitten en overheersen zijn de werkelijke namen van de spelers op het wereldtoneel. En hun spel is nog lang niet uitgespeeld. Zij houden de figuranten en de toeschouwers nog steeds ademloos geboeid. Het sterkste wapen daarbij is het manipuleren van het denken. Zolang het hun gelukt om het denken van hun bedrieglijke voorstellingen afhankelijk te laten zijn kunnen zij rekenen op succes.

En de misleide mensen moeten wel geloven dat het allemaal echt en waar is wat zij voorgespiegeld krijgen. Het klinkt immers zo overtuigend en de bewijzen zijn onloochenbaar: de koelkast staat in de keuken en de auto voor de deur!

 

Toch is het allemaal bedrog. Het is een waan waarin de wereld terechtgekomen is. En het beroerde is dat die waan bijna niet te doorbreken valt. Je hebt daar namelijk onafhankelijk denken voor nodig. Vrijdenken dat alleen maar op eigen kracht probeert de werkelijkheid te begrijpen en de ware verhoudingen in de wereld bloot te leggen. Vrijdenken dat niet uitgaat van hogere machten, of die nu goddelijk of menselijk zijn. Maar dat is helaas nou net precies wat niemand ooit geleerd wordt! Bijna niemand heeft voor zichzelf vertrouwen daarin en bijgevolg durft bijna niemand daaraan te beginnen. Zo is de cirkel mooi gesloten! Daarom: de dodenherdenkingen, niet alleen gewijd aan de slachtoffers van onze oorlog, maar vooral ook aan de vele anonieme slachtoffers van de wereldwijde strijd om rijkdom en macht, zullen voorlopig nog wel doorgaan. Niet zozeer op de Dam of op de Waalsdorpervlakte, maar vooral in de hutten en huiskamers van de arme sloebers in deze wereld. Voor hen is de dageraad van de bevrijding nog lang niet aangebroken ...

 

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

 

EEN MENSHEID ZONDER MENSEN

Uitzending 12 juli 1990

 

 

Plannenmakers zijn gevaarlijke mensen. Vooral als zij de beschikking hebben over machtsmiddelen is er alle reden om te maken dat je wegkomt. Gegarandeerd dat je anders op de een of andere manier te pakken genomen wordt en alle zeggenschap over je eigen leven verliest. Je krijgt dan een heel programma voorgeschoteld van dingen die je hebt te doen of te laten en er wordt meteen bij verteld wat je te wachten staat als je er geen trek in hebt. De plannenmakers zijn vastbesloten hun zin door te drijven. Zij weten immers precies wat goed voor je is. Want zij hebben een nieuwe wereld voor jou uitgedacht. Een wereld waarin alles nu eindelijk eens goed zal gaan. Je moet vooral niet denken dat ze die wereld zůmaar even verzonnen hebben. Welnee, daar is een grondige wetenschappelijke studie aan vooraf gegaan en men heeft er de filosofen op nageslagen. Eindeloze besprekingen zijn gehouden, kortom, de hele zaak is zorgvuldig uitgedacht. Je bent dus welhaast verplicht om mee te doenÖ

Toch moet je maken dat je wegkomt. Er dreigt een groot gevaar. De plannenmakers zijn jou namelijk vergeten. Dat wil zeggen, ze hebben je aanvankelijk over het hoofd gezien, maar net bijtijds hebben ze je nog opgevoerd als sluitpost op hun begroting. Zo in de geest van 'die frommelen we wel ergens weg'. Want weet je wat het is, plannenmakers denken altijd de verkeerde kant uit. Zij beginnen bij het eind en rommelen dan net zolang terug tot zij bij het begin zijn uitgekomen. Ik zeg 'rommelen' omdat ze tijdens het uitdenken van hun plannetjes alles wat ze tegenkomen moeten verminken omdat het pasgemaakt moet worden voor het beoogde eindresultaat. Zo ontstaat de blauwdruk voor een nieuwe wereld! In die blauwdruk zijn wij, jij en ik, netjes ingepast. Weliswaar helemaal verminkt, maar goed, we zijn er tenslotte toch nogÖ

Wat is er nu eigenlijk met ons gebeurd? We zijn het slachtoffer geworden van een eeuwenoud machtsprobleem. De oude Grieken hadden er al moeite mee en de latere westerse denkers hebben zich er ook op stukgebeten. Men zag namelijk een tegenstelling tussen het individu en de gemeenschap. Hoe moesten die twee met elkaar in harmonie gebracht worden? De vrijheid immers van het individu staat aan het gemeenschappelijke in de weg en het overheersen van de gemeenschap verstikt het individu. Dat dachten ze tenminste, en velen denken dat vandaag nog.

Kijk nu eens naar Oost-Europa. Daar hebben ze gekozen - nou ja, gekozen - voor de suprematie van de gemeenschap over het individu. Communisme noemden ze dat huichelachtig. De werkelijke bedoeling van de communistische plannenmakers was het om, uitgaande van de ideeŽn van Marx, een staat op te bouwen waaraan alle individuen dienstbaar zouden zijn. En zij meenden dat je die individuen wel zo gek kon krijgen dat ze zich daarin zouden schikken. Indringende propaganda, gereglementeerd onderwijs en bovenal een netwerk van spionnen en verklikkers waren de instrumenten om dat doel te bereiken. Een tijdje leek het er op dat het plannetje zou lukken, maar nu is de boel dan toch in duigen gevallenÖ

Op het ogenblik heeft iedereen het over de economische problemen van het Oostblok. Onzin! Die zijn helemaal niet zo belangrijk. Dat komt vanzelf wel terecht als de samenleving vrij gelaten wordt. Echt bedreigend zijn de tot in alle slaapkamers doorgedrongen veiligheidsdiensten. Die zijn de instrumenten van de terreur, die zijn het die het leven verstikken en verminken. Zij zijn de levend geworden staatstirannie. De mensen in het Oostblok hebben dat aanvankelijk heel goed begrepen. Het was heel opvallend dat de recente revolutie zich in de eerste plaats tegen die terreur richtte. En dat betekent dat de mensen er genoeg van hadden om de ondergeschikten van een totalitaire staat te zijn. Zij wilden niet langer de sluitpost op de begroting van de socialistische plannenmakers zijn. Daarmee wezen zij in feite de suprematie van de gemeenschap over het individu af.

Plannenmakers denken altijd de verkeerde kant op. Zij beginnen met een voorstelling van een soort gemeenschap die als een machine zou moeten functioneren. Als een machine omdat alles, net zoals bij een machine, van tevoren berekend moet worden wil het resultaat voorspelbaar zijn. Dat betekent dat die plannenmakers nooit iets anders dan een mensheid zonder mensen in hun hoofd kunnen hebben. Voor zover er toch mensen in hun plannen een rol spelen zijn dat geen volwaardige, maar verminkte mensen, aangepast aan die plannen. Radertjes in een machine. Dus: een mensheid zonder mensen! In Oost-Europa hebben wij gezien waar dat op uitdraait: alle denkbare vrijheden voor de plannenmakers en de knoet voor het volk.

Een gemeenschap kan niet worden opgebouwd op grond van plannen. Een gemeenschap bouwt zichzelf op als er volwaardige, vrije en zelfstandige individuen zijn. Zulke vrije individuen zijn mensen die zichzelf kunnen zijn en dat houdt onmiddellijk in dat zij dan ook sociaal zijn. Dat behoort onlosmakelijk bij hun wezen. Als je dan toch plannen wilt maken voor een toekomstige samenleving - wat je beter niet kunt doen omdat het menselijk leven onvoorspelbaar is - moet je bij die individuen beginnen. Dan denk je niet de verkeerde kant op. Het blijkt dan wel mogelijk te zijn dat een groep individuen vooralsnog niet zo'n goede samenleving vormt, zoals dat in de westerse wereld het geval is. Maar het is onmogelijk een goede samenleving te bedenken met individuen die niet tot hun recht kunnen komen. Een dergelijke verminkte individu kan nu eenmaal niet laten gelden dat een mens ook nog een sociaal wezen is. Als je de zaak zo bekijkt is het probleem van de verhouding tussen individu en gemeenschap eigenlijk een schijnprobleem. Flauwekul die in de grond van de zaak alleen maar voortkomt uit het machtsdenken van bepaalde elites die zichzelf het belangrijkst vinden. Het willen uitoefenen van macht betekent dat je de mensen wilt veranderen, aanpassen aan jouw voorstelling van de werkelijkheid. Voor zover je dat gelukt vermink je de mensen en dan kunnen zij onmogelijk sociaal zijn. Allicht dat er dan wrijving ontstaat tussen het individu en de gemeenschap! In het Oostblok is dat wel op een bijzonder paradoxale wijze voor de dag gekomen. Het was de bedoeling van de elite, dus de communistische partij, een sociaal paradijs te stichten. Maar, door het de verkeerde kant uitdenken en dus ook het machtsdenken werd het een mensheid zonder mensen, waarvoor het fundamenteel onmogelijk was tot een gemeenschap uit te groeien. Precies daar waar men het socialisme meende te verwerkelijken kwam de terreur als het meest kenmerkende resultaat te voorschijn.

 

Een mens moet eerst zichzelf kunnen zijn om zich te kunnen vinden in een gemeenschap. Voor dat zichzelf zijn is maar ťťn ding nodig: vrijdenken! Zolang de kwaliteit van je denken nog bepaald wordt door politieke of godsdienstige ideologieŽn ben je nog niet aan vrijdenken toe. Je denken beantwoordt dan nog aan normen die van externe machten afkomstig zijn. Normen die bedacht zijn door plannenmakers die van het leven helemaal niets begrepen hebben. Normen dus die je verminken, ontmenselijken, in plaats van je de kans te geven je te ontplooien. Zodra je echter aan die normen gaat twijfelen, er onverschillig voor wordt, begint er iets van vrijdenken in je door te breken. Wat dan volgt is behoorlijk moeilijk. Je moet helemaal alleen die weg afleggen en alle verantwoording zelf dragen. Maar het loont de moeite, je bewijst er niet alleen jezelf maar ook de gehele mensheid een dienst mee!


 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

TERREUR ALS CULTUUR VERSCHIJNSEL

Uitzending 14 september 1990

 

Van alle kanten wordt ons verzekerd dat de koude oorlog afgelopen is. Het was eigenlijk een raar soort oorlog. Gevochten werd er niet, ondanks het feit dat er tot de tanden toe bewapende legers tegenover elkaar stonden en men zelfs al bepaald had dat Duitsland het slagveld zou zijn. Er werd alleen maar gedreigd, het wapengekletter was niet van de lucht. Het merkwaardige daarvan was dat die dreiging nauwelijks gericht was tegen die legers met alle daarbij behorende militaire doelen, maar vooral tegen de bevolking. Die kwam uiteraard in verzet, niet omdat ze zich eindelijk tot het pacifisme had bekeerd, maar vooral omdat ze nu een militair doelwit was geworden. Het verzet betrof dan ook voornamelijk de alles vernietigende atoomwapens. Nu de koude oorlog over is hoor je niet veel meer van de vredesbeweging, ondanks het feit dat bijvoorbeeld Irak nu weer oorlog voert. Maar daar hebben ze geen atoomwapens. Dus dat is niet zo ergÖ

Natuurlijk, de generaals en hun politieke handlangers, leugenachtig als altijd, deden het voorkomen alsof zij zuiver militair bezig waren. De burgerbevolking, zowel in Oost als in West, zou weliswaar bij miljoenen uitgeroeid worden, maar dat werd voorgesteld als een bijkomend ongerief. In elke oorlog vallen immers onschuldige slachtoffers! Toegegeven, het zouden er straks wat veel zijn, maar dat was bij de moderne oorlogsvoering nu eenmaal onvermijdelijk. Zo'n twintig miljoen doden aan beide zijden was nog wel aanvaardbaar! Maar, de oorlog op zichzelf zou nog steeds een ordelijke militaire aangelegenheid zijn.

Toch ging de dreiging uit naar de burgerbevolking. Je staat daar zo niet bij stil, maar dat is eigenlijk een geheel nieuw verschijnsel. Nog tot aan de tweede wereldoorlog werd het ongepast gevonden om de bevolking als doelwit van de strategie te beschouwen. De zogenaamde <open> steden mocht je niet bombarderen. Op burgers mocht je niet schieten. Uiteraard voelden die burgers een oorlog toch als uitermate bedreigend, maar die bedreiging lag meer in het ongemak, het verstoord zijn van het dagelijkse leven, het verlies van geliefden en de kans door een ongeluk de dood te vinden. Regelrecht bedreigd worden als militair doel was stellig niet de eerste zorg van de burgers. Dat is al vroeg in de tweede wereldoorlog veranderd. De Italianen moordden er in Afrika en in de Balkan naar hartelust op los, de Duitsers bombardeerden Warschau, Rotterdam en Londen en de geallieerden maakten de Duitse steden met de grond gelijk. En wat te denken van Hirosjima? Zo ongeveer iedereen vond dat heel gewoon. Het hoorde bij de 'totale oorlog', spijtig voor de slachtoffers!

Er is een verandering in het denken gekomen en die komt neer op een wijziging in het vijandbeeld. Het typische daarvan is dat sinds de tweede wereldoorlog mensen als 'vijand' bestempeld worden die het eigenlijk helemaal niet zijn. Dat kwam voordien ook wel voor, maar dan was het incidenteel, nu werd het een aspect van het gangbare denken. Van de mensen die toen in Dresden door de geallieerde bommentapijten uitgeroeid werden was feitelijk niets te duchten. Voor een groot deel waren dat overigens ook nog vluchtelingen. Vijanden kun je dat bepaald niet noemen. Toch werden zij als een militair doelwit gezien. Dat betekent dat de mensheid hard op weg is terroristisch te worden. Terreur is agressie tegen mensen die je vijand niet zijn, agressie tegen mensen die je nooit iets gedaan hebben, maar die je in je verhitte verbeelding als vijand bent gaan zien. Het is agressie tegen plaatsvervangende vijanden. Essentieel daarbij is de weerloosheid van die plaatsvervangers. Aan echte, weerbare vijanden wagen terroristen zich niet.

Dat we te doen hebben met een nieuwe wijze van denken over de medemens en dat dit een algemeen verschijnsel is en niet het vakidiotisme van uitsluitend de militairen, mag blijken uit het feit dat de terreur in onze moderne wereld een vertrouwd verschijnsel is geworden. Het kapen van een vliegtuig en het gijzelen van de passagiers is een goed voorbeeld. Wat is steeds weer gebleken? Die passagiers waren weerloos en speelden geen rol in welk conflict dan ook. Maar de terroristen traden op met groot geweld en verbeeldden zich echte soldaten te zijn die bereid waren voor de goede zaak hun leven te geven. Vaak hulden zij zich zelfs in militaire kledij. En wat gebeurde er als bleek dat niemand, behalve de gegijzelden, bang van hen was? Met de staart tussen de benen dropen zij tenslotte af nadat zij niets heldhaftigers hadden weten te doen dan enkele weerloze mensen doodschieten en losgeld vragen. Tenslotte bleek het dus alleen maar om een fictie te gaan. Het gooien van een handgranaat in een bus met schoolkinderen, in een kerk of in een cafť en dan vlug benen maken, een ongewapende soldaat uit zijn auto schieten, een vliegtuig in de lucht opblazen en zelf veilig op de grond en in de anonimiteit blijven, dat zijn de heldendaden van de terroristen!

Als vrijdenker heb je niets op met oorlog, met militairen en met geweld. Het vrijdenken leidt tot vredelievendheid, tot verdraagzaamheid en, in een conflictsituatie, het bespreken van elkaars argumenten. Maar tegelijkertijd zie je in dat het terrorisme de uitdrukking is van een weergaloze lafheid. Te laf namelijk om Ťcht voor je zaak te staan en ervoor te vechten met het risico van sneuvelen. Natuurlijk, op zichzelf is dat vechten onmenselijk, maar zelfs die onmenselijke zaak kan een eervolle achtergrond hebben, zoals dat vroeger bij de Grieken en de Romeinen en zelfs nog bij de West-Europese ridders het geval was. Ook de waanzin heeft nu eenmaal zijn nobele kantÖ

In tegenstelling tot wat velen menen is het terrorisme geen achteruitgang in onze cultuur. Het is daarentegen een onvermijdelijk aspect van een verdere ontwikkeling. Dat zal u vreemd in de oren klinken, maar dan wijs ik u er op dat wij gewend zijn alleen maar die zaken als een vooruitgang te zien die door ons positief gewaardeerd worden. We vergeten daarbij dat de negatieve zaken zich mťť ontwikkelen en er niet van afgedacht kunnen worden. Zo berust het terrorisme in de grond van de zaak op de omstandigheid dat er eigenlijk geen duidelijke vijanden meer zijn. De mensheid immers realiseert zich steeds meer als een mensheid van individuele mensen en niet van collectieven die op ideologieŽn, staten, nationaliteiten en rassen gegrond zijn. Het collectieve bewustzijn raakt uitgehold. Dat is gebleken toen onlangs de mensen zelf - en in het geheel niet de staatslieden - een einde aan de koude oorlog gemaakt hebben.

Dat is de positieve kant van de zaak. Maar de negatieve kant is dat de vijandigheid een andere dimensie krijgt. Hij wordt meer particulier van karakter en loopt uit in terrorisme , van de RAF, van de IRA, van de Palestijnen. Maar ook gewoon op straat. Het enige lichtpuntje is dat het steeds moeilijker wordt de mensen in een collectief te dwingen om een echte oorlog te gaan voerenÖ

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

 

UNIFORMEN MAKEN DE MAN

Uitzending 2 november 1990

 

Volgens de vrijdenkers bestaat er een verband tussen godsdienst en militarisme. Zij vinden het beslist niet toevallig dat de meeste godsdienstige mensen voorstander zijn van het in stand houden van een leger, zich fanatiek verzetten tegen ontwapening, en er al helemaal niet over peinzen om het initiatief tot wapenvermindering te nemen. Alle christen-democratische partijen in het westen zijn oorlogszuchtig, uiteraard niet meer zo dat zij enthousiast tot de strijd oproepen, maar wel in die zin dat zij onmiddellijk en zonder veel scrupules bereid zijn in conflictsituaties over te gaan tot militair geweld. Dat is nu weer met de Golf-crisis gebleken.

Maar het geldt niet alleen voor de christen-democraten in het westen. Het geldt voor iedereen die op de een of andere manier een god aan zijn zijde weet. Automatisch denk je daarbij op het ogenblik aan het feit dat Saddam Hoessein van Irak de overgrote meerderheid van de Islamieten achter zich krijgt door zijn terrorisme te verkopen als een 'heilige oorlog' en de aanwezigheid van Amerikaanse soldaten in Saoedi-ArabiŽ een 'ontwijding van de heilige plaatsen van de Islam' te noemen. En een paar jaar geleden kostte het de ayatolla Khomeiny geen enkele moeite om duizenden jonge mannen de dood in te jagen in de strijd tegen Irak. Een beroep op Allah was voldoendeÖ

Zo zijn er talloze voorbeelden te geven. We herinneren ons dat de Duitse soldaten zelfs op hun koppelriem hadden staan dat 'Gott mit uns' was. Nu is dat eigenlijk een omkering van de feiten: god staat hen niet terzijde, hij is wezenlijk degene die tot de strijd oproept. Ideologisch gezien kan dat niet anders. Elke ideologie houdt het streven in om de gehele wereld te onderwerpen, omdat het altijd om een hÚÚgste macht gaat die per definitie geen andere macht naast zich duldt. Het behoeft je dus helemaal niet te verbazen dat de aan zo'n ideologie onderworpen mensen krijgszuchtig zijn, zŤlfs als zij bij hoog en laag volhouden dat het hen om 'vrede op aarde' zou gaan.

Natuurlijk laat in de praktijk geen enkele godsdienstige zich iets aan zijn god gelegen liggen. In de praktijk gaat het louter om macht over zijn medemensen. Die moeten zich onderwerpen aan de heilige geboden. In feite moeten zij zich dus onderwerpen aan diegenen die beweren namens het hogere principe op te treden. Daar ligt de verbinding tussen de ideologie en de maatschappij. Godsdienstigen hebben het steeds over god, maar zij bedoelen een bepaald soort maatschappij. Zij bedoelen een theocratie, een maatschappij die opgebouwd is overeenkomstig regels waarvan zij bewťren dat die van god afkomstig zijn, maar die zij in werkelijkheid zŤlf bedacht hebben.

Zo'n maatschappij blijkt statisch van karakter te zijn. Dat is te begrijpen want men verbeeldt zich dat het goddelijke iets eeuwigs is, iets dat altijd zichzelf gelijk blijft en dat niet, zoals de materiŽle wereld, aan verandering onderhevig is. Hetzelfde moet dus ook voor de maatschappij gelden: vooral geen veranderingen en strikte handhaving van 'gods bestel'. Het moet een voor eeuwig vaststaand stelsel zijn waarin alles en iedereen zijn plaats heeft en waarin bovendien een duidelijke verdeling tussen hogere en lagere mensen en dingen aanwezig is. Een maatschappij dus waarin alles maar om ťťn ding draait: de hiŽrarchie. Ben je als slaaf geboren dan zul je gedwee slaaf blijven, ben je een meester, dan zul je dat ook onverbiddelijk zijn! Verzet daartegen is verzet tegen gods wil!

De individuele uitdrukking van de hiŽrarchie is het uniform en dan speciaal het uniform van de militair. Daaraan kun je niet alleen zien dat hij behoort tot de groep die de hiŽrarchie vertegenwoordigt en beschermt, maar ook kun je zien of hij een hogere of lagere rang heeft. Daartoe wordt het uniform rijkelijk versierd met glimmende blikjes en gekleurde lapjes. Bovendien wordt het hoofd getooid met een hoofddeksel dat, afhankelijk van de krijgshaftigheid van de man, van staal kan zijn of van een op vreemdsoortige wijze gemodelleerd stukje stof. En daar staat hij dan, zich terdege bewust van zijn waardigheid, de verpersoonlijking van recht en orde, de ruggegraat van de maatschappij, fatsoenlijk en vooral godvrezend. Maar zijn orde is die van het geweld, zijn recht is gehoorzaamheid en zijn fatsoen is onderdanigheid. Dus: berg je maar!

Ook in de moderne wereld vind je nog overal vormen van statische maatschappijen met de daarbij behorende verheerlijking van het militarisme. De golfstaten bijvoorbeeld bezitten nog allemaal een statische structuur en bijgevolg hebben ze allemaal of een puur militair of een op militaristische leest geschoeid bewind. Aan de top zie je dan ook alleen maar mannen in militaire uniformen. Yasser Arafat draagt zelfs een revolver op de heup. Je ziet ook dat men overal traditionele godsdienstige waarden verdedigt en dat de bevolking onderworpen is aan dictatoriale vorsten en zogenaamde geestelijken die met behulp van gluiperige veiligheidsdiensten een niets ontziende terreur tegen hun eigen bevolking uitoefenen. En waar men zichzelf democratisch vindt, zoals in IsraŽl, is in feite ook sprake van een theocratische maatschappij. Het aanzien van het leger is dan ook groot, het is eigenlijk gods legerÖ

In de westerse landen is het met een statisch wereldbeeld samenhangende militarisme langzaam aan het verdwijnen. Dat is nog niet zo erg lang het geval. In Duitsland bijvoorbeeld is dat proces pas na de tweede wereldoorlog begonnen. De ouderen onder ons herinneren zich ongetwijfeld dat iedere Duitser die in staatsdienst trad zich onverwijld in een uniform stak. De indertijd zo populaire Duitse en Weense operettes hadden bijna allemaal een militair als hoofdpersoon.

En het inspecteren van erewachten schijnt tegenwoordig zelfs weer in zwang te komen. Ook in ons land bezondigt men zich weer aan deze gruwel. De vertoning rond de gouden koets op Prinsjesdag wint aan populariteit. Kortom: het besef dat uniformen de man maken is nog lang niet helemaal verdwenen. Maar het verdwijnt wel en dat is het gevolg van een zich langzamerhand wijzigende visie op de maatschappij en uiteraard ook op de godsdienst.

In de moderne landen is men namelijk een stapje verder gekomen: men ziet de maatschappij niet meer als een statische aangelegenheid, maar als een dynamische. In zo'n maatschappij is het niet meer van belang welke positie iemand inneemt, wat zijn plaats in de hiŽrarchie is, maar welke functie iemand uitoefent. Dat is een dynamische zienswijze. De maatschappij wordt gezien als een in zichzelf beweeglijke zaak. Vandaar dat men niet meer van 'regeren' spreekt, maar van 'beleid voeren' en dat men het niet meer heeft over het uitoefenen van macht, maar over 'besturen'. Een begrip dat heel duidelijkverband houdt met iets dat in beweging is.

Natuurlijk zijn er conservatieve tegenkrachten. Het zijn vanzelfsprekend de godsdienstigen die almaar bezig zijn die beweeglijkheid af te remmen. Maar het is vergeefse moeite, zij kunnen toch niet beletten dat het besef van een dynamische maatschappij almaar meer veld wint. Daarmee wordt ook het militarisme teruggedrongen. Dat wil nog niet zeggen dat het militaire apparaat al afgeschaft wordt. Voorlopig verliest het zijn maatschappelijk aanzien.

In ons land bijvoorbeeld maken de uniformen al lang de man niet meer. Als de generaal geloofwaardig wil overkomen op de televisie steekt hij zich schielijk in het burgerpak want in uniform neemt niemand hem serieus!

De vrijdenkers zijn in de vorige eeuw al begonnen zich tegen die statische maatschappij-opvatting te verzetten. En nog steeds bestrijden zij zowel de godsdienst als het militarisme. Uniformen maken de man niet, neen, zij doen hem juist verschralen tot een asociale, agressieve en levensgevaarlijk machtzoeker.


 


"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

MEER OVER HET VRIJDENKEN

Uitzending 20 februari 1991

Bladwijzers: BETERE WERELD-1 ; BETERE WERELD-2

 

De geschiedenis van het georganiseerde vrijdenken in Nederland vangt in 1856 aan met de oprichting van de Vrijdenkersvereniging 'De Dageraad'. Dit jaar is dat dus 135 jaar geleden. De vrijdenkers van toen richtten hun kritiek en verzet voornamelijk op de godsdienst die toentertijd de wet voorschreef op alle terreinen van het leven. Zelfs in de wetenschap had de godsdienst het laatste woord. Charles Darwin bijvoorbeeld heeft daarmee heel wat te stellen gehad. Hij had namelijk een boek geschreven over het feit dat de mensen het resultaat zijn van een natuurlijk evolutie-proces waarin steeds ingewikkelder organische systemen elkaar logisch opvolgen. Dat nu was in strijd met het scheppingsverhaal uit de bijbel en dus mocht het niet waar zijn. Als je achteraf leest waarmee niet alleen de priesters en de dominees, maar ook de meeste wetenschappers, op de proppen kwamen om Darwin onderuit te halen rijzen je de haren te berge. Je snapt eenvoudig niet hoe iemand die onzin serieus heeft kunnen nemen. Hoewel: ook vandaag de dag zijn er nog hele volksstammen die het 'creationisme', een onmogelijk soort scheppingstheorie, aan de man proberen te brengen. Vooral de Amerikanen zijn daar fanatiek in. Met veel poeha misbruiken zij onze wetenschappelijke kennis om zogenaamd te bewijzen dat god inderdaad de wereld geschapen heeft. En ook in ons land vindt die onzin nog steeds een willig oor bij onnozele gelovigenÖ

Hoe dan ook, het werd al in 1856 hoog tijd dat een aantal vrijdenkende mensen in verzet kwam. Welbeschouwd lag dat geheel in de geest van de tijd. Het wetenschappelijk onderzoek begon vruchten af te werpen en de vrijdenkers van 'De Dageraad' begrepen heel goed dat je het daarvan moest hebben als je onder de macht van die alles overheersende godsdienstige onzin uit wilde komen. Toch hebben zij zich tot op zekere hoogte vergist, want inmiddels weten wij dat de godsdienst in feite slechts een symptoom is van een dieper ingekankerde kwaal, namelijk die van een onvrij dŤnken, een denken dat met behulp van geraffineerde opvoedkundige trucs al buiten spel is gezet voordat het zich heeft kunnen ontplooien.

Iets dergelijks overkwam de vrijdenkers later. Aan het eind van de vorige eeuw werd het hen duidelijk dat niet alleen de godsdiensten de mensen in het verderf storten, maar dat dit ook in niet geringe mate te wijten is aan misdadige maatschappelijke omstandigheden. Dus kregen de activiteiten van 'De Dageraad' ook een sterk sociaal en zelfs wel socialistisch karakter: gericht tegen staatsmacht, tegen de kerk en de kroeg, tegen militarisme en kolonialisme, maar vůůr een vrije, niet partij-gebonden democratie van gelijkwaardige vrouwen en mannen. Het verzet tegen de maatschappij nam zulke grote vormen aan dat de brave burgers, natuurlijk zonder uitzondering godsdienstig, elkaar voor 'De Dageraad' gingen waarschuwen. Het was bepaald niet best als je ervan verdacht werd vrijdenker te zijn! Zelfs tot na de tweede wereldoorlog was 'De Dageraad' gevreesd vanwege haar radicale opvattingen over alle mogelijke aspecten van onze maatschappij.

 

Helaas was na 1945 de sfeer in de westerse wereld van dien aard dat die oude dwarse 'Dageraad' behoorlijk uit de toon viel. Men zou immers een nieuwe en betere wereld op gaan bouwen! Daarin pasten geen dwarsliggers. Enkele, wat meer intellectuele, vrijdenkers richtten toen het Humanistisch Verbond op, met de bedoeling loyaal mee te gaan doen in het maatschappelijk bestel. Niet tegenover de godsdienst en de maatschappelijke instellingen, maar ernŠŠst en op die wijze streven naar een betere wereld, uiteraard vooral voor de humanisten. Andere vrijdenkers, die terecht van mening waren dat die zogenaamd betere wereld onvermijdelijk ook niet veel soeps zou zijn, bleven 'De Dageraad' trouw, maar niet zonder concessie aan de tijdgeest: zij veranderden de naam van hun vereniging in het neutraler 'De Vrije Gedachte'.

Toch bleek ook deze sociale kijk op de menselijke werkelijkheid een eenzijdige te zijn. Het is wel juist dat de maatschappelijke omstandigheden het zich ontplooien van de mensen onmogelijk maken, maar het is evenzeer juist dat verbetering dŠŠrvan niet zonder meer tot een goede wereld leidt. Verbetering van de maatschappij is, hoe goedbedoeld ook, toch niet meer dan symptoombestrijding. Wij kunnen inmiddels allemaal aan den lijve ondervinden dat onze verbeterde omstandigheden de leugen en het bedrog, het elkaar naar het leven staan en het elkaar bestelen helemaal niet uitgebannen hebben, nee sterker nog: dat zelfs verergerd hebben! De onmenselijkheid en de fundamentele misdadigheid zijn alleen maar geraffineerder geworden. Er is steeds duidelijker uitgekomen wat er al vanaf de aanvang van onze cultuur in zat: een totaal verkeerde waanzinnige kijk op onszelf en de werkelijkheid. Die waanzin is het gevolg van een bij voorbaat al onschadelijk gemaakt denken.

De mensen hebben allemaal een bepaalde voorstelling van de werkelijkheid. Die voorstelling is opgebouwd uit ervaringen die wij vanaf onze conceptie opgedaan hebben. De meeste van die ervaringen zijn ons vanaf onze vroegste jeugd opgedrongen, er is ons van allerlei ingeprent, niet in de laatste plaats via het onderwijs. Bedacht hebben wij zelf maar heel weinig. Bijna alles is ons wijsgemaakt zonder dat wij zelfs maar de gelegenheid hebben gekregen te controleren of het allemaal wel klopt. Deftig gezegd: wij zijn op een verschrikkelijke manier geconditioneerd. Het kan zijn dat sommige van die conditioneringen op waarheid berusten, maar zeker is dat de meeste op een waan gebaseerd zijn. En wij hebben het voor ons eigen denken onmogelijk gemaakt daar achter te komen.

In het moderne vrijdenken gaat het er om die ziekmakende waan te doorbreken. Je kunt zeggen dat het moderne vrijdenken haar onderwerp niet meer zozeer zoekt in uiterlijkheden, zoals de godsdienst en de maatschappij, maar primair in de werkelijkheid die wij zelf zijn. Omdat je echter om te beginnen niet kunt weten wat er allemaal fout is aan je eigen voorstelling van de werkelijkheid is er maar ťťn weg om uit dit probleem te komen: trek alles wat je als vanzelfsprekend voor de waarheid houdt in twijfel, word in alle denkbare betekenissen van het woord 'ongelovig'. Realiseer je dat je van de meeste 'waarheden' die je voorgespiegeld worden de juistheid voorlopig niet kunt controleren en dat het daarom beter is iets niet te weten dan het in je onnozelheid verkeerd te weten. Als je je die 'ongelovigheid' eigen maakt zul je bemerken dat je langzaam maar zeker een heel andere kijk op onze wereld

krijgt en dat, met het verhelderen van die kijk, je afhankelijkheid van ideologieŽn, van machtsstructuren en zogenaamde deskundigen als sneeuw voor de zon verdwijnt. En daarvoor in de plaats komt inzicht in het raadselachtige gedoe in deze wereld en het laten gelden van de werkelijke verhouding tot de medemens en de natuur. Het is bepaald niet gemakkelijk om de weg van het 'ongeloof' te gaan. Voorlopig kun je er alleen maar bij verliezen. Alles waarvan je zeker dacht te zijn blijkt een illusie en veel begrip bij je omgeving zul je ook niet vinden. Maar toch, als je de waanzin om je heen zat bent en van de mooie praatjes de buik vol hebt is er geen keus. Alleen vrijdenken, niet in de zin van het innemen van ferme standpunten, maar juist in de zin van ongeloof en argwaan, kan uitkomst brengen.

Voor vrijdenken behoef je je niet aan te sluiten bij De Vrije Gedachte. Een dergelijk lidmaatschap geeft geen enkele garantie voor vrijdenken. Maar het is misschien prettig onder geestverwanten te verkeren en het kan in ieder geval geen kwaad je wat nader te informeren. Doe dat door een kaartje te sturen naar De Vrije Gedachte!

Bladwijzers: BETERE WERELD-1 ; BETERE WERELD-2

 

 



"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

HIJ ZAG DAT HET GOED WAS ...

Uitzending 17 april 1991

 

In de bijbel wordt verteld dat god de aarde geschapen heeft en het leven op aarde en tenslotte de mens. Hij deed dat in fasen en na elke fase stelde hij vast 'dat het goed was'. Wij vrijdenkers weten al lang dat er helemaal geen god is die de aarde, het leven en de mens geschapen heeft. Op een aantal halsstarrige gelovigen na weet inmiddels iedereen dat onze wereld het gevolg is van processen in de materie en dat die processen niet door een god in gang zijn gezet, maar onvermijdelijk meekomen aan het energetische karakter van die materie zelf. Toch is er best wel van een schepping te spreken. Het zijn namelijk de mensen die vanaf hun eerste dag op aarde aan de gang zijn gegaan om een wereld te scheppen, een wereld van mŤnsen. Intussen zijn zij een heel eind op streek met hun scheppings-activiteiten, maar in tegenstelling tot de god uit het scheppingsverhaal moeten zij nu vaststellen 'dat het helemaal niet goed is'...

 

Dat is voor de gelovigen aanleiding om vast te stellen dat de mensen zondaren zijn. Dat zij zijn afgeweken van gods plan en nu de wrange vruchten daarvan moeten plukken. Maar dat is natuurlijk onzin! De werkelijkheid ontwikkelt zich niet volgens een van tevoren opgesteld plan en al helemaal niet volgens een goddelijk plan. De enigen die plannen kunnen maken zijn de mensen. Die doen dat dan ook met grote voortvarendheid. Hun plannen hebben de bedoeling de wereld in bezit te nemen.

Dat doen zij doormiddel van veroveringen, economische groei en wetenschappelijk onderzoek. Wij vinden dat allemaal heel gewoon, wij zijn niet anders gewend. Maar is het wel zo gewoon? Wat is eigenlijk het kenmerkende van diegenen die het meeste succes hebben? Onmiddellijk valt op dat het om mensen gaat die alles voor zichzŤlf willen hebben en die onverschillig zijn voor de rest van de wereld.

Het zijn mensen die als het ware de werkelijkheid verbreken door zichzelf uit het geheel los te maken en te laten gelden als de enige waar alles om draait. Zo stellen zij zich op als koningen en keizers, als economische 'captains of industry' en als wetenschappelijke dictators.

In alles proberen zij de maat te zijn, zij verbeelden zich dat de wereld hun persoonlijk bezit is en zij zijn voortdurend bezig dat anderen in te prenten, desnoods met geweld. En zij komen met mooie verhalen waaruit moet blijken dat zij het heil van de mensheid beogen. Maar het gevolg van hun daden is een bittere economische en intellectuele armoede voor de overgrote meerderheid van de wereldbevolking. En niet alleen de mensen vervallen tot armoede, ook de planeet zŤlf, waarmee wij allemaal ťťn samenhangend geheel vormen, raakt steeds verder uitgeput.

De industrie produceert tegenwoordig heel wat spullen. De meeste van die spullen zijn nuttig. Wie zal beweren dat een koelkast, een vrachtauto, een radio, een theepot en noem maar op niet nuttig zijn? Nuttig is een product als het gemaakt wordt omdat de mensen het nodig hebben. Als de productie en de economie die doelstelling hebben is het inderdaad een feit dat de mensen bezig zijn hun wereld om te zetten tot een menselijke wereld. Zij zijn dan daadwerkelijk bezig een nieuwe wereld te scheppen en je kunt dan met recht zeggen: "zij zien dat het goed is". Dat wil zeggen: de zaak ligt op maat. Maar het beroerde is dat dŗt helemaal de bedoeling niet is: De productie is er niet om iedereen van het nodige te voorzien, maar de productie is er alleen maar voor de producent, en wel om er zelf beter van te worden. Dat wil zeggen: nog meer van de wereld in bezit te nemen.

Het bijeen graaien van een zo groot mogelijk gedeelte van de wereld heeft natuurlijk alleen maar zin als het om waardevolle zaken gaat. Het verzamelen van waardevolle zaken is echter niet mogelijk zonder het afstoten van waardeloze zaken. Bijgevolg hecht men geen enkele waarde aan een groot gedeelte van onze aarde. Dat kan rustig verwaarloosd worden, dat kan rustig verkommeren, men heeft er geen boodschap aan. Als de zogenaamde welvaart toeneemt, de economie groeit, verkommert onvermijdelijk in toenemende mate onze aarde, de natuur en ook een groot deel van de wereldbevolking. Daaraan is niet te ontkomen!

Is het waar dat je daaraan niet kunt ontkomen? Zitten wij in een onoplosbaar dilemma? Dat is de essentiŽle vraag die aanstaande zaterdag op de studiedag van het Humanistisch Studiecentrum Nederland gesteld zal worden. We hebben het dan over 'Humanistische visies op groei en evenwicht'. U kunt gaan luisteren naar datgene dat de spreeksters en sprekers daarover te zeggen hebben. U moet dan om tien uur aanwezig zijn in het gebouw van Humanitas in Rotterdam. Vanuit verschillende invalshoeken zullen wij onze gedachten laten gaan over dat dilemma.

Voor de vrijdenkers is er eigenlijk geen dilemma. Vanaf het moment dat de mensen in gaan zien dat zij met zijn allen de wereld bezitten en dat dit niet het alleenrecht van enkelingen is, is het dilemma als vanzelf opgelost. De oplossing is dus te vinden in ons eigen denken. Zodra dat denken vrij is wordt de samenhang van alles wat er op de wereld is duidelijk en dan wordt het onmogelijk dat enkelingen zich losmaken uit het geheel en zich eenzijdig ten koste van anderen verrijken. Als iedereen in zijn of haar denken zover is gekomen dat als vanzelfsprekend af te wijzen veranderen ook automatisch de opvattingen over de economie en de technologie. Beide staan dan niet langer ten dienste van machtige enkelingen, maar ten dienste van de gehele mensheid.

Dat leidt tot een geheel andere wijze van produceren. Op het ogenblik gaat het bij de productie uitsluitend om de winst die het product oplevert. Valt er geen winst te behalen wordt er niet geproduceerd. Bovendien wordt er nu zo goedkoop mogelijk geproduceerd, niet om de zaak voor de mensen betaalbaar te maken, maar om zoveel mogelijk winst binnen te halen. Gevolg daarvan is dat de kwaliteit beneden peil is en zelfs steeds minder wordt, terwijl de prijzen stijgen.

Maar wat stellig nog het allerergste is: het technologische proces wordt niet in volle omvang ŗfgedacht. Men houdt bij het winnen van de grondstoffen geen rekening met het milieu en dat doet men ook niet bij het verwerken. En het afval wordt als waardeloze rommel beschouwd die je op een slinkse manier moet zien kwijt te raken. Kortom: de technologische gedachtengang over de productie is niet compleet, hij blijft beperkt binnen de hekken van het fabrieksterrein. Dat de wereld zich ook nog buiten dat terrein uitstrekt blijft economisch en technologisch buiten beschouwing. Ook bij de productie zie je dus dat men zich losmaakt uit het samenhangende geheel en zichzelf het monopolie van het bezit van de wereld toekent.

Voor de goede orde: wat ik hier gezegd heb geldt niet alleen voor de zogenaamd kapitalistische wereld, het geldt evenzeer en misschien nog wel erger voor de socialistische, alleen wordt het daar anders genoemd. Nu is het een clubje partijbonzen dat er op uit is zoveel mogelijk in bezit te nemenÖ

Zolang je niet vrij denkt, onafhankelijk van gezag en macht, partij en overheid, staatsbelang en individueel belang, ben je niet in staat de werkelijke verbanden in deze wereld te laten gelden en dan lukt het je ook niet een menselijke wereld te scheppen. Je verbreekt dan steeds het evenwicht en je economische groei is niets meer dan het spekken van je eigen buidel. Daarmee bewijs je jezelf en de wereld een slechte dienst. Je zult dan steeds zien 'dat het niet goed is'...

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

GOD NOCH GEBODÖ

Uitzending 25 september 1991

 

Je hoort de mensen nogal eens beweren dat vrijdenkers leven zonder god noch gebod. Het kan zijn, zoals zo vaak het geval is, dat die mensen niet weten wat zij zeggen, maar zij hebben in ieder geval wel gelijk. Vrijdenkers leven inderdaad zonder god, noch gebod. Nu is dat eerste zo langzamerhand wel bij iedereen bekend. Vrijdenkers zien de werkelijkheid als een zaak die uitsluitend op grond van zŤlforganisatie van de materie ontstaan is en waarin helemaal geen plaats is voor een scheppende supermacht, die leiding geeft aan ontstaan en bestaan. De mededeling dat vrijdenkers zonder god leven is dus niet zo opzienbarend. Je zou er hoogstens aan toe kunnen voegen dat in feite iederŤŤn zonder god leeft, godsdienstig of niet. Maar dat doet nu niet zoveel terzake ...

Het gaat nu om de gedachte dat vrijdenkers zonder geboden leven. Dat is iets dat zowel godsdienstige als niet-godsdienstige mensen zwaar op de maag ligt. Bijna iedereen is er immers van overtuigd dat er regels en geboden moeten zijn en dat die nagevolgd moeten worden. Regels die in onderling democratisch overleg tot stand gekomen zijn en geboden die op de een of andere manier van een hogere macht afkomstig zijn, hetzij een goddelijke hogere macht, hetzij een menselijke. En daar moet je je aan houden. Doe je dat niet, dan wordt het een rommeltje. Iedereen doet dan maar waar hij zin in heeft met als gevolg dat de hele samenleving in elkaar stort. Men heeft het dan over anarchie en dat vindt men zo iets verschrikkelijks dat alleen het woord al de mensen doet huiveren. Moord en doodslag, de wet van de sterkste wordt het algemene kenmerk van zo'n samenleving. Zonder regels en geboden is er niet te leven. Dat is de mening van vrijwel iedereen.

Maar, de praktijk laat iets heel anders zien.

Het blijkt dat alle nieuwe ontwikkelingen steeds beginnen met ongehoorzaamheid, met onverschilligheid voor en verzet tegen de geldende regels en geboden.

En omgekeerd blijkt dat het almaar gehoorzaam opvolgen van de regels en de geboden tot een rampzalige verstarring leidt. Dat blijkt op het terrein van het maatschappelijk leven en zelfs ook op dat van de wetenschap. Alle vooruitgang houdt een ontkenning van het bestaande in. Een mooi voorbeeld daarvan zien wij heden ten dage in Oost-Europa en in de Sowjet-Unie. Daar komen de mensen in verzet tegen het communistische systeem en zij zeggen de gehoorzaamheid aan de geldende regels en geboden op. De communistische maatschappij was volkomen vastgelopen, enerzijds doordat die regels en geboden niet deugden, maar anderzijds vooral omdat er met een onvoorstelbare hardnekkigheid en gewelddadigheid aan vastgehouden werd. De orthodoxie vierde hoogtij. Een anderhalve eeuw oude maatschappij opvatting was tot dogma geworden.

 

Een tijdlang hebben de regels en geboden wel enigszins gefunctioneerd, maar het is het conservatisme, de behoudzucht, die de zaak in het honderd deed lopen. Een maand geleden hebben wij in de Sowjet-Unie weer eens kunnen zien tot welke schurkenstreken orthodoxen in staat zijn als zij vinden dat het uit moet zijn met de ongehoorzaamheid. In feite vinden zij dat er geen ontwikkeling mag zijn, geen vooruitgang, geen nieuwe ideeŽn en praktijken. Want daarop komt hun behoudzucht in wezen neer. Gelukkig heeft de ongehoorzaamheid ditmaal het pleit beslecht. Essentieel is daarbij in de eerste plaats de ongehoorzaamheid van het Russische volk. Dat verzette zich zonder acht te slaan op regels en geboden. En daarmee zette zich de bevrijding van het individu door, een ontwikkeling die nooit meer ongedaan gemaakt zal kunnen worden. Datzelfde geldt voor de Baltische staten en een aantal andere Sowjet republieken. Waarom het dus gaat is dit dat het zich niet houden aan regels en geboden de werkelijke drijfveer is van alle maatschappelijke dynamiek. Wil je ergens naar toe, dan zul je het oude achter je moeten laten. En niet alleen dat: je zult het moeten ŗfwijzen.

Voor vrijdenkers is dat een vanzelfsprekendheid.

In die zin leven zij dan ook zonder regels en geboden. De vrijdenkersvereniging De Vrije Gedachte is niet gebaseerd op regels en geboden, juist omdat vrijdenkers beseffen dat het om de ontwikkeling van het vrijdenken gaat en niet om het vasthouden aan reglementen. Toch blijken er in de vereniging bepaalde regels te gelden. En de individuele vrijdenkers leven ook volgens bepaalde regels, regels die zelfs zo af en toe door iemand op schrift gesteld worden en bediscussieerd. Je kunt je dus afvragen hoe dat nou zit met die ongehoorzaamheid van de vrijdenkers!

 

Welnu, het afwijzen van regels en geboden gebeurt op grond van het van buitenaf en bij voorbaat gebiedende karakter ervan. Gehoorzaamheid daaraan betekent namelijk dat je je slaafs en zonder tegensputteren onderwerpt aan voorschriften die je door anderen gegeven worden, met de pretentie dat die voorschriften voor iedereen zouden gelden, algemeen geldig zouden zijn. Het woord zegt het al: het zijn vÚÚr-schriften, ze worden je bij voorbaat en van buitenaf opgelegd. Deze eigenaardigheid van regels en geboden, namelijk dat zij je van buitenaf en bij voorbaat worden voorgeschreven, wordt door vrijdenkers niet geaccepteerd. Zij zien niet in waarom ze bij voorbaat al verplicht zouden zijn zich er aan te houden, alleen maar op grond van het feit dat het nu eenmaal regels en geboden zijn.

Betekent dat nu ook dat zij zich nergens aan houden, zich aan niets gelegen laten liggen en zelfs eigenlijk asociaal zijn, zoals sommigen beweren? Neen, dat betekent het niet! Het gaat er alleen maar om dat zij zich niet bij voorbaat onderwerpen, maar daarentegen zŤlf uitzoeken of de zaak redelijk is of niet. Blijkt dat hij redelijk is, en dus bevorderlijk voor het welzijn van de mensen en het functioneren van de maatschappij, dan gaan zij er gaarne mee accoord. Dat is geen onderwerping maar vrijheid, immers: niemand behoeft hen te dwingen zich er aan te houden. Op het moment dat je zelf iets redelijk vindt houd je je er vanzelfsprekend aan. En dan ga je niet stiekem, als niemand het ziet, er toch van afwijken. Behalve natuurlijk in het geval dat de omstandigheden of je eigen inzichten veranderd zijn en je de zaak helemaal niet redelijk meer vindt. De ongehoorzaamheid van de vrijdenker is dus verzet tegen datgene dat van buitenaf komt en de pretentie heeft gezaghebbend te zijn. De vrijdenker is in deze zaken een individualist, iemand die het zelf wel uitzoekt en er ook zelf de verantwoordelijkheid voor draagt.

Dat besef van verantwoordelijkheid heeft tot logisch gevolg dat de vrijdenker betrouwbaar is, niet het ene zegt en het andere doet. En het heeft ook tot gevolg dat zij of hij solidair is met al diegenen op de wereld die zich in verantwoordelijke ongehoorzaamheid inzetten voor de verlichting van de mensheid . Solidair dus met de opstandigen.

Natuurlijk wordt hen dit niet in dank afgenomen.

Wij leven nog steeds in een wereld waarin de macht en het gezag maatgevend zijn. Een wereld waarin je bij voorbaat gehoorzaam moet zijn en waarin, ondanks alle democratie, nog steeds niet naar je mening gevraagd wordt.

Ja, soms geeft men hoog op over de wil van het volk, zoals we de vorige maand in de Sowjet-Unie gezien hebben. Maar naar de mening van datzelfde volk werd een paar dagen voor de staatsgreep niet gevraagd en dat zal ook nu weer het geval zijn. Tijdelijk viel het belang van het volk samen met dat van nieuwe machthebbers en dus: leve het volk! Maar straks heeft het weer te gehoorzamen.

Straks wordt zelfs dat kleine beetje vrijdenken weer onderdrukt.

En dat geldt niet alleen daar, het geldt ook hier: De vrijdenkersbeweging is dus enorm belangrijk .. !

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

DE MAAGD EN HET KIND

Uitzending 23 december 1991

Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ;

 

Eigenlijk is het heel merkwaardig dat er in de westerse cultuur een godsdienst beleden wordt. Immers, we hebben te doen met een uitermate zakelijke cultuur waarin alles draait om de waarneembare en onderzoekbare dingen. De mensen uit die cultuur voelen er niets voor om zomaar iets aan te nemen. Als je hen van iets wilt overtuigen zul je met harde bewijzen moeten komen. Dat het niemand ooit gelukt is te bewijzen dat god bestaat is een onloochenbaar feit. Toch geloven de meeste westerse mensen in het bestaan daarvan. Dat is een ongerijmdheid die je niet zonder meer kunt verklaren door de godsdienstige indoctrinatie waaraan al die mensen blootgestaan hebben.

 

Juist die westerse mensen laten zich niet zo gemakkelijk indoctrineren, tenzij ... inderdaad, tenzij je het doet voorkomen of er wel degelijk bewijzen zijn voor het bestaan van een opperwezen. Bij de EO hebben ze een tijdje geleden geprobeerd op natuur wetenschappelijke wijze aan te tonen dat het heelal door god geschapen moest zijn, maar dat is een fiasco geworden. Niemand met een beetje verstand van natuurkunde trapte daar in. Zoiets moet je dan ook anders aanpakken!

Al 2000 jaar weten de christelijke geestelijken dat het veel eenvoudiger en overtuigender kan. Je moet je gewoon beroepen op getuigenverklaringen! En die staan in overvloed in de bijbel. Getuigenverklaringen slaan op gebeurtenissen die echt plaats gevonden hebben, althans ... die suggestie wekken zij. Zo hebben ook de verhalen uit de bijbel een schijn van betrouwbaarheid aan zich. En de westerse mensen trappen daar in. Het is echt gebeurd, er zijn getuigen, dus: het mÚet waar zijn. Je behoeft je er dan ook niet over te verbazen dat de christelijke priesters en dominees het in hun preken eerst over de een of andere bijbelse gebeurtenis hebben om je vervolgens de moraal van het verhaal op de mouw te spelden. Een moraal die overigens nauwelijks diepgang heeft. Zij is zo simpel dat je haar met enige fantasie uit vrijwel elke alledaagse gebeurtenis kunt destilleren, als je maar gelooft in een bovenaardse macht. De zogenaamde getuigenissen waar de moderne evangelisatie-christenen je mee doodgooien spreken wat dit betreft een duidelijke taal...


Toch is er een moeilijkheid met die verhalen uit de bijbel. Je moet vooral uitkijken met de vier EvangeliŽn uit het Nieuwe Testament. Daartussen zitten namelijk nogal wat sprookjes. Nu is het eigenaardige van sprookjes dat zij een waar verhaal vertellen aan de hand van gefingeerde en volstrekt Únmogelijke gebeurtenissen. Vooral de mensen uit de oudheid waren meesterlijke sprookjesvertellers. Zelf wisten zij natuurlijk heel goed dat het sprookjes waren, maar, een paar eeuwen later geloven de meeste westerse mensen dat het getuigenverklaringen zijn van Ťchte gebeurtenissen. Dat pleit niet voor de wereldbeschouwing en het denken van die westerlingen, maar daarvan is dit helaas niet het enige voorbeeld. Ondanks al hun zakelijkheid rammelt er nog wel heel wat meer aan hun wereldbeschouwing en hun denkenÖ

Waar ik het thans, als bijdrage van de vrijdenkers aan kerstmis, speciaal over wil hebben is het sprookje van de maagd met het kind, oftewel Maria met het kindeke Jezus. Uiteraard is ook hiervan in het westen een reŽle gebeurtenis gemaakt. De kerststalletjes getuigen hiervan en uiteraard ook de verhalen van de geestelijken. De kunstenaars hebben het tafereel talloze malen uitgebeeld. Maria is geworden tot de 'hemelkoningin' , de 'moeders gods' en de 'madonna'. Toch weet iedereen dat een vrouw die zwanger is onmogelijk nog maagd kan zijn. Wat is dat dan voor een raar verhaal? Wel, het is gewoon een sprookje en de waarheid daarvan ligt niet in de gebeurtenis, maar in de betekenis. Men bedoelde er destijds iets mee en dat kwam rechtstreeks voort uit de wereldbeschouwing van die dagen.

Voor westers denken bestaat de werkelijkheid uit een grote verzameling afzonderlijke verschijnselen, maar voor het denken uit de oudheid was de werkelijkheid een samenhangend geheel waarin geen enkel verschijnsel op zichzelf stond. Dat geheel omvatte al het bestaande. Alles wat je je maar denken kunt viel daarbinnen. En buiten dat geheel was er absoluut niets. De verschillende verschijnselen waren dan ook niet door een scheppingsdaad van een god van buitenaf tot stand gebracht, maar zij waren het gevolg van wat wij nu zouden noemen 'het zelforganiserend vermogen van de materie'. Ook volgens de ouden bracht de werkelijkheid dus uit zichzŤlf alle dingen voort. Aan deze wereldbeschouwing werd uitdrukking gegeven doormiddel van het beeld van de oermoeder. Uit deze oermoeder was al het bestaande voortgekomen, zomaar vanzelf, zonder dat er van buitenaf een bevruchter aan te pas was gekomen. Als er al aan bevruchting gedacht werd bevond het bevruchtende principe, dus het mannelijke, zich binnen de alomvattende oermoeder. Zo gezien spreekt het vanzelf dat men zich deze oermoeder als maagd voorstelde: zij was niet van buitenaf door iets mannelijks benaderd. Zoals op een oud beeldje van de Egyptische godin Neith vermeld staat: niemand had haar hemd opgelicht en zij had uit zichzelf voortgebrachtÖ

 

Het sprookje van de maagd Maria gaat op die wereldbeschouwing terug. Er zijn vele verhalen over dergelijke uit zichzelf voortbrengende maagden en een deel van die verhalen is samengekomen in het Evangelie. Maar, er is een betrekkelijk nieuw element aan toegevoegd. Men heeft haar voortbrengend vermogen toegespitst op het kind. Dat was niet zomaar een kind, neen, het was een bijzonder kind omdat het de gehele wereld zou verlossen van alle tweespalt en strijd. Vrede zou hij brengen! Het is niet moeilijk om in te zien dat hier de volwassen mens bedoeld werd. De ouden hadden het in feite over een toekomstige volwŗssen mensheid. Die kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Men noemde het kind van de maagd 'de zoon van de mens' en dat wil zeggen: de volwassen mens die straks door de bestaande mensheid, door ons, opgeleverd zal worden. Dat dit kind de zoon van god zou zijn is veel later door de Roomse kerk verzonnen evenals de onzin dat hij door zijn goddelijke vader naar de aarde gestuurd zou zijn om de zondige mensen te verlossen. In dat geval gaat het over de Christus uit het christendom, maar dat is een bedenksel van op macht beluste priesters uit het oude Rome.

Het verhaal van de maagd met het kind is een sprookje over de werkelijkheid. En het is een waar sprookje: inderdaad brengt de werkelijkheid uit zichzelf alle verschijnselen voort en inderdaad zal er op den duur een mensheid komen die niet langer bezig is zichzelf het leven zuur te maken met uitbuiting en geweld. Dat zal een realistische mensheid zijn die zichzelf niet meer kwelt met allerlei verslavende godsdienstige onzin. Want het sprookje van de maagd met het kind is een volstrekt atheÔstisch sprookje waarin duidelijk gesteld wordt dat er buiten het heelal helemaal niets is. Het bestaan van een scheppende en besturende macht, een mannelijke verwekkende god, is volstrekt uitgesloten.

De zaak is eigenlijk bijzonder komisch: men heeft in zijn onnozelheid de christelijke godsdienst gebaseerd op een sprookje waarin verteld wordt dat er geen god is en waarin de beschreven gebeurtenissen onmogelijk plaatsgevonden kunnen hebben.

 

Het is een verhaal dat stamt uit een ongodsdienstige matriarchale traditie die lang geleden in het Verre Oosten ontstaan is, in een tijd dat de mensen nog aanvoelden hoe het zit met de werkelijkheid. De meeste vrijdenkers zitten op diezelfde lijn. Zij spreken weliswaar niet meer in termen van een maagd en een kind, want dank zij de wetenschap zijn zij intussen tot de overtuiging gekomen dat het de beweeglijke materie is die zichzelf organiseert, maar de strŤkking van hun ideeŽn komt overeen met die uit het grijze verleden.

En vanuit die atheÔstische geestverwantschap kunnen vrijdenkers het sprookje van de maagd met het kind best waarderen ...

Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ;

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

 

IDEOLOGIE OF INDIVIDUALISME..?

Uitzending 29 april 1992

 

Het begin van de negentiger jaren is heel verwarrend. In zeer korte tijd is de staatkundige indeling van Europa volkomen ingestort en het laat zich aanzien dat er aan de veranderingen voorlopig nog geen einde komt. Het was te verwachten: de mensen worden wakker en eisen zelfstandigheid.

Men vindt dat de bestaande machthebbers maar eens op moeten krassen. Maar helaas is dat iets waar heersers doorgaans niet vrijwillig toe overgaan. Geweld is dan onontkoombaar. Oost-Europa geeft daarvan een triest voorbeeld ... Natuurlijk heb je gelijk als je het maar niks vindt wat daar gebeurt. Nu was de dreiging van het communisme mooi verdwenen en nu krijgen we dat weer! Toch weer geweld en bloedvergieten, toch weer oorlog ... En dat allemaal dank zij dat ellendige nationalisme.

 

Voor nationalisme zijn steeds twee dingen kenmerkend: ten eerste is er het collectief, de groep, doorgaans berustend op een besef van etnische verwantschap. In feite is dat een waan, en nog een primitieve ook: men voelt zich met elkaar verbonden door de banden van het bloed en de grond. Je kwaliteiten als individueel mens doen er niet toe, het enige wat telt is de vraag uit welke klei je getrokken bent! Het tweede kenmerk van nationalisme is de aanwezigheid van een ideologie, een bedenksel dat bij ieder lid van het collectief ingeprent is en dat macht over de mensen heeft omdat het door uitgekookte moralisten als een hogere waarde voorgesteld wordt.

Je kunt het er dus best mee eens zijn dat het nationalisme door bijna iedereen afgekeurd wordt. Er zit echter iets in dat nationalisme dat ondanks alles heel positief is. Iets dat tegenwoordig overal in de wereld aan het doorbreken is, maar vooral in de westerse cultuur. Namelijk het streven van de mensen om zich te verzelfstandigen, zichzelf te realiseren als iets unieks, als IK. Het nationalisme is eigenlijk een heel platvloerse vorm van die verzelfstandiging, van dat IK-bewustzijn. Een verder moment van datzelfde proces is de toenemende onverschilligheid van de westerse mensen voor de staat, de politieke partijen en dat soort zaken. De westerse mensen hebben, op wat achterlijke fascistische uitzonderingen na, hun nationalistische frustraties zo langzamerhand wel uitgeleefd. Bloed en bodem, de ideologie en het collectief zeggen hun nauwelijks meer iets. Ze zijn nu bezig met zichzelf: nationalisme is bij hen overgegaan in individualisme. Daarin heeft men zich niet alleen van de ideologie bevrijd, maar ook nog van het collectief. Het nieuwe uitgangspunt is dat men als individu met niemand iets te maken heeft en dat men in de grond van de zaak alleen voor zichzelf leeft.

De praktijk leert dat dat proces van verzelfstandiging vaak met agressie en geweld gepaard gaat. Dat ligt voor de hand, omdat het zich stellen als 'IK' om te beginnen het afwijzen en buitensluiten van de ŗnder betekent. De ander is ontkend, geldt als 'NIET-IK'. Dat is helaas voor een aantal sufkoppen voldoende reden om de messen te slijpen. Vooral bij het nationalisme is dat het geval, want daarbij speelt de ideologie wel een heel kwalijke rol: zij spiegelt de mensen voor dat hun eigen groep superieur is en niet alleen recht heeft op zelfstandigheid, maar zelfs op macht over de anderen, die uiteraard inferieur, minderwaardig, zijn. Als mensen nog dom genoeg zijn om in zo'n ideologie te geloven heb je de poppen al gauw aan het dansen! Men voelt zich gerechtigd om geweld te gebruiken en zijn medemensen uit te roeienÖ

Het is opvallend dat deskundigen en politici zelden de schuld geven aan de ideologie als zodanig. In feite doen zij dat alleen maar als het om een ideologie gaat die zij voor zichzŤlf bedreigend vinden.

Zij hebben kennelijk geen bezwaar tegen het verschijnsel ideologie op zichzelf. Toch is elke ideologie slecht voor de mensheid, of zij nu politiek of godsdienstig van aard is. Het maakt daarbij geen enkel wezenlijk verschil of zo'n ideologie zich openlijk agressief voordoet of juist humaan, democratisch en vredelievend. Elke ideologie mÚet van zich uit agressief zijn omdat zij een collectieve hÚgere waarde suggereert en diegenen die zich daaraan onderwerpen een gevoel van superioriteit geeft. Zij hebben dan het gelijk aan hun kant. Dat leidt onherroepelijk tot het uitroeien van diegenen die zo'n hogere waarde, zo'n godsdienst of zo'n politiek, niet zien zitten en weigeren zich bij het daarbij behorende collectief aan te sluiten.

In de westerse democratieŽn is de innerlijke agressie van de ideologieŽn doorgaans zorgvuldig in de partijprogramma's weggemoffeld. Daardoor lijkt het allemaal heel redelijk, maar in feite gaat het toch slechts om ťťn ding: WIJ hebben gelijk en daarom hebben WIJ recht op de macht! Eigenlijk de macht over alle mensen, maar als dat niet gaat, dan maar over zoveel mogelijk..! Dat betekent dat wij willen dat u uw persoonlijkheid en uw denken braaf onderwerpt aan de door ons bedachte ideologie en dat u uw zelfstandigheid gedwee moet prijsgeven aan ons collectief. Ter wille vanÖ juist, Únze macht!

Gelukkig gaat dat in de moderne westerse wereld niet meer zo best. Het is veelbetekenend dat er steeds meer geklaagd wordt dat de ideologieŽn aan het verzanden zijn. Wat vindt men dat jammer..!

Maar, geweeklaag of niet, een kind kan zien dat de mensen de buik vol hebben van die alles omvattende hogere ideeŽn en steeds meer hun eigen individuele belang erkend willen zien. Grappig is overigens dat uitgerekend diegenen die altijd al het meest bedreven waren in het naar zichzelf toerekenen, op het ogenblik almaar hun beklag doen over 'de calculerende burger'. De burger namelijk die, helemaal terecht, zijn eigen welzijn primair stelt. De burger die eindelijk eens ophoudt de belangen van een maatgevend collectief te dienen. Een dienstbaarheid die uitsluitend als resultaat heeft dat juist ŗnderen vrijelijk naar zichzelf toe kunnen 'calculeren'.

 

De meeste mensen in de westerse wereld zijn duidelijk al zo zelfstandig geworden dat zij zich inderdaad als individuen gaan gedragen. Dat doet de vrijdenkers goed: zij hebben altijd al de nadruk op het zelfstandige en unieke karakter van de mens gelegd. En tegelijkertijd hebben zij voortdurend elke onderworpenheid aan alle vormen van macht hartstochtelijk ŗfgewezen. Ondergeschiktheid aan ideologieŽn en collectieven, het is de vrijdenker allemaal een gruwel! Daar komt nog bij dat die zaken inmiddels uit de tijd zijn. Het gaat immers niet langer om collectieven, maar om individuen met inzicht en kennis van zaken! De vrijdenkers staan dan ook uitermate argwanend tegenover diegenen die opnieuw de mensen bij de politiek willen betrekken. Sommigen willen oude partijen in een modieus nieuw jasje steken, anderen willen nieuwe partijen oprichten en allemaal doen ze hun best de mensen erbij te betrekken. Tevergeefs, want de individualistische bewustwording vraagt er niet om de mensen bij de politiek te betrekken, maar daarentegen om de politiek bij de mŤnsen te betrekken. De politici moeten ophouden met het denken in collectieve ideologieŽn. Het wordt hoog tijd dat zij in gaan zien dat de mensheid tot een vrijwillige vereniging van zelfstandige individuen uitgroeit en dat het verloren gaan van overheersende ideologieŽn en collectieven een enorme vooruitgang is. Vanuit het vrijdenken is gemakkelijk te begrijpen dat de evolutie niet in een collectief, een partij, een groep, een staat, culmineert, maar daarentegen in een zelfstandig individu, jij en ik, de mens dus die 'IK' zegt en die het vanzelfsprekend vindt dat de andere mensen ook 'IK' zeggen. En het is de vrijdenker ook allang duidelijk dat alleen maar die IK-zeggende mensen vrijwillig met elkaar een maatschappij kunnen vormen, sociaal kunnen zijn, en dat de gedachte dat een mens van nature ondergeschikt zou zijn aan een groter geheel op een, de mensen geraffineerd ingeprente, leugen van machtzoekers berust.

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

AFSCHAFFEN DIE HANDELÖ!

Uitzending 24 juni 1992

 

Nu men zich er eindelijk van bewust is geworden dat je onmogelijk kunt leven in een vervuilde en uitgeputte wereld worden we prompt overspoeld door een vloedgolf van verhalen. Enerzijds zijn er de theorieŽn, scenario's en modellen van de milieubewegingen en anderzijds de betweterige smoesjes van politici die hun macht, en industriŽlen die hun winsten koste wat het kost veilig willen stellen. Politici schreeuwen tegenwoordig om het hardst dat ze het welzijn van de burgers willen bevorderen en dat ze altijd al gezegd hebben dat het roer om zou moeten. De stakkerds, ze waren roependen in de woestijn, die ze overigens eerst zŤlf teweeg gebracht hebben.

Zelfs een gewetenloze asociaal als President Bush van de Verenigde Staten hangt de profeet uit en neemt schijnheilig deel aan de grote milieu conferentie in Rio, uiteraard niet zonder zich er eerst van overtuigd te hebben dat er geen besluiten genomen zullen worden die schadelijk zijn voor de economie van zijn heilstaat.

In een belangrijk opzicht zijn de theorieŽn van de milieubewegingen niet veel beter dan die van de industriŽlen, economen en politici.

Het is natuurlijk goed dat ze daar recht tegenin gaan. Ze hebben inderdaad het gelijk aan hun kant. Maar een beetje goedkoop is het allemaal wel: zelfs een kind kan immers zien dat de vervuiling gestopt moet worden en dat er een einde moet komen aan de uitbuiting van de aarde. Het gaat nu echter om de mentaliteit van waaruit plannen worden gemaakt om het tij te keren. Men wil namelijk van alles afschaffen.

Dat is een behoefte die voortkomt uit zelfhaat. Een diepgewortelde zelfhaat die in zijn essentie overeenkomt met de meest griezelige psychologische frustraties die godsdiensten als het christendom en de islam teweeg brengen. In deze godsdiensten speelt de zelfhaat van de mens een alles overheersende rol. Dat kan ook niet anders, want men vindt dat het aardse leven het ware niet is. De aarde is stoffelijk, materieel en dat is in strijd met het goddelijke. Zo is ook de mens in strijd met het goddelijke, hij is per definitie zondig en schuldig.

Kortom: hij deugt niet. Iedere gelovige vindt dat van zichzelf en van zijn medemensen, en dus is iedere gelovige verbeten bezig het kwaad in zichzelf uit te bannen. Daar zit de zelfhaat. Men haat zichzelf omdat men meent een werkelijkheid te zijn die niet deugt.

 

In de westerse wereld hebben noch het christendom, noch de islam, tegenwoordig veel in de melk te brokken.

 

Toch zit de zelfhaat nog steeds diep in de westerse mensen ingekankerd en dat is nu net wat het gangbare milieu-denken, ondanks zijn nuttige waarschuwings-functie, zo gevaarlijk maakt. Je kunt namelijk opmerken dat men voortdurend de neiging heeft de schuld van de milieurampen bij de burgers te leggen. Niet diegenen die werkelijk de wereld verzieken en die onlangs schijnheilig mooi weer speelden in Rio de Janeiro zijn het mikpunt van verwijten, maar de gewone vrouw en man, de burger, jij en ik. Kernpunt daarbij is dat die burger een onverzadigbare consument zou zijn, een consument van het ergste soort. Hij wil immers alles hebben, hij heeft nooit genoeg, hij is door en door een materialist. Men vindt nu dat hij zo langzamerhand veel te veel heeft bijeengeschraapt. En men komt tot de conclusie: afschaffen die handel..!

Het op genoemde zelfhaat gebaseerde denken is, zoals steeds het geval is bij neuroses, geheel van realiteitszin verstoken. Is het waar: schaft de burger zich inderdaad zoveel goederen aan? Staat zijn huis vol met stereotorens, keukenmachines, videorecorders, lederen bankstellen en dergelijke? Slaat hij grote hoeveelheden brood in en melk en groente en fruit? Kortom, consumeert hij nu echt zoveel? Natuurlijk niet! Het verwijt dat de burger teveel consumeert is onrechtvaardig en zelfs discriminerend. Eindelijk kunnen sommige mensen zich, althans in de westerse wereld, wat spullen aanschaffen, die de bovenlaag overigens allang heeft, en dan wordt dat wťťr afgekeurd met nu als argument dat het slecht voor het milieu zou zijn! En dit keer zijn het de milieu-dominees die graag van alles zouden willen verbieden. Zij baseren hun theorieŽn op het waanidee van de overconsumptie van de burgers. En zij trekken prompt de bij dit vooroordeel voor de hand liggende conclusie: de mensen moeten minder en, er moet van alles afgeschaft worden! Nu is er inderdaad heel wat op te noemen dat afgeschaft moet worden, want er worden veel energie en grondstoffen met allerhande flauwekul verspild. Je kunt de voorbeelden daarvan om je heen zien: wat denk je dat de sierstrip langs de deuren van de auto aan energie en grondstoffen kost, terwijl hij geen enkel nut heeft, behalve dan voor de producent, want die kan net doen of hij weer een nieuw en beter model ontwikkeld heeft. Het spreekt vanzelf: sierstrippen en dergelijke flauwekul, afschaffen die handel..!

Maar helaas, dat bedoelen de afschaffers niet, zij hebben in hun hoofd dat een heleboel producten niet meer ter beschikking van de consument gesteld zouden mogen worden. Ik sprak zelfs iemand die serieus staande hield dat wij terug zouden moeten naar het levenspeil van de dertiger jaren! Toen ik hem vroeg of hij de armoede en ellende ook terug wilde hebben moest hij het antwoord schuldig blijven. Hij had er kennelijk niet aan gedacht dat afschaffen betekent dat er voor jou en voor mij van alles onmogelijk wordt gemaakt, maar niet voor een aantal bevoorrechtenÖ

 

In feite kun je niets afschaffen. Wat de mensen eenmaal uitgedacht hebben is nooit meer uit hun zelfbewustzijn weg te krijgen. Zelfs als door een toeval alle geschreven berichten verloren gaan blijft het intellectuele vermogen om de zaak weer terug te roepen intact.

Maar belangrijker nog is het feit dat de verworvenheden van wetenschap en technologie onmiddellijk nadat zij ter beschikking zijn gekomen een rol in het leven van de mensen gaan spelen. Radio en televisie, telefoon en fax, automobielen en vliegtuigen, koelkasten en magnetronovens, eigenlijk alle voorwerpen waarmee de mens zich omringt en die hij voor allerlei doeleinden gebruikt, zijn allemaal een rol van betekenis gaan spelen in het leven van de mensen. Dat alles kan niet weggedacht worden, deze klok is onmogelijk terug te draaien. Het menselijk leven op deze planeet is volstrekt afhankelijk van wat de mensen doormiddel van hun wetenschap aan de weet komen en door middel van hun technologie tot stand brengen. Het is dus onzinnig en dom om in termen van afschaffen te denken. Maar ŗls je zoiets toch voor mogelijk houdt, dan is het buitengewoon naÔef om te verwachten dat het afschaffen op een sociaal rechtvaardige manier zal gebeuren. Het kan immers niet anders of een bepaalde bovenlaag van de maatschappij zal geen last hebben van die afschaffings-programma's, zoals ook steeds blijkt bij de pogingen van de regering om het autorijden aan banden te leggen door het duurder te maken, of het idee om een zogenaamde ecotax in te voeren.

Als je het afschaffings-denken consequent doorzet kom je terecht bij de primitieve natuurmens. Je zou dan niets meer mogen doen. Zelfs het maken van een pijl is dan uit den boze, het is verstoring en vervuiling van de natuur! In feite bereik je natuurlijk niets met dat denken, behalve dan een toenemende sociale onrechtvaardigheid en discriminatie van de burger. Want het afschaffings-denken is een asociaal denken dat niet vrij is gekomen van de waanvoorstelling dat de werkelijkheid te splitsen zou zijn in een hoger en een lager gedeelte. Dat denken zit vol van de zelfhaat die voortkomt uit de godsdienstige leer dat de mens tot het lagere behoort en als zodanig een materialist is. Een materialist die zoveel mogelijk wil consumeren en die daarom in toom moet worden gehouden.

Het is heel triest dat verreweg het grootste gedeelte van de milieu-beweging slachtoffer is van die zelfhaat en daardoor niet verder komt dan de mening dat er afgeschaft moet worden. Uiteraard kan zij het daarin goed vinden met de godsdienstigen voor wie de armoede altijd al een moreel ideaal voor de mensheid is geweest. Vanuit het vrijdenken echter kom je tot een andere conclusie: de gehele mensheid heeft recht op alle voortbrengselen van wetenschap en technologie en het is onrechtvaardig om iets aan iemand te willen onthouden. Volgens het vrijdenken gaat het dan ook niet om afschaffen, maar om een goed gebruik, zowel van de natuur en de grondstoffen als van de producten en de restanten. De fout ligt daarom niet bij de consumenten, maar bij diegenen die enerzijds een grote hoeveelheid flauwekul produceren en anderzijds op grove wijze, terwille van gewin op korte termijn, misbruik maken van wetenschap en technologie. Als je de technologie van een productieproces niet van begin tot einde beheerst ben je misdadig bezig. Voorbeelden van misdadig gebruik van wetenschap en technologie zijn er te over. Ik zou zeggen: afschaffen die handel..!

Bladwijzers:Discriminatie- nrs.10 en 13

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

 

DE MODERNE MENS ALS WERELDBOUWER

Uitzending 1 oktober 1992

Bladwijzers: Verenigd Europa-1 ; Verenigd Europa-2 ;

 

Toen lang geleden de mens op aarde verscheen was de evolutie aan haar einde gekomen. De mens is daardoor een 'dubbelwezen': enerzijds is het het meest sublieme biologische systeem, dat alle andere levende systemen in verfijning overtreft en anderzijds is het een verschijnsel dat functioneel niet meer tot de biologische werkelijkheid behoort, het is er aan voorbij. Dat wil zeggen dat de mens, hoewel hij in feite qua structuur een dier is, zich niet als zodanig laat gelden. Alles waarmee hij komt, zowel datgene dat hij als het goede beschouwt als datgene dat hij als het kwade ziet, is, in tegenstelling tot wat doorgaans gemeend wordt, een manifestatie van dat 'niet-dier' zijn. Alle ŗndere levende wezens echter zijn onderworpen aan een levensprogramma waarin de evolutie vastgelegd heeft hoe er op de werkelijkheid gereageerd moet worden. Dat kan onder omstandigheden leiden tot bepaalde aanpassingen, maar ontkomen kunnen die levende wezens nooit aan hun levensprogramma. De poes blijft altijd een poes, ook als zij netjes op de bak gaatÖ

Zoals gezegd is de mens aan dat geprogrammeerd-zijn voorbij. Dat heeft twee consequenties. Enerzijds weet hij geruime tijd absoluut niet wat hij aanmoet met de hem omringende wereld. Zijn lichaam is ongeschikt om zich in de natuur te handhaven en bovendien mist hij het instinct om adequaat op zijn omgeving te reageren. Maar gelukkig blijkt hij anderzijds iets bijzonders te kunnen. Hij kan namelijk de werkelijkheid verŗnderen.

Dat komt doordat zijn denken niet, zoals bij de rest van de natuur, gebonden is aan een onwrikbaar vastgelegd levensprogramma waardoor het slechts ťťn kant uit kan. Het denken kan bij de mens ŗlle kanten uit. Het is vrij, het is creatief. Dit betekent dat het menselijk denken zichzŤlf vormt en juist doordat het zichzelf vormt kan het de wereld hŤrvormen. Na verloop van tijd kunnen de mensen dan ook alle problemen het hoofd bieden. Ik weet niet of het u wel eens opgevallen is, maar wij lossen de problemen met de werkelijkheid inderdaad op door haar te verŗnderen. Het resultaat is tenslotte een door ons geschapen wereld waarin WIJ ons thuis kunnen voelen en veilig kunnen weten.

De zaak komt hier op neer dat wij mensen wereldbouwers zijn. Wij zijn, ieder voor zich en tevens met zijn allen, voortdurend bezig onze wereld te veranderen. Aanvankelijk hadden de mensen nog niet in de gaten dat alles neerkomt op het opbouwen van de wereld. Trouwens, ook vandaag nog denken verreweg de meeste mensen dat zij alleen maar voor zichzelf bezig zijn. Als je de zaak echter in het groot bekijkt zie je dat al dat particuliere gedoe uiteindelijk toch een bijdrage is aan het grote proces van het wereldbouwen dat al sinds het verschijnen van de eerste mensen aan de gang is. Pas zo ongeveer vanaf de tijd van de Verlichting heeft de mensheid dat in de gaten gekregen. Sindsdien leeft onder de mensen de gedachte dat de wereld 'maakbaar' zou zijn. In het verlengde daarvan zien wij dat er allerlei ideologieŽn uitgedacht worden. Een aantal daarvan heeft hier en daar succes gehad, maar de resultaten bleken na enige tijd toch zo bedroevend te zijn dat er al gauw een einde aan kwam. Ieder op zijn eigen wijze zijn liberalisme, socialisme, communisme en uiteraard ook fascisme en nationaal-socialisme ten onder gegaan.

Het feit dat op het ogenblik vrijwel alle ideologieŽn zijn ingestort, wil niet zeggen dat nu ook de behoefte tot wereldbouwen verdwenen is. Integendeel, meer dan ooit zijn de moderne mensen overtuigd van de noodzaak en de mogelijkheid een wereld op te bouwen. Nu men heeft ingezien dat het langs de politieke weg niet gaat, omdat de politiek de mensheid nu eenmaal niets te bieden heeft, zijn het de wetenschap, de technologie, het management, gevoegd bij een vrije markt en een democratische bestuursvorm, die de wereldbouwers tot activiteiten inspireren. En wederom weten die wereldbouwers zeker dat het lukken zal, net zoals die overspannen idealistische fantasten van destijds. Bush begint met honderdduizend Irakese doden een nieuwe wereldorde op te bouwen en van de Broek spreekt ferme taal als het over militair ingrijpen gaat.

Toch zal de zaak weer op een fiasco uitlopen. Zeker, het Verenigd Europa zal er best wel komen en die nieuwe wereldorde, waarom niet? Het is heel goed mogelijk dat het etnisch-godsdienstige moorden in onder andere de Balkan al of niet met geweld gestopt wordt en er een halt wordt toegeroepen aan het troosteloze sterven in Afrika. Het is immers allemaal een kwestie van de macht veroveren en anderen je wil opleggen en net zolang drammen en intrigeren tot iedereen de contracten getekend heeft en vanaf dat momentÖ net gaat doen of alles koek en ei is. Inderdaad: net gaat doen, want in feite zullen al die manipulaties van de wereldbouwers alleen maar tot resultaat hebben dat nog meer luchtkastelen het uitzicht op een goed opgebouwde wereld belemmeren.

Opmerkelijk is dat die hedendaagse wereldbouwers het hoofd, de mond en de diplomatenkoffer vol hebben van modellen en blauwdrukken van een toekomstige, goede en ordelijke wereld. Ze weten precies hoe het allemaal worden moet, straks, als alle verzet van bekrompen nationalisten gebroken is. Maar als het gaat over het heden, de realiteit te midden waarvan zij op dit moment leven en handelen, dŗn blijken diezelfde, wereld bouwers totaal niets in hun hoofden, monden en koffers te hebben.

Dat is te zeggen, die monden klappen wel voortdurend, maar het is gemakkelijk vast te stellen dat er alleen maar onzin en leugens uitkomen en die kletspraatjes zijn als regel ook nog zo oud als de weg naar Kralingen! Het lukt zelfs niet om leugens te verzinnen die in deze tijd passen en een schijn van waarheid aan zich hebben. Een vermakelijk voorbeeld is dat van die Van Eekelen die onlangs nog eens kwam verkondigen dat wij toch wel de dienstplicht zouden moeten handhaven omdat een dienstplichtigenleger een getrouwe afspiegeling van het Nederlandse volk zou zijn. Dat beweert de botterik alsof er nooit onderzoek is geweest dat glashelder heeft aangetoond dat dit pertinent niet waar is. Wij hebben er vorig jaar nog een uitzending aan gewijd. Een kind kan trouwens ook gemakkelijk zien dat het allemaal leugenachtige onzin is! Maar de heer Van Eekelen vindt kennelijk dat zijn toehoorders onnozel genoeg zijn om nÚg eens die leugens op de mouw gespeld te krijgenÖ

Als je met het heden geen raad weet is je voorstelling van de toekomst noodzakelijkerwijs ook verkeerd. Je denken over de toekomst begint immers bij het heden! Als je nu meent dat wetenschap, technologie en management de instrumenten zijn waarmee een nieuwe wereld opgebouwd moet worden en als je ook nog in de waan verkeert dat dit opbouwen alleen maar een organisatorische kwestie is, dan ga je voorbij aan de meest wezenlijke eigenschap van de mensheid, namelijk dat zij een lŤvende, creatief denkende werkelijkheid is waarvan de toekomstige ontwikkeling niet te berekenen en te voorspellen is.

De misvatting dat er een blauwdruk van de toekomst gemaakt zou kunnen worden behoort bij het hedendaagse denken, dat is te zeggen: het gezŗghebbende moderne denken. Volgens dat denken zouden de processen in de werkelijkheid te voorspellen zijn. In de economie en de politiek bijvoorbeeld is men daar verschrikkelijk druk mee. Maar het zal u stellig allang opgevallen zijn dat de voorspellingen van de economen en de politici nooit uitkomen! Dat wijst er onmiskenbaar op dat zij slechte wereldbouwers zijn. Daarom behoren juist zij het niet voor het zeggen te hebben, hetgeen tegenwoordig gelukkig aan steeds meer mensen duidelijk wordt!

Maar, eerlijk is eerlijk: de vrijdenkers hebben dit al lang geleden in de gaten gekregen, dankzij het feit dat zij het vrije karakter van het denken zo goed mogelijk tot zijn recht laten komen. Zij weten dan ook dat je alleen maar voor straks een wereld kunt bouwen door nu creatief met het heden om te gaan..!

Bladwijzers: Verenigd Europa-1 ; Verenigd Europa-2 ;

 

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

HET NIEUWE FATSOEN

Uitzending 19 november 1992

Bladwijzers: Verenigd Europa-1 ; Verenigd Europa-2 ;

 

In de vorige uitzending heb ik het gehad over de moderne mens als wereldbouwer .

 

Ik heb er toen op gewezen dat hij bitter weinig van dat wereldbouwen terecht brengt. Hij is geobsedeerd door fantastische plannen voor een toekomstige wereld maar hij weet met het heden absoluut geen raad. Steeds handelt hij in paniek en pakt de problemen van de verkeerde kant aan. Welnu, over dat geklungel met het heden wil ik nog wat meer zeggen. En dan vooral over 'het nieuwe fatsoen' van de wereldbouwers.

Zo is het opmerkelijk dat de wereldbouwers erg ontevreden zijn over de burgers, over ons dus. Ze vinden dat wij teveel op ons eigen belang uit zijn en dat onze solidariteit met onze medemensen beslist te wensen over laat. We zijn 'calculerende burgers' geworden en het ontbreekt ons aan 'burgerzin'. Volgens de wereldbouwers moeten de burgers opnieuw leren dat zij verplichtingen hebben. Zij moeten socialer worden en elkaar helpen, uiteraard op eigen kosten, net als vroeger toen ze verrekten van de armoe. Maar let op: dat zeggen nou juist die wereldbouwers die zelf steeds meer elke sociale betrokkenheid bij de burgers afwijzen. Het blijkt bijvoorbeeld dat zij de zogenaamde sociale vernieuwing voornamelijk gebruiken om van de verzorgingsstaat af te komen. Langzaam maar zeker tasten de wereldbouwers de ene na de andere voorziening aan. Omdat ze niet erg origineel zijn volgen zij daarbij steeds dezelfde strategie: eerst maken zij de zaak verdacht door almaar te beweren dat er misbruik van gemaakt wordt en fraude gepleegd. Vervolgens gaan zij onder de dekmantel van 'stelselherziening' de zaak afbreken.

Het zijn buitengewoon fatsoenlijke lieden, die wereldbouwers! Zo deelde Hirsch-Ballin, het knapste jongetje uit de klas, onlangs mee dat hij het als zijn taak beschouwt de Nederlanders weer fatsoen bij te brengen. Achting voor hogere waarden, eerbied voor gezag en orde, hij zou dat de burgers wel eens even inprenten. Dat is hem best wel toevertrouwd. Hij bekeerde zich immers al op jeugdige leeftijd tot het roomse geloof en inmiddels is hij nog roomser dan de paus. Dat wil toch zeker wel wat zeggen..!

 

Emancipatie? Euthanasie? Zelf beschikken over leven en dood? Het oordeel van artsen serieus nemen? Vrouwen zelf over abortus laten beslissen? Welnee, dat kun je als goed roomse gelovige toch niet accepteren. En als minister van justitie ben je zelfs moreel verplicht krachtig op te treden.

Verbieden dus al die duivelse praktijken!

Misschien dacht u wel net als ik dat juist een minister van justitie een intelligent mens zou zijn. Dat zo iemand redelijk en onbevooroordeeld op zou treden. Met een blinddoek om, net als Vrouwe Justitia. Nou, dan zit je er dus flink naast! Een moderne fatsoenlijke minister van justitie drijft zijn eigen bekrompen, kortzichtige en irrationele frustraties door. En hij gebruikt daarvoor zonder schaamte de macht die wij hem gegeven hebben. Fijne wereldbouwer is dat! Een prettige gedachte dat onze toekomst van dat soort figuren afhangt!

Er is trouwens nog meer en dat is zonodig nog schaamtelozer: het brave jongetje heeft in Rotterdam een lezing gehouden waarin hij als zijn mening te kennen gaf dat het maar eens uit moet zijn met de verzorging van staatswege. Daar komt de aap uit de mouw: Maar het meest schofterige is dat zo'n Hirsch Ballin ook nog komt vertellen dat de kerken weer voor de mensen moeten gaan zorgen. Hij vindt dat de kerken daar als instituten van naasteliefde het beste op ingesteld zijn! Je ziet het al voor je, straks maken de dominees en de pastoors weer uit of je recht hebt op een beetje hulp en bijstand. In een wereld waarin het door diezelfde wereldbouwers steeds meer onmogelijk wordt gemaakt jezelf te redden en waarin nota bene twee derde van de mensen niet meer gelovig is!

Er waren mensen die dachten dat de vrijdenkers hun strijd gestreden hadden en dat zij zo langzamerhand wel overbodig geworden waren. Maar dat ziet er op het ogenblik heel anders uit: Het vrijdenken is meer nodig dan ooit. Was vroeger de godsdienst voor de meeste mensen slechts een geloofskwestie, thans is hij hard op weg een nieuwe politieke ideologie te worden. Het fundament voor de wereld van de wereldbouwers. De godsdienstige waarden als ideologische hoeksteen voor een nieuw Europa bijvoorbeeld. Een fatsoenlijk Europa uiteraard waarin alleen maar erkende mensen wonen die uitermate 'geloofwaardig' zijn. Tegen zo'n ontwikkeling verzetten de vrijdenkers zich met alle middelen.

Het kleuterklasje in Den Haag vindt dat wij er in Nederland mee moeten beginnen: een 'sterk en geloofwaardig' Nederland. Van de Broek is natuurlijk paraat. In navolging van zijn grote voorbeeld George Bush loopt hij met een hand in de zak krijgszuchtige taal uit te slaan en hij maakt het daarbij zo bont dat zelfs de generaals hem tot kalmte moeten manen. Hij heeft zich al genoeg belachelijk gemaakt! Hoopgevend hŤ, zo'n wereldbouwer! Maar de rest is al niet beter. Ze proberen je een Verenigd Europa door de strot te duwen terwijl niemand precies weet wat er daar in Maastricht bekokstoofd is. Maar zeker is dat zij een puur economische samenzwering op touw gezet hebben. Goed voor hun economie, maar gegarandeerd niet goed voor de burgers. Sterker nog: alles wijst er op dat wij danig in de boot genomen worden en er flink op achteruit zullen gaan.

Ze zijn daar trouwens al lang mee bezig. Het is al bijna zover dat er helemaal niets meer kan. Je mag blij zijn als de postbode nog langs komt. De kwaliteit van het onderwijs holt achteruit en de universiteiten moeten zich als bedrijven in de concurrentieslag staande zien te houden. Het wordt almaar slechter. Ik zei het al: de opgeblazen wereldbouwers weten met het heden geen raad. Er is

tegenwoordig meer geld dan ooit, maar dat wordt allemaal, bij miljarden, verkwist aan een toekomstfantasie. Het wordt weggegooid naar een luchtkasteel: zoiets als Manhattan aan de Maas. De noden van de burgers van vandaag, hier en in de rest van de wereld, daar weten ze geen raad mee.

Dat is het nieuwe fatsoen. Het is daarmee gesteld als met alles in onze westerse cultuur. Het wordt je van bovenaf opgelegd door kleuters die knus bij god of een van zijn zetbazen op schoot zitten.

Voortdurend word je van allerlei onbehoorlijks beschuldigd, nooit is het goed, maar je moet wel steeds tegen de een of andere idioot 'dank je wel' zeggen. En je plicht moet je ook doen. De christenen, gek als ze zijn op plichten, willen zelfs een sociale dienstplicht instellen.

Dan kun je voor een hongerloontje in de 'Arbeidsdienst' , net als in de tweede wereldoorlog. Het vuile werk doen in een wereld waar je helemaal niet naar uit zit te kijken omdat die toch al bij voorbaat verkwanseld is aan de economen en de banken.

Het kost weinig moeite om in te zien dat ook diŤ moderne wereld op een fiasco uitloopt. Als je stevig op de sociale voorzieningen bezuinigt komt Manhattan aan de Maas natuurlijk wel van de grond. Maar het is weggegooid geld want de burgers hebben geen behoefte aan dat product van grootheidswaan. Juist nu er mogelijkheden zijn om dŤze samenleving op orde te brengen gaan al die wereldbouwers over de toekomst fantaseren. Terwijl ze van deze samenleving volstrekt niets begrepen hebben. Zo denken ze bijvoorbeeld dat ze het ontwakende zelfbewustzijn van de mensen de kop in kunnen drukken. Dat de mensen zich weer machteloos laten maken in een collectiviteit, met er bovenuit de dienaars van god, kerk en staat en uiteraard een uiterst fatsoenlijk normstelsel. Ze willen dat burgers weer gehoorzaam worden, met de pet in de hand staan en afwachten wat er over hen beslist wordt. En zo zijn er een heleboel dingen die zij in hun verblinding denken en er is nauwelijks iets verstandigs bij. Het is allemaal retoriek, gebakken lucht, gewichtigdoenerij van lieden die reddeloos achterlopen. Zij beschouwen ons nog als mensen uit de vorige eeuw. Maar die zijn allang ten grave gedragen!

 

De hedendaagse mens is heel anders dan zij denken. Daardoor wordt het niets met die nieuwe wereld, zelfs niet met het 'Verenigd Europa'. Daarna krijgen eindelijk de burgers de kans om de zaken nu eens realistisch en echt democratisch aan te pakkenÖ

Bladwijzers: Verenigd Europa-1 ; Verenigd Europa-2 ;

 

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

NIET ZEUREN ... GOD BESTAAT NIET!

Uitzending 8 april 1993

 

De vrijdenkers staan er van oudsher om bekend dat zij onverbiddelijke atheÔsten zijn, godloochenaars van het zuiverste water. Sterker nog, zij vinden dat het geloof een ernstige kwaal is, een levensgevaarlijke waanvoorstelling die de mensen in onoverkomelijke moeilijkheden kan brengen. Voor de vrijdenker staat vast: het geloof is een groot kwaad. Dat klinkt niet zo vriendelijk, maar het is helaas wel de realiteit.

In naam van god permitteert menigeen zich de meest gruwelijke opvattingen en gedragingen. Daarbij is god steeds de rechtvaardiging van discriminatie, moord, verkrachting en roof, als regel manier om god in de praktijk te dienenÖ

Vrijdenkers weten dat er helemaal geen goden gediend kunnen worden. God bestaat niet, hij is een verzinsel van de mensen zelf en helaas lang niet het beste. Het behoort tot de negatiefste gedachten waarop mensen ooit gekomen zijn. Door zijn beroep op iets hogers is het namelijk een rechtvaardiging om hun eigen zin door te drijven, om anderen te onderwerpen en macht over ze uit te oefenen. Doormiddel van zijn god dient de mens uitsluitend zichzelf en geeft daarbij toe aan zijn laagste driften.

Daarbij komt nog dat die dienstbaarheid aan god pure verdraaiing van de feiten is. Je kunt namelijk gemakkelijk vaststellen dat de gelovigen zich volstrekt niet als 'dienstknecht des heren' gedragen.

Zij keren steeds de rollen om: god is hun dienstknecht, hij moet ervoor zorgen dat zij rijk worden, de oorlog winnen, niet voortijdig dood gaan, dat de kinderen niet ziek worden enzovoort. God is onmiskenbaar het sloofie van zijn dierbare volgelingen en hoe fijner van draad die zijn, hoe ondergeschikter hun god. Als hij zich niet of niet goed van zijn taak gekweten heeft wordt hij vaak zelfs de laan uitgestuurd. Voor hem een ander, wegwezen dus. Vandaar die ontelbare sekten! Daarom zeg ik: ze moeten niet zeuren, die godsdienstigen, ook voor hen bestaat god niet en daar kunnen zij beter rond voor uit komen.

Je staat ervan te kijken met wat voor onzin de godsdienstigen de wereld in rep en roer kunnen brengen. Zo komt daar onlangs de een of andere seniele prelaat uit het Vaticaan zijn mening geven over de in ons land geldende regeling inzake euthanasie. Wat niemand durft, waar iedereen zich zwaar voor zou generen, doet zo'n schurk zonder enige reserve: moderne burgers beschuldigen van nazi-gedrag als in de tijd van Hitler. Zelfs tegenstanders van onze euthanasie-regeling weten dat de zaak niets met die nazi-misdaden te maken heeft, er juist bescherming tegen biedt. Zij halen het dan ook niet in hun hoofd een dergelijke vergelijking te maken. Maar wie doen dat schaamteloos wel? Juist, vertegenwoordigers van god in het Vaticaan en in het Roomse Spanje. Zij moeten nodig wat zeggen, het Vaticaan heeft kilo's boter op het hoofd. Tijdens de tweede wereldoorlog hadden ze zo kritisch moeten zijn!

En onze eigen Simonis, die toch zeker beter moest weten, deed ook nog een duit in het zakje. Hij had het over een 'betwistbare' uitspraak. Hij is het er dus mee eens. En dat geldt ook voor die gereformeerde onruststoker die gezegd heeft er bang voor te zijn dat er een 'euthanasie-tourisme' van uit het buitenland zal ontstaan. Wel ja, de mensen gaan een euthanasie feestje bouwen! Zoiets kan alleen een godsdienstige bedenken. Zo iemand heeft nu eenmaal per definitie geen vertrouwen in zijn medemens. God heeft immers gezegd dat zijn eigen schepping, de mens, slecht is! Je vraagt je verbijsterd af, waarom luistert er nog iemand naar het gezeur van zulk soort lieden, god bestaat immers niet!

 

Tegenwoordig moet je begrip en respect hebben voor de godsdiensten. Je mag daar niet langer tegen te keer gaan, want de godsdiensten zijn plotseling tot 'cultuur' gepromoveerd. Dat geldt vooral voor de niet christelijke. Welnu, de vrijdenkers hebben voor de individuele gelovigen alle begrip, maar dat belet hen niet hun godsdiensten net zo negatief te beoordelen als het christendom dat zij al anderhalve eeuw bestrijden. Wat een gezeur, de 'cultuur' van een godsdienst! God bestaat immers niet! Ook in religies als de Islam en het HindoeÔsme, het Boeddhisme en wat er nog meer voor malligheden bestaan, zijn alle goddelijke uitspraken afkomstig van mensen, mensen die voor zichzelf en hun kliek macht zoeken en een rechtvaardiging voor hun immer voortdurende onverdraagzaamheid. Priesters dus en hun kwalijke handlangers. Nu hebben ze weer om uitlevering van Salman Rushdie gevraagd, want het doodvonnis, eenmaal uitgesproken, blijft van kracht. Rushdie moet dood. En waarom? Wel, omdat hij onaardige dingen over de Islam gezegd zou hebben. En dat kan Allah niet goedvinden, wat zeg ik, dat kunnen zijn vertegenwoordigers in deze wereld niet goedvinden. Hoe die lui duidelijk te maken dat zij er beter aan doen eens op te houden met zeuren? God bestaat immers niet!

Vreemd eigenlijk: mensen bedenken dat er een hoog verheven principe moet bestaan, een god die leiding geeft aan een mensheid die anders stuurloos zou zijn, zonder besef van goed en kwaad en zonder doel. Ze vinden van hun goddelijke bedenksel dat het de geest van het goede moet ademen, helderheid moet uitstralen en troost moet bieden aan al die ellendige stakkerds op deze wereld. Prachtig nietwaar? En waarmee komen ze dan? Met een tiran die geen enkel mededogen kent, die zo ongeveer al het menselijke als verkeerd en zondig afkeurt, die beste maatjes is met het machtige tuig van deze wereld en die elke tegenspraak met een onverzoenlijke haat afstraft. Wat is de godsdienstige mens toch intelligent om zo iets te bedenken!

Je bent geneigd te zeggen: laat hem dan maar in zijn sop gaar koken. Maar dat gaat niet in een moderne tolerante wereld. Je moet die gelovige intellectueel als een gelijke behandelen, met hem in gesprek blijven en van gedachte wisselen. Alsof zijn godsdienstige waanvoorstellingen gelijkwaardig zijn aan logisch beredeneerde, door wetenschappelijke theorieŽn bevestigde en door de ervaring en filosofie van tientallen eeuwen gestaalde zekerheden. Je moet dus een intellectueel gelijkwaardig gesprek voeren met iemand die ernstig in de war is. Hoe doe je dat? Dat gaat immers niet! De vrijdenkers zijn al meer dan een eeuw geleden begonnen met zulke gesprekken en zij zijn gemoedelijk genoeg om er telkens weer aan te beginnen. Maar wat is het resultaat? Volstrekt niets! Nee, sterker nog, zelfs bij geestverwanten als de humanisten vinden zij steeds minder gehoor. Die willen qua levensbeschouwing voor vol worden aangezien en zijn er dus op uit met de godsdienstigen goede maatjes te worden. Sommigen gaan zelfs zover dat zij het atheÔsme van de vrijdenker niet meer 'relevant' vinden. Men vindt dat het geen betekenis meer heeft. Dus, een realistische beschouwing van de werkelijkheid, als een spontaan zichzelf voortbrengende organisatie van vluchtige energetische materie, moet wijken voor de waandenkbeelden die infantiele mensen overgenomen hebben uit een duister verleden. Nog even en het enig juiste inzicht in de werkelijkheid, namelijk dat je niet moet zeuren omdat god niet bestaat, wordt verboden, net zoals dat lang geleden het geval was in de westerse wereld en op het ogenblik in de islamitische wereld. Zo langzamerhand is met recht te zeggen dat de wereld gek geworden is en de onzin de maat.

De doelstelling van de vrijdenkersvereniging De Vrije Gedachte is te proberen de mensen eindelijk zover te krijgen dat zij zich van hun waanideeŽn gaan bevrijden. Het gaat de vrijdenkers er om de echte werkelijkheid te leren kennen. Zij dringen er daarom op aan om te gaan vrijdenken. Zij kunnen daarvoor geen voorschriften geven, er bestaat geen 'theorie van het vrijdenken' en ook is er geen 'handleiding'.

leder moet het voor zichzelf uitzoeken. Daarom veroordelen de vrijdenkers de godsdienstige individuele mensen niet. Ieder gelooft maar wat hij wil. Maar de vrijdenkers hebben wel het recht zo'n geloof op zichzelf gevaarlijke onzin te vinden, ertegen te waarschuwen en het met argumenten te bestrijden. En dat betekent in de eerste plaats dat de representanten van godsdiensten kunnen rekenen op nimmer aflatende tegenstand van de zijde der vrijdenkersÖ

Bladwijzers:Discriminatie- nrs.10 en 13 ; Boeddhisme Ė 13 en Onwetendheid Ė 18

 

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

 

 

 

VRIJHEID ... WELKE VRIJHEID .. ?

Uitzending l0 Juni 1993

 

 

In de westerse cultuur staat de vrijheid hoog aangeschreven. Te pas en te onpas wordt er, vooral door politici, op gewezen dat wij in een vrije wereld leven. Omdat men voortdurend schermt met het begrip vrijheid is het leerzaam om eens na te gaan wat de betekenis daarvan is. Natuurlijk moet je dan in de eerste plaats naar onze maatschappij kijken, want die geeft een beeld van de praktijk. Wat allerlei denkers, politici en andere regelaars over de vrijheid zeggen is in dit verband nauwelijks interessant. Hun opvattingen worden immers gekenmerkt door een hoge mate van wereldvreemdheid. Bijna altijd hebben zij het over een wereld die helemaal niet bestaat! Zo leven Zij bijvoorbeeld in de waan dat jongeren met het oog op hun toekomst volop keuzes kunnen maken. Zij menen dat die jongeren zomaar aan het werk kunnen gaan, dat het werk voor het opscheppen ligt en dat er voor dat werk behoorlijk betaald wordt.

En als die jongelui niet aan het werk zijn, dan kan dat volgens die bijdehante fantasten alleen maar hun eigen vrije keuze zijn! In feite echter hebben zij nauwelijks enige keuze. Dat weet iedereen die geen denker, politicus of regelaar is.

Het werk ligt lang niet voor het opscheppen en van een redelijke betaling is al helemaal geen sprake meer. Kortom, ze weten niet waarover zij het hebben. Van de politici is dat overigens al lang bekend, maar dat de denkers en regelaars ook aan dit euvel lijden mag wellicht verbazing wekken.

 

Er is in de westerse wereld een weergaloze ůnvrijheid. Dat ontdek je als je nu eens niet op de mooie verhalen van die wereldvreemde bovenlaag let, maar gewoon en onbevangen naar de praktijk kijkt. Je ziet dan dat ons hele leven vastgelegd is in talloze formulieren. Wij hebben die formulieren zelf ingevuld, onder bedreiging van de meest gruwelijke sancties. Wij zijn namelijk verplicht alle informatie over ons leven te verschaffen. En zo kan men alles nagaan en men kan controleren of wij ons aan de voorschriften houden. Dat die voorschriften zogenaamd door onszelf, via het democratische systeem, zijn opgesteld doet er nu even niet toe. We moeten hoe dan ook gehoorzamen. Bovendien is het niet waar, wij hebben ze niet zelf opgesteld. Maar, laten we afzien van dit kleine detail: men controleert onze gehele handel en wandel en daaraan valt met geen mogelijkheid te ontkomen.

Als de overheid een regel uitvaardigt kun je je in allerlei bochten wringen, maar gehoorzamen zŗl je en als je dat toch maar liever niet doet weten ze je te vinden, uiteraard met behulp van de informatie die je zelf argeloos verstrekt hebt!

 

Dat is niet altijd zo geweest.

Het is heel typisch, maar bijna iedereen gelooft het verhaal van de deskundigen dat de mensen vroeger, zeg maar in de middeleeuwen, veel onvrijer zouden zijn geweest dan wij thans. Geen sprake van! Doordat er nauwelijks informatie over de individuele burgers voorhanden was konden die bijzonder moeilijk opgespoord worden en daardoor konden zij onder heel wat dwangmaatregelen uit. Zo had destijds Karel de vijfde de grootste moeite om van de rijke Vlaamse steden geld los te krijgen voor zijn oorlogen. Hij heeft grof geweld moeten gebruiken en dan nog kon hij alleen maar proberen een bepaalde groep aan te pakken zodat menig individu de dans wist te ontspringen. Zo zijn er talloze voorbeelden die wijzen op ruime mogelijkheden om in de praktijk aan de vorstelijke plunderaars te ontkomen. Maar voor ons is dat volstrekt uitgesloten. Over welke vrijheid heeft men het dan?

 

Men heeft het over geestelijke vrijheid. In de door mij geschetste dagen van weleer werd er voortdurend geprobeerd de geesten van de mensen te onderdrukken. Het waren natuurlijk vooral de godsdiensten die daarmee op alle mogelijke manieren bezig waren. Trouwens, dat proberen ze nog steeds. Niet dat het veel uithaalt, want de geest is nu eenmaal iets ongrijpbaars dat niet van buitenaf gecontroleerd kan worden. Zolang iemand zijn mond niet opendoet of de pen ter hand neemt kunnen ze hem weinig maken. Het enige wat goed mogelijk is, en wat nog steeds gedaan wordt, is van jongs af aan iemands voorstelling van de werkelijkheid verdraaien. De mensen laten zich vrij gemakkelijk een illusie voortoveren en vaak verkiezen zij een onwaarschijnlijk verhaal boven de nuchtere realiteit. Als zo'n verhaal maar een belofte inhoudt, een beetje houvast geeft en wat troost biedt, dan is het natuurlijk bijzonder aantrekkelijk. Te begrijpen is dat wel enigszins, de realiteit is doorgaans niet zo leuk, de ene ramp volgt de andere op en van rechtvaardigheid is al helemaal niet te spreken.

 

Maar goed, officieel is dat geringeloor met de menselijke geest verleden tijd. De westerse mensheid is tot het inzicht gekomen dat je van de menselijke geest af moet blijven en dat hij vrij is om te zijn zoals hij is. Dat lijkt heel wat, maar in feite is het je reinste boerenbedrog, want die geest kan in een moderne wereld toch niets uitrichten. We zijn immers allemaal in administratieve slavernij gebracht! Het is dus zonder risico om luide te verkondigen dat de moderne westerse mens vrij is. Je kunt in je hoofd elke keuze maken. Je kunt in je hoofd alle kanten uit en je mag daarvan nog melding maken ook. Zeg maar wat je wilt, heb maar kritiek, wijs maar af wat je niet bevalt, haal intellectueel de onzin van politici, regelaars en geestelijken naar hartelust onderuit, je doet maar. Je vrijheid wordt niet aangetast en men zal je rustig laten demonstreren, protesteren, dreigen en mopperen. Geluisterd wordt er toch door niemand: ieder heeft immers recht op zijn eigen gedachten, iedereen is immers in de geest volkomen vrij!

 

Maar is dat waar het om gaat, ons handelen, ons leven ook vrij? Verre van dat. Werkelijke vrijheid, vrijheid in de praktijk is er niet. Onze vrijheid is alleen maar theoretisch, een hersenspinsel. Dat kun je goed bemerken aan de afschuwelijk neerbuigende wijze waarop de politici over het leven van de burgers praten. Als het alleen maar over zakelijke regelingen zou gaan zou je daar desnoods nog overheen kunnen stappen. Maar het gaat juist over essentiŽle dingen, dingen die de kwaliteit van ons leven direct aangaan. Dat zijn bijvoorbeeld zaken als abortus en euthanasie. Er zijn er nog wel meer, zoals de verplichting mensen op bevel te doden, maar ik houd het even op de genoemde twee: abortus en euthanasie.

 

Men stelt het steeds zo voor dat het daarbij gaat om juridische kwesties, om zaken die om een regeling vragen omdat er anders verkeerde dingen zouden kunnen gebeuren. Een ongeboren mens zou vermoord kunnen worden bij een abortus en een hulpeloos en ziek mens zou bij euthanasie naar de andere wereld worden geholpen. Daartegen moet men waken, zo zegt men. Vooral de christenen zijn hierover uitermate bezorgd. Daarbij doen zij het voorkomen dat zij 0 zo begaan zijn met het lot van de medemens. Die moet beschermd worden, moet veilig zijn en alle kansen hebben. Opmerkelijk is natuurlijk wel dat diezelfde menslievende christenen zich niet generen om bij alle mogelijke gelegenheden als eersten aan te dringen op militair optreden. De meest krijgslustige taal komt uit die hoek. Heb je ze onlangs weer gehoord over het handhaven van de dienstplicht en over militaire interventie in Suriname?

 

Het is natuurlijk duidelijk, men doet alsof men de mensen wil beschermen, maar in feite gaat het maar om ťťn ding: de mensen mogen volstrekt niet vrij zijn. Waarom het gaat is gehoorzaamheid. Gehoorzaamheid aan hogere machten en de vertegenwoordigers daarvan. In laatste instantie natuurlijk gehoorzaamheid aan god en diens zetbazen.

Al het geregel onder het mom van een noodzakelijke juridische orde IS in feite het uitleven van een hoogmoedige frustratie: jij bent helemaal niet vrij, jij hebt te doen wat er gezegd wordt en jij hebt niets zelf te beslissen. Jouw lichaam en jouw leven zijn er terwille van iets hogers en daarom heb je ze niet in eigen hand. En omdat wij door gods genade en allerlei manipulaties op een hogere plaats zijn terechtgekomen kunnen wij uitmaken wat jij wel en wat jij niet mag doen.

Vrijdenkers staan op de bres voor een volledige vrijheid van alle mensen. Hun vrijdenken heeft tot de conclusie geleid dat een harmonische wereld niet kan bestaan als de mensen van tevoren door reglementen van hogerhand onvrij gemaakt worden, maar alleen als iedereen in volle vrijheid zichzelf kan zijn en dus ook over eigen lichaam en leven kan beschikken.

Niemand heeft daar iets mee te maken, zeker geen windbuilen die zichzelf, ten koste van onze vrijheid en integriteit, gewichtiger, hoger, edeler en wijzer vinden. Bent u dezelfde mening toegedaan en vindt u dat dat veel vaker gezegd moet worden, neem dan contact op met de vrijdenkers.

 

 

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

Naar: inhoudsopgave

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

Aangezien de filosofie er niet is voor enkele bevoorrechten, maar juist voor alle mensen, is het citeren uit de artikelen zonder meer toegestaan. Bronvermelding wordt echter wel op prijs gesteld.†††† Jan Vis, creatief filosoof (JV)

 

UITGAVE van:

Stichting Uitgeverij De Vrije Gedachte

Postbus 1087, 3000 BB Rotterdam

Tel: 010 - 452 89 78

 

 

LAATSTE TEKSTEN

1996

 

Uitzendingen 9 september 1993 t/m 28 juni 1995 (8 voordrachten)

 

Televisieteksten

geschreven en uitgesproken

door

JAN VIS, creatief filosoof

 

 

 

 

 

 

VOORWOORD

 

In mei 1995 besloot het Commissariaat voor de Media geen zendtijd op Radio en Televisie meer te verlenen aan de vrijdenkersvereniging De Vrije Gedachte.

Dat betekende dat op 28 juni van dat jaar de laatste uitzending op televisie plaats vond. Daarmee kwam een einde aan een lange reeks van causerieŽn die ik voor de vrijdenkers heb mogen geven. Op enkele uitzonderingen na heb ik name≠lijk alle programma's zelf verzorgd, reden waarom ik ze in een aantal bundels onder mijn eigen naam als schrijver heb gepubliceerd, uiteraard wel als uitgaven van De Vrije Gedachte.

De laatste teksten, die u in dit bundeltje aantreft, hebben betrekking op uitzen≠dingen in de periode van 9 september 1993 tot 28 juni 1995. De voorgaande bun≠dels, namelijk Tekst en Uitleg, Drie Jaar Televisie en Nieuwe Televisieteksten be≠slaan het tijdvak van 1986 tot 1993.

Ik stel er prijs op de vrijdenksters en vrijdenkers in en buiten De Vrije Gedachte te bedanken voor het onbeperkte vertrouwen dat zij mij al die jaren hebben ge≠schonken en de bijval die ik steeds heb ontvangen. Het is precies dat wat voor mij reden is geweest de teksten niet aan de vergetelheid prijs te geven ...

Jan Vis, 28 februari 1996

 

INHOUD:

15-In niets neutraal

16-Vanwaar die haat?

17-Het vuur dat niet te blussen is

18-Een wereldwijde gekte

19-Hoe zal het ook alweer?

20-Mensen zijn geen kuddedieren

21-Is godsdienst met wetenschap te bestrijden?

22-De geschiedenis herhaalt zich

 

Een uitgave van:

Stichting Uitgeverij De Vrije Gedachte Postbus 1087

3000BB Rotterdam


 

IN NIETS NEUTRAAL ...

Uitzending: 9 september 1993

Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ;

 

Als je het hebt over 'vrijdenken' spreekt het vanzelf dat het over ons denken gaat. Op de een of andere manier moet dat denken 'vrij' worden, zich ergens van bevrijden oftewel 'ergens van los komen'. Nu zal u dat niet vreemd in de oren klinken, want al in de 18e eeuw is men in het westen tot de slotsom gekomen dat denken onafhankelijk moet zijn, niet verduisterd door individuele, morele, godsdienstige en politieke vooroor≠delen. Het denken moet in alle opzichten 'vrij' zijn. Je zou dus kunnen menen dat het vrijdenken eigenlijk een beetje overbodig is geworden voorzover het tegenwoordig nog steeds de nadruk legt op die onafhanke≠lijkheid. Goed, zo'n 130 jaar geleden was het een bittere noodzaak te strijden voor dat onafhankelijke denken. Toen waren er nog van allerlei instanties die het denken van de mensen graag onder controle wilden krijgen en houden. Vooral de godsdiensten maakten daar fanatiek werk van, maar in een aantal andere ideologische stelsels wist men er ook goed raad mee.

Tegenwoordig lijkt dat allemaal niet meer zo nodig. In ieder geval is het wetenschappelijke denken zo langzamerhand goeddeels bevrijd van gods≠dienstige en ideologische poespas. 'Objectiviteit' is een algemeen aan≠vaard beginsel geworden.

Wat willen die vrijdenkers dan nog met hun denken? Hun taak is toch volbracht?

Het blijkt dat dit niet het geval is. Er is namelijk iets misgegaan met die onafhankelijkheid van het denken. De zaak is finaal op hol geslagen en in zijn tegendeel veranderd. Het zich binnen het denken bevrijden van alle mogelijke vooroordelen is gaandeweg overgegaan in een zich zo vrijblij≠vend mogelijk opstellen in de praktijk van het leven. De mening heeft langzaam maar zeker postgevat dat je je in het leven zo 'neutraa1' mogelijk moet opstellen.

Wel, voor het moderne vrij denken is inmiddels duidelijk geworden dat dat andere uiterste, namelijk die volstrekte onverschilligheid, die volledi≠ge vrijblijvendheid ook niet goed is.

Je kunt en mag niet ďneutraalĒ zijn. Dat is in strijd met de aard van de mens die immers een onderdeel van de werkelijkheid is. Als het denken van de mensen niet samenhangt met en niet van toepassing is op het dagelijkse leven, op de 'existentie', is het letterlijk een 'slag in de lucht', een spelletje voor een regenachtige vakantiedag. Het is dan geen zinvolle aangelegenheid, geen zaak die de werkelijkheid begrijpelijk maakt en die betekenis heeft voor het leven. Wie dat al heel vroeg en buitengewoon helder heeft ingezien was de grote vrijdenker Anton Constandse, aan wie dit programma gewijd is. Hij verklaarde:

"Ik heb een sterke behoefte om autonoom te zijn, zelfbeschikkend. En dat wordt voortdurend belaagd door al die dingen waar ik mij tegen keer. Wat ik doe is niet een pure intellectuele oefening, een genoegen. Het is heel sterk verbonden met een stuk levensinstinct. Ik sta tegenover niets neutraal. .. ".

Het zal niet gemakkelijk zijn een uitspraak te vinden die beter dan dit citaat onder woorden brengt wat de moderne vrijdenkers tot hun levens≠houding inspireert. Naast de wil om qua denken autonoom te zijn is er tegelijk het besef van een onverbrekelijke samenhang met de gehele werkelijkheid, een besef dat het onmogelijk maakt van een afstand, onbewogen, als een zogenaamd neutrale waarnemer deel te hebben aan het leven. Als een soort 'levensinstinct' blijft het dubbele gegeven van de samenhang Ťn de autonomie in een vrij denkend mens wroeten en hem inspireren tot een geheel eigen oordeelsvorming over zichzelf en de wereld.

Wat betreft Anton Constandse: aanstaande zaterdag, 11 september wordt de zevende Anton Constandselezing gehouden, in het Vrijdenkerscentrum in het Rotterdamse Humanitas gebouw aan de Pieter de Hoochweg 110. U bent daar 's morgens om half elf van harte welkom. De Vrije Gedachte organiseert de Anton Constandselezingen als een hommage aan deze vrijdenker.

Het woord is dit jaar aan de filosoof Professor Wim van Dooren. Hij zal het hebben over Anarchisme en ethiek, een thema dat Constandse na aan het hart heeft gelegen. Hij heeft zichzelf immers steeds 'anarchist' genoemd!

Destijds, in de Spaanse burgeroorlog heeft hij zich, zij het als verslagge≠ver, bij de anarchisten gevoegd. Hij heeft toen al ingezien en duidelijk gemaakt dat het niet alleen de fascisten zijn die de wereld verzieken, maar ook de communisten. Bovendien had hij geen goed woord over voor de sociaal democratie.

Steeds weer zal die de burgers verraden, zo zei hij. Vooral vandaag de dag blijkt hoezeer hij daarin gelijk had..! Waarin hij evenwel geen gelijk had, volgens eigen zeggen, was dat hij het anarchisme en dus een maatschappij zonder overheid en regering ver≠wachtte als resultaat van een revolutie. Na de tweede wereldoorlog kwam hij tot de overtuiging dat de zichzelf besturende anarchistische mens al≠leen maar geleidelijk zou kunnen groeien. Een revolutie zou hem immers weer onder de knoet van een machtssysteem brengen!

 

Over het algemeen hebben de vrijdenkers veel sympathie voor het anarchisme, maar voor hen spant het atheÔsme toch de kroon. Constandse heeft zich daarmee veel en vaak bezig gehouden. Zo schreef hij onder andere Grondgedachten van het atheÔsme. Dat boek is nog altijd actueel, het is bij De Vrije Gedachte te bestellen. In het kader van deze uitzending is het natuurlijk niet te bespreken, maar in verband met het tegenwoordi≠ge geflirt van veel intellectuelen met de godsdienst is het volgende citaat wellicht interessant:

"Het atheÔsme is niet alleen negatief werkzaam, omdat het het zijn van een god ontkent. Het is veeleer positief. Het ontkent het denkbeeldige wezen gods om het werkelijke wezen van de mens te Ťrkennen. Het ver≠nietigt de hemel om de aarde te veroveren. In zijn geestdrift voor de waarheid, ook al gaat god daaraan ten gronde, openbaart het atheÔsme een levendig enthousiasme voor de vrijheid en het geluk van de mensen. Dood zijn nu alle goden - opdat de mensen leven. Want wat heden op het spel staat is het lťven van de mens.

De verwildering van de geest door de verwarring van realiteit en ver≠beelding, de stijging van de economische nood, de bewapening en de so≠ciale wanorde hebben ons op de rand gebracht van een afgrond waarin ons hele geslacht dreigt verpletterd te worden onder de last van het ver≠leden. Hier redt ons slechts de mobilisering van ŗlle vermogens van de mens, de wegwenteling van het doemenswaardige resultaat van een ont≠zind geloof..Ē

Nog een goed citaat, dat bijvoorbeeld onze minister van Justitie, Hirsch Ballin, zich zou kunnen aantrekken:

"De legende dat de godsdienst het egoÔsme zou bestrijden kan afdoende weerlegd worden. Want inderdaad berust de godsdienst juist op niets an≠ders dan op onbeperkt egoÔsme. De mens wil zijn gelukzaligheid, zijn heil, zijn redding. In de godsdienst meent hij deze niet zŤlf te kunnen verwerkelijken en dus begeert hij de hulp van een buitengewoon machtig wezen. Alles echter wat van dit goddelijk wezen wordt verwacht heeft betrekking op het geluk van de mens en speciaal op dat van de gelovige. God moet dus wensen verhoren, de gebeden beantwoorden met goede daden. In dit egocentrische denken berust alles op eigen geluk, desnoods in de hemelÖĒ

 

Ik heb nu vooral de nadruk gelegd op het atheÔsme en het anarchisme. Dat zijn inderdaad de belangrijkste thema's voor Anton Constandse ge≠weest. Maar daarnaast was hij een kenner van de literatuur, van de Europese geschiedenis, de politiek, de zeden en gewoonten en nog veel meer. Op de Constandse-lezing van aanstaande zaterdag staan, zoals ge≠zegd, het anarchisme en de ethiek centraal.

Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ;

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 


 

 

 

VANWAAR DIE HAAT ... ?

Uitzending: woensdag 3 november 1993

 

Bladwijzers: BETERE WERELD-1 ; BETERE WERELD-2

 

Wij leven in een tijd waarin het zogenaamde maken van beleid be≠schouwd wordt als het belangrijkste instrument om vooruitgang te be≠vorderen. Daarmee zijn niet alleen deskundige beleidsmakers bezig, nee, eigenlijk is zo ongeveer iedereen op zijn eigen terrein druk in de weer om beleid te maken. Gebeurt dat niet op hoog niveau, in een directiekamer of op een departement, dan is het toch wel in de huiskamer of de kroeg. Iedereen heeft wel een idee van 'hoe het moet' en wie dat dan zou moeten doen - en vooral: wie dat per se niet zou mogen doen.

Gelukkig is bijna niemand in de gelegenheid om zijn 'beleid' in daden om te zetten. En een troost is ook dat diegenen die daartoe wel de macht en de kans krijgen er bijna nooit wat van terecht brengen. Steeds blijft het bij vormen van zelfoverschatting met de daarbij behorende loze praatjes.

Je kunt al die flauwekul maar het beste naast je neerleggen, je moet er maar niet naar luisteren. HoewelÖ het is toch leerzaam om er een enkele keer eens wŤl naar te luisteren. Je komt dan tot een eigenaardige ontdek≠king!

Opvallend is namelijk dat vrijwel iedereen ontevreden is over iedereen. Wij deugen geen van allen en allemaal schieten wij in de ogen van de anderen tekort. Want wij beantwoorden niet aan het beleid dat die an≠deren, op een ministerie, in een kroeg of gewoon thuis, voor ons uitge≠stippeld hebben. Wij hadden de dingen altijd anders moeten doen dan wij ze gedaan hebben. Er deugt geen moer van ons gedoeÖ

Je kunt die ontevredenen ruwweg in twee groepen verdelen. Ten eerste zijn er natuurlijk de regeerders, de lui die denken het recht te hebben voor ons uit te maken wat goed en wat slecht is. Ik denk dat het niet nodig is met bewijzen te staven dat in de ogen van die regeerders ieder ander mens per definitie niet veel meer dan een kind is. Een onzelfstandi≠ge onvolwassene die voortdurend op het rechte pad gehouden moet worden, omdat hij vanuit zichzelf onmogelijk kan weten waarheen hijzelf en de mensheid op weg zijn. Daarvoor zijn er regeerders en dat zijn onvermijdelijk figuren die van zichzelf vinden dat zij op de een of andere manier op een hogere plaats staan dan u en ik. Lieden eigenlijk die van de hoogmoed hun levenshouding hebben gemaakt.

Ten tweede zijn daar de idealisten, mensen dus die, bijna altijd in na≠volging van er op los fantaserende dromers uit de vorige eeuw, een nieuwe wereld voor ogen staat. Uiteraard is dat een goede wereld, een waarin het onrecht uitgebannen is en als het even kan het kapitalisme met wortel en tak uitgeroeid. Want kapitalisme schijnt de oorzaak van alle ellende te zijn! Voor die nieuwe, mooie wereld moet hard gewerkt wor≠den. Hij ontstaat niet zomaar, vanzelf. En het is natuurlijk niet de be≠doeling dat enkelen dat doen, nee: iedereen moet van harte en met volle inzet meewerken. Zonder die medewerking wordt het niets. Maar ge≠lukkig is het toekomstbeeld van die nieuwe wereld zo mooi dat eigenlijk niemand kan weigeren er zijn uiterste best voor te doen. En omdat dat het geval is is iedereen moreel verplicht zich volledig in te zetten.

Zo ongeveer zit die droom in de hoofden van de idealisten. Beroerd voor hen is alleen dat bijna iedereen het laat afweten en helemaal niet meedoet met het uitvoeren van het heilzame beleid dat voor hen uitgestippeld is. Dat is natuurlijk niet zo best, vinden die idealisten: je kunt eraan zien dat de mensen nog lang niet goed bij hun hoofd zijn en hoognodig opgevoed moeten worden. Het komt uiteraard niet in hen op zich af te vragen of zij misschien zŤlf niet helemaal goed bij het hoofd zijn om voor anderen een dergelijk beleid te verzinnen en zulke vergaande eisen te stellen. Neen, die ŗnderen zijn fout, ze denken niet na, ze zijn materialistisch en apa≠thisch en te beroerd om zich voor het heil van de mensheid in te zetten. Ze zitten liever met een krat bier bij de televisie naar RTL-4 te kijken. En bovendien willen zij hun rijkdom niet kwijt. Zij willen niet delen met hun medemensen .. !

Zonder zelf in onaangenaam gekanker te willen vervallen wil ik vanavond op een verschijnsel wijzen dat in alle opzichten rampzalig is voor de we≠reld waarin wij thans leven.

Het gaat namelijk hierom: zowel de regeerders als de idealisten blijken onbewust een hartgrondige haat te koesteren jegens hun medemensen. Vanuit hun waan boven de anderen te staan, de regeerder vandaag, de idealist morgen, menen zij het recht te hebben die anderen te veroorde≠len. Die anderen willen eigenlijk almaar niet deugen! Die hoogmoedigen willen en kunnen maar niet begrijpen dat de ander zich helemaal niet aan hun voorschriften kŗn houden omdat iedereen zijn eigen leven moet leiden en daarin absoluut geen keuze heeft. Omdat regeerders en ideali≠sten niet in staat zijn dat te begrijpen ontkomen zij er niet aan te vinden dat alle anderen in principe niet deugen. Gevolg daarvan zijn haatgevoe≠lens.

Omdat in onze cultuur iedereen op min of meer onbestemde wijze meent boven de anderen uit te gaan is er dat 'beleid maken', vervolgens de veroordeling van de anderen omdat zij voortdurend tekort schieten en tenslotte een onbewuste, maar diepgewortelde en doorgaans onverzoenlij≠ke haat. Eigenlijk haten in onze cultuur ŗlle mensen elkaar. Niet alleen dat wij naast elkaar staan en vrijwel volledig langs elkaar heen leven, maar vooral dat wij elkaar haten, van elkaar vinden dat wij eigenlijk geen recht van bestaan hebben. Gelukkig merk je dat niet aldoor. De meeste mensen gaan in de praktijk tamelijk aardig met elkaar om, maar toch is die haat steeds latent aanwezig en af en toe breekt hij in volle hevigheid door.

In oorlogssituaties zoals destijds in Vietnam en op het ogenblik in het vroegere JoegoslaviŽ kan hij zich natuurlijk ongeremd uitleven. Hoewel er in beide gevallen van een 'oorlog' gesproken wordt is daarvan qua mentaliteit nauwelijks sprake. In een oorlog voeren onnozele soldaten uit wat regeerders willen, doorgaans zonder er zelf veel zin in te hebben. Maar in Vietnam, JoegoslaviŽ, SomaliŽ en dergelijke ligt dat totaal anders: een niets ontziende moordlust drijft de gewone mensen tot de meest gruwelijke daden en daartegen is, zoals inmiddels wel gebleken is, niets te doen. Het is treurig maar waar: zo'n moorddadig vuur moet gewoon helemaal uitbrandenÖ

Maar als je in zogenaamd normale toestanden de regeerders hoort praten over de burgers klinkt de haat ook duidelijk door. Alleen al het veelvuldi≠ge gebruik van het begrip 'maatregel' en de ongeremde arrogante eigen≠zinnigheid van het 'beleid maken' bezorgen je de koude rillingen als je er eens goed op let. Voeg daar dan ook nog bij de hooghartigheid waarmee die regeerders weigeren inlichtingen te verstrekken over de duistere plannetjes die zij uit lopen te broeden zoals dat in Maastricht gebeurd is. En denk eens aan de gewetenloosheid waarmee zij weigeren om de overlevenden van de ramp in de Bijlmer inzage in de onderzoeksrappor≠ten te geven. Als je die dingen tot je door laat dringen dan zie je ook hier de haat in levende lijve voor je staan. De hoogmoedige die de lagere haatÖ

Eigenlijk is het tragisch dat ook de idealisten niet vrij zijn van haat. Je zou toch van hen verwachten dat zij, vanwege hun voorstelling van een goede wereld, van een dergelijke houding ten aanzien van hun medemen≠sen verstoken zouden zijn. Maar helaas is dat niet het geval. Zij doen vaak niet onder voor de regeerders, ook al lijkt het net of zij elkaars tegenpolen zijn. Het is zelfs geen uitzondering dat zij nog onverdraagza≠mer zijn dan de regeerders en met een nog fellere en openlijker haat tegenover hun medemensen staan, of die nu geestverwanten zijn of tegen≠standers. Het is niet overdreven om te zeggen dat hun haat overeenkom≠sten vertoont met de haat die fanatieke godsdienstigen laten gelden tegen≠over andersgelovigen.

De vrijdenkers behoren over het algemeen ook tot die mensen die zich op de een of andere manier inzetten voor een betere wereld. Daardoor ver≠keren zij vaak in het gezelschap van idealisten die over hun medemensen net zo haatdragend praten als de regeerders dat doen. En steeds weer blijkt dat daaraan bijna niet te ontkomen is. Toch is het zaak te begrijpen vanwaar die haat komt.

Zoals gezegd is het denken in hogere en lagere waarden de oorzaak van alle ellende. Bij een dergelijke scheiding van waarden is het onvermijde≠lijk dat het hogere als de absolute maat voor alles wordt gesteld en dat het lagere op zichzelf geen recht van bestaan heeft, tenzij het zich aan dat hogere onderwerpt en zich dus aan de genade van het hogere uitlevert. Deze kwalijke dynamiek beheerst de hele westerse wereld. Hij bepaalt de politiek, wie de vijand is en wie niet. Wie er wat te vertellen heeft en wie niet, wie rijkdom en voorrechten toe zullen vallen en wie niet. En zelfs bepaalt die dynamiek het karakter van de westerse godsdiensten, zowel het christendom als de islam. Ook dat karakter wordt gekenmerkt door waardeoordelen in termen van hoger en lager: god en zijn dienaren staan hoger dan de gewone mensen.

Moreel hoogstaande mensen zijn diegenen die zich boven het gepeupel verheven hebben en in de maatschappij gaat het om de hoogste posities. Lui die zich daarop bevinden worden met ontzag behandeld en dat gaat zelfs zůver dat de lager geplaatsten eigenlijk alleen maar mogen bestaan terwille van de hogeren. In feite zijn de lageren dus de slaven van de hogeren. Natuurlijk mag dat niet waar zijn in een beschaafde wereld. Maar iedereen kan constateren dat bijvoorbeeld op het ogenblik alle zogenaamd noodzakelijke hervormingsmaatregelen ten koste gaan van de lageren en ten voordele zijn van de hogeren, die er overigens flink wel bij varen en steeds meer in aantal groeien.

Al kunnen de vrijdenkers niet altijd aan het denken in hoger en lager ontkomen, toch is het vrij denken zŤlf volstrekt en letterlijk in strijd met zo'n wijze van denken. Voor het vrijdenken bestaan er wezenlijk geen waarden die hoger of lager zijn, geen mensen van lager of hoger allooi. En dus is het vrijdenken voor iedereen in deze wereld een effectieve remedie tegen de haat en de daaruit voortvloeiende agressie tegen medemensen. Het leert verdraagzaamheid, verwerpen van normen die op machtsverhoudingen gebaseerd zijn en solidariteit met mens en dier. Probeer je daarom ook te bevrijden van die haat door eindelijk eens vrij te gaan denken en begin ermee allerlei botte vooroordelen van je af te zettenÖ

Bladwijzers: BETERE WERELD-1 ; BETERE WERELD-2

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

HET VUUR DAT NIET TE BLUSSEN IS ...

 

Uitzending: woensdag 22 december 1993

Onlangs zijn ze weer bijeen geweest, de heren die over het lot van het vroegere JoegoslaviŽ beschikken. En weer hebben ze zitten bekvechten over stukjes grond die nauwelijks groter zijn dan volkstuintjes. Weer hebben zij net gedaan of de problemen enkel maar draaien om 'Lebens≠raum', een begrip dat menigeen in die streken niet vreemd in de oren zal klinken. En de westerse diplomaten hebben zich wederom als echte professionals gedragen. Gewoontegetrouw hebben zij zich het air aange≠meten op de hoogte te zijn van de problemen, alle aspecten daarvan in de gaten te hebben en vooral heel goed te weten wat de oplossing is en hoe je die bereiken kunt. De vloer van de vergaderzaal kraakte zogezegd onder de gewichtigheid van de superieure westerse politici.

Daarbij vergeleken zijn die BosniŽrs, Kroaten, Moslims en ServiŽrs maar lichtgewichten. Lui die nauwelijks weten waarover het gaat, maar die toch nŤt bijdehand genoeg zijn om de indruk te wekken dat er in Joego≠slaviŽ een 'oorlog' gaande zou zijn, en dat het daarbij om de gebruikelij≠ke economische motieven zou gaan. Wie krijgt de beste stukken grond, wie een uitweg naar zee, wie de zeggenschap over de bodemschatten enzovoort. En bovendien doen zij net of zij over al die vechtenden iets te vertellen zouden hebben, of er ook maar iemand is die gehoor geeft aan hun opdrachten. Hoe vreemd dat ook lijkt, het is te begrijpen. Het behoort immers bij hun zorgvuldig opgepoetste imago van rechtschapen heren die hooggeplaatst en integer genoeg zijn om onderhandelingen te voeren en die uiteraard ook de macht hebben om gehoorzaamheid af te dwingen. Zo hoort dat volgens de boeken en de geleerden, zo liggen volgens de westerse tradities de verhoudingen. Wie onderhandelt heeft vanzelfsprekend macht en wie macht heeft komt zonder meer in aanmer≠king om onderhandelingen te voeren. Simpel toch..!

Die Joegoslavische onderhandelaars passen dus geheel in het beeld dat de moderne mens heeft van de politieke werkelijkheid. En dat beeld wordt Ťn door die zogenaamde onderhandelaars en door de pers zorgvuldig in stand gehouden en gekoesterd. Iemand mocht eens denken dat er een bijeenkomst van de mafia is! Iemand mocht het wŤrkelijke gedoe van de 'heren' eens aanzien voor een samenzwering van gewetenloze misdadi≠gers! Dat moet te allen tijde vermeden worden! Toch is het allemaal ťťn grote leugenÖ

Ten eerste moet opgemerkt worden dat er niemand is die in feite enige macht heeft. De westerse politici niet, want die durven hun eigen ferme, krijgshaftige taal niet in daden om te zetten. Bovendien werken de mili≠tairen tegen. Je kunt daar eigenlijk best blij om zijn want oorlog voeren in een land als JoegoslaviŽ is voor niet tot partizaan opgeleide, op hun manier fatsoenlijke, westerse soldaten bij voorbaat een verloren zaak. Maar, zo vraag je je af, waarom door die politici dan zo ferm gesproken, als ze hun dreigementen toch niet uitvoeren? Waarom zegt zo'n Relus ter Beek dan zomaar, uit de losse hand, een heel legeronderdeel toe? Ieder≠een weet toch dat dat beetje wacht lopen, patrouille varen en vliegen niets voorstelt. De zogenaamde blokkades waren al doorbroken voordat ze goed en wel ingesteld werden. De blokkade van de Donau bleek meteen al zo lek als een mandje. Waarom dan toch die ferme taal? Wel, omdat het in het beeld past. De moderne mens, en dan vooral de politicus, meent oprecht dat hij zo op behoort te treden. Hij verbeeldt zich dat alleen maar dŗt op den duur tot resultaten leidt. En dus gaat hij onverdro≠ten voort met dat wereldvreemde en domme gedoeÖ

Hebben de westerse politici geen macht doordat zij volstrekt wereld≠vreemd zijn, die zogenaamde politici uit JoegoslaviŽ hebben geen macht omdat moordlust, eenmaal uitgebroken, zich niet gezeggen laat en een eigen leven leidt. Daarmee ben ik aan het tweede punt aangeland. Dat houdt in dat er eigenlijk helemaal niet van een oorlog gesproken kan worden. Inderdaad, er wordt geschoten, er rijden tanks en pantserwagens - waar halen ze die trouwens vandaan? - er liggen overal mijnen en bovenal: er vallen aan de lopende band dodenÖ rare uitdrukking overi≠gens, want doden 'vallen' niet maar levenden vallen en kreperen vervol≠gens.

Er wordt letterlijk gekrepeerd bij het levenÖ Al die verschijnselen evenwel, die op het eerste gezicht de indruk wekken oorlogshandelingen te zijn, vormen de buitenkant van wat er werkelijk gaande is. En dat is dat enkele groepen van mensen hartstochtelijk bezig zijn elkaar uit te moorden, omdat zij elkaar het leven misgunnen, elkaar niet het recht geven ook te bestaan. Dat heeft in wezen niets te maken met het verove≠ren van stukken grond of het veroveren van economische voordelen. Het komt ook niet overeen met wat wij, moderne mensen, onder oorlogvoe≠ren verstaan.

Hoe verschrikkelijk een oorlog ook is, enerzijds vanwege de onvoorstel≠bare wreedheid van het kreperen maar anderzijds vooral vanwege de idiote mentaliteit die eruit spreekt, je kunt toch opmerken dat de zoge≠naamde beschaafde landen tot bepaalde onderlinge overeenkomsten zijn gekomen. Uiteraard hebben zij daarbij niet de oorlog ŗfgeschaft, maar wel hebben zij geprobeerd hem een redelijk tintje te geven. Er zijn ge≠dragsregels opgesteld die aangeven wat er allemaal niet toegestaan is. Belangrijk is dat er duidelijk is vastgesteld dat de burgers buiten schot moeten blijven. Verkrachten, roven, brandstichten en plunderen zijn ten strengste verboden. Het bombarderen en beschieten van zogenaamde 'open' steden ook. Hoe dan ook, men heeft eigenlijk zo goed mogelijk uitgesloten dat persoonlijke wederzijdse wraakgevoelens vrij spel kunnen krijgen en uitgeleefd kunnen worden.

Hoe krankzinnig het ook is, voor moderne zogenaamd beschaafde mensen is de oorlog iets zakelijks geworden. "We have a job to do", zeiden de Amerikaanse soldaten toen zij zich voorbereidden op de Golf-oorlog. Welnu, van dit alles is in het huidige JoegoslaviŽ geen sprake. Zoals ge≠zegd proberen de politieke hotemetoten verwoed de indruk te wekken dat er wŤl een oorlog gaande is, maar dat is zonder meer een leugen. In feite hebben de laagste hartstochten vrij baan gekregen, elke rem op het sme≠rigste in de mens is weggevallen. Dat smerigste is de moordlust. Die is gegrond op de allerlaagste trap van het individualisme. Daarvoor geldt namelijk dat mijn bestaan dat van een ander in principe uitsluit. Waar ik ga en sta kan jij absoluut niet gaan en staan. In tegenstelling tot de dieren kunnen alleen mensen met die gesteldheid komen, omdat de mens het vermogen heeft letterlijk ŗlles te ontkennen. Voorzover een mens die gesteldheid zonder meer laat gelden is hij het prototype van de moorde≠naar.

Die moordenaar kan in vrijwel elke mens opgeroepen worden door hem met een collectieve waan gek te maken. Breng die alsnog primitieve in≠dividualist onder in een collectief waarin hem voorgespiegeld wordt dat hij een echt volwaardig individu is, zeg maar een ‹bermensch, en hij gaat er prompt toe over alle anderen te minachten omdat die minderwaar≠dig zijn. Als je dat vuurtje bekwaam opstookt komt de moordenaar zon≠der veel moeite naar boven en kan het feest beginnen.

Vrijwel overal op de wereld zie je dat op het ogenblik gebeuren en de bij het patroon behorende ingrediŽnten zijn ook onmiskenbaar aanwezig. Er is een ontwakende individualiteit, een ontwakend ik-bewustzijn. Dat blijkt uit de overal gevoelde behoefte zich te bevrijden van elke vorm van overheersing. Maar er is daarnaast ook het ondergaan in collectieven, in een soort stamverbanden, waarvoor de een of andere ideologie het bindmiddel is. Gevolg : onder het mom van bevrijding, van ontwikkeling en meegaan in "de vaart der volkeren" wordt elke persoonlijke frustratie, elke persoonlijke agressie, op de meest gruwelijke manier uitgeleefd. Voorbeelden geven is moeilijk, niet omdat zij zeldzaam zijn, maar juist omdat zij bijna overal voorkomen. Het is niet alleen JoegoslaviŽ, het is Angola, SomaliŽ, Ierland, Koerdistan, in de Kaukasus, Palestina, Cam≠bodja, enzovoort. En overal is het proces niet te stoppen met redelijke middelenÖ

Wat JoegoslaviŽ betreft: het wegvallen van Tito heeft het bindmiddel tus≠sen de verschillende groepen opgelost en nu kan de moordlust zich vrijelijk uitleven. En ik vrees dat ook hiertegen geen kruid gewassen is en eigenlijk kan dat ook niet anders. Moordlust moet zich uitleven als hij niet onmiddellijk en doormiddel van groot geweld onderdrukt wordt. Nu dat laatste onmogelijk is gebleken blijft alleen de verschrikking van het grote sterven over. Dat is geen opwekkende gedachte, maar hij is wel reŽel. Dat wordt trouwens zo langzamerhand zelfs voor een ieder duide≠lijk.

Als vrijdenker blijft er niets anders over dan wat hulp te bieden aan de slachtoffers, die, ook al zijn zij zelf hartstochtelijk aan het moorden ge≠weest, toch in de grond van de zaak onschuldig zijn. Zij kunnen er im≠mers niets aan doen dat zij mentaal nog niet volwassen zijn en zich nog niet tot Ťchte individuen ontwikkeld hebben. Het is daardoor dat het on≠menselijke gedoe van hogere machten, van hogere mŤnselijke machten wel te verstaan, de kans krijgt de mensen tot beesten te maken. Beesten die tot voor kort als mensen vredig naast en met elkaar leefdenÖ

En verder? Behalve die altijd tekort schietende hulp kun je alleen nog maar je hoofd schudden en erop blijven hopen dat al die mensen ooit nog eens zover zullen komen dat zij de werkelijke inhoud van hun eigen individualiteit inzien, waartoe behoort dat mijn bestaan dat van de ander niet langer uitsluit, maar juist volledig en onvoorwaardelijk insluit. Het vrij denken leidt tot dat bevrijdende en vredelievende inzicht, maar helaas, je kunt dat de mensen niet opdringen.

 

Vrijdenken is nu eenmaal geen ideologie, maar een persoonlijke levenshouding, gedragen door je eigen individuele verantwoordelijkheid en onbevooroordeelde denken.

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

EEN WERELDWIJDE GEKTE

 

Uitzending: 1 juni 1994

Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ;

 

In de moderne westerse wereld heeft de laatste tijd de mening postgevat dat het niet langer nodig is de godsdienst te bestrijden. Sterker nog, de godsdienstige opvattingen, de theologie en de godsdienstige moraal wor≠den meer dan ooit als waardevolle richtlijnen voor het maatschappelijke en persoonlijke leven gezien. De godsdienst mag weer en volgens sommi≠gen moet hij zelfs weer!

Als je eens gaat kijken welke argumenten men gebruikt, dan blijken een tweetal opvattingen de boventoon te voeren. Ten eerste vindt men dat over het algemeen de godsdiensten in hun maatschappelijke werking vrij≠wel geen kwaad meer doen, waarbij men gemakshalve godsdienstig fun≠damentalisme maar als een vervelende uitzondering ziet, en ten tweede is men tot de overtuiging gekomen dat een ieder recht heeft op zijn eigen overtuigingen en dat niemand het recht heeft die te bestrijden en te verbieden. "Ieder het zijne" zegt het huidige post-moderne denken.

Zou het waar zijn dat godsdienstige ideeŽn in onze moderne wereld geen kwaad meer kunnen en dat de uitspraak "Ieder het zijne" betekent dat alles even goed is? Dat alles dus zonder meer als volwaardig mee kan doen en dat het daarentegen van onverdraagzaamheid getuigt als je som≠mige zaken ŗfwijst, zelfs na zorgvuldig kritisch onderzoek? Laat ik eens een betrekkelijk willekeurige keuze maken uit verschijnselen die je van≠daag de dag op deze wereld zoal tegenkomt. Je ziet dan de meest merk≠waardige dingen.

Zo is daar een man die zich voortdurend languit ter aarde werpt, niet om≠dat hij dekking moet zoeken voor kogels en granaten die, zoals nog steeds gebruikelijk, almaar door het luchtruim vliegen, maar omdat hij vol eerbied is voor een heilig gebouw. Hij kweekt bij zichzelf nederig≠heid aan, want hij vindt dat nodig om iets goddelijks deelachtig te worden - dat helemaal niet bestaat. Hij wordt er dan ook alleen maar smerig vanÖ

 

En hier zitten kinderen te mediteren, keurig als een oranje collectief. Zij willen het lijden overwinnen en zij willen van hun onwetendheid af ko≠men. Een rare manier om kennis te verwerven, je zou zeggen dat dit ge≠doe de onwetendheid juist bevordert. Zou je op deze manier echt wat aan de weet komen waarmee je jezelf en je medemensen een stukje vooruit kunt helpen en een eind maken aan ziekten, armoede en onderdrukking?

Of moet je thuis een heiligdom inrichten en vervolgens enige tijd onder het prevelen van duistere teksten in aanbidding temeer zitten?

Misschien helpt het als je met zijn allen gaat bedelen, uiteraard op de juiste wijze uitgedost om uiting te geven aan de diepzinnigheid van je ideeŽn. Werken voor de kost moet je natuurlijk nooit doen, want dat be≠vordert het lijden van de mensheid.

Het heilige vuur wil ook wel eens een verhelderende werking hebben, mits je het op de juiste wijze aanbidt. De mensen die Zoroaster aanhan≠gen zijn de voorlopers van de christenen, want zij geloven in een redder van de wereld die door een profeet bij een maagd verwekt is. Maar die redder zal in feite niets redden. Hij zal over iedereen oordelen, waarbij er heel wat veroordeeld zullen worden - op zichzelf nog niet zo erg gek! Er zijn er in deze wereld inderdaad wel een paar die je beter kwijt dan rijk kunt zijnÖ

Moslims komen bij honderdduizenden naar Mekka teneinde zevenmaal om de heilige steen te lopen. Waarom doen zij dat? Wel, zij denken daar≠mee hun god te eren en zelf een beter mens te worden. Nou ja, een ge≠hoorzamer mensÖ Kun je niet bij zo'n heilige steen komen, dan kun je je altijd nog in de woestijn ter aarde werpen. Dat allemaal omdat men in de waan verkeert dat er een god is die gediend moet worden. Overigens belet al die heiligheid je niet om voor de zekerheid toch maar wat vertrouwen in je Kalashnikow te stellenÖ

En dan hebben we natuurlijk ook nog de christenen onder leiding van de paus. Zoals bekend kunnen die er ook wat van. Anderen laten zich dopen in een rivier om het goddelijke deelachtig te worden; laten zich uitvoerig zegenen, tegenwoordig zelfs door een dame; eten een ouweltje omdat men dan het lichaam van Christus in zich opneemt.

Hoe krijgen ze het verzonnen! Moet je nu echt respect hebben voor een dergelijk intellectueel getob? Bijvoorbeeld voor het in aanbidding bijeen≠zijn bij kaarsjes, hetgeen ook weer een reinigende werking schijnt te heb≠ben? Je kunt er zelfs een show van maken en de lijdensweg van Christus zo natuurgetrouw mogelijk naspelen en waarom zou je niet, als je de Joodse godsdienst toegedaan bent, voor de klaagmuur gaan staan bidden alvorens het militaire handwerk voort te zetten? De meest verlichte geesten houden zich op hun eigen wijze met het wel en wee van de wereld bezig. Zou het echt helpen? Zouden zij niet beter de handen uit de mouwen gaan steken?

Misschien doe je er goed aan je bij deze verlichte geesten te voegen. Zij weten hoe ze zichzelf buiten het leven van alledag kunnen plaatsen en hoe je de mensheid rust en vrede kan voorspiegelen. Zij staan immers in rechtstreekse verbinding met god. Zij zijn het goddelijke middenkader. Maar, natuurlijk kun je het ook zelf proberen volgens de theorieŽn van de New Age. Maak maar een piramide van tentstokken, dan trek je de kosmische energie naar je toe. Daar knap je natuurlijk reuze van op.

Dan zijn er ook nog de televisiedominees die je de weg naar het heil wijzen, voornamelijk door je van je centjes af te helpen. Dat is trouwens iets waarin alle door god gezegenden uitblinken..!

Zo kun je nog een hele tijd doorgaan. Het is een wereldwijde gekte die volkomen haaks staat op alles wat wij tegenwoordig weten en alles wat wij doen. Kun je nu stellen dat die gekte aan invloed ingeboet heeft en dat je je er dus niet langer druk om behoeft te maken? Volgens de vrijdenkers in geen geval! Het gaat namelijk niet om de vraag of de godsdienstige instituten, de op collectieven gebaseerde instellingen, aan macht ingeboet hebben, maar het gaat om de vraag wat een dergelijke gekte teweegbrengt in het denken van de individuele mensen. Zij hebben uiteraard recht op hun eigen zin en onzin, maar het is nu juist de gods≠dienstige onzin die zich niet beperken kŗn tot de individuele mens.

Anders gezegd: godsdienst kŗn geen privť-zaak zijn. Dat zit hem in het feit dat het tot het wezen van elke godsdienst behoort zichzelf als absoluut te beschouwen. Dat betekent dat zijn normen en waarden van kracht zijn voor ŗlle mensen, of die er nu in geloven of niet. Godsdienst heeft dus nooit genoeg aan zichzelf. Hij wil de maat zijn voor alles. Daardoor brengt hij een bepaald soort van arrogantie in de godsdienstige teweeg. Die arrogantie leidt tot tiranniek gedrag dat onvermijdelijk onverdraag≠zaam is naar de medemens omdat die uiteraard altijd tekortschiet en dus schuldig en zondig is. Alle modieuze redelijkheid, aanspreekbaarheid en tolerantie poetsen deze feiten niet weg.

De godsdienstige mens, van welke godsdienst dan ook, is in zijn hart een ‹bermensch die zijn eigen geestelijke waanideeŽn op slinkse wijze, maar zonder enige schroom, als de maat stelt voor zijn medemensen. De leepheid gebiedt hem weliswaar zich nederig voor te doen en onmiddel≠lijk in zijn schulp te kruipen als hij zich wat al te duidelijk als ‹ber≠mensch manifesteert, maar intussen gaat het hem wel daarom. Wat dacht u, Hirsch-Ballin vindt wel degelijk dat zijn christelijke waarden en nor≠men superieur zijn aan ŗlle andere en dat een wereld zonder die superieu≠re normen een misdadige chaos is. En Lubbers kan heel mooi en redelijk praten, zoals trouwens alle JezuÔeten, maar hij bedoelt dat de maatschap≠pij weer christelijk moet worden en dat God weer als de absolute maat gesteld moet worden.

Jammer dat over het algemeen niemand er over valt dat die twee heren bij herhaling grondwettelijk zwaar fout zitten. Beiden, zowel Hirsch≠Ballin als Lubbers, zijn namelijk in dienst van een burgerij die nauwelijks nog godsdienstigen telt en in ieder geval staan zij voor een staat die per se niet theocratisch is. Toch vinden zij dat zij het recht hebben, in functie nota bene, godsdienstige onzin te propageren. Er is geen sprake van dat zij hun waanidee als een privť-zaak beschouwen.

Maar, stel je eens voor dat vrijdenkers op zo'n manier hun radicale atheÔsme zouden propageren! Diep beledigd zouden de godsdienstigen en hun goden zijn, gediscrimineerd zouden zij zich voelen en zij zouden er met overtuiging op wijzen dat atheÔsme een, overigens kwalijke, privť≠zaak is en als zodanig binnenskamers moet blijven!

Zoals uit die paar voorbeelden blijkt is de wereld nog steeds in ernstige mate doortrokken van godsdienstige gekte. De vrijdenkers peinzen er dan ook niet over hun al anderhalve eeuw durende strijd tegen de godsdienst te staken. Sterker nog, zij intensiveren deze omdat de godsdienstigen zich steeds vaker voordoen als redelijke mensen en daardoor minder goed te herkennen zijn als vertegenwoordigers en voorvechters van een fictieve, maar absolute hogere macht. Zo heeft de zich 'paus' noemende figuur onlangs op listige wijze erkend dat zijn kerk heel wat misdaden begaan heeft en dat de tijd gekomen is het 'Mea Culpa' uit te roepen. Als je niet beter wist zou je denken dat ze daar in Rome wakker geworden zijn, maar in feite is het de zoveelste poging zich als een redelijke zaak voor te doen. En, helaas met succes bij heel wat goedwillende lieden! Het is Ťcht nodig dat daartegen tekeer gegaan wordt.

Daarom, als het ook maar even kan, voeg u bij de vrijdenkers.

Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ; Boeddhisme Ė 13 en Onwetendheid Ė 18

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

HOE ZAT HET OOK ALWEER ... ?

Uitzending: 7 september 1994

Nog niet zo erg lang geleden waren er een heleboel intellectuelen die absoluut niets van godsdiensten moesten hebben. Zij waren ervan over≠tuigd dat godsdiensten alleen maar slecht voor de mensen zijn. Omdat zij op een waan berusten die op een gevaarlijke wijze de wereldbeschouwing van de mensen verduistert. Liberalen, humanisten, anarchisten, socialisten en nog een menigte wetenschappers en andere intellectuelen kwamen rond voor hun atheÔsme uit en zij beschouwden elke vorm van bovennatuurlijk≠heid als een kortzichtig en uitermate infantiel hersenspinsel.

Uiteraard verkeerden ook de vrijdenkers in dat atheÔstische gezelschap. Sterker nog, zij zijn zelfs al sinds halverwege de vorige eeuw de gangma≠kers. De mensen van de toenmalige Dageraad bestreden consequent het geloof en de godsdienst. Uit principe deden zij dat op wetenschappelijke gronden, maar zij maakten ook dankbaar gebruik van het nieuwe bijbel≠onderzoek. Dat bracht onder andere aan het licht dat de verhalen van bijbel, koran en andere zogenaamd heilige geschriften op oude mythen berusten. Die werden in het gehele cultuurgebied van het Oosten al eeuwenlang verteld zonder dat iemand ze als de woorden van god beschouwde.

Deze inzichten, gevoegd bij de resultaten van onafhankelijk wetenschap≠pelijk onderzoek, werden door vrijwel alle intellectuelen gedeeld. En die staken hun opvattingen niet onder stoelen of banken! Graag voegden zij zich bij de vrijdenkers om de godsdiensten aan de kaak te stellen.

Maar tegenwoordig is dat niet meer zo! Er heeft zich een dramatische omwenteling voltrokken die hierop neerkomt dat genoemde intellectuelen, liberalen, humanisten, anarchisten, socialisten, wetenschappers en ande≠ren, fervente verdťdigers van de godsdienst zijn geworden. Op het ogen≠blik is het al zover gekomen dat je met recht kunt stellen dat de godsdien≠sten nog nooit zulke overtuigende pleitbezorgers hebben gehad! En de vrijdenkers zijn zelfs min of meer alleen komen te staan.

Nog onlangs heeft De Vrije Gedachte in een TV -uitzending laten zien hoeveel malligheden er aan de godsdiensten over de gehele wereld meekomen. Allemaal gebruiken, rituelen en psychische manipulaties die, nuchter beschouwd, alleen maar belachelijk, misleidend en dom zijn. Daarmee waren talloze kijkers het natuurlijk roerend eens, maar zo niet een aantal intellectuelen. Die moderne intellectuelen hebben namelijk bedacht dat het maar eens uit moet zijn met de suprematie van het westerse denken.

Zij hebben bedacht dat alle culturen recht hebben op hun eigen levensbeschouwing en dat niemand het recht heeft iets negatiefs daarvan te zeggen, zeker de westerse mens niet, die volgens hun al genoeg de baas heeft lopen spelen in de wereld. "Ieder het zijne" is het moderne quasi ruimhartige stand≠punt. En vanuit die ruimhartigheid wordt de godsdienst niet meer op zijn inhoud beoordeeld.

 

 

Natuurlijk hebben wij in feite niet te doen met ruimhartigheid, maar met een ernstige vorm van intellectuele lafhartigheid: Dat blijkt zonneklaar uit de gebruikte argumentaties. Men vindt het tegenwoordig namelijk heel zinvol dat mensen godsdiensten aanhangen en zelfs is het volgens dat moderne denken zo dat godsdiensten via hun gezag en rituelen een gun≠stige inwerking op de mensen kunnen hebben. Ze zouden de mensen hou≠vast bieden en ook een toekomstperspectief, terwijl zij bovendien ethisch van grote waarde zijn, zo beweert men.

Maar hoe zit het dan met de cruciale vraag of er eigenlijk wel goden bestaan? Wel, die wordt afgedaan met de laffe dooddoener dat kennis omtrent god en het goddelijke buiten ons denken valt en dat wij er daardoor niets van kunnen weten! Mooi zo: omdat wij dus niet kunnen wťten of god bestaat is het plotseling niet erg als iemand onzin loopt uit te kramen en op te dringen aan anderen. Het geloof is kennelijk een vrij≠brief voor niet te bedenken absurditeiten! Inderdaad, dat is nog waar ook! Maar, de moderne intellectuelen komen tot overmaat van ramp ook nog met het argument dat het al of niet bestaan van een god er eigenlijk helemaal niet toe doet. Het zou in de praktijk gaan om de psychische en morele inwerking van de godsdienst op het individu. Toe maar! Zo lust ik er nog wel een paar!

Ze hebben er natuurlijk gelijk in dat je de mensen hun ideeŽn niet af mag nemen. Dat kan trouwens niet eens! Maar als je die ideeŽn niet meer kritisch en nuchter mag beoordelen, waar blijven we dan? Moeten we het dan maar heel genuanceerd goedpraten dat er jonge meisjes verminkt worden omdat een aantal gefrustreerde mannen ooit bedacht heeft dat zo'n verminking de kuisheid van jonge vrouwen bevordert? Of moeten wij er achter staan dat schrijvers, zoals nu weer Taslima Nasrin, onwettig ter dood veroordeeld worden omdat hun uitspraken over de Islam niet in goede aarde vallen bij enkele op macht beluste godsdienstige fanaten? En moeten wij het normaal vinden dat een minister van justitie van een niet-theocratische staat als de onze ervan uitgaat dat de christelijke normen de enig juiste en betrouwbare zijn? Christelijke normen nota bene die het zelfbeschikkingsrecht van de mensen ontkennen en die vooral de vrouwen tot zombies maken. Moeten wij dat echt allemaal goedpraten? En bedek≠ken met de 'mantel der redelijkheid' van onze moderne intellectuelen die zich wel liberaal, humanistisch, anarchistisch en dergelijke noemen, maar die in de praktijk alleen maar blijk geven van een treurige geestelijke lafheid?

Het is op het ogenblik al zover gekomen dat vroegere geestverwanten van de vrijdenkers thans van oordeel zijn dat diezelfde vrijdenkers tot de meest verstokte 'fundamentalisten' gerekend moeten worden. Ja, je hoort het goed, fundamentalisten! En, in vertrouwen gezegd: als het begrip fun≠damentalisme niet zo besmet was door de wandaden van godsdienstige geestdrijvers zou je het bijna als een geuzennaam gaan beschouwen!

Het is overigens inderdaad een feit dat de vrijdenkers zich bij alles de vraag stellen "Hoe zat het ook alweer?". Uiteraard vragen zij daarbij niet, zoals alle godsdienstige fundamentalisten, naar duistere dogmatische uit≠spraken en voorschriften die lang geleden door overspannen tobbers zijn opgetekend en die voor de goddelijke waarheid moeten doorgaan, maar zij vragen steeds weer naar de uitkomsten van hun eigen logische denken. Dat voortdurend terugvallen op het eigen unieke vermogen om de wer≠kelijkheid te begrijpen en daarbij geen enkel bovennatuurlijk hersenschim≠mig gezag te erkennen is typerend voor de vrijdenkers. De vraag Úf en in hoevŤrre dat gelukt doet eigenlijk niet terzake.

Waarom het gaat is dat je niet je toevlucht neemt tot door fanaten ver≠zonnen waandenkbeelden of tot lafhartige intellectuele onverschilligheid, overgoten met een sausje van verlichte redelijkheid en modieuze genuan≠ceerdheidÖ

Hoe ruimhartig je ook erkent dat de mensen recht hebben op hun eigen godsdienstige gekte, toch blijft steeds overeind staan dŗt het een gekte is. Ook als zo'n gekte bij een aantal mensen heilzaam schijnt te werken is dat geen excuus om dan maar vrijelijk met de godsdienstige instituten en hun machthebbers mooi weer te gaan spelen en te doen alsof de gelovige prietpraat op hetzelfde niveau zou staan als het door logisch nadenken en objectief onderzoek onderbouwde moderne denken.

Men wil het tegenwoordig maar liever niet openlijk toegeven, maar in de maatschappelijke praktijk blijkt steeds weer dat de oordeelsvorming van godsdienstigen onnavolgbaar en willekeurig is, nauwelijks enige houdbare grond heeft, maar wel met een onvoorstelbare arrogantie als de maat der dingen gesteld wordt. En vaak doen de gelovigen zich daarbij uiterst redelijk voor, wel wetende dat zoiets het goed doet bij de moderne intellectuelen. Maar als de een of andere vrijdenker, of zomaar iemand die zijn hersens gebruikt, daar niet intrapt en zich kritisch uitlaat over god en de godsdienst ontsteken diezelfde 0 zo redelijke godsdienstigen in grote woede en laten hysterisch weten dat zij 'ernstig geschokt' zijn en dat men henzelf Ťn god 'diep beledigd' heeft. En ze schreeuwen om het hardst: "Dat zou verboden moeten worden! We gaan kamervragen stellen! "

Over het feit dat vrijdenkers en andere ongelovigen bij voortduring be≠ledigd en geschokt worden praat men niet en helaas wordt men daarin tegenwoordig gesterkt door de moderne intellectuelen! Die komen ons wijsmaken dat alle godsdiensten in wezen verschrikkelijk tolerant zijn en dat godsdienstige fundamentalistische arrogantie, agressie en onverdraag≠zaamheid slechts tot de uitwassen behoren. Vreemd is het dan wel dat je met die tolerantie zelden te maken krijgt, maar wel steeds meer met die uitwassen!

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

MENSEN ZIJN GEEN KUDDEDIEREN

Uitzending: 22 februari 1995

Je hoort vaak beweren dat mensen kuddedieren zijn. Ze kunnen alleen maar in groepen leven. Dan wijst men er niet alleen op dat de mensen elkaars gezelschap opzoeken vanwege de behoefte aan geborgenheid zodat ze zich veiliger voelen, maar men bedoelt ook en vooral dat zij elkaars gedrag overnemen. Zij gaan een groepsgedrag vertonen en het is in de eerste plaats daarop dat de uitdrukking 'kuddedieren' slaat. Zo zijn er filosofen die met stelligheid beweren dat je de mens alleen maar goed kunt leren begrijpen als je ervan uitgaat dat er eigenlijk geen afzonderlij≠ke mensen bestaan, maar slechts groepen. Sommigen spreken in dit ver≠band zelfs enigszins laatdunkend van 'horden' en 'massa's'. Het individu moet dan beschouwd worden als de kleinste eenheid van zo'n massa, zo'n horde.

Uiteraard moeten alle eigenschappen van het individu dan afgeleid worden van de eigenschappen van de horde. In feite betekent dit dat het individu in zijn of haar gehele doen en laten bepaald wordt door iets van buitenaf. Een eigen inbreng is niet mogelijk. Iedereen is een 'kloon' van het standaard groepstype. Natuurlijk bestaan er wel kleine verschillen tussen de klonen, maar echt ontkomen aan het standaardtype is uitgeslo≠ten. De collectieve norm van de horde is en blijft volgens deze opvatting de maat.

Als je kijkt naar het gebruikelijke gedoe van de mensen zie je inderdaad iets dat aan kuddedieren doet denken. Als de vakantietijd weer is aange≠broken trekt de hele horde naar dezelfde bestemmingen om zich daar allemaal met hetzelfde onledig te gaan houden. Ook als de een wat anders kiest dan de ander is het toch steeds een keuze die binnen het kader van het gangbare 'normale' aanbod blijft. En wat de kleding betreft zie je ook dat het collectief de maat is. Men houdt zich aan datgene dat de mode voorschrijft. Uit de toon vallen wordt afgekeurd. Met de inrichting van de woningen is het al niet anders. Het lijkt wel of er een soort van on≠geschreven wet is die als een publiek geheim bij een ieder bekend is maar die nooit hardop uitgesproken wordt.

 


Maar deze dingen zijn nog niet eens het ergste. Veel ingrijpender zijn de onuitgesproken collectieve wetten die het denken bepalen. Op de een of andere duistere wijze denken de mensen allemaal eender, komen met dezelfde opvattingen, geloven in dezelfde dingen en huldigen dezelfde moraal. Bijvoorbeeld bij discussies hoor je steeds dezelfde gedachten ver≠kondigen. Ook als soms iemand met een andere opvatting komt is dat er een die naadloos binnen het kader van het collectieve denken valt. De normen en eigenaardigheden van de groep zijn uiteindelijk steeds bepa≠lend voor de individuele mensen. Het ligt bijvoorbeeld tegenwoordig in het collectieve denken dat de arbeid bepalend is voor de kwaliteit van de maatschappij. Prompt zie je dat iedereen zijn levensgeluk van het hebben van werk af laat hangen, ondanks het feit dat je tegenwoordig ook zonder werk niet verkommert. Toch vindt men dat je met een uitkering 'je hand op moet houden'. Alsof je mŤt werk niet ook je hand op moet houden en maar afwachten of er nog iets voor je overschiet. Het liefste betaalt men je immers helemaal niets uit. De lonen vallen nog steeds onder de on≠kosten! Maar daarover gaat het nu niet.

Het gaat er om dat iedereen bevangen is in dezelfde voorstelling. Het is dan ook geen wonder dat men, kortzichtig als altijd, tot de conclusie is gekomen dat wij ons als kuddedieren gedrŗgen omdat wij van nature kuddedieren zijn. Uiteraard hebben sommigen dat wat fijnzinniger onder woorden gebracht, bijvoorbeeld door te stellen dat de mens een 'groeps≠wezen' is of, volgens anderen, een 'sociaal dier'. En dan heb je er ook nog die het hebben over 'gods kinderen' of over 'met het al verbonden delen van het geheel'. Allemaal fraaie termen en religieuze sentimenten die met elkaar gemeen hebben dat de individuele mens afgeleid wordt uit het collectief, de horde, de groep of de gemeenschap. Eerst is er dat collectief en vervolgens komen jij en ik daaruit voort. Zonder dat we iets wezenlijk eigens bezittenÖ

Het is verklaarbaar dat men op zo 'n manier de individuele mens bekijkt, maar er deugt absoluut niets van. De mens is helemaal geen kuddedier! Je zult er nooit iets van begrijpen als je van dat waanidee uitgaat. Dat blijkt op minstens twee manieren. Ten eerste is daar het feit dat juist de meest bewonderenswaardige mensen volkomen afwijken van elke collectieve norm. Zij vallen volstrekt uit de toon. Bovendien laat de cultuurgeschie≠denis zien dat de mensen zich steeds meer in de richting van de eigen unieke persoonlijkheid ontwikkelen en helemaal niet in de richting van een groepsmodel. De mensen zijn kennelijk niet op weg naar het unifor≠me, maar juist naar het individuele, het eenmalige en unieke. Vooral de laatste tijd is dat goed waar te nemen. Het is dan ook meelijwekkend als je ziet hoe vooral van het collectief afhankelijke politici en bestuurders zich uitsloven om het tij te keren, uiteraard terwille van hun eigen machtsposities. Maar het is bij voorbaat al een verloren gevechtÖ


Het verschijnsel mens is uniek omdat het nergens eenzijdig bij behoort. Ondanks het feit dat wij stoffelijk zijn voelen wij ons niet thuis in de stoffelijke wereld, maar wij behoren ook niet tot een geestelijke werke≠lijkheid die niet materieel is. Als gevolg hiervan zijn wij niet van nature onderworpen aan bepaalde programma's zoals alle overige levende we≠zens. Maar ook aan geestelijke instanties zoals goden, geesten en andere hogere machten zijn wij niet onderworpen. Je kunt met recht zeggen dat wij mensen vrij zijn, aan niets gebonden. Wij zijn dus ook niet aan horden, groepen, collectieven en andere instanties gebonden. Wij behoren uitsluitend onszŤlf toe!

Diegene die zegt dat mensen kuddedieren zijn weet absoluut niet welke plaats de mens in de werkelijkheid inneemt.

Omdat mensen in principe nergens aan gebonden zijn moeten zij alles zelf doen. Zo moeten zij bij voorbeeld zelf hun relaties tot andere mensen en de rest van de natuur regelen. Die relaties liggen dus niet bij voorbaat vast zoals dat in een kudde het geval zou zijn, maar zij moeten al doende ontstaan. Zo ontstaat er op den duur een samenleving waarin men vrij is om naar eigen goeddunken te leven en er ontstaat tegelijkertijd een maat≠schappij waarin men vrij is te handelen, dingen te doen.

Maar dat alles gaat niet van de ene dag op de andere. Zoals alles wat leeft begint de mensheid ook onvolwassen. De mensen verkeren om te beginnen in de waan dat zij wel ergens bij behoren, met als gevolg dat zij zich als kuddedieren gaan gedrŗgen, hoewel zij in wezen geen kuddedie≠ren zÔjn. Ook hun denken over de wereld en zichzelf is aanvankelijk niet veel soeps. Het is een soort van robot-denken dat angstig binnen de bekende en vertrouwde kaders gehouden wordt. In grote trekken komt iedereen met dezelfde verhalen en dat is zelfs heel vaak in de wetenschap≠pen het gevalÖ

Wat is nu het belang van het vrijdenken? Geen ander dan dit dat het bij jezelf de waan van de menselijke ŗfhankelijkheid doorbreekt en je gaandeweg doet inzien dat alles draait om je eigen individualiteit. Het is in het leven niet de vraag hoe je omgaat met collectieve zaken, hoe mooi ook voorgesteld, maar hoe je omgaat met je eigen individualiteit. Want daarin ligt de maat voor je verkeer met de andere mensen en de natuur. Eerst moet je jezelf ontwikkelen en naarmate je daarin slaagt gelukt het je ook sociaal te zijn. En dan ben je dat met hart en ziel. Geen enkele modieuze psychische of geestelijke therapie en geen enkele godsdienst of occult ritueel kan zoiets in je bewerken omdat al dit soort zaken je juist afhankelijk maken! Zij werken averechts! Je eigen denken bevrijden, vrijdenken dus, heft de waan van de afhankelijkheid op den duur op.


Omdat er voor vrij denken geen regels en voorschriften bestaan is je verworven onafhankelijkheid blijvend. Je vervalt niet weer in slavernij! Dat is voor jezelf en voor je omgeving een hele verademingÖ

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 


 

IS GODSDIENST MET WETENSCHAP TE BESTRIJDEN?

"Achter de quarks zit god"

 

Uitzending: 19 april 1995

Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ;

Sinds de Verlichting omstreeks het einde van de 18e eeuw zijn er in de westerse wereld een heleboel idealisten die er van overtuigd zijn dat de wetenschap in staat is de sprookjes van de godsdienst te ontmaskeren. Zij denken dat het fataal voor de godsdienst is als de mensen op een weten≠schappelijke manier gaan denken of in ieder geval onderwijs krijgen dat aan objectieve wetenschappelijke kriteria voldoet. Modern onderwijs dus en met name gťťn onderwijs dat bestaat uit het inprenten en opzeggen van heilige teksten of spreuken, zoals dat in de Islam en in veel Oosterse religies gebeurt, maar onderwijs waarin 'twee keer twee is vier' de maat is. Op zichzelf is dat een voor de hand liggende gedachte. Vooral omdat sinds de Verlichting de wetenschappelijke grondslag voor de westerse cul≠tuur algemeen aanvaard is, al zou je dat vaak bepaald niet zeggen..!

Bovendien, het eind is zoek als je van de logica af gaat wijken en zomaar wat in de ruimte kletstÖ

Toch is het maar voor een heel klein gedeelte waar dat de wetenschap de godsdienst kan verdringen. Je behoeft bepaald geen diepgaand onderzoek te plegen om er achter te komen dat de godsdienst zelfs nog onder heel wat wetenschappers populair is, hetzij dat zij er zŤlf volop aan doen, het≠zij dat zij er welwillend tegenover staan. En ook kun je gemakkelijk con≠stateren dat onder de bevolking de godsdiensten nog steeds welig tieren. Weliswaar niet in de vorm van kerkelijke instituten, maar als min of meer duistere genootschappen. Hier en daar vormen die zelfs in toene≠mende mate een bedreiging voor de democratie en de rechtsstaat. Denk wat dit betreft aan bepaalde vormen van de Islam. Daarbij zijn kriteria van recht en rede niet de maat, maar de regels en voorschriften die in een ver verleden door godsdienstige fanaten zijn bedacht.

Dat geldt trouwens ook voor christelijke groeperingen die terugwillen naar gods woord, alsof ook dat niet door overspannen geestdrijvers uitgebroed is. Dan heb je ook nog evangelisatie bewegingen die, vaak met succes, proberen de natuurwetenschappen voor hun karretje te spannen om ons ervan te overtuigen dat god het allemaal zo geregeld heeft. Kortom, je zou eigenlijk helemaal niet zeggen dat overal op de wereld de wetenschappen doorgedrongen en voor het denken maatgevend geworden zijn.


Blijkbaar is de wetenschappelijke kennis een niet zo erg effectief werktuig om de waan van de godsdienst te doorbreken. Dat is eigenlijk wel ver≠wonderlijk als je bedenkt dat de wetenschap en de technologie op zichzelf buitengewoon succesvol zijn. Ze hebben in niet geringe mate ons gehele leven beÔnvloed en zonder enige twijfel veel meer mogelijk gemaakt. Hoe je de wetenschappelijke praktijk ook beoordeelt en hoezeer je ook beducht bent voor allerlei ontwikkelingen die het leven in ernstige mate kunnen gaan bedreigen, toch is datzelfde leven niet mogelijk zonder de verwor≠venheden van wetenschap en techniek. Het wordt gemakshalve wel eens vergeten, maar zelfs het planten van gewassen op een lapje grond, het bereiden van het voedsel, het vervaardigen van beschermende kleding en al onze dagelijkse handelingen zijn vormen van wetenschap en techniek. En juist in het licht van dat feit is het verwonderlijk dat zoveel mensen daaruit geen consequenties trekken en nog in de waan van de godsdienst bevangen zijn geblevenÖ

Nu is het gelukkig niet zo dat de wetenschap helemaal geen effect heeft op de godsdienst. Dat echter is meer te danken aan primitieve voorstellin≠gen en domme uitspraken binnen de verschillende godsdienstige theorieŽn zelf dan aan de overtuigingskracht van de wetenschap. Zo was er destijds de bespottelijke theorie dat de zon en andere hemellichamen om de aarde zouden draaien en dat dit logisch was omdat de aarde met daarop de mens het slotaccoord en hoogtepunt van gods schepping zou zijn. Het heette dat het gehele universum aan de mens en de aarde ondergeschikt was. Dom om zoiets te beweren! Zo'n theorie heeft namelijk betrekking op concrete verschijnselen die gemakkelijk te controleren zijn. Het is eigenlijk een soort van natuurwetenschap, zij het primitief, onjuist en totaal mislukt. Maar juist daarom kon het niet uitblijven dat bepaalde vrijgeesten de zaak gingen onderzoeken en controleren. Gallilei en anderen toonden zonder veel moeite aan dat er niets van deugde en na verloop van tijd moest de kerk toegeven dat haar theorieŽn op dat punt onzinnig waren.

Zo zijn er tal van voorbeelden van theologische voorstellingen en uitspra≠ken die door wetenschappelijk onderzoek gelogenstraft zijn. Vooral sinds de Verlichting is er heel wat onzin uit de weg geruimd. Maar steeds gaat het daarbij over controleerbare concrete zaken.

Voortdurend worden diŤ successen van de wetenschap naar voren gebracht als bewijs dat de wetenschap de godsdienst kan overwinnen. Dat is jammer, want het is niet juist. Het gaat namelijk bij de godsdienst per definitie helemaal niet om controleerbare concrete zaken. De essentie van de godsdienst is juist dat het over abstracties gaat, over dingen die men niet zien kan en die dus niet op de gebruikelijke manier te controleren en te bestrijden zijn.


Het enige wat je kunt controleren is dat je die zogenaamde onzichtbare hemelse dingen nooit tegenkomt, dat de verhalen daarover in alle opzich≠ten volkomen ongerijmd zijn en dat je nooit enig bewijs van hun bestaan vindt. En wŤl is aan te tonen dat die hemelse dingen door mensen verzonnen zijn. Je zou denken: reden genoeg om de hele zaak naar het land der fabelen te verwijzen. Was dat maar voor iedereen waar en niet alleen maar voor die ongelovige vrijdenkers!

De realiteit is daarentegen dat de godsdiensten zich steeds met groot raffinement terugtrekken op die abstracte posities. Elke keer als natuur≠kundig onderzoek aantoont dat de grond van de werkelijkheid goddeloos, concreet en materieel is komen de theologen ons vertellen dat die feiten weliswaar niet te ontkennen zijn, maar dat god nu juist ŗchter die feiten zit. God zit een laag dieper, achter de elementaire deeltjes, hij zit zoge≠zegd 'achter de quarks'. Daarbij gebruiken die theologen een uiterst uitgekookt argument dat hier op neerkomt dat de schepper zelf niet geschapen kan zijn. Men stelt dat er achter de verschijnselen een 'eerste oorzaak' moet zitten en dat die eerste oorzaak op zichzelf niet veroor≠zaakt kan zijn. En nu is het beroerde dat die ŗrgumenten op zichzelf nog juist zijn ook! Aan de basis van de werkelijkheid moet inderdaad iets liggen dat nergens door veroorzaakt is. Dat is moeilijk voor te stellen, maar er is toch niet aan te ontkomen.

Die eerste oorzaak valt natuurlijk buiten alle andere dingen die wŤl ergens door veroorzaakt zijn. Koren op de molen dus van de theologen. In dat gat springen zij maar al te graag! Zij komen ongegeneerd beweren dat god, als zijnde die eerste oorzaak, buiten alle veroorzaakte dingen valt en dus ook buiten alle wetenschappelijke kennis. De wetenschappers mogen bijgevolg uit hoofde van hun wetenschap helemaal geen uitspraken over god doen!

 

Die redenering leidt ertoe dat wetenschap en godsdienst rustig naast elkaar kunnen blijven bestaan. Zolang het maar niet over concrete zaken gaat bijten zij elkaar niet. En dat vinden een heleboel wetenschappers ook. Er zijn er die zich niet schamen om bij bepaalde gelegenheden zŤlf godsdienstige onzin uit te kramen. En anderen kruipen lafhartig in hun schulp en beweren dat zij 'agnosten' zijn. Met andere woorden: zij weten het niet, want, zo zeggen zij, de zaak valt buiten ons denken.


Als vrijdenker kun je om dit alles alleen maar lachen en het als ťťn grote grap beschouwen. Want voor de agnost valt god inderdaad buiten het denken, dat wil zeggen: buiten zijn denken! Dat is immers onmiskenbaar een lafhartig denken. Hij spaart de geit en de kool en houdt zich mooi op de vlakte.

En inderdaad valt de god van de gelovige geheel buiten de concrete en controleerbare werkelijkheid. Dat blijkt namelijk dagelijks als je de onzin hoort die uitgekraamd wordt: met behoorlijk en helder denken heeft dit onwaarschijnlijke gefantaseer niets te maken!

Hoe je het ook wendt of keert, het is en blijft een waanvoorstelling die de mensen in zijn ban houdt. En die waan kan nauwelijks door onderzoek en kennis doorgeprikt worden. Je kunt alleen maar hopen en verwachten dat de groei naar volwassenheid die waanvoorstelling gaandeweg zal doen oplossen. Immers, met het benaderen van die volwassenheid komen de mensen steeds meer bij zichzelf terecht en dat houdt in dat hun denken vanzelf vrij wordt. En het is dat vrijdenken dat als enige in staat is de waanvoorstellingen op te lossen.

 

Overtuiging-1 ; Overtuiging-2 ; Overtuiging-3 ; Overtuiging-4 ;

 

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 


 

DE GESCHIEDENIS HERHAALT ZICH

Uitzending: woensdag 28 Juni 1995

De Vrije Gedachte had lang voor de oorlog al zendtijd. De toenmalige Dageraad behoorde tot de oudste officieel erkende omroepen van Neder≠land, al vanaf 1926. Dat was eigenlijk wel vreemd, want de overheid was nu niet zo heel erg gecharmeerd van die goddeloze, eigenzinnige en vrijheidslievende vrijdenkers. Maar men kon er niet onderuit, want men had zelf een wet gemaakt die onder andere voor De Dageraad de weg naar de ether opende. Die kersverse omroepwet verleende namelijk zendtijd aan geestelijke genootschappen zonder daarbij het ledental of zelfs de achterban als de maat te nemen. Je zou zeggen: niet zo handig van de overheid. Maar men had dat natuurlijk uit eigenbelang zo gere≠geld, want de toentertijd oppermachtige godsdiensten moesten toch de schijn van een democratische gezindheid ophouden. Zendtijd verlenen aan tegenstanders betekende een extra rechtvaardiging voor de eigen buiten≠sporige eisen.

Dat die hele gang van zaken inderdaad erg vreemd was mag wel blijken uit het feit dat diezelfde confessionele regering al spoedig, in 1930, een strenge censuur-vooraf instelde door de beruchte Radio Controle Commis≠sie. En in 1933 besloot men het lidmaatschap van De Dageraad te verbieden voor alle ambtenaren en overheidspersoneel. In het vooroorlog≠se Nederland was er dus bepaald niet veel sympathie voor mensen die hun verstand wilden gebruiken en die niet bereid waren, terwille van wie dan ook, water in de wijn te doen.

Vooral de kerken haatten de vrijdenkers, maar ook in de politiek ontstond er een steeds sterkere weerstand tegen De Dageraad. Het waren namelijk de vrijdenkers van De Dageraad die in die dagen de euvele moed hadden voor de radio tekeer te gaan tegen de schandelijke praktijken van Mussolini, tegen de misdaden van Franco en de lafheid van de westerse politici, maar vooral tegen de in Duitsland steeds meer bewust aangewak≠kerde Jodenhaat. Werkelijk niemand dorst het in die dagen in het open≠baar voor de radio voor de vervolgde joden op te nemen, maar de vrijdenkers, onder leiding van Jan Hoving, staken hun opvattingen niet onder stoelen of banken en waren ook niet bereid in te binden vanwege goede relaties met een 'bevriend staatshoofd', zoals de heer Adolf Hitlef. Voor hun moed werden de vrijdenkers door de Nederlandse overheid, onder druk van de NSB, royaal beloond: zij raakten per 1 januari 1937 hun zendtijd kwijt!


Het heeft 30 jaar geduurd, namelijk tot 1967, eer zij hun radiozendtijd terugkregen en het was pas in 1971 dat er 1 uur TV-zendtijd per jaar bijkwam. Letterlijk tot op de dag van vandaag is het bij dat ene uur gebleven, maar nu is er dan toch verandering in gekomen. Het is de confessionele krachten, broederlijk samenwerkend met de moderne managers die immers al geruime tijd proberen de hele maatschappij in hun macht te krijgen, eindelijk gelukt die ongezeglijke vrijdenkers uit de ether te werken. Het is duidelijk: de geschiedenis herhaalt zich, zij het met andere spelers en andere motieven. Wederom zijn de atheÔsten uit de ether verbannen!

Om dat voor elkaar te krijgen heeft men de meest vergezochte argumen≠ten bij elkaar geschraapt. Op enkele daarvan zal ik wat nader ingaan: heel mooi is deze dat de verdeling van zendtijd over godsdiensten en genoot≠schappen op geestelijke grondslag op zo eerlijk en zo realistisch mogelij≠ke wijze geschied is.

Als u nu eens met mij naar dit overzicht kijkt, dan ziet u dat men het als een realistische verdeling beschouwt als de Humanistische Omroep Stichting, dat is net als De Vrije Gedachte een 'geestelijk genootschap', maar 39 uur zendtijd op televisie krijgt, terwijl de godsdienstigen bij elkaar 2641/2 uur mogen uitzenden. En dan heb ik het nog niet eens over dat immer voortdurende godsdienstige gewauwel waaraan je je bij de KRO, de NCRV en vooral de EO kunt ergeren. De EO die trouwens, naar het schijnt, ook nog eens een deel van de op dat lijstje voorkomende Zendtijd voor Kerken gaat verzorgen. Dus: hoewel Nederland tot de meest ongelovige naties ter wereld behoort en er allang een scheiding tussen kerk en staat ingesteld is, is er een gigantische overheersing van godsdienstig gedoe op de media. En het is echt zo dat men dit nog vanzelfsprekend en redelijk vindt ook! Welnu, wij vinden dat helemaal niet redelijk!

Ook schitterend is het argument dat ons ene uurtje televisie per jaar versnipperend werkt, terwijl je zo zonder meer al minstens 8 verschillen≠de godsdienstige splinters hebt. Ver voor de oorlog al, in maart 1931, hield de filosoof Leo Polak voor de microfoon van De Dageraad een causerie over het onderwerp: Eenheid boven geloofsverdeeldheid. Hij legde daar onder andere in uit dat er steeds meer verdeeldheid binnen de godsdiensten heerst en dat dit haat en nijd, agressie en onverdraagzaam≠heid teweeg brengt. Uiteraard schrapte de censuur daar van alles in want de waarheid mag immers niet gezegd worden, althans niet als het over de godsdienst en de kerken gaat.


En dan is daar nog het fraaie argument van de zogenaamde achterban. De godsdiensten mogen zonder meer zo ongeveer de hele wereld als achter≠ban claimen, maar als het over De Vrije Gedachte gaat verwisselt men stiekem het ledenaantal met de achterban en beweert staalhard dat wij slechts een achterban van ongeveer 3000 vrijdenkers en atheÔsten zouden hebben. Het christendom, het jodendom, de islam en het hindoeÔsme worden als hoofdstromingen beschouwd, maar het atheÔsme, dat al zo oud is als de mensheid zelve, zou plotseling geen hoofdstroming zijn. Dat is natuurlijk klinkklare onzin: over de hele wereld zakken de mensen door de godsdienst heen, ondanks de vertwijfelde pogingen van fanaten dit te≠gen te houden. Maar, het ligt in de logica dat de secularisatie een on≠stuitbaar proces is, dus niet alleen in West-Europa, maar over de gehele wereld.

Het kan tegelijkertijd niet ontkend worden dat de atheÔstische vrijdenkers nauwelijks een georganiseerde achterban hebben en dat ook hun ledental niet zo erg indrukwekkend is. Maar dat is niet zo moeilijk te begrijpen: het is nu eenmaal een feit dat het vanzelfsprekende zich niet organiseren laat. Voor de meeste moderne mensen is het ongeloof namelijk een zo vanzelfsprekende zaak dat zij zich op grond daarvan niet verenigen. Dat feit is echter geen houdbaar argument voor de bewering dat wij geen achterban zouden hebben. Zo'n bewering is een volslagen slag in de lucht. Het zijn juist diegenen die zich forceren om in god te geloven die niet buiten een organisatie kunnen, omdat zij noodzakelijk macht moeten zien te veroveren. Dat is dan ook precies wat je op het ogenblik op tal van terreinen ziet gebeuren. Met het in hoog tempo slinken van de godsdienstige aanhang neemt bij de gelovigen de verbetenheid toe waarmee men aanspraak denkt te kunnen maken op allerlei machtsposi≠ties. In een tijd dat die machtsposities nog nauwelijks bedreigd werden, dus in de twintiger en dertiger jaren, dorst men De Dageraad wel wat zendtijd te geven. Men dacht dat dit niet zoveel kwaad kon, wat overi≠gens al spoedig bitter tegen bleek te vallen. Maar vandaag de dag be≠schouwt men vrijdenken zonder meer als een gevaar, voornamelijk voor de godsdienst als hoedster van de moraal, maar ook voor de managers≠maatschappij in zijn algemeenheid. Natuurlijk geeft men dat niet openlijk toe, maar toenemend fundamentalisme enerzijds en agressie tegen ongelo≠vigen en zogenaamd 'onaangepaste' eigenzinnige mensen anderzijds spreken wat dit betreft een duidelijke taal. En we zullen het wel nooit kunnen bewijzen, maar het is wel heel opmerkelijk dat het uitgerekend een atheÔstische vrijdenkersomroep is die het veld moet ruimen. Een omroep die, hoe klein ook in vergelijking met de godsdienstige omroe≠pen, terug kan zien op een roemrijk verleden als de enige atheÔstische omroep ter wereld. Hebben niet grote voorgangers als Multatuli, Bolland, Domela Nieuwenhuis, Leo Polak, Jan Hoving en recentelijk ook Anton Constandse hun ideeŽn bij de vrijdenkers verwoord, de laatste drie ook voor de microfoon van de vrijdenkers? En is die omroep niet zonder ook maar enige smet de oorlog doorgekomen? Je zou denken, alleen dat roemrijke verleden zou al een reden moeten zijn niet over 'samenwer≠king', 'versnippering', 'achterban', 'hoofdstroming' en dergelijken te praten.


En dan is daar ook nog die modieuze managers-theorie van het Commis≠sariaat over samenwerken met het Humanistisch Verbond. Dat slaat toch nergens op! Met het Humanistisch Verbond werken wij al vanaf de oprichting in 1946 samen, maar op het terrein van de media moeten wij nu eenmaal zelfstandig zijn. Daarvoor is onze boodschap te eigenzinnig. Trouwens, de humanisten hebben een humanistische omroep, maar wij maken aanspraak op een atheÔstische omroep, en dat is in feite heel wat ŗnders! De verhoudingen zijn in medialand helemaal zoek: een vergelijk≠bare godsdienstige omroep, namelijk het Nederlands IsraŽlitisch Kerkge≠nootschap, heeft er twee uren televisie bij gekregen. Dat gunnen wij hen van harte. Maar wij smeken al jaren om slechts ťťn uurtje erbij en wat krijgen wij? Wij mogen opkrassen!

Wie verzint er toch zoiets? Is dat nou pluriformiteit, is dat nou democra≠tie?

Het spreekt vanzelf dat wij het er niet bij laten zitten. Dat wordt ons trouwens ook van alle kanten aangeraden. Enerzijds zullen wij een juridische procedure starten, maar anderzijds kunt ý ons de helpende hand bieden, door namelijk massaal bij het Commissariaat voor de Media te protesteren en daaraan tegelijkertijd zoveel mogelijk ruchtbaarheid te geven. U kunt uw protesten richten aan het Commissariaat voor de Media.

Dit was naar wij vertrouwen nog lang niet de laatste uitzending van de vrijdenkers. Wilt u zich bij hen aansluiten of wilt u nadere inlichtingen, schrijf dan een kaartje naarÖ De Vrije Gedachte, Postbus 1087, 3000BB Rotterdam. Laat ons dan maar zeggen: tot de volgende keer!

 

"Vrijheid van godsdienst is vijheid van wangedrag".

 

 

Veiligheid - De Islam - Vrijheid

 

 

 

naar: inhoudsopgave

 

 

Naar boven

 

Naar startpagina

 

 

 

 

 

 

 

 

website analysis
website analysis