We zijn weer terug op hansabel.nl! Hans en ik hebben vier
indrukwekkende weken op en rondom de Ama Dablam achter de rug. Het
letterlijke hoogtepunt ligt op zo'n 6.000 meter (kamp 2) en het
figuurlijke hoogtepunt is er niet; onze hoofden zitten vol met teveel
fantastische en leerzame ervaringen. Daarbij hoort ook zeker de
trekking naar de Kala Patthar die we in de laatste week met nog twee
klimteamleden, Erik en Bart, hebben gemaakt. Flink lachen (met elkaar)
als je merkt in wat voor luizige, muizige lodge je nu weer de nacht
mag doorbrengen. Een beloning als je in een besneeuwd Tengboche (met
mooi en bekende Monastery) mag verblijven. Frustratie bij de eerste
ontmoeting met Maoisten die geld willen voor wapens. En een heerlijk
gevoel om te merken hoe fit je bent als je geacclimatiseerd bent. We
vermoeden dat onze begeleidende sherpa Mangal daar met zijn korte
beentjes en de geleende grote rugzak van Hans op zijn rug
waarschijnlijk iets anders over denkt. In ieder geval een mooi
afscheid van het Khumbu dal.
We hebben veel (persoonlijke) reacties op de expeditiewebsite gehad
waarin het woord 'teleurstelling' is gebruikt. Natuurlijk vinden we
het jammer dat we niet boven de 6.000 meter hebben kunnen genieten van
het beklimmen van de Ama Dablam. Maar onder de 6.000 meter, tussen
kamp 1 en 2, was iedere klimactie op de graat adembenemend dus
genieten. Tja, en onder kamp 1 was het vooral acclimatiseren,
ploeteren met zware rugzakken vol klimmateriaal en eten voor de
hoogtekampen en heel veel stijgen en dalen. Je doet het zonder een
garantie te krijgen de top te halen. En dat is het mooie van
bergsport. Je kunt de berg niets afdwingen, je kunt alleen je best
doen een goede gelegenheid te creeren. En dat begint nu eenmaal met
zweten.
We hebben als klein klimteam een prestatie achtergelaten op de Ama
Dablam. Het basiskamp is verlaten in de sneeuw, op het moment dat het
weer omsloeg en tot op heden is de top door niemand nog bereikt.
Hansabel is tevreden met deze ervaring en maakt enthousiast alweer
nieuwe (klim-)plannen voor het vervolg in het Annapurna-gebied.
Waarover later meer.
De afgelopen dagen hebben we heerlijk de toerist uitgehangen in
Kathmandu. Terwijl de andere klimteamleden zich in de souvenirs-jacht
stortten, kocht ik een nieuwe casual broek en shirt om de komende twee
maanden in Nepal niet per definitie in bergkleding over straat te
hoeven. De laatste ochtend als klimteam samen zijn we naar de tempel
van Pasputinath gegaan. Hier worden overledenen naar toe gebracht
(Hindu's binnen drie uur en Boedhisten binnen drie dagen) en na een
ritueel met de familie worden ze openbaar verbrand. De resten en stof
worden in de passerende rivier gestort, waar 100 meter verderop de
arme Nepalezen in het water staan te zoeken of ze nog een sieraad of
andere waardevolle overblijfselen kunnen vinden. Volgens Nepalezen een
geaccepteerde combinatie van leven en dood. Heel indrukwekkend. Maar
een indruk die mij deed wankelen was de 'maatschappelijke opvang' in
een tempelcomplex (van moeder Theresa) ernaast, waar de meest
hulpeloze Nepalezen werden opgevangen door vrijwilligers. Ze kwamen
overal vandaag, fragiel, hulpeloos en soms ingevlogen uit de meest
uitheemde bergdorpen. Een vrijwilliger leidde ons rond en dat is en
voelt als 'aapjes kijken'. Maar voor hen is het een manier van
overleven, toeristen confronteren met de allerdiepste ellende en hopen
dat er vrijwillige donaties komen. Met respect zijn we rondgelopen en
ik verschool mijn tranen achter mijn veel te dure zonnebril. Ik kan
proberen te beschrijven wat we daar hebben gezien, maar dat benadert
mijn emotie niet. Ik heb geprobeerd mijn emotie 'af te kopen' met een
geldelijke donatie. Het is weer een deken en een periode eten voor 1
bewoner. Dat is een rare gedachte, emotie afkopen blijkt voor hen wat
concreets op te leveren en voor mij niet te werken...
Daarna zijn we naar Bodnath gewandeld en hebben de grootste stupa in
Nepal bezocht. Een lekkere lunch waarin de ontdekking van de dag aan
het licht kwam: Gerard merkte lichtjes op dat hij toch echt jarig was
vandaag. En dat wisten we ook allemaal maar niemand had er meer aan
gedacht. Dus een heel mooi verjaardagscadeau 'op de kop getikt'.
Daarna een taxi-race naar het hotel en daar hebben we afscheid genomen
van het klimteam. Raar om na vijf weken intensief optrekken met elkaar
zo langzaam uiteen te vallen. Met z'n drieen (wij en Taco) verblijven
we nu midden in Katmandu, Thamel. Taco verbleef voor de expeditie met
zijn vriendin al drie weken in deze benzine-dampende hoofdstad en we
vallen dus min of meer met onze neus in de yak-boter: we belanden
meteen in de meest betrouwbare restaurantjes en zonnige terrasjes.
Gisteren mijn eerste lamskoteletje sinds aankomst in Nepal gegeten en
nog steeds vrij van diarree....
Binnenkort meer over onze Annapurna-plannen. Iedereen ontzettend
bedankt voor de leuke mails en reacties op de expeditiewebsite. Het
was niet altijd mogelijk om te reageren, maar we hebben alles in ieder
geval met veel plezier gelezen!