Sluipverkeer in Nederland.

Sluislied carnavalskraker (link)

http://robkemperman.nl/carnaval2009.mp3

Definitie sluipverkeer

Voor het woord ‘sluipverkeer’ bestaat er blijkbaar geen eenduidige definitie. Sluipverkeer is verkeer dat bij files of drukte op de snelweg gebruik maakt van het lokale wegennet om files te omzeilen. Sluipverkeer kan men ook duiden als verkeer dat geen herkomst of bestemming in een dorp of stad heeft, maar wel door het dorp rijdt om files op de snelwegen te vermijden. De volgende vragen geven aan dat een definitie erg lastig is:
- Is verkeer dat een provinciale weg omzeilt sluipverkeer of gaat het alleen om de snelwegen?
- Is verkeer dat files probeert te omzeilen, maar er op dat moment niet zijn ook sluipverkeer?
- Is verkeer dat via een regionale weg naar zijn huisdokter moet in een andere plaats ook sluipverkeer?
- Is verkeer dat een alternatief heeft via wegen van een hogere categorie altijd sluipverkeer, of heeft iedereen recht op de snelste route?

De laatste vraag is van belang. Het hoofdwegennet is bedoeld voor verplaatsingen over langere afstand, en het regionale wegennet biedt het verkeer binnen de regio een kortere route. Bij een regionaal wegennet dat voor dit regionale verkeer is uitgerust wat betreft capaciteit en leefbaarheid, is het woord sluipverkeer dan het juiste woord?. Vroeger waren er amper snelwegen, dit overwegend regionaal wegennet was het oorspronkelijke wegennet in Nederland.

 

8 April 2007.

Ik kan mij de tijd nog herinneren dat er in Nederland bijna geen snelwegen waren. De meeste tweebaans buitenwegen waren provinciale B-wegen waar je 80 kilometer per uur mocht rijden. Er waren ook betonwegen van grote stelconplaten  die een slaapverwekkend effect hadden. Soms kom je nog stukjes van dit soort wegen tegen. B-wegen leiden vaak door dorpen en steden en was doorgaand verkeer. Het verkeer in Nederland is decennia lang intensiever geworden en legde men snelwegen aan die langs dorpen en steden liggen  Het is echter druk geworden op de snelwegen en de files groeien gestaag, vooral in spitstijden waarin het forensenverkeer zijn weg zoekt.

Dat er zoveel files zijn komt vooral omdat de overheid de infrastructuur niet tijdig heeft aangepast aan de groei van het verkeer en daar nalatig in is geweest. In plaats daarvan zocht men de oplossingen in het spitsvignet, tolpoorten en kilometerheffing waar men jarenlang zonder resultaat over heeft gesproken. Het verkeer wordt geweerd uit de grote steden en heeft men als wapen parkeergeld ingevoerd, ondergrondse parkeergarages gebouwd en bracht men het aantal parkeerplaatsen terug. Gemeenten vaarden daar wel bij omdat het veel geld in het laatje brengt. Men weet daarbij heel goed dat de automobilist zich niet zomaar uit de auto laat drijven.

Omdat het tegenwoordig zo druk is op de snelwegen zoekt men vooral daar waar files zijn, via B-wegen een andere weg om sneller op de plaats van bestemming te komen. Deze wegen leiden niet zelden door dorpen en steden en heeft men dat verkeer nu de naam sluipverkeer opgeplakt. Dit verkeer sluipverkeer te noemen is onterecht omdat dit al vele tientallen jaren zo gaat. Gemeentebesturen in deze dorpen willen luchtvervuiling tegen gaan, de veiligheid in het dorp vergroten en tevens het dorpse karakter behouden. De drang naar de jaren 50 met paard en wagen is daarmee terug, maar is dat moeilijk te verwezenlijken.

Moet men om dit te bereiken dan maar alle toegangswegen tot de dorpen tijdens de spits afsluiten? Dat gaat gemeentebesturen ook te ver omdat de economie daarin een grote rol speelt. In de jaren negentig zagen bedrijven een gat in de markt en hadden zij al ervaring opgedaan met toegangpoorten die later werden uitgebreid met slimme elektronica dat nu vooral wordt ingezet bij voetbalstadions, metrolijnen en spoorwegstations. Met deze ervaring heeft men zich gestort op het doseren van het verkeer dat uiteindelijk leidde tot toeritdosering op snelwegen zodat er minder snel files zouden ontstaan.

Dat heeft ook geleid tot het doseren van verkeer in dorpen en kleine steden. Daartoe paste men verkeersregelinstallaties (stoplichten) aan en legde men als signaalgever een sluisklep in het wegdek voor de toegangswegen. In 1997 was dat al een feit en had men zo een doseersluis (poller) op een toegangsweg in Vianen aangelegd. Al snel bleek dat automobilisten (die dit fenomeen niet kennen) op de sluisklep reden en er grote schade aan de sluis en auto ontstond..De gemeente moet zorgen voor een veilige weg en pasten de bebording aan om automobilisten zo goed mogelijk te waarschuwen voor het gevaar dat men nadert. Niet zeldzaam worden automobilisten gelanceerd en landen soms op het dak terug op het wegdek waarbij gewonden niet zijn uitgesloten.

Ondanks alle waarschuwingen ten spijt is er op de sluis Lexmonderweg in Vianen volgens inwoners een kleine 300 auto,s op deze sluis gereden. Dit kan geen incident meer worden genoemd waarbij zelfs ook de Hermandad op dit soort sluizen zijn gereden. Let de hermandad dan ook al niet op? Men rijdt door rood wordt er meestal dan gezegd, en schrijft men een bonnetje voor door rood licht rijden. Vaak denkt een automobilist met een normaal stoplicht te maken hebben, vooral als er een auto voor hen rijdt lijkt dit zo omdat men de omhoog staande sluisklep (poller) dan niet ziet. Bij groen één auto staat er vlak voor de sluis als waarschuwing en snapt de automobilist dit niet als men dit voor de eerste maal ziet. Een buitenlander kan meestal deze aanwijzing al helemaal niet lezen met het bekende gevolg.

Groen is groen denkt men en komt men als achtervolger dan hardhandig met de sluis in aanraking. Het gele licht in het verkeerslicht werkt ook verwarrend dat ook maar 1 seconde geel brandt. Volgens de wet mag je door geel rijden als men niet op tijd stoppen kan. Maar bij een doseersluis of poller kun je niet door geel rijden, dan wordt je figuurlijk getild. Men denkt met een normaal stoplicht te maken te hebben, maar komt men bedrogen uit met grote schade aan het voertuig en sluis als gevolg. Gemeenten en overheden moeten zorgen dat wegen veilig zijn, maar zij leggen zelf onveiligheden in de weg waarbij zij met borden daarvoor waarschuwen en daarmee het " sluipverkeer " willen weren. Gemeenten passen waarschuwings-borden zoveel mogelijk aan de omstandigheden aan en werken technici aan deze sluizen dat nog lang niet volmaakt is.

Gemeenten leggen doseersluizen ook aan op B-wegen dat op gemeentegrond ligt tussen twee plaatsen in, zoals het geval is tussen Muiden en Naarden op de Naardervaart waar ook een bord mist op de vluchtheuvel. Veelal is de verlichting ter plaatse ontoereikend en ziet men in het donker wel de felle stoplichten staan, maar de sluisklep amper, waar soms niets op staat aangegeven en vaak een aluminium tranenplaat is. Ook bij Muiden zijn er al veel aanrijdingen gebeurd en lees je over dit soort aanrijdingen verrassend weinig in de media. Men lijkt het wel weg te willen stoppen.

Laatst zag ik bij zo een sluis een motorrijder naderen. Die dacht, ik kan er wel langs ondanks rood licht. Hij had het echter iets verkeerd ingeschat. Door de hoge en brede middenvluchtheuvel kwam de motorrijder klem te zitten tussen de vluchtheuvel en de sluisklep. Met verwoede pogingen trapte hij kwaad meerdere malen tegen de sluisklep aan om zijn motor los te krijgen. Uiteindelijk lukte hem dat, maar niet zonder schade. Dit soort benepen gemaakte doorgangen zijn levensgevaarlijk voor motorrijders. Een verkeerde inschatting kan zomaar je leven kosten terwijl je door rood rijdt. Door rood rijden mag natuurlijk niet maar de meeste motorrijders doen het echter wel. Bij Goes heeft het Waterschap Zeeuwse Eilanden ook geëxperimenteerd met een doseersluis en ook daar zijn veel automobilisten gelanceerd en op hun dak terecht gekomen. De gewonden werden met een ambulance afgevoerd.

Uiteindelijk heeft dit Waterschap ingezien dat dit niet langer was te verkopen en hebben zij de sluis, na felle protesten van de bevolking in 2003 weggehaald. Ondanks alles denken gemeenten het wiel opnieuw te hebben uitgevonden en leggen een sluis die 180 duizend euro kost, ergens anders in de weg zoals begin 2006 in Abcoude waar al na 1 jaar tijd experimenteren 50 aanrijdingen hebben plaatsgevonden waarbij een auto op zijn kant ging liggen. Als men in de tijd een beetje secuur had terug gekeken had men kunnen vinden dat deze sluizen vele incidenten en fouten kennen, en had men daar lering uit moeten trekken. Leveranciers leveren maar al te graag dit soort sluizen, maar draaien zij natuurlijk niet op voor de schade die ontstaat aan de sluis en voertuigen, terwijl zij onderwijl wel aan de software werken om de problemen op te lossen. Schaden per aanrijding kan flink in de papieren lopen dat al snel 30 duizend euro kan bedragen.

Gemeenten lijken dus te volharden in dit beleid. Hoe zit het eigenlijk met de veiligheidskeuring van dit soort sluizen die je alleen in Nederland ziet? Op Rijkswegen ziet men geen doseersluizen met een sluisklep in het wegdek, maar wel toeritdosering in samenwerking met flitsapparatuur. Daar gebeuren dit soort vreselijke aanrijdingen niet. Sommige gemeenten willen echter wel flitsapparatuur plaatsen, maar staat de Provincie dit niet toe omdat men volgens zeggen, het niet kan handhaven. Toch wel merkwaardig, op Rijkswegen kan men wel handhaven maar de Provincie niet? Loopt men dan bij de Provincie achter of sluit men daar gewoon de ogen voor de vele aanrijdingen waar automobilisten de dupe van worden, en zij de schade aan voertuig en sluis door hun verzekering wordt vergoed of zij zelf dit moeten ophoesten.? De verzekeringspremie voor de automobilist wordt in ieder geval er wel mee opgejaagd, daar zit men dus niet mee.

Wie is nou eigenlijk de baas in de gemeente, is dat de gemeente zelf of is dat de Provincie? Doseersluizen met een klep of pollers op de openbare weg hoort daar niet en is een groot gevaar op de weg. Automobilisten worden op de openbare weg door dit doseerbeleid echter zwaar gestraft voor het door " Rood " rijden. Dit soort sluizen is een leuk project en hoort thuis waar het voor is ontworpen, voor parkeergarages en parkeerterreinen. Het is met het verkeer erg druk in Nederland en kent nog lang niet alle automobilisten het fenomeen poller of doseersluis. We kunnen natuurlijk in elke gemeente een sluis plaatsen om sluipverkeer te weren en wordt er een mooi stukje werkgelegenheid gecreëerd, vooral voor reparateurs van doseersluizen en auto-demontagebedrijven..

De files worden op de snelwegen door weren van sluipverkeer alleen groter. Gemeenten doen op deze manier mee aan grote kapitaalvernietiging om de zo heilige koe maar ook vrachtwagens op de schroothoop te doen belanden. Hun heilige koe is het in ieder geval niet. Het sluipverkeer wordt dan vanzelf minder en groeien de autokerkhoven daardoor gestaag. Dat zou de overheid nog wel eens veel houderschapsbelasting kunnen gaan kosten. U kunt dus beter maar geen nieuwe auto aanschaffen. Houdt uw blik dus op de weg en kijk goed uit.

Dit kan u ook overkomen,  klik hier

http://home.planet.nl/~steur196/sluipverkeer.htm

Email: e.i.m.steur at planet.nl