bijna-doodervaringen

2.6 Uit: Bijna dood (Opdebeeck), p. 209, bijna-doodervaringen :

"Ik lag op de grond en had het besef dat er (is) iets niet normaal was. Ik kwam uit mijn lichaam en dat zag ik heel goed: ik zag die leraar die er ondertussen bij gekomen was. En die stond bij mij, eigenlijk in mij. Ik dacht: dat kan niet! Dat was heel eigenaardig. Dan hang je daar ongeveer zowat boven en je ziet dat ... Ik was helemaal niet bang. Ik voelde mij zeer aangenaam ... En mijn grootvader was er ook ... Toen ik ginder was, heb ik gepraat met mijn grootvader, die ik als kind heel sympathiek vond, die ik echt aanbad ... Hij maakte mij duidelijk: 'Ik ben wel dood, maar jij moet eigenlijk ginds zijn. Het is je tijd nog niet.' Maar dat werd zo niet gezegd, het was eerder een gevoel dat opkwam. En toen heeft hij me gezegd: 'Ga maar terug.' ... En toen heb ik opnieuw mijn lichaam gezien, voor ik er weer inging ... Ik heb daar nog een hele tijd liggen staren en nadenken over wat er nu eigenlijk was gebeurd."

terug