bijna-doodervaringen

1.3 Uit: De tunnel en het licht (Moody), p. 63 (kind, 11 jaar), bijna-doodervaringen :

"Ik herinner me niet dat die auto tegen me aan klapte, maar plotseling keek ik op mezelf neer. Ik zag mijn lichaam onder de fiets liggen. Mijn been bloedde; het was gebroken. Ik herinner me dat ik ernaar keek en zag dat ik mijn ogen dicht had. Ik was erboven. Ik zweefde zo'n anderhalve meter boven mijn lichaam en er waren allemaal mensen. Er was een man die probeerde me te helpen. Toen kwam er een ziekenauto. Ik snapte niet waar de mensen zich zo'n zorgen over maakten, want ik was prima in orde. Ik zag hoe ze mijn lichaam in de ziekenauto legden, en ik probeerde hun nog te vertellen dat er niks met me aan de hand was, maar niemand hoorde me. Ik kon volgen wat ze zeiden. 'Help hem,' zei een van hen. 'Ik denk dat hij dood is, maar laten we het proberen,' zei iemand anders. De ziekenauto reed weg en ik probeerde hem bij te houden. Ik was boven de ziekenauto. Ik dacht dat ik dood was ... De dokters maakten zich zorgen, maar ik probeerde ze te vertellen dat dat niet hoefde. Een van hen deed van die dingen, die elektroden op mijn borst en toen sprong mijn lichaam omhoog. Toen ik wakker werd, vertelde ik de dokter dat ik had gezien dat hij die elektroden op mijn borst deed. Ik probeerde het ook aan mijn moeder te vertellen, maar niemand wilde naar me luisteren. Op een keer vertelde ik het aan mijn lerares op school en zij vertelde het aan u."

terug