14 november, 2006; Machhapuchhre Basecamp / Sinuwa
Dit is een beschrijving van de dertiende dag van onze klimexpeditie in het Annapurna / Sanctuary gebied, zoals aangekondigd in onze samenvattende post op 20 november. De laatst beschreven dag komt steeds boven aan te staan. Als je het hele verhaal van begin tot eind wil lezen, moet je dus bij de post van 2 november beginnen.
Wat later dan aangekondigd krijgen we onze thee/koffie en porridge. Plus nog een lekker kaasomeletje, want je moet er toch niet aan denken dat we nog honger zouden hebben na die dikke brinta-brei. Daarna pakken we snel in om toch nog om 8:00 uur weg te kunnen zijn. Buiten is het koud en er ligt van gisteren nog een klein laagje sneeuw. Hans is lief en laat mij zoveel mogelijk in de slaapzak inpakken zodat mijn voeten warm kunnen blijven. Maar uiteindelijk moet ik toch een keer mijn koude bergschoenen in ... ook al stonden ze in de binnentent. Samen met Tashi breken we ons tentje af en alledrie blazen we op onze handen van de kou. Als de dragers alles bij elkaar binden, staan een aantal Nederlanders uit de lodge verbaasd te kijken dat ons tentje al weg is, zoals we ze horen zeggen. Hans loopt nog even naar het toilet en spreekt kort met een aantal van hen. Ze maken een avontuurlijke rondreis door Nepal en hebben raften, parapenting, deze Sanctuary trek naar ABC en een bezoek aan Chitwan op hun programma staan. Hans vertelt van onze twee expedities en ze vinden het bijzonder dat we deze Tharpu/Singu expeditie zelf hebben kunnen organiseren in Nepal. Zij gaan vandaag naar boven, wij naar beneden.
Om kwart voor 9 geeft Nima het sein om te vertrekken. Mijn rugzak is me afhandig gemaakt, die draagt Tashi want ik moet me vandaag concentreren op het lopen. Altijd lastig als anderen de regie van je overnemen. Maar de concentratie blijkt nodig, ik verzin van allerlei ‘bokkesprongen’ en deuzige pasjes om mijn rechtvoet te ontzien bij het afdalen. Het maakt me snel moe en ik kan me van vandaag vooral het kijken naar de grond herinneren. De keren dat ik mijn ogen kon opslaan waren tijdens een korte pauze in Deurali met thee, een korte zitpauze in Doban en een lunchpauze in Bamboo (weer die lekkere appelpannekoek, hè Hans!) en daarna in 1 ruk door naar Sinuwa. Mijn tempo ligt laag, naast Som is iedereen me na Deurali, blij van de zon, neuriënd voorbij gelopen. Bij de lunch in Bamboo ontmoeten we Nima en de dragers nog even, zij hebben hun Dal Bat dan alweer op en wij moeten nog bestellen. Het moment van afscheid is daarmee aangebroken. De dragers willen in 2 dagen beneden zijn zodat ze weer zo snel mogelijk een nieuwe klus kunnen aannemen. Dat betekent dat zij niet met ons in Sinuwa overnachten, maar doorgaan naar Chomrong. We nemen afscheid van Nima, hij is een beetje verlegen en roept dralend; I wish you...whatever, something....everything! We moeten allemaal lachen en daar gaat hij, met zijn feloranje baseball pet. Ik hoop echt dat we dit kleine, hartelijke manneke in december in Kathmandu nog treffen.
Vanaf nu hebben we alleen gezelschap van Som en Tashi, zoals in het begin. We genieten opnieuw maximaal van onze lunch in Bamboo. Ook de ‘bassige’ poes springt weer op de tafel en krijgt aandacht van Hans. In de laatste zonnestralen verlaten we Bamboo en maak ik me op voor het laatste stuk afdalen. Voetjes staren dus. Vlak voor Sinuwa, ontdekken we aan het geluid een wilde aap in junglebos naast het pad. Iets later staat er een grote kudde schapen met lammetjes. Ik kijk weer meer omhoog, de introductie op Sinuwa is een goede.
Tashi is al vooruit gesneld en heeft een rustige lodge geregeld. Som houdt er niet van om de grootste lodges uit te zoeken die in gidsjes staan aangeprezen. Hij steunt liever de kwetsbare middenstand. We zijn de eerste gasten, maar met een bezoek van de lokale ‘vallei-gek’ en een kookdoopje van mijn tenen op het terras is het een vrolijke bedoeling. Gaandeweg de midag stromen er toch nog aardig wat gasten binnen en die stromen aan het eind van de dag allemaal samen in de dining room. De balans staat op 2 Russinnen, 1 Chinees, 1 Nieuw-zeelander, 1 Deense en wij. Niet slecht voor deze lodge. De branders in de keuken ernaast verwarmen ook onze ruimte, heerlijk. Ook de geur maakt het huiselijk.
Na het verorberen van de soepjes en de mixed fried noodles en rice, raken we aan de praat met de Nieuw-Zeelander en de Deense. Haar meen ik te herkennen uit de smerige lodge in Lobuche en aan haar reisverhaal te horen klopt dat. Vorig jaar heeft ze de Annapurna Circuit gelopen en Hans praat vragend met haar om wat wetenswaardigheden over deze trek te weten te komen. Ik trek me terug met Tashi in onze kamer voor een Frosty-treat. Niet zo smakelijk om in de dining room te gaan zitten als anderen nog genieten van hun avondmaal. Het vel rondom is nu echt goed los en we zijn tevreden. Misschien morgen nog 1 keertje? Hans komt niet veel later en we duiken maar weer de slaapzak in, die nu op een waardig matrasje ligt. We zitten 1500 meter lager dan de vorige nacht, dus de temperatuur is hier een stuk aangenamer. De slaapzak daarentegen voelt meteen weer lekker klef en ik voelde me al zo goor van het twee weken niet douchen. Maar...als we Som mogen geloven, kunnen we morgen uitgebreid genieten van ‘hot springs’ vlakbij Jinhu. Een klein dorpje onder Chomrong, de bestemming van morgen. Maar eerst oogjes toe.Labels: Reisverslag mini-expeditie

0 Comments:
Een reactie plaatsen
<< Home