www.flickr.com
This is a Flickr badge showing photos in a set called Chuli expeditie. Make your own badge here.
My Photo My Photo My Photo My Photo

maandag, november 20, 2006

2 november 2006; Pokhara/Nayapul/Gandruk

Dit is een beschrijving van de eerste dag van onze klimexpeditie in het Annapurna/Sanctuary gebied, zoals aangekondigd in onze samenvattende post op 20 november. Heerlijk wakker geworden vanochtend in de New Pokhara Lodge. Geen lawaai, maar fluitende vogels. Geen kerosinelucht, maar groene frisheid. Geen planken matras, maar zachte weelde. We draaiden ons allebei nog eens tevreden om, want de komende 18 dagen is het maar afwachten waar we ons te rusten mogen leggen. Gisteravond hadden we onze kennismaking met Som, onze gids. Een krachtige persoonlijkheid met een gezicht vol jarenlange klimervaring. Met pretoogjes schudde hij onze hand, we wisselden alleen de broodnodige informatie uit en we spraken af vanochtend om 8:00 uur hier te vertrekken. Dus om 7:15 uur stapten we via de wenteltrap de zonnige tuin in waar we een omeletje voorgeschoteld kregen. En tot onze blijde verwachting schoof ook onze kleine ‘zonnekoning’ Nima om half 8 aan (hij zat ook in onze begeleidende staf bij de Ama Dablam expeditie en is nu door onze reisagent Tulsi weer aan ons ‘gekoppeld’). Erg leuk om elkaar in deze nieuwe situatie weer te treffen. Zijn glimlach is vertrouwd en hij pakt met twee handen onze handen vast, ook hij heeft er zin in. Hij eet een omeletje mee en om 8:00 uur schuift ook Som aan voor een bakje thee. En als Som en Nima gezellig kennismaken met elkaar, schrik ik me wild. Plots ontdek ik dat mijn fotocamera niet meer in het hoesje aan mijn rugzak zit. Ik had een grote cactus met daarin groeiende rode rozen op de foto vast willen leggen, maar dat dat er nu niet meer inzit kan me even niet boeien. Shit, shit...mijn hart klopt in mijn keel want ik denk meteen te weten wat er gebeurd is. Gisteren werden we van het vliegveld gehaald door een medewerker van de New Pokhara Lodge en reden we met de taxi meteen langs het ACAP-bureau om onze ‘entry-permits’ voor de Sanctuary Trek te halen en te betalen. Dom, maar we lieten onze rugzakken in de wachtende taxi op de achterbank staan... Het enige onbewaakte ogenblik. Of zou ik het misschien ergens in mijn eigen spullen hebben verstopt? Hans reageert gelukkig kalm. Alle foto’s tot en met Kathmandu zijn gebrand op CD en staan op de expeditie-laptop. De camera is maar materiaal en we regelen het wel met aangifte en de verzekering. Fjoe, zo vredig zit ik er even niet in want nu moeten we onze mini-expeditie vastleggen met 1 camera. Ik probeer me er bij neer te leggen. We krijgen een seintje dat we de volgende taxi in kunnen rollen voor een ritje naar Nayapul, daar begint onze trekking. Ondertussen lachen Som en Nima flink om elkaars verhalen. We vallen hen verder niet lastig met ons verlies van de camera en lopen achter hen aan naar de meest fantastische taxi die ik ooit in mijn leven heb gezien. Deze gouden Toyota Corolla uit de jaren ’70 rijdt volgens mij op zijn charme.... Onderweg ontdekken we dat de snelheidsmeter, de kilometerteller, de versnellingspook en nog veel meer mechanische zaken het gewoon niet doen. Maar hij rijdt wel...die Toyota. De binnenbekleding is vervangen door allerlei geplastificeerde posters van tropische eilanden. We zitten eigenlijk gewoon in een hobby-kit op wielen, met zijn vieren. Onderweg maken we een noodstop omdat de rugzak van Som (de enige die niet meer IN de auto paste) ineens naast mijn raampje verscheen. Dat krijg je met een haarspeldbocht die je vol moet nemen omdat je anders na de bocht niet meer omhoog komt. Na een vervolgtocht van toeterende Tata-bussen (made in India), kuilen, overstekende buffels en slapende billen, rollen we in Nayapul uit dit blikken trots van de taxichauffeur. We herkennen meteen onze tassen in de stapel spullen langs de weg. De hele stapel blijkt voor onze expeditie te zijn, wow. Som stelt ons voor aan Kailash, zijn assistent. Een stevige, jonge Nepalees. Het blijkt zijn neefje te zijn. Nima staat al druk te onderhandelen met een groepje dragers. Er is flink discussie over de verdeling van het gewicht en het dagloon. Nima wil minder betalen dan dat ze vragen, maar Som die de dragers heeft geregeld sust de boel en ineens komt de hele meute in beweging. Er blijken naast Som, Nima en Kailash nog 6 dragers mee te gaan. Tassen en pakketten worden met speciale draagbanden op ‘het hoofd’ gehesen. Ongelooflijk wat die Nepalezen op hun nek kunnen hijsen. Een van de dragers, Tashi, gaat met de trekkingspullen van Hans, Som en mij mee tijdens de eerste twee dagen van de trek. De rest gaat onder leiding van Nima via een geleidelijkere route aan de rechterkant van het dal omhoog. We ontmoeten elkaar morgenavond in Chomrong. Onze route is mooier, maar vanaf de rivier omhoog naar Ghandruk is het pad gewoon 1 grote trap van grote rotsblokken omhoog. Hoe die kleine Nepalezen met hun kleine beentjes die hoge stappen maken.... en al helemaal met 25 kilo op je nek, zoals Tashi dus. Het eerste stuk langs de rivier loopt lekker en we maken een wat uitgebreidere kennismaking met Som. We schatten hem begin 50 en hij blijkt ook 51 te zijn. Hij heeft de Singu Chuli 1 keer eerder beklommen in 1992 (!) en kon toen niet boven kamp 2 komen vanwege teveel sneeuw. Die ervaring kennen wij ook van de Ama Dablam en we hopen er nu toch echt wel meer uit te kunnen halen. Som blijkt wel een heleboel informatie te hebben ingewonnen bij bevriende gidsen die de Tharpu en Singu Chuli recent nog hebben gedaan. Dat geeft vertrouwen. Gaande de komende dagen gaan we wel met hem en Kailash om tafel om verdere details te bespreken. Eerst maar genieten van deze trekking. Op de trap gaat het stijgen nog vlot maar het gesprek stokt. We genieten van de andere omgeving hier. Het Khumbu-dal is duidelijk (tibetaans) budhistisch, bevolkt met yaks, sherpa’s en rotsiger. Hier zien we veel meer dieren (poezen, kippen, paardjes, ezels, vlinders, krekels) en het is veel groener. De bevolking is ook budhistisch maar vooral afkomstig van de Gurung-stam. Ghandruk, onze bestemming van vandaag, is de ‘hoofdstad‘ van deze bevolkingsgroep. Er zijn veel hindoestaanse invloeden in het budhisme hier en dat merken we aan andere uitingen; de tibetaanse gebedsvlaggen zijn vervangen door bloemenslingers die over het pad en tussen de huizen worden gespannen. Verder zijn de mensen overigens net zo vriendelijk. Behalve dan die handvol overtuigde maoisten die we vandaag al meteen tegen het lijf liepen. Hadden hun tafeltje ‘sneaky’ neergezet om de hoek in het eerste dorp waar we doorheen liepen. We zetten in op niet betalen en starten een discussie dat we ze in de Khumbu-vallei ook al hebben betaald. Nu is het genoeg. ‘Show me your ticket’ riep de snotneus vooraan (ongelooflijk hoe jong maoisten worden gerekruteerd). Gepraat met de maoisten achter de tafel. Geen krimp, 100 Rupies per persoon per dag was het antwoord. Hoeveel dagen we hier zijn? Vragend kijken Hans en ik snel naar Som, hij begrijpt het meteen en zegt 10 dagen. De kortste routes hier zijn namelijk zo lang. De snotneus begint vervolgens te dreigen met achtervolging door zijn vriendjes uit het leger, als we niet betalen. Som wordt zenuwachtig en ik erg boos. Ik vertel de snotneus dat ik wel wil discussieren, maar me niet laat bedreigen. Dan volgt een fase van in de verte kijken en hetzelfde praatje afdraaien dat we moeten betalen. Som adviseert het toch maar te doen anders komen we geen stap verder. We besluiten te betalen en krijgen met moeite ons ontvangstbewijs uit de Khumbu-vallei terug. Nu hebben we er twee, kijken of we de volgende keer meer succes hebben als we met twee tickets wapperen. Waarschijnlijk is het weer een nieuw maoistendistrict, met nieuw bewind en nieuwe regels. Het blijft verbazingwekkend hoe dit standhoudt. Of niet? We betalen als toeristen dus mee...OK. Ik laat het nu los, alle officiele en onofficiele regelzaken en betalingen om op de Sanctuary te komen zijn achter de rug. Dus nu van de omgeving genieten. En die wordt steeds mooier naarmate we het dal insluipen via de trap. Het is redelijk bewolkt, maar als de zon door de wolken steekt laten de Machhapuchhre en de Annapurna III soms stukjes van hun schoonheid zien. Onderweg lunchen we met fried rice en noodles en speel ik met de plaatselijke jonge kat. Onze drager Tashi is op tijd om mee te lunchen.... We lopen toch nog te snel met onze grote benen en lijken vooralsnog steeds geacclimatiseerd. Na de lunch verliezen we Tashi langzaam met onze eigen tassies uit het oog. Som koopt onderweg van 2 Nepalese kinderen ‘ambaks’, een vrucht die te omschrijven is als guave (een mix van citroen, appel, peer en mango). Zoeter en zachter naarmate je het midden nadert. Bij een watervalletje in de bocht ploffen we neer en genieten in de zon van deze nieuwe lekkernij. We vermoeden dat Som hoopt dat Tashi ons bijhaalt, maar dat gebeurt niet. Ook niet als de Nepalese kindjes langskomen en Som ons nog een tweede ambak in de handen duwt. Na een kwartier staan we op en vervolgen we de trap. Onderweg staat een bordje dat het nog 8848 (klimvrienden, een herkenbaar getal?) treden naar Nayapul is en nog 4428 naar Ghandruk. Die lopen we nu gestaag door en om half 4 lopen we de Gurung-hoofdstad binnen en Som kiest de Mountain View Lodge uit. We krijgen een kamertje op de top van het pand met uitzicht op de bergen. Nu helaas al in de wolken, maar hopelijk morgenochtend meer succes. We drinken beneden een potje ‘hot lemon’ leeg en dan is ook Tashi gearriveerd. We plukken net als hij een droog T-shirt uit de bagage en maken een wandelingetje door het dorp. We hebben even de illusie dat er hier misschien internet te vinden is want er staan een paar schotels in het dorp. Helaas. We bekijken nog even het uitzicht en nestelen ons daarna in de dining room van de lodge met dit boekje en een leesboek voor Hans. Even later komen Som en Tashi kletsen en bestellen we het avondeten. Een soepje en ik bestel mijn eerste ‘spring roll’. Al zo vaak op het menu zien staan, nu probeer ik het en ....fantastisch! Een soort groot gevulde loempia of pizza calzone beschrijven dit gerecht het beste. Gevuld met verse groenten, mjam. Hans geniet van zijn spaghetti en plots springt de eigenaar van de lodge zenuwachtig voor onze neus: ‘broken rule!’. Even verbazing bij ons maar dan begrijpen we het. Ze waren de soep vergeten, dus wordt het voorgerecht een nagerecht. Pittige soep die we al kletsend met Som en Tashi afblussen met een kopje koffie. Als wij klaar zijn, gaan zij voor hun gebruikelijke portie Dal Bat naar de keuken. Tashi blijkt overigens ook een neefje van Som. In Nepal val je niet terug op de overheid, maar op je familie (staaltje ‘civil society’ beste collega’s in Den Haag). Wij geven de bestelling voor ons ontbijt alvast door en duiken ons ‘summit-kamertje in’.

Labels:

Hans en Isabel
Hansabel is dolgelukkig met dochter Youla die op 10/09/08 is geboren. Naast dit geluk heeft Hansabel passie voor sporten, ruige natuur en bergen. Alpiene sport, klimmen maar ook hardlopen, fietsen en zwemmen (dus triathlon) zijn onze hobbies. Isabel leeft zich ook graag uit achter de piano. In de vrije tijd die over is klussen we af en toe in en om ons herenhuis (1898) in Den Haag. Om dat allemaal mogelijk te maken wordt er door Hansabel ook gewerkt. Hans bij Rabobank Nederland en Isabel bij gemeente Den Haag.
My Photo