www.flickr.com
This is a Flickr badge showing photos in a set called Chuli expeditie. Make your own badge here.
My Photo My Photo My Photo My Photo

donderdag, november 23, 2006

8 november, 2006; Annapurna Basecamp (ABC)/Tharpu Chuli Basecamp

Dit is een beschrijving van de zevende dag van onze klimexpeditie in het Annapurna/ Sanctuary gebied, zoals aangekondigd in onze samenvattende post op 20 november. De laatst beschreven dag komt steeds boven aan te staan. Als je het hele verhaal van begin tot eind wil lezen, moet je dus bij de post van 2 november beginnen.

De enigen die ‘uitslapen’ zijn wij. Alle (andere) toeristen zjn vroeg op om de zonsopgang te zien, want ’s ochtends is het hier altijd helder. We horen vanaf 6:00 uur het gestommel wel, maar het voelt heerlijk om nog ruim een uur in de warme slaapzak te bijven dommelen. En...als het goed is zien we de komende dagen nog hele mooie zonsopgangen vanuit onze tentenkampjes aan de overkant. Om 10 voor 8 zitten we met Daniel (de Rus) aan het ontbijt. Hij heeft vanochtend al genoten van het uitzicht en wil eigenlijk wel graag achter ons aan de Annapurna Zuid gletsjer op. Maar zijn andere Russische vrienden vonden de wandeling vanochtend al heel wat, dus Daniel vermoed dat hij ze niet kan overhalen de steile afdaling van 150 meter te doen, alleen maar om met de voeten op een gletsjer te staan. Hij slaat de laatste slok koffie achterover en wenst ons een goede tocht.

Wij krijgen ons favoriete ontbijtje voorgeschoteld: de appelpannekoek en een gurung brood met jam. Afgemaakt met zwarte koffie natuurlijk. Het weer buiten is prachtig en door het raam zien we dat Tashi er inderdaad de rijst en het touw bij krijgt. Heel doortastend hebben wij namelijk vanochtend onze grote rugzakken ingepakt en Tashi een bijna lege duffel met de twee keine dagrugzakjes gegeven. Dat werd stilzwijgend geaccepteerd, eindelijk mogen we zelf dragen wat we dragen kunnen! Ik ren nog naar het toilet (niet omdat we haast hebben, maar omdat ik anders een natte kring in de dining room achterlaat) en Hans maakt buiten foto’s van de Tharpu en Singu Chuli. Ze zijn nu eindelijk in volle glorie te zien. Machtige verzameling bergtoppen.

Om kwart voor 9 loopt Hansabel met Som het ABC uit naar de rand van de gletsjer. De laag sneeuw die al smelt is verradelijk. En dat merken we meteen, want de afdaling is gewoon echt steil. Beneden op het puin van de gletsjer zie ik kleurtjes en mandjes, de dragers zijn al veilig beneden en kletsen hardop. Som geeft ons attent (maar onnodig) aanwijzingen want het spoor van voetstappen op de besneeuwde ondergrond van gruis en de rotsen is als een bananenschil geworden, omdat er al 16 voeten van onze staf overheen zijn gegaan. Ik ben vooral ook bezig om vandaag mijn balans opnieuw te vinden, met mijn grote rugzak op (15 kilootjes schoon aan de haak schat ik zo in). Voordat ik het weet, maak ik een schuivertje. Balen natuurlijk, Som moet niet denken dat ik deze afdaling al ingewikkeld vind. Maar hij lacht begrijpend, ik sta op en daal vastberaden verder af achter Hans en Som aan. Als we bij de rest aankomen, zien we dat onze jongste drager er toch bij is. Er was gisteren even sprake van dat hij niet mee zou gaan omdat hij geen goede schoenen heeft (alleen de in Nepal alom bekende blauwe plastic slippers). Ik geloof mijn eigen ogen niet, maar hij loopt op wollen sokken!!! Dit mannetje had het als jongste met dragen al zwaar en nu loopt ‘ie ook nog op z’n sokken en in een natte spijkerbroek over puin en sneeuw op de gletsjer. Ik weet niet wat ik hiervan moet denken, maar voel vooral mededogen. Misschien heeft hij iets aan mijn Teva’s, die je met klitteband om je voet vastbindt (als voordeel boven de plastic slippers)? Ik pleur mijn rugzak neer en trek mijn favoriete Teva-sandalen eruit. Hij probeert ze aan en...niet een beetje te groot. VEEL te groot! Zijn tenen reiken net tot aan het bandje dat over mijn voorvoet loopt. Zelfs met sokken aan. We moeten er allemaal wel hartelijk om lachen. Geen succes dus. We pakken de spullen allemaal weer op en lopen verder over de puinheuvels naar de andere kant van de gletsjer. Ik ben ineens heel blij met mijn schoenen en loop rustig achter Nima aan. Hij is vandaag mijn ‘special guide’ heeft hij bedacht en ik hoop dat hij de zon de hele dag voor me in de lucht kan houden.

Het blijft oppassen met al die glibberige en soms verijsde blokken en stenen. Als ik op een makkelijk stukje even vooruit kijk, zie ik onze mannen van de radio en Kailash opklauteren tegen de hoge rand aan de andere kant van de gletsjer. Er loopt een soort geul, vol met puin en rotsblokken van boven, die we kunnen volgen. Op afstand en ieder voor zich zoekt iedereen zijn weg naar boven. Terwijl ik met kleine stappen het gruis bedwing, voel ik opnieuw waardering voor de dragers. Die doen dit dus met een torenhoge draaglast van 20 tot 30 kilo op de nek. Nederlanders vinden een boodschappentas met 20 pakken suiker al een reden om met de auto naar de supermarkt te rijden.... Het voordeel van steil klimmen is dat je snel hoogte maakt. Ik ben eerder boven dan ik had gedacht. Het was wel zwaarder dan de vorige dagen, ik hoor mezelf voor het eerst weer hijgen. Een bevroren watergeul is het enige dat nog tussen mij en de plek voor ons Tharpu Chuli Basecamp inligt. Het is gokken waar de stenen in stenen liggen en of ze wel of niet verijsd zijn. Ik heb geen zin in natte schoenen, zet mijn zonnebril af, bekijk het tafereel grondig en steek dan in twee grote stappen naar de overkant. Ik loop nu op grasland waar de sneeuw inmiddels helemaal is weggedooid. Op een punt verderop zie ik drie Japanse vrouwen die foto’s maken van het uitzicht. Volgens Som gaan ze morgen, net als wij, omhoog naar High Camp. Maar... ze zijn erg langzaam hoor. Aangezien ik in de veronderstelling ben dat ze afkomstig zijn uit de klimexpeditie van de Annapurna I begrijp ik het niet helemaal, maar ik laat het maar even zo.

Na wat meters door dode rietstengels, bruin gras en heel veel schapekeutels komen we bij een mooi plateautje. Ook staat er een muurtje van gestapelde stenen waarachter tussen 2 rotsblokken een lang lint met Tebetaanse gebedsvlaggen hangt. Som kijkt tevreden en vertelt dat het zijn basiskamp was dit voorjaar, toen hij met een andere groep de Tharpu ging beklimmen. Tot zijn verbazing zijn Kailash, de mannen van de radio en kokkie (een drager die ook keukenjongen is) doorgelopen en niet meer te zien. Hij roept hard wat in het Nepalees en begint dan meteen met Nima en Tashi de keukentent te prepareren. Deze past precies tussen de gestapelde stenen en staat in een mum van tijd. Sokje en Streepmuts (de twee jongste dragers, de ik vanaf nu maar zo noem) ontfermen zich over de branders en halen alvast water. Waarschijnlijk uit dat verijsde geultje. Inmiddels komen ook de anderen terug, met als grap dat ze even op en neer waren naar Annapurna I Basecamp. Alles wordt in de zon uitgepakt en Som en Kailash gaan ‘onze tent’ opzetten. Hans en ik mogen niet helpen, maar het lukt Hans uiteindelijk om toch een paar haringen in de grond te krijgen. We zijn aangenaam verrast met dit mooie, stevige tentje. We hebben nog nooit van het merk Sierra Designs gehoord, maar zijn er erg con-TENT mee. Aan beide kanten in de binnentent past een grote rugzak en wij passen daar dan met onze matjes mooi tussen. Nog een leuk puntluifetje met doorkijkraampje en een netje bovenin waar we brillen, hoofdlampjes en andere prut op kunnen leggen. Als we geinstalleerd zijn, is het precies 12:00 uur en krijgen we buiten op een slaapmatje onze lunch die is gekookt door Tashi. Hij is niet alleen onze beresterke drager, maar ook een tongstrelende kok! Hij wordt bijgestaan door Nima en kokkie, die Dandi blijkt te heten. Som maakt een tafeltje twee opgerolde slaapmatjes, wat een luxe. We eten frietjes, salade, 3 stukjes kaas, 2 plakjes worst en 3 chapati’s (Indiaas brood). Als Nima dan ook nog lachend de ketchup komt brengen, ben ik dolblij (tijdens de Ama Dablam-expeditie was na 2 dagen genoegzaam bekend dat de ketchup bij mij moest staan). De zon voert tijdens onze lunch een gevecht met het wolkendek en als ons bord bijna leeg is ze voor vandaag verdwenen. Nima legt uit dat hij de donsjas die hij in het Ama Dablam Basecamp aanhad, in Kathmandu heeft gelaten voor een schoonmaakbeurt. En juist in die donsjas zat de zak waar hij de zon in de Khumbu-vallei steeds voor me tevoorschijn toverde. De zak in de jas die hij nu bijheeft, werkt maar halve dagen...

Het wordt nu snel koud in ons Basecamp op 4.230 meter, dus iedereen trekt extra jassen aan en droge sokken. Kailash moet daarvoor helemaal onderin zijn rugzak zijn en spreidt de hele inhoud ten toon. Er komen onder meer een paar oude plastic D-schoenen en een EHBO-trommel uit. Som moet lachen als hij daar ook zonnebrand in aantreft. Welke Nepalees heeft er nu UV-filters nodig? Vanaf nu wordt deze trommel dus de beautycase van Kailash. In de kou en mist die vanuit het dal omhoog komen, staat Nima druk te doen met een rekenmachientje. Nu gaan er toch definitief twee dragers naar beneden en ze krijgen betaald voor 6 dagen draagwerk. Het zijn uiteraard de twee jongsten, Sokje en Streepmuts. Ik vraag Nima om voordat ze vertrekken, mij te waarschuwen zodat er een groepsfoto gemaakt kan worden. In het Nepalees wordt het al rondgesmoesd en her en der zie ik dat de mannetjes hun muts rechtzetten of een doekje om het hoofd knopen. Ik moet wel een beetje opgelucht lachen van binnen, Nepalezen zijn mens en dus ook een beetje ijdel. Als het geld is uitbetaald en de Dal Bat in de keukentent verorberd, is het foto-moment dan daar. Omdat de Machhapuchhre nog net door de wolken te zien is, wordt dat de achtergrond. Nima neemt de eerste foto en Hans de tweede. Zo staat iedereen er een keer op. Sokje en Streepmuts komen even later naar onze tent lopen om afscheid te nemen. Snel bedenken Hans en ik dat een fooi op z’n plaats is maar hier hebben we helemaal geen ervaring mee. We weten niet eens wat een drager per dag normaal gesproken verdient. En ze komen dichterbij....onzeker en onwetend moeten we snel iets doen. Hans heeft zijn portemonnee in de broekzak en geeft ieder in een fits 500 rupies (zo’n 5 Euro). Ze lopen met een glimlach weg, maar dat kan ook beleefdheid zijn. Ik besluit om Nima een van de komende dagen in vertrouwen eens te vragen wat ‘gebruikelijk’ is.

Het is nu zo koud dat we de slaapzak in onze geel/oranje tentje opzoeken voor warmte. Daar vermaken we ons met schrijverij, lezen, uiteraard afgewisseld met de sanitaire loopjes naar buiten. Om 15:00 uur levert Kailash ons een dienblad met thee en koekjes af in ons voortentje. Het lijkt wel een beetje op het ontvangen van de ‘pizza-koerier’ maar zo zal het de komende dagen dus steeds gaan. De mannen van de radio en Som proberen buiten ook voor wat warmte te zorgen via het stoken van een vuurtje. Ze zoeken van alles om op de brandstapel te gooien; een oude bamboe draagmand de is achtergebleven, karton uit de keuken, dode rietstengels. Ze vermaken zich er erg mee. Ook proberen ze radio-ontvangst te krijgen door vastmaken van een lange ijzeren draad aan de antenne. Gisteren zijn namelijk de definitieve onderhandelingen tussen de premier en leiders van politieke partijen (waaronder de Maoisten) in Nepal gestart en ze zijn oprecht nieuwsgierig naar het verloop. Helaas, de ontvangst levert slechts flarden en veel geruis op. Als het zachtjes begint te sneeuwen, wordt het kampvuur verruild voor de keukentent. Nima komt ons tussen de vlokken door nog een rol toiletpapier brengen. We hadden zelf ook al voor een voorraadje gezorgd, dus we zitten goed in het scheitlint deze keer.

Aan het eind van de middag houdt het op met sneeuwen en er ontstaat een mysterieus uitzicht op de Hiunchuli en de Annapurna Zuid (= II). Onder en boven hangen wolken en daartussen een mistgordijn waar de toppen doorheen te zien zijn. Goudomrand door de zon de er achter wegzakt. Een foto heeft geen zin, helaas, dit moet opgeslagen worden op mijn eigen harde schijf in de hersenpan. Hans spant de buitentent nog wat af, maakt een praatje met Kailash en komt mij weer gezelschap houden in de tent. Het wordt snel schemerig. De Nepalese gids van de Japanse groep verderop komt nog informatie uitwisselen met Som. Op zijn knieen in onze tentopening vertelt hij ons even later dat ze oude, bevriende collega’s zijn van elkaar. Verder bestaat het Japanse klimteam alleen uit vier deelnemers van de ‘ondersteunende staf’ van de AP-I klimexpeditie. De echte klimmers zijn, onder de indruk van het gebeurde, al vertrokken. Morgen gaan de Japanners net als wij naar boven, maar weer zegt Som dat ze langzaam zijn. Ik begrijp het nog steeds niet, maar we zullen morgen wel zien...

Met een hoofdlamp komt Nima ons om 17:30 uur het avondeten brengen; tomatensoep en papud’s. Héérlijk! Beter dan in de lodges. Na de soep volgt goede Dal Bat en als toetje komen er vier bruine, warme bananen. Maagsappen stromen al, want Hansabel denkt meteen terug aan al die BBQ’s van zomervakanties waar als toetje de bananen met ingestoken stukjes chocolade op de uitdovende kooltjes legden. Maar de eerste hap blijkt een bittere pil. Som duikt onze voortent in en vraagt nieuwsgierig of het smaakt. Jawel, liegen we allebei met onze mond nog vol. Dan legt Som uit dat de bananen bevroren waren en dat Tashi ze daarom in het water heeft gekookt. Omdat ze zelf eigenlijk ook niet wisten of dat wat was, kwam hij dus even inspecteren en hij loopt tevreden terug. Balen dus voor alle toekomstige klanten die in de toekomst wellicht ook op deze manier bevroreren bananen krijgen aangeboden. Hans en ik eten erg veel, ook als het vies is, maar hier kunnen we allebei echt niets mee. We wikkelen 3½ banaan in WC-papier. Als ik even later ga plassen, stop ik ze weg onder een groot rotsblok. Terug in de tent staat er alweer koffie en thee en trakteren we onszelf op een mierzoete Twix en Tofifa (Nepalese Fruitella, tof ideetje van AD-klimmaat Taco).

Na een middagje zitten in de tent beginnen onze rugspieren al wel wat tegen te sputteren. Hans bouwt een rugleuning van onze grote rugzakken. Zo, dat leest en schrijft heerlijk. We hebben het zo ontzettend naar ons zin. Hans merkt terecht op dat we dit avontuur nooit waren aangegaan als we de Ama Dablam-expeditie niet hadden meegemaakt. We zijn het er allebei over eens dat de combinatie van de trekking door een interessante vallei en het alpien klimmen een perfecte combi is voor ons. Hans brengt het dienblad met kopjes terug naar de keukentent en daar blijkt iedereen al klaar te liggen voor de nacht, het is 19:00 uur!!!

Morgenochtend is onze ‘wake-up tea’ aangekondigd voor 7:00 uur. Som gokt dat we dan ook al lekker zon hebben. Als Nima de thee komt brengen met zijn goede jasje aan, is er zeker kans. Hansabel vindt een nachtrust van 19:00 tot 7:00 uur wel wat lang. Dus we lezen nog een tijdje de nacht in. Met op de achtergrond het geroffel van neervallende seracs op de Annapurna’s om ons heen.

Labels:

Hans en Isabel
Hansabel is dolgelukkig met dochter Youla die op 10/09/08 is geboren. Naast dit geluk heeft Hansabel passie voor sporten, ruige natuur en bergen. Alpiene sport, klimmen maar ook hardlopen, fietsen en zwemmen (dus triathlon) zijn onze hobbies. Isabel leeft zich ook graag uit achter de piano. In de vrije tijd die over is klussen we af en toe in en om ons herenhuis (1898) in Den Haag. Om dat allemaal mogelijk te maken wordt er door Hansabel ook gewerkt. Hans bij Rabobank Nederland en Isabel bij gemeente Den Haag.
My Photo